null Beeld

'Chappie': de booswicht in Hugh Jackman

In ‘Chappie’, de nieuwe sciencefictionprent van Neill Blomkamp, speelt Hugh Jackman geheel tegen zijn natuur in een slechte mens. 'Ik heb dat al eerder gedaan hoor, alleen zijn die films hopeloos geflopt.'

Altijd goedgeluimd, altijd goedlachs, altijd bereid om op alle vragen te antwoorden, geen spoor van kapsones. Babbelen met Jackman (46) is zelfs zo gezellig dat de kille Berlijnse hotelsuite waar we hem vorige week ontmoetten gaandeweg in een sfeervolle Australische pub leek te veranderen – we konden ons nét bedwingen om ‘Throw another log on the fire, Hugh!’ uit te roepen. Yep, Jackman is echt zo’n man van wie je kunt zeggen dat hij geen vlieg kwaad zou doen. Tenzij je een kangoeroe bent – maar daarover later meer.

De aanleiding voor onze babbel is ‘Chappie’, de nieuwe sciencefictionprent van Neill Blomkamp, de Zuid-Afrikaanse regisseur van de kaskrakers ‘District 9’ en ‘Elysium’ en tevens de man die – zo raakte vorige week officieel bekend – straks de nieuwe ‘Alien’-film mag inblikken. ‘Chappie’, een kruising tussen Spielbergs ‘A.I.’ en Verhoevens ‘RoboCop’, vertelt het verhaal van een lieve politierobot die leert praten, voelen en denken. En Jackman vertolkt, een beetje tegen zijn goedaardige natuur in, de booswicht die Chappie wil vernietigen.

HUMO In ‘X-Men: Days of Future Past’ ging u in de clinch met Sentinels, in ‘Real Steel’ bestuurde u een vechtrobot, en in ‘Chappie’ bent u de baas van de Eland, een gevaarlijke politierobot. Wat hebt u toch met robots?

null Beeld

Hugh Jackman «Goeie vraag. Ik ben niet eens een sciencefictionfan! Om één of andere reden bevindt mijn leven zich momenteel in de robotfase (lacht). Nu, ‘Chappie’ valt wel niet helemaal te vergelijken met de films die je zonet opnoemde. De robots bijvoorbeeld zien er in ‘Chappie’ véél realistischer uit. En dat is de verdienste van Neill, die uit de wereld van de speciale effecten komt. Hij weet precies hoe en waaraan hij het budget moet spenderen, en hij weet perfect wanneer het geld over de balk wordt gegooid. Vergeleken met Neill zijn de meeste regisseurs gewoonweg onkundig. Die spenderen veel te veel tijd en geld aan de speciale effecten, zonder precies te weten wat ze aan het doen zijn, of omdat ze niet 100 procent zeker weten wat ze nu eigenlijk willen. Neill daarentegen weet perfect waarmee hij bezig is. Een voorbeeldje: om een robot er op het scherm realistisch te laten uitzien, zo heeft hij me eens uitgelegd, is het superbelangrijk dat je de juiste verf op het metaal aanbrengt. Ik heb nog nooit een regisseur meegemaakt die aan zulke details dacht.»

undefined

'Ik heb nogal wat kangoeroes afgeknald'

HUMO Een actiefilm staat of valt met de booswicht. Wat zijn de eigenschappen van een goede booswicht?

Jackman «Om op die vraag te antwoorden moet ik eerst eens nagaan wie mijn favoriete booswichten zijn. Even kijken: Alan Rickman in ‘Die Hard’, Christoph Waltz in ‘Inglourious Basterds’, Javier Bardem in ‘Skyfall’... Een goede booswicht moet dreiging uitstralen, maar moet ergens ook genietbaar zijn.»

HUMO En wat maakt Vincent, jouw personage, zo genietbaar?

Jackman «Zijn ridicule haarstukje, uiteraard. En zijn al even belachelijke korte broek (lacht). Serieus: het interessante aan Vincent is dat we hem kunnen begrijpen. Dat is de verdienste van Neill: hij heeft Vincent een geloofwaardige drijfveer meegegeven. Vincent koestert een diepgeworteld wantrouwen tegen artificiële intelligentie, en ik denk dat er heel veel mensen zijn die dat standpunt delen. Oké, zijn reactie – de robots vernietigen en een burgeroorlog ontketenen – is natuurlijk een tikkeltje extreem. Maar je kunt wel geloven in zijn motieven.»

HUMO Vincent is je eerste echte booswicht. Waarom heeft het zolang geduurd?

Jackman «O, ik heb al eerder booswichten vertolkt hoor, alleen zijn die films hopeloos geflopt (lacht). ‘Deception’ bijvoorbeeld, met Michelle Williams en Ewan McGregor – geen kat is naar die film gaan kijken. En in de musicalversie van ‘Beauty and the Beast’, één van mijn allereerste opdrachten, speelde ik de rol van de moordzuchtige Gaston. In de jaren 90 was dat – ha, dat waren nog eens tijden!

»Het probleem is dat ‘X-Men’, mijn eerste Hollywoodfilm, me zo’n beetje in het hokje van de actiehelden heeft geduwd; ineens kreeg ik alleen nog maar heldhaftige rollen aangeboden. Vandaar dat ik zo opgewonden was toen Neill me de rol van Vincent voorstelde. Eindelijk kon ik eens in de huid van een regelrechte schoft kruipen!»

undefined

null Beeld


In de outback

HUMO Eerlijk gezegd: voor één keer kon ik de ondertitels bij ‘Chappie’ echt goed gebruiken. Vincent spreekt Engels met een plat Australisch accent: ik verstond nauwelijks de helft van wat hij zei.

Jackman (lacht) «Zelfs in Australië zullen ze me niet allemaal begrijpen. Mijn eigen Australische accent is een stuk minder dik dan dat van mijn personage; zelfs ik verstond hem niet altijd! Neem nu dat zinnetje: ‘mad as a frog in a sock’. Ik zei tegen Neill: ‘Sorry, maar dat heb ik nog nooit iemand horen zeggen.’ Neill zei: ‘Geen zorgen, ik heb het gegoogeld, die uitdrukking bestaat.’ Mad as a frog in a sock: het klinkt wel fantastisch natuurlijk (lacht).»

HUMO In ‘Chappie’ worden Engels, Afrikaans én Engels met een Australisch accent door elkaar gesproken. Heel bizar.

Jackman «Dat is de internationale touch van Neill. We hebben de film opgenomen in Zuid-Afrika, met een overwegend Zuid-Afrikaanse ploeg. Ik voelde me er, als Australiër, meteen op m’n gemak. De sfeer op de set deed me denken aan de sfeer op de Australische sets: iedereen werkte zich te pletter, maar tegelijk liep iedereen er enorm relaxed bij. Je zou kunnen zeggen dat ik in Zuid-Afrika iets van de Australische spirit terugvond.»

HUMO Over de Australische spirit gesproken: hebt u ooit die beroemde Australische film ‘Wake in Fright’ gezien?

Jackman «Nee, nooit van gehoord.»

HUMO Van Ted Kotcheff, uit 1971. ’t Is één van mijn favoriete films aller tijden. ‘Wake in Fright’ veroorzaakte indertijd een enorm schandaal in uw land, omdat de film de Australiërs afschildert als drankzuchtige ruziezoekende rednecks die ’s nachts voor de lol kangoeroes afschieten.

Jackman «Zo ken ik er inderdaad wel een paar (lacht).»

HUMO Hebt u zelf weleens een kangoeroe afgeknald?

Jackman «Euh... yep.»

HUMO Ga weg.

Jackman «Ik zou mezelf niet als een redneck omschrijven, maar ja: ik heb nogal wat kangoeroes afgeknald. Ik was 16 toen ik samen met enkele vrienden ging werken op een boerderij in de outback, en kangoeroes doodschieten hoorde nu eenmaal bij het boerderijleven. We kampten in die tijd met een ware konijnen- en kangoeroeplaag, en het was mijn taak om er ’s nachts op uit te trekken en ze af te knallen. Wat overigens een heel ongelijke strijd was – het is poepsimpel om ’s nachts op kangoeroes te schieten. Om ze te lokken, plaatsten we grote schijnwerpers op onze auto’s. Met tientallen tegelijk stonden ze in de zoeklichten te staren, met die korte voorpootjes van hen. We hoefden alleen maar de trekker over te halen.»

HUMO Ik ben in shock!

Jackman (snel) «Maar het is niet zo dat ik ondertussen de hele tijd ‘Woehoe!’ riep of zo. Nogmaals: ik ben geen redneck, en zuipen deed ik ook niet. Het hoorde gewoon bij de job.»

undefined

'Op Australische filmsets gaat het er heel down-to-earth aan toe. Toen ik in Hollywood aankwam, beleefde ik dan ook een regelrechte cultuurschok'

HUMO Het boeiende leven in de Australische outback! Nog meer straffe outbackavonturen meegemaakt?

Jackman «Ik heb in de outback één van mijn mooiste levenservaringen opgedaan. Toen ik 20 was, ging ik tijdens de zomervakantie voor drie maanden de outback in: ik at en sliep in leefgemeenschappen en hielp met huizen bouwen voor de Aboriginals. Toen de zomer bijna voorbij was, en ik me stilaan klaarmaakte om terug naar de universiteit te gaan, liet de eigenaar van een lokale winkel zich ontvallen dat hij al drie jaar geen vakantie meer had genomen, en hij stelde voor dat ik gedurende enkele weken zijn zaak zou runnen. Ik heb daar drie weken lang die winkel opengehouden, in een klein stadje van ongeveer driehonderd zielen, in het midden van de outback. Onvergetelijk. Een zekere sereniteit maakte zich van mij meester; het was alsof ik echt deel uitmaakte van de natuur. Ik wilde zelfs niet meer terug naar de unief – toen ik weer in het vliegtuig naar Sydney zat, huilde ik tranen met tuiten. Ik was van plan om na mijn studie naar dat stadje terug te keren en me er te nestelen, maar ik ben nooit teruggegaan. Ik ben wel nog steeds bevriend met één van de inwoners en ik hoop het stadje binnenkort nog eens te bezoeken.»

HUMO Nooit spijt gehad dat je niet bent teruggekeerd?

Jackman «Nee, ook al weet ik zeker dat ik daar zeer gelukkig zou zijn geworden. Maar ik weet ook zeker dat het leven dat ik nu heb – de boeiende mensen met wie ik kan werken, de wonderlijke plaatsen waar ik films ga opnemen – uiteindelijk veel beter is dan het leven dat ik in de outback zou hebben geleid.»


Cultuurschok

HUMO Wat me opvalt is dat Australische acteurs zulke nuchtere mensen zijn. Nicole Kidman bijvoorbeeld viel me ook enorm mee.

Jackman «Die nuchterheid zit in onze genen. Op Australische filmsets gaat het er altijd heel gezellig en down-to-earth aan toe. Iemand die zich verwaand gedraagt, of denkt dat hij beter is dan de anderen, wordt onmiddellijk verguisd. Toen ik in Hollywood aankwam, beleefde ik dan ook een regelrechte cultuurschok. Acteurs worden er op een voetstuk gezet; op een Amerikaanse filmset is het de crew zelfs ten strengste verboden om met de acteurs te praten. En als je om een stoel vraagt, veren er onmiddellijk drie assistenten recht. Heel bizar. Op Australische sets krijg je iets te horen in de trant van: ‘Pak ’m zelf, mate’ (lacht).»

HUMO Wanneer je de hele tijd omringd wordt door hielenlikkers en pluimstrijkers, riskeer je dan niet dat je na een tijd zelf kapsones krijgt?

Jackman «Wel, net om die reden is het goed om af en toe te kunnen werken met iemand als Sigourney Weaver (Weaver vertolkt in ‘Chappie’ de rol van Vincents bazin, red.). Sigourney is een wereldster, en toch is ze altijd een ongelooflijk nuchtere, hardwerkende actrice gebleven, die nog niets van haar enthousiasme heeft verloren en zich op de set gedraagt als een klein meisje dat voor de eerste keer een film mag maken.»

undefined

null Beeld

HUMO Neemt u souvenirs mee van uw sets?

Jackman «Ja, maar in het geval van ‘Chappie’ heb ik het haarstukje en de korte broek laten liggen (lacht). Ik heb van Neill wel een maquette van de Eland cadeau gekregen, iets waar ik heel blij mee was, ook al ben ik dan geen sciencefictionfan. Thuis heb ik enkele outfits van Wolverine hangen: die behoren tot mijn favoriete souvenirs. En ik bezit ook twee zeldzame affiches van ‘The Wolverine’: de originele Japanse poster, en de poster die ze gebruikten in Litouwen, een krankzinnige tekening van een woeste Wolverine die onder de bloedspetters zit. Een heus collector’s item.»

HUMO U zit precies twintig jaar in het vak. Durft u vandaag te zeggen dat u goed bent in wat u doet, of bent u soms nog onzeker?

Jackman «Beide. In het begin van mijn carrière werd ik verteerd door twijfels, ik was bang dat ik het niet kón. Vandaag weet ik dat ik goed kan zijn, maar ik weet ook dat ik vreselijk slecht kan zijn. Het blijft zoeken, het blijft proberen. Ook omdat elke rol weer anders is en een ander stukje van je vaardigheden aanspreekt. Mijn rol in ‘Chappie’ kon ik onmogelijk op dezelfde manier aanpakken als mijn rol in ‘Les Misérables’. Je moet je personage telkens weer van de grond af opbouwen. En ik blijf ook altijd een beetje bang – bang dat ik finaal de mist inga. Tenzij je Meryl Streep heet, heeft elke acteur wel een rotslechte vertolking in zich.»

HUMO Herinnert u zich nog uw allereerste acteerklus?

Jackman «Uiteraard: een rolletje in de televisieserie ‘Correlli’. En ik herinner het me nog glashelder omdat ik op die set mijn echtgenote heb leren kennen: yep, ik zit niet alleen twintig jaar in het vak, ik ken ook mijn vrouw al twintig jaar! Ook in ‘Correlli’ droeg ik trouwens een haarstukje. Mijn echtgenote vond dat ik er vreselijk uitzag, maar het heeft haar godzijdank niet tegengehouden om verliefd op me te worden. Ze keek recht door het haarstukje in mijn ziel (lacht).»

undefined

'Tenzij je Meryl Streep heet, heeft elke acteur wel een rotslechte vertolking in zich'

HUMO Weet u nog wat u met uw eerste cheque hebt gedaan?

Jackman «Ik ben ermee op restaurant gegaan. Weet je, voordat ik begon te acteren, heb ik een heleboel slechtbetaalde jobs gehad, zoals werken in een garage. Als ik in die tijd op restaurant ging, had ik maar weinig keuze: ‘Hm, 20 dollar voor een steak... Te duur. 15 dollar voor de vis... Te duur. 10 dollar voor de kip... Te duur.’ Uiteindelijk diende ik altijd vrede te nemen met de gehaktbal van 5 dollar. Toen al dacht ik: als ik ooit veel poen heb, ga ik altijd lekker eten. Ik was al 27 toen ik voor het eerst in mijn leven een deftig loon kreeg, en ik ben onmiddellijk een restaurant binnengestapt – zonder eerst naar de prijzen op de menukaart te kijken. Een zalig gevoel! Eender welk restaurant binnenwandelen en kunnen bestellen wat je maar wilt: ook vandaag blijft dat voor mij één van de grote geneugten van de roem. Dát, en eersteklas reizen met het vliegtuig. Mijn hele kindertijd lang heb ik heen en weer gevlogen tussen Engeland, waar mijn moeder woonde, en Australië – in economy. Verschrikkelijk was dat: vluchten van 36 uur, met maar liefst zes tussenstops. ‘De internationale melkronde,’ zo noemen ze die route. Wanneer ik nu in een vliegtuig stap, draai ik altijd onmiddellijk naar links, richting eersteklas, en dan denk ik altijd: ‘Oh yes!’ (lacht)»

HUMO Bedankt voor het gesprek.


Bekijk de trailer:

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234