null Beeld

Colson Whitehead - De ondergrondse spoorweg

Zoals de uitvinder van het wiel al placht te zeggen: het begint allemaal bij een gouden idee. Dat van Colson Whitehead, schrijver uit New York, is zoals wel meer gouden ideeën van een bedrieglijke eenvoud. Hij nam simpelweg een metafoor letterlijk, en maakte die ontmantelde beeldspraak tot de motor van zijn zesde roman.

De Underground Railroad was in het 19de-eeuwse Amerika van vóór de burgeroorlog de naam van een geheim netwerk van burgers die de afschaffing van de slavernij betrachtten. Ze boden ondersteuning, vluchtroutes en onderduikadressen aan slaven die uit de plantages in het zuiden waren weggelopen en hielpen ze om naar het vrije(re) noorden en Canada te ontsnappen. In ‘De ondergrondse spoorweg’ bedenkt Whitehead die abolitionistische beweging met het beheer van een heus spoorwegnetwerk onder de grond.

De clandestiene treinreiziger van wie het wedervaren het hart van de roman uitmaakt, is Cora, een tienerslavin die het barre leven op een katoenplantage in Georgia ontvlucht. Whitehead beschrijft haar bloederige bestaan tussen het katoen spijkerhard, in gestaald proza dat als een reusachtige slaaf met dreigende kolenschoppen op je afkomt. Een sterke bijdrage aan de rijke traditie van de slavernijroman, maar Whitehead laat het daar niet bij. Vanaf het moment dat Cora via de kelder van een abolitionist voor het eerst in een ondergronds station afdaalt, verdampt het bekende realisme en ontspoort ‘De ondergrondse spoorweg’ als historische roman. Een kelderluik in een boerenschuur als het konijnenhol van Alice.

De diverse staten die de voortvluchtige slavin vervolgens aandoet, zijn niet gemodelleerd naar de historische werkelijkheid. ’t Zijn verdichtingen in tijd en ruimte – een verzonnen staalkaart van echte racistische gruwel. Het opvangtehuis in South Carolina, haar eerste etappe, lijkt een verademing na de horror op de plantage. Maar het integratieprogramma wordt slinks gestuurd door de medische wetenschap, die de vluchtelingen als proefkonijnen bestudeert tijdens experimenten met moedwillige syfilisbesmetting en het zwarte ras onder controle wil houden middels een sterilisatieprogramma. Haar volgende halte, een nationalistische staat van blanken, is een hel van rassengeweld. Vanop een verborgen vliering ziet Cora hoe een overvol plein zich elke vrijdag vermeit in feestelijke lynchpartijen van haar lotgenoten: ‘In North Carolina bestond het zwarte ras niet, behalve bungelend aan een touw.’ Via Tennessee, een niemandsland verteerd door bosbranden en gele koorts, belandt Cora in Indiana, op een ranch waar gevluchte slaven samen een nieuwe harmonie proberen te vinden. Tot de prille idylle van saamhorigheid en solidariteit vermoord wordt, door een verrader uit de eigen gemeenschap.

De caleidoscopische treinreis door het Amerikaanse verleden reveleert het opsmukken van de officiële geschiedschrijving en het verdoezelen van menige zwarte bladzijde. De route van Cora leidt dan ook langs rake waarheden over al dan niet sluipend racisme: ‘In de dood werd de neger een mens. Pas dan was hij de gelijke van de blanke.’ Het maakt ‘De ondergrondse spoorweg’ confronterend, relevant en actueel — en niet alleen omdat Trump onlangs zijn populistische voordeel heeft gedaan met een appel aan racisme, vrouwenhaat en andere vormen van discriminatie.

null Beeld

‘De ondergrondse spoorweg’ werd terecht bedolven onder applaus, maar helaas ging alle lof naar uitgerekend het enige zwakkere punt van het boek: de bijwijlen opzichtige boodschap — literatuur en goede bedoelingen vormen geen ideaal stel. Zo werd de briljante literaire geste van Colson Whitehead aan het zicht onttrokken: hij heeft de van hun taal beroofde slaven restitutie geschonken.

Cora heeft weinig van haar moeder onthouden, maar wel hoe machtig taal kan zijn: ‘De woorden van overzee waren er in de loop der tijd uit geranseld. Voor het gemak, om hun identiteit uit te wissen, om opstanden in de kiem te smoren.’ Dat rijmt met wat een voerman haar ergens onderweg vertelt over zijn tijd op een plantage: ‘Meester zei altijd wat nog gevaarlijker is as ’n nikker met een geweer, is ’n nikker met een boek.’ Cora wordt zo’n gevaar: in het opvangtehuis in South Carolina leert ze moeizaam lezen, op de ranch in Indiana slijt ze uren in de bibliotheek. Colson Whitehead ís zo’n gevaar: ‘De ondergrondse spoorweg’ etaleert wat taal vermag en welke impact een literair spel met ontmantelde beeldspraak kan hebben. En dat allemaal ter bestrijding van het vreselijkste zinnetje uit de roman, ongeveer op een derde van het boek: ‘Cora wist niet wat optimistisch betekende.’

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234