Concertreview: Iron Maiden in het Sportpaleis

Echt gebeurd: toen ik mijn notitieschriftje bovenhaalde tijdens het eerste nummer van Iron Maiden in het Sportpaleis, werd dat stante pede uit mijn handen geklopt door de heer naast mij, een verwaaid type dat me ziedend aankeek, naar het podium wees en brulde: ‘IRON MAIDEN! IRON MAIDEN! IRON MAIDEN!!!’ Een ‘lul, dáár is het te doen’ kreeg hij gewoon niet over zijn schuimende lippen. Twee minuten later stond hij op en verdween hij headbangend in de nacht.

Om maar te zeggen: met Iron Maiden fuck je niet, ook niet in 2017. Voor het eerst in dik dertien jaar speelden de Britse heavymetallegendes nog eens in een Belgische zaal. Net zoals op Graspop vorig jaar stond de avond helemaal in het teken van hun laatste plaat, de immense dubbelaar ‘The Book of Souls’. Het hele decor was ingericht als de offersite van een Maya-stad (een groot thema op ‘TBOS’) en de helft van de setlist bestond uit recente nummers.

En dus werd erin gevlogen met ‘Eternity Should Fail’ en ‘Speed of Light’. Later volgden ‘The Great Unknown’ (voor de eerste keer live) en het titelnummer. ‘Death or Glory’ en vooral het met een kopstoot van een refrein gezegende ‘The Red and the Black’ waren songs waarbij het mantra van Bruce Dickinson‘scream for me, Antwerpen’ – trouw werd opgevolgd door tienduizend man tegelijk. Maar om eerlijk te zijn: die songs verbleken vaak in het aanschijn van veel machtiger ouder werk, en ze waren nogal hard op elkaar samengepakt in de eerste helft van de set, die dan ook nog eens te lijden had onder een kwikkel-kwakkelgeluid. Vooral Bruce Dickinson, nochtans even sterk bij stem als altijd, kwam er in de geluidsmix nogal bekaaid vanaf.

Nee, dan liever de tweede helft, waarin werd toegewerkt naar een climax en waarin de Iron Maiden-show echt een show werd, met toeters en bellen en dingen die af en toe eens in brand mochten vliegen. ‘The Trooper’ was een eerste hoogtepunt. Waar de meeste songs op ‘The Book of Souls’ episch zijn en vlotjes over de tien minuten gaan (live toch), was ‘The Trooper’ een stroomstoot van drie minuten die op korte tijd alles platwalste. Akkoord, Dickinson – druk in de weer met een rondzwaaiende Union Jack – kon niet altijd volgen, maar in acht genomen dat hij vanavond zo ongeveer de 10 Miles liep op podium, kan je ‘m dat moeilijk kwalijk nemen.

Nog tof: ‘Powerslave’, waarvoor Dickinson een luchadormasker aantrok en bijgevolg nóg harder begon te zweten, en ‘Children of the Damned’, één van die Iron Maiden-songs die in de eerste plaats gewoon móói zijn. Het hek mocht van de dam toen tijdens ‘The Book of Souls’ die goeie ouwe Eddie mee het podium op mocht, tot Dickinson zijn hart eruit trok (echt!) om dat vervolgens in het publiek te smijten. Noem het Disneyland, noem het een circus, maar hoe meer Iron Maiden begon te spelen met z’n Mayaanse decor, hoe meer ik me voelde worden méégetrokken in dat fijne mystieke sfeertje.

Belangrijk ook: de heren hadden er zín in, en stonden hun instrumenten te bespelen als jonge veulens met een broek vol goesting, die af en toe breed grijnsden in elkaars richting. U weet van Iron Maiden dat ze hun eigen Boeing besturen: zij kénnen geen automatische piloot.

Die climax dan: het wonderlijke ‘Fear of the Dark’, het beukende ‘Iron Maiden’ (uit 1980 al!) en eerste bis ‘The Number of the Beast’. De gitaarsolo’s hadden iets van copuleergedrag en Steve Harris stond nog maar eens te bewijzen een legende van een bassist te zijn. Ondertussen verschenen her en der gigantische opblaasfiguren: een Maya-Eddie en een loenzende Satan bijvoorbeeld. (Die laatste was officieel gezien geen deel van de show; hij kwam gewoon eens kijken uit interesse.) Beetje rare keuze om te eindigen met ‘Blood Brothers’ en ‘Wasted Years’, maar dat eerste ging gepaard met zulk een poëtische vredesboodschap (‘of je nu man bent of vrouw of iets daartussenin, iedereen is hier fucking welkom’) dat het nummer er spontaan beter van ging klinken.

Als we nu nog ‘Run to the Hills’ en ‘Hallowed Be Thy Name’ hadden gekregen in plaats van pakweg ‘Speed of Light’ en ‘The Great Unknown’, en als het geluid iets strakker had gezeten, dan hadden hier vier sterren gepronkt. Nu zijn het er drieënhalf. Bericht aan de lieve gekke meneer naast me: de rest van de avond heb ik gekéken, niet genoteerd. Groetjes nog!


De quote

‘Wij zijn samen meer dan 300 jaar oud, maar we hebben tenminste geen fucking autocue nodig om onze muziek te onthouden.’ Vrij vertaald: fuck you, Axl Rose!


De tweet


Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234