Concertreview: John Coffey in Paradiso (afscheidsshow)

John Coffey, voor de laatste keer naar de tyfus’. Dat zou de titel kunnen zijn van het laatste hoofdstuk van een adolescentenroman van Jan Cremer. ‘Ik John Coffey’: een puberaal, chaotisch en vaak ongeloofwaardig stoere roman zonder dieptepunten.

We zijn vanavond bijeen in Paradiso te Amsterdam om John Coffey te begraven. U weet wel, die band waarvan de leadzanger David ‘Tornado Vox’ Achter de Molen op Pinkpop al crowdsurfend op nonchalante wijze een biertje uit de lucht viste, vervolgens stoer een grote slok nam en het lege plastic over zijn schouder gooide.

Nu staat onze vent zelfverzekerd op een flightbox. Zijn pilspens hangt er ontspannen bij te puilen en hij is de trotse eigenaar van zo’n snor waar je bier uit kunt slurpen. Zijn blik staat op oneindig. Opblaasbare dolfijnen, ballonnen en confetti vliegen hem om de oren. Bezwete pubers beklimmen het podium om ieder bandlid persoonlijk te bedanken en duiken vervolgens met een driedubbele achterwaartse flikflak weer terug de schuimende en kolkende mensenmassa in. We zien her en der wat bloedneusjes, geknakte vingers en lichte hersenschuddingen. Temidden van de chaos en ordeloosheid staat Achter de Molen te turen. Hij loert naar het balkon waar zijn familie en vrienden staan en ziet dat het goed is. Dit is de laatste keer.

‘Waarom in godsnaam nú?’ was de prangende vraag die op onze lippen brandde toen het kwintet in mei bekend maakte (voorlopig) een eind aan John Coffey te breien. Het ging net zo lekker. Vanavond verraden de blikken in hun ogen het antwoord: ze hebben hun jongensdromen uitgedroomd. Ze hebben het spel uitgespeeld. John Coffey is een band die zijn motivatie haalt uit eerste ervaringen. Nog groter, nog beter, nog meer. Nooit meer zouden ze voor de eerste keer in Paradiso staan. Nooit meer voor de eerste keer op Lowlands. Nooit meer voor de eerste keer op Pinkpop. Ze wilden het gevoel van gewenning, gemak en verveling voor zijn.

De mannen speelden vorig jaar 260 shows, for christ sakes. Ze hebben het allemaal wel gezien. Dat was het uitgangspunt in de beginjaren: als de radio de liedjes niet wil spelen, dan maar elke kroeg, punkcafé, buurthuis en donker hol van ‘t land afstruinen. In onze ogen was het een live band pur sang, de muziek was in zekere zin secundair. Neerlands hardste band. Een band die maar één stand had: keihard knallen. Vanavond is het niet anders. Niet meer, niet minder. Nog één keer een lekker potje meeblèren met de klassiekers. Nog één keer kapot gaan in de pit tijdens ‘Broke My Neck’. Het blazersensemble voor ‘Heart Of A Traitor’ inspireert de zaal om spontaan te gaan knielen. Er worden covers gespeeld van ‘Guerrilla Radio’ van Rage Against The Machine en ‘Breed’ van Nirvana, waarbij Richard van Luttikhuizen - trouwens kudo’s voor het Steak Number Eight-shirt - zijn beste Cobain-imitatie doet.

En dan wordt ‘Romans’ ingezet, het laatste nummer van de avond en mogelijk het laatste nummer dat de band ooit zal spelen. Het is voorbij: tranen biggelen, familie en vrienden beklimmen het podium. Jongens en meisjes sjokken naar buiten.


Het moment

David klautert al zingend via een paar versterkers van het podium op het balkon en komt zo haast terecht op de schoot van uw nederige recensent. ‘Hoi’, zegt hij. ‘Hoi’, stamel ik.


Twitter

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234