Connie Palmen - Jij zegt het

‘Vanaf het moment dat ik roem verwierf als dichter heb ik het publieke leven dat daar als een duivelsstaart aan vastzit, gehaat. Waarom ze het een leven noemen is mij een raadsel, het is de diefstal van je leven.’ Het is een verzuchting die Connie Palmen haar spreekbuis, Ted Hughes, halverwege haar nieuwe roman in de mond legt. Op dat moment is het onderscheid tussen roman, biografie en autobiografie in ‘Jij zegt het’ allang vervlogen. Bij Palmen lopen leven en literatuur ook dit keer kriskras door elkaar, met een energieke, vitale roman over de verzengende kracht van de liefde als resultaat.

Na twee romans over de liefdes die haar eigen leven kleurden, ‘I.M.’ en ‘Logboek van een onbarmhartig jaar’, richt Palmen haar pen nu op één van de meest spraakmakende koppels uit de literaire geschiedenis. Aan het tumultueuze huwelijk van dichters Ted Hughes en Sylvia Plath – en het tragische einde ervan met de zelfmoord van Plath in 1963 – zijn al gigantisch veel woorden vuilgemaakt in smeuïge, officieuze biografieën en sensationele tabloidartikels. Mettertijd ontstond daarbij het beeld van Plath als ‘broze heilige’, een weerloos slachtoffer van de ‘brute verrader’ die Hughes was. De Britse Poet Laureate zou zich tijdens hun kortstondige huwelijk als een tiran hebben gedragen en Plath zo de dood in hebben gejaagd. Het feit dat Assia Wevill, de vrouw voor wie hij Plath uiteindelijk verliet, zich zes jaar later op exact dezelfde wijze van het leven beroofde, hielp niet bepaald om dat beeld bij te stellen. In ‘Jij zegt het’ suggereert de Nederlandse schrijfster dat Hughes evengoed een slachtoffer is – van de geschiedschrijving, die voor elke held die ze levend houdt ook een slechterik laat verrijzen. In Palmens roman komt Sylvia Plath allesbehalve als een onderdanige martelares naar voren, wel als een grillige, hypergevoelige schikgodin voor wie het leven simpelweg een te grote opgave bleek. En Hughes krijgt eerherstel: het eindeloze geduld waarmee hij zich in ‘Jij zegt het’ aan ‘zijn Elektra’ wijdt, is even waanzinnig als bewonderenswaardig.

De interesse van Palmen reikt gelukkig verder, veel verder, dan een ontspoorde geschiedenis weer op de rails krijgen. ‘Jij zegt het’ overstijgt het louter biografische en is vooral een ode aan de Liefde, de echte, waarachtige variant dan, die geen relativering duldt en de menselijke bedrading voorgoed kan herschikken. Hughes en Plath zijn, jazeker, knettergek, maar toch vooral knettergek van elkáár. Niet dat de schrijfster het – overduidelijke – masochistische karakter van Plaths en Hughes’ relatie verheerlijkt. Tegen hun ongezonde dynamiek valt heel wat in te brengen – een bezoekje aan de relatietherapeut was geen overbodige luxe geweest – maar uiteindelijk zullen ook meer bescheiden beoefenaars van de minne zich in hun hobbelige parcours herkennen: ‘Onze eerste loodzware ruzie om god-weet-wat, hoe woedend en onbereikbaar ze opeens was, hoe ontoegankelijk ik mezelf voelde, twee onmachtige vreemden naast elkaar, opgesloten in hun eigen gelijk.’ Zelfs wanneer de hartstocht dan definitief omslaat in waanzin en de complexe liefdesrelatie helemaal een warrig kluwen wordt, houdt Palmen haar lezer stevig bij de hand. Wie liefheeft, kán immers niet anders dan meejubelen met de Ander als het geluk hem een stuiver toewerpt – en meetreuren als hij finaal het bankroet moet aanvragen.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234