David Van Reybrouck, schrijver: 'Het verschil tussen hoog- en laagopgeleiden: dat wordt dé breuklijn van de toekomst'

‘Het is een waanzinnig druk jaar geweest,’ zucht David Van Reybrouck (45). ‘Ik denk niet dat ik één week lang op dezelfde plek heb gewoond.’ Zijn werk kent steeds meer vertalingen, buitenlandse lezingen en conferenties volgen elkaar op. ‘Af en toe vrees ik dat dit tempo mijn hart weleens te veel zou kunnen worden.’

'Populisme is een cadeau verpakt in prikkeldraad: achter de woede zit een verlangen naar betrokkenheid'

Helemaal in het westen van West-Berlijn, daar waar de Kurfürstendamm vergeten is dat ze eigenlijk de chicste winkelstraat van de stad hoort te zijn, betrekt de schrijver een appartement dat al sinds de Koude Oorlog als culturele luchtbrug voor buitenlandse schrijvers dienstdoet. ‘Je wilt er niet aan denken hoeveel Nobelprijswinnaars hier al gelogeerd en gewerkt hebben, of je durft je pen niet meer aan te raken.’

Op tafel ligt een stapeltje rode schriftjes: handgeschreven interviews met hoogbejaarde Indonesiërs, Nederlanders, Japanners en wat er verder nog ooit in de voormalige Nederlandse kolonie rondliep. Want het volgende grote project is ‘Indonesië’, de opvolger van het megasucces ‘Congo’.

David Van Reybrouck «Veel verbanden tussen Berlijn en Indonesië zijn er niet, maar anderzijds: veel betere plekken om na te denken over je omgang met een bezwaard verleden ga je in Europa óók niet vinden. Niemand doet dat zo grondig en beschaafd als de Duitsers. Het British Museum blijft een laat-imperiale instelling, het Rijksmuseum heeft één hoekkamertje vrijgemaakt voor 350 jaar koloniaal verleden over drie continenten, we zullen zien wat het Afrikamuseum in Tervuren wordt na de renovatie. Maar in vergelijking met de Nederlanders durven wij al veel opener met onze koloniale erfenis omgaan. Tussen de moord op Lumumba en onze onderzoekscommissie zat veertig jaar, de Nederlanders moeten nog beginnen aan het onderzoek naar hun politionele acties – zéventig jaar na datum. Duitsland verliest niets van zijn glorie als het zijn donkere bladzijden bekijkt, integendeel: het wordt er sterker van.»

HUMO ‘De tolk van Java’ van Alfred Birney, net de winnaar van de Libris-prijs, heeft het over die periode. De jury sprak van een ‘onverteld en onverwerkt stuk verleden’.

Van Reybrouck «Een ongelooflijk belangrijk boek. Alfred heeft me verteld dat hij in het dagboek van zijn vader over de wreedheden en de slachtpartijen uit die periode, de overdrijvingen heeft moeten weglaten. Tja, als dát al een mildere versie is… Het blijft voor blanke Nederlanders blijkbaar heel moeilijk om die onfrisse verhalen uit de eigen familie te vertellen.»

HUMO En nu moet een Vlaming het dus maar doen: zorgen dat Nederlands onverwerkte verleden inslaat als een bom.

Van Reybrouck «Dat is wel de bedoeling, ja. Het viel me op dat mensen als Geert Mak of Frank Westerman, de grootste non-fictieschrijvers van het land, daar nooit iets mee gedaan hadden. En toen ik het hen vroeg, bleken ze dat ook niet meteen van plan te zijn. Ik heb vijf jaar gewacht, en dan ben ik zelf maar begonnen, want ondertussen stierven de ooggetuigen in sneltreinvaart uit: het werd nu of nooit. Ik heb inmiddels honderdzestig interviews gedaan met mensen ouder dan negentig.

»De Nederlanders komen nu op het punt dat ze bereid zijn hun eigen wandaden onder ogen te zien. Niets te vroeg. Maar de focus blijft wel op Nederland liggen: hún schuldgevoel, hún schaamte, hún woede daarover. Nadat ze decennia lang het gevoel van teloorgang van de kolonie hebben betreurd – ‘Indië verloren, rampspoed geboren’ – gaat het nu over de teloorgang van hun eigen moraal. Ze kijken niet alleen meer naar hun eigen wonden, maar ook naar de wonden die ze anderen hebben toegebracht. Prima, maar toch blijft de blik nog vaak naar binnen gericht. Ik heb zoveel Indonesiërs gesproken die slachtingen hebben gezien, en ik bleek de eerste te zijn die kwam vragen hoe ze de koloniale periode zélf hadden beleefd: bijna geen enkele Nederlander durft dat aan.»

'Op Tomorrowland zag ik een meisje dat helemaal alleen stond te dansen terwijl ze zichzelf aan het filmen was. Tekenend voor onze tijd'


Verticaal ballet

HUMO Wat heb je nog zoal gedaan deze zomer, buiten werken?

Van Reybrouck «Ik ben weer veel aan het klimmen: vanmiddag ga ik de klimmuur van de Duitse alpinistenvereniging hier in Berlijn op. Ik doe dat al sinds mijn zestiende, soms met onderbrekingen van een paar jaar, maar ik begin toch altijd opnieuw. Alpinisme, de top bereiken, is niet eens zozeer mijn ding; wel het rotsklimmen zelf, de escalade in het Frans – hier zeggen ze klettern. Ik heb onlangs nog in de Ardennen geklommen met een man van bijna tachtig, Jean Bourgeois, één van de grootste avonturiers en klimmers van België. Samen 120 meter boven de Maas aan een rots bungelen: veel beter wordt het niet. Hij draagt sinds twee jaar een helm. ‘Toch nuttig,’ zegt hij (lacht).»

HUMO Hoe komt iemand uit West-Vlaanderen, toch de platste provincie van de wereld, aan een passie voor klimmen?

Van Reybrouck «Omdat het zo schoon is, een heel fijne les in bescheidenheid. Je tart de zwaartekracht met een soort verticaal ballet, een soort yoga. Je rust behouden, focussen, op je ademhaling letten, een beetje kracht, een beetje techniek: het is een soort meditatie die dan ook weer spannend is. Merken dat je maar een kruimel bent in het universum, maar toch een taaie kruimel, en daar vrede mee hebben. Ik klim ook altijd samen met anderen, en soms heb je elkaars leven in handen. Klimmers zijn zelden culturo’s, maar wel altijd interessant en nieuwsgierig volk, altijd is er wel een hoekje af. Ze weten ook meestal de geschiedenis van die klim, wie het pad als eerste geopend heeft. Je klimt de berg op en de geschiedenis af. Het is ook onuitputtelijk: in de Ardennen alleen al heb je honderden routes, vaak niet meer dan een paar meter van elkaar. Een paar jaar terug heb ik in de Pyreneeën zelf mee een route gecreëerd: dan ben je een week onderweg met een boormachine in je rugzak om de ankerpunten te maken. Dat pioniersgevoel, ja.

»Mijn leven is sinds ‘Congo’ in zo’n stroomversnelling geraakt dat ik behoefte heb aan dingen die me vertrouwd zijn. Mijn werk internationaliseert: ‘Tegen verkiezingen’ krijgt nu zijn 18de vertaling, in het Pools. Dat is allemaal geweldig, maar ik wil mij er ook niet door laten meeslepen. Het leven is meer dan hotelkamers en conferentiezalen. Dan wil je weten in welke grond je piketten vastzitten. Klimmen hoort daarbij, zonder ambitie: ik heb geen lijstje dat ik moet afwerken, ik noteer ook niet wat ik precies al gedaan heb. De beste klimmer is hij die zich altijd amuseert. Ik heb het virus gekregen tijdens vakanties met mijn ouders, die een voorliefde voor de bergen hadden: de Alpen, de Pyreneeën, de Dolomieten.

»Fotograaf Stephan Vanfleteren belde me ooit dat hij voor zijn Merckx-boek foto’s moest gaan nemen bij de Tre Cime di Lavaredo, een mythische driekoppige berg in Italië waar Merckx ooit een glorieuze ontsnapping had gedaan. Dat was vlak na ‘Congo’, ik had al jaren niet meer geklommen of gewandeld, en plots was het daar terug: het besef dat er ook in Europa nog verlaten en grandioze landschappen zijn, waar niemand nog heen gaat, want iedereen wil vooral de wereld rondreizen. Het is Thailand of niets, terwijl je in de prachtige Pyreneeën alleen nog wat ouderen vindt die hun stramme knoken in thermaal water laten weken. Jammer is dat, want er is onbeschrijfelijke schoonheid te rapen op een halve dag treinreis van Brussel naar Lourdes.»

HUMO Maar we gaan niet meer op bedevaart naar Lourdes, maar naar Tomorrowland.

Van Reybrouck «Vorig jaar tijdens een tussenstop in Kuala Lumpur kwamen er twee hupse meisjes uit Zuid-Korea naast me zitten, trots dat ze naar Boom gingen. Het was echt het hoogtepunt van hun jaar. En toen sopraan Elise Caluwaerts, een heel goede vriendin, daar de dagsluiting deed, ben ik meegegaan. Wat brengt die jongeren uit de hele wereld samen om te feesten? Zit daar misschien politiek potentieel in? Ik heb het niet echt gevonden (lacht). Ik vind het fascinerend: Wagner is een ingehouden, sobere componist in vergelijking met wat je daar hoort. Ik stond erop te kijken als een boer op een kerncentrale. Ik heb er rondgelopen als etnograaf die rituelen bestudeert, de heel rare combinatie van de Efteling en Neurenberg, die absolute überkitsch. Ik vel geen oordeel: het heeft ook iets magnetiserends. Elke veertig seconden moet er een nieuwe kick komen, in de vorm van een confettikanon of weer iets anders. Er was een meisje dat daar helemaal alleen stond te dansen terwijl ze zichzelf aan het filmen was, dat vond ik wel tekenend voor onze tijd. Maar vooral: mensen gingen er ongelooflijk lief en sympathiek met elkaar om, terwijl er op sociale media een enorme behoefte aan vijandschap bestaat. Het contrast tussen hoe mensen virtueel en in de realiteit met elkaar omgaan is wel heel groot geworden.»

HUMO Zeg niet dat je een fervent sociale-mediamens bent.

Van Reybrouck «Er is een groot verschil tussen Facebook en Twitter, vind ik. Facebook is, zeker als je alleen mensen toelaat die je kent, een prachtige aanvulling op je nieuws: allemaal interessante mensen die je attenderen op interessante meningen, filmpjes, tips, dat is echt een verrijking. Stilaan is het mijn favoriete krant geworden. Maar Twitter kan echt wel de cafétoog om vier uur ’s nachts zijn, waar zatte nonkels hun mening opdringen en schuimbekken als je hen durft tegen te spreken.»

'Links moet op zoek naar een oudere, onbesproken stem die jongeren kan enthousiasmeren. Walter Zinzen zou onze Bernie Sanders kunnen zijn'


Korte lontjes

HUMO Waar ik niet uit ben: dragen die sociale media bij aan het publieke debat, of sluiten ze iedereen op in de bubbel van zijn grote gelijk?

Van Reybrouck «Dankzij Trump discussiëren we toch weer veel heftiger over de essentie van politiek en democratie, vind ik. Het zijn lastige, maar ook spannende tijden. Ruben Mersch schreef al dat we ons opsluiten in de kampen van ons groot gelijk, en bovendien zorgen de algoritmes van Facebook ervoor dat we alleen nog te zien krijgen wie het met ons eens is, en de anderen negeren of blokkeren we wel. Dat is niet echt bevorderlijk voor het democratische debat. Als zelfs een licht afwijkende mening opeens stompzinnig en bedreigend is... Het zit bovendien zowel ter linker- als ter rechterzijde. We koesteren onze dogma’s en als je er een millimeter van afwijkt, ben je plots een paria. Dat is problematisch en gevaarlijk. Ik volg op sociale media bewust enkele mensen met wie ik het zelden eens ben: die dagen mij uit.

»Ik zat in ‘De Afspraak’ om te praten over de berichtgeving over zelfmoordterroristen, en of we daarvoor niet ook mediarichtlijnen moeten bedenken, net zoals we die voor zelfmoord hebben. Dat was voor sommigen al voldoende om me van sympathie voor het jihadisme te beschuldigen, en dus ben ik noodgedwongen een dag op Twitter actief geweest om dat in zijn context te plaatsen en uit te leggen. Maar wat je dan allemaal over je hoofd krijgt: ‘Van Reybrouck, ge zoudt beter uzelf van kant maken,’ was nog bij de vriendelijkste reacties.»

HUMO Terwijl je hypothese dat we weleens te maken zouden kunnen hebben met een suïcidecluster van nobody’s die een glorieus einde zoeken, niet eens zo van de pot gerukt was.

Van Reybrouck «Ja: wie niets meer te winnen heeft, heeft niets meer te verliezen. Hans Magnus Enzensberger had het in zijn briljante essay ‘De radicale verliezer’ al over de parallel tussen de high school shootings in Colombine en de zelfmoordterroristen in het Midden-Oosten, er waren er toen nog geen in Europa. Maar dat is niet uit te leggen in 140 tekens. Ik hou van het debat, niet van hondengevechten. Buiten de sociale media zie je dat wanneer mensen elkaar ontmoeten, er wél iets mogelijk is. Op de G1000 hadden we destijds fysieke aanwezigen én mensen die online mee debatteerden over migratie: het verschil in stijl en retoriek was heel goed merkbaar. Françoise Nyssen, mijn Franse uitgeefster die nu minister van Cultuur in de regering-Macron is geworden, vertelde me hoe in het Franse parlement ook steeds meer wordt geroepen zonder naar elkaar te luisteren. Die mensen moeten dan de samenleving vorm gaan geven: gezellig.»

HUMO Is het hier anders?

Van Reybrouck «Ja, ik vind de Duitse omgangsvormen een verademing. Die rustige redelijkheid is een bewuste maatschappelijke keuze die door de overheid aangemoedigd wordt. Een Duitser heeft door de geschiedenis geleerd zich niet te snel te laten opjutten. Er is hier na 1945 een samenlevings- en beschavingsideaal ingeramd. Ik heb oude Duitse propagandafilms liggen met als titel: ‘Hoe word ik democraat?’ Hoe praat je met een ambtenaar, hoe debatteer je? Koddig, maar noodzakelijk. Angela Merkel laat zich nooit opjagen; ik merk een andere sfeer en toonaard hier in Berlijn dan in Vlaanderen. Wat heeft iedereen daar korte lontjes gekregen, zeg! Dat is echt opvallend, hoe ook in de politiek zoveel verbaal geweld is geslopen, terwijl net politici de kunst van het georganiseerd en beleefd meningsverschil zouden moeten uitdragen. Maar ook daar zie je een soort behoefte aan vijandschap. En die agressie sijpelt door in de samenleving.»

Humo Zie je dat ook bij het kiespubliek van Trump en Wilders?

Van Reybrouck «Populisme is misschien wel een noodzakelijke fase in de evolutie van wie vroeger helemaal geen stem had. Tussen de oude onmondigheid en de toekomstige inspraak zit een fase van bijna puberale rebellie: schreeuwen is de stap van stilte naar spreken. En we weten dat terugroepen naar een lastige puber géén goed antwoord is. Populisme is een cadeau verpakt in prikkeldraad: achter de woede zit een verlangen naar betrokkenheid.»

'Ik leid een heel publiek, maar tegelijk heel solitair bestaan: na de volle zalen wacht een leeg huis'


Breuklijnen

HUMO Zie je het nog steeds somber in? In je interviews van de afgelopen jaren komt steeds de vrees voor oorlog boven, het definitieve wegvallen van zekerheden, de onvermijdelijke opkomst van autoritarisme.

Van Reybrouck «Ik heb eigenlijk een tamelijk positief mensbeeld, maar tegelijk besef ik de fragiliteit van samenlevingen. Ik geloof dat we vandaag in Europa met vuur spelen. We hebben alle wijsheid nodig om te zorgen dat het naar de goede kant kantelt. Maar ik zie jammer genoeg zo weinig wijsheid, zo weinig aanvoelen van emotionele processen, zo weinig kennis van het verleden. Als je met Congo en Indonesië bezig bent, zie je hoe snel het kan omslaan en de verruwing van de omgangsnormen normaal wordt. Het verwerpen van het compromis, het demoniseren van de tegenstrever, het scoren bij de achterban belangrijker vinden dan het algemeen belang: dat zijn allemaal bewuste keuzes, hè.

»Cynisme en cultuurpessimisme zijn me daarom iets te gemakzuchtig: al te veel werken uit de Europese literatuurgeschiedenis, van Nietzsche tot Houellebecq, zitten in dat genre. We horen het vallen van de bomen, maar niet het groeien van het bos, terwijl er ook heel veel positiefs gebeurt. Maar de geschiedenis kan zeer snel kantelen. Tot een week voor het uitbreken van de vijandelijkheden hield niemand de Balkanoorlog voor mogelijk, laat staan Srebrenica. Maar eenmaal de geest uit de fles is het onmogelijk nog iets terug te draaien.»

HUMO Stefan Zweig beschrijft in zijn autobiografie hoe in de paar weken vóór de Eerste Wereldoorlog de samenleving kantelde van gezapige welvarendheid naar oorlogsdronken waanzin.

Van Reybrouck «Soms denk ik ook dat deze tijd meer parallellen vertoont met 1902 dan met 1932. Elke samenleving heeft haar breuklijnen. Maar hoelang blijven die beheersbaar, en wanneer zorgen ze voor aardbevingen die niemand nog kan beheersen? Bij de politieke moorden in Europa van de afgelopen jaren – Pim Fortuyn, Jo Cox, Anna Lindh – speelde telkens de kloof mee tussen hoog- en laagopgeleiden. Dat is, vrees ik, de breuklijn van de toekomst, veel meer dan die tussen links en rechts. Je ziet het bij Trump, de brexit en de migrantenkwestie: het wereldbeeld van hoog- en laagopgeleiden is echt dramatisch verschillend geworden, in de mate dat een dialoog heel moeilijk wordt.»

HUMO Ondertussen beleeft links in België zowat zijn verpulvering.

Van Reybrouck «Misschien in de peilingen, maar ik geloof niet dat Vlaanderen alleen maar vijftig tinten rechts zou zijn. Er is bij ons, in tegenstelling tot Nederland, bijvoorbeeld een soort post-katholiek, progressief Vlaanderen, dat je vindt in de hele non-profitsector, de verzorging, het onderwijs, de festivals, de lezers van Humo. Alleen hebben ze momenteel geen Bernie Sanders of Jeremy Corbyn. Links moet op zoek naar een oudere, onbesproken stem die jongeren kan enthousiasmeren. Ik heb er trouwens ééntje: Walter Zinzen zou dat volgens mij geloofwaardig kunnen. Een man die altijd standvastig is gebleven, geen water in de wijn heeft gedaan. Hij kan het ook goed en begrijpelijk uitleggen. Maar het probleem is dat niet zoveel talenten zich nog geroepen voelen om in de politiek te gaan en voortdurend aangevallen te worden. Ik heb het zelf ervaren: toen ik alleen schrijver was, kreeg ik alleen geïnteresseerde, oprecht nieuwsgierige journalisten op bezoek. Na de G1000 en mijn meer politieke boeken waren het plots openbaar aanklagers geworden, vol argwaan, vertrekkend vanuit de premisse dat je hoe dan ook de boel probeert op te lichten.»


Bindingsangst

HUMO Je bent wel heel druk bezig geweest het afgelopen jaar. Toneel, boeken, essays, het hield niet op.

Van Reybrouck «Er was gelukkig ook wat gepruts en tijdverlies. Maar ik besefte onlangs inderdaad dat ik al redelijk hard geleefd heb. Vorig jaar was het te snel en te veel, ik kreeg het gevoel dat ik mijn kaars aan twee kanten aan het opbranden was: dan moet je even terugschakelen. En als je in vijfde op de snelweg rijdt, is dat niet zo eenvoudig. Ik heb ook geen relatie op dit moment, geen kinderen, ik woon in Berlijn zonder sociaal netwerk van vrienden en kennissen: dat geeft je echt veel uren in een dag. Dan vraagt de uitgeverij of je iemand kent die het verhaal van Mohamed El Bachiri (die bij de aanslagen in Brussel zijn vrouw verloor, red.) zou kunnen opschrijven en denk je: ‘Dat wil ik best zelf wel doen.’ En je bent weer vertrokken. Stilstaan ligt me gewoon niet. Dus ik lig voor op schema: ik heb al meer gedaan en meer erkenning gekregen dan ik ooit hoopte te krijgen in een heel mensenleven. Ik heb dus wat reserve.»

HUMO Onze beide vaders zijn gestorven op hun 67ste. Speelt dat mee, denken dat je tijd weleens kort zou kunnen zijn?

Van Reybrouck «Zeker. Mijn vader was al ziek vanaf zijn veertigste. Daarom wou ik ‘Congo’ absoluut klaar hebben vóór ik die leeftijd bereikte. Mijn vader kende zware depressies, afgewisseld met periodes van té veel enthousiasme. Als dat erfelijk was, dacht ik, had ik maar tot mijn veertigste om alles te doen wat ik wou doen. Ik heb het gehaald zonder de symptomen.

»Ik zit in de helft, en dat verandert je wel. Mijn grootvader is boenk omgevallen op zijn 68ste, een geëngageerde fabrieksarbeider die ook muzikaal was – ik lijk meer op hem dan op mijn vader. Je moet op elk moment klaar zijn om dood te gaan, vind ik. Geen sluipende conflicten laten etteren, geen dingen ongezegd of ongedaan laten. Maar af en toe vrees ik dat dit tempo mijn hart weleens te veel zou kunnen worden. Ik ben nu twee jaar vrijgezel. Ik leid een heel publiek leven en tegelijk een heel solitair bestaan, want na de zaal met de honderden mensen wacht meestal een leeg huis. Er is te weinig buffer momenteel tussen die twee werelden, het contrast is wat te groot.»

HUMO Je bent ook niet echt goed in langdurige relaties, of vergis ik me?

Van Reybrouck «Toch wel: ik ben zeer goed in langdurige vriendschappen met mijn exen (lacht). Zonder zulke vriendschappen hou je het niet vol, toch? (Stil) Nu word ik wel heel persoonlijk. Het is niet dat ik er niet naar verlang, maar ik krijg heel snel een gevoel van beklemming. Er is een pandemie aan bindingsangst in mijn generatie, dat zie ik ook rondom me. Ik vind het schoon, mensen die zich kunnen smijten, ik wou dat ik het kon. Soms heb ik bij de liefde het gevoel van een kreupele die naar polsstokspringen kijkt.»

HUMO En waarom lukt het niet?

Van Reybrouck «Het is sterker dan mezelf. Het is angst. Waar komt dat vandaan? Eva Illouz, een Israëlische sociologe, heeft daar een boek over geschreven: ze wijt het aan een overaanbod van partners. Er zijn veel meer kandidaten dan vroeger, toen je al blij was dat er in het dorp een meisje voor je koos. Je was verliefd, verloofd, getrouwd en ouder vóór je 22ste. Nu kom je een bijna eindeloze stroom aan mooie en intelligente vrouwen tegen. Ik wanhoop niet, ik denk dat het ooit wel zal komen.»

HUMO Maar voorlopig staat het in de weg van het groots en meeslepend leven?

Van Reybrouck «Nee, toch niet. Ik wil rustig kabbelend oud worden met die éne. Maar de praktijk wil niet mee: dat is een opeenvolging van heftige liefdes geweest, prachtige relaties… Misschien heeft het ook met mijn vader te maken: ik was 11 toen daar plots een man aan de ontbijttafel zat te wenen, en ik wist niet waarom. Iemand aan wie ik me gehecht had, wiens steun ik nodig had bij de overgang naar de middelbare school, was plots onbereikbaar. Hij lag in bed, kon niet meer opstaan. Dat was een diepe ontreddering: ik verloor hem terwijl hij nog leefde. Ik heb ook nooit gepuberd, ik had niemand om tegen in opstand te komen. Misschien bemoeilijkt dat toekomstige relaties, die vrees dat de ander er op een bepaald ogenblik niet meer zal zijn: je beschermt jezelf preventief door je niet te hechten. (Stil) Er waren ook ongewone relaties: ik was vrij jong nog toen ik een relatie had met een getrouwde vrouw.»

HUMO Rob De Nijs! ‘Ik was 16, en jij was 28, en van de liefde wist ik nog niet veel…’

Van Reybrouck (lacht) «‘En je droeg niets anders dan je lange blonde haar.’ Ik viel achterover, ik dacht echt dat dat liedje over mij ging. Maar dan begin je wel aan een zeer eigenaardig parcours, niet? Een mooi parcours, al bij al, maar ééntje waarna ik nu ook wel wil vertragen en verdiepen. Komt het, dan is het goed, komt het niet, dan is het ook goed. Anderzijds: Leonard Cohen heeft een fantastisch leven geleid en nooit een relatie vast kunnen houden. Misschien heb ik daarom zoveel affiniteit met hem. In zijn biografie staat een foto waarop hij als Zen-boeddhist op een bergtop in Azië zit, en op de foto op de volgende pagina zit hij naast een stralende geliefde. Dat is ook een mooi leven, toch?»

HUMO Weet je nog wat de twaalfde stelling in je doctoraat was?

Van Reybrouck «Ja, hoe ben je daarop gekomen? ‘In het licht van de eeuwigheid is wetenschap beoefenen zoiets als pootjebaden bij een overstroming, journalistiek is zandzakjes aandragen en poëzie is zwemmen.’ Juist?

»Ik ben de afgelopen jaren vooral met veel zandzakjes bezig geweest, dat klopt. Dat heeft gelukkig ook veel in gang gezet. Maar je hebt een punt: na ‘Indonesië’ wil ik graag weer wat meer gaan zwemmen.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234