De 10 platen die zijn leven veranderden: Ozark Henry

‘Wat mij betreft gaat er een rechte lijn van Gainsbourg over Joy Division naar de Pixies. Artiesten met een heel duidelijke vorm, een brute esthetiek. Hun imitatoren zijn eraan voor de moeite: dat brute valt niet na te doen. Zoals je ’s ochtends niet hardnekkig je best kunt doen om een zo nonchalant mogelijk kapsel te leggen.’ Het is late namiddag in de kantoren van Sony in Brussel, en het opgeschoren haar van Piet Goddaer ligt er perfect bij. Als Ozark Henry heeft hij met ‘Us’ een nieuwe plaat uit, voor Humo ging hij op zoek naar zijn muzikale DNA: de Tien Platen van Piet Goddaer.

'Je kunt niet naaktzwemmen met een zwembroek aan'


1. Jah Wobble, Jaki Liebezeit, Holger Czukay ★ ‘Full Circle’ (1982)

Piet Goddaer «Twee leden van Can met Jah Wobble erbij. Het dansnummer ‘How Much Are They’ was de grote hit bij ons, maar ik vind de hele plaat mooi. Je hoort iemand over kiezelstenen wandelen, er komen allemaal geluiden bij, en op een gegeven moment begint dat te grooven... Dat zorgde voor een aha-erlebnis, want ik had dat ook: ik kon op het perron bijvoorbeeld gierende gitaren horen in een afremmende trein. ‘Full Circle’ is één van die platen die ik heb leren kennen door de bibliotheek in Kortrijk, waar ze een vinylafdeling hadden – een echte discotheek. Of anders ging ik naar de platenwinkel Music Man in Kortrijk: het coole daar was dat je, als er te veel volk in de winkel stond, platen mee naar huis mocht nemen om te beluisteren. Wat je wou houden, rekende je af, de rest gaf je terug.»

HUMO ‘Us’ is een elektronische popplaat: een tegenreactie op de symfonische trip op je vorige plaat ‘Paramount’?

Goddaer «Ik ben een tijdje van de elektronica weggeweest; als je er dan naar terugkeert, is alles vers en nieuw. Ik wou ook het verhaal vertellen van de mens die verloren loopt in de digitale wereld, en daar past nu eenmaal beter elektronische muziek bij.»


2. Kate Bush ★ ‘Hounds of Love’ (1985)

Goddaer «Mijn eerste herinnering aan Kate Bush dateert van toen ik heel klein was. In het derde studiejaar of zo had ik een klasvriend wiens oudere zus de plaat met ‘Babooshka’ erop had: ‘Never for Ever’. Bij ‘Hounds of Love’ was ik iets ouder en compleet in de ban van de geluidscollages die ze maakte – dat gebroken glas in ‘Mother Stands for Comfort’ vond ik bijvoorbeeld geweldig. Ze deed dat allemaal met een Fairlight, een vroege synthesizer annex sampler.

»Ik ben een paar jaar geleden ook gaan kijken naar haar grote comebackconcert in Londen. Dat was natuurlijk bizar: er was veel theater, ze liet haar zoon zingen... Als je zo lang hebt gewacht op een liveconcert van iemand naar wiens muziek je al 35 jaar luistert, dan wil je natuurlijk 100 procent Kate Bush, dus ik ben toen ook wel op mijn honger blijven zitten. Maar ik luister nog altijd zeer graag naar haar platen. Zoals je Prince had, had je Kate Bush – ze schreef alles zelf. Van Beyoncé moet je dat niet verwachten.»


3. David Sylvian ★ ‘Gone to Earth’ (1986)

Goddaer «Ook David Sylvian heb ik leren kennen door de bibliotheek in Kortrijk. Het gebeurde al eens dat ik daar puur op basis van de hoes platen ontleende, en zo heb ik Sylvian leren kennen: de kaft van deze dubbelelpee, een schilderij, sprak me heel hard aan. Van Sylvian of zijn groep Japan had ik op dat moment nog nooit gehoord. Wat ik cool vind aan ‘Gone to Earth’: in deel één wordt een verhaal verteld, in songs met vocals, deel twee vormt de instrumentale soundscape bij dat verhaal. Alsof je eerst een boek leest, om daarna doordrongen te worden door de soundtrack. Dat heb ik altijd graag gehad: muziek die in je lijf blijft hangen.

»Ik heb ten tijde van mijn eerste plaat eens in het voorprogramma van Japan gespeeld, in Amsterdam. De organisator wist dat ik een grote fan was, en om me een plezier te doen, had hij me dezelfde loge toegewezen. Geen goed idee: Sylvian en zijn muzikanten gedroegen zich als verwende kinderen, not nice, het was altijd iets. Ik heb ook al goeie ervaringen gehad op dat vlak, maar sinds die keer weet ik dat het soms écht beter is om je helden niet te ontmoeten.»


4. Tom Waits ★ ‘Small Change’ (1976)

Goddaer «Tom Waits heb ik ontdekt op café in Gent, toen ik 18, 19 was, net voor ik mijn burgerdienst moest beginnen. ‘The Piano Has Been Drinking (Not Me)’, ‘Invitation to the Blues’: deze plaat sloot perfect aan bij wat ik toen las, Bukowski en zo. Als er thuis nog eens iets van Waits opligt, is het of deze plaat, of ‘Bone Machine’. Of nee, er is ook de plaat die Gavin Bryars met hem maakte: ‘Jesus’ Blood Never Failed Me Yet’. Gavin Bryars zag op de BBC een documentaire over daklozen, waarin één van hen dat begon te zingen. Bryars zette muziek op die opname, arrangeerde het als een soort symfonie, en liet er ook Tom Waits op zingen. De bedoeling was de rechten van die plaat uit te keren aan die man, maar uiteindelijk kwamen ze erachter dat hij na die documentaire niet lang meer geleefd had.»

HUMO Je bent al een tijdje UN Goodwill Ambassador against Human Trafficking.

Goddaer «Wat ik in die hoedanigheid heb geleerd, is hoe rot onze samenleving vanbinnen is, als ze zoiets onmenselijks als mensenhandel vrij spel geeft. Dat is ook de vraag die ik stel op ‘Us’: ‘Wat is menselijkheid anno 2017?’

»Een klein jaar geleden reed ik Parijs binnen langs de Porte de la Chapelle, en uit de struiken kwam er ineens – baf! – twintig man rond mijn auto staan. Ik had geen cash bij me, maar mijn auto lag wél vol eten en drinken. Je voelde meteen: ze willen geld, want dat moeten ze vanavond afgeven. Ze stonden de spiegels van mijn auto te sleuren, maar ik draaide mijn raam open en ben met hen beginnen te discussiëren. ‘Ik snap het, jullie moeten alles afgeven en het is vreselijk dat jullie hier zo moeten leven. Geld heb ik niet, wel eten en drinken. Jullie mogen alles hebben.’ Ze waren gefrustreerd dat ik geen geld had, maar ze zijn uiteindelijk afgedropen. Maar wat ik hen eigenlijk duidelijk wou maken: ‘In onze maatschappij zijn jullie de slachtoffers.’ Dat beseffen slachtoffers van mensenhandel vaak niet.»


5. The Smiths ★ ‘Meat Is Murder’ (1985)

Goddaer «De allereerste plaat die ik zelf heb gekocht. Ik heb The Smiths leren kennen via een Franse radiozender uit Rijsel, die je bij ons in Kortrijk vlot kon ontvangen. Wat er anders aan was, was dat ze zo pretentieloos waren. Vergeleken met The Cure of Simple Minds waren The Smiths gewoon bas, gitaar, drums.

Johnny Marr was natuurlijk een fantastische gitarist die duizend noten tegelijkertijd speelde, maar hij was ook The Edge niet, hè. (Imiteert het gejodel van Morrissey in ‘The Headmaster Ritual’, het eerste nummer op ‘Meat Is Murder’) Morrissey die zich nergens thuisvoelde, dat hele gevoel dat een oudere generatie de jongeren totaal niet meer vertegenwoordigde, laat staan begréép, dat zat zo sterk in The Smiths. ‘Ask’, ‘Panic’, ‘Sweet and Tender Hooligan’: je zong die teksten mee, en ze gingen ook ergens over. De muziek van The Smiths was erg sign of the times, en tegelijkertijd is ze tijdloos.»


6. Keith Jarrett ★ ‘Vienna Concert’ (1992)

Goddaer «Jazz van het ECM-label (Duits platenlabel uit München, red.), ontdekt in mijn vaders bibliotheek. Maar ik heb het gevoel dat Keith Jarrett meer van mij is dan van hem. Ik moet toen zo’n 17, 18 jaar zijn geweest, en net zoals The Smiths was dat meteen mijn muziek, niet die van de generatie van mijn vader.

»Dit is solopiano. Het enige wat er nog bij komt, is af en toe wat gekreun, omdat hij zo opgaat in zijn spel. Wat ik heel speciaal vind aan ‘Vienna Concert’: er staan maar twee nummers op, één van 40 minuten en één van 25 minuten, maar ze laten zich beluisteren als popliedjes van 3 minuten. Keith Jarrett is echt iemand die ademt door zijn instrument. Zo mooi.»


7. Hector Zazou ★ ‘Songs from the Cold Seas’ (1994)

Goddaer «Een Franse producer die twee prachtige platen heeft gemaakt, allebei moeilijk te vinden. Er is die plaat waarop hij gedichten van Rimbaud op muziek heeft gezet (‘Sahara Blue’ uit 1992, red.), met medewerking van David Sylvian, Dead Can Dance, John Cale, Ryuichi Sakamoto... En er is ‘Chansons des mers froides’, waarvoor Zazou naar het Hoge Noorden trok, op zoek naar traditionals die hij dan arrangeerde en liet inzingen door onder anderen Siouxsie en Jane Siberry. Björk die een IJslandse traditional zingt (haalt telefoon boven en laat ‘Vísur Vatnsenda-Rósu’ horen): prachtig.»


8. Serge Gainsbourg ★ ‘Vue de l’extérieur’ (1973)

Goddaer «Gainsbourg kennen we eigenlijk van Eurosong – ‘Poupée de cire, poupeé de son’ van France Gall, bijvoorbeeld, om maar te zeggen hoe commercieel hij kon zijn. Of ‘Je t’aime... moi non plus’: dé slow. Wat ik geweldig vind, is hoe gebald zijn nummers waren. Vier zinnen, vijf noten, maar wel de góéie zinnen en noten. Gainsbourg was de man van de slogans, maar heel mooi en puur – de essentie van popmuziek.

Dit is de Gainsbourg-plaat waar ik het meest naar luister, voor nummers als ‘Je suis venu te dire que je m’en vais’ en ‘Sensuelle et sans suite’. (Zingt) ‘Une histoire sensuelle et sans suite / Ça fait crac ça fait pschtt / Crac je prends la fille et puis pschtt / J’prend la fuite’. Stoer, hard en tegelijkertijd zo breekbaar.»


9. David Bowie ★ ‘Blackstar’ (2016)

Goddaer «Bowie was een held die in levenden lijve wél fantastisch was. Ik heb hem een eerste keer ontmoet in Oostende, in 2001. Hij had me daarvoor al een paar keer gebeld om me te feliciteren met mijn plaat. Hij had me ook al eens uitgenodigd in Londen, maar ik had daar toen de middelen niet voor. Ik verdiende haast niks. De grote kracht van Bowie was dat hij zo ontwapenend was. Hij gaf me het gevoel dat hij meer over mij wist dan ik over hem. Voor de eigenwaarde is dat natuurlijk geweldig. Zeker in mijn situatie toen. Ik had voor mijn eerste plaat veel goeie recensies gekregen in het buitenland, maar ik zat ook in een niche. En toen mijn tweede plaat moest uitkomen, ging mijn platenfirma failliet. Precies op dat moment nam Bowie contact met me op: ‘Waar ben je mee bezig?’ Terwijl ik in mijn hoofd al had beslist dat mijn verhaal ten einde was.

»We zijn contact blijven houden tot op het einde. Ik wist wel dat hij ziek was, maar niet dat het zo erg was. Eind 2015 had ik nog via Kevin Killen, de engineer van ‘Blackstar’, geregeld dat Bowie mijn cover van ‘Heroes’ zou komen beluisteren in New York, waar ik ‘Paramount’ moest voorstellen aan de Grammy-commissie. Maar hij was toen verhinderd. We maakten een nieuwe afspraak voor februari 2016, bij Google. Maar zover is het dus nooit gekomen.

»Bowie is voor mij altijd hét voorbeeld geweest hoe je je artistieke vrijheid mag claimen. Ook al blijkt achteraf dat een bepaalde zijweg niet je beste richting was, die experimenten maken deel uit van je parcours.»

'Ik had in mijn hoofd al beslist dat mijn verhaal ten einde was, tot David Bowie me contacteerde: 'Waar ben je mee bezig?''

HUMO Welke zijweg bleek achteraf niet jouw beste richting?

Goddaer «De plaat die ik in 2010 met Youth heb gemaakt (‘Hvelreki’, red.). Ik vond het interessant om met een producer te werken en iemand anders keuzes te laten maken. Ik vind dat die plaat ook z’n waarde heeft, maar op veel manieren staat ze ver van mij. ‘Je gaat dat daar toch niet op zetten,’ dacht ik bij sommige van Youths songkeuzes. Maar mijn veto stellen was geen optie, het was nu eenmaal een oefening in loslaten. Je gaat ook niet naaktzwemmen om dan toch je zwembroek aan te houden.»


10. Naked City ★ ‘Naked City’ (1990)

Goddaer «John Zorn is één van mijn grootste helden, omdat hij zo eclectisch is. Soms zeer toegankelijk, soms zeer moeilijk. Alles wat hij doet, brengt hij uit. Als er in zijn studio iemand een Chinese tekst voorleest terwijl er iemand op een drum zit te roffelen, is dat voor hem een plaat. Ik ben ook een veelschrijver, maar ik zet maar een klein deel van mijn maaksels op plaat, de rest blijft liggen. Ik heb intussen een archief van meer dan drieduizend onuitgegeven songs. Ik denk dat die daar zullen blijven liggen. Maar ik vind het wél interessant dat Zorn alles uitbrengt, zo kan ik horen wat een andere veelschrijver allemaal schrijft.

»De Morricone-cover ‘The Sicilian Clan’ op ‘Naked City’: ik ken geen enkele metal- of industrialplaat die even angstaanjagend klinkt. Het is alsof je in een film zit, een scène waarin je buitenkomt uit een club en een fles tegen je gezicht krijgt. Ik word daar écht nerveus van. Het is geweldig dat muziek dat allemaal met je kan doen.»



‘Us’ van Ozark Henry verschijnt op 31 maart bij Sony.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234