De 15 beste boeken van 2011

De 15 beste boeken van 2011 volgens onze recensenten (bg), (jm), (ms), (kt), (fvd) en (bv).
.


1. Michel Houellebecq: De kaart en het gebied

Een goeie roman is compact, onweerlegbaar, en bevat een ware kern van noodzakelijkheid, schrijft Michel Houellebecq in zijn jongste boek, en hij heeft natuurlijk talent zat om er dan ook meteen dát soort roman van te maken. Hoofdpersonage van ‘De kaart en het gebied’ (De Arbeiderspers) is een beroemd kluizenaar-kunstenaar, Jed Martin, die een bijna-vriend heeft, Michel Houellebecq, en dat is voor de schrijver een gelukkige aanleiding om met zijn eigen imago te gaan dollen – ‘hij stonk een beetje’. Dat Houellebecq zwarte gedachten over van alles en nog wat (de kunst, de dood, het taxiprobleem) vlot in de plot kan doen meedraaien, dat wisten we al van hem, maar nu blijkt hij ook nog eens een eersteklas policier te kunnen schrijven. Hij kreeg er de Goncourt voor, en was hij de voorstelling van de vertaling in Brussel niet domweg vergeten, dan waren onze felicitaties er nog bij gekomen ook.

Herlees de bespreking »




2. Dimitri Verhulst: Monoloog van iemand die het gewoon werd...

Verhulst schreef dit jaar twee vingerdunne novelles – deze monoloog, gemaakt in opdracht van De Bijenkorf, blijft veruit het langst nazinderen. ’t Is het – ondanks het sinistere onderwerp – vrolijke relaas van een hoer uit Senegal (sorry: ‘gazelle’ – 'Als gazelle stop ik dezelfde dingen in mijn mond als een hoer, maar ik voel me dertig kilogrammen lichter onder die noemer') en het zwierig verliteratuurde einde van één der flamboyantste wielrenners die ooit uit de vaderlandse schoot zijn gevallen: Frank Vandenbroucke (sorry: ‘Jens De Gendt’) in zijn eerloze laatste uren.


3. A.F.Th. van der Heijden: Tonio

'Een requiemroman' staat er droef op het omslag van 'Tonio' (De Bezige Bij), en dat is de vuile rotwaarheid: A.F.Th. van der Heijden verloor zijn 21-jarige zoon Tonio, en schreef er vervolgens een roman over die het gemoed ongenadig ranselt. Van der Heijden laat de ontelbare herinneringen aan Tonio als zandkorrels door zijn vingers glijden, diept verhalen en anekdotes op, en schrijft met redeloze passie op hoe verdriet hem verhakselt, en hoe een gezin nooit meer een gezin zal zijn. 'Tonio' is verdriet, rouw en onmacht, gestanst in zinnen die ongenadig op de traanklieren duwen.

Herlees de bespreking »


4. Sandro Veronesi: XY

In een Italiaans bergdorp worden elf gruwelijk verminkte lijken aangetroffen, elk met een andere doodsoorzaak. Veronesi – met 'In de ban van mijn vader' en 'Kalme chaos' al in het bezit van een ferm trackrecord – kiest in 'XY' (Prometheus) niet voor thrillerachtige suspense, en lost het raadsel niet op. Wel legt hij de kleine dorpsgemeenschap op de dissectietafel: die implodeert na het drama, en wat bovenkomt zijn achterklap, vieze luchtjes, ziekte en regelrechte waanzin. In het hart van zijn donkere verhaal gooit Veronesi een boeiend tweespan: Giovanna, een jonge psychiater, en don Eremete, de plaatselijke pastoor. Samen proberen ze het getroffen dorp te genezen. Meesterlijk daalt Veronesi af in de mensenziel, ondertussen luidruchtig docerend over wetenschap, religie en media.

Herlees de bespreking »


5. Brecht Evens De liefhebbers

De jonge Vlaming Brecht Evens zet zijn zegetocht, die in 2008 begon met 'Ergens waar je niet wil zijn' (intussen in x-voud vertaald, bekroond en bejubeld), voort met het in alle opzichten wreed schone 'De liefhebbers' (Oogachtend). Pieterjan, een kunstenaar wiens carrière al te lang aan de grond blijft warmdraaien, neemt deel aan een kunstbiënnale in het provinciegat Beerpoele. Daar transformeert zijn superioriteitsgevoel tegenover zijn collega-kunstbroeders (die meer enthousiasme dan talent tentoonspreiden) gaandeweg in oprechte gedrevenheid, tot het noodlot hem ongenadig tegen de grond smakt. Evens' stijlenpalet is indrukwekkend, zijn personages en situaties laveren tussen geestig, ontwapenend en ontroerend. Het stripboek van het jaar.

Herlees de bespreking »

De beste boeken van 2011: 6 - 10

6. Douglas Coupland: Generatie A

Met 'Generatie A' (Meulenhoff) grijpt Douglas Coupland terug naar zijn heerlijke debuut 'Generatie X' en daarmee levert hij zijn beste roman sinds 'JPod'. Vijf jonge burgers worden, elk in een uithoek van de wereld, kort na elkaar gestoken door een bij – big deal, ware het niet dat bijen allang uitgestorven zijn. Een schimmige wetenschapper brengt hen samen op een eiland in Canada, waar ze elkaar onderhouden met het vertellen van hun levensverhalen, en zich hardop verwonderen over de banale gekte van het nog altijd accelererende tijdsgewricht.


7. Jeffrey Eugenides: Huwelijk

‘Gelukkige liefde bestaat alleen aan het einde van een Engelse roman,’ weet literatuurstudente Madeleine Hanna dankzij Anthony Trollope. Het gaat veel over boeken in de nieuwe Eugenides, maar nog meer over liefde. Ze moet kiezen, de mooie Madeleine: ze wordt geliefd door Mitchell, zoeker van nature, maar ze is zelf verliefd op Leonard, bipolair gestoord van nature. Het wordt Leonard – asking for trouble, heet dat. ‘Huwelijk’ (Prometheus) zit lekker volgestouwd, want behalve de huwelijksplot is er de zoektocht van Mitchell naar het hogere (tot in India), en de afdaling naar de duisterste diepten van Leonards depressie. Wie heeft de pen om dat allemaal bij elkaar te houden? Precies: Jeffrey Eugenides, auteur van ‘The Virgin Suicides’ en ‘Middlesex’. Ga dat zien: bestaat er ook gelukkige liefde aan het einde van een Amerikaanse roman?


8. Herman Koch: Zomerhuis met zwembad

Uitstekende opvolger voor het onopvolgbaar geachte ‘Het diner’, over een faliekant aflopende zomervakantie, over de vermoorde onschuld en over een medische fout die er wellicht geen is. Met zijn bedrieglijk kaalgeslagen vertelstijl weet Koch in 'Zomerhuis met zwembad' (Athos) tussen elke regel en achter elke U-bocht (en die volgen elkaar zo talrijk op dat de lezer er ijl in het hoofd van wordt) bitter op de tong smakend onbehagen en psychologische terreur te stoppen.


9. Tony Judt: De Geheugenhut

Onder de priemende, maar ook meedogende blik van de historicus Tony Judt (1948-2010) kristalliseren jeugdherinneringen, familieverhalen en academische memoires in 'De geheugenhut' (Contact) tot essentiële geschiedenis van West-Europa, sierlijk neergeschreven in vijfentwintig korte stukken die zijn leven strak omspannen. Judts verhalen worden bevolkt door mensen in de ban van de tijdgeest, die mysterieuze poppenspeler aan wiens touwtjes hij zelf ook heeft gebengeld. Als jongeman was hij een militante zionist, als vijftiger spaarde hij zijn kritiek op Israël niet. Het 'geharnaste marxisme' van zijn studentenjaren maakte plaats voor de deugden van de sociaaldemocratie. In deze afscheidsbrief is er geen plaats voor tranen, wel voor vermaningen. De babyboomgeneratie laat een erfenis na die kleiner is dan wat ze van haar ouders heeft gekregen.

Herlees de bespreking »


10. David Vann: Caribou Island

Metselt zich achteloos en in een rottempo een dakterras op de literaire Olympus: David Vann. 'Legende van een zelfmoord', een autobiografische helletocht, was al een griezelige mindfuck die bleef rondwaaien in het lezershoofd, en Vanns tweede, 'Caribou Island' (De Bezige Bij), is van dezelfde bijzondere klasse. Gary en Irene, een koppel dat de tijd kieren heeft zien trekken in hun huwelijk, proberen in striemend pokkeweer een hut te bouwen op een klein eiland. Op het vasteland dealen hun kinderen intussen met hun eigen problemen. Het resultaat: een met vaste hand geschreven familiemozaïek vol gesloopt verlangen, verlopen liefde en nukkig verdriet. Pittig surplus: de manier waarop Vann de woeste landschappen van Alaska in meeslepende beeldspraak giet.

Herlees de bespreking »

De beste boeken van 2011: 11-15

11. Erwin Mortier: Gestameld liedboek

Aan gruwelijke ziektes wegkwijnende moederfiguren: het levert, behalve onnoemelijke ellende, ook wondermooie boeken op. Twee jaar na Lanoyes ‘Sprakeloos’ weet Erwin Mortier, uit een verzameling snel vervagende snapshots, een schrijnende ode aan zijn aan alzheimer lijdende draagster te kneden. In 'Gestameld liedboek' (De Bezige Bij) schemert ontreddering aanhoudend tussen de regels ('Wat nog aan besef of bewustzijn in je sluimert, een angstig uilenjong ergens diep in de wirwar van ingezakte balken in je hoofd, zal wegglijden in de nevel van morfine – dat hopen wij') maar sentimentaliteit krijgt geen kans: een ontluisterende proeve van stilistisch meesterschap.

Herlees de bespreking »


12. Jennifer Egan: Bezoek van de knokploeg

In Amerika is Jennifer Egan een tsunami aan loftuitingen ten deel gevallen: 'Bezoek van de knokploeg' (De Arbeiderspers) werd bekroond met onder andere de Pulitzer Prize en werd tot boek van het jaar uitgeroepen door onder meer Time en The New York Times. In haar caleidoscopische prijsbeest verzamelde Egan dertien met elkaar verknoopte verhalen die veertig jaar omspannen, van de jaren tachtig van de vorige eeuw tot de jaren twintig van deze eeuw. Haar slim opgebouwde mozaïek verkent de hoogdagen van de seks, drugs en rock-'n-roll én de fysieke en emotionele fall-out. Zoals het hoort in een muziekboek, fungeren liedjes als de madeleinekoekjes van Proust. Ze voeden Egans bijtende proza over de zuigkracht van ellende en de macht van muziek, de slagkracht van de tijd en de breekbaarheid van illusies.


13 Julian Barnes: Alsof het voorbij is

Al drie keer mislukte het, maar op z’n vijfenzestigste heeft Julian Barnes nog een stevige greep: hij pakte de Man Booker Prize 2011 met een slimme, slanke roman, een onwaarschijnlijk bekoorlijke kruising tussen een detective en een meditatie over het leven: ‘Alsof het voorbij is’ (Atlas). Een onverwachte erfenis noopt Tony Webster, een wat oudere en volgens zijn eigen criteria oninteressante man, tot een terugblik op een aantal gebeurtenissen in zijn studentenjaren: een passerende liefde, een zelfmoord. Hij komt erachter hoe diep de afgrond is tussen zijn herinnering en wat er echt is gebeurd, een uitkomst die hem alleen ontredderen kan. Maar de lezer smult.

Herlees de bespreking »


14. Ian Morris: De val van het Westen

Waarom domineert het Westen sinds de 19de eeuw de wereldgeschiedenis? Is dat een geval van voorbestemming of dom toeval? En vooral: kan dat blijven duren? De archeoloog Ian Morris probeerde in 'De val van het Westen' (Spectrum) een antwoord op die vraag te vinden door de tweehonderd eeuwen vóór en de tweeduizend jaar na Christus in één grondig gedocumenteerd en becijferd verhaal te gieten. Een academisch circusnummer met trekken van de megalomane geschiedschrijving waar de 19de eeuw zo dol op was, maar wel gebouwd op solide moderne wetenschap. Morris sluist een verbijsterende hoeveelheid gegevens uit alle mogelijke disciplines door een zelfgemaakt rekenkundig model. Genetische archeologie, klimaatkunde en geografie: alles gaat in de molen. Uit Morris’ machine rolt uiteindelijk het antwoord op de grote vraag. Wie de dolle rit langs vergeten beschavingen wil overslaan, kan het opzoeken op bladzijde 724.

Herlees de bespreking »


15. Hugo Claus: De wolken

‘Uit de geheime laden van Hugo Claus’, en die moeten berstensvol gezeten hebben. Fijne proza-oefeningen, verloren krantenstukjes, al dan niet in onverdunde vitriool gedrenkte brieven en naakte dagboeknotities: journalist Mark Schaevers bracht ze in 'De wolken' (De Bezige Bij) samen tot een bibliofiele, mooi met foto’s verluchte uitgave. Een nauwelijks gefilterde (en bovendien bijna verboden) kijk in het hoofd van één onzer grootste veelschrijvers. Om te lezen en te herlezen: een koffietafelboek, de vrijblijvendheid voorbij.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234