De 7 Hoofdzonden: Karine Claassen, rijzende tv-reporter

Het gaat hard voor tv-reporter Karine Claassen. Amper zes jaar geleden stapte ze voor het eerst de VRT-gebouwen binnen en vandaag prijken er al drie reportagereeksen en een Rijzende Ster-trofee op haar palmares.

'Je zou denken dat een mens immuun wordt voor racisme, maar dat is niet zo. Hoe ouder ik word, hoe meer het me stoort'

Nu is ze te zien in ‘Afscheid’, een portretreeks van vijf mensen in de blessuretijd van hun leven. En haar volgende tv-project staat ook al in de steigers, ‘maar daar kan ik nog niks over zeggen.’ Geheimzinnigheid is vooralsnog geen hoofdzonde. Dan maar die andere zeven. ‘Ik ben daar traditioneel in: mijn seksleven is van mij. Ik voel niet de noodzaak om dat te delen, zelfs niet met vrienden.’

Op een terras in het Leuvense schuift Karine Claassen (28) onder een avondzonnetje enthousiast aan met een gin-tonic. Ondertussen excuseert ze zich voor de vertraging: vergadering uitgelopen. Wat ons naadloos bij de eerste hoofdzonde brengt.


TRAAGHEID

HUMO Kom je vaak te laat?

karine CLAASSEN «Ik had je moeten waarschuwen voor mijn Congolese klok. Alhoewel, een kwartier valt nog mee. Ik heb in Congo eens vier uur op een journalist gewacht. Een halve dag zat ik langs een weg in de brousse te koekeloeren. Daar heb ik uit geleerd: als ik nu in Congo met iemand een afspraak heb om elf uur, vraag ik hem om tegen acht uur te komen. Dan is hij maar een half uur te laat (lacht). Ik chill ook graag, maar daar zijn ze écht à l’aise. Ze maken zich nergens druk om.»

HUMO Hebben ze geen gelijk?

CLAASSEN «Het heeft zijn charme, maar in een professionele context ergert het me. Op mijn werk ben ik altijd stipt op tijd, ik zal voor opnames nooit te laat komen. Bij vrienden kan ik weleens een uurtje later dan gepland opduiken. Of twee uurtjes (lacht). Ik zeg ook makkelijk afspraken af, omdat ik graag op het laatste nippertje beslis. Als ik een etentje met vrienden heb en ik voel me niet in de juiste stemming, dan bel ik af. Zonder flauwe excuses. Gewoon: ‘Sorry, ik voel het niet vandaag.’ Dat is egoïstisch, en ik zie het als een werkpunt. Het wordt me soms – terecht – kwalijk genomen. Maar ik permitteer me dat enkel bij mensen die ik goed ken en die dat kunnen verdragen.»

HUMO Zeg je dat tegen je vriend ook als hij een citytrip gepland heeft? ‘Sorry, ik voel het niet, ga maar alleen op reis.’

CLAASSEN (lacht) «Zo extreem is het niet, maar hoe ouder ik word, hoe meer ik op mijn eigen ritme wil leven. Het klinkt heel kumbaya, maar ik wil trouwer worden aan mezelf. Als ik weet dat ik op een etentje niet gelukkig ga zijn, moet ik gewoon niet gaan.»

HUMO Kortom, je bent geen loyale vriendin.

CLAASSEN «Dat mag je niet zeggen. Als puntje bij paaltje komt, ben ik er wel voor mijn vrienden. (Gooit haar armen in de lucht) Waarom plant iedereen etentjes en feesten ook maanden vooraf? Niks wordt nog op het moment zelf beslist. Een half jaar op voorhand weet iedereen wat hij elk weekend gaat doen. Zo wil ik me niet laten vastzetten. Misschien mis ik daardoor wel een paar hippe mediafeestjes, maar de smalltalk daar is toch niet aan mij besteed.»

HUMO Je woont in Schaarbeek. Is het nog kumbaya genoeg om in de drukke hoofdstad te leven?

CLAASSEN «Ik heb het even wat moeilijk met Brussel. Mijn tuin van 200 vierkante meter is een oase van rust, maar zodra ik de deur uitga, zie ik te veel vuilnis en overlast. Het aantal dronkenlappen neemt toe en het verkeer wordt steeds drukker. Als ik ga joggen, heb ik het gevoel dat mijn longen zich volzuigen met vuiligheid. Ik voel me ook steeds vaker onveilig op straat. Echt, ik krijg terug zin om op het platteland te gaan wonen.

»Ik groeide op in Tielt-Winge, tussen de koeien en de knotwilgen. Zoals elke adolescent verwacht je dat je in de stad het grote avontuur zult vinden. Ik dacht er heel actief te zijn en veel sociaal contact te vinden, maar ik ben een saaie huismus geworden. Ik geniet ervan om alleen te zijn. Dat komt door mijn job, denk ik. Ik investeer zoveel energie en tijd in andere mensen, dat ik in mijn vrije tijd graag even tot rust kom.»

HUMO Je behoort tot de millennials, een generatie waarvan gezegd wordt dat ze lui is, maar wel alles wil. Akkoord?

CLAASSEN «Deels, ja. Ik kan enorm lui zijn, een heel weekend niksen. Maar als ik werk, ga ik hard. Ik weet wat ik in mijn job wil bereiken: een goede, empathische, interviewer worden. In mijn domein, de human interest, en met een eigen stijl.

»Millennials hebben veel ambities, maar laten het snel hangen. De perfecte wereld die op Instagram en Facebook gecreëerd wordt, speelt daar een grote rol in. Wie wat slechter in zijn vel zit, wordt moedeloos van al die boeiende jobs, spannende vakanties en fantastische sportlijven. Maar moeten we daarover zeuren? Niet weten wat je wilt, is een luxeprobleem. Ik heb een strenge opvoeding gehad. Bijna niks mocht. Ik weet wat het is om te vechten voor een beetje vrijheid. Dan ben je al blij dat je mag studeren wat je wilt.»


GULZIGHEID

HUMO Je lust graag gin-tonic, zie ik. Raak je weleens flink dronken?

CLAASSEN «Nee. Het gebeurt weleens dat ik tipsy ben, maar ik hou altijd de controle. Drinken om te drinken, zoals veel jongeren doen, vind ik degoutant. Maar ik kan enorm genieten van een glas rode wijn bij een lekkere maaltijd. Ik ben van het bourgondische type, een echte Flamande. Mijn ouders hebben me vetgemest met Vlaamse boerenkost. Elk weekend at ik twee éclairs. Ik hou ook van het ritueel om gezellig te tafelen. Da’s dan weer mijn Congolese kant. De combinatie maakt van mij de ideale gastvrouw. Ik verwen mijn vrienden graag. Ze moeten zich thuis voelen als ze langskomen. En graag eten. Veel eten!»

HUMO Wat pruttelt er zoal in jouw kookpotten?

CLAASSEN «Ik kook graag mediterraans, de Brits-Israëlische kok Yotam Ottolenghi is mijn grote inspirator. Maar als ik écht wil scoren, ga ik bij mijn moeder een Congolees gerechtje halen: sappige kip met een lekkere saus van tomaat en pindakaas, met rijst en saffraan erbij. Heerlijk!»

HUMO Heb je ooit geëxperimenteerd met drugs?

CLAASSEN «Ooit eens een jointje, maar ik vond er weinig aan.»

HUMO Dat horen we wel vaker. Ik wacht nog altijd op iemand die in deze rubriek onomwonden toegeeft dat hij of zij al eens een lijn coke snoof.

CLAASSEN «Van mij zal zo’n bekentenis niet komen, drugs hebben me nooit wat gezegd. Ik zoek graag grenzen op, maar net als bij alcohol ben ik bang om de controle te verliezen. Bovendien weet je niet wat ze allemaal in die coke en pillen draaien. Het lijkt me enkel verantwoord als je medisch begeleid wordt en perfect weet wat je in handen krijgt. Zoals een nerd in een labo alles proeven, in naam van de journalistiek, dat lijkt me het enige goede excuus.»


WOEDE

HUMO Wanneer heb je voor het laatst gevochten?

CLAASSEN «Toen ik 14 jaar was. In mijn school was ik de enige met een kleurtje. Aan de bushalte in Aarschot riep een meisje: ‘Vuile negerin, ga terug naar je land.’ En toen spuwde ze op me. Ik heb aan haar haren getrokken. Vechten lukt me echt niet. Ik boks al een paar jaar, maar in de ring stap ik niet. Echt iemand een toek op zijn bakkes geven, dat kan ik niet. Er zit geen greintje agressie in mij.»

'Ik wil mijn eigen stijl ontwikkelen, zodat mensen zeggen: 'Dat is een typische Claassen-reportage.' Zoals Paul Jambers en Louis Theroux me voordeden.'

HUMO Heb je vaak last gehad van racisme?

CLAASSEN «Bij mij viel het nogal mee, wellicht omdat ik een bleke mulat ben. Mijn broer is donkerder, hij heeft meer moeten doorstaan. Nog steeds hoor ik verhalen van vrienden die niet binnen mogen in een discotheek, of die er telkens worden uitgepikt bij een politiecontrole. Je zou denken dat een mens immuun wordt voor racisme, maar dat is niet zo. Het slijt nooit. En hoe ouder ik word, hoe meer het me stoort. Het zit in kleine dingen. ‘O, wat spreek jij goed Nederlands!’ Dat wil je niet horen als je al je hele leven in Vlaanderen woont.

»Nu, als je hele leven zich onder de kerktoren afspeelt, en je hebt nog nooit een Afrikaan gezien, kan ik het nog enigszins begrijpen. Voor sommige mensen bén ik echt een exotische soort. Al leven in dit land intussen meer dan twee miljoen mensen van allochtone afkomst, dan mag je je referentiekader weleens bijstellen, vind ik. Veel mensen beseffen nog steeds niet dat negerin een scheldwoord is. Als jong meisje werd ik door voorbijgangers over mijn krullen geaaid terwijl ze me ‘schattig negerinneke’ noemden. Zelfs aan familieleden en goede kennissen moest ik zeggen dat het niet hoorde. Ze bedoelden het niet slecht, maar het is wel triest als je geen andere term kent om mij als kleurling te benoemen. Als je daar blanke mensen op aanspreekt, gaan ze vaak in het defensief: ‘Zwarten is niet goed, neger is niet goed, wat mogen we dan wel nog zeggen?’»

HUMO In ‘Dwars door Frankrijk’ bleef je enorm rustig bij het racisme van de extreemrechtse rapper Leyron. Die zei doodleuk dat hij zijn genen niet met jouw zou willen vermengen omdat hij dan het Arische ras zou bezoedelen. Had je geen zin om hem te slaan?

CLAASSEN «Vanbinnen kookte ik, maar in die professionele context moest ik de knop omdraaien. Ik heb zelfs nog gezellig in zijn tuin gezeten en zijn zelfgemaakte cider geproefd. Ik wilde weten wat hem bezielde. Volgens mij had hij door zijn geïsoleerde leven in een Bretoens boerengat alle zin voor realiteit verloren. Hij was enorm religieus. In een beek had hij een steen gevonden in de vorm van een kruis. Dat moest wel een teken van God zijn. En die God had gezegd dat hij zich niet met andere rassen mocht vermengen. De aanslagen in Frankrijk waren voor hem een extra reden om alle racismeregisters open te trekken. Maar hij was even hard geradicaliseerd als de Syriëstrijders. Ik had eigenlijk medelijden met hem.»

HUMO Waar situeer jij jezelf in het Zwarte Pieten-debat? De betreurde Lies Lefever vond het cultureel erfgoed, schrijfster Dalilla Hermans vindt het een grove belediging.

CLAASSEN «In het midden. Niet om de diplomate uit te hangen, maar omdat ik er goede herinneringen aan heb uit mijn kindertijd. Ik heb er nooit graten in gezien, maar mijn broer vindt Zwarte Piet totaal fout. Mijn principe: als iemand zich gekwetst voelt, moet je er wat aan doen. Traditie of niet.»


HOOGMOED

HUMO Raakt kritiek je?

CLAASSEN «Ja. In enkele krantenrecensies over ‘Afscheid’ kreeg ik kritiek die me écht pijn deed. Men verweet me een toneeltje op te voeren, dat ik vooral mezelf in de kijker wilde zetten, iemand noemde me zelfs een dramaqueen. Daar was ik echt ondersteboven van.»

HUMO Ik vond de kritiek vrij mild. Critici vonden je soms ‘te aanwezig’ als reporter, en dan ging het over de monologen die je voor de camera afstak. Je had je die kritiek kunnen besparen door een commentaarstem te gebruiken.

CLAASSEN «Mijn stem is niet goed genoeg om voice-overs in te lezen, dus zochten we een andere oplossing om het verhaal aan elkaar te breien. Ik kan begrijpen dat mensen die vorm maar niks vinden, maar waarom trekken ze mijn oprechtheid in twijfel? Ik meen écht wat ik zeg. En ‘te aanwezig’? In ‘Dwars door Amerika’ verscheen ik tien keer meer in beeld en daar was het geen punt. Nu, toen ik de kijkcijfers zag, dacht ik: eat this, recensenten. Het belangrijkste is dat de kijkers het goed vinden. En van hen heb ik nog geen klachten gehoord (lacht).»

HUMO Zou je even gelukkig zijn als je bij je volgende reportagereeks niet in beeld zou komen?

CLAASSEN «Op het graf van mijn vader: absoluut! Dat vond ik net het vileine van die recensies: ze insinueerden dat mijn ijdelheid een goede reportage in de weg stond. Ik heb wel een half jaar met die mensen doorgebracht, hè. Lief en leed gedeeld. Veel tranen gelaten. Het is frustrerend als critici dan beweren dat je zo’n programma enkel voor jezelf maakt. Humo’s Rudy Vandendaele loofde me wel omwille van mijn interactie met de mensen in de reportages.

»Ik vraag me af of recensenten soms stilstaan bij de impact van hun woorden. En in welke mate hun gemoedstoestand een rol speelt bij de artikels die ze schrijven. De tv-maker die de pech heeft dat zo’n recensent een kind heeft dat net vervelend gaat doen wanneer hij zijn stukje moet schrijven, ziet zijn werk van maanden de grond ingeboord. Pas op, kritiek zal soms ook wel terecht zijn. Maar vaak stoort het toontje me. Zou je het ook zo in mijn gezicht zeggen, vraag ik me dan af. Ze hadden zelfs kritiek op mijn naam. ‘Karine Claassen leunt eerder aan bij een potige politica dan bij een rijzende tv-ster.’ Waar gaat dat in godsnaam over?»

HUMO Kwam die Rijzende Ster op de Nacht van de Televisiesterren niet te vroeg voor je? Als je veel lof gekregen hebt, komt kritiek daarna altijd hard aan.

CLAASSEN «Die prijs was tof, maar plots zijn de verwachtingen wel hoog. Koketteren met die trofee heb ik nooit gedaan. Echt, ik wil helemaal geen ‘ster’ worden. Ik streef enkel erkenning in mijn job na.»

'Als ik zie dat mijn vriend een uur lang gezellig met een vrouw aan de toog staat te kletsen, ga ik me er ostentatief naast planten'

HUMO Hoe zeker ben jij dat je nooit in de hovaardigheidsval trapt? Jonge mensen zijn door de plotse bekendheid al wel vaker naast hun schoenen gaan lopen.

CLAASSEN «Dat zal me niet overkomen. Ik weet van waar ik kom. Ik ben niet de grote universitaire intellectueel, maar toch heb ik van de VRT alle kansen gekregen. Ik besef heel goed dat ik daar heel blij mee mag zijn. En mocht het toch naar mijn hoofd stijgen, dan zullen mijn twee broers me snel met de voeten op de grond zetten. Onlangs sprak mijn oudste broer me aan over een interview dat ik had gegeven. ‘Waarom vertel je over je privéleven? Wil je bekend worden of wil je een goede reporter zijn?’ Hij had gelijk: mijn focus moet op mijn job liggen. Al de rest is ballast. Ik word nu gevraagd voor entertainmentprogramma’s – ‘De slimste mens’, ‘De Columbus’ – maar ik sta daar niet voor te springen. Niet dat ik er mijn neus voor ophaal, maar je moet er te veel van jezelf prijsgeven. Als je ziet hoe Danira Boukhriss tijdens ‘De slimste mens’ werd aangepakt op sociale media... Ik heb daar geen zin in. Ik ben ook niet op mijn mondje gevallen en ik zou gegarandeerd ook de wind van voren krijgen. Nu zit ik netjes onder de radar. Houden zo.»

HUMO Wat is je ultieme ambitie?

CLAASSEN «Mijn stempel drukken, mijn eigen reportagestijl ontwikkelen. Zodat mensen zeggen: ‘Dat is een typische Claassen-reportage.’ Zoals Paul Jambers en Louis Theroux me voordeden. Wist je dat Jambers me gefeliciteerd heeft? Na mijn reportage over Michel Houellebecq heeft hij me een mailtje gestuurd. Toen was ik heel fier. Ik kon er echt niet bij dat zo’n tv-icoon de moeite had genomen om iets naar mij te sturen. Dat ontroerde me echt.»

HUMO In die reportage voor ‘De afspraak’ trok je onbevreesd naar Houellebecq. Terwijl hij toch niet de reputatie van een makkelijke jongen heeft.

CLAASSEN «Tijdens de rit naar Parijs dacht ik: ‘Wie ben jij om die man te gaan interviewen?’ Ik was bloednerveus. Hij kwam binnen met vijf bodyguards en had er duidelijk geen zin in. Mijn notitieboekje, waarin ik mijn vragen had opgeschreven, trilde in mijn hand. Dit wordt niks, dacht ik. Ik gooide het boekje weg en ben gewoon op zoek gegaan naar een spontane babbel met de man. Een goede gok want we hadden uiteindelijk een boeiend gesprek – voor zover dat kan met een cynische brompot als Houellebecq.

»Bij Fernand Huts had ik hetzelfde ontzag: uiteindelijk ben ik maar die kleine uk die de grote Vlaamse ondernemer gaat interviewen. Dan ben ik best wel een beetje bang. Meestal zeg ik dat dan: ‘Sorry, ik ben nerveus.’ Dan stel je hen zelf op hun gemak en worden ze minder gesloten.»

HUMO Het neefje van hovaardigheid is ijdelheid. Ben je tevreden als je voor de spiegel staat?

CLAASSEN «Zoals elke vrouw heb ik complexen. Ik vind dat ik nogal grote voeten heb. Ik was liever wat kleiner geweest. Ik ben 1,77 meter groot, op hakken lijk ik wel een gazelle.

»Vroeger had ik meer last van mijn uiterlijk. Toen ging ik mijn krullen te lijf met een stijltang, want ik wilde geen kroezelhaar. Als je in een puur blanke omgeving opgroeit, wil je eruitzien als de rest. Je hebt nog geen ander referentiekader. Met mijn moeder sprak ik meestal Frans, maar in het bijzijn van anderen schakelde ik over op het Nederlands. Omdat ik bang was voor de reacties. Ik wilde koste wat het kost zijn zoals de anderen. Dat veranderde pas toen ik op mijn 18de voor het eerst naar Congo trok. Nu heb ik vrede met mijn Afrikaanse looks.»


HEBZUCHT

HUMO Houdt geld je bezig?

CLAASSEN «Ik ben bezig met mijn inkomsten. Het omgekeerde zou erg zijn. Ik weet wat het is om geldzorgen te hebben. Mijn ouders hadden het niet breed. Mijn moeder komt uit de buitenwijken van Lubumbashi en mijn vader was ontwikkelingswerker. Ze zijn naar België gekomen voor de toekomst van hun kinderen. Maar ook hier was het in het begin geen vetpot. Mijn moeder moest keihard werken als verzorgster om haar drie kinderen te laten studeren. Als zij niet voor onze toekomst had gevochten, was ik misschien het foute pad opgegaan. Ik wil mijn moeder daar later iets voor teruggeven. Een mooier huis, af en toe een exotisch reisje – ze heeft dat nog nooit meegemaakt. Dat is het minste wat ik voor haar kan doen.»

HUMO Je bent dus niet gierig?

CLAASSEN «Neen, maar ik ken wel de waarde van geld. Na de scheiding van mijn ouders moest ik werken om mijn studie te betalen. Terwijl ik overdag journalistiek studeerde, werkte ik ’s nachts in de Gentse cafés. Tot vijf uur opdienen in de Polé Polé of de Charlatan, een paar uur slapen en dan naar de les. Ja, harde, maar leuke tijden (lacht).»

HUMO Veel financiële zorgen hoef je je nu niet te maken. Als schermgezicht sta je er goed voor. Straks een exclusiviteitscontract bij de VRT en je bent binnen.

CLAASSEN «Jij weet meer dan ik. Ik heb niet de ambitie om op mijn 40ste te rentenieren. Geld is een noodzaak, geen doel. Ik vraag ook nooit aan collega’s wat ze verdienen. Belangrijker vind ik dat de VRT me de middelen geeft om goede programma’s te maken. Dat ik niet op montage en cameramensen moet gaan besparen. Dan verlies je kwaliteit.»

HUMO Waar geef je met de glimlach veel geld aan uit?

CLAASSEN «Restaurantbezoeken met mijn moeder. Omdat ze net als ik graag eet en zich nooit een deftig restaurant heeft kunnen veroorloven. Ik at al eens in de sterrenzaak van Sergio Herman in Cadzand, maar ik geniet net zo goed van de Libanees om de hoek, waar je voor 1 euro hemelse smaken krijgt. Aan kledij kan ik ook geld uitgeven. Vroeger liep ik tijdens de koopjes de grote ketens plat, maar ik heb geen zin meer om me als een aasgier op een kledingrek te storten. Nu koop ik kleding van ontwerpers als Anine Bing, of de sportlijn van Elodie Ouédraogo. Dat is duurder, maar de kledij gaat langer mee. Ik zou ook graag investeren in meubels van jonge kunstenaars. Ik hou niet zo van massaproductie. Als je weet waar elke tafel en stoel in je huis vandaan komt en welke moeite iemand gedaan heeft om die te maken, ga je er meer van houden.»


ONKUISHEID

HUMO ‘De 7 Hoofdzonden, zijn dat die interviews die altijd over seks gaan?’ vroeg je ietwat ongerust aan de telefoon. Praat je niet graag over seks?

CLAASSEN «Goh, we zien wel, try me (lacht). Kijk, uiteindelijk zijn we allemaal mensen en hebben we allemaal goesting. Toch?»

HUMO De ene al meer dan de andere. De Vlaming doet het gemiddeld zes keer per maand, zo blijkt. Doe jij beter?

CLAASSEN «Vraag je me nu echt hoeveel keer per week ik van bil ga? Dat wil toch niemand weten?»

'Ik heb een half jaar met die mensen doorgebracht. Lief en leed gedeeld. Het is frustrerend als critici dan beweren dat je zo'n programma enkel voor jezelf maakt'

HUMO Dat weet ik zo nog niet.

CLAASSEN «Ik ben een gezond meisje, laten we het daarbij houden.»

HUMO Wanneer is voor jou seks geslaagd?

CLAASSEN «Als je een connectie met je partner voelt. De onverklaarbare chemie tussen twee mensen is voor mij het mooiste wat er bestaat. Ik ben totaal niet rationeel en benader zowat alles gevoelsmatig. Ook seks. Ik onderga dingen en voel snel of ze goed zitten.»

HUMO Heb je ooit een onenightstand gehad?

CLAASSEN «Neen. Lust beschouw ik als gulzigheid. En daar ben ik niet naar op zoek. Dat levert me emotioneel niks op. Ja, dat klinkt truttig. Nochtans ben ik geen kleffe romanticus, handjes vasthouden is niks voor mij. Maar seks kan bij mij enkel als ik ook bemind word. De man in mijn bed moet me doen voelen: ‘Dit is mijn meisje en ik ga haar beschermen.’ Dat gaat me niet lukken met iemand die ik een uurtje eerder op café leerde kennen.»

HUMO Jouw generatie zou nochtans losser met de zeden omgaan. Sexting, virtueel daten, porno kijken – het is allemaal geen taboe meer.

CLAASSEN «Voor mij gaat dat niet op. In mijn vriendenkring praten we daar zelfs niet over. Ik ben daar traditioneel in: mijn seksleven is van mij. Ik voel niet de noodzaak om dat te delen, zelfs niet met vrienden.

»Ik laat niet snel in mijn kaarten kijken. Ook niet als ik problemen heb. Ik denk altijd: ik los het zelf wel op. Mijn beste vriendin heeft zich daarover vorig jaar nog kwaad gemaakt: ‘Je angsten, onzekerheden, je deelt die niet met mij. Hoe kan ik er dan voor je zijn als je problemen hebt? Dan kan ik toch geen vriendin voor je zijn?’ Ze had gelijk, besef ik nu.»

HUMO Eind vorig jaar sloeg met de zaak rond Bart De Pauw bij de VRT de #MeToo-bom in. Overdreven heisa rond één iemand die zich misdroeg, of is er meer aan de hand in de media?

CLAASSEN «Ik heb toch ook al zaken gezien die niet door de beugel kunnen. Mannen die vrouwen aanraken waarbij je duidelijk ziet dat die dames dat niet op prijs stellen. En dan toch avances blijven maken. Niet dat ze hen bespringen, maar het is wel ongepast gedrag. En het gaat niet over Bart De Pauw. Zelf ben ik voorlopig buiten schot gebleven. Ik denk dat ik assertief genoeg ben om snel in te grijpen.»

HUMO Voor je in de journalistiek belandde, was je een verdienstelijke danseres. Ook die sector ontsnapt niet aan grensoverschrijdend gedrag. Danseres Ilse Ghekiere verzamelde maar liefst dertig getuigenissen over ongewenste intimiteiten. Verbaast je dat?

CLAASSEN «Niet helemaal. Dansen is elkaar voortdurend aanraken. Je lichaam is je instrument. En je krijgt er vaak te horen dat je de grenzen van je lichaam moet opzoeken. Maar niet ieders grenzen zijn dezelfde, waardoor je in een grijze zone terechtkomt. Ik ben zelf nooit ongewenst aangeraakt, maar ik had ooit wel een danspartner die me duidelijk maakte dat hij meer wilde dan dansen. Hij zei dat ook met zoveel woorden, wat ik een goede zaak vond. Ik zei hem dat ik er anders over dacht en daarmee was de kous af.»


JALOEZIE

HUMO Geloof je in een monogame relatie?

CLAASSEN «Ja. Ik heb nog nooit de behoefte gehad om vreemd te gaan. Natuurlijk voelde ik me weleens emotioneel of fysiek aangetrokken tot een andere man, maar daarom moet ik hem nog niet bespringen. Ik was daar ook open over tegen mijn partner. ‘Dat vind ik nu eens een knappe, sexy kerel,’ zei ik tegen hem. Hij kon dat wel hebben.»

HUMO En kan jij het ook hebben als hij zoiets over een andere vrouw zegt?

CLAASSEN (lacht) «Natuurlijk niet. Ik ben daar eerlijk in, ik verdraag dat niet. Ik hoef niet te horen hoe leuk een vrouw wel is en welke complimenten ze hem geeft. Dan zeg ik meteen: ‘Waar is ze? Ik wil haar eens ontmoeten.’ Ik kan dan nogal geslepen zijn. Als ik zie dat mijn vriend een uur lang gezellig met een vrouw aan de toog staat te kletsen, ga ik me er ostentatief naast planten. Zodat ze goed beseft dat ik zijn vriendin ben. Maar ook om in te schatten hoe zwaar de concurrentie weegt (lacht). Meestal moet ik dan toegeven dat er een toffe, coole griet met mijn vent stond te praten.»

'Ik moest werken om mijn studie te betalen. Tot vijf uur opdienen in de Polé Polé of de Charlatan, een paar uur slapen en dan naar de les. Harde, maar leuke tijden.'

HUMO Kortom, je bent jaloers?

CLAASSEN «Ja, maar niet op een ziekelijke manier. Ik geloof niet dat je een relatie kunt hebben zonder jaloezie. Als je het goed hebt met iemand, ben je altijd op je hoede voor gevaren die dat geluk kunnen bedreigen. Jaloezie is een verdedigingsreflex: ‘This is my man. Blijf eraf!’»

HUMO Zou je het hem vergeven als je vriend een scheve schaats rijdt?

CLAASSEN «Ik heb het nog nooit meegemaakt, maar ik denk het niet. Daar speelt mijn Congolese temperament, vrees ik. Te fier. Ook al zou het me pijn doen, ik zou hem de deur wijzen. Waardoor ik wellicht mezelf ongelukkig zou maken. Eigenlijk is het absurd dat trots in zulke situaties overheerst, maar dat is nu eenmaal de aard van het beestje.»

HUMO Ik dacht nochtans dat mensen met Afrikaanse roots iets coulanter waren in liefdesaffaires.

CLAASSEN «Hmm, ik vind dat Vlamingen iets meer oogkleppen ophebben als het om relaties gaat. En mijn moeder, die nochtans Congolese is, heeft dat trekje al overgenomen (lacht). Dat merkte ik toen ik haar een scène uit de laatste aflevering van ‘Afscheid’ liet zien. Rudy, partner van de overleden Suzy, heeft zes maanden na haar dood een nieuwe vriendin en dat kon mijn mama niet geloven. ‘Dat is toch ongelofelijk, die zit na een paar maanden al op een ander!’ riep ze verontwaardigd. »Mijn regisseur vroeg zich ook af of we die scène er wel in moesten laten. ‘Laat hem toch,’ zei ik. Dat is zijn leven, nu. Die man is door het diepste dal gegaan. Waarom zou hij geen nieuw leven mogen beginnen? Zijn vrouw heeft zelf de hoop uitgesproken dat hij iemand anders zou ontmoeten.»

HUMO Tot slot, benijd je andere vrouwen?

CLAASSEN «Ja, maar op een positieve manier. Ik kan een vrouw heel mooi vinden en dat ook tegen haar zeggen: ‘Danira Boukhriss, gij hebt echt een schone kop.’ Of professioneel naar haar opkijken. Ik ben fan van Eva Jinek, een vrouw met ballen. Ook al flapt ze er soms iets ongecontroleerds uit, ze trekt zich daar niks van aan. Althans, zo lijkt het toch. Van mij denkt iedereen ook dat ik zelfverzekerd ben. Terwijl ik vol twijfels zit. Je weet het nooit bij die tv-mensen (lacht).»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234