De broers El Bakraoui: van kalasjnikovcriminelen tot islamgangsters

De gruwelijke gebeurtenissen van vorige week in Brussel bevestigen wat al vele jaren een vuistregel is in het terrorisme: religieuze en ideologische terreur gaan hand in hand met zwaar banditisme en georganiseerde misdaad.

'Drugshandel, prostitutie, geweld, verkrachting: als je het in naam van Allah doet, mag je in het paradijs ontbijten'

Het is bekend dat de meeste Syriëstrijders een criminele achtergrond hebben. De heersende overtuiging is dat het uitsluitend kleine delinquenten betreft, onbetekenende boefjes die de overstap naar het zware misdaadwerk niet kunnen maken. Maar dat klopt niet. Het moslimextremisme heeft ondertussen ook de brug naar de ‘middelgrote’ en ‘grote’ misdaad geslagen.



De Marokkaanse broers Ibrahim en Khalid El Bakraoui maken deel uit van een lichting arrogante en zeer gewelddadige criminelen in Brussel, jonge Noord-Afrikanen uit Anderlecht en Molenbeek die zich tien jaar geleden zijn gaan specialiseren in gewapende overvallen en carjackings. Ze bleven lange tijd ongrijpbaar voor het weinig efficiënte Belgische justitiesysteem en dompelden Brussel onder in een golf van geweld.


Het godsgeschenk

Die extreme gangsters lieten tien jaar geleden voor het eerst van zich horen. ‘Criminelen als de El Bakraoui’s werden actief in de zware misdaad op het moment dat er een nieuw en gevaarlijk wapen op de misdaadmarkt verscheen: de kalasjnikov,’ zegt Nils Duquet, een wapenspecialist die voor het Vlaams Instituut voor Vrede en Geweldpreventie werkt.Midden: Ibrahim El Bakraoui. 'Hij kreeg in 2011 tien jaar gevangenisstraf, maar die zat hij, net als zijn broer, niet uit'

Nils Duquet «In de criminaliteit, zoals de drugshandel, is het bezit van een wapen noodzakelijk. De meeste misdadigers hebben een voorkeur voor korte wapens, makkelijk te verbergen en te hanteren pistolen en revolvers die ze gebruiken om zich te beschermen en anderen te bedreigen, en uiteraard ook om te moorden. Die korte wapens zijn ook goed voor het imago: criminelen zijn nu eenmaal patsers die graag uitpakken met dure, uitgebouwde auto’s, vrouwen én glimmende pistolen. Maar voor het meer grove misdaadwerk – overvallen enzovoort – kiezen ze voor lange wapens.»

Twintig, dertig jaar geleden waren riotguns erg populair, net als automatische wapens, oorlogswapens, machinegeweren van Heckler & Koch en Israëlische Uzi’s. Voor een crimineel was het niet altijd even eenvoudig om de hand te leggen op dat soort militair materiaal. Plus: die wapens waren erg duur. Maar toen werd de markt overspoeld door Russische kalasjnikovs: handzaam, efficiënt, betrouwbaar en goedkoop.

Duquet «Die Russische wapens arriveerden begin deze eeuw. Ze kwamen voornamelijk uit de Balkan, uit landen als Servië, Macedonië, Albanië en Kosovo. Daar had men tijdens de burgeroorlogen van de jaren 90 de arsenalen van het voormalige Joegoslavische leger leeggeplunderd. Na het beëindigen van de vijandelijkheden zaten die kalasjnikovs verspreid over de hele Balkan, in de handen van gewone burgers. De Balkanmisdaad, die – op zoek naar nieuwe wingewesten – naar West-Europa uitstroomde, had dat ook in de gaten. Zij begonnen die kalasjnikovs op te kopen, vaak voor een habbekrats, en naar het westen van Europa te exporteren. Daar kwamen ze op de binnenlandse misdaadmarkten terecht, en dat met name in de grote steden in België, een land met een lange traditie op het vlak van wapenproductie en -handel.


Misdaadcollectief

De broers El Bakraoui waren bij de eersten die de kalasjnikov gingen gebruiken. Ze maakten toen deel uit van een misdaadcollectief waarin vooral geweldenaars van Noord-Afrikaanse komaf aan de slag waren: Majid Azehaf, Mohamed Nouiyer, Youssef Siraj en Yassin Dibi, sinistere en meedogenloze criminelen die zeker niet de grootste intellectuelen zijn, maar wel steeds meer de grenzen van het geweld begonnen te verleggen. Een jaar of vijf hield de groep grondig huis in en rond Brussel, met een lange reeks overvallen en carjackings, en vooral heel veel lawaai en geweld.

Yassin Dibi, bijvoorbeeld, was nog een tiener toen hij met zijn kompaan Azehaf supermarkten begon te overvallen. Vermomd met motorhelmen en bivakmutsen gingen deze enthousiaste adolescenten er na elke overval vandoor op een kleine brommer. In januari 2006 overvielen Dibi en Azehaf in één week tijd drie supermarkten in Vorst en Ukkel. Maar bij de derde overval – op een Colruyt in de Stallestraat in Ukkel – liep het fout en werden de twee jeugdige gangsters opgepakt. Ze kregen elk vijf jaar, maar die celstraf zaten ze niet uit. Na hun vroegtijdige vrijlating begonnen ze meteen aan een nieuwe en indrukwekkende episode van gewapende misdaad.

Terwijl ze initieel nog pistolen gebruikten, grepen ze voor het grote werk naar het nieuwe geprefereerde wapen van de zware misdaad in België: de kalasjnikov. Het Russische wapen werd hun visitekaartje. Ze legden er echt verzamelingen van aan. In een periode van vier, vijf jaar werden Dibi en Azehaf een aantal keer gearresteerd, en bij elke arrestatie vond de politie nieuwe ladingen kalasjnikovs op hun onderduikadressen.

Dibi en Azehafs moment van glorie kwam in januari 2009, toen de gangsters op spectaculaire wijze uit het Brusselse Justitiepaleis ontsnapten. Het duo was midden 2008 opgepakt voor een overval met extreem geweld en gijzeling en moest na een half jaar voorhechtenis voor de Brusselse Kamer van Inbeschuldigingstelling verschijnen. Maar op het moment dat Dibi en Azehaf voor de rechter werden geleid, stormde een kompaan met een bivakmuts de rechtszaal binnen, zwaaiend met twee pistolen. Hij dwong het personeel en de advocaten plat op hun buik te gaan liggen en ging ervandoor met zijn te berechten criminele maten. Hoe de man met twee geladen wapens het Justitiepaleis was binnengewandeld en hoe de drie er vervolgens weer buitenraakten zonder één spoor achter te laten, blijft tot op vandaag een groot mysterie.

Lang bleef Yassin Dibi echter niet op vrije voeten. Een tijdje later werd hij na de zoveelste carjacking opnieuw gearresteerd, in de Brusselse garage waar hij zijn gestolen auto’s placht op te slaan. In de twee auto’s die de politie daar in beslag nam, lagen een aantal kalasjnikovs en zaten drie van zijn directe medewerkers: Mohamed Nouiyer, Youssef Siraj en… Khalid El Bakraoui.

Uiteindelijk werd Yassin Dibi in 2011 veroordeeld tot meer dan 27 jaar gevangenisstraf. Hij was toen net 24 jaar oud. Zijn maat Mohamed Nouiyer kreeg zes jaar en Youssef Siraj en Khalid El Bakraoui mochten elk vijf jaar brommen voor een resem gewelddadige carjackings.

'Khalid El Bakraoui blies zich op in metro­station Maalbeek. Hij maakte deel uit van een gewelddadige bende die zich tien jaar geleden specialiseerde in carjackings en gewapende overvallen'


De flikkenmoordenaar

Maar uiteindelijk was het broertje Ibrahim El Bakraoui die de boel helemáál op stelten zou zetten in Brussel. Eind januari 2010 probeerden drie gangsters met een heus arsenaal aan kalasjnikovs een filiaal van het wisselkantoor Western Union aan de Adolphe Maxlaan in Brussel te beroven. De overval liep echter in de soep, en de gangsters moesten met een minimale buit afdruipen. Bovendien kreeg de wegvluchtende VW Golf gezelschap van de politie. Aan de Antwerpsesteenweg botste de gangsterauto op een politieversperring. Meteen werd met een kalasjnikov het vuur geopend vanuit de Golf. Veertien kogels werden afgevuurd, drie ervan kwamen in het lichaam van een politieman terecht, die zwaargewond afgevoerd moest worden. De daders vluchtten naar Laken, waar ze onderdoken in een flatgebouw aan de De Wautierstraat, waar één van de daders een appartement had. De politie omsingelde het gebouw en arresteerde alle aanwezigen – een dertigtal mensen, tot een oude grootmoeder toe – om er uiteindelijk de drie kalasjnikovgangsters uit te vissen: Jawad Benhattal, Belkacem Boutcouvit en Ibrahim El Bakraoui. Het was Ibrahim die op de politieman had geschoten. Uit de kelder van het gebouw haalde men opnieuw twee gebruiksklare kalasjnikovs.

‘Een fait divers,’ noemde de toenmalige burgemeester van Brussel, de Franstalige socialist Freddy Thielemans, deze onsmakelijke affaire. Volgens hem werden dergelijke akkefietjes, die bijna dagelijks voorvallen in elke grootstad die naam waardig, misbruikt door rabiate Vlamingen die Brussel in diskrediet willen brengen. Maar niemand was het met hem eens. De vet in de pers uitgesmeerde misdaadaffaire zorgde voor commotie bij het publiek. ‘Brussel is het Wilde Westen. We zijn de hoofdstad aan het verliezen,’ verklaarden politiemensen in de pers. ‘Gewapende bendes zwaaien de plak in buurten rond het Lemmensplein en de Bergensesteenweg in Anderlecht, en de Ribeaucourtlaan in Molenbeek. Het zijn no-gozones waar je als politieman enkel nog kunt komen met kogelvrije vesten en zware wapens.’ ‘Keihard optreden is de enige oplossing. Hard tegen hard,’ concludeerde de Gentse criminoloog Brice De Ruyver.

'Criminelen zijn geen grote theologen, maar ze willen wél een excuus om hun daden te legitimeren'

Elke politieke partij, tot het meestal tolerante Groen toe, eiste dat er stante pede een einde gemaakt zou worden aan het geweld waaronder Brussel gebukt ging. Men wilde een nultolerantie in de straten, een foutloze rechtsgang en serieuze straffen voor dit soort misdadigers. Maar dat gebeurde natuurlijk niet. Schutter Ibrahim El Bakraoui kreeg in 2011 wel tien jaar gevangenisstraf, maar die zat hij, net als zijn broer, niet uit. Na niet eens de helft van zijn straf te hebben uitgezweet, werd deze zware crimineel – die op een politieman had geschoten met de bedoeling hem te doden – weer losgelaten op de samenleving. Hij kwam voorwaardelijk vrij, ook al wist men dat hij in de gevangenis was geradicaliseerd. Ibrahim El Bakraoui lapte dan ook meteen de voorwaarden van zijn invrijheidstelling aan zijn laars en vertrok naar Syrië om zich daar bij IS aan te sluiten. Maar in Turkije werd hij opgepakt en terug naar Europa gestuurd. Daar verdween El Bakraoui niet in de cel, maar vervoegden hij en zijn gangsterbroer het terreurnetwerk dat Abdelhamid Abaaoud, de Belg die door een aantal geheime diensten ‘de minister van Oorlog van Islamitische Staat’ werd genoemd, in 2014 en 2015 vanuit Molenbeek over Noord-Europa uitrolde en dat ons de aanslagen in Parijs en Brussel heeft gegeven.


De alarmklok

‘Wij hebben de alarmklok al jaren geleden geluid,’ zegt een lid van de Brusselse federale gerechtelijke politie.

Lid van de FGP «Wij zagen wat er gebeurde, de osmose die ontstond tussen het banditisme, zware criminelen met een islamitische achtergrond, en islamradicalen en -terroristen. We zagen toen al wat er broeit in gevangenissen waar islamterroristen als Nizar Trabelsi konden uitgroeien tot helden. Veel andere islamitische gevangenen schaarden zich als gedweeë volgelingen rond hem. Maar toen de toenmalige baas van de Brusselse federale gerechtelijke politie, de ondertussen geschorste en nu ook gepensioneerde Glenn Audenaert, in 2006 een aparte gevangenis suggereerde om radicale islamisten te isoleren zodat ze geen andere zware misdadigers kunnen aansteken, steeg er een verontwaardigd gehuil op. Academici, journalisten en politici noemden het plan een onaanvaardbare beperking van het gelijkheidsprincipe en de democratische rechten van de islamterroristen. Tja, er werd niet naar ons geluisterd. En vandaag oogsten we wat we toen gezaaid hebben met die laksheid: misdaad en terrorisme lopen naadloos in elkaar over.»

‘Het probleem is allang bekend,’ zegt Alain Grignard, lid van de federale gerechtelijke politie, specialist islamterreur en docent aan de universiteit van Luik.

Alain Grignard «Ik heb hier twintig jaar geleden al verslagen over geschreven. Wat daarmee is gebeurd? Het is niet aan mij om kritiek te uiten op de mensen die iets hadden moeten doen met die vaststellingen.»

‘Criminelen zijn niet meteen grote theologen,’ zegt een anoniem lid van de federale politie.

Lid federale politie «Ze zijn niet bezig met grote religieuze vragen. Het gaat hun om geld, auto’s, vrouwen, drugs en flatscreens. Ze kennen niks van religie. Dat interesseert hen ook maar matig, maar ze willen wel een excuus om hun daden te legitimeren. Dat excuus krijgen ze van de radicale islam. Die past vulgaire criminaliteit naadloos in haar strijd tegen de ongelovigen in. Drugshandel, prostitutie, geweld, verkrachting, enzovoort: in naam van Allah is het geen criminaliteit meer, maar worden het lovenswaardige activiteiten die de crimineel geen gevangenisstraf opleveren. Ze mogen dan in het paradijs ontbijten met Allah en krijgen onbeperkte toegang tot de daar voorradige maagden. De criminaliteit is dus een zeer vruchtbaar wingewest voor het islamradicalisme, de jihad en het terrorisme.»

'Ze hadden nog niet het statuut van Patrick Haemers, maar ze waren goed op weg'

Op dit knooppunt tussen religie en wetteloosheid is de gangsterislam geboren, een fenomeen dat een paar jaar geleden voor het eerst werd omschreven door de Nederlandse hoogleraar Edwin Bakker van het Centrum voor Terrorisme en Contraterrorisme van de Universiteit Leiden, en onder de aandacht werd gebracht door de vroegere Nederlandse politicus Ibrahim Wijbenga, wat hem op doodsbedreigingen van jihadisten kwam te staan. Gangsterislam is de vervlechting van criminaliteit en religie, waarbij de criminele activiteit – diefstal, geweld, verkrachting, moord… – wordt gelegitimeerd door een islamistische ideologie. Die interpreteert de islam als een politiek veroveringsproject, en misdaden tegen niet-islamieten worden gezien als een kleine jihad, met als doel annexatie door de islam. De opbrengst van die criminaliteit wordt ook gebruikt om de jihad te financieren.

‘Wij stellen niet alleen in Nederland, maar in heel Europa een steeds duidelijker overlapping vast van het zuiver criminele circuit en jihadistische groepen,’ zegt onderzoeker Jelle van Buuren, medewerker van professor Bakker. ‘Daarbij gaat het niet alleen om straatboefjes, maar ook om zware criminelen: middelgrote en grote gangsters gaan nu mee in dat verhaal. De El Bakraoui’s zijn daar een duidelijke illustratie van.’

Anonieme agent «De El Bakraoui’s behoorden niet tot de top van het zware banditisme in België. Ze hadden niet het statuut van Patrick Haemers en Philippe Lacroix in de jaren 80, of de groep rond Hassan Maâche en zijn broers, maar ze waren goed op weg.»

HUMO Dit soort zware gangsters komt de terroristen van pas. Het banditisme heeft het terrorisme niet nodig, maar omgekeerd wel.

Anonieme agent «Daar komt het op neer. De terroristen kunnen criminelen gebruiken die hen logistiek bijstaan, die weten wat het is om in de clandestiniteit te leven, die de ervaring hebben om ook wanneer ze ondergedoken moeten leven, te blijven functioneren in de misdaad. De georganiseerde misdaad weet waar je valse papieren kunt krijgen, wie wapens en explosieven in de aanbieding heeft, hoe ze onderduikadressen en opslagplaatsen moet regelen.»

HUMO Waar kopen ze hun wapens dan?

Duquet «De illegale wapenhandel vindt plaats in gesloten netwerken, waar je elkaar moet kennen. De verkoper moet vertrouwen hebben in jou en jij moet vertrouwen hebben in de verkoper. Grote misdaadorganisaties hebben hun eigen personeelsleden die voor de wapens zorgen. Zij kennen de juiste mensen, terroristen vaak niet. Daarom hebben terroristen misdadigers nodig.»

HUMO Hoeveel kost een kalasjnikov tegenwoordig?

Duquet «Dat hangt af van de staat van het wapen en van hoe snel je het wil hebben. Een kalasjnikov in voorraad kost meer dan een kalasjnikov op bestelling. In België varieert de prijs op dit moment tussen 1.000 en 1.500 euro. Dat is niet echt duur te noemen.»

Jelle van Buuren «Ook de geweldscultuur van die zware criminelen is van groot belang voor de ideologische terreur. De autochtone penoze in Amsterdam mikte vroeger weleens met een pistool, maar de regel was dat je het niet te bont maakte en dat je afbleef van familie, kinderen, vrouwen, maîtresses, enzovoort. Vandaag krijgen Marokkanen een steeds grotere greep op de drugshandel in Nederland, en ze hebben er geen enkele moeite mee om afrekeningen te beslechten met kalasjnikovs naast een schoolplein met spelende kinderen.

»Ook het idee van de criminele loyaliteit nemen ze over: gangsters die elkaar kennen uit hun eerste jeugdbende, blijven elkaar trouw als één van hen de overstap naar het jihadisme maakt. Ik bestudeer op dit moment een criminele Amsterdamse familie in het milieu van de drugshandel. Eén van de zonen heeft zich geprofileerd als huurmoordenaar, een andere is de weg naar het religieuze geweld ingeslagen: hij wil mensen vermoorden voor Allah. De twee kanten van de gangsterislam in één familie.»

HUMO Waar ontmoeten de religieuze extremisten en de zware gangsters elkaar?

Anonieme agent «Niet meteen in de moskee, maar soms wel aan de uitgang. Ze leren elkaar vooral kennen in de gevangenis en in het nachtleven, zoals de shisha-lounges, die steeds populairder worden bij de criminelen. De generatie van de kalasjnikovcriminelen en de terroristen uit Molenbeek en Anderlecht kennen elkaar al van vroeger via het Brusselse nachtleven.»

'De georganiseerde misdaad weet waar je valse papieren kunt krijgen, wie wapens en explosieven in de aanbieding heeft' De lucht­haven van Zaventem, waar Ibrahim El Bakraoui zich liet ontploffen


De minister ziet het niet

Hadden de Belgische justitie en de politiek deze evolutie in het islamterrorisme kunnen zien aankomen? Toen minister Geens vorige week werd gevraagd waarom Ibrahim El Bakraoui in ons land met rust werd gelaten, nadat hij op weg naar Syrië in Turkije was gesnapt en vervolgens terug naar Europa was gestuurd, antwoordde hij dat El Bakraoui op dat moment niet bekendstond als terrorist. De redenering van de minister was: als je veroordeeld bent als crimineel, ben je geen moslimterrorist. De minister lijkt het fenomeen van de gangsterislam niet te kennen of de term toch niet helemaal onder de knie te hebben.

'Minister Koen Geens redeneert: als je veroordeeld bent als crimineel, ben je geen moslim­terrorist.'

Van Buuren «De overlapping van zware misdaad en jihadisme is structureel aan het worden. Daar moet men rekening mee houden. Maar de ene kijkt naar het terrorisme, de andere naar de misdaad, alsof die niets met elkaar te maken hebben. En samen zien we de verbanden niet, of te laat.»

Die verbanden worden nochtans steeds duidelijker. Overal in Europa zie je hoe zware criminelen in zee gaan met islamterroristen. In de jaren 90 pleegden ex-jihadisten die in Bosnië hadden gevochten en banden hadden met de Algerijnse Groupe Islamique Armé (GIA), overvallen in het noorden van Frankrijk en België. Op de parking van de supermarkt Auchan in Roncq, tussen Rijsel en de Belgische grens, beschoten ze in 1996 een gepantserd geldtransport met een bazooka. En tien jaar geleden werd in het Franse departement Seine-Saint-Denis, waar vorig jaar na de aanslagen in Parijs Abdelhamid Abaaoud en zijn nicht werden gedood, een bende overvallers rond de Algerijnse jihadistenronselaar Ouassini Cherifi en de Marokkaanse overvaller Brahim Ben Hadj opgerold. Die groep kreeg de naam Les Braqueurs du Jihad, de inbrekers van de jihad. De bende gebruikte de buit om de jihad en het islamterrorisme te financieren. Bij de leden werden zware explosieven gevonden, wapens en ook in Thailand nagemaakte Europese paspoorten die werden gebruikt door jihadisten die naar Afghanistan, Tsjetsjenië en Jemen vertrokken.

In 2014 werden in Toulouse vier mannen tussen de 18 en de 27 jaar opgepakt die verdacht werden van zeven overvallen op filialen van de discounter Lidl en de hamburgerketen Quick. Tussen de overvallen door trokken leden van de bende naar Turkije en Tunesië om de buit daar aan moslimterroristen te overhandigen. En begin dit jaar werden in Parijs drie Tunesiërs tot gevangenisstraffen van zeven en acht jaar veroordeeld omdat ze in 2013 een Quick-filiaal in Yvelines hadden overvallen. Met de buit wilden ze de reis van een kompaan betalen die naar Syrië wilde vertrekken.

Het samengaan van zware misdaad en ideologisch of religieus geïnspireerd terrorisme is niet nieuw: elke ideologie wordt ermee geconfronteerd. In Corsica is de terreurgroep FLNC gelinkt met het lokale zware banditisme. In Italië was er de beruchte Banda della Magliana in de jaren 80, een Romeinse misdaadorganisatie die de bom- en moordaanslagen van extreemrechtse terroristen financierden. En zelfs de Ierse vrijheidsstrijd is een onfrisse mengeling van misdaad en terreur. In South Armagh, in Noord-Ierland, financiert de Real Irish Republican Army (RIRA), de opvolger van de nu opgedoekte IRA, zijn terreur met de opbrengsten uit criminele activiteiten.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234