null Beeld

De duistere diamant (3): witwasserij in de stationsgalerij

Het Antwerpse parket is een grootscheeps onderzoek gestart naar de praktijken van de Georgische juwelenwinkels en goudhandels in de Pelikaanstraat.

rs/sdr

Volgens het gerenommeerde Amerikaanse weekblad Newsweek is het Antwerpse Centraal Station één van de vijf mooiste stations ter wereld – vorig jaar werd het nog bekroond met de European Union Prize for Cultural Heritage – maar wie in de buurt rondloopt, ziet meteen dat het een vlag op een modderschuit is. De Pelikaanstraat is vanaf de hoek met de De Keyserlei een langgerekte rij van onderkomen Georgische goudwinkeltjes vol rommel, onderbroken door braakliggende gronden of reclamepanelen die voorgevels van krotten verbergen. Voor de etalages staan luxeauto’s geparkeerd – het contrast met de winkeltjes kan moeilijk groter zijn. De shops worden uitgebaat door zware, in lederen jassen geklede heerschappen uit het verre Georgië. Ze spreken nauwelijks een woord Nederlands en kijken passanten zo kwaadaardig aan dat die hun winkel vooral níét binnenlopen. Toen we voor de vitrine van Modani Diamonds een paar details in een notitieboekje opschreven, wilde de uitbater meteen weten wie we waren en wat we uitspookten.

Dezelfde taferelen in het Antwerpse Centraal Station, dat na de negen jaar durende restauratie sinds 2009 opnieuw over een winkelgalerij beschikt. Er zijn 74 bedrijfsruimtes voor winkels, zegt Paul Van Aelst, de regionale perswoordvoerder van de NMBS-Holding, de maatschappij die de treinstations in België beheert. Daarvan zijn er 47 ingenomen door Georgische goudhandelaars en juwelenverkopers – niet bepaald de brede mix die je in andere stations aantreft, laat staan dat de Georgiërs het er gezellig gemaakt hebben. De sfeer in de galerij achteraan in het stationsgebouw, in de richting van de nieuwe uitgang naar de Lange Kievitstraat, is alleen als desolaat te omschrijven. Behalve een handvol treinreizigers uit Borgerhout komen hier zo goed als geen passagiers voorbij, en kooplustig publiek is er al helemaal niet te zien.

Vergeleken met de koopwaar in de etalages van echte diamantairs in bijvoorbeeld de Vestingstraat, zijn de spullen in de winkeltjes – met namen als Starr, Koral Diamonds, Natali en Merav – onaantrekkelijk en vooral: spotgoedkoop. Afzichtelijke juwelen, smakeloze, al dan niet met echt goud en diamanten versierde polshorloges die eruitzien alsof ze ergens in een achterkamer in Wit-Rusland in elkaar zijn gedraaid, bizarre goudkleurige objecten liggen stof te vergaren in vuile vitrines met een occasionele dooie vlieg. Pakweg de helft van de goudwinkels is gesloten, sommige tijdelijk, andere definitief. Bij sommige winkeltjes hangt een slordig geschreven mededeling waarop staat dat de handel naar elders is verhuisd. In andere liggen volle vuilniszakken opgestapeld in de verkoopsruimte. Echt floreren doen de zaken niet, geeft ook de uitbater van Starr toe: ‘We verkopen zo goed als niets. We zien hier geen reizigers, niemand loopt hier voorbij. De zaken gaan heel slecht. Het is crisis. Hoe wij overleven? Heel moeilijk.’

Volgens de regels van de markt hadden die handeltjes al lang failliet moeten zijn, maar dat is niet het geval. Professor Brice De Ruyver, gewoon hoogleraar van de vakgroep Strafrecht en Criminologie aan de Universiteit Gent, had al in 2004 in de gaten dat er iets niet klopte in de Pelikaanstraat. Tot die conclusie kwam hij in zijn wetenschappelijke studie ‘Kwetsbaarheid voor de georganiseerde criminaliteit, een gevalstudie van de diamantsector’.

Brice De Ruyver «De toenmalige premier Guy Verhofstadt had me gevraagd om te onderzoeken hoe kwetsbaar de diamantsector is voor de infiltratie van de georganiseerde misdaad. Dat bleek in hoge mate het geval te zijn. De Hoge Raad voor Diamant (HRD), destijds de overkoepelende organisatie van de diamantsector, was niet zo gelukkig met die conclusie. Voorzitter Peter Meeus wilde zelfs niet dat we de resultaten van ons onderzoek zouden publiceren. Hij dreigde met rechtszaken en schadevergoedingen omdat er te veel negatieve zaken in ons eindverslag stonden, maar daar hebben we ons niet aan gestoord.

»Later hebben we zelfs meegewerkt aan de overgang van de HRD naar de nieuwe diamantkoepel, het Antwerp World Diamond Centre (AWDC). We hebben toen gezegd dat de zwarte handel dringend uit de diamantsector moest verdwijnen, omdat die criminelen zoals de Georgiërs in de Pelikaanstraat aantrekt. Ik vind het onbegrijpelijk dat ze daar nog altijd zitten. Ze hadden er al lang weg moeten zijn, maar daar zit de stad Antwerpen voor één en ander tussen.»

Agim De Bruycker en Johan Meulepas zijn de diamantspecialisten van de Antwerpse federale politie: zij kennen de diamantwijk en haar periferie door en door.

Agim De Bruycker «Je zou de vitrines van die Georgische goudwinkeltjes eens zes maanden in de gaten moeten houden. Elke ochtend openen ze hun winkeltje, en elke ochtend ligt daar dezelfde koopwaar. Ze verkopen zo goed als niets, en toch gaan ze niet failliet.»

HUMO Hoe komt dat?

De Bruycker «Omdat ze hun geld niet verdienen met het verkopen van juwelen: hun echte business is oud goud. In de meeste winkels hangt een bordje met de mededeling dat ze goud in welke vorm dan ook inkopen. Wie een ringetje van een overleden oudtante kwijt wil, kan bij hen terecht. Maar rond die handel is een uitgebreid helerssysteem uitgebouwd dat ook gestolen goud verwerkt. Helers uit heel Europa komen via de luchthaven van Eindhoven naar Antwerpen om gestolen goud van de hand te doen.

»De Georgiërs proberen de offiiële prijs die ze voor legaal goud betalen, zo hoog mogelijk te houden. Zo trekken ze niet alleen veel klanten aan, ze realiseren ook een zo groot mogelijke omzet. Ze verdienen misschien niet zo veel aan het helen van goud, maar ze genereren wel veel cash, en dáár is het ze om te doen. Die gebruiken ze voor een andere illegale bezigheid waarin ze zich de laatste jaren hebben gespecialiseerd: het witwassen van misdaadgeld.

»Dat werkt zo: de Georgiërs verkopen het goud in bijvoorbeeld Brussel, waar het wordt gesmolten. Daar laten ze zich betalen in coupures van 100, 200 en 500 euro. Die grote coupures trekken mensen met zwart misdaadgeld aan, met name de drugshandelaars, want de straathandel in drugs levert vooral kleine coupures op. Vroeger was het geen probleem om dat drugsgeld naar een geheime bankrekening in één of ander offshorecentrum te sturen. Je liep met dat geld naar de bank of naar een wissel-kantoor, en daar zetten ze het op je buitenlandse rekening zonder vragen te stellen. Maar de wetgeving is veel strenger geworden, en de banken moeten elke poging tot witwassen melden. Het risico is veel te groot dat een bankbediende die een zak vol briefjes van vijf euro krijgt toegeschoven, een witwaspoging zal vermoeden.

»De drugstrafikanten moeten het geld dus fysiek naar het buitenland smokkelen, en daar hebben ze grote coupures voor nodig. Hun koeriers kunnen die min of meer ongezien naar het buitenland brengen, bijvoorbeeld met privévluchten van de luchthaven in Deurne naar het Britse Kanaaleiland Jersey.

»En wie levert hen die grote cou-pures? De Georgische goudhandelaars. Ze zetten de kleine briefjes om in grote biljetten en ze nemen daar een zwarte commissie op: gemiddeld laat een witwasser probleemloos tot tien procent liggen. Opvallend is dat jij als bonafide klant kunt merken dat het om witwaspraktijken gaat. Als je oud goud aan de Georgiërs verkoopt, word je steevast betaald in kleine, beduimelde biljetten – geld dat afkomstig is van de drugshandel.»

Johan Meulepas «Witwassers en Georgiërs die zonder grote coupures zitten, gaan die ook in de diamantwijk zoeken. In de diamanthandel gaat veel baar geld om, en dat is vaak ook nog zwart. Stel: ik loop als diamantair rond met 30.000 euro in briefjes van 500, op zoek naar een diamant die ik wil kopen. En plots vraagt iemand me of hij die biljetten van 500 euro mag hebben. In ruil geeft hij me een pak kleine briefjes, plus een commissie van 1,5 procent. Op die manier steek ik 1,5 procent zwarte winst in mijn zak zonder dat iemand er ooit achter komt.»

HUMO Komen alleen drugshandelaars bij de Georgiërs?

De Bruycker «Misdadigers uit alle criminele takken die kleine coupures genereren, komen op dat witwascircuit af: sigarettensmokkelaars, handelaars in gestolen auto’s, zelfs prostitutiebazen.»

HUMO Er draait dus een internationaal misdaadsysteem in de Pelikaanstraat. Het is een internationale helersstraat geworden.

De Bruycker «De straat van de helers. Dat zou een mooie naam zijn.»

HUMO Doet het Antwerpse parket daar wat aan?

De Bruycker «Er loopt een groot gerechtelijk onderzoek naar die praktijken. Maar daar kunnen we op dit moment uiteraard niets over vertellen.»

HUMO Hoe kijkt de diamantsector ertegen aan?

Johan Meulepas «Die wil er iets aan doen. Het AWDC weet dat de Pelikaanstraat een smet op de diamanthandel is. Voortdurend zeggen ze tegen de stad en de provincie dat ze er vanaf willen, maar dat ze het niet alleen kunnen oplossen. Een tijd geleden opperden ze het idee om een soort keurmerk voor Antwerpse diamantjuwelen te ontwikkelen, de Antwerp Cut. Dat zou een zekere kwaliteit moeten garanderen. En in het diamantkwartier

zijn ze op zoek gegaan naar financiers om in het Centraal Station, de Vestingstraat en de Pelikaanstraat mooie, moderne winkels met kwaliteitsproducten te openen, en zo de winkeltjes van de Georgiërs uit de markt te krijgen. Maar blijkbaar hebben ze nog geen liefhebbers gevonden.»

De Bruycker «De straat ziet er gewoon niet uit, maar in het weekend blijven er toeristen op afkomen, vooral Hollanders, omdat ze ervan uitgaan dat Antwerpen dé diamantstad is en dat je hier moet zijn voor je gouden ringetjes.»

HUMO Verkopen de Georgiërs wel wat ze beweren te verkopen?

De Bruycker «Ik zou er zelf nooit iets kopen, zelfs niet als je een certificaat krijgt dat de echtheid van het juweel moet bewijzen. Je kunt nooit zeker zijn. Ik zou er ook nooit iemand naartoe sturen.»

MEISJES TESTEN

De Georgische maffia is al tientallen jaren actief in de Pelikaanstraat – vóór de restauratie zaten ze in de nissen in de arcaden van het station. Ondanks hun kwalijke reputatie konden de Georgiërs altijd rekenen op de welwillendheid van het Antwerpse stadsbestuur. Het socialistische bestuur onder leiding van de toenmalige burgemeester Leona Detiège zorgde er bijvoorbeeld voor dat ze tijdens de restauratie van het Centraal Station werden ondergebracht in speciaal voor hen geïnstalleerde containers in de Pelikaanstraat: die namen de hele kant langs het station in beslag. Detiège en co. vonden dat ze een plek in het Antwerpse stadsbeeld verdienden: ze waren volgens hen goed voor het imago van de stad, én ze trokken veel toeristen aan op zoek naar juwelenkoopjes. Terwijl justitie en het stadsbestuur het Falconplein als een maffianest brandmerkten en vervolgens schoonveegden, deden ze alsof er in de Pelikaanstraat niets aan de hand was. Maar veel maffioze Georgiërs die op het Falconplein actief waren, hadden ook vennootschappen in de Pelikaanstraat, en zware criminelen als Sjota Megrelisjvili verhuisden ongezien naar daar. In 2007 kregen de juweliers uit de Kaukasus een plekje in de nieuwe winkelruimtes van het gerestaureerde Centraal Station, onder wie leden van de clan Michaeli, die al decennia bekend zijn bij het Antwerpse parket.

Ook de Melichov-clan is bekend bij het parket. Hij wordt geleid door Abraham Melichov, ooit de koning van het Falconplein. Melichov was actief in elke denkbare vorm van criminaliteit: belastingontduiking, oplichting, smokkel, fraude, omkoping, corruptie, witwassen... Hij hield zich ook bezig met overvallen en drugshandel, en hij was een zeer actieve handelaar in meisjes uit het vroegere Oostblok. Die werden eerst door hem persoonlijk misbruikt – testen noemde hij dat – en daarna verhuurde hij ze aan bordelen, parenclubs en uitzuipkroegen ten noorden van Antwerpen.

In 1992 liep Melichov een eerste keer tegen de lamp, toen de politie op de bovenverdieping van zijn tapijthandel aan het Falconplein zelfgemaakte videofilms vond waarin

te zien is hoe hij zijn seksslavinnen verkrachtte. In juni 2001 werd hij opnieuw aangehouden als de spilfiguur in een gigantische naturalisatiefraude. Daarin hadden ruim 150 Georgiërs, Russen en Oekraïners die illegaal in ons land verbleven, ondanks hun reputatie toch de Belgische nationaliteit verkregen. Melichov werd verschillende keren zwaar veroordeeld in België, maar pas in 2007 werd hij in Litouwen opgepakt en aan België uitgeleverd. Ondertussen is hij weer vrij en houdt hij een resem gouden juwelenwinkeltjes in de Pelikaanstraat en aan de De Keyserlei draaiende, bevolkt door stromannen en -vrouwen uit zijn naaste familie. Sinds 2009 heeft hij een bestuursmandaat in de bvba Jewellery, die gevestigd is op zijn hoofdkwartier in de Pelikaanstraat 34A. In het Centraal Station houdt de clan-Melichov de winkel Natali open.

ALLES BETER DAN EEN LEGE GALERIJ

Het is verbazingwekkend dat de NMBS-Holding in 2007 opnieuw de rode loper heeft uitgerold voor de Georgiërs, ondanks de vele gerechtelijke onderzoeken die tegen hen zijn geopend. De regionale NMBSpersman Paul Van Aelst had liever niet geantwoord op de volgende vragen.

HUMO Waarom is de NMBS in zee gegaan met dit soort mensen?

Paul Van Aelst «Ze zijn zelf naar ons gekomen met de vraag om in de galerij hun intrek te mogen nemen. De winkels vooraan in het station hebben we snel kunnen verhuren, maar voor de ruimtes achteraan stond men niet meteen te dringen.»

HUMO Dus vulde u die met Georgische misdadigers?

Van Aelst «Het Centraal Station bevindt zich in de diamantbuurt. Die winkeltjes passen daarin. We maken ook reclame voor hen: we noemen dat deel van de galerij ons Diamond Center, en we zijn er blij mee.»

HUMO Het Center is een puinhoop, en u maakt reclame voor figuren die betrokken zijn in onderzoeken naar grootscheepse heling en het witwassen van misdaadgeld.

Van Aelst «Op verzoek van het stadsbestuur hebben we bekeken wie erin mocht en wie niet, en wie een strafblad had en wie niet. Maar de NMBS verleent geen vergunnin-gen aan winkels, en wij controleren die ook niet. Dat moet de stad doen. Wij verhuren alleen bedrijfsruimte.»

HUMO Die screening stelde vermoedelijk niet veel voor. U verhuurt bijvoorbeeld winkelruimte aan de clan-Melichov.

Van Aelst «In die tijd waren de handelaars die de winkels betrokken proper.»

HUMO De winkels zitten vol stromannen. U ziet toch zelf dat het niet in orde is? Bent u nooit door die galerij gelopen?

Van Aelst «Daarover kunnen de meningen verschillen. Dat is bovendien niet ons probleem. Ieder moet voor zijn eigen deur vegen. Zolang wij onze huur maar betaald krijgen.»

HUMO Is een lege galerij dan niet beter dan een galerij vol sjoemelaars tegen wie gerechtelijke onderzoeken lopen?

Van Aelst «Nee, een lege galerij is het slechtste wat je kunt hebben.»

HUMO Dus liever criminelen erin?

Van Aelst «Dat heb ik niet gezegd. Liever een juwelier die niet goed verkoopt, dan een lege galerij.»

HUMO De Georgiërs huren de winkels voor een spotprijs van de NMBS.

Van Aelst «We hebben ze gevraagd hoeveel ze bereid waren te betalen. De winkeltjes zijn uiteindelijk toegekend aan diegenen die het hoogste bod hebben uitgebracht.»

HUMO Hoeveel betalen ze?

Van Aelst «Daar ga ik geen antwoord op geven.»

HUMO De NMBS-Holding is voor bijna 100 procent in handen van de staat, en het winkelcentrum annex galerij is met overheidsgeld gebouwd. Die informatie zou openbaar moeten zijn.

Van Aelst «Wij hebben autonomie gekregen van de federale overheid, en mijn weigering om te antwoorden op uw vraag over de huurprijzen past in die autonomie. Dat is een gebruikelijke commerciële praktijk. Voor de rest heb ik hier niets over te zeggen.»

De uitbater van de Starr-winkel in de galerij wil wél vertellen wat de Georgiërs per maand aan de NMBS betalen voor hun winkelruimte: ‘We betalen 1.000 euro huur, maar ondertussen hebben we al 50 procent korting gekregen. De zaken gaan namelijk niet goed, terwijl de NMBS ons van alles heeft beloofd dat er nooit is gekomen.’

Volgens de regionale NMBS-woordvoerder is er niets aan de hand, maar zijn baas Leen Uyterhoeven, het centrale aanspreekpunt van de NMBS-Holding, draait niet rond de pot.

Leen Uyterhoeven «Wij zijn absoluut niet gelukkig met de situatie daar achteraan in het station, maar we konden niet anders. Op dat moment waren we juridisch verplicht om het hoogste bod op die winkelruimtes te aanvaarden. En alleen de Georgiërs hebben op die ruimtes geboden.

»In het begin geloofden zowel de NMBS-Holding als het Antwerpse stadsbestuur in die juwelenwinkeltjes. We dachten dat het een historisch gegeven was, en dat het het toerisme zou stimuleren.»

HUMO Daar bent u ondertussen van teruggekomen?

Uyterhoeven «Officieel zijn we er niet van op de hoogte dat het Antwerpse parket bezig is met een gerechtelijk onderzoek, maar we hebben zelf al geruime tijd het vermoeden dat niet alles in die winkeltjes even koosjer is. Alleen hebben we geen bewijzen.»

HUMO En hebt u het parket op de hoogte gebracht van uw vermoeden?

Uyterhoeven «Het parket weet dat zelf wel. Wij hebben ondertussen meer dan genoeg problemen met de Georgiërs. We hebben ze inderdaad korting op de huur gegeven, maar dat is voorbij. Nu betalen ze hun huur gewoon níét, en ze vertikken het om de kosten voor elektriciteit, verwarming en water terug te storten. We moeten de ene winkel na de andere in gebreke stellen. Zeven winkels zijn al definitief gesloten, en tegen acht andere loopt een procedure. Maar wij zijn gebonden aan de huurcontracten, en die lopen nog tot april 2015.»

HUMO En dan wilt u de Georgiërs eruit?

Uyterhoeven «Op dit moment is niemand geïnteresseerd in die winkelruimtes. Maar in de nabije toekomst komen er een paar nieuwe treinverbindingen bij, zoals de Diablo-verbinding met de luchthaven in Zaventem, en we hopen dat die meer passagiersverkeer zullen opleveren. Tegelijk hopen we dat de buurt van de Lange Kievitstraat en de Pelikaanstraat opgewaardeerd raakt dankzij een aantal vastgoedprojecten. Zo kunnen we betere huurders aantrekken en krijgen we een betere mix van winkels.»


Geen tijd voor Humo

Volgens het Antwerpse parket en de NMBS zijn er ernstige problemen in de Pelikaanstraat en in het Centraal Station, maar het Antwerpse stadsbestuur blijft doen alsof er geen vuiltje aan de lucht is. De administratie ontkent dat ze iets te maken heeft met de aanwezigheid van de Georgiërs in het station, en burgemeester Patrick Janssens houdt de boot af.

Patrick Janssens «U weet dat er een gerechtelijk onderzoek naar deze affaire loopt. Het is een zeer complexe en delicate zaak. Ik kan er dus niets over zeggen.»

Of hij van plan is er iets aan te doen, en zo ja, wat? Of het stadsbestuur enige verantwoordelijkheid draagt? En wat dit betekent voor het imago van de stad? Het enige antwoord op alle vragen luidt: ‘Geen commentaar.’ Na herhaald aandringen wil de burgemeester alleen nog het volgende kwijt: hij heeft ‘geen tijd voor Humo’ omdat hij ‘in een belangrijke vergadering zit’, en het is ‘een problematiek die van voor mijn tijd dateert en vermoedelijk te maken heeft met mijn voorgangster Leona Detiège’.

Dat is pertinent onwaar: in 2006, toen Janssens al drie jaar burgemeester van Antwerpen was, kende het Antwerpse college van burgemeester en schepenen een sociaaleconomische vergunning toe aan het stationsproject, waarna de NMBS de winkels in de stationsgalerij kon verhuren aan Georgiërs. Het stadsbestuur had de vergunning ook níét kunnen toekennen. De vraag blijft waarom ze de misdaad in en rond de Georgische goudwinkeltjes nog steeds tolereert, zelfs met de mantel der liefde bedekt. Historisch erfgoed? Goed voor het imago van Antwerpen? Bij het parket en de NMBS denken ze daar inmiddels anders over.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234