De Eagles spreiden hun vleugels nog eens uit: 'We waren net op tijd gesplit om een overdosis en verslavingen te vermijden. Nu drink ik zelfs geen glas wijn meer'

‘I hate the fuckin’ Eagles, man!’ Geen slecht woord over The Dude uit ‘The Big Lebowski’, maar op dat vlak verschil ik drastisch met hem van mening. Van alle dingen waarvoor wij de staat Californië dankbaar moeten zijn, staan de Eagles namelijk in de top vijf. Na een ‘korte pauze’ van vijftien jaar kwamen de ruziënde bandleden in 1994 weer samen, en sindsdien zijn ze blijven touren – zelfs nu oprichter Glenn Frey dood is. Zondag trapt de band zijn Europese tournee af in het Antwerps Sportpaleis.

'We mogen onze toekomst niet aan industriëlen en politici overlaten, want die hebben geen enkele langetermijnvisie'

Drijvende kracht achter de Eagles blijft Don Henley, een atypische drummer – slim, belezen en altruïstisch – en tot in de eeuwigheid de man die ‘Hotel California’ heeft ingezongen.

HUMO Jij hebt de moeilijkste job tijdens een optreden: je bent bandleider, drummer, zanger én frontman, maar je zit wel achteraan. Verlies je je concentratie nooit doordat beelden opdoemen van de tijd toen je met Glenn Frey die songs schreef?

Don Henley «Het zou niet mogen, want ik moet op elk moment de controle bewaren, maar mijn brein slaat inderdaad weleens op hol en dan duiken er totaal willekeurige herinneringen op. Zo kreeg ik het tijdens de eerste concerten van deze tournee wel lastig tijdens ‘Desperado’, omdat dat de eerste song was die Glenn en ik indertijd opnamen in een huisje in Laurel Canyon.»

HUMO Ik heb al vaak meegezongen met jullie songs, maar heb even vaak gefaald: niet alleen bevatten ze soms heel hoge noten, ook de frasering is niet altijd makkelijk en de precieze arrangementen laten weinig ruimte voor improvisatie. Jij drumt dan ook nog eens terwijl je zingt, dat lijkt me onbegonnen werk.

Henley «Ik combineer zingen en drummen al sinds mijn 17de. In 1963 speelde ik met schoolvrienden dixieland jazz, standards en instrumentals die toen populair waren. Toen de Britse invasie op til was, met The Beatles als eerste en voornaamste bevrijders, werd duidelijk dat je ook moest zingen om het grote publiek én de meisjes te bekoren. Dus deden we elk auditie als zanger voor onze manager. Die was niet echt objectief, want hij was ook de vader van de groepsleider, maar toch zei hij tot mijn verbijstering dat ik als drummer ook moest zingen. Gelukkig heeft niemand me toen verteld hoe lastig het was om die twee te combineren, ik wist niet beter en dééd het gewoon. Ik vind drummen en zingen trouwens minder moeilijk dan zingen en gitaar spelen. Al is de ademhaling moeilijker, want drummen is fysiek natuurlijk véél zwaarder dan gitaar spelen. Om dat aan te kunnen doe ik aerobicsoefeningen, gewichtheffen en stretchoefeningen.

»Tijdens het zingen moet mijn mond ook vlak bij de microfoon blijven, terwijl mijn lichaam wel in beweging is – dat maakt het ook moeilijk. Het is een zware belasting voor mijn nek en schouders, ik heb al geknelde zenuwen gehad en problemen met m’n ruggengraat. Maar er is geen alternatief. Andere zanger-drummers zoals Phil Collins gebruiken een headset, maar ik heb er nog geen gevonden waarvan de kwaliteit kan wedijveren met een gewone microfoon.»

HUMO Jullie songs gonzen nu al bijna een halve eeuw door de ether, ze maken deel uit van de soundtrack van mensenlevens. Wat was in jouw ogen de mooiste ‘echo’?

Henley «Jaren geleden reisde ik met enkele vrienden van de humanitaire organisatie CARE door Honduras. Onze gids pikte ons op in San Pedro Sula en onze karavaan van een handvol jeeps en vrachtwagens reed een gevaarlijk traject door bergen en valleien. Op bepaalde punten werd de zandweg zo smal dat één wiel van onze jeep even boven het ravijn bungelde en ik door het raam de bodem van de kloof honderd meter lager zag. Ik klampte me de hele rit vast aan de deurklink, alsof dat zou helpen, en hapte een paar keer angstig naar adem.

»In de tropische wildernis die we uren later bereikten, lag een dorp op een bergtop. Echte huizen stonden er niet, enkel hokken en geïmproviseerde schuilkelders. Er was geen elektriciteit of stromend water, en de mensen hadden een tekort aan alles: eten, warme kleding en vooral medicijnen. Toen stapte plots één man op me af. In zijn hand hield hij een aftandse cassettespeler. Hij wees erop en zei: ‘Jij!’ Toen ik het halfvergane etiket op de cassette bekeek, bleek dat het ‘Hotel California’ was. Dat voelde heel raar aan. Ik moest ook denken aan een tekstflard uit de song ‘Your Bright Baby Blues’, geschreven door mijn goede en briljante vriend Jackson Browne: ‘I’ve been up and down this highway / Far as my eyes can see / No matter how fast I run / I can never seem to get away from me.’

»Doorheen de jaren is het me blijven verbazen hoe ver onze muziek is gereisd. Het Mission Control Center van de NASA heeft de gewoonte om astronauten elke dag te wekken met één van hun favoriete songs. Astronauten van het spaceshuttleprogramma hebben onze muziek niet alleen besteld, maar ze ook gecoverd: astronaut William McCool heeft ‘Hotel California’ zelf in de ruimte vertolkt! En op de Pathfinder-ruimtereis naar Mars is ‘Life in the Fast Lane’ gespeeld. Dat is hallucinant. Vroeger waren de groepsleden van Eagles vaak spaced out (gedrogeerd, red.), maar dit gaf die term een heel nieuwe dimensie (lacht).»


Te snel groot

HUMO In tegenstelling tot wat iedereen denkt, zijn de meeste groepsleden van Eagles níét afkomstig uit Californië, maar uit de Midwest. Toch straalt jullie muziek de ziel van die staat uit.

Henley «De prachtige landschappen van de Southwest hebben ons zeker beïnvloed: de bergen, de canyons, de woestijn, de oeroude wouden, de Atlantische Oceaan… Het Wilde Westen is een fundamenteel deel van de Amerikaanse ‘belevenis’. De landschappen belichamen vrijheid en onbegrensde mogelijkheden, the stuff of dreams. Het betoverde de pioniers en het trekt ook nu nog reizigers aan. Ook wij hebben vanuit de Midwest die ‘pelgrimstocht’ gemaakt naar de streek rond Los Angeles. De demo’s van sommige van onze songs schreven we in de Rocky Mountains, andere ontstonden in de Mojavewoestijn of op de stranden van Zuid-Californië. Nog steeds rijd ik om de paar jaar een deel van Route 66 van Texas naar Californië om dat zinderende gevoel van toen levend te houden. Dan besef ik weer hoe groot het risico was dat we toen namen, hoe klein de kans op succes, en wat voor leven we de voorbije vijftig jaar hebben geleid.»

HUMO ‘History of the Eagles’, de lange docu over de band, bestond voor een groot deel uit gepalaver over jullie problemen: drugs, ruzies, contracten, de split… Geef eens een voorbeeld van een mooie, positieve scène die daar níét in voorkwam omdat er indertijd geen camera was?

Henley «Conflict sells, maar we hebben heel wat mooie momenten beleefd. Zeker na 1975, toen we zelfvertrouwen kregen: we wisten wat we deden en alles viel in de plooi. Er is toen ook veel gelachen, en ik had de vreugde die we voelden als we voor het eerst een song door de studioboxen hoorden graag op film gehad. Die euforie is onbeschrijfelijk.

»Dat geldt ook voor onze concerten. In het begin hadden we vooral stress omdat we te snel groeiden en nog niet goed genoeg waren. Onze optredens waren wisselvallig – ook al omdat we zelden helemaal nuchter waren. Maar we werden professionals en dwongen onszelf om perfectionisten te zijn. Nog steeds is er niets dat opweegt tegen de voldoening van een succesvolle show, dan vlíég je. Ik herinner me nu een optreden in het Oakland Coliseum in 1975, voor meer dan 50.000 fans. Ik keek uit over die mensenzee en dacht: dit is het, now we’re getting somewhere.

»Ik baal ook dat er geen beelden zijn van onze legendarische campingtripjes naar Joshua Tree, dat toen nog geen nationaal park en dus geen toeristische trekpleister was, maar nog een echte wildernis. Het was onmogelijk om daar níét geïnspireerd te raken door de miljoenen fonkelende sterren in de absolute duisternis. ’s Nachts bij maanlicht het spookachtige silhouet zien van de Joshua Tree… Ik krijg kippenvel als ik eraan terugdenk.

»We kampeerden ook in de Lost Horse Valley en namen daar deel aan mystieke Indiaanse rituelen… Al is dat natuurlijk ook een mooie manier om te zeggen dat we apestoned werden – op de hoesfoto van onze eerste plaat zie je ons stoned van de peyote in de woestijn. (Monkelend) Dat het gebied hoog gelegen is, is niet de enige reden waarom ze het ‘the high desert’ noemen.»

HUMO Ik ken minstens drie bekende muzikanten in België en Nederland die dachten dat ze een schitterende song hadden geschreven tot iemand opmerkte: ‘Dat is ‘One of These Nights’’ of ‘Dat lijkt wel érg op ‘Desperado’’. Is het jou al gebeurd dat je besefte: ‘Verdomme, ik heb net ‘Let It Be’ opnieuw gecomponeerd!’?

Henley «Het aantal akkoorden is beperkt en het aantal noten nog meer, dus het is onvermijdelijk dat iets soms op iets anders lijkt. Het komt erop aan om een nieuwe invalshoek te vinden, een uniek ritme of een originele hook en een aparte frasering. Dat wordt steeds moeilijker naarmate de tijd verstrijkt, en het wordt nóg moeilijker naarmate je eigen carrière vordert. Maar we zijn ons daar altijd zeer bewust van geweest, en als iemand met een ideetje op de proppen kwam dat leek op een eerdere hit van iemand anders, was er altijd wel een groepslid dat dat ideetje met plezier afschoot.»

HUMO Van wie ben je het meest verrast dat ze fan zijn van Eagles?

Henley «Op het einde van de jaren 80 heeft een kenner van heavy metal mij eens verteld wie er uit dat genre allemaal de Eagles verafgodt. Dat bleek een lange lijst. Sindsdien heb ik een handvol van die metalsterren ontmoet, en ze bleken, in tegenstelling tot hun imago, stuk voor stuk heel lieve mensen. Axl Rose heeft ook meegezongen op mijn ‘I Will Not Go Quietly’ en als wederdienst heb ik met Guns N’ Roses gedrumd toen ze optraden tijdens de American Music Awards. Hun eigen drummer was toen verhinderd, die zat in een afkickkliniek.»

HUMO Bij jullie vorige concert in het Sportpaleis grapte Glenn Frey, toen hij ‘The Long Run’ introduceerde: ‘We recorded it in Miami, in 1978… So they tell me.’ Een verwijzing naar de tijd toen de halve wereldvoorraad cocaïne nog zijn weg naar jullie neus vond. Het valt me op dat jullie, ondanks alle drugs en alcohol, er toch altijd in geslaagd zijn om topkwaliteit te brengen. Zijn al die drugsverhalen dan overdreven of zijn drugs niet zo ontregelend als wordt beweerd?

Henley «Het hangt er natuurlijk van af welke drugs je neemt, en wanneer, maar langzaamaan slopen ze je sowieso mentaal en fysiek. Er is áltijd een prijs. Dat wij desondanks goed werk afleverden, kwam volgens mij omdat we geen fulltime junkies waren. We waren jong, sterk, ambitieus en vastberaden. We repeteerden soms zeven weken voor een tournee – ik ken groepen die de eerste maand van hun tournee als de repetitie beschouwen, de live-cd wordt toch pas tijdens de laatste optredens opgenomen. En op elke periode van zwaar doorzakken volgde een spartaans herstelregime. Tegen het einde van de jaren 70 waren de schijnbaar positieve kanten van het wilde leven ook definitief ondergesneeuwd door de negatieve, en ik denk dat we net op tijd zijn gesplit om overdosissen en alcoholverslavingen te voorkomen. Tegenwoordig drink ik op tournee zelfs geen glas wijn meer, het verpest m’n stem. Nu, natuurlijk lag niet alleen drugsmisbruik aan de basis van onze split.»

'Na Glenns dood heb ik getwijfeld om verder te gaan met de Eagles, maar met zijn zoon in de band voelt het juist aan' Don Henley (links) naast Deacon Frey


Teddybeer

HUMO Is songs schrijven voor jou hard werk? Of heb je ooit een song cadeau ‘gekregen’, zoals Paul McCartney beweert dat hij ‘Yesterday’ droomde?

Henley «Er is dat beroemde citaat van Thomas Edison: ‘Genialiteit bestaat uit 1 procent inspiratie en 99 procent transpiratie.’ Dat is zo. Ik neem aan dat ook meneer McCartney dat initiële ideetje uit die droom heeft moeten finetunen en dat hij de ontbrekende puzzelstukjes moest bedenken.

»Ik vind het makkelijk om een goeie songtitel te bedenken en een eerste aanzet tot een melodie. Maar dan begint het harde werk: iets afmaken, tot je na de eindmix helemaal zeker bent dat je dat idee tot de laatste druppel hebt uitgeperst. Sommige songs slepen jaren aan. Aan ‘The Last Resort’ hebben we letterlijk meer dan een jaar geschaafd. ‘Lyin’ Eyes’ daarentegen schreef zichzelf: Glenn had de titel en het concept bedacht en we hebben dat nummer in amper drie dagen ingeblikt. ‘Hotel California’ was eerst sneller en meer reggae getint, de werktitel was trouwens ‘Mexican Reggae’. Er zijn ook songs die hun vervolmaking lijken te willen voorkomen, die tegenstribbelen. Dan probeer ik later nog eens, of ik laat het zo – forceren is altijd slecht.

»Ik heb altijd beseft dat het nutteloos is om jezelf te zien als een groot artiest. Ambacht en intuïtie zijn zeker zo doorslaggevend. Inspiratie is niets zonder techniek, vakmanschap, concentratie, geduld en volharding. Wij hebben soms urenlang gezwoegd op een song zonder een instrument aan te raken, gewoon door notities te nemen en ideetjes te wikken en wegen – en dat dagen-, weken-, maandenlang. Duizenden uren hebben we klassiekers van grote componisten uit de twintigste eeuw geanalyseerd, en niet enkel die uit de popmuziek. Het is vaak gebeurd dat ik werd aangesproken door een jonge songwriter die pochte dat hij die week ‘Acht hits!’ had afgewerkt. Dan zei ik beleefd ‘Good for you, man’, maar ik dacht er het mijne van.»

HUMO Met wie zou je, nu Glenn Frey dood is, samen willen componeren?

Henley «Levend of dood? Randy Newman. Leonard Cohen. Harold Arlen. Ik bewonder zoveel componisten uit het verleden, maar dat zijn de drie aan wie ik nu denk.»

HUMO Je bent heel rijk. Welk object is in jouw ogen een fortuin waard, ook al zou een inbreker het laten liggen omdat het in zijn ogen waardeloos is?

Henley «Mijn teddybeer uit 1948. Mijn jongste dochter is al 19, maar dat beertje ligt nog steeds op haar bed. Ik vond het veertig jaar geleden terug in het huis van mijn moeder. Het miste z’n linkeroog, toevallig of niet, want ik ben vanaf mijn geboorte bijna blind aan mijn linkeroog.»

HUMO Wat is de bindende factor tussen jou en je vrienden?

Henley «Bijna al mijn vrienden delen een scherp, donker, absurdistisch gevoel voor humor, Monty Python meets Bill Hicks. We hebben indertijd tranen gelachen met vrienden zoals onze producer Bill Szymczyk, J.D. Souther, Jackson Browne en Stan Lynch. Ook Joe Walsh was een meester in practical jokes in hotels en stunts tijdens de feestjes na het optreden, die bekend stonden als ‘het derde bisnummer’.»

HUMO Jullie treden in het Sportpaleis voor het eerst aan zónder Glenn Frey, maar mét zijn zoon Deacon. Wat viel je op bij de eerste repetities?

Henley «Dat hij onze platen beter kent dan wij. Soms wees hij ons op fragmenten die we oversloegen of fout speelden. Hij kent alles van voor naar achter en van achter naar voor. Hij is een perfectionist, net zoals zijn papa. Ik heb getwijfeld om verder te gaan, maar met Glenns vlees en bloed in de groep voelt het juist aan.»

HUMO Tot slot: je bent een milieuactivist. Je redde het prachtige Walden Woods toen projectontwikkelaars het wilden volbouwen.

Henley «Omdat ik me daar al meer dan veertig jaar voor inzet – ik schreef eeuwen geleden al ‘Praying for Rain’ over het klimaat – word ik vaak aangesproken door jonge mensen die zich ook grote zorgen maken over onze planeet. Ik merk dat ze vaak wat moedeloos zijn, omdat de problemen zo enorm lijken. Ik prent hun dan in dat het niet aan hen is om de héle planeet te willen redden: het volstaat dat ze zich op kleine schaal en op lokaal vlak engageren. Brighten the corner where you live. Zo begint verandering. We mogen onze toekomst in elk geval niet aan industriëlen en politici overlaten, want die kortzichtige opportunisten hebben geen enkele langetermijnvisie.»

Eagles staan op zondag 26 mei in het Sportpaleis in Antwerpen. Info en tickets: www.livenation.be.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234