De eenzame man in Témé Tan: 'Toen ik mijn haar liet groeien en een afro kreeg, was ik niet langer de vreemdeling uit Landen'

Niet zo alomtegenwoordig op de zomer-festivals als Angèle, maar toch een mooie runner-up: Témé Tan, alias Tanguy Haesevoets (33), de Brusselaar met Congolese roots. ‘In Brazilië en Peru leerde ik dat muziek dansbaar en direct mag zijn.’

Vorige herfst lanceerde Témé Tan zijn titelloze debuut, deze zomer werkt hij verder aan zijn verovering van de wereld, festival per festival. Couleur Café en Les Ardentes zijn al achter de rug. Onder meer Cactusfestival, Boomtown en de Lokerse Feesten staan nog op het programma.

HUMO Ik zag je begin 2016 in de Antwerpse Trix optreden. Toen speelde je nog met een band, nu helemaal alleen.

Témé Tan «Ik heb lang moeten zoeken naar de meest geschikte formule om mijn muziek op een podium te brengen. Met die band optreden was fijn, maar solo ben ik veel flexibeler. Het is nu niet moeilijk om een kans in het buitenland te grijpen en ver te reizen. Een paar pedalen en een sampler passen makkelijk in een koffer (lacht).»

HUMO Op je debuut vermeng je rumba en bossanova met songs die doen denken aan Michael Jackson en Animal Collective. Voordien maakte je ‘ingewikkelde indiemuziek’, las ik.

Témé Tan «Ja, op ‘Matiti’, een ep uit 2011 die nergens werd opgepikt. Daar zat ik behoorlijk door in de put. Ik trok naar Peru en Brazilië om alles eens goed te overdenken, en daar leerde ik dat muziek dansbaar en direct mag zijn. In Brazilië ben ik naar een roda de samba geweest, een soort volksfeest waarbij iedereen samen muziek maakt. De muzikanten staan er niet op een podium, maar zitten gewoon tussen de mensen. Iedereen mocht wat zingen, spelen op de pandeiro of de gitaar... Dat vond ik heel mooi.»

HUMO Heb je daarna moeten leren om anders muziek te schrijven?

Témé Tan «Neen, dat ging vanzelf. Terwijl ik schreef, realiseerde ik me gaandeweg hoe iets weglaten een nummer beter kon maken. Of dat het directer werd als ik een bepaald element enkel voor het podium hield, maar niet in de studioversie stak. Het was niet meer dan mezelf de juiste vraag stellen: wat is noodzakelijk voor dit liedje, en wat is oppervlakkig versiersel?»

'Spelen in het gras maar oppassen voor slangen, zwemmen in de natuur maar oppassen voor krokodillen... In Congo heeft de natuur een andere dimensie.'

HUMO Een mooie, opvallende song op je debuut is ‘Matiti’. Wat betekent die titel?

Témé Tan «Dat is Congolees voor ‘hoog gras’. ‘Matiti’ is een ode aan mijn Congolese grootmoeder. In die song bundel ik alle herinneringen aan mijn Afrikaanse kindertijd. Toen ik zes was, trok mijn moeder met mij en mijn broers naar België. Het was een schok om mijn huis te moeten verlaten – ik herinner me die dag haarscherp. Veel mensen zeggen dat je geen duidelijke herinneringen aan je kindertijd kunt hebben, maar mijn ouders hebben me gezegd dat alle details helemaal juist zijn. Misschien ook niet zo gek, want we hebben in de jaren nadien genoeg familiefeesten gehad waarop de polaroids van Congo bovenkwamen: spelen in het ‘matiti’, maar oppassen voor de slangen die erin rondsluipen, zwemmen in de rivier maar uitkijken voor krokodillen... De natuur heeft daar een andere dimensie dan bij ons (lachje).»

HUMO Van Congo kwam je in Walshoutem terecht, in landelijk Vlaams-Brabant. Een groot contrast.

Témé Tan «Een cultuurschok, zeg maar. Ik weet nog dat het zomer was, en dat was goed. Zo was de overgang wat zachter. Aanvankelijk was het leuk, België was voor ons tot dan immers het land waar we onze vakanties doorbrachten. Toch was het een brutale breuk, vooral voor mijn oudere broers, die nog veel meer aan Congo gehecht waren.

»De eerste jaren ging ik naar school in Hanuit, net over de taalgrens, maar de middelbare school deed ik in Landen. Plots moest ik een nieuwe taal leren, en ik was helemaal niet goed in Nederlands. Dat eerste jaar middelbaar moet echt het moeilijkste jaar van mijn leven geweest zijn. Maar ik heb op die school wel een paar goede vrienden gemaakt, ik heb er mijn eerste groepje gevormd en mijn eerste concerten gegeven. Landen is dus ook erg goed voor me geweest.»

HUMO ‘Crinière de lion, je suis né à Kinshasa’, zing je in ‘Améthys’. Je wilt je Congolese roots uitdragen?

Témé Tan «Ja, zeker omdat dat nummer een eerbetoon aan mijn moeder is, die vier jaar geleden overleed. Ik wilde haar die zin in de mond leggen.»

HUMO Wanneer ben jij je bewust geworden van je dubbele afkomst?

Témé Tan «In Walshoutem was mijn moeder de enige kleurling, waardoor we ons meteen anders voelden. Op school waren we ook ‘de kindjes uit Congo’, en dat leverde ons al eens een lelijke bijnaam op. Daar begon het, maar pas toen ik muziek begon te maken, wezen anderen me plots op de Congolese invloeden. Dat het een beetje tropisch, wereldmuziekachtig, Afrikaans klonk. Het was nochtans niet mijn bedoeling om iets exotisch te maken.

»Toen ik aan de unief zat, liet ik mijn haar groeien en kreeg ik een afro. Dan ben ik pas echt in contact gekomen met andere mensen met een meervoudige afkomst. Plots was ik niet langer ‘de vreemdeling uit Landen’, maar werd ik deel van een gemeenschap. Dat was een heel belangrijke fase voor me.»

HUMO Na een concert van The Beastie Boys in Vorst Nationaal heb je beslist om muzikant te worden. Weet je nog wat de vonk deed overslaan?

Témé Tan «Dat was het eerste concert waar ik alleen naartoe ben gegaan, zonder mijn broers of ouders, en ik werd compleet overdonderd. Dat geluid, de menigte die alles meezong en brulde... Dat wilde ik ook beleven, maar dan vanop het podium.

»Ik begon dan zelf muziek te maken. Eerst nog alleen met een drummachine, daarna ook met een loopstation. Ik zag hoe een vriendin zoiets gebruikte om haar stem te loopen en dat was een openbaring. Plots kon ik live mijn stem verdubbelen. Wat een mogelijkheden! Die twee machines waren minstens even belangrijk als het moment waarop ik mijn eerste gitaar in handen kreeg.»

HUMO Moet je nog vaak uitleggen dat er live niets op tape staat, dat je het allemaal op het moment zelf creëert?

Témé Tan «Oh ja. Ik ben net terug van een festival in Spanje waar ze veronderstelden dat ik met een band zou komen. ‘Hoezo, je speelt alleen?’ (lacht) Gelukkig vindt het publiek het altijd geweldig dat ik hen in mijn eentje aan het dansen krijg.

»Ik beschouw het dus eerder als een voordeel. Al zijn er altijd programmatoren die vinden dat je in je eentje niet de headliner van een groot podium kunt zijn. Dat lijkt me toch wat achterhaald. Steeds meer eenmansgroepen doen het even goed als een echte rockband. Of kijk naar Ed Sheeran, al zie je gek genoeg zelfs bij hem toch polemiek rond dat loopstation. Het publiek moet het dus nog beter leren kennen.»

HUMO Op je debuut heb je je geluid gevonden. Jeukt het nu om vooruit te gaan?

Témé Tan «Absoluut. Ik speel ondertussen al twee nieuwe songs, en aan de reacties te zien, vallen die goed mee. Nu moet ik vooral tijd vinden om meer te schrijven. Ik bewonder Balthazar. Telkens als ze van een tournee terugkwamen, hadden ze al genoeg materiaal voor een nieuwe plaat. Ik vind het net moeilijk om op tournee productief te zijn. Ik zit voortdurend in treinen of vliegtuigen, en daar teksten schrijven is niet evident. Demo’s met zanglijnen en ideetjes heb ik genoeg. Als ik weer eens enkele dagen thuis ben, begin ik er altijd aan te werken. Meestal samen met vrienden, want mijn appartement is te gehorig om muziek te maken. Mijn vrienden op het platteland moeten me dus helpen (lacht).»

HUMO Je wordt altijd met de Brusselse scene verbonden, maar ik heb het gevoel dat je band daarmee niet zo groot is.

Témé Tan «Fabien (Leclercq, of Le Motel, red.) is een goeie vriend, dus ik heb er geen probleem mee dat mensen me als een deel van zijn ploeg beschouwen. Maar ik heb me nog geen moment in mijn leven deel van een scene gevoeld, en ik denk niet dat dat ooit nog zal gebeuren.»

HUMO Je bent echt un homme solitaire, een eenzaat, hè?

Témé Tan «Het is nooit mijn bedoeling geweest, maar ja. Mensen vragen me soms waarom ik niet meer featurings heb gedaan, zoals met Le Motel, maar ik wil zulke dingen spontaan houden. Ik ben niet goed in louter commerciële contacten leggen. Ik ben niet zoals die artiesten die zich telkens aan de hipste nieuwe mc weten te binden. Ik maak graag muziek met anderen, maar ze hoeven niet beroemd te zijn.

»Ik contacteer vaak mensen via Instagram omdat ik hun muziek leuk vind. Dan stel ik voor om eens samen aan iets te werken. Vaak komt er niets van, omdat ik niet bekend genoeg ben of omdat mijn tourschema het niet toelaat, maar soms lukt het wel. Zo heb ik het het liefst.»

HUMO Zo doet Manu Chao het ook: in zijn eentje rondtrekken en zien bij wie het lot hem brengt.

Témé Tan «Ik ken zijn muziek minder dan zijn reputatie, maar daar kan ik me wel mee identificeren. Ik heb twee passies in het leven: muziek maken en nieuwe dingen ontdekken, of het nu mensen zijn, andere culturen, of verre plekken. Ik denk dat we op dat vlak dezelfde filosofie delen.

»Rondtrekken is weleens eenzaam, maar tegelijk geloof ik dat het de beste manier is om nieuwe mensen te leren kennen. Als je alleen bent, moet je wel de stap naar anderen zetten en komen zij ook makkelijker op je af. Door in mijn eentje te reizen, vergroot ik de kans op spontane ontmoetingen.»


Minimaal en compact

HUMO Het Frans is geen wereldtaal meer voor een reiziger. Toch moest dat de taal zijn waarin je zingt?

Témé Tan «Omdat het een uitdaging was, want ik vind het moeilijk om het goed te doen. Maar ik vind wel dat ik me in het Frans beter kan uitdrukken. Als ik in het Engels schrijf, blijft het veel oppervlakkiger. En Frans mag dan geen wereldtaal meer zijn, het werkt gek genoeg ook op niet-francofone plekken, zoals Nederland of Oostenrijk. Misschien komt dat omdat ik mijn teksten meer als een extra instrument gebruik dan dat ik een echte singer-songwriter ben. Ik zie mezelf meer als een zanger, dus als mijn stem een gevoel overbrengt, is het al goed.»

HUMO Als je ‘Je suis un petit éléphant’ zingt, welk gevoel wil je dan overbrengen?

Témé Tan «Dat zinnetje komt uit ‘Améthys’, een collectie verhalen over mijn moeder. Daarom zijn al die zinnen zo cryptisch. ‘Je suis un petit éléphant’ verwijst naar die keer dat ik op een schoolfeestje in Congo mezelf als olifant moest verkleden. Ik begreep maar niet hoe het kwam dat mijn moeder me had herkend. Ik was toch verkleed?»

HUMO Heb je uit je debuut dingen geleerd die je volgende keer anders wilt aanpakken?

Témé Tan «Dat van elke single een radioversie gemaakt moest worden. Daar kan ik volgende keer rekening mee houden, want die inkorting kwam het nummer vaak ten goede. ‘Menteur’ was veel krachtiger als single. Het mag nog meer naar de essentie gaan. En ik moet misschien ook eens ophouden alles zo lofi op te nemen, ik wil mijn nummers wel eens in goede kwaliteit horen (lacht). Mijn volgende plaat mag wel wat krachtiger klinken, al zal het altijd minimaal en compact blijven. Zo werk ik graag.»

HUMO Je plaat is nu negen maanden uit. Is het gelopen zoals je had verwacht?

Témé Tan «Niet echt. Ik moet toegeven dat ik meer had verwacht van Frankrijk. Aan de andere kant heb ik nu ook een boeker en dus optredens in Spanje en Italië, dat zag ik niet aankomen. Op zich had ik niet echt concrete verwachtingen, dus ik klaag niet. Het is een goed jaar geweest.»

Témé Tan speelt op 17 juli op het Boomtown Festival en op 3 augustus op de Lokerse Feesten. Alle festivaldata: temetan.com

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234