Wiskundige viroloog Adam Kucharski (35): ‘Denken als een epidemioloog kan allerlei ellende helpen oplossen’. Beeld Joe Hart
Wiskundige viroloog Adam Kucharski (35): ‘Denken als een epidemioloog kan allerlei ellende helpen oplossen’.Beeld Joe Hart

Wiskundige epidemioloogAdam Kucharski

‘De exponentiële groei van het virus blijkt voor veel politici erg moeilijk te vatten. Keer op keer gaat het mis’

Inzichten uit de hiv-bestrijding bufferen de financiële wereld tegen rampspoed zoals in 2008. Een vaccinatiestrategie tegen pokken staat model voor geweldpreventie en epidemiologen helpen uitbraken van online desinformatie afremmen. ‘Denken als een epidemioloog kan allerlei ellende helpen oplossen’, zegt wiskundige Adam Kucharski (35).

In februari, toen duidelijk werd dat ook het nieuwe jaar de pandemie niet had verjaagd, vonden velen even comic relief bij een advocaat uit Texas. Die moest bij aanvang van een online juridische zitting vaststellen dat niet zijn eigen gezicht maar de kop van een droevig kijkende kitten in beeld kwam: een hardnekkige filter op de computer van zijn secretaresse die echt wel iedere sérieux uit de rechterlijke bijeenkomst haalde.

Het filmpje drukte dan wel kortstondig de corona-ellende de kop, toch heeft het veel gemeen met SARS-CoV-2. Net zoals het virus en de pandemie ook goed lijken op de huidige online opstoot van antivaxers. En op de bankencrisis van 2008, de Ice Bucket Challenge, waarbij je anderen online nomineerde om een emmer ijswater over zich heen te gieten, en de gijzelsoftware Wannacry.

“Allemaal zijn het ‘uitbraken’ die ‘viraal’ gaan, met soms opflakkeringen en superverspreiders, met besmettingsketens en -clusters,” zegt Adam Kucharski. “Door de verborgen mechanismen achter ‘virale’ fenomenen te doorgronden kunnen we ze beter begrijpen en, indien nodig, bestrijden.”

Kucharski is wiskundige en epidemioloog aan de London School of Tropical Health and Medicine, waar ook onze landgenoot Peter Piot werkt. In de coronapandemie kwam hij geregeld als een van de eersten met cruciale inzichten, bijvoorbeeld over de rol van superverspreiders.

Bankenwereld

Maar Kucharski startte zijn carrière in de bankenwereld. Daarmee vertegenwoordigt hij de centrale boodschap in zijn boek The Rules of Contagion, nu in het Nederlands vertaald als Viraal. Erg uiteenlopende vakgebieden kunnen veel leren van de epidemiologie. Het is geen toeval, zo lezen we, dat een gerenommeerde marinebioloog gespecialiseerd in vissenpopulaties door Deutsche Bank werd binnengehaald. Of dat een epidemioloog die jaren in Afrika infecties bestreed tot expert criminaliteitsbestrijding in Chicago uitgroeide.

“Niet alleen virussen en online trends maar ook geweld, eenzaamheid, onheil of succes in de financiële markten beantwoorden opmerkelijk goed aan de principes van besmetting die we uit de biologie kennen”, zegt Kucharski. “De R-waarde, die aangeeft hoeveel mensen iemand die besmet is op zijn beurt besmet, bestaat uit vier elementen, namelijk de duur van de besmettelijkheid, de kansen op contact, de overdraagbaarheid en de vatbaarheid van de anderen. Die elementen analyseren kan ook veel andere soorten besmetting helpen controleren.”

Rommelkredieten lijken toch niet op een virus?

KUCHARSKI «Toch wel. Dat merkte ik meteen al toen ik in de zomer van 2008 met een stage bij een investeringsbank startte. Iedereen dacht dat banken goed bestand waren tegen malaise bij andere banken, maar niemand lette op hun complexe verstrengeling met elkaar. Door die ondoorzichtige netwerkstructuur kunnen ook gezonde banken door problemen bij een andere bank geraakt worden.

»Toen ik zag hoe de bankencrisis zich ontvouwde, moest ik steeds meer denken aan het werk van soa-onderzoekers die in de jaren tachtig en negentig aantoonden hoe de structuur van een netwerk besmetting kan versnellen. Zo waren er in het financiële netwerk ook superverspreiders die erg veel middelen, producten en connecties concentreerden en ook heel veel verbindingen met anderen in het netwerk hadden. Zij wakkerden de hele uitbraak aan.»

Zijn er lessen geleerd?

KUCHARSKI «Sindsdien werkt de financiële wereld met epidemiologische inzichten en zijn maatregelen doorgevoerd die op vaccinatie lijken. Zo zijn banken die door hun centrale positie het meest kwetsbaar zijn, veerkrachtiger gemaakt met meer bufferkapitaal. Ook is een vorm van isolatie ingevoerd waarbij je de investeringspoot van de commerciële poot met de spaarboekjes afscheidt. Maar net zoals in de coronacrisis beschouwen sommigen dat wel als een te verregaande bemoeienis.»

Een man betoogt tegen geweld in Chicago in 2018. ‘Tien procent van de schietpartijen is verantwoordelijk voor 
80 procent van de daaropvolgende incidenten, wat superverspreiding is’, zegt Adam Kucharski.  Beeld EPA
Een man betoogt tegen geweld in Chicago in 2018. ‘Tien procent van de schietpartijen is verantwoordelijk voor 80 procent van de daaropvolgende incidenten, wat superverspreiding is’, zegt Adam Kucharski.Beeld EPA

Ook als het gaat over geweld, eenzaamheid, scheidingen en obesitas is er sprake van besmetting?

KUCHARSKI «Inderdaad. Ook roken en geluk zijn besmettelijk. Sociale besmetting is wel erg ingewikkeld om te meten omdat het kan dat mensen die zich eenzaam voelen of die aan obesitas lijden mensen opzoeken die op hen lijken. Maar het is voor al die fenomenen aangetoond dat het ook in de omgekeerde richting werkt en de R-waarde telkens niet nul is.

»De kennis over de besmettelijkheid van geweld wordt zelfs al een tijd ter preventie ingezet. Al eeuwen denken we in moralistische termen over geweld. Maar het blijkt nuttig om het als een besmettelijke ziekte te zien. Zo lijken geweldclusters in Chicago perfect op clusters van cholera-uitbraken in Londen. Studies zien een R-waarde van 0,6. Tien procent van de schietpartijen is verantwoordelijk voor 80 procent van de daaropvolgende incidenten, wat superverspreiding is. Dat gaat onder andere over wraakacties.

»Die besmettingsketens kun je onderbreken. Dat lijkt heel erg op de ringvaccinatie tegen pokken. Na een schietincident kun je inschatten wie waar wellicht bij de volgende schietincidenten betrokken raakt en met die mensen gaan preventiewerkers spreken om ze op bepaalde punten te helpen en te begeleiden. Dat blijkt effectief, al vergt het veel tijd en middelen.»

Door corona weten velen nu wat superverspreiders en de R-waarde zijn. Sommige politici kregen wel de kritiek dat ze ‘nog altijd niet begrijpen wat een exponentiële curve is’.

KUCHARSKI «Dat blijkt voor velen inderdaad erg moeilijk te vatten. Het is een groot probleem dat er in deze pandemie een exponentiële groei is in combinatie met een vertraagde impact. Daardoor wachten beleidsmakers keer op keer met strengere maatregelen tot er een duidelijke impact is, zoals de ziekenhuizen die volstromen. Dan heb je geen probleem op dat moment, maar dan had je een paar weken geleden een probleem waar je niets aan deed.»

Hebben veel politici er een potje van gemaakt?

KUCHARSKI «Zo zou ik dat niet zeggen. Wij wisten aanvankelijk ook totaal niet waar we mee te maken hadden en moesten in real time voorspellingen maken op basis van informatie vol gaten. Het probleem met SARS-CoV-2 is dat het net zoals ebola zware ziekte kan veroorzaken, maar dat het ook behoorlijk besmettelijk is en zorgt voor veel besmettingen waarbij mensen geen symptomen krijgen, zoals bij zika. Dit virus zit dus tussen die twee gekende types virussen in, de erg besmettelijke en de erg dodelijke. Dat zorgt ervoor dat het zo lastig in te dijken is en dat landen er zo verschillend op reageren.»

Bestaat er volgens u een winnende aanpak?

KUCHARSKI «Dat zou een combinatie zijn van alle sterke punten die je wereldwijd ziet. Niet één land heeft ze allemaal toegepast. Sommige landen hebben erg veel indruk gemaakt met hun vermogen om uitbraken op te sporen en in de kiem te smoren, anderen met genoomanalyse en nog andere met de vaccinatieprogramma’s. We moeten leren van elkaar en al die sterke punten samenbrengen om tegen de volgende pandemie klaar te staan.»

Er is geen land waarvan u zegt: daar hebben ze de beste aanpak?

KUCHARSKI «Daar ga ik me niet aan wagen. Totdat we in een positie zijn waar iedereen zijn weg terug naar de normaliteit heeft gevonden, denk ik dat we heel voorzichtig moeten zijn met het uitroepen van een overwinnaar. Landen die het eerst slecht deden, doen het nu soms het nu veel beter en omgekeerd zijn er landen die aanvankelijk lage sterfte kenden maar in de tweede helft van vorig jaar plots met enorme sterftecijfers zaten.»

Sommigen bepleiten een zero-covidstrategie. Hoe kijkt u daarnaar?

KUCHARSKI «Ik merk dat voorstanders eigenlijk niet ‘nul covid’ bedoelen, maar een lage circulatie. Dat is gewoon iets wat we allemaal willen. De vraag is ook hoeveel nevenschade landen oplopen om vanaf het punt waar we nu zijn tot werkelijk nul infecties te komen. Zou dat streefdoel de maatschappelijke impact van nog langer nog meer maatregelen te handhaven wel waard zijn?»

Patiënten op de covidafdeling in São Paolo, Brazilië. ‘Iedereen kent nu de term R-waarde. Die kan je ook toepassen in andere domeinen.’ Beeld EPA
Patiënten op de covidafdeling in São Paolo, Brazilië. ‘Iedereen kent nu de term R-waarde. Die kan je ook toepassen in andere domeinen.’Beeld EPA

Wetenschappers die in België de overheid adviseren, zien bepaalde drempelwaarden als voorwaarde om te versoepelen, maar politici hebben dat idee losgelaten. Hoe problematisch is dat?

KUCHARSKI «Die drempelwaarden waren tot nu toch erg belangrijk als richtpunt, anders loop je permanent het risico op zware uitbraken. Maar de situatie is door de beschikbaarheid van vaccins erg veranderd. De relatie tussen het aantal besmettingen en het aantal gehospitaliseerden en doden zal flink verzwakken, dus het aantal besmettingen wordt wel minder relevant als richtpunt.»

Zijn we bijna op het droge?

KUCHARSKI «Nee, we hebben met de vaccins een cruciaal extra bestrijdingsmiddel. Maar ondertussen is er een tweede pandemie bijgekomen met de Britse variant die veertig tot vijftig procent besmettelijker en ook ziekmakender is. Ik denk dat verschillende landen daarom op korte termijn een aantal zeer moeilijke beslissingen zullen moeten nemen omdat die variant zo dominant is en nog lang niet voldoende mensen gevaccineerd zijn. Kijk naar het enorme aantal doden dat gevallen is in het Verenigd Koninkrijk toen nog bijna niemand een vaccin had en de Britse variant toesloeg. Wat je nu elders ziet, is dat men de eerste pandemie eindelijk onder controle lijkt te hebben, maar door die tweede pandemie met die variant ben je voor je het weet weer op moeilijk terrein.

«Het is wel geruststellend dat de vaccins goed lijken te werken tegen de Britse variant. Dat betekent de landen zich er tot op zekere hoogte uit kunnen vaccineren. Maar totdat je er zeker van bent dat je bevolking beschermd is door vaccinatie, is deze pandemie in de pandemie een zeer gevaarlijke situatie.»

Hoeveel mensen moeten gevaccineerd zijn om ons uit die situatie te halen?

KUCHARSKI «In een nog volledig vatbare bevolking en zonder maatregelen is het reproductiegetal van de Britse variant ongeveer vier of vijf. Dat betekent dat je ergens in de buurt van 75 tot 80 procent moet vaccineren als je een heel erg goed vaccin hebt. Er is ondertussen wel redelijk wat natuurlijke immuniteit opgebouwd. Dat helpt. Maar zeker in landen waar niet veel besmettingen waren en waar nog niet veel gevaccineerd is, kan het snel weer helemaal mislopen.»

Wat zijn voor u de belangrijkste lessen tot nu ?

KUCHARSKI «Om zo goed mogelijk voorbereid te zijn voor de volgende pandemie, moeten ten eerste wereldwijd de basisvoorwaarden voor een goede gezondheid in orde zijn. Mensen moeten ziekteverlof kunnen nemen, bijvoorbeeld. Dat is niet overal zo vanzelfsprekend als bij ons. Ook gratis testen, gratis vaccinatie en basiszorg moet beschikbaar zijn.

«Ten tweede moeten we de pandemiebestrijding de 21ste eeuw in trekken. We doen nu nog veel zoals tijdens de grieppandemie van 1918. Toen was er ook discussie over het nut van mondmaskers, over grenzen of grote delen van de maatschappij sluiten. Meer innovatieve methodes zijn echt aan de orde. Ik heb het over nog meer genoomanalyse van virussen en datasets snel aan elkaar verbinden, zoals de testresultaten van mensen en informatie over hoe ze hun quarantaine opvolgen. Ook op vaccintechnologie moeten we volop blijven inzetten. Mochten we geweten hebben dat we zo snel vaccins zouden hebben, dan hadden landen een doortastender beleid gevoerd.»

Hoezo?

KUCHARSKI «Vaak was het argument tegen strenge maatregelen: ‘Dat gaan we niet volhouden.’ En vaak hebben landen van zodra het ietsje beter ging flink versoepeld, waarop een grote golf volgde. Maar als je weet dat je binnen het jaar vaccins hebt, is er een duidelijk eindpunt en dat maakt het makkelijker om wat nodig is vol te houden.»

Met die innovatieve technologie hebben een resem Aziatische landen de pandemie efficiënter aangepakt. En uw onderzoek toont dat gps-data goed werken om infecties te volgen. Maar die data vrijgeven, zien wij hier toch niet zitten?

KUCHARSKI «Met de bestrijdingsmiddelen van de 21ste eeuw bedoel ik inderdaad datatoepassingen die onder meer Taiwan in staat hebben gesteld om clusters te isoleren terwijl miljoenen anderen konden doorgaan met leven. In onze contreien is er veel weerstand, maar het is echt een vraag waar we zeer ernstig over moeten nadenken. Zelfs al een beetje informatie delen met de overheid zou een groot verschil maken en landen veel meer in staat stellen om gerichter te werken, met lokale lockdowns in plaats van nationale. Wij geven veel privacygegevens wel aan grote bedrijven en onlinegiganten, waarom niet aan de overheid in een pandemie?»

Een CEO kapt een emmer ijswater over zijn hoofd uit in 2014. Die Ice Bucket Challenge ging ook ‘viraal’. Beeld REUTERS
Een CEO kapt een emmer ijswater over zijn hoofd uit in 2014. Die Ice Bucket Challenge ging ook ‘viraal’.Beeld REUTERS

Ondertussen zijn er zorgen over antivaxers, maar blijkt online-informatie helemaal niet zo besmettelijk.

KUCHARSKI «Dat heeft mij ook verrast. Het is slecht nieuws voor wie met clickbait op clicks jaagt. Ook informatie online heeft een R-waarde en een besmettingsketen en net daarom werken epidemiologen ook voor grote marketingbedrijven die maximale besmetting nastreven. Maar dat blijkt veel moeilijker dan gedacht. Online verspreidt informatie zich maar zelden zoals een succesvolle biologische virale infectie. Zelfs de populairste trends op Facebook van de periode 2014-2016 hadden allemaal een reproductiegetal van rond de 2, tien keer minder dan de mazelen kunnen zijn. Marketingcampagnes groeien online niet exponentieel en lijken meer op de haperende pokkenuitbraken uit de jaren zeventig. En zelfs dingen zoals de Ice Bucket Challenge doven al snel weer uit.»

Waarom?

KUCHARSKI «Omdat we allemaal toch vooral in ons eigen kringetje blijven. Om een idee te verspreiden heb je meestal mensen nodig die én zeer invloedrijk zijn, ook buiten het eigen kringetje, én erg vatbaar voor nieuwe inhoud. Denk aan Donald Trump. Maar de meeste mensen zijn zelden zowel vatbaar als invloedrijk.»

Er is dus geen formule voor onlinesucces?

KUCHARSKI «Het is verleidelijk te denken dat je door succesvolle en niet-succesvolle content te analyseren kunt ontdekken wat een tweet of artikel zeer besmettelijk maakt. Maar zelfs wanneer het ons lukt om eigenschappen te identificeren die verklaren waarom sommige dingen populairder zijn, blijken die niet altijd lang stand te houden. Mensen gaan namelijk snel op zoek naar dramatischere, suggestievere, verrassendere inhoud.»

Hoe kijkt u naar nepnieuwsschandalen, zoals de aan Rusland gelinkte onlinepropaganda tijdens de Amerikaanse verkiezingen in 2016?

KUCHARSKI «Die impact was klein. Onderzoek toont dat Facebook-gebruikers wel zijn blootgesteld aan Russische content, maar ook aan zeer veel andere informatie. Amerikaanse gebruikers hebben toen meer dan elf biljoen posts gezien. Voor elke Russische post waren er gemiddeld bijna 90.000 andere posts. Op Twitter kwam minder dan 0,75 procent van de aan de verkiezingen gerelateerde tweets van accounts met een link met Rusland. De informatie waaraan stemgerechtigden toen werden blootgesteld, kwam in overweldigend veel gevallen van gangbare namen en niet van nepnieuwssites of ultrarechtse bronnen. Gemiddeld werd maar drie procent van de artikels die mensen zagen, gepubliceerd door websites die onware verhalen aan de man brachten.»

Moeten we ons dan geen zorgen maken over nepnieuws?

KUCHARSKI «Toch wel. Van nature is online informatie niet zo virulent, maar er is een klein aantal mensen aan het werk die de zaak manipuleren, zoals antivaxers en complotdenkers. Dat doen ze meestal niet door zich op een massapubliek richten. Het gaat subtieler, bijvoorbeeld door bepaalde berichten heel veel naar onder andere politici, mediafiguren en journalisten te sturen. Want als een idee populair wordt, komt dat over het algemeen nog altijd doordat bekende persoonlijkheden en mediakanalen bij de verspreiding hebben geholpen.»

Wat is het beste vaccin tegen nepnieuws?

KUCHARSKI «De besmettingskansen verminderen is één element. Zo heeft WhatsApp het aantal mensen met wie je iets kunt delen verkleind, om zo de R-waarde van problematische berichten te verminderen. Ook waarschuwingen bij bepaalde inhoud en snelle correcties helpen. Onderzoek van Facebook toont dat als gebruikers er snel op wijzen dat hun vriend een hoax heeft gedeeld, de kans tot 20 procent is dat hij die post zal verwijderen.

«Mediarichtlijnen zoals die bestaan voor de rapportage over zelfdoding kunnen om het besmettelijkheidseffect ook beperken. Het zou goed zijn om dat ook te handhaven als het gaat om manipulatieve informatie. De klassieke media hebben hier een grote verantwoordelijkheid.

«Maar je moet mensen ook bewustmaken van hoe online manipulatie werkt. Zo delen we vaak iets als we emotioneel worden van de inhoud, ook al hebben we deze maar half gelezen. Iedereen zou moeten beseffen dat bepaalde leugenachtige inhoud nooit groot zou worden mochten we eraf kunnen blijven. De psychologische kwetsbaarheden die mensen vatbaar maken om ergens een verkeerd beeld van te krijgen, gaan niet we kunnen veranderen en de online tools die helpen het te verspreiden evenmin. En jammer genoeg maakt de journalistiek van vandaag het moeilijker om mediamanipulators te weerstaan. Een toenemend verlangen naar online delen en klikken heeft vele kanalen daar kwetsbaar voor gemaakt. We moeten dus onszelf en elkaar opvoeden om zo resistent mogelijk te worden tegen online besmetting door het erover te hebben, anderen erop te wijzen en het te bekijken als een gevaarlijk virus»”

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234