Een man werkt zwart als boodschappenbezorger in Napels.Beeld Giulio Piscitelli

coronacrisisitalië

De maffia vreet zich in Napels naar binnen

Donkere tijden dreigen terug te keren in het zuiden van Italië. Enorme werkloosheid en grote armoede. In die ellende meldt de maffia zich als weldoener. Ze beheerst de private zorg en de voedseldistributie. ‘We worden honderd jaar teruggeworpen in de tijd.’

Zou het echt? Dat een keiharde strijd van ruim vijftien jaar tenietgedaan wordt door een, twee maanden coronavirus? ­Federico Cafiero De Raho, de belangrijkste maffiajager van Italië, zucht als hij de vraag hoort. Niet vanwege de vraag, maar vanwege het antwoord: ‘We lopen momenteel een serieus risico onze economie uit te leveren aan de maffia’, zegt hij.

Het is een van de gouden regels van de Italiaanse maffia: hoe groter de honger onder het volk, hoe minder het ze dondert uit welke oven hun brood afkomstig is. Kijk bijvoorbeeld naar de buren van Salvatore Russo (46), een Napolitaan die met zijn vrouw en zes kinderen een kleine 800 euro per maand te besteden heeft, wat neerkomt op 3 euro per persoon per dag. Russo woont in het beroemdste gebouw van de meest beruchte wijk van Europa: het zeilvormige Le Vele-gebouw in de Napolitaanse buitenwijk Scampia, dankzij de film- en televisieserie Gomorra hét wereldwijde symbool voor het meest verpauperde, maffiose deel van Italië.

Zijn sociale woningbouwcomplex is zo guur – boven zijn balkonnetje heeft Russo een houten plank bevestigd om te voorkomen dat stukken afbrokkelend beton op zijn kinderen vallen – dat de schaduwrijke gangen jarenlang een ideaal drugsdoolhof vormden voor de camorra, de Napolitaanse maffia. Lange tijd was deze wijk compleet onbegaanbaar, tot maffiajagers als Cafiero De Raho een groot aantal kopstukken oppakten, waarna de wijk heel voorzichtig opknapte.

De wijk Forcella in Napels.Beeld Giulio Piscitelli

‘Het is hier de afgelopen jaren veel beter geworden’, zegt Russo. Maar toen kwam dat vermaledijde virus opeens naar Italië en veranderde alles weer ten kwade. ‘Sindsdien is het leven hier veel moeilijker geworden.’

Sindsdien zit zijn familie namelijk 24 uur per dag opgesloten in een gebouw dat zelfs door je mondkapje heen stinkt naar lekkend riool. Sindsdien verloor bijna iedereen in de wijk zijn werk terwijl de prijs van meel bij de lokale supermarkt wel steeg van 70 cent per kilo naar 1 euro. En dan heeft hij het nog niet eens over de 40 euro die ze tegenwoordig vragen voor een mondkapje dat vereist is om die supermarkt überhaupt te betreden.

Pure armoede

Sinds op 12 maart vrijwel alle Italiaanse bedrijven, koffiebarretjes, restaurants, marktkramen en hotels sloten in een poging het coronavirus af te remmen, hangt er een pikzwarte donderwolk boven de zuid-Italiaanse economie, klaar om zich te ontlasten. Zuid-Italië had het al lastig omdat zowel de financiële- als de migratiecrisis er huishield. Maar nu ook de derde grote crisis van dit tijdperk Italië koos als hoofdpodium, lijkt het kantelpunt bereikt. In Palermo, de hoofdstad van Sicilië, komen bij de voedselbank momenteel vier nieuwe inschrijvingen per minuut binnen.

Salvatore Russo en zijn gezin wonen in het beroemde gebouw Le Vele in de beruchte wijk Scampia in Napels.Beeld Giulio Piscitelli

Al voor het virus leefden bijna 5 miljoen Italianen in ‘absolute armoede’, wat betekende dat in steden als Napels een op de tien mensen niet of nauwelijks toegang hadden tot essentiële zaken als voedingsmiddelen, kleding en onderdak. ‘In het zuiden komt daar nu helaas nog een probleem bovenop’, zegt Ivo Poggiani, stadsdeelvoorzitter van volkswijk Sanità. ‘Namelijk dat een substantieel deel van de economie hier zwart is. Dan heb ik het over bouwvakkers, loodgieters, marktkooplui en pizza­bakkers die nergens geregistreerd staan en nu dus niet alleen hun werk kwijt zijn, maar ook geen kans maken op corona-uitkeringen.’

De zwarte economie

Naar schatting werkt ongeveer 15 procent van de Italiaanse beroepsbevolking zwart – 3,3 miljoen mensen van wie het gros in het zuiden woont. Meestal is zwart werken niet hun ­eigen keuze, maar die van hun baas, die liever geen belasting afdraagt. Dat geldt bijvoorbeeld voor D., een jongen van 24 die liever niet onder zijn eigen naam vertelt over zijn zwart werk als pizzabakker. Voor het restaurant op 12 maart zijn deuren sloot, verdiende hij zo’n 30 euro per dag. Dat was onvoldoende om te sparen, waardoor hij en zijn ouders nu, na vier weken lockdown, nog maar 50 euro overhebben. ‘De huur voor volgende maand hebben we niet overgemaakt, dus we zijn ondertussen ook schulden aan het opbouwen’, zegt hij. ‘Als ons geld straks op is, heb ik geen idee wat we moeten doen. Ik weet het echt niet.’

De eigenaresse van een tabakwinkel deelt eten uit aan families in Napels.Beeld Giulio Piscitelli

Het is een probleem dat elke week ietsjes erger wordt, zegt stadsdeelvoorzitter Poggiani. ‘De eerste tien ­dagen van de lockdown vroegen vooral ouderen ons om hulp met hun boodschappen, omdat ze bang waren buiten te komen. Nu zien we alleen nog mensen die hulp nodig hebben omdat ze geen boodschappen meer kunnen betalen. Als we niet snel een structurele oplossing vinden, vrees ik echt dat we in het volgende deel ­terechtkomen van die apocalyptische film die we allemaal wel eens hebben gezien. Namelijk het deel met de plunderingen en het geweld.’

Gewapende opstanden

Dat die vrees niet ongegrond is, bleek deze week in Palermo, waar de burgemeester na een aantal geweldsincidenten de supermarkten liet beveiligen door gewapende agenten. Maar het bleek tevens uit een gelekt rapport van de Italiaanse geheime dienst, waarin zwart op wit werd gewaarschuwd voor ‘opstanden in het zuiden, spontaan of georganiseerd’.

De familie Russo.Beeld Giulio Piscitelli

Juist omdat zo’n groot deel van de economie zwart is in het zuiden en juist omdat de georganiseerde misdaad er zo veel macht heeft, is de geheime dienst bang dat ‘er wapens in de handen worden gedrukt van zij die door de honger en misère worden voortgedreven’.

‘In onze Whatsappgroepen circu­leren nu al foto’s van gewapende mensen in hun woningen met de waarschuwing dat we extra op moeten passen’, zegt de werkloze pizza­bakker D., in wiens stem de woede en schaamte vechten om voorrang. ‘Als je honger hebt dan raak je in Napels helaas makkelijk in de problemen. Ook als je een goede jongen bent.’

Veel mensen in Napels hebben geen werk door de coronacrisis.Beeld Giulio Piscitelli

Het is in precies die redenering dat de georganiseerde misdaad om de hoek kijken, zegt antimaffia-aanklager Cafiero De Raho. ‘Hoe meer armoede er is, hoe meer jongeren bereid zijn op criminele manieren aan geld te komen en hoe groter hun draagvlak bovendien wordt in de rest van de samenleving. Je ziet nu al dat er voedsel wordt uitgedeeld in wijken die door de camorra worden gecontroleerd. Niemand van die mensen zal ooit nog met justitie praten.’

De troeven van de maffia

Het is slechts een van de vele manieren waarop de Italiaanse maffia – zowel de camorra in Napels, als de ’ndragheta in Calabrië en de cosa ­nostra op Sicilië – profiteert van het gemeenschappelijk lijden, zegt hij. Zo heeft de maffia de laatste jaren stevig geïnvesteerd in crematoria en privéziekenhuizen en speelt het van oudsher een belangrijke rol in de voedseldistributie; allemaal bedrijfstakken die momenteel floreren, terwijl de drugshandel onverminderd doorgaat via bezorging aan huis.

Het centraal station van Napels.Beeld Giulio Piscitelli

Ook heel belangrijk, voegt Cafiero De Raho toe: het uitlenen van geld. Economen verwachten dat de Italiaanse economie dit jaar zo’n grote klap krijgt dat maar liefst 65 procent van het midden- en kleinbedrijf failliet dreigt te gaan. Dat betekent dat duizenden bedrijven straks behoefte hebben aan leningen, die maffia­bazen met veel liquide middelen bereid zijn te geven in ruil voor woekerrentes of de mogelijkheid in de toekomst hun winsten wit te wassen.

‘Het gevaar bestaat dat we honderd jaar terug in de tijd gaan vanwege dit virus’, zegt Salvatore Russo, de man die met zijn vrouw en zes kinderen in Le Vele van Scampia woont, het naar riool stinkende symbool van een ­Napels waarvan iedereen zo vurig hoopte dat het eindelijk verleden tijd was. ‘En precies daarom vind ik het zo belangrijk dat we niet alleen de staatsschuld noemen als we over de economische gevolgen van corona praten. Het is belangrijk om over mensen te blijven praten. En over dat wij, de mensen, ons steeds meer zorgen maken over de toekomst van onze kinderen.’

(VK)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234