De mailbox van Arnon Grunberg: 'Dankwoord'

Zowel weglopen als terugkomen zijn activiteiten die ik meerdere malen heb ondernomen.

Lieve Maartje Wortel,

Een paar dagen voor mijn laatste reis richting Europa arriveerde hier jouw boek, samen met een aardig kaartje van je. Je bedankt me daarin onder andere voor de quote die ik heb gegeven voor je nieuwe bundel. Je uitgever had me weliswaar slechts twee verhalen gestuurd uit die nieuwe bundel en ik las die verhalen toen ik erg ziek was, toen ik deze zomer eerst met mijn buik en vervolgens met mijn verstandskies kampte, maar dat neemt niet weg dat alles wat in die quote stond uit mijn hart kwam.

Toen mijn moeder nog leefde, zei ik weleens tegen haar: ‘Jij woont in mijn hart.’ Na haar dood heb ik minder moeite met het woord ‘hart’.

Achterin je boek kwam ik een lijst met personages tegen. Althans dat dacht ik. Ik vond het origineel, alleen maar de namen van personages opschrijven zonder er iets mee te doen. Maar het bleken de namen te zijn van mensen die hadden geïnvesteerd in jouw nieuwe uitgeverij. Ik kwam mijn eigen naam ook tegen, waardoor alles verdacht zou kunnen worden wat ik over jouw boek beweer.

Maar ik geloof dat de investering net iets te klein is om die verdenking serieus te nemen. Ik bedoel, wat kun je verwachten van tienduizend euro? Dat er over vijf jaar vijftienduizend euro op je bankrekening staat – en dan? Dan staat er vijftienduizend euro op je rekening. Kun je daarvan een appartement kopen op Manhattan? Het lijkt me trouwens een veel te optimistische inschatting.

Behalve mijn eigen naam kwam ik de namen van een paar bekenden en vrienden tegen, en hier en daar een naam van iemand die me bekend voorkwam maar die ik niet meer kon thuisbrengen. En er waren de namen van mensen die ik weleens zou willen ontmoeten, bijvoorbeeld Yolanda Zielhuis-Nagel.

Misschien valt Zielhuis-Nagel tegen, maar ik sluit ook niet uit dat ze mijn leven gaat veranderen.

Ik las dat de recensent van de Volkskrant jou één ster had gegeven, ach die sterren, en ook NRC Handelsblad was nogal zuinig zoals dat heet. Na het lezen van die recensies besloot ik jou een brief te schrijven. Niet om je een riem onder het hart te steken – daar heb je het hart weer – maar om je te bedanken voor je lieve kaart. Ik volg je al sinds je columns schreef voor NRC Next. Die vond ik erg goed. En hoewel ik als mede-eigenaar van jouw uitgever niets mag zeggen over je verhalen kan ik je in vertrouwen mededelen dat ik die net zo goed vind als je columns indertijd. Daarnaast vind ik je erg aardig. Dat is ook wat waard.

Nu nog wat over je dankwoord dat mij minstens zo fascineert als de namen achterin. Ik kwam nog een naam tegen die mij fascineerde, Raymond Goelabdien. Misschien kunnen we met Raymond Goelabdien wat gaan drinken?

Goed, je nawoord dat Dankwoord heet, je schrijft: ‘Philip! Mijn dank aan jou is oneindig. Bedankt dat je wegliep op het juiste moment en vooral ook dat je terugkwam op het juiste moment.’

Een fragment dat mij bijzonder fascineert. Zowel weglopen als terugkomen zijn activiteiten die ik meerdere malen heb ondernomen, maar steeds weer had en heb ik het gevoel dat ik noch voor het weglopen noch voor het terugkomen het juiste moment had gekozen. Misschien moet ik eens met Philip praten die kennelijk een uitstekend gevoel voor timing heeft.

Het lijkt me trouwens leuk dat je volgende boek uitsluitend uit een dankwoord bestaat en het lijkt me ook heel aardig, maar misschien ben ik nu onbescheiden dat ik in dat dankwoord voorkom. Ik doe maar een voorzet: ‘Arnon! Oneindig veel dank dat je met mij en mijn vriendin mee bent gegaan naar Italië, bedankt dat je me op het juiste moment verrot hebt gescholden en bedankt dat je daarvoor op het juiste moment je excuus hebt aangeboden.’

Je kunt in zo’n uitvoerig dankwoord ook mensen opnemen die jou teleurgesteld hebben. Dan zou ik er als volgt in kunnen voorkomen: ‘Arnon, ik had veel meer van je verwacht. Niettemin, dank.’

Toen ik van de vroege zomer deelnam aan één van de leesclubs die jouw uitgeverij en dus eigenlijk ook mijn uitgeverij – als kleine, stille investeerder moet je toch verantwoordelijkheid nemen voor je daden... Enfin jij zat van de zomer ook in die leesclub als bezoeker samen met je vriendin. Althans zo heb ik het onthouden maar het is lang geleden, er is in de tussentijd veel gebeurd, en misschien heb ik het mis.

Tijdens het lezen van het dankwoord moest ik weer aan die merkwaardige maar niet onaangename bijeenkomst denken. Je eindigt je dankwoord met: ‘Natuurlijk bedank ik tot slot Marie, gewoon omdat je bestaat. Zo volledig. En vooral ook zo knap.’

Ik vind dat je mensen vooral moet bedanken voor hun bestaan als ze dicht bij de dood zijn geweest. Over de dood gesproken, heb je iets van Romain Gary gelezen?

Nog een suggestie voor je nieuwe dankwoord: ‘Arnon, wat fijn dat je je zo volledig hebt ontfermd over mijn vader.’

Ik heb niet veel tijd maar ik wil me tussendoor best ontfermen over jou.

Liefs,

Arnon.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234