De mailbox van Arnon Grunberg: 'Jagen op schoften'

Meer dan twintig vrouwen hebben u beschuldigd van 'slaan, bijten, wurgen en verbaal geweld' tijdens seks

Beste Jian Ghomeshi,

Op een avond, niet zo lang geleden, at ik wat met de hoofdredacteur van The New York Review of Books, die inmiddels geen hoofdredacteur meer is, en hij vertelde me over u. Ik kende uw naam niet – je kunt niet alle radiopresentatoren en muzikanten kennen – maar uw naam had nog meer bekendheid gekregen door #MeToo en alles wat dat had teweeggebracht. (Je kunt ook niet alle schandalen kennen.)

Een paar weken later publiceerde voornoemd tijdschrift een essay van u waarin u over uw val bericht. Later werd dat essay voorzien van een introductie die het in een context plaatst. Dat moest wel, want toen het online werd geplaatst, brak een storm van verontwaardiging los over het feit dat een blad als The New York Review of Books u ruimte had gegeven. Over het essay zelf werd weinig gezegd. Vermoedelijk hadden de verontwaardigden het ook helemaal niet gelezen, verontwaardiging gedijt het best op een minimum aan informatie. De verontwaardigde weet alles al en is te allen tijde bereid zijn verontwaardiging tevoorschijn te toveren, wetende dat die – zeker nu – een machtig wapen is.

Even naar de introductie die nu boven uw essay staat. Meer dan twintig vrouwen hebben u beschuldigd van ‘slaan, bijten, wurgen en verbaal geweld’ tijdens seks. U bent juridisch vrijgesproken van alle beschuldigingen, in één geval hebt u publiekelijk uw excuses aangeboden om aan verdere vervolging te ontkomen.

Juridische vrijspraak hoeft niet te betekenen dat er niets is gebeurd, maar we leven in een rechtsstaat, en dat betekent dat we niet op de stoel van een rechter of van een jurylid gaan zitten, ook niet als het oordeel ons mishaagt.

De voormalige hoofdredacteur, Ian Buruma, wilde, zo begreep ik die avond in juli, een stem geven aan mannen die door #MeToo ten val waren gekomen. Aan u, omdat uw geval interessant was. U was vrijgesproken. Wat er precies was gebeurd, was moeilijk te achterhalen, het was fair te zeggen dat u zich in een grijze zone bevond. Niemand twijfelde eraan dat u grenzen had overschreden, maar welke straf bij die overschrijdingen hoorde, was onduidelijk. En nogmaals, u was vrijgesproken. Daders het zwijgen opleggen brengt ons niet verder, zeker niet als de massa zelf bepaalt wie dader en wie slachtoffer is. Het uit het oog verliezen van de grijze zone tussen dader en slachtoffer – waarmee zeker niet elk daderschap wordt gerelativeerd, en ook niet elk slachtofferschap – brengt ons ook niet verder.

Maar de massa oordeelde anders. Toen uw essay werd gepubliceerd, brak een milde hel los. Zoals in Nederland verontwaardigde burgers graag ruiten van pedofielen inslaan, ongeacht of ze hun straf hebben uitgezeten dan wel of ze überhaupt iets hebben misdaan, zo wilde de massa online uw bloed en dat van de hoofdredacteur drinken. Ordinaire bloeddorst, gehuld in het kleed van de strijd om rechtvaardigheid.

Aangezien uw bloed al grotendeels was gedronken – u was al ten val gekomen, u lag al op de grond, uw essay berichtte hoe het is om op de grond te liggen, dus er viel weinig eer te behalen – trokken de honden die bloed roken richting hoofdredacteur.

De Frans-Oostenrijkse schrijver Manès Sperber schreef in een essay dat de dader die voor de rechtbank staat, in niets meer lijkt op de persoon die de daad heeft begaan waarvoor hij terechtstaat. De man of vrouw die op de grond ligt, lijkt niet meer op de man of vrouw die anderen iets heeft aangedaan.

In dit geval ging het uitsluitend om het feit dat u een podium was geboden. De hang naar zuiverheid verdraagt dergelijke smetten niet, de hang naar zuiverheid verdraagt geen grijze tinten, de hang naar zuiverheid is diep vanbinnen totalitair en uiteindelijk altijd fascistisch en onmenselijk, want de hang naar zuiverheid zal doen stenigen tot er niets meer te stenigen valt.

Waarom precies de hoofdredacteur is vertrokken, is nu nog onduidelijk, maar wij twijfelen er niet aan dat het te maken heeft met de beslissing om uw essay te publiceren.

Vervolgens treden de wetten van het kapitalisme in werking, die soms samenvallen met de treurige morele leer van de zuiverheid. Imagoschade dient beperkt en bestreden te worden. Men brengt een offer. En hoopt vervolgens verder te gaan zonder al te veel verlies te lijden. Het hongerige beest van de moraal is weer een lap vlees gevoerd en zo hoopt men het eigen vlees te redden.

Ik heb uw essay met interesse gelezen. Ik denk dat het belangrijk is dat het werd gepubliceerd. Wie de wereld enigszins wil begrijpen, moet zoveel mogelijk stemmen ruimte bieden, en zeker niet alleen de stemmen van de zuivere mens. En we moeten nadenken of de publieke opinie in naam van het goede jacht mag maken op ‘schoften’, en in hoeverre die publieke opinie dan nog verschilt van de extreemrechtse relschoppers in Chemnitz, om niet te zeggen fascisten, die jacht maken op hun ‘schoften’.

Iedereen jaagt op zijn eigen schoften, in naam van de redding van het vaderland, of de redding van de vrouw, of de redding van het vrije woord, maar ik zeg u, het gaat om de jacht.

Vriendelijke groet en sterkte,

Arnon Grunberg »

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234