null Beeld

De man die 50 boeken schreef: de 5 beste volgens Herman Brusselmans

Als we het telraam van zijn uitgeverij mogen vertrouwen, is 'Mijn haar is lang' het vijftigste boek van de Hoofdman der Vlaamse lett'ren: hoog tijd om eens te polsen naar de vijf werken die hemzelf het meest dierbaar zijn.

'Kristien Hemmerechts is de meest ecologische van alle Vlaamse schrijvers. Ze composteert haar eigen kak. Dat zal ik uitleggen. Welnu, Kristien kakt in een emmertje en slaat de keutels op in een droogoven. Als al het vocht eruit verdwenen is, perst ze ze eigenhandig samen tot briketten die ze in haar kachel gooit. Wárm!'

''De lezer mag maar één ding denken: doorlezen!''

Mocht het u ontgaan zijn: de geurigste lulkoek wordt nog immer gebakken in de ambachtelijke schrijverskeuken van Herman Brusselmans. In zijn nieuwe worp 'Mijn haar is lang' (Prometheus) onderneemt een gevierde schrijver (yep: hij luistert naar de naam Herman Brusselmans) een queeste naar de geschikte kapper. Onderweg voert hij gesprekken met wildvreemden, strooit hij kwistig levenswijsheden in het rond ('Het beetje kennis dat je hebt moet je natuurlijk rondstrooien in je romans, anders kun je beter helemáál geen schrijver zijn') en serveert hij ontroerende passages over de dood van zijn ouders. Als we het telraam van zijn uitgeverij mogen vertrouwen, is 'Mijn haar is lang' het vijftigste boek van de Hoofdman der Vlaamse lett'ren: hoog tijd om eens te polsen naar de vijf werken die hemzelf het meest dierbaar zijn.


'De man die werk vond' (1985)

HUMO Geen verrassing: 'Als ik om één boek herinnerd zal worden, dan wel dit,' zei je ooit.

null Beeld

HERMAN BRUSSELMANS «Dat wordt toch beweerd door mensen die mijn oeuvre niet echt appreciëren. Eigenlijk bedoelen ze: 'Die Brusselmans is geen Echte Schrijver, maar dankzij dit vod krijgt hij nog nét een voetnoot in de Nederlandse literatuurgeschiedenis.' Maar ik beschouw het wel degelijk als een mijlpaal in mijn schrijverschap.

»Bij uitgeverij In De Knipscheer - vind ik trouwens nog altijd een fantastische naam - had ik eerder al de verhalenbundel 'Het zinneloze zeilen' en de roman 'Prachtige ogen' gepubliceerd, maar die liepen voor geen meter. 'Prachtige ogen' had een vileine kritiek gekregen in Vrij Nederland, en mijn toenmalige uitgever vond dat reden genoeg om het manuscript van 'De man die werk vond' te weigeren. Vic van de Reijt, thans uitgever van Nijgh & Van Ditmar maar destijds redacteur bij Bert Bakker, was er wél enthousiast over en haalde me aan boord. Geen slechte zet, want mijn roman sloeg aan. De dag waarop ik een brief in mijn bus vond waarin stond dat 'De man die werk vond' herdrukt zou worden, is nog altijd de gelukkigste uit mijn carrière. 't Was altijd mijn droom geweest om een tweede druk te mogen beleven, in mijn ogen had je het dan echt gemáákt (lacht).

»Ook inhoudelijk had ik eindelijk mijn draai gevonden. 'De man die werk vond' is een soort prototype van de fictief autobiografische boeken die ik nog altijd schrijf: net als mijn hoofdpersonage Louis Tinner werkte ik in de bibliotheek van de RVA, maar ik dikte zijn gedachten en handelingen wel serieus aan.»

HUMO Citeren we even uit een dienstnota van Louis Tinner: 'Een boek dat hen enkele uurtjes (meerdere dagen) ontspanning in het verschiet stelt, waartijdens ze even (heel lang) zullen vluchten uit de wurgende greep van de grauwe werkelijkheid.' Is zijn definitie van de schone letteren ook de jouwe?

BRUSSELMANS «Absoluut. Een boek moet de lezer in de eerste plaats amuseren. Dat kan van alles betekenen: dat hij ermee moet lachen, huilen, erdoor gepakt wordt en noem maar op. Hij mag tijdens het lezen aan niks anders denken dan dit: doorlezen!

»Het is niet de taak van de literatuur om grote maatschappelijke problemen aan te kaarten. Als er iets belangwekkends gebeurt, lees je de feiten wel op het internet, en de rest wordt de dagen en weken erna uitvoerig belicht in kranten en tijdschriften. Mij niet gelaten als een schrijver per se de definitieve roman over de Hutu's en de Tutsi's wil plegen, zolang hij maar niet vergeet de lezer nog een beetje te vermaken. Kijk maar naar het alom bejubelde 'Laagland' van Joseph O'Neill: uitstekende roman, maar ik vond de passages over het gebroken huwelijk van het hoofdpersonage en zijn vriendschappen véél interessanter dan de beschouwingen over nine eleven. Je kunt van 'De man die werk vond' ook zeggen dat het de grauwe jaren tachtig te kijk zet, maar mij was het toch vooral om de lotgevallen van Louis Tinner te doen - misschien daarom dat het nog altijd niet verouderd aandoet.»


Bekijk een tv-fragment uit 1988


Lees ook: Jongens van 50: Herman Brusselmans en Tom Lanoye

'Ex-minnaar' (1993)

BRUSSELMANS «Nog zo'n mijlpaal, vooral omdat 'Ex-minnaar' het eerste boek was waarvan mijn moeder de publicatie niet heeft meegemaakt. Ik was dertig pagina's ver toen ze overleed, en de twijfel sloeg keihard toe: moet ik alles weggooien en een soort requiem voor haar schrijven, of moet ik die ingrijpende gebeurtenis als een rode draad door het bestaande verhaal weven? Erover zwijgen was geen optie: mijn buikgevoel zei dat ik erover móést schrijven, al was het maar om het rouwproces een beetje te verlichten.

null Beeld

»Niet dat ze mijn boeken las, hoor. Of liever: ze heeft ooit vijf pagina's van 'Heden ben ik nuchter' gelezen, maar ze is afgehaakt na de passage met die afgesneden lul. Toen zei ze: 'Niks voor mij, jongen.' Maar ze was wel blij met wat ik deed, en ze kwam steevast naar mijn boekvoorstellingen.»

HUMO Wie jouw oeuvre een beetje kent, weet dat het rouwproces om je moeder een levenswerk is. Ook in 'Mijn haar is lang' schrijf je over het gapende gat dat ze achterliet.

BRUSSELMANS «En over twintig jaar zal ik het nog altijd over dat Grote Verdriet hebben, want de nieuwe herinneringen blijven naar boven komen.

»Ik heb de lezer nooit willen doodkloppen met mijn verdriet door het in één boek samen te ballen, zoals Connie Palmen deed met 'I.M.' of Kristien Hemmerechts met 'Taal zonder mij'. Dat zijn best aangrijpende boeken, maar ik smijt mijn privéleven niet ongecensureerd op straat - in tegenstelling tot wat veel mensen denken. Iedereen mag weten dat mijn vader vorig jaar is gestorven, maar mijn verdriet blijft binnenskamers.»

HUMO 'De herinneringen aan hen moeten mooi blijven en mogen niet doorboord worden door de pen,' luidt het in 'Mijn haar is lang'.

BRUSSELMANS «Dat ook, ja. Als je echt zo'n hondseerlijk boek wilt schrijven, moet je ook de kleine kanten van je dierbare durven te belichten, anders wordt het een hagiografie.

»De tweede reden waarom ik voor 'Ex-minnaar' heb gekozen, is dat ik in diezelfde periode Tania tegen het lijf ben gelopen - nog zo'n mijlpaal. Tegenwoordig gebruik ik consequent de naam 'Tania de Metsenaere' als ik het in mijn boeken heb over het personage dat mijn vrouw voorstelt. Net als de schrijver 'Herman Brusselmans' is ze deels autobiografisch, deels fictief. Om één voorbeeld te geven: het romanpersonage Tania de Metsenaere kan de schrijver Herman Brusselmans makkelijk twintig keer per dag pijpen, iets wat in realiteit maar zelden voorvalt.

»Ik wil nog één scène uit 'Ex-minnaar' vermelden omdat ik gemerkt heb dat ze bij veel lezers is blijven hangen, met name die waarin het hoofdpersonage een Vlaams Blokker ei zo na de kop inslaat met zijn motorhelm. Maar ik discrimineer zelden of nooit: in mijn oeuvre krijgen ook extreme moslims op hun muil (lacht).»

‘KristienHemmerechtsisdemeest ecologische van alle Vlaamse schrijvers. Ze composteert haar eigen kak. Dat zal ik uitleggen. Welnu, Kristien kakt in een emmertje en slaat de keutels op in een droogoven. Als al het vocht eruit verdwenen is, perst ze ze eigenhandig samen tot briketten die ze in haar kachel gooit. Wárm!’ Mocht het u ontgaan zijn: de geurigste lulkoek wordt nog immer gebakken in de ambachtelijke schrijverskeuken van Herman Brusselmans. In zijn nieuwe worp ‘Mijn haar is lang’ (Prometheus) onderneemt een gevierde schrijver (yep: hij luistert naar de naam Herman Brusselmans) een queeste naar de geschikte kapper. Onderweg voert hij gesprekken met wildvreemden, strooit hij kwistig levenswijsheden in het rond (‘Het beetje kennis dat je hebt moet je natuurlijk rondstrooien in je romans, anders kun je beter helemáál geen schrijver zijn’) en serveert hij ontroerende passages over de dood van zijn ouders. Als we het telraam van zijn uitgeverij mogen vertrouwen, is ‘Mijn haar is lang’ het vijftigste boek van de Hoofdman der Vlaamse lett’ren: hoog tijd om eens te polsen naar de vijf werken die hemzelf het meest dierbaar zijn.


'De terugkeer van Bonanza' (1995)

HUMO Met de eerste roman in wat een trilogie over de gehaaide ondernemer Guggenheimer zou worden, bood je de lezers die een beetje uitgekeken waren op je autobiografische fictie een vermakelijk alternatief.

null Beeld

Brusselmans «Voor dit vijftal heb ik nog even getwijfeld tussen ‘De terugkeer van Bonanza’ en ‘Muggepuut’, deel één van mijn trilogie over schrijver Danny Muggepuut. Eén ding hebben die twee romans gemeen: ’t kostte verrassend weinig moeite om ze te schrijven, en dat had alles te maken met het hoofdpersonage. Guggenheimer is zo rijk als de zee diep is, en daardoor kan hij altijd en overal zijn goesting doen. Als hij met de auto ergens naartoe rijdt, parkeert hij gewoon waar hij wil, en als de flikken ’m willen bekeuren, koopt hij ze gewoon om of dreigt hij met zijn connecties – zéér handig. Toen ik de laatste zin van ‘Bonanza’ tikte, wist ik: rijke mensen zijn de gelukkigste mensen ter wereld.»

HUMO Guggenheimer, zelf een schoft van het zuiverste water, bestrijdt klootzakken met hun eigen wapens: ‘Verantwoord egoïsme, doelgerichte arrogantie, ongenuanceerd machtsgebruik.’

Brusselmans «Omdat hij niks te kort komt, heeft hij maar één ambitie: de allergrootste klootzak worden. ’t Lijkt hem nog te lukken ook, al is hij in wezen ongelofelijk dom. Ik bedoel maar: zijn secretaresse Debbie is ook een leegloopster, maar zij leest tenminste nog ‘Ulysses’ tijdens haar diensturen.

»Soit: het verbaasde me altijd als mensen me vol trots kwamen vertellen dat ze zichzelf in Guggenheimer herkend hadden. Of dat iemand in hun familie er prat op ging: ‘Mijn nonkel zegt dat jouw personage op hem gebaseerd is, want hij werkt voor de televisie, heeft veel geld en rijdt met een dikke Mercedes.’ ‘Serieus?’ antwoordde ik dan. ‘En is die nonkel ook dom, en heeft hij evenmin gevoel voor humor?’ Daar lag-ie niet wakker van, verzekerden ze me.»

HUMO ‘De terugkeer van Bonanza’ was de eerste roman waarin jij – pardon: Guggenheimer – BV’s massaal te kakken zette. Zo dartelt het jonge zangeresje Isabelle A op ’m af, vergezeld van ‘een ouwelijke jongen met kanjers van zakken onder z’n ogen en een kapsel dat je nog niet aan een pruimenlikker met haaruitval zou toewensen’.

Brusselmans «De aandachtige lezer had Willy Sommers meteen herkend (grijnst). Ach, dat spel met die namen was geen barrière: in Nederland hebben ze dit boek ook gretig gesmaakt, terwijl ze figuren als Isabelle A daar toch van haar noch pruim kenden.

»Tot Ann Demeulemeester me dat proces aan mijn broek lapte (in 1999 liet de modeontwerpster alle exemplaren van ‘Uitgeverij Guggenheimer’ uit de rekken halen wegens een onflatteuze opmerking over haar uiterlijk, red.) hield ik nul komma nul rekening met de bekende koppen die ik in mijn boeken liet opdraven. Ik ging er altijd van uit dat gedupeerden me met gelijke wapens – lees: met woorden – zouden bekampen. Maar sommige mensen weigeren het zwaard op te nemen, ze schieten die onnozele zwaardvechter liever overhoop met een bazooka. Naast een schadevergoeding aan Demeulemeester moest ik ook nog de proceskosten betalen, maar het boek mocht wel opnieuw in de winkel zonder dat de bewuste passages geschrapt werden. Daardoor beschouw ik mezelf toch als de morele winnaar. Dat neemt niet weg dat ik voorzichtiger geworden ben.»


'De kus in de nacht' (2002)

Brusselmans «Mijn kleine monument. Toen ik eraan begon, had ik maar één doel voor ogen: ’t moest een baksteen van een roman worden. Oké, er zijn betere drijfveren om aan een roman te beginnen, maar ik ben er niettemin zeer tevreden over. Om te beginnen telt hij 613 pagina’s: dik genoeg om er iemand de kop mee in te slaan. Maar ook inhoudelijk beschouw ik ’m als zeer geslaagd. ’t gaat over een schrijver die schrijft over het schrijven van literatuur, en naar mijn gevoel zit de dosering helemaal juist.

null Beeld

»Zelfs de promostunt mocht er wezen: in elk exemplaar zat een wedstrijdformulier waarmee de koper een Buell Firebolt-motorfiets kon winnen – met dat monster verplaatst het hoofdpersonage zich. Dat gaf aanleiding tot surrealistische taferelen: tijdens een signeersessie in Wijnegem Shopping Center daagde bijvoorbeeld een hele bende motards op, waarvan de meesten voor het eerst in hun leven een roman kochten – chapeau! En uiteindelijk was een jonge arbeider de winnaar. Die splinternieuwe motor wordt bij hem thuis geleverd, hij parkeert ’m meteen in de garage en zet zijn autotje noodgedwongen op straat. Diezelfde nacht wordt die auto gepikt. Moest hij die Firebolt dus meteen verkopen om een andere auto te kunnen kopen (lacht).»


Mijn haar is lang (2009)

Brusselmans «Je laatste boek is sowieso een mijlpaal in je oeuvre, louter en alleen omdat het geschreven is geraakt. Wat geldt voor voetballers die goals moeten scoren, geldt ook voor schrijvers die romans publiceren: als je over een uur doodvalt, is het gedaan.»

null Beeld

HUMO ‘Mijn haar is lang’ boomt door op de roman fleuve die begon met ‘En vergeef mij de liefde’, de voorganger van ‘De kus in de nacht’: de schrijver Herman Brusselmans wandelt door de stad Gent en tekent gesprekken op met oude bekenden en toevallige voorbijgangers. Een plot is ver te zoeken, maar daar is een reden voor: ‘Een roman schrijven brengt zoveel stress teweeg dat je er rode vlekken van in je halsstreek krijgt, zeker als de plot niet echt wil lukken. Daarom probeer ik een plot zoveel mogelijk te vermijden.’

Brusselmans «Ik ben het alweer roerend eens met mijn fictieve zelve, al zit in ‘Mijn haar is lang’ natuurlijk wél een minimale plot: de schrijver gaat op zoek naar een kapper, raakt zijn haar kwijt en laat het opnieuw groeien.

»’t Hangt er ook van af wat je onder ‘plot’ verstaat, hè. ‘Het diner’ van Herman Koch – prima roman, overigens – wordt overal geroemd vanwege de ingenieuze intrige, maar dat is bullshit. Hij hanteert gewoon de klassieke truken: personages introduceren en ze pas driehonderd pagina’s verder opnieuw laten opduiken en zo. Voor mij is een plot een constructie als een Rubiks kubus. Maar ik ben er geen voorstander van: te veel schrijfstress, jong.»

HUMO In losse draf naar nummer eenenvijftig!

undefined

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234