null Beeld

'De moord op Margaret Thatcher': schrijfster Hilary Mantel neemt zoete wraak

Het Britse kuststadje waar Hilary Mantels penthouse op uitkijkt, doet belachelijk hard zijn best om het tot idyllische, oer-Britse postkaart te schoppen. Geen gepaster decor om bij Mantel, schrijfster van de populaire Tudortrilogie en nu 'De moord op Margaret Thatcher' op de thee te gaan.

De eerste twee delen, ‘Wolf Hall’ en ‘Het boek Henry’, gingen al meer dan een miljoen keer over de toonbank, wonnen allebei de prestigieuze Man Booker Prize en werden vorig jaar verfilmd door de BBC. Het langverwachte slot van Mantels drieluik, ‘De spiegel en het licht’, staat voor eind 2015 gepland. Wanneer we Hilary Mantel de hand schudden, is het moeilijk te geloven dat dit vrouwtje met het zware, uitdijende lichaam en frêle vogelhoofd het brein is achter Thomas Cromwell, de uit staal en ambitie opgetrokken hoofdfiguur uit haar trilogie. En, in haar nieuwste verhalenbundel ‘De moord op Margaret Thatcher’, sluipmoordenaar van wijlen The Iron Lady.

HUMO ‘Het is die nepvrouwelijkheid die ik niet kan uitstaan. Zoals ze van rijkelui houdt. Het is dat cultuurbarbarisme van haar, die onwetendheid, dat gebrek aan mededogen,’ schrijft u in het titelverhaal. Zeggen dat u geen fan bent van Margaret Thatcher lijkt me een understatement.

null Beeld

Hilary Mantel «Gezien mijn achtergrond zou het zeer vreemd zijn als ik dat wel was. Ik kom uit het noorden van Groot-Brittannië en mijn voorouders uit Ierland: streken waar mevrouw Thatcher niet bepaald populair was. Ik ben ook een kind van de arbeidersklasse, iemand die alles te danken heeft aan de Britse verzorgingsstaat. Dankzij de naoorlogse consensus kon elke Brit genieten van gratis gezondheidszorg en onderwijs, ongeacht je afkomst. Zonder die hulpmiddelen had ik nooit schrijfster kunnen worden. In mijn ogen hebben Margaret Thatcher en haar politieke erfgenamen er alles aan gedaan om die staat weer af te breken. Puur politiek gezien is het dus volkomen logisch dat ik me in het vijandelijke kamp bevind.

undefined

'Als kitschfenomeen vind ik mevrouw Thatcher bijzonder ondergewaardeerd'

»Maar ik heb het gevoel dat mijn afkeer voor mevrouw Thatcher op meer gestoeld is dan zuivere logica alleen. Ik vind haar afstotelijk, ik kan het niet anders omschrijven. Iemand die zo’n hevige reactie uitlokt, is voor een schrijver natuurlijk bijzonder interessant. Zeker omdat ik niet de enige ben die zo op haar verschijning reageer. Zelfs nu, na haar dood, raken de gemoederen hier in Groot-Brittannië snel verhit als ze het op televisie of in de krant over haar hebben. Ik ken geen enkele moderne politicus die dat effect heeft op mensen. Het is ook deels een instinctieve reactie, denk ik.»

HUMO Misschien was u als vrouw extra gevoelig voor haar ‘nepvrouwelijkheid’, zoals u het noemt?

Mantel «Ja, ik kreeg altijd de indruk dat mevrouw Thatcher liever als man was geboren. Pas op, het lijkt me niet simpel om als vrouw in de schijnwerpers te staan. Maar dan vind ik dat politieke leidsters als Angela Merkel of Hillary Clinton een veel geloofwaardiger beeld projecteren. Ze komen bekwaam over en – heel belangrijk – ze gaan op een ongedwongen manier om met hun vrouwelijkheid. Terwijl mevrouw Thatcher haar sekse meer leek te faken. Weet je waar ze me een beetje aan deed denken? Aan een dragqueen. Die zijn ook hypervrouwelijk, op een overdreven manier (met hoog stemmetje): ‘Kijk naar mij, ik ben een vrouw!’ Die gekunsteldheid van haar stuitte me tegen de borst. En tegelijk fascineert het me mateloos. Ja, als kitschfenomeen vind ik mevrouw Thatcher bijzonder ondergewaardeerd (lacht).»

null Beeld

undefined

HUMO Met uw gefingeerde moord op Thatcher haalde u zich vorig jaar wel de woede van de Conservatieven op de hals. Lord Tebbit noemde u zelfs een ‘sick mind’.

Mantel (maakt wegwuifgebaar) «Ach, dat waren allemaal collega’s van haar, die trouwens geen idee hebben hoe ze fictie moeten lezen. Zo is het concept ‘ironie’ hun volgens mij volkomen vreemd. Toen mevrouw Thatcher ooit werd gevraagd wat haar favoriete roman was, antwoordde ze ‘De dag van de jakhals’ van Frederick Forsyth, over de aanslag op Charles de Gaulle. Dus eigenlijk is mijn verhaal een eerbetoon aan haar. (lacht) Nog liever had ik het gepubliceerd toen Thatcher nog leefde. Ze had duidelijk geen problemen met een politieke moord als verhaalstof, dus waarom zou ik haar eens niet naar het schavot mogen leiden? Je kunt het ook bezwaarlijk nieuws noemen dat veel mensen haar destijds liever dood zagen. Als politieke leider ben je een wandelende schietschijf, dat hoort nu eenmaal bij de job.»

HUMO De recente verkiezingsoverwinning van Thatchers politieke erfgenamen moet u wel pijn hebben gedaan.

Mantel (zucht) «Dat stemt me inderdaad zeer triest.»

HUMO Hebt u een verklaring voor die conservatieve reflex van de Britse kiezer?

Mantel «O ja, die is volgens mij heel simpel: de Britse kiezer is voorgelogen door de huidige regering. En Labour is er niet in geslaagd om die leugen tegen te spreken en zelf het echte verhaal aan de kiezer te vertellen. De partij heeft dus vooral op communicatief vlak gefaald. En wat nog erger is: de leiders van Labour schijnen nu te denken dat ze de verkiezingen hebben verloren omdat ze op ideologisch vlak te veel van de Conservatieven verschillen. Een zeer verontrustende logica.

»Het wordt interessant om zien wie zich nu als nieuwe leider van Labour zal opwerpen. Ik heb wel medelijden met Ed Miliband (die na de verkiezingen ontslag nam, red.), ik hoop dat zijn politieke carrière niet voorbij is. Ik vond ’m een bijzonder getalenteerde en integere jongeman. Misschien is zijn politieke opmars te snel gegaan? Iedereen dacht destijds dat zijn oudere broer leider van Labour zou worden. (Plots) Kijk, daar zit nog eens een interessante intrige in voor een roman!»


Het probleem met Henry

Politieke intriges vormen ook het bonzende hart van ‘Wolf Hall’ en ‘Het boek Henry’, de twee telefoonboeken van romans waarin Mantel de alom bekende geschiedenis van Henry VIII en zijn half dozijn vrouwen nieuw leven inblaast. De schrijfster ploegde zich vijf jaar lang door elk velletje papier dat ooit over de Tudorkoning werd geschreven en spon er twee verbluffende historische romans uit. De lezer krijgt Henry’s historie door de ogen van zijn adviseur te zien, Thomas Cromwell.

HUMO Waarom koos u van alle personen aan het hof van Henry VIII net voor Cromwell als hoofdpersonage?

Mantel «Eerlijk gezegd was dat vooral een commerciële keuze. Er zijn al duizenden boeken over Henry VIII geschreven, maar bij allemaal had ik het gevoel dat er iets ontbrak: het standpunt van Thomas Cromwell, die als raadgever heel dicht bij de koning stond en dus een bevoorrechte positie bekleedde. Door mee door zijn ogen te kijken, wordt dat stukgekauwde verhaal van Henry VIII en zijn onthoofde vrouwen plots weer nieuw en onbekend terrein. Daar was ik me jaren geleden al van bewust, maar ik was ervan overtuigd dat een andere schrijver me wel voor zou zijn. Ik was toch zeker niet de enige die het gigantische potentieel van Cromwell als romanpersonage zag? Tot 2009, het jaar waarin het precies vijfhonderd jaar geleden zou zijn dat Henry VIII de troon besteeg, steeds dichterbij kwam en er nog steeds geen roman rond zijn figuur was verschenen. In 2004, vijf jaar voor de grote herdenking, ben ik er dan maar zelf aan begonnen.

»Ik was natuurlijk ook persoonlijk gefascineerd door Thomas Cromwell. Zijn verhaal is behoorlijk onwaarschijnlijk, zeker voor zijn tijd: een zoon van een arme hoefsmid die uitgroeit tot de tweede machtigste man van het Britse koninkrijk. Gedroomde stof voor een roman!»

undefined

null Beeld

undefined

'Ik vraag me af of moderne politici zich nog zouden durven te gedragen zoals ze nu soms doen, als de guillotine elk moment stond te lonken'

HUMO Zou u over moderne politieke figuren ook zo opwindend kunnen schrijven als over Cromwell?

Mantel «Nee, ik heb een zekere afstand nodig, anders wordt het journalistiek. Zelfs met vijfhonderd jaar ertussen blijken de figuren die ik opvoer, nog steeds zeer gevoelig te liggen in Groot-Brittannië. Vooral over mijn beschrijving van Thomas More is er veel ophef ontstaan – uit katholieke hoek heb ik zelfs niet mis te verstane bedreigingen ontvangen. Daarmee vergeleken waren de reacties op dat Margaret Thatcher-verhaal maar klein bier (lacht).»

HUMO Omdat u hem als een betweterig klootzakje afschildert?

Mantel «Ja, dat beeld past natuurlijk niet in het kraam van de katholieke kerk. Terwijl ik niets nieuws over More vertel, het staat allemaal gewoon in de geschiedenisboeken. Dat toont nog maar eens hoe slecht de kerk op de hoogte is van haar eigen geschiedenis – of hoe graag ze vasthoudt aan haar eigen versie van de feiten, zelfs als die helemaal niet klopt. Ach, mensen hebben nu eenmaal niet graag dat je hen op hun misvattingen wijst.»

HUMO Heeft dat ook niet te maken met het medium dat u gebruikt? In een historische roman is de grens tussen feit en fictie soms moeilijk te ontwaren.

Mantel «De geoefende lezer snapt dat die ambivalentie typisch is voor de historische roman en het leesplezier net verhoogt. Maar mensen die geen idee hebben hoe romans werken – en bij uitbreiding hun eigen verbeelding – lopen inderdaad vast op dat onderscheid. En in de kerk loopt het blijkbaar vol met mensen die hun verbeelding niet vertrouwen (lacht).

»Elke lezer vraagt zich tijdens het lezen van ‘Wolf Hall’ natuurlijk af waar de geschiedenis eindigt en mijn verbeelding begint. Ik had een uitgebreide bibliografie aan mijn boeken kunnen toevoegen, waarin ik voor elke geschreven zin uitspelde welke bronnen ik heb gebruikt. Maar die lijst zou langer zijn dan mijn roman zelf! Ik reken er dus op dat de lezer me gewoon vertrouwt als ik zeg dat ik consciëntieus met mijn bronnenmateriaal ben omgesprongen. Ik ben geen leger dat door de geschiedenis is gemarcheerd en alles op zijn pad heeft vernield. Sterker nog: wie dat wil, kan het pad dat ik door mijn bronnenmateriaal heb afgelegd perfect reconstrueren. Als ik in mijn roman beweer dat Thomas Cromwell op die of die dag in dat stadje vertoefde, dan weet ik dat ofwel zeker, ofwel heeft mijn bronnenstudie niet uitgewezen dat hij zich elders bevond.»

HUMO Die aanpak staat u ook toe om het imago van Henry VIII als geschifte koppensneller wat te nuanceren.

Mantel «Ja, het probleem met Henry is dat het beeld dat van hem is blijven plakken dat van een oudere, norse man is, geplaagd door ziektes en een ernstige beenwonde (bij een steekspel in 1536 zou hij zwaargewond aan het been zijn geraakt, red.). Als jongeman was hij heel anders. Sommige historici beweren zelfs dat hij als jongen heel aardig was en pas later een tiranniek monster werd. Al lijkt me dat ook wat simpel uitgedrukt: zodra Henry als tiener de troon besteeg, vertoonde hij al alle kenmerken van een staalharde inborst. Maar het lijdt geen twijfel dat hij in de loop van zijn leven grondig is veranderd en dat zijn gezondheidsproblemen daar voor iets tussen hebben gezeten. Chronische pijn kan je persoonlijkheid grondig veranderen, en maar zelden ten goede.»

HUMO U spreekt helaas uit ervaring?

Mantel «Jammer genoeg wel, ja (de schrijfster lijdt aan endometriose, een chronische ziekte waarbij baarmoederslijmvlies zich ook buiten de baarmoederholte bevindt, red.) De laatste jaren gaat het gelukkig beter. Ik heb nog steeds pijn, maar die vervalt in het niets met vroeger. Het ergste is dat je niet op je eigen lichaam kunt vertrouwen. Momenteel vlieg ik veel over en weer naar New York voor de theateradaptatie van ‘Wolf Hall’. Vijf jaar geleden zou zo’n verplaatsing simpelweg onmogelijk zijn geweest. De psychologische impact van pijn valt ook niet te onderschatten: het vreet energie, je zelfvertrouwen krijgt een knauw, de neerslachtigheid doet zijn intrede... Toen het dankzij de juiste medicatie eindelijk beter ging, was ik zo immens gelukkig. Maar dat vooruitzicht had Henry VIII niet na zijn ongeval. Hij wist dat de pijn alleen maar erger zou worden, zoals iedereen in die tijd die een breuk of een verwonding opliep. Een kind dat in de 16de eeuw zijn been brak, zou waarschijnlijk heel zijn leven mank lopen. Dat kunnen we ons vandaag gelukkig niet meer voorstellen.»

HUMO En hun politieke noties, verschilden die ook radicaal van de onze?

Mantel «Mocht Thomas Cromwell een boek over zijn weg naar de top hebben geschreven, dan zou dat in het huidige politieke landschap zeker nog van pas komen. Maar er is één groot verschil tussen toen en nu, denk ik: de religieuze factor. In Cromwells tijd was bijna iedereen gelovig. Als je ervan overtuigd bent dat iemand daarboven al je misstappen registreert, beïnvloedt dat natuurlijk je hele doen en laten. Wie vandaag macht en rijkdom ambieert, moet enkel rekening houden met legale beperkingen. Maar in Cromwells tijd kwam je met geen enkele fout weg. Elke stap had gevolgen, was het niet in dit leven, dan wel in het volgende. Dat wil niet per se zeggen dat mensen zich toen beter gedroegen, maar ze waren zich meer bewust van de consequenties van hun daden. Wie zich naar de top van de macht wou werken, moest abstractie kunnen maken van de gevolgen daarvan voor zijn zielenheil.

»Daarnaast was het risico dat je politieke carrière je letterlijk je kop zou kosten toen natuurlijk veel hoger. Ik vraag me af of moderne politici zich nog zouden durven te gedragen zoals ze nu soms doen, als de guillotine elk moment stond te lonken (lacht).»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234