De Ronde van Frankrijk door de lens van tourfotografen Sigfrid Eggers, Kristof Ramon en Léon van Bon. 'Regen, snot, afzien, braken: de lelijkste foto's zijn vaak de mooiste'

Na anderhalve week dient het strijdperk van het hooggebergte zich aan in de Ronde van Frankrijk. Een speeltuin voor de klimmers, maar ook voor de fotografen die drie weken lang in hun zog volgen om de epische solo’s, spectaculaire inzinkingen en het rondvliegende snot zo kunstig mogelijk te kadreren.

Als profrenner zat Léon van Bon vroeger middenin het gewriemel van het peloton, tijdens zijn tweede carrière maakt hij er beelden van voor magazines als Fiets, Soigneur en Rouleur. Kristof Ramon publiceert onder meer in wielerblad Bahamontes en is bezig aan zijn negende Tour. Ook de andere grote Europese wedstrijden volgt hij vanop de motor, en hij heeft een aardige voet binnen bij profploegen Trek-Segafredo en Mitchelton-Scott. Sigfrid Eggers is sinds dit seizoen huisfotograaf van Quick·Step Floors. Hij werkt mee aan een project dat een unieke inkijk belooft in de ploeg en beleeft zijn vuurdoop: het is zijn eerste Tour.

Sigfrid Eggers «Eigenlijk zat mijn agenda al vol, maar het project bij Quick·Step was te mooi om te weigeren. Het gevolg is dat dit het meest hectische jaar uit mijn carrière is. Ik heb al overal gezeten: op trainingsstage in Spanje, bij Fernando Gaviria thuis in Colombia, in Toscane voor de Strade Bianche, ik was erbij tijdens de voorjaarsklassiekers en in de Giro… En tussendoor doe ik in België nog shoots voor tv-zenders en bladen.»

Kristof Ramon «Ik zit het hele jaar door in de koers. In juni ben ik vier dagen thuis geweest, en juli wordt niet veel beter. Voor mij duurt de Tour vier weken. Ik vertrek al op donderdag voor de ploegpresentatie en kom daags na de Tour naar huis, maar dan duurt het nog twee dagen voor ik weer aanspreekbaar ben. Je moet echt afkicken van die roes.

»Eigenlijk leiden we hetzelfde rock-’n-rollbestaan als de renners: toeren met de bus, inchecken in het hotel, je werk doen en alweer vertrekken naar het volgende hotel. Zo ontstaat er een broederschap die je kunt vergelijken met de band tussen een artiest en zijn crew. Maar ondanks al dat gereis is het een monotoon leven.»

Léon Van Bon «Nee, joh! Het is superspannend.»

RAMON «Het is de beste job ter wereld, maar ze wordt te veel geromantiseerd. Als ik opsta, vraag ik me vaak af waar we zijn. ‘Ah, stadje nummer zeventien’.»

VAN BON «Dat komt omdat je achterop de motor zit. Ik rijd zelf van start tot finish.»

RAMON «In de Tour doe ik dat ook. Organisator ASO heeft maar een paar motoren ter beschikking, waardoor je hoogstens twee dagen achterop mee mag. Op de andere dagen sta ik naast het parcours en probeer ik de renners op zoveel mogelijk goeie plekken te zien. Dat is een hele dag het parcours afsnijden.»

EGGERS «Ik ga mee met één van de ploegauto’s. Onderweg stoppen we op verschillende punten en kan ik foto’s maken. Meestal selecteer ik in de auto al mijn beste beelden. En ’s avonds slaap ik in het teamhotel.»

RAMON «Ik overnacht ook vaak bij Trek of Mitchelton. Daardoor kan ik ook het verhaal achter de schermen vastleggen. De teams willen dat zelf ook meer naar buiten brengen.»

EGGERS «Dat is precies wat ik doe bij Quick·Step. Aan de finish sta ik naast de verzorger die de renners opvangt. Of wacht ik in de bus om de jongens helemaal choco te zien binnendruppelen. De vermoeidheid, de vreugde, de frustraties, de ontreddering: dat is veel mooier dan de zoveelste finishfoto die andere fotografen ook hebben.»

'Zdenek Stybar na de Strade Bianche, op zoek naar de teambus in Siena. 'Die foto is net een schilderij' Sigfrid Eggers


Froome in actie

HUMO Vraagt de Tour een speciale voorbereiding?

VAN BON «Nee. Pas de avond voor een etappe neem ik het parcours erbij en bepaal ik waar ik de volgende dag wil staan.»

RAMON «Je kunt je minutieus voorbereiden, maar er gebeuren toch altijd dingen die je niet in de hand hebt. In de Ronde van Italië wou ik absoluut op de Colle delle Finestre staan, een beklimming over grindwegen en dus altijd goed voor spektakel. De avond voordien liet de organisatie weten dat de col werd afgesloten voor de karavaan. Paniek bij alle fotografen! Ik kon gelukkig nog mee met een teamwagen van Mitchelton, maar de meeste collega’s raakten niet op de Finestre. Net daar besliste Chris Froome de Giro.»

VAN BON «We moeten vaak improviseren. Tijdens de voorjaarsklassiekers plan ik nauwkeurig alle plekken waar ik wil afsnijden, maar in de Tour lukt dat niet. De meeste ritten gaan in een rechte lijn van punt a naar b. En sinds de terreuraanslagen zijn ze heel streng geworden: eens je van het parcours bent, raak je er niet meer op. Vaak staan er zelfs tractoren om de doorgang te blokkeren. Ik vertrek meestal een paar minuten voor de koers. Op het parcours zoek ik een mooie plek waar ik stop om het peloton te fotograferen, en daarna rijd ik over een binnenweg naar de finish.»

RAMON «In Italië kun je de carabinieri nog met veel drama overtuigen om je weer op het parcours te laten, maar als een Franse gendarme non zegt, blijft het non. Meestal zoek ik dan een klein landwegje om het tóch te proberen.»

HUMO Is het moeilijk om originele invalshoeken te blijven vinden? In jullie vak is toch alles al gedaan?

RAMON «In het begin ging ik hard op zoek naar alternatieve foto’s. Ik wou niet zitten waar iedereen zat. Maar na een tijd zijn de originele shots op.»

EGGERS «Het gebeurt vaak dat ik uit de auto stap en begin te sprinten naar een interessante plek, en dan staat Kristof daar al (lacht).»

VAN BON «Ik probeer tegen het eind van de Tour een complete selectie te hebben. Vorig jaar had ik nog geen superfoto van Froome in actie, en heb ik daar de laatste dagen mijn missie van gemaakt. Ik heb hem gefotografeerd bij het begin van de slottijdrit, in het voetbalstadion van Marseille. Het lijkt wel alsof Froome het dak van dat stadion vervormt door de kracht die hij ontwikkelt.

»Meestal ga ik op een plek staan waar ik verschillende foto’s kan maken.»

RAMON «Voilà! Als je stopt op een plek, moet je daar zoveel mogelijk kunnen doen. Voor de renners komen, heb ik het hele scenario al in mijn hoofd. ‘Ik maak dit shot, daarna sprint ik via dat paadje de helling op en dan maak ik daar nog een ander shot.’»

HUMO Jullie staan dus stijf van de stress?

EGGERS «Ik kick daarop.»

VAN BON «Als de renners komen, heb je maar een paar seconden. Daarom blijven veel fotografen weg van fans met vlaggen en onnozele outfits. Die verprutsen het vaak.»

RAMON «Je zit een halfuur te wachten, met de perfecte compositie in je hoofd, en op het moment dat je afdrukt, springt er zo’n idioot voor je lens.»

VAN BON «Of steekt er iemand z’n arm uit om te filmen met een smartphone.»

RAMON «Dan durf ik hard te roepen om die mensen buiten beeld te krijgen. Het is wel mijn beroep, en ik heb maar drie seconden. Dan moet je soms bruut zijn.»

'Als een idioot voor de lens komt staan nét wanneer de renners er zijn, durf ik hard te roepen. Je moet soms bruut zijn'

HUMO Zijn jullie al gevallen met de motor?

VAN BON «Gelukkig niet.»

RAMON «Ik al een paar keer. In Dwars door Vlaanderen heb ik mijn voet gebroken. Dat hoort erbij.»

EGGERS «Ik heb Parijs-

Roubaix bij Patrick Lefevere in de auto meegemaakt. Ongelofelijk hoe hij dat parcours afsnijdt via zanderige veldweggetjes. Op een bepaald moment riep hij: ‘Oei, dat was een konijn!’ (lacht)»

HUMO Hoe angstaanjagend zijn de afdalingen in het hooggebergte?

VAN BON «Ik heb geen angst voor snelheid. Ik vertrouw op de motard.»

'Als ik die renners nu bezig zie, kan ik me niet voorstellen dat ik daar vroeger zelf tussen reed' Léon van Bon

RAMON «Dat móét. Ik zeg ’s ochtends voor elke rit tegen de motard: ‘Jíj bent verantwoordelijk voor de veiligheid en dat is belangrijker dan gelijk welke foto.’ Als we moeten kiezen tussen een val veroorzaken in het peloton of zelf de kant inrijden, dan gaan we de kant in. De renners gaan boven alles.»

EGGERS «Ik ben met Quick·Step naar Colombia gereisd voor een etappekoers. Tijdens een training in de dagen ervoor kregen we begeleiding van een motoragent en zat ik achterop. Bij het begin van een afdaling begon het plots te gieten. Ik voelde dat die man het niet onder controle had en klopte op zijn schouder: ‘Stoppen!’ Maar hij wou indruk maken en dacht dat hij vlák voor de renners moest rijden, zodat ik foto’s kon maken. Af en toe voelde ik het achterwiel slippen. Brrr!»

VAN BON «Motards die in een afdaling vlak voor de renners gaan rijden, zijn gek.»

HUMO Wielrenner Stig Broeckx lag maanden in een coma na een zware val die werd veroorzaakt door een motard. Is er sindsdien veel veranderd?

VAN BON «De meeste motards zijn goede kerels, maar je hebt nog altijd cowboys die tegen 100 kilometer per uur voorbij het peloton razen. Dat is onverantwoord, je kunt nooit op tijd remmen. Geen enkele foto is zo belangrijk dat je het gevaar moet opzoeken.»

RAMON «Een uitgerekt peloton voorbijsteken blijft delicaat. Soms komt dat lint in een bocht naar je toe en zit je in de tang. Ervaren motards weten wat ze moeten doen: rustig meegaan met de flow, ongeveer met dezelfde snelheid rijden en kort toeteren om de renners te waarschuwen. Dat is nodig, want de remafstand van een fiets is korter dan die van een motor van 300 kilo met twee mensen erop.

»Het leuke is wel dat je tijdens de wedstrijd kunt praten met de renners: ‘En, hoe gaat het met de kleine?’ Sommigen komen ook dollen. Als je dan close-ups maakt, beginnen ze smoelen te trekken (lacht).»

EGGERS «Tijdens Dwars door het Hageland had de ploeg me gevraagd om de koers met mijn eigen wagen te volgen en op twee plekken langs het parcours klaar te staan met reservewielen. Ik hoopte dat ze die niet nodig zouden hebben. Anders sta je daar: ‘Moet ik die renner nu helpen om dat wiel te wisselen of moet ik er een foto van maken?’»

»In de Strade Bianche reed ik zelfs met een wagen van de ploeg, óp het parcours. Ik hing achter Philippe Gilbert, die met een klein groepje achterop was geraakt, en zag hem voortdurend achterom kijken. Ik wist niet wat hij wou en bleef op veilige afstand. Na de koers zei Phil: ‘Zeg, hoe vaak moet ik achterom kijken voor jij snapt dat je ons voorbij moet rijden? Dan hadden we achter de auto kunnen hangen!’ Tja, het was de eerste keer dat ik achter het stuur zat ín de koers. Ik weet ook niet of ik het zou hebben gedurfd, rijden met drie renners tegen mijn achterbumper geplakt.»

'John Degenkolb in 'zijn' douche­cabine in Roubaix. 'Hij was met twee pintjes in zijn achterzak naar daar gewandeld' Kristof Ramon


HELEMAAL VERKLEUMD

HUMO Het was een epische Strade Bianche dit jaar, met winst voor Tiesj Benoot na een slijtageslag.

RAMON «Ik heb de koers op de motor gevolgd. Door de kou, regen en die modderige grindwegen was het een onvergetelijke koers. Het hele pak lag compleet uit elkaar. Je kon de renners één voor één oprapen, net zoals in bergritten. Maar op den duur was ik niet meer met de koers bezig, maar met overleven. ‘Gaan we deze strook nog heelhuids doorkomen?’ Normaal hang ik in allerlei posities op de motor, toen durfde ik amper te bewegen. Ik heb er veel zien vallen, renners en motards. Maar voor een fotograaf was het een cadeau: dat lijden op die besmeurde gezichten, jongens die zaten te rillen op hun fiets… Op een gegeven moment riep Laurens ten Dam: ‘Hey, wachteuh’! Hij wou mee in de slipstream van onze motor en kreeg een straal opspattende smurrie in zijn gezicht. Schitterende foto’s. En Lau is sowieso al één brok pijn en snot op de fiets. De lelijke foto’s zijn vaak de mooiste. Beelden waarop ze tot brakens toe aan het afzien zijn. De renners zijn daar zelf ook trots op: ‘Dit is wat ik doe, zo diep ga ik.’»

EGGERS «Zelfs mijn reis ernaartoe was hachelijk. Onderweg sneeuwde het zo hard dat ik geen andere auto’s meer zag. Zelfs op de autosnelweg lag minstens 10 centimeter sneeuw.»

RAMON «Er was paniek dat de renners niet ter plaatse zouden raken. De bus van Bahrain-Merida heeft een tijd vastgezeten in de sneeuw.»

EGGERS «Toen ik twee dagen voor de race in het rennershotel aankwam, vroeg ploegleider Davide Bramati wat ik kwam doen. ‘Heb je al eens buiten gekeken? Wij gaan morgen niet rijden, hoor.’ De renners waren in de lobby van het hotel op hun rollen aan het fietsen. Ik vreesde dat ik voor niks was gekomen. De volgende dag hoorde ik hoe iemand voor mijn hotelkamer op de rollen aan het rijden was. Philippe Gilbert, in winterkledij! ‘Ik ben daarnet 30 kilometer buiten gaan fietsen, om te voelen hoe het was’, grijnsde hij. Mijn broek zakte af. Hij had het stiekem gedaan, omdat de ploegleiding en mecaniciens hem anders zot zouden verklaren.»

HUMO Bij slecht weer zitten jullie op de motor ook in de miserie.

RAMON «Ik ben al vaak verkleumd aan de aankomst gearriveerd. Of moeten stoppen met fotograferen, omdat het niet meer ging. De juiste kledij is cruciaal. In de zomer kan het in de bergen koud zijn, zelfs als ze 30 graden voorspellen. Ik neem altijd een dikke jas mee naar een bergtop. Ik heb renners al vaak verkleumd over de finish zien bollen.»

EGGERS «Die mannen verdienen goed hun boterham, maar ze leiden een bikkelhard leven. In de winter ben ik met Gilbert, Yves Lampaert en Tim Declercq Parijs-Roubaix gaan verkennen in hondenweer. Het was grijs, amper een graad of 3 en de kasseien lagen onder de plassen. Ze wilden hun materiaal al eens testen onder extreme omstandigheden. 160 kilometer reden ze, en op elke strook: volle gas. Het was mijn eerste keer op de motor en ik deed het haast in mijn broek toen ik zag hoe snel ze die smerige bochten indoken. Aan het eind waren ze helemaal leeg. Op mijn foto’s zie je lijken met doffe ogen. De volgende dag deed Gilbert de tocht nog eens over in z’n eentje. Onvoorstelbaar.»

EGGERS «Na Dwars door het Hageland maakte ik beelden in de teambus die nog heroïscher zijn dan die van na de Ronde van Vlaanderen. Álles en iedereen hing vol met stof. Onze jonge Nederlandse sprinter Fabio Jakobsen trok zijn trui uit en vroeg aan de verzorger: ‘Nou, gaan we dit nog wassen of mag het meteen de vuilnisbak in?’ Hij stapte naar de douche en draaide zich om naar de camera, met dat vuile shirt voor zijn edele delen. ‘Doe maar,’ zei hij. Oké dan, klik! Dat gezicht vol stof, die brede smile, dat spierwitte lijf met die bestofte armen en benen. Geweldige foto! ‘Dat wordt een leuke achtergrond voor de smartphone van mijn vriendin,’ zei hij (lacht).»

RAMON «Door onze bevoorrechte positie zijn wij de enigen die zo’n beeld kunnen maken. We bouwen een unieke relatie op met die renners en die kleine momentjes waarop ze aan het dollen zijn, vertellen zoveel meer. De Tour is een voortdenderende machine, waar je als buitenstaander steeds moeilijker bij raakt. Als je met een ploeg samenwerkt, kun je voor of na de wedstrijd mooie momenten vastleggen. Dat is een voorrecht.»

EGGERS «In Roubaix heeft Phil me meegenomen naar die iconische oude doucheruimte. Zdenek Stybar was stikjaloers toen hij achteraf de foto’s zag. Hij had, zoals altijd, in de ploegbus gedoucht.»

RAMON «Ik ben daar met John Degenkolb ook geweest. Als ex-winnaar van Parijs-Roubaix heeft hij daar z’n eigen douchecabine, met gouden naamplaatje. Hij was helemaal bestoft en bezweet, maar in zijn achterzak zaten twee frisse pintjes. Zijn voorjaar zat erop. Hij plofte neer in die douche, ontkurkte een flesje en dronk het met veel smaak leeg. Die mix van complete uitputting en genoegdoening: ‘Oef, we hebben de Hel weer overleefd.’ Schitterend! Ik liet hem zijn ding doen, zonder iets te zeggen, maar hij wist heel goed dat ik daar was. Hij wou die foto’s zelf ook.»

EGGERS «Ik heb met Stybar ook zo’n moment meegemaakt. Na de aankomst in de Strade holde ik achter hem aan, op weg naar de teambus. Samen met Valverde sloeg hij een steil straatje in, maar dat liep dood, waardoor ze moesten terugkomen. Valverde reed naar beneden met z’n gezicht op onweer, Stybar had er lol in. Op dat moment viel m’n oog op het prachtige uitzicht op een leeg Siena, met op de achtergrond een dreigende wolkenhemel. Toen ik afdrukte, keek Styby net in de lens. Die foto is net een schilderij.»

'Chris Froome in de slottijdrit vorig jaar. 'Het mooie aan dit beeld vind ik dat het lijkt alsof Froome het dak van het stadion vervormt door de kracht die hij ontwikkelt' Léon van Bon


Kleren uit

HUMO Léon, vond je het niet leuker om wielrenner te zijn dan fotograaf?

VAN BON «Als ik de renners bezig zie, kan ik me zelfs niet meer voorstellen dat ik daar tussen heb gereden. Laat hén maar afzien, ik zal de plaatjes wel schieten (lacht). Het was een mooie tijd, maar wat ik nu doe, is ook super.»

HUMO Is het een voordeel dat je renner bent geweest?

VAN BON «Het heeft me geholpen om sneller te raken waar ik nu sta. Ik heb Wout Poels een jaar mogen volgen, omdat ik vroeger nog op de kamer heb gelegen met zijn ploegleider, Servais Knaven. Sommige fotografen die met Team Sky meeliepen, mochten niet eens binnen in het hotel. Ik stond naast Wouts bed. Als ex-renner kan ik ook beter inschatten wanneer je iets kunt vragen. Als er veel spanning is in of rond de ploeg, wacht je beter enkele dagen.»

RAMON «Renners hebben er een hekel aan dat er buitenstaanders op de bus of in hun kamer zitten. Dat zijn de enige plekken waar ze rust hebben. Ik begrijp dat het raar is om je om te kleden terwijl een onbekende foto’s staat te maken.»

EGGERS «Op zulke momenten ga ik van de bus.»

RAMON «Ik los dat op door zelf mijn kleren uit te doen en naakt te fotograferen (hilariteit).»

EGGERS «Tegenwoordig zeggen ze dat ik mag blijven. Ze weten dat ik die beelden niet misbruik.»

'Als we moeten kiezen tussen een val in het peloton veroorzaken of zélf de kant induiken, kiezen we altijd voor het tweede'

HUMO Jullie maken ook de donderpreken en de tactische discussies mee op de bus.

RAMON «Bezwarende foto’s met woede-uitbarstingen gebruik ik niet. Zo’n beeld kan een aanleiding vormen voor een relletje, terwijl het maar een momentopname is. In de beste families is er weleens ruzie.»

EGGERS «Quick·Step heeft dit jaar veel gewonnen, maar na de Omloop Het Nieuwsblad zat het er even tegen. Enkele renners waren niet op de afspraak en dat werd hen ingepeperd door de ploegmaats. Maar je moet dat in z’n context zien. Het was koud, die mannen komen opgefokt en uitgeput binnen, en de bus is de eerste plek waar ze stoom kunnen aflaten. Ik heb daar beelden van gemaakt met een onschuldig, klein cameraatje. Geen flits, geen geluid. Anders doorbreek je de sfeer.

»Na een andere voorjaarskoers zat ik op de bus met een renner die een ereplaats had behaald, maar gefrustreerd was omdat de winnaar was weggereden in het kielzog van een motor. Patrick Lefevere probeerde hem te sussen, terwijl ik stilletjes in een hoekje foto’s zat te maken. Plots vloog er een helm naar mijn hoofd. ‘En nu ga jij stoppen met fotograferen!’ Ik schrok en ging naar buiten. Een paar minuten later kwam die renner me achterna, pakte me vast en excuseerde zich. Ik zei dat dat niet nodig was en dat ik het wel begreep. En toen kwam het. ‘Mag ik die foto’s eens zien?’ (lacht)»

RAMON «Ik ben ook voorzichtig met beelden van valpartijen. Het straffe is dat sommige renners komen vragen naar beelden van hun crash. Ze willen die graag posten op hun sociale media. Blijkbaar is zo’n val toch een onderscheidingsteken om de hardheid van de stiel te onderstrepen.»

VAN BON «Voor mij hoeft dat niet, gewonde renners fotograferen. Akelig hoor, zo’n renner die op de grond ligt terwijl de persmuskieten om hem heen zwermen.»

RAMON «Ik was één van de enige fotografen bij de valpartij van Jan Bakelants en Laurens De Plus in Lombardije. Ik maakte foto’s met het idee dat ik achteraf wel zou beslissen wat ik ermee ging doen. ’s Avonds belde ik Elke Weylandt (zus van de overleden profrenner Wouter en woordvoerster bij Trek-Segafredo, red.) voor advies. Zij weet hoe de familie van een renner tegen zulke foto’s aankijkt. Omdat het een ernstig ongeval was, heb ik maar één foto naar buiten gebracht: de fiets van Jan die in een boom hing. Dat zei voldoende. De foto’s van Jan zelf heb ik niet vrijgegeven. Als die viraal gaan, kan dat heftig zijn voor de familie.»

'Het is rock-'n-roll. Als ik opsta, vraag ik me soms af waar we zijn. 'Ah, stadje nummer zeventien' Kristof Ramon


De neus van Patrick

HUMO Quick·Step wint overal, wat is hun geheim?

EGGERS «Gedrevenheid. De hele ploeg is ervan doordrongen.»

VAN BON «Na al die jaren hebben ze nog altijd het elan en de honger van een nieuwe ploeg. Andere teams zie je heel gemotiveerd starten, maar na een paar jaar met dezelfde sponsor hebben de renners hun plekje verdiend en gaan ze op hun lauweren rusten. Lefevere verdraagt geen verslapping. Als hij denkt dat een renner over zijn hoogtepunt heen is, laat hij hem gaan. Hij rekruteert heel slim en brengt de juiste renners bij elkaar, mannen die kunnen winnen.»

RAMON «Kijk naar de sprinters die ze binnenhalen en weer laten gaan, terwijl de successen gewoon voortgaan. Marcel Kittel was bijna renner af, tot hij bij Quick·Step kwam en bijna onverslaanbaar werd. Nu hij dit seizoen bij Katusha zit, is het weer een pak minder. Lefevere wist dat Gaviria klaarstond, en met Elia Viviani haalde hij iemand die bij Sky in de vergeetput zat en nu de pannen van het dak rijdt: vier Giro-ritten en Italiaans kampioen. Goed gezien.»

VAN BON «En wie had gedacht dat Fabio Jakobsen nu al zo goed zou zijn?»

EGGERS «En Alvaro Hodeg! Nog maar 21 jaar, hè.»

RAMON «Het is ook een mentale kwestie. Elke renner die naar Quick·Step gaat, weet: ‘Dit is het beste team, hier móét ik het laten zien.’ Je moet al straf zijn om gewoon de selectie nog maar te halen.»

EGGERS «De sfeer is ook fantastisch. Hoe die mannen met elkaar omgaan, dat is zó schoon. Julian Alaphilippe en Bob Jungels lijken wel broers.»

'Ik heb Roubaix meegemaakt in de auto van Patrick Lefevere. Plots riep hij: 'Oei, dat was een konijn!'' Sigfrid Eggers

HUMO Merken jullie soms iets van heimwee of eenzaamheid?

EGGERS «Nee. De renners kunnen elke dag skypen met het thuisfront. En ze krijgen de beste zorgen.»

RAMON «Mijn beste maten in het peloton zijn soigneurs. Zij hebben een schouder om op uit te huilen en houden alles bij elkaar, als een moederkloek. Ze doen de was, maken de lunch en zetten de koffers van de renners op hun kamer. In de Giro heb ik de chiropractor bij Trek gevolgd. Van die mannen krijg je zoveel terug.»

VAN BON «Heeft hij je gekraakt? Dat kan deugd doen na een hele dag op de motor.»

RAMON «Eén van de voordelen van de job (lacht).»

HUMO Je zat bij Mitchelton-Scott op de eerste rij toen Simon Yates de Giro twee weken lang domineerde en plots helemaal instortte.

RAMON «Op de Finestre wou ik van hem de ultieme foto maken, die zijn Giro-zege moest illustreren. Maar via de radio hoorde ik dat hij al in het begin van de klim had gelost. Het straffe is dat hij meteen de knop heeft omgedraaid. Hij drong niet meer aan, in twee ritten verloor hij nog een uur.»

HUMO Is hij ziek geworden?

RAMON «Nee, hij was gewoon op.»

EGGERS «Dat heb ik bij Quick·Step ook gezien. Iedereen was bekaf. Ik zag Stybar een week na de Giro op een criterium: hij was nog altijd niet bekomen.»

RAMON «De laatste avond in Rome ben ik met de jongens van Mitchelton op restaurant gegaan. Iedereen was uitgelaten omdat de ploeg de beste prestatie uit haar bestaan had geleverd: dertien dagen roze en vijf ritzeges. Het mooie aan die Australiërs is dat ze tegelijk zo gedreven en toch zo relaxed kunnen zijn.»

HUMO Je hebt ook een jaar met Team Sky gewerkt. Is de sfeer daar anders?

RAMON «Er heerst een duidelijke hiërarchie en alles is tot in de puntjes gepland. Ik snap dat sommige renners daar niet in passen. Er zijn veel verplichtingen: je moet je trainingsdata uploaden, met de trainer van de ploeg werken, je voedingschema tot op de gram volgen… In de aanloop naar de Tour kreeg Bradley Wiggins maanden aan een stuk elke dag zijn voedselpakketjes thuis geleverd.»

VAN BON «O jee, dat klinkt fout.»

RAMON «Maar zo was het. Na zijn Tourzege heeft hij daar radicaal mee gekapt. Dat strakke keurslijf botste met zijn karakter.»

VAN BON «Wiggins kon dat maar één jaar volhouden, Froome heeft die structuur constant nodig. Zet hem bij Quick·Step, waar meer emotie is, en hij rijdt minder goed.»

EGGERS «Omgekeerd denk ik dat Julian Alaphilippe zich bij Sky niet goed zou voelen. Die jongen is altijd goedgezind en weet met zijn energie geen blijf. Via WhatsApp stuurt hij me na een training soms ingesproken berichten waar geen eind aan komt. En wanneer ik op mijn camera door mijn foto’s scrol, zie ik soms beelden verschijnen waarvan ik niet weet waar ze vandaan komen. Dan hebben de renners mijn toestel gepikt en zelf foto’s gemaakt. Meestal is Julian dan niet ver uit de buurt.»

HUMO Mooie plaatjes?

EGGERS «Op dat vlak zit er bitter weinig talent in de ploeg (lacht).»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234