'De slimste mens ter wereld': actrice Joke Emmers zonder angstremmers

Het is voor interviews met mensen als Joke Emmers (27) dat op een blauwe maandag de schriftelijke stoplap ‘(lacht)’ bedacht werd. Goedlachs én slim: een combinatie die het wel vaker goed doet in ‘De slimste mens’. En we hadden gerust nog meer complimenten Jokes richting uit willen gooien, maar daar kan je in deze tijdgeest beter wat voorzichtig mee zijn.

'Ik heb mijn moeder toch maar aangeraden mij een tijdje niet meer te googelen'

Het is niet alleen in ‘De slimste mens’ dat Emmers met haar gulle lach de concurrentie op een hoopje speelt: naast ‘r nog altijd gestaag omhoog zoevende schermcarrière (‘Den elfde van den elfde’! ‘Beau Séjour’! ‘Callboys’!) is ze nog het meest een podiumfenomeen, en dan nog het liefste in een theater in uw buurt. Zolang u maar geen Limburger-moppen tapt in haar bijzijn, zoals Jonas Geirnaert al mocht ondervinden in ‘De slimste mens’ – én uw dienaar: ‘Zei jij nu net ‘dé Limburg’!? ’t Is gewoon Límburg, hè vriend.’ Snel, een vraag!

HUMO Heb jij je voorbereid op je deelname aan ‘De slimste mens’?

Joke Emmers «Niet echt. Niet omdat het me niet kon schelen, maar omdat ik weet dat ik erg competitief ben. Als ik me grondig zou voorbereiden, zou ik ook écht willen winnen, en geloof me: dat is geen mooi gezicht (lacht).

»Ik kan heel heftig zijn, en het laatste wat ik wil, is dat er van die haatgroepen opduiken zoals toen met Linda De Win. Zó erg zou het eruitzien, ja. Ik kan me goed voorstellen dat kijkers me dan een bitch zouden vinden. Ik heb ook al wel eens iemand een dom wijf genoemd terwijl ik naar ‘De slimste mens’ zat te kijken. Dus nee, dan liever onvoorbereid.»

HUMO Niet dat je veel voorbereiding nodig hebt. Je weet erg veel, zoveel is al duidelijk.

Emmers «Ik heb al vaak geluk gehad met de vragen, hoor. Geschiedenis en showbizz zijn mijn sterke punten. Maar ik heb gisteren nog een aflevering van ‘Blokken’ gezien, en daar stelden ze toch een paar vragen waar ik niet meteen het antwoord op wist.»

HUMO Echt? ‘Blokken’?

Emmers «Ja. Het ging over aardrijkskunde en sport, en zodra het daarover gaat ben ik verloren. Aan de buurlanden van Ierland kan ik nog beginnen, maar meer moet je me niet vragen. Toen Erik Van Looy me in mijn eerste aflevering vroeg of ik de slimste mens ter wereld zou kunnen worden, heb ik dus maar wijselijk geantwoord van niet.»

HUMO Doet niet iedereen dat?

Emmers «Logisch, vind ik. Niemand komt daar toch ook écht zitten met het idee dat hij komt om te winnen? Al zou Xavier Taveirne dat volgens mij wel kunnen – en hij zou misschien nog gelijk krijgen ook. Die weet echt álles. Maar als ik een favoriet moet kiezen, dan Dalilla Hermans. Ik ben fan.»


Hart in het theater

HUMO Dankzij ‘De slimste mens’ bereik je nu wellicht veel mensen die je misschien niet gezien hebben in ‘Beau Séjour’ of ‘Callboys’, en die je misschien ook niet snel in een theaterzaal ziet.

Emmers «Inderdaad, en dat idee vind ik best eng. Niet omdat er zoveel mensen kijken, maar omdat ze dan mij zien – de echte Joke, die geen rol speelt. Als je me in ‘Beau Séjour’ zag, kon je vinden dat ik mijn rol goed of slecht speelde. Maar dat was het wel: gespeeld. Als iemand me nu niet moet, dan moet die mij niet. Mijn moeder googelt me af en toe om te zien wat mensen over me zeggen op internet. Ik heb haar maar aangeraden dat even niet meer te doen (lacht)

HUMO Je zou je nog afvragen waarom je hebt ingestemd om mee te doen.

Emmers «Ik héb ook eerst nee gezegd, hoor. Nu ja, om eerlijk te zijn: ik had ja gezegd, want ik ben heel slecht in nee zeggen. Ondertussen hoopte ik vurig dat de opnames niet in mijn agenda zouden passen. Helaas (lacht).

»Het probleem is dat ik me in de studio blijkbaar heel erg op mijn gemak voel, waardoor ik er soms iets uitflap waar ik me achteraf voor schaam. Toen ik een foto van Maggie De Block en Jan Peumans voor me kreeg, slaagde ik erin te zeggen: ‘Amai, dat zouden lelijke kinderen zijn.’ Daar werd toen heel hard om gelachen, maar ik wil niemand beledigen of een al te grote mening verkondigen over iets waar ik geen verstand van heb. Echt, het laatste wat ik wil, is iemand voor het hoofd stoten. Diep vanbinnen wil ik gewoon dat iedereen me leuk vindt (lacht)

HUMO Mocht je er nog een mooie tv-rol aan overhouden, is dat ook niet mis.

Emmers «Zeker niet. Maar als ik eerlijk ben, zie ik mijn werk op tv vooral als een kans om mensen naar het theater te lokken. Daar ligt mijn hart écht. ‘Lost Boys’, de voorstelling die ik nu speel met HETGEVOLG, loopt nog tot 16 december, en dan hoop ik stiekem dat er wat meer mensen komen kijken omdat ze me in ‘De slimste mens’ hebben gezien. Je weet maar nooit, hè.»

HUMO Gek is dat toch, je hoort nooit een acteur die liever op tv komt dan in het theater te staan. Het is altijd omgekeerd.

Emmers «Omdat je in het theater een avond opbouwt met je publiek, en die verhouding is iets heel spannends. Je probeert voortdurend op dezelfde golflengte te komen als de mensen voor je. Je tast en je voelt, en als je publiek er geen zin in heeft, moet je hen toch zover krijgen dat ze meegaan met je. Soms lukt dat niet, en dat is vreselijk. Dan kan het zijn dat er iemand zo (zakt in elkaar) voor je zit op de eerste rij. Maar alle andere avonden waarop het wél lukt, maken die paar tegenslagen altijd goed.

»Onlangs speelden we in Nieuwpoort: twintig man zat er in de zaal. Een dieptepuntje (lacht). Altijd moeilijk, theater spelen aan zee. Het is alsof die steden leeglopen in de winter. Maar bij die twintig was er één jongen, ouder dan 20 kan hij niet geweest zijn, die zó enthousiast in z’n stoel zat dat hij voor mij de hele avond redde. Want als je ook maar één iemand hebt kunnen overtuigen, heb je toch gewonnen.»

HUMO Snap je dat de gemiddelde mens ’s avonds liever z’n tv aanknipt dan richting theater te trekken?

Emmers «Natuurlijk, ik snap dat net heel goed. Ik ga dolgraag naar het theater, maar ik besef ten volste dat ik op dat vlak misvormd ben (lacht). En ik ben niet te beroerd om toe te geven dat er ook veel slécht theater gemaakt wordt. Soms ook door mij: ik heb al stukken gemaakt die flopten. Als een toneelleek zo’n stuk te zien krijgt, heeft die na afloop natuurlijk niet veel zin meer om binnenkort nog eens te gaan. Er wordt veel geëxperimenteerd op het toneel, en dat is goed voor de artistieke vrijheid. Maar het maakt het er niet makkelijker op voor wie geen ingewijde is en gewoon eens een avondje naar het toneel wil.

'Ik heb het erg moeilijk met ouder worden, en dan vooral omdat ik merk dat ik het met elk jaar dat erbij komt steeds lastiger vind om niet bitter te worden. Dat wil ik écht niet'

»Trouwens, ik zei dat ik hoop dat mensen nu naar voorstellingen komen omdat ze me kennen van ‘De slimste mens’. Maar ik hoop ook dat die mensen beseffen dat ze niet per se de mens voor zich krijgen die ze kennen van het scherm. Ik ging in Heusden-Zolder eens naar Frank Focketyn kijken, die ‘Brief aan mijn rechter’ van Georges Simenon bracht: een prachtige maar doodserieuze monoloog. Voor aanvang hoorde ik de mensen naast me zeggen: ‘Ik hoop dat het grappig is, met Frank kan je altijd lachen’. Ja, niet dus. Dat hadden ze ook kunnen weten als ze het inleidende tekstje gelezen hadden (lacht). Maar ik begrijp dat best: die mensen kennen Frank van ‘In de gloria’ en ‘Het eiland’, dus wat denken ze? ‘Dát wordt lachen.’ De voorstelling was geweldig, maar sommigen gingen teleurgesteld naar huis.»


Moeilijke jeugd

HUMO Zie je jezelf zo’n door en door ernstig stuk brengen?

Emmers «Ooit zal ik die nood wel voelen, maar voorlopig hoeft het niet. Ik breng liever stukken waar toch minstens één hoek af is. Janne Desmet zei me ooit: ‘Humor is belangrijk in theater. Lachen zet je buik open, en dan kunnen alle andere gevoelens langs daar naar binnen sluipen.’ Ze had helemaal gelijk: een stuk kan me pas echt helemaal ontroeren als ik er ook goed mee heb kunnen lachen. Daarom is het adjectief ‘tragikomisch’ ook zo waardevol.»

HUMO Het is dus ook geen toeval dat Jan Eelen jou ontdekte, de man die zijn volk groen leerde lachen.

Emmers «Door hem haalde ik mijn eerste grote tv-rol binnen, ja. Hij heeft me voorgesteld bij Tom Van Dyck toen die acteurs zocht voor ‘Den elfde van den elfde’. Jan had me zien spelen in ‘Tartuffe’: ik speelde een soort wezentje, waarvoor ik me... nogal apart moest gedragen op het podium. ‘O leuk,’ dacht Jan, ‘er speelt iemand van Theater Stap mee’ (lacht). Blijkbaar zag ik er voor hem uit als iemand met het syndroom van Down. Tot ik in de laatste minuten eindelijk mocht spreken en hij alsnog doorhad dat het net de bedoeling was dat het er apart uitzag. Hij was zo onder de indruk dat hij me is blijven volgen. Ik zal ’m altijd dankbaar blijven.»

HUMo ‘Lost Boys’, waarin je dus nog even te zien bent op het podium, draait rond de levenswandel van J.M. Barrie, de man die Peter Pan bedacht. Lijkt dat je wat, nooit opgroeien?

Emmers «Mocht dat kunnen, ik zou niet twijfelen. In ‘Lost Boys’ zit een passage die me nog altijd diep weet te raken: Kapitein Haak zegt tegen Peter dat hij niets aan hem benijdt, niet zijn charme en niet zijn jeugdigheid – behalve dan de tijd die hem nog rest. Dat ken ik, want ik zit voortdurend met één oog naar mijn leeftijd te turen. Ik ben 27 en daar heb ik het al vrij moeilijk mee. Ik heb het erg moeilijk met ouder worden, en dan vooral omdat ik merk dat ik het met elk jaar dat erbij komt steeds lastiger vind om niet bitter te worden. Dat wil ik écht niet.»

'In de studio voel ik me heel erg op mijn gemak, waardoor ik er soms iets uitflap waar ik me achteraf voor schaam.'

HUMO Je komt nochtans niet over als iemand die op dat vlak veel gevaar loopt.

Emmers «En toch. Soms betrap ik mezelf erop dat ik loop te klagen, en zo iemand wil ik echt niet worden. Maar het zure sluipt erin zonder dat je er erg in hebt, zeker in een wereld die zo hard is als de onze. Dat besefte ik onlangs nog maar eens: een groot deel van de acteurs in ‘Lost Boys’ heeft ook echt een moeilijke jeugd achter de rug, en één van onze acteurs – hij is gevlucht uit Afghanistan – kreeg het officiële bevel om ‘het grondgebied te verlaten’. Hij wordt uitgewezen, terug naar daar. En dat begrijp ik écht niet. Walgelijk vind ik dat, maar het gebeurt elke dag. Je kan er ook weinig tegen beginnen, hè. Als hij het niet doet, belandt hij in de illegaliteit.

»Zo zijn er nog jongens in de voorstelling die niet weten of ze wel in België zullen kunnen blijven. Dat zijn voor mij ook echt de lost boys van deze generatie: zelfs als ze toch mogen blijven, probeer dan maar eens deel uit te maken van een maatschappij die je wantrouwt omdat je een kleurtje hebt, en die daarom altijd een beetje bang van je zal zijn.»


bang in het donker

HUMO Eén van de centrale vragen in ‘Lost Boys’ is of fantasie soms ook kan ontsporen.

Emmers «J.M. Barrie is een heel fascinerende man, want zijn Peter Pan-verhaal vertoont veel gelijkenissen met zijn eigen leven. ‘Lost Boys’ gaat over de vijf jongens die hem inspireerden voor ‘Peter Pan’. Barrie trok hen altijd mee in zijn fantasiewereld, maar eens die jongens opgroeiden, vonden ze dat niet altijd zo leuk meer. Daarom de vraag: kan je je soms ook verliezen in je fantasie? Is een levendige fantasie hebben soms ook níét leuk?»

HUMO Antwoord maar.

Emmers «Wat die eerste vraag betreft: absoluut. Ik vlucht soms weg in mijn verbeelding, en soms blijf ik daar liever dan dat ik terugkeer naar de harde realiteit. Daarom hou ik zo van theater: voor mij is het de veiligste plek die er bestaat. Ik durf er dingen die ik in het echte leven niet zou durven. En die andere vraag: ja, volgens mij kan fantasie gerust ook een lelijke kant hebben.»

HUMO Hoe ziet die er dan uit?

Emmers «Een voorbeeld uit mijn eigen leven: ik word snel bang in het donker. Het gebeurt wel eens dat ik bij het slapengaan mijn verbeelding niet meer onder controle krijg. ‘Wat als er iemand in mijn kamer staat?’ vraag ik me dan af. En dan raak ik niet meer van dat idee af. Als je jezelf de stuipen op het lijf jaagt, is een levendige fantasie niet altijd een geschenk.»

'Of ik al een vriend heb? Of ik al weet wanneer ik kinderen wil? En wanneer ik mijn huis zal kopen? Dat vind ik moeilijke vragen, omdat ik niet voldoe aan al die eisen'

HUMO Heb je dat al lang, angst in het donker?

Emmers «Toen ik klein was, was ik – net als elk ander kind – bang in het donker. Met op te groeien raakte ik daar vanaf, maar sinds mijn grootouders gestorven zijn, is het terug. Alsof dat het weer getriggerd heeft. Als de dood te dicht in de buurt komt, reageer ik daar blijkbaar op. Maar goed, dat zal wel weer weggaan.»


vijf kinderen

HUMO Nog een vraag die ik voor het gemak uit de samenvatting van ‘Lost Boys’ licht: ‘Kan kunst troost bieden?’

Emmers «Natuurlijk! Voor maker én publiek. Soms verwerk ik iets door het op een podium te brengen, en soms sta ik aan de andere kant: dan sta ik op de wei van Werchter in het publiek te huilen van ontroering. Of zoals onlangs, toen ik voor een schilderij van Rothko stond en helemaal stil werd. Dat gevoel is het mooiste wat er is.»

HUMO Herinner je je nog het laatste concert waarop je een traan gelaten hebt?

Emmers «Nick Cave, in het Sportpaleis. Alles wat ik sindsdien gezien heb, kwam niet eens in de buurt. Ik heb niets dan bewondering voor wat hij gedaan heeft op ‘Skeleton Tree’ – zijn laatste plaat, waarop hij de dood van zijn zoon verwerkt. Hij geeft zóveel in die nummers, en dat doet hij dan nog eens over op het podium. Zó kwetsbaar. En daar voel ik me dan zo dankbaar voor dat ik niet anders kan dan janken.»

HUMO Wat probeer jij te verwerken op het podium?

Emmers «Goeie vraag. (Denkt na) Ik merk dat mijn solovoorstellingen tot nu toe heel vaak over de liefde gaan. Maar ja, welk stuk gaat níét over liefde?»

HUMO ‘Damiët’, je eerste monoloog, ging over liefde én eenzaamheid. ‘Brief’, waarvoor je eerder dit jaar al try-outs deed, eigenlijk ook.

Emmers «‘Brief’ is een soort omgekeerd Doornroosje-verhaal: het gaat over een vrouw die zit te wachten op haar prins. Dan heb ik het misschien wel over mezelf, ja. Ik heb nu eenmaal een leeftijd waarop ik vaak de vraag krijg of ik al een vriend gevonden heb, en of ik al weet wanneer ik kinderen wil, en wanneer ik mijn huis zal kopen.

»Dat vind ik best moeilijk, die vragen, omdat ik gewoon niet voldoe aan al die eisen. Ik wíl bijvoorbeeld helemaal geen kinderen. Maar toch blijven het verwachtingen die andere mensen je opleggen, en daar kan je aan ten onder gaan.

»Daarom wou ik er iets over maken. Binnenkort is het weer het familiefeest: ‘Wanneer breng je je vrijer eens mee?’ (lacht). Limburg, hè. Je groeit op onder de kerktoren, je zoekt iemand van hetzelfde dorp en je maakt er kinderen mee.

Ik wil elke vier jaar zo’n monoloog maken. De staat van mijn leven opmaken, zoiets.»

HUMO Denk je soms al na over wat er in de volgende moet komen?

Emmers «Er verandert veel in vier jaar. Misschien ben ik tegen dan getrouwd en heb ik vijf kinderen (lacht). Het zou kunnen, hè. Maar dan wel zoals Mila Kunis: toen Ashton Kutcher haar zei dat hij kinderen wou, zei ze: ‘Oké, als jij daarna thuisblijft als huisvader.’ Dat zou ik misschien nog zien zitten (lacht)

HUMO Iets anders: in de dagen nadat Bart De Pauw van z’n voetstuk was geploft, had Bart Caron van Groen kritiek op hoe de cultuursector omging met seksueel grensoverschrijdend gedrag. Hij had het over ‘een doofpotmentaliteit’. Herken jij – als jonge vrouw in de theater- én televisiewereld – je vakgebied in die beschrijving?

Emmers «Moeilijk, want ik heb er zelf nooit mee te maken gekregen. Ik had het er pas nog over met Evelien Bosmans, met wie ik samenspeel in ‘Lost Boys’. Evelien had het zelf ook nooit meegemaakt, zei ze, maar we begrijpen wel waarom mensen zo argwanend naar de cultuurwereld kijken. Acteurs zijn heel zichtbaar, hè. Terwijl zulke dingen volgens mij overál gebeuren.

»In het theater en bij de tv kom je heel vaak tactiele mensen tegen. Acteurs zijn heel fysiek – ik ook. Dan kan het natuurlijk dat iemand die niet zo aangelegd is, vindt dat iets te ver gaat. Maar goed, stalken en iemand betasten, is natuurlijk nog iets heel anders. En daar ging het wel over bij Bart De Pauw, geloof ik.»

HUMO De Pauw stond op jouw verlanglijstje van mensen met wie je ooit nog wou samenwerken.

Emmers «Ja. Daarom alleen al vind ik die hele zaak vreselijk. Ook zijn leven is nu verwoest, hè. En los van wat hij gedaan heeft, kan je niet ontkennen dat hij geniale tv gemaakt heeft. Ik hoop dat hij ooit weer aan het werk kan.»

HUMO Zou jij nog altijd met ’m willen werken, mocht het ooit zo ver komen?

Emmers «Dat denk ik wel. Als hij zich oprecht bekeerd zou hebben, toch – mocht hij echt zo’n vetzak zijn als gezegd wordt.»

HUMO Je bent geboren in Neerpelt, waar je tot je 18de woonde. Bruisende cultuurbeleving daar?

Emmers «Niet altijd (lacht). Maar ik kom er nog vaak en graag terug als ik rust nodig heb. In Antwerpen ga ik om te ontspannen koffiedrinken met vrienden, maar in Neerpelt kom ik pas echt tot rust. Er is geen enkele afleiding. Het klimaat is er zo gemoedelijk, terwijl in Antwerpen álles snel gaat. Ik woon heel graag in Antwerpen, maar in Neerpelt ga ik écht naar huis.»

'Diep vanbinnen wil ik gewoon dat iedereen me leuk vindt.'

HUMO Iedereen kent er elkaar, zoals dat gaat in dorpen op zakformaat.

Emmers «Wat erg gezellig kan zijn, maar het kan ook tegen je werken. Toen ik als puber op café begon te gaan, was het niet ondenkbaar dat mijn vader de volgende ochtend al wist waar ik allemaal had uitgehangen (lacht). Toen ik op mijn 18de naar Antwerpen trok, was ik eerst nog bang van die stad. Het enige nieuws dat je in een klein dorp over grote steden hoort, is ‘steekpartij hier’ en ‘vechtpartij daar’. Dat viel gelukkig wel mee, merkte ik zodra ik er zelf woonde (lacht)

HUMO Je woont samen met je zus.

Emmers «In een huis dat daar perfect voor is: voor ons woonden er toevallig twee broers. Er zijn twee badkamers en twee slaapkamers, dat werkt perfect, en zolang zij niet van plan is om in te trekken bij haar vriend, hoop ik bij haar te kunnen wonen. Eenzaamheid is niet m’n ding. Als ik voor een voorstelling alleen ben in Maastricht of Amsterdam, stap ik ook meestal een café binnen om daar met iemand te praten.»


‘Alles wat bah is’

HUMO Je hebt je liefde voor theater niet per se van thuis meegekregen. Je komt niet uit een gezin van artiesten.

Emmers «Mijn vader heeft een drukbedrijf en mijn moeder is leerkracht Nederlands. Ze hebben mij en mijn twee zussen altijd aangemoedigd om zoveel mogelijk hobby’s te hebben. Muziek, dans, toneel... Maar toen ik kwam vertellen dat ik naar de toneelschool wou, waren ze wel een beetje bezorgd. Tot Bas Teeken, van wie ik in Antwerpen les kreeg en die Compagnie De Koe mee opgericht heeft, eens bij ons thuis kwam en mijn vader ’m rechtuit vroeg: ‘Bas, theater: zit daar nu toekomst in?’ Waarop Bas: (met Nederlands accent) ‘Nou, voor Joke wel hoor.’ Toen waren ze gerustgesteld (lacht)

HUMO Je ging naar het conservatorium in Antwerpen, nadat je in Gent niet toegelaten werd. Wat liep er dan mis?

Emmers «Ik was gewoon te jong, denk ik. Ik kwam recht uit Neerpelt, ik had nog niets meegemaakt. Tijdens mijn interviewronde vroegen ze: ‘Joke, wat is voor jou perversiteit?’ Je hoort dan een heel gevat antwoord te geven, maar ik kwam niet veder dan: ‘Alles wat bah is’ (lacht). Ze vonden dat ik eerst beter wat levenservaring opdeed. Misschien was dat zelfs niet helemaal onterecht.»

HUMO Wat zagen ze in Antwerpen dan wel in jou?

Emmers «De passie, denk ik. Mocht ik nooit op een podium gestaan hebben, dan had dat me wel eens erg ongelukkig kunnen maken. En dat moeten ze daar gezien hebben. Achteraf gezien was ik ook het beste af in Antwerpen: je krijgt er een erg goede basisopleiding van de beste leraars.»

HUMO Je bent één van de laatste studenten die er Dora Van der Groen nog meegemaakt hebben.

Emmers «Eén trimester was ze er nog. Maar ik heb het gevoel dat ik niet de legendarische Dora heb meegemaakt waarover zoveel verhalen de ronde doen. Volgens de legende kon ze vroeger echt vréselijk zijn, maar bij ons was dat scherpe er al af. Ze was al lichtjes aan het dementeren, denk ik. Ze kon onze namen niet meer onthouden, maar ze gaf nog waardevolle lessen.

»Ik merkte aan Dora dat ze duidelijk niet in mij geloofde – tot er nog een week te gaan was voor het toonmoment en ik de monoloog oefende die ik daar zou brengen. ‘Nú zie ik het,’ zei ze achteraf. ‘Ik heb een actríce gezien.’ Ik was zo gelukkig toen ze dat zei. Tot dan had ik het niet bepaald makkelijk gehad aan het conservatorium, maar dat ene moment gaf me genoeg zelfvertrouwen. (Plots) Al tien jaar geleden is dat zeg. Vréselijk.»

HUMO Zo begint het verleden: met de eerste tien jaar.

Emmers «Heb je Leah Thys gezien in ‘Die huis’? Ze had het over ouder worden, en één zin van haar is me bijgebleven: ‘Iedereen doet het, maar niemand wil het.’ Dat vat het wel samen, denk ik.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234