De ster van 'Bevergem': Piet De Praitere'Ik probeer al mijn hele leven iets te maken dat nergens over gaat'

In zijn branche van de amusementswereld is de ongeregelde Piet De Praitere (51) stukken grappiger dan gemiddeld. Hij debuteerde halfweg de jaren 90 samen met Gunter Lamoot en Bart Vanneste op Studio Brussel in ‘Studio Kafka’, een radioprogramma onder de hoede van Kamagurka.

'We hebben het in 'Bevergem' over zeden en gewoontes waar we allemaal lang geleden afstand van hebben genomen. Maar nu we erop terugkijken, voelen we ook nostalgie'

In ‘Bevergem’, een zo goed als antropologische serie die de provincie West-Vlaanderen ten overvloede op de kaart zet, speelt hij de zeer plaatselijke politicus Claude Delvoye. Als bij toverslag verschijnt zijn stand-upcomedyshow ‘Gekapt’ – zo heet West-Vlaams gehakt – rond deze tijd van het jaar op dvd. Er staat ons ook nog een boek met oneliners van zijn hand te wachten, en op 2BE nadert ‘Lookalikes’, een nietsontziend humaninterestprogramma van zijn vinding.

Daar waar Gent bijna Mariakerke heet, staat zijn prettige huis in een rustige straat. Hij woont er met zijn vriendin en zonder kinderen, maar daar kan naar verluidt nog altijd verandering in komen. De kat, een zwarte charmeur, heet Carlos. We drinken koele witte wijn tijdens de werkuren, omdat wij ons dat nu eenmaal kunnen veroorloven. Piet begint:

Piet De Praitere «Ik ben al heel lang bezig en nog altijd vragen mensen me: ‘Waar zou ik je van moeten kennen? O, van stand-upcomedy.’ Stilte. Dat begin ik stilaan zeer vreemd te vinden. Ik ben redelijk tevreden met het leven dat ik leid, maar toch denk ik soms: ‘’t Blijft vechten tegen de bierkaai.’ Als je niet op tv komt, haal je als stand-upcomedian ook nooit de grote en betere zalen. Ik speel nu wel een hoofdrol in ‘Bevergem’, maar ik reken er niet op dat mijn carrière als stand-upper daardoor meteen in een stroomversnelling zal geraken. Wat ik doe is en blijft niche, denk ik.»

HUMO Ik las dat je een haat-liefdeverhouding met stand-upcomedy hebt.

De Praitere «Hoewel ik graag optreed en dat zo lang mogelijk wil blijven doen, heb ik me nooit echt tot stand-upcomedy aangetrokken gevoeld. Ik volg ook geen buitenlandse collega’s of zo – ’t is niet echt mijn wereld. Iemand loopt een podium op en wil binnen de drie seconden het publiek aan het lachen krijgen, en dat één uur lang: vreemd allemaal. En ongeloofwaardig. Om nu zelf naar zo iemand te gaan kijken, neen: ’t is mijn ding niet. Iets dat werkelijk goed is, heeft volgens mij ook tijd nodig om te rijpen op een podium. Vandaar dat ik heel veel liefde voor toneel voel, al is het dan weer jammer dat het theater zichzelf zo verschrikkelijk au sérieux neemt. Ik voel bij anderen snel aan als stand-upcomedy een mechanisme wordt. Mij overkomt dat niet, want ik hou me niet aan de regels: ik speel elke avond een andere voorstelling; ik freewheel, ik probeer altijd wel iets nieuws in te lassen. Maar goed, de markt van stand-up is hier misschien wel te snel te groot geworden, als hij al niet verzadigd is.»

HUMO Had je verder willen staan dan je nu staat?

De Praitere «Zeer zeker. Toen ik in de jaren 90 begon, was er heel weinig: Urbanus en Jacques Vermeire, en aan de andere kant van het spectrum: Kama & Seele. Van een markt was er nog geen sprake. Er waren ook geen managers en boekingskantoren, en het aanbod van zaaltjes stelde ook niet veel voor. Maar toch bleek er veel vraag naar mij te zijn: ik deed toen Etienne met het Open Verhemelte, een personage dat erg populair was. Toen stand-upcomedy hier schoksgewijs groter werd, heb ik die trein gemist, want het publiek zag geen stand-upper in Etienne. Pas toen ik Etienne had afgerond, na zo’n vijftien jaar, ben ik een soort stand-upcomedian geworden. In het begin bracht ik het materiaal van Etienne, maar dan als mezelf, wat het publiek niet erg apprecieerde. Het heeft me behoorlijk veel tijd gekost om mijn eigen stem te vinden op het podium.»

'Als OCMW-voorzitter Claude Delvoye in 'Bevergem'. 'In Kooigem, waar de serie is opgenomen, moesten heel veel plaatselijke politici met Claude lachen. Ze herkenden er vooral ándere lokale politici in.'

HUMO Ik weet dat je ook bij mensen thuis optreedt. Is zo’n huiskameroptreden, waarbij je letterlijk oog in oog staat met het publiek, niet beknellend?

De Praitere «Als het in een huiskamer lukt, dan lukt het overal. De eerste keer dat iemand me vroeg om dat te doen, dacht ik ook: ‘Gaat het een beetje?’ Maar ik heb me toch laten ompraten. Toen de mensen binnendruppelden, ben ik naar de badkamer gerend waar ik een tijdje boven de wasbak heb staan kokhalzen van de stress. Maar voor de rest liep die show als een trein. Het publiek is ook extra fragiel in zulke omstandigheden: ik ben niet de enige die zich naakt en onbeschermd voelt. Het onbehagen is wederzijds, en met die spanning kan ik wel iets aanvangen.»

HUMO Werk je methodisch aan een voorstelling?

De Praitere «In het najaar van 2016 moet ik een nieuwe show hebben. Dat betekent dat ik in één jaar tijd zo veel mogelijk grappige observaties verzamel. Ik ga vaak wandelen, omdat ik gemerkt heb dat ik dan heel geconcentreerd kan nadenken. Ik heb altijd een voicerecordertje bij me, waarin ik ideeën en invallen inspreek. Het is me nooit om inspiratie te doen. Veel belangrijker is: er in gedachten altijd mee bezig zijn, en eraan blijven werken. Ik werk nooit aan een groot, overkoepelend verhaal. Eigenlijk probeer ik al mijn hele leven iets te maken dat nergens over gaat. Dan kom je nogal snel in absurdisme terecht, waar ik me nog het meest in thuis voel.»


Rechtsaf, linksaf

HUMO Wanneer werd je je ervan bewust dat je iets kon teweegbrengen met humor?

De Praitere «Mijn vertrekpunt was: absoluut geen nine-to-five-job willen. Maar ook geen vrouw en kinderen. Rond mijn 15de was het voor mij al duidelijk dat ik me niet wilde binden. Ik was toen verliefd op een meisje, maar ik drukte dat weg, hoe mooi het op zich ook was. Uit bindingsangst, maar ook wel omdat ik mijn leven wilde leiden zoals ík dat wilde, zonder bemoeienissen van iemand anders. Ik wilde me niet laten meesleuren door de trein van het leven en zo lang mogelijk fris en onbezonnen blijven. Verliefdheid had ik goed in de hand – ik ging er niet aan ten onder. Pas op mijn 30ste dacht ik voor het eerst: nu wil ik wel met een vriendin gaan samenwonen. Ik kom uit een gezin met acht kinderen – ik ben de op één na jongste…»

HUMO Dat is een belangrijk thema in ‘Gekapt’.

De Praitere «Vijf meisjes op één kamer, en in een andere kamer: drie jongens in stapelbedden in een kamer van 3 meter op 3. Ik had fijne ouders – ze zijn overleden – maar ze waren er niet altijd voor ons. Eén van mijn zussen werd ziek toen ze 6 was, kanker, en ze stierf toen ze 14 was. Een enthousiast meisje dat erin geloofde dat ze die ziekte te boven zou komen. Het spreekt vanzelf dat mijn ouders heel veel tijd in mijn zieke zus hebben gestopt, waardoor onze oudste zus ons eigenlijk heeft opgevoed. Ik heb haar gezag niet altijd aanvaard. Ik was een lastig, hyperkinetisch kind, dat rilatine moest nemen. Ik was onuitstaanbaar. Ik kan nog steeds niet met gezag omgaan. Vandaar ook dat ik altijd al iets heb willen doen waarbij ik kon denken: ‘Ik ben niemand verantwoording schuldig. Ik sta op mijn eigen poten.’ Ik heb altijd wel gevoeld dat het met mij zou goedkomen. Mijn vader was de enige kostwinner in ons grote gezin: hij was bediende bij het christelijke ziekenfonds. Er moest op de duur méér geld binnenkomen dan alleen maar zijn salaris. Mijn oudste broer en zus gingen dan ook snel uit werken – er werd van ons verwacht dat we niet te lang naar school zouden gaan.»

HUMO Verlangde je naar een ander leven?

De Praitere «Ik heb me in ieder geval nooit zo gelukkig gevoeld in dat grote gezin. Ik wilde het leven dat ik thuis zag niet overdoen: dat veel te grote gezin, voortdurend hard werken, en dan ook nog eens ziekte en ellende. Mijn ouders waren door de druk en de stress constant op elkaar aan het schelden. Ze hielden van elkaar tot hun laatste snik, maar ze hebben ook ruziegemaakt tot hun laatste snik. Eén keer heeft mijn moeder een poging gedaan om het echtelijke dak te verlaten, met de bus. Na twee kilometer is ze uitgestapt, en daar stond ze dan met haar koffers: ‘Waar moet ik nu naartoe?’ Ik ben haar die keer achternagegaan: ‘Komaan, ma, kom naar huis.’ Als kind heb ik vaak gedacht: ‘Gingen mijn ouders maar uit elkaar! Er zou zo veel meer rust in ons hoofd zijn!’»

'De jonge Piet De Praitere, samen met Bart Vanneste en Gunter Lamoot. 'Rond mijn 15de was het al duidelijk dat ik me niet wilde binden. Geen nine-to-five-job, geen vrouw en geen kinderen.'

HUMO In ‘Gekapt’ zeg je: ‘Had Hitler niet bestaan, mijn vader had hem uitgevonden.’

De Praitere «Dat heb ik hem op het eind van zijn leven nog gezegd. Hij was een autoritaire figuur, maar hij had weinig greep op de situatie. Er was ook altijd een fel gevecht tussen mijn oudere broer en mijn vader gaande. ’t Was heel vaak een kakofonie van ruzies bij ons thuis. Doordat ik veel jonger was, had ik ook weinig aan mijn oudere broers en zussen. En ik moest me geweldig bewijzen, waardoor je nogal snel anarchistische trekjes krijgt. Muziek was mijn leven: toen ik 12, 13 jaar was, had ik in mijn fantasie een eigen vrije radio, erg beïnvloed door Hilversum 3. Eén keer per week maakte ik alleen voor mezelf een radioprogramma. En het duurde niet lang meer of ik ontdekte het tv-werk van Wim T. Schippers. Van onze ouders móchten we niet naar programma’s als ‘Van Oekels discohoek’ kijken, want er kwamen weleens blote vrouwen in voor. Ik vond het geweldig dat je je de hele tijd kon afvragen: ‘Waar gáát dit programma eigenlijk over?’ Mijn vader werd razend toen hij dat zag. Dat mijn ouders die programma’s niet tof vonden, bevestigde de kwaliteit ervan. Ik vind de tv-programma’s van Wim T. Schippers nog steeds fantastisch: ze hebben de tand des tijds doorstaan. Dat geldt ook voor Laurel & Hardy. Als ik me grieperig voel, kruip ik onder een dekentje en kijk ik naar een dvd van Laurel & Hardy. Ik heb ook veel respect voor André van Duin, hoewel veel van zijn werk gedateerd is. Maar hij blijft een ongelofelijke performer.»

'Op een keer hadden m'n ouders mij in 'Comedy Casino' gezien, en toen zeiden ze: We schamen ons dat we familie van je zijn.''

HUMO Je hebt voor meubelmaker geleerd, hè? Een mooi ambacht, denk ik.

De Praitere «’t Was vooral triestig dat ik voor meubelmaker móést leren van mijn ouders. Algemene kennis was bijzaak in die opleiding. Ik heb me zó ongelukkig gevoeld in die tijd… Ik weet niet of ik te slim was voor de meubelmakerij, maar ik wilde in geen geval met mijn handen werken. Hadden we Nederlands of aardrijkskunde of een ander algemeen vak, dan dacht ik altijd: ‘Wat een verademing!’»

HUMO Ik veronderstel dat je ouders je nog meegemaakt hebben als stand-upcomedian.

De Praitere «Ik denk wel dat ze al bij al trots op me waren, maar ze hebben het nooit laten merken. Een zekere afstandelijkheid was ook wel deel van onze opvoeding: elkaar eens knuffelen was er niet bij. Ik denk dat mijn ouders zich vooral afvroegen: ‘Zal het ooit nog goedkomen met Piet?’ Mij samen met Kamagurka op een podium zien staan, bood hen niet zo veel zekerheid. Mijn moeder had veel gevoel voor humor, maar mijn vader was door en door ernstig. Op een keer hadden ze mij in ‘Comedy Casino’ gezien, en toen zeiden ze me: ‘We schamen ons dat we familie van je zijn.’ (lachje) Het vreemde was dat het zo gewoon klonk – ’t was dus niet alsof ze mij wilden verstoten. Ze wilden alleen maar zeggen: ‘We vinden het triestig dat je met zulke dingen je brood moet verdienen. En dat we erover aangesproken worden op straat.’»

'Ik lach niet graag met mijn eigen grappen. Als ik me erop betrap, roep ik mezelf streng een halt toe: 'Niet lachen met je eigen materiaal! Je hebt het niet voor jezelf geschreven!''

HUMO Hoe je dat ook mag relativeren, prettig is het toch niet.

De Praitere «Neen, vandaar dat ik me altijd tegenover hen heb willen bewijzen. En dat ik me tegelijk altijd fel tegen hun verwachtingen heb afgezet. Zo van: ‘Ik kan iets en ik doe waar ik zin in heb. En ik heb geen zin in meubelmakerij.’ Zei iemand ‘rechtsaf’, dan ging ik linksaf in die tijd. Ik zat vanzelf in de contramine: geen legerdienst maar burgerdienst, en door die vervangende dienstplicht kwam ik in de sociale sector terecht, in het jeugdwerk. Dat beviel me wel.»

HUMO Ben je nu in het reine met je ouders?

De Praitere «Ja. De dood van mijn moeder vond ik overrompelend: ik ben toch uit die vrouw voortgekomen, hè? ’t Was een zware dobber – ik heb nooit gedacht dat het zo hard zou aankomen. Ik had niet zo veel contact meer met mijn ouders. De dood sloeg toe, terwijl ik hen nog van alles had willen zeggen.»


Hard gewerkt

HUMO Er is kans dat de provincie West-Vlaanderen, waar je bent opgegroeid, door de serie ‘Bevergem’ veel aandacht zal krijgen in de media. Hoe verhoud jij je tot je geboortegrond?

De Praitere «Pakweg twintig jaar geleden geloofde ik niet dat er wezenlijke verschillen bestonden tussen West-Vlamingen, Oost-Vlamingen, Antwerpenaren en Limburgers. Al dat regionalisme vond ik flauwekul, maar door achtereenvolgens in Leuven en in Gent te wonen, en een ex-vriendin uit Duitstalig België te hebben, denk ik daar nu anders over. Ik heb me lang geërgerd aan het West-Vlaamse dialect, vooral als ik mijn broers en zussen ergens buiten West-Vlaanderen hoorde praten: het klonk hard en plat en boers in mijn oren. Maar als ik nu op het West-Vlaams let, kan ik alleen maar denken: ‘’t Is fantastisch! Al die woorden en zinsconstructies die ik vergeten was!’ Ik ga ook weer graag naar West-Vlaanderen, ook naar mijn geboortestad Kortrijk.»

'Hard werken, veel geld verdienen en je rijkdom etaleren: dat is typisch West-Vlaams. Als ze je lang niet hebben gezien, is de eerste vraag die ze stellen: 'Met welke auto rijd je nu?''

HUMO Wat is er volgens jou typisch West-Vlaams?

De Praitere «Hard werken, veel geld verdienen en je rijkdom etaleren. Als ze je in West-Vlaanderen lang niet hebben gezien, is de eerste vraag die ze je stellen: ‘Met welke auto rijd je nu?’ Wat is de relevantie van die vraag? In West-Vlaanderen schijnen ze dat te weten.»

HUMO Uit een West-Vlaamse enquête van vijf jaar geleden bleek dat 95 procent van de West-Vlaamse respondenten vond dat ze harde werkers waren. Ze gaan er vermoedelijk van uit dat ‘hard werken’ een onbetwistbare deugd is. In ‘Gekapt’ zeg je: ‘De eerste vijf dagen van de week zijn de moeilijkste.’

De Praitere «Nog altijd krijg ik er te horen: ‘Wanneer ga je eindelijk eens serieus aan het werk gaan?’ en ook: ‘Kun jij leven van wat je doet?’ Natuurlijk kan ik ervan leven, maar ik neem er wel dagelijks een supplement magnesium bij.»

HUMO Heb jij de indruk dat je hard werkt?

De Praitere «Niet voortdurend. Nu wel, want ik werk zeven dagen op zeven met Dries Heyneman aan een nieuw tv-programma: ‘Lookalikes’. Ik denk dat ik de afgelopen twee jaar over het algemeen hard heb gewerkt.»

HUMO Wat is ‘Lookalikes’? Vermoedelijk een programma dat om dubbelgangers draait.

De Praitere «Als ik nu in detail zou treden, dan tref ik de achillespees van dat programma. Laat ik zeggen dat er een leven vóór de eerste aflevering is en een leven erna.

»Ik vind het vreemd dat het idee van dit programma, waar ik tien jaar geleden al een kleine proefaflevering van heb gedraaid, nog niet eerder is uitgeprobeerd.»

HUMO Even terug naar de West-Vlaamse enquête: 82 procent van de West-Vlaamse respondenten vindt zichzelf ondernemend. Hoe zit het met jouw ondernemerschap?

De Praitere «Ik ben geen man die bezig is met financiën of met opbrengsten, maar mijn specifieke ondernemerschap komt neer op het voortdurend heruitvinden van mezelf. ’t Moet koste wat het kost fris blijven. Ik mag dan al wel twintig jaar ervaring als stand-upcomedian hebben, tussendoor heb ik ook veel geschreven voor Radio 1 of Studio Brussel en achter de schermen gewerkt voor bijvoorbeeld ‘Superstaar’.»

HUMO Heb je in die twintig jaar ooit gedacht: ‘En nu hou ik ermee op’?

De Praitere «Ja, maar telkens weer bleek ik geen alternatief te hebben. Ik ga toch niet stempelen, zeker? Of een opleiding volgen bij de VDAB? Bovendien: op momenten dat ik mijn toekomst somber inzag, kwam er altijd wel iets uit de lucht gevallen. En voor de rest ben ik een laatbloeier: ik heb het gevoel dat ik nu pas op het punt sta om te ondernemen. En echt waar, ik maak nu tv-programma’s uit liefde, en niet om per se op de televisie te komen – ik vind het fijn dat ik er de kans toe krijg, zonder er specialist in te zijn. Ik kijk niet vaak tv omdat ik dat simpelweg niet leuk vind. Behalve vermoeiend vind ik het ook tijdrovend. Misschien heb ik als puber en adolescent te vaak voor de televisie gezeten, en is het daarom wel genoeg geweest voor mij. ’t Is op zich al best vermoeiend om Piet De Praitere te zijn.»

HUMO Is het ooit rustig in je hoofd?

De Praitere «Nauwelijks, want altijd denk ik dat ik me moet bewijzen. Nietsdoen hoort niet: zo ben ik ook opgevoed. En ik zal het altijd wel fijn vinden om de mensen te laten zien wat ik kan.»

HUMO Laat ik je vriend en collega Gunter Lamoot even citeren. Over jou zei hij: ‘Hij is uniek: een heel particuliere melange van komisch instinct, menselijke dwaasheid en rare kronkels.’ Wat is komisch instinct?

De Praitere «Ik weet dat ik het heb. Ik voel snel de komische mogelijkheden van een situatie aan. Ik kan bijvoorbeeld komisch binnendringen in een gesprek van mensen die ik niet ken. Ik kan ook goed ontregelen, waardoor ik mensen uit hun comfortzone haal, maar dan weer niet zó dat ze zich tegen me keren. Net voor ze zich ongemakkelijk beginnen te voelen, zet ik een charmeoffensief in. Ik denk dat ik die gave ook goed als verkoper zou kunnen gebruiken.»

HUMO Lach je zelf vaak?

De Praitere «Bitter weinig als ik naar voorstellingen of naar de bioscoop ga. Ik lach alleen als ik met collega’s een project aan het uitwerken ben.»


Lachen met IS

HUMO Zijn er grenzen aan de humor? Laatst publiceerde Charlie Hebdo een paar harde cartoons aangaande de vluchtelingen en het verdronken jongetje Alan Kurdi: ‘Het bewijs dat Europa christelijk is: christenen kunnen over water lopen, moslims verdrinken.’

De Praitere «Een goeie grap, als je bereid bent de context ervan te begrijpen. Ik heb de foto’s van Alan gezien én de ongelooflijke emoreacties op Facebook: daar kan ik ook niet mee omgaan. ’t Was alsof die hele vluchtelingenproblematiek nu pas tot de mensen doordrong. De vrijheid van het gesproken en het geschreven woord is minder evident dan vroeger. Wat je zegt en schrijft, kun je tegenwoordig met de dood bekopen. Ineens belt er iemand met een kalasjnikov bij je aan. Dat moslims ons een gebrek aan empathie voor hun cultuur verwijten, vind ik niet oninteressant, omdat het op z’n minst een mogelijkheid tot debat is. Maar dat de angst momenteel regeert, vind ik ronduit gevaarlijk. We voelen een dreiging die er vroeger niet was. Ons leven is heel lang veilig en luxueus geweest: we hebben geen oorlog hoeven mee te maken. Maar het tot standaard verheven kapitalisme in het Vrije Westen is eigenlijk nog relatief nieuw, en dan ook fragieler dan we denken. Dat iemand óns wil aanvallen, kunnen we maar niet begrijpen: ‘Waarom zouden ze óns willen aanvallen? Wij zijn toch rechtschapen? Wat hebben we misdaan?’ Misschien weet Bush wat we misdaan hebben.»

''t Is toch wel een geschenk om West-Vlaming te zijn. Ik ben destijds hard uit Kortrijk weggelopen, maar nu denk ik er met liefde aan terug'

HUMO Is het je al overkomen dat je een goede grap over moslims of de islam bedenkt en beslist ze niet te gebruiken?

De Praitere «Absoluut. Ik heb zelfs al woedende reacties gekregen op grappen over IS op Facebook. Het voelt aan als een ernstige beperking van het vrije denken. Maar ik blijf erbij: in principe moet alles kunnen in humor. Ik hou van het woord ‘neger’ en ik mis negers in mijn vriendenkring. Ik heb eens tijdens een caféoptreden in Berchem een grap over Marokkanen gemaakt die niet goed viel. Ik werd door tientallen personen bedreigd, en de organisatoren hebben mij naar mijn auto moeten escorteren. De grap had niets met religie te maken, moet ik erbij vertellen. Wat ik toen niet wist, was dat er pas een Marokkaanse jongen was neergeschoten door de Antwerpse politie. Ik had dus pech. Maar los daarvan voel ik me in mijn vrijheid belemmerd, wat ik zeer erg vind.»

HUMO Uit die West-Vlaamse enquête bleek ook dat 82 procent van de respondenten zichzelf bourgondisch vond.

De Praitere «Dat kan ik alleen maar bevestigen: er werd ongelofelijk veel gegeten en gedronken in mijn familie. Hoe klein een bijeenkomst ook was, altijd was er een decadente overdaad aan eten en drank ter beschikking.»

HUMO Heeft dat ook van jou een bourgondiër gemaakt?

De Praitere «Ik kan geweldig van drank en lekker eten genieten, al ga ik bourgondische situaties nu ook weer niet opzoeken. Mijn lichaam verdraagt de bourgondische levensstijl slecht.»

HUMO De serie ‘Bevergem’ speelt met de vermeende West-Vlaamse volksaard, en gaat ook over het spanningsveld tussen de West-Vlaamse façade en de minder fraaie werkelijkheid die erachter zit. Je acteert in die serie, wat een andere discipline is dan het werk van een stand-upper.

De Praiter e «Ja, ’t is een ander vak. Ik acteer wel in ‘Bevergem’, maar ik kan mijn acteerwerk niet beoordelen. Nu ja, ik weet wel dat ik op een bepaald niveau kan acteren, maar mijn rol in ‘Bevergem’ vond ik toch enorm moeilijk.»

HUMO De rol van Claude Delvoye, OCMW-voorzitter van Bevergem en volle neef van Wim Delvoye. Een onverbeterlijke ritselaar.

De Praitere «Ooit een coming man, kabinetsmedewerker van Yves Leterme, maar betrapt op allerlei louche praktijken moest hij zich uiteindelijk weer met de plaatselijke politiek tevredenstellen. Als ik mezelf zie in ‘Bevergem’, ben ik niet zo tevreden. Ik kijk over het algemeen niet graag naar mezelf. Als ik mezelf als stand-upcomedian zie op de dvd van ‘Gekapt’, dan denk ik: ‘Ik had liever een tikje onderkoelder overgekomen, meer op mijn gemak.’ Ik lach niet graag met mijn eigen grappen. Als ik me er toch eens op betrap, dan roep ik mezelf streng een halt toe: ‘Niet lachen met je eigen materiaal! Je hebt het niet voor jezelf geschreven!’ Los van het feit dat Claude Delvoye niet echt een flatterende rol is – alleen al zijn uiterlijk – is hij ook nog eens een man met twee gezichten. Ingewikkeld om te spelen.»

HUMO Al heb je zijn karakter zelf mogen bepalen: alle acteurs in ‘Bevergem’ mochten hun personage volledig naar hun hand zetten.

De Praitere «Ik had al een idee van hem vóór ‘Bevergem’ goed en wel een verhaallijn had. We zijn jaren met ‘Bevergem’ bezig geweest – en maar vergaderen en hopen dat er wel iets zou ontstaan, liefst vanzelf, maar op de duur moest er toch vooral hard gewerkt worden. Op een gegeven moment heeft Bart Vanneste gezegd: ‘Tegen volgende week moet iedereen een blauwdruk van zijn personage maken.’ Mijn huiswerk over Claude was heel uitgebreid: ik heb hem gebaseerd op lokale politici die ik nog kende van mijn tijd in het jeugdwerk. Ik moest toen naar meetings van de christelijke arbeidersbeweging, waar ik als 20-jarige liever was weggebleven. Ik dacht al snel: ‘Ook dit wil ik nooit worden.’ Claude is een archetypische plaatselijke politicus. Tijdens de vertoning van ‘Bevergem’ in Kooigem, waar de serie is opgenomen, moesten heel veel plaatselijke politici met Claude lachen. Ze herkenden er vooral ándere lokale politici in. Claude is in zijn carrière lid geweest van alle partijen, behalve dan van Groen. Hij is zo’n type dat steeds dieper wegzakt in de modder, maar er telkens weer in slaagt zijn hachje te redden. Hij is er zelfs van overtuigd dat hij ooit nog burgemeester zal worden. Pijnlijk, maar het rare is dat ik geen hekel kan hebben aan die sjoemelende lokale politici. Ik vind ook dat ze, naar hun normen dan, hard werken: veel tafelen, veel beleefdheidsvergaderingen. Overal je gezicht laten zien, of beter: je twee gezichten.»

HUMO Iedere acteur in ‘Bevergem’ is een geboren West-Vlaming. Waren jullie het aldoor eens over de manier waarop de West-Vlaamse way of life in deze serie wordt weergegeven?

De Praitere «We lachen de West-Vlamingen nu ook weer niet uit, hè? Maar onze kijk op West-Vlaanderen is volgens mij alleen maar mogelijk als je niet meer in West-Vlaanderen woont. We hebben het over zeden en gewoontes waar we allemaal al lang geleden afstand van hebben genomen. Maar nu we erop terugkijken, voelden we ook nostalgie. Ik vind ‘Bevergem’ een heel nostalgische serie. Ik zie de recepties van vroeger zó voor me: dienbladen vol halve abrikozen gevuld met tonijnsla. ’t Is toch wel een geschenk om West-Vlaming te zijn, hoor. Achteraf bekeken. Ik ben destijds hard uit Kortrijk weggelopen, maar nu denk ik met liefde aan West-Vlaanderen. De streek waar we gefilmd hebben, is de Provence van West-Vlaanderen. Straks ga ik nog denken dat ik er zou kunnen wonen.»


Alleen maar bergafwaarts

HUMO In ‘Gekapt’ heb je het ook over ouder worden en erger. Het houdt je kennelijk erg bezig.

De Praitere «’t Is geen cadeau. Horror. Ik had nooit gedacht dat de angst om ouder te worden mij zou overkomen. 30 worden was fantastisch, 40 was niet zo problematisch omdat ik er toen ongeveer 34 uitzag, maar ineens was ik 50! Die leeftijd overviel me. Als je 50 bent, komen mensen met de troostend bedoelde gedachte ‘Je wordt misschien wel 80’ aanzetten. Daar voeg ik graag aan toe: ‘Ja, maar in welke omstandigheden?’ Ik denk niet dat ik nog twintig jaar in de beste omstandigheden zal leven. Vanaf nu kan het alleen maar bergafwaarts gaan, en ik wil niets anders dan de beste omstandigheden: hier rond m’n 70ste half dementerend aan tafel zitten, hoeft niet voor mij. Maar ik ben ook weer niet de man die zegt dat hij er op tijd zelf een eind aan zal maken. Zo zit ik niet in elkaar. Ik hou van het leven, en waarschijnlijk ben ik het type dat tot z’n laatste snik zal vechten om in leven te blijven. Wat ik nog voor de boeg heb, is zo kort in vergelijking met wat er al voorbij is. Ik denk dat ik compleet in een midlifecrisis zit. Eigenlijk heb ik geen grote problemen, op één probleem na: de eindigheid van het bestaan.»

HUMO In ‘Gekapt’ haal je een vraag aan die je steeds vaker te horen krijgt: ‘Hé, Piet, weet je wie er dood is van jouw leeftijd?’

De Praitere «Ik krijg ze zo vaak te horen. Toen ik 22 was, had ik een relatie met een vrouw, Lut, om wie ik veel gaf. Maar ik heb haar op een brutale manier verlaten: drie maanden op reis gegaan, en niets meer van me laten horen. Ze was dan ook heel boos op me. ’t Was in de tijd dat ik niet klaar was voor relaties. Tien jaar geleden liep ik een gemeenschappelijke vriend van Lut en mij tegen het lijf. Ik vroeg hem hoe het met haar ging. Hij keek me heel raar aan: ‘Weet je niet dat ze… ?’ Dat raakte me heel diep: ‘Lut is dood.’ Ik ben naar de plaats gegaan waar ik dacht dat ze begraven lag, om op mijn manier afscheid van haar te nemen. Ik móést daar zijn. Maar ze lag niet op dat kerkhof. Er liep daar een oude man rond aan wie ik vroeg: ‘Meneer, kent u misschien een zekere Lut…?’ ‘Wie ben jij?’ vroeg die man. Ik: ‘Een oude vriend van haar.’ Waarop hij begon te wenen: ‘Ik ben haar vader.’ ’t Was zo’n moment waarop je even gelooft dat er toch iets is dat alles stuurt. Wat onzin is, hoor.»

HUMO ’t Lijkt een sprookje. Je was ook bevriend met de betreurde Luc De Vos.

De Praitere «Tijdens enkele moeilijke momenten in mijn leven hebben Sandra, zijn vrouw, en Luc me opgevangen. Ik herinner me dat ze kreeft voor mij hadden gemaakt op een kerstavond.»

HUMO ‘Nodig een eenzame uit’.

De Praitere «Zijn dood hakte erin. Net als de dood van (pdw) overigens – het wil maar niet tot me doordringen dat hij dood is. Mochten we in de Vooruit zitten, en (pdw) komt ineens binnen, dan ga ik daar niet raar van opkijken.

»Luc en ik werkten allebei mee aan ‘Collage’, een columnprogramma van Marc Coenen op de radio. We reden er samen heen. Ik had vaak niets te vertellen en Luc ook niet, maar de stilte die toen viel, was niet gênant. Wat ik erg kon waarderen. Tja, de dood…»

HUMO Tot slot: valt er mogelijk ook iets positiefs te zeggen over ouder worden?

De Praitere «Dat ik in een midlifecrisis zit, neemt niet weg dat ik door ouder te worden ook meer vrede heb met mezelf. Ik heb het gevoel dat ik professioneel in het leven sta. Het leven is overzichtelijker geworden, en dus ook veel minder abstract dan vroeger. Vroeger waren mijn dromen – op de affiche van Torhout-Werchter staan – niet haalbaar, nu zijn ze dat wél. Er zitten nog zo veel ideeën in mijn hoofd. Ik kan optreden, en ik weet ook hoe het moet, en die zekerheid zal nooit meer weggaan.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234