null Beeld

De Tand Des Tijds: 'Seven Samurai' (Akira Kurosawa, 1954)

Humo presenteert: De Tand Des Tijds! In deze reeks waagt filmjournalist Erik Stockman zich één keer per week aan een rewatch van een grote klassieker, een geliefde cultfilm of een beroemde blockbuster. Waarbij onze man zich afvraagt: hoe heeft deze film de blikkerende hoektanden des tijds doorstaan? Vandaag: ‘Seven Samurai' van Akira Kurosawa!

Vanaf woensdag 11 april mag u met gespreide armen naar de bioscoop rennen om de nieuwe van Wes Anderson te omhelzen, ‘Isle of Dogs’. ‘t Is een prachtige stopmotion-animatiefilm over enkele honden – voorzien van de stembanden van onder meer Bill Murray en Edward Norton - die op een Japans eiland de strijd aanbinden met de kattenminnende burgemeester die hen wil uitroeien.

En zoals we dat van de onnavolgbare regisseur van ‘The Grand Budapest Hotel’, ‘Moonrise Kingdom’ en ‘The Life Aquatic With Steve Zissou’ gewend zijn, heeft Anderson onder de beelden een schitterende soundtrack gezet, met daarop popsongs van The West Coast Pop Art Experimental Band, een mooie symfonische score van componist Alexandre Desplat, én enkele opzwepende flarden muziek uit Akira Kurosawa’s ‘Seven Samurai’.

Op ons hadden die paar flarden, gebruikt tijdens de gewelddadige showdown tussen twee hondenbendes, het effect van een shot adrenaline. ‘Seven Samurai’! Oooooooooooh yeah!!! Of, in het Japans: saikou!!! Uiteraard is het geen afgrijselijke schande indien u dit meesterwerk van de mooiste der kunsten nog nooit heeft gezien, maar toch.

Nu gaan wij ons hier niet verliezen in de filosofisch-metafysische motieven die Kurosawa in zijn in de 16de eeuw spelende epos heeft gelegd, of in de grensverleggende filmtechnieken die hij introduceerde: andere zielen kunnen daar veel zinniger dingen over zeggen dan wij. Wat wij hier gewoon willen zeggen is dit: de mooiste zondagmiddag die een mens kan beleven, is een zondagmiddag met ‘Seven Samurai’ op de flatscreen.

U kent het verhaal wel: de bewoners van een boerendorp beslissen om enkele samoerai in te huren om hen te beschermen tegen de veertig bandieten die hun dorp willen platbranden, hun vrouwen willen verkrachten en de rijstoogst willen stelen. Het eerste uur van de film (die meer dan drie uur duurt maar voorbijzoeft als een pijl) staat in het teken van de recrutering van de samoerai, in het tweede uur zien we hoe de samoerai – terwijl de spanning met de minuut toeneemt - verdedigingslinies scheppen, barricades opwerpen en de dorpsbewoners proberen op te leiden tot in zichzelf gelovende krijgers, en in het derde uur mag de strijd tegen de bandieten dan eindelijk losbarsten in een reeks fantastische actiescènes.

Opvallend: ofschoon de bandieten in de numerieke meerderheid zijn, lijken de samoerai totaal geen stress te voelen; misschien wel omdat ze zich al bij het leven hebben verzoend met hun dood. Onze eigen favoriet is Kambei, de rustige meester-samoerai van wie het ons niet zou verbazen mocht George Lucas hem hebben gebruikt als inspiratiebron voor Obi-Wan Kenobi (van Kambei komt het idee om de rijstvelden net zoals de Ijzervlakte onder water te zetten).

Door hen af te schilderen als rondzwervende loners die onder geen enkele druk zullen breken, bouwt Kurosawa in ‘Seven Samurai’ volop mee aan de populaire mythe van de samoerai, maar anderzijds toont de cineast ook hun donkere kant. In één van de pakkendste scènes barst would be-samoerai Kikuchiyo (Toshiro Mifune) los in een zielsaangrijpende tirade: ja, de boeren gedragen zich gierig, sluw en gemeen, maar het is de roofzucht van de samoerai die hen zo heeft gemaakt! Waarop Kambei met kalme stem: ‘Jij bent de zoon van een boer, hé?’

En samen met de andere samoerai kunnen we alleen maar in stilte het hoofd neigen. Het laatste gevecht, in de gietende regen en het opspattende slijk, staat dan weer volledig terecht geboekstaafd als één van de beste actiescènes uit de filmgeschiedenis. Het enige nadeel aan ‘Seven Samurai’ is dat de motieven en de stijlelementen die Kurosawa hier hanteert intussen zóvaak zijn geplunderd, gekopieerd en geïmiteerd – van ‘The Magnificent Seven’ over ‘Star Wars’ tot ‘Mad Max: Fury Road’ - dat u tijdens het kijken misschien geneigd bent om te denken: ‘Pff, dat hebben we al zo vaak gezien.’

Het is u vergeven, hoor. Maar vergis u niet: de schitterende opbouw van de plot, de fraaie slowmotioneffecten, de kinetische montage, de opwindende cameratechnieken: Kurosawa was de eerste om het allemaal samen te voegen tot één adembenemende kijkervaring. Het zowel in ‘Inglourious Basterds’ als in ‘Avengers’ als in ‘Justice League’ terugkomende concept van ‘putting a team together’? Kurosawa. Wes Anderson van zijn kant – we durven er een Hattori Hanzo-zwaard op te verwedden - zal zich wel meer in tune voelen met de onderhuidse melancholie van ‘Seven Samurai’ dan met de rauwe actie. ‘Zij zijn de overwinnaars, niet wij,’ zo horen we Kambei zeggen in één van de laatste scènes, doelend op de boeren die alweer vrolijk aan het werk zijn in de rijstvelden.

De samoerai daarentegen (of toch diegenen die de strijd hebben overleefd) zijn voortbestemd om voor eeuwig rond de aarde te zwerven, zonder meester, zonder thuis, net zoals Cain uit ‘Kung Fu’. Of zoals Chief, de met de stem van Bryan Cranston sprekende zwerfhond uit ‘Isle of Dogs’. Hij kent zijn klassiekers, die Wes.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234