null Beeld

De thigmofiel in Midas Dekkers: 'In tijden van grote angst werkt een lekker warm bed soms beter dan een psychiater'

U bent, ook al wist u dat nog niet, een thigmofiel. Net als wij, trouwens. Dat is waar de Nederlandse bioloog en schrijver Midas Dekkers ons in zijn nieuwe boek ‘De thigmofiel’ omstandig op attent maakt. Het betekent niets meer en niets minder dan dat we graag aangeraakt worden.

Dat lijkt minder verrassend dan het is als Dekkers uitlegt wat de gevolgen van die thigmofilie zijn. Dat we eigenlijk allemaal van milde bondage houden, graag uren op de wc doorbrengen en als het oorlog is het liefst in bed blijven liggen, bijvoorbeeld. Het komt allemaal neer op ons verlangen naar geborgenheid, precies het verlangen dat door de onzekerheden van vandaag zo vaak onbeantwoord blijft. Dekkers bevredigt zijn thigmofiele verlangens door zich terug te trekken in zijn werkkamer in Weesp, waar we aan een lange mahoniehouten tafel tussen vitrines vol schedels en opgezette apen zitten, en waar de tijd en de wereld geen vat op lijken te hebben.

HUMO Hoe kwam u erbij over thigmofilie te schrijven? Het woord bestaat niet eens.

Midas Dekkers «Klopt, maar ik dacht: ‘fiel’, dat zegt iedereen wel wat. Homofielen, necrofielen... Het zijn allemaal mensen die iets lekker vinden. Ik hoop nu dat mensen meteen mijn boek willen kopen als ze dat woord zien: ‘Hé, er is nog iets lekkers waar ik geen weet van heb.’»

HUMO Het is inderdaad iets lekkers, en we hadden er geen woord voor.

Dekkers «Nee, terwijl het één van de meest essentiële lekkere dingen in het leven is. ‘Filie’ betekent liefhebben, en een ‘thigmofiel’ fielt ‘thigmos’, ofwel ‘aanraking’. Hij vindt het heerlijk om iets tegen zich aan te voelen. Dan ervaart hij geborgenheid en welbehagen.

»Terwijl ik mijn stelling aan het uitwerken was, bleek er opeens een wetenschappelijke test aan de gang te zijn, geleid door de Utrechtse gedragsfilosoof Claudia Vinke, met poezen die in een asiel werden binnengebracht. Sommige nieuwkomers kregen een kartonnen doos, andere niet. Na drie dagen bleken de ‘dooskatten’ significant minder stressverschijnselen te vertonen dan de controlegroep met poezen die geen doos hadden en nog lang onrustig bleven. Wel, de mens is net zo.»

HUMO Waarom vond u het nodig ons daarop attent te maken?

Dekkers «Kijk, we leven in een wereld waarin onze huizen en werkplaatsen open en transparant moeten zijn. We worden opgestookt om op citytrip trekken of de wijde wereld in te gaan, om onze grenzen te verkennen en er nog het liefst overheen te gaan. We mogen zeker niet onder moeders rokken blijven zitten, we mogen geen theemutsen zijn. Maar we zíjn theemutsen. Holbewoners zijn we. We vinden het heerlijk om ons ergens geborgen te voelen.

undefined

'We worden opgestookt om de wijde wereld in te trekken, onze grenzen te verkennen, geen theemutsen te zijn. Maar we zíjn theemutsen'

»Nu, als de tijden veranderen – een wijzigend klimaat of nieuwe vijanden waar je niet tegenop kunt – dan is het wel reuzehandig als er een paar onverschrokken individuen zijn die op de schaal van thigmofilie onderaan bungelen, die gráág de held uithangen en uit hun holen durven te komen. Die lui kunnen een nieuwe weg inslaan – dat heet evolutie. Maar wij staren ons altijd blind op die paar momenten van verandering. Dat de bewoners van deze aarde ook miljoenen jaren precies hetzelfde bleven doen en net dáárom overleefden, daar gaat het nooit over. De beste manier om te overleven is eigenlijk: je hele leven zo veel mogelijk in een draaimolen van vaste patronen proberen te zitten.»

HUMO Dezer dagen luidt het adagio nochtans dat je als werknemer flexibel moet zijn. Je moet met gemak van werkplek kunnen veranderen en je kunnen aanpassen aan steeds weer nieuwe bazen met weer andere verwachtingen.

Dekkers «Ja, de maatschappij verandert voortdurend, en heel snel. Dat geeft niks en is ook nuttig en nodig. Maar het is wél handig om tussendoor ook nog even te kijken naar hoe de mens ook alweer in elkaar zit. We zijn de afgelopen honderdduizend jaar helemaal niet zo veel veranderd, en als de mens hetzelfde blijft terwijl de maatschappij verandert op een manier die niet strookt met hoe de mens van nature is, dan ontstaat er wrijving. Daar worden mensen – om het zacht uit te drukken – niet gelukkig van.

»Wie daar bijvoorbeeld totaal geen rekening mee houdt, is de hedendaagse architect. Die vergeet tegenwoordig hoe een mens in elkaar zit, en houdt geen rekening met de voorwaarden waaronder die zich gelukkig voelt. Alle huizen in moderne wijken bestaan voor het grootste deel uit glas en beton, zijn heel hoog en hebben een belabberde akoestiek. Het zijn volkomen onherbergzame plekken, geen lekker warme holen. Terwijl de thigmofiel die de mens is, vooral troost en geborgenheid ontleent aan zijn tastzin – we willen ergens tegenaan kunnen leunen, of ergens onder kunnen wegkruipen. Bekijk de interieurs uit 1880 eens. Dan zie je palmen, zware rode gordijnen, veel hout, tapijten, overal kussens, zeker geen ramen tot op de grond.

»Maar toen hebben de architecten het modernisme uitgevonden. Opeens ontwierpen ze alles met het oog op het uitzicht en moest het allemaal licht, luchtig en esthetisch geperfectioneerd zijn. Is de mens de laatste honderd jaar dan zo veranderd? Natuurlijk niet. En nu zitten we allemaal in huizen waar er voor de tastzin niets te beleven valt. Mij verbaast het niks dat de gekkenhuizen vol zitten. Veel mensen zijn misschien flexibel genoeg om die kilheid aan te kunnen, maar ik zou er echt stapelzot van worden.»

undefined

'Door het idee van de maakbare mens zit de wereld vol verliezers: mensen die zich machteloos voelen omdat ze zichzelf níét hebben kunnen maken'

HUMO U zegt: de samenleving is vaak niet meer bedacht op hoe de mens eigenlijk in elkaar zit – namelijk grotendeels hetzelfde als altijd. U windt zich in uw boek ook op over ons idiote streven naar de nieuwe mens, over het idee dat we maakbaar zijn.

Dekkers «Nu alles maakbaar lijkt op technologisch vlak, sleutelen we ook meer dan ooit aan de mens. We kweken genieën op onze universiteiten, werken aan de onsterfelijke mens in onze ziekenhuizen en worden geacht aan de verbetering van onszelf te werken. Sporters versplinteren records, mannen worden vrouw, damesbladen leren je hoe je er mooier kunt uitzien en beter kunt opvoeden... Maar het is natuurlijk maar een heel kleine minderheid bij wie die inspanningen doel treffen. De meesten halen het niet. Dat kan ook niet anders. De mens blijft de mens. De wereld zit dus vol verliezers, mensen die zich machteloos voelen omdat ze zichzelf niet hebben kunnen maken. En waar vraagt die machteloosheid om? Om troost.»

HUMO En die troost vinden we?

Dekkers «Het best via onze tastzin. Alle emoties zijn terug te voeren op de zintuigen. Een schilderij of een parfum kan je raken, maar zal je niet snel tot tranen toe roeren. Muziek glijdt via je oor rechtstreeks je gemoed binnen en kan dat al wel. Maar de tast is de oudste van alle zintuigen, en verbonden met de hersendelen die het oergevoel besturen. Als je verdriet hebt, kun je naar een mooi concert luisteren of heerlijke andijviestoemp eten, maar niets daarvan zal je zo veel troost bieden als een hand die de jouwe vasthoudt, of een arm om je heen. Je tastzin zit overal, zelfs in je binnenste. Bij een liefdevolle aanraking neemt de hoeveelheid stresshormoon in je lichaam onmiddellijk af. Het werkt heel direct. Je voelt je veilig, geborgen. En je veilig voelen is de eerste eis waaraan voldaan moet worden wil je welbehagen ervaren.»

HUMO De arm van een geliefde werkt het best.

Dekkers «Ja, al kan die arm ook van een vreemde zijn – van een ambulancier na een ongeluk, of gewoon van de kapper, de masseur of de huisarts.»

HUMO Aangezien een thigmofiel zich goed voelt zodra hij ergens tegenaan kan kruipen, zou je denken dat alles opgelost is als je altijd met twee bent. Trouwen of samenwonen, dus, en je kunt gerust zijn.

Dekkers «Zo eenvoudig zou het kunnen zijn, ja (lacht). Bloot huid-op-huidcontact zo vaak je wilt. Maar helaas. Er heeft er weleens eentje hoofdpijn. De ander heeft last van ontrouw of ander gedoe. Een duurzame relatie is, dat weten we allemaal, helemaal niet eenvoudig. Maar gelukkig verkeert de mens altijd in het goede gezelschap van zichzelf. Je eigen lichaam is soms de beste schuilplaats en je kunt ook je eigen armen om je heen slaan.»


Onbeschoft of teerbemind

'In tijden van grote angst werkt een lekker warm bed soms beter dan een psychiater'

HUMO Geborgenheid, zegt u, vinden we ook onder de douche, op de wc en in bed, lekker alleen, onze tastzin bevredigd door de warme waterstraal of de dekens die ons omhullen. Dat is precies wat ik doe als ik me slecht voel.

Dekkers «In tijden van grote angst werkt een bed soms beter dan een psychiater. In de jaren 40 schreef beddenfabrikant Joseph P. Fanning zijn hoge omzet volledig aan de onzekere internationale toestand toe. Bedden waren toen belangrijker dan ooit: daarin konden mensen zich even aan hun onveiligheidsgevoel onttrekken.»

undefined

'Mensen klagen veel over eenzaamheid, maar types zoals ik – en ik ben heus niet de enige – hebben meer last van veelzaamheid''

HUMO We vinden dus ook geborgenheid in warm isolement.

Dekkers «Dat klopt. Mensen klagen veel over eenzaamheid, maar types zoals ik – en ik ben heus niet de enige – hebben meer last van veelzaamheid. Je kunt veel plezier beleven aan anderen – we zijn een sociale diersoort, in ons eentje zouden we verkommeren – maar de maatschappij bevat op dit moment wel érg veel mensen die ons van alle kanten beoordelen en in de gaten houden. In de moderne wereld is het steeds moeilijker om ‘ik’ te blijven in de zee van ‘wij’ waartoe je niet altijd wilt behoren. Soms kan dat je te veel worden en denk je: kon ik me maar aan het mensdom onttrekken. Dan is het heel louterend om je onder de douche of op de wc terug te trekken. Onder de douche sta je in je eigen wereld, heerlijk alleen met je eigen gedachten. In een douche of een wc kun je normaal gesproken ook net je armen strekken: die ruimtes zijn precies even groot als wat biologen je individuele territorium noemen. Dat is het stukje wereld om je heen waarbinnen je niemand hoeft te dulden. Iemand die wél door die barrière heen breekt is óf onbeschoft óf teerbemind.

»Weet je, als mensen me vragen waarover m’n nieuwe boek gaat, raak ik altijd een beetje in paniek: ‘Zullen ze me wel begrijpen?’ Maar na een uitleg van drie zinnen weet iedereen telkens wat ik bedoel. Ik denk dus dat veel meer mensen last van veelzaamheid hebben dan je denkt, en dat er echt een tekort is aan de geborgenheid waar ik het over heb.»

undefined

'In principe vormt elke andere mens een bedreiging. Als sociale diersoort ben je natuurlijk bereid om samen te werken om een grotere koek te bemachtigen, maar zodra die koek er is, wil iedereen het grootste stuk, punt.'

HUMO Dat is een feit. Ook in de politiek gaat het vooral over veiligheid.

Dekkers «En dan komen ze met oplossingen als drie sloten op je deur, meer blauw op straat, meer cameratoezicht. Terwijl die dingen niet zullen teweegbrengen waar we eigenlijk naar verlangen: een gevoel van veiligheid, je zintuigen die signalen naar je hersenen sturen waardoor die hormonen afscheiden die je een stuk minder rot zullen doen voelen. In feite zouden ze in plaats van agenten beter overal tafels neerzetten waar we onder kunnen kruipen. Weet je, tijdens het bombardement van 194O schuilden veel Rotterdammers onder de keldertrap: de gevaarlijkste plek die er is, want precies dáár kun je het hele huis op je kop krijgen. Maar kennelijk gaf dat holletje met een schuin dak de mensen een veilig gevoel.»

HUMO Het gaat in uw boekje veel over de dreigende buitenwereld en de klootzakken die daar op je staan te wachten.

Dekkers «In principe vormt elke andere mens een bedreiging. Als sociale diersoort ben je natuurlijk bereid om samen te werken om een grotere koek te bemachtigen, maar zodra die koek er is, wil iedereen het grootste stuk, punt. Dus elke mens is behalve een potentiële partner ook een potentiële concurrent. Je moet mensen dus tegemoet treden met een dosis wantrouwen, maar als je daar te ver in gaat, maak je samenleven en -werken buitengewoon lastig. Het is dus een kwestie van het juiste evenwicht.

»Nu, hoe meer zelfvertrouwen je van huis uit hebt meegekregen – goed vertroeteld, lekker warm bedje – hoe makkelijker het is om je onder de mensen te begeven. Als je te weinig zelfvertrouwen hebt, krijg je bij ontmoetingen met anderen al eens het deksel op je neus. De ander voelt dat gebrek aan zelfverzekerdheid en zal niet aan de verleiding kunnen weerstaan om daar misbruik van te maken en je te belazeren. De een probeert altijd meer te hebben dan de ander: die competitiviteit zit een beetje in ons, en wordt in de huidige maatschappij ontzettend aangewakkerd. Dat genereert weer veel verliezers die troost zoeken – in de hoop dat ze zo genoeg zelfvertrouwen bij elkaar kunnen harken om de volgende keer niet bedot te worden.»

HUMO Het lijkt wel alsof u zich niet bepaald veilig voelt in onze samenleving.

Dekkers «Mja, dat heeft natuurlijk ook te maken met het feit dat ik een eenzaat ben: de eenzaat is op dit moment niet echt in de mode. Er is een tijd geweest – rond de 19de eeuw – dat alle geleerden excentrieke eenlingen waren die zich in kamerjas in hun werkruimte terugtrokken en daar mompelend rondliepen en geniale ideeën kregen. Tegenwoordig wordt wetenschap alleen nog in teams bedreven: iedereen moet een radertje in het grote geheel zijn. Dat levert misschien wel veel op, maar er zijn ook mensen die niet in dat systeem aarden, die veel liever stil in een hoekje iets kleins verzinnen dan met z’n allen iets groots. Daar zou, vind ik, meer gelegenheid voor geboden moeten worden.»

undefined

null Beeld


Donald Duck op de wc

HUMO Uw woont hier mooi, in een oude burgemeesterswoning aan het water. Deze werkkamer is ook een echte ‘geleerdenkamer’ – donkere houten vloer, zware houten tafel, vitrinekasten met schedels.

Dekkers «Hier wordt aan al mijn thigmofiele behoeftes voldaan (lacht).»

HUMO De opgezette aapjes doen denken aan het experiment van Harlow, dat u ook vermeldt in uw boek. De man bewees dat innig contact zelfs belangrijker is dan voedsel.

Dekkers «Alsof we dat nog niet wisten! Vreselijke martelingen heeft hij die aapjes daarvoor laten ondergaan. Hij rukte ze als baby weg bij hun moeder, zette de ene helft bij een vervangmoeder van kippengaas – die wél melk gaf – en de andere helft bij een pluchen exemplaar, waar de babyaapjes zich wanhopig aan vastklampten. Dankzij de binding met hun zachte namaakmoeder groeide de tweede groep min of meer normaal op; de aapjes met de ijzeren moeder werden gek. Nu goed, ten gevolge van die mishandeling worden baby’s tegenwoordig meteen op de buik van hun moeder gelegd na de geboorte. Dat lichamelijke contact is heel belangrijk voor de ontwikkeling van een oergevoel van veiligheid. De eerste jaren klamp je je aan je moeder vast, en naarmate je je veiliger voelt, durf je haar vaker los te laten. Als als je in je leven voldoende gevoel voor veiligheid weet te vergaren, kun je de wereld wel aan. Maar als dat je niet gegund wordt, blijft ze een oord van angst en verschrikking.»

HUMO Is die wereld dan zo erg?

Dekkers «Nou, reken maar. Die eerste schooldag, wanneer je aan de hand van je moeder het schoolplein oploopt en opeens de school wordt ingeduwd met driehonderd andere jengelende, angstige wezentjes... Vreselijk. Ik zal het nooit vergeten.

»De prille jeugd is een periode van pure angst. Er komt van alles op je af waar je geen verklaring voor hebt. De hele wereld is een chaos. Je hebt dus alle reden om bang te zijn. Gelukkig leer je op school de wereld kennen en in vakjes indelen. Dat helpt. En zo is het voor de meeste mensen wel uit te houden.»

HUMO Hier spreekt volgens mij de wetenschapper die de chaos om zich heen biologisch heeft weten te verklaren. Uw ouders hadden een café. Uw vader kon het drinken moeilijk laten. Uw stiefvader had hetzelfde probleem en uw moeder had al haar aandacht nodig om de zaak te runnen.

Dekkers «Ik ben nogal een zelfstandig denkertje, ja. Dat komt ongetwijfeld doordat ik als jongen snel voor mezelf heb moeten leren zorgen. Maar dat heeft ook gunstige kanten. Andere kinderen moesten met veel gedoe naar bed gestuurd worden; wij leerden zelf op tijd naar bed gaan. Kinderen kunnen zichzelf best opvoeden. Het enige wat je hun moet geven is geborgenheid.»

HUMO En kreeg u die?

Dekkers «Ja, want ik ben – zoals iedereen vroeger – opgegroeid in een soort extended family, met behalve papa en mama ook ooms en tantes en af en toe mensen die kwamen aanwaaien. Volgens mij is dat de meest natuurlijk wijze om groot te worden: er is dan nooit een tekort aan aandacht of warmte. Ik kreeg die van de ober en de buffetchef en een deel van de vaste klanten van het café. Of je het daarmee kunt stellen, hangt natuurlijk wel af van je karakter – er zijn ook kindjes die liever wél gewoon een papa en een mama gehad zouden hebben. Die hebben dan gewoon pech gehad. Geluk is niets anders dan goed aanpast zijn – dat hoe jij ineenzit toevallig goed past bij je omgeving.»

HUMO Dat was bij u het geval.

Dekkers «Zeker. Bovendien is het clientèle van een café een verdunde vertegenwoordiging van de samenleving. Je maakt er dus al heel gauw kennis met verschillende soorten mensen, en je leert hoe je je tegenover hen het best kan gedragen. Maar het meest fantastische was: boven het café was ook een klein hotelletje. We hadden wel víér wc ’s om uit kiezen. Als jongetje leerde ik dus ook snel: als de wereld je te veel wordt, dan ga je op de wc zitten om de Donald Duck te lezen.»

Dekkers’ echtgenote Ruth Thiadens komt binnen met versnaperingen.

HUMO Jullie zijn al dertig jaar samen. Vanuit thigmofiel oogpunt hebt u ook dát goed geregeld.

Dekkers «Het is niet eenvoudig, maar we hebben een goeie manier van samenzijn gevonden.»

HUMO Als geliefde geef je je eindelijk weer bloot als een klein kind, schrijft u. Je grijpt terug op het oude repertoire: huid-op-huidcontact, omarmen. Zo komt de thigmofiel aan zijn trekken. Tenzij hij als kind te veel is tekortgekomen. Dan is een arm niet genoeg en wil hij bondage!

Dekkers «Sommige mensen die als kind te weinig vastgepakt werden, proberen dat later te compenseren door zichzelf in te snoeren. Dat is een eenvoudige verklaring voor bondage – een bezigheid waar vroeger nauwelijks iemand van gehoord had en waarvan we dachten dat het een seksuele aberratie was, maar die bijna iedereen blijkt te beoefenen. Het is tegenwoordig in Amsterdam makkelijker om een bondagesetje te kopen dan een broodje kaas.

»Dat gezegd zijnde, mensen die zo’n setje kopen, hebben die behoefte aan ingesnoerd worden natuurlijk in veel mindere mate dan de écht excentrieke lui. Eigenlijk is je in kleren hullen al een milde vorm van bondage. En dat doet een mens, thigmofiel als hij is, heel graag – laag over laag, tot je genoeg gebolsterd bent om de buitenwereld aan te kunnen.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234