De verrassing van de Fintro Literatuurprijs: 'Malva' van Hagar Peeters

Connie Palmen! Mán!’ roept Hagar Peeters uit als we samen de shortlist voor de Fintro Literatuurprijs 2016 overschouwen. ‘Samen met háár op een shortlist staan met mijn eerste roman, dat is toch waanzinnig?'

'Toen ik elf was, ben ik mijn vader brieven beginnen te schrijven. Voordien hadden we elkaar één keer gezien'

‘Malva’ heet de bijdrage van Hagar Peeters (44) aan de shortlist van de voormalige Gouden Boekenuil, die wordt uitgereikt op 5 juni. ‘Malva’ mag dan haar romandebuut zijn, in het rijk der Nederlandstalige dichters staat ze al een hele tijd in de voorste gelederen. Het is haast twintig jaar geleden dat Gerrit Komrij haar op een podium spotte en zei: ‘Zo ga ik het voortaan ook doen!’

HUMO Leuk, op zo’n manier door een grootheid van de vorige generatie begroet te worden?

Hagar Peeters «Ja, maar bedoelde hij het niet ironisch? Ik ben echt wel bang dat Gerrit Komrij helemaal niet op mij wilde lijken (lacht).»

HUMO Heel zeker kunt u zijn van de erkenning door Remco Campert: hij vroeg u om gedichten voor te lezen toen hij in het Koninklijk Paleis in Brussel de recentste Prijs der Nederlandse Letteren ontving.

Peeters «Dat was een zeer grote erkenning, hij kon om het even welke dichter vragen, en hij vroeg míj. Humo schreef toen dat ik gedichten van Remco las, maar op één gedicht na klopte dat niet. Ook koning Albert had dat trouwens niet begrepen. ‘Zijn dat uw eigen gedichten?’ vroeg hij een beetje verlegen. ‘Ja,’ zei ik. ‘O!’ zei hij.’»

HUMO De dichteres Hagar Peeters werd blijkbaar al lang gevraagd om een roman. ‘Wanneer komt die roman?’ las ik in een zestien jaar oud interview in de Nieuwe Revu.

Peeters «Die vraag heb ik inderdaad dikwijls gekregen, ook van mijn uitgever, al meteen na mijn poëziedebuut: ‘Je moet maar eens een boek schrijven!’ Een echt boek, dat kan alleen een roman zijn, bedoelen ze dan, en geen poëziebundel. Wat een onzin. ‘Ik vind poëzie ook een boek,’ heb ik altijd gezegd, ‘ik ga helemaal geen roman schrijven.’»

HUMO Tot u voor dit onderwerp door de knieën ging: Malva, de verstoten dochter van de Chileense dichter en Nobelprijswinnaar Pablo Neruda. Hoe heeft Malva zich aangediend?

Peeters «In 2005 was ik in Chili met mijn toenmalige vriend. Niet lang daarvoor had ik de dagboeken van mijn vader gelezen. Ik heb pas na mijn elfde contact met hem gekregen, tot die tijd had hij mijn bestaan tegenover iedereen, zelfs zijn eigen familie, verzwegen. Nog voor mijn geboorte zijn mijn ouders uit elkaar gegaan, ik ben alleen door mijn moeder grootgebracht. In die dagboeken schreef mijn vader ook over de periode waarin ik geboren ben, mei 1972. Ik was daar heel benieuwd naar: als kind wil je toch weten of je daarin genoemd wordt of niet.»

HUMO En?

Peeters «Nee, hij noemde mij helemaal niet. In dat dagboek ging het over de reis die hij toen maakte door Chili, onder andere over zijn bezoek aan Temuco, een soort pioniersplek helemaal in het zuiden. Het deed me ontzettend veel zin krijgen om met mijn eigen ogen te gaan bekijken waar mijn vader was toen ik geboren werd, en ik reisde ernaartoe. Het bleek de plek te zijn waar Neruda vanaf zijn tweede was opgegroeid, en dat was een dichter die mij altijd al geïnteresseerd had.

»In één van Neruda’s huizen die je daar kunt bezoeken, hoorde ik van een gids voor het eerst over Malva, een dochter van Neruda uit zijn eerste huwelijk met een Nederlandse vrouw. Malva is maar acht geworden, ze had een waterhoofd. Haar graf was toen een jaar eerder in Nederland ontdekt.

»Toen greep één en ander in elkaar: hoe vreemd toch dat ik in Chili, op zoek naar mijn eigen roots, naar de vader die ik in mijn jeugd niet gekend heb, op een dochter van Neruda stuitte, een meisje met wie hij helemaal geen contact gewild had, en die ook nog in Nederland geleefd had. Weer thuis las ik de memoires van Neruda, en ik merkte dat hij Malva daar helemaal niet in noemt.»

'Mijn boek biedt een alternatief voor een leven dat mislukt is'

HUMO Dat doet hij wel in enkele brieven: een vampier van 3 kilo noemde hij haar, een monster, en ook: een puntkomma.

Peeters «Dat hij ook die ‘puntkomma’ bedacht, vond ik wel mooi en typerend voor hem als dichter: het is een vreselijk, maar ook een grappig, sardonisch beeld: je stelt je een enorm waterhoofd op een klein komkommervormig lijfje voor. Ik heb het als geuzennaam voor Malva gebruikt. En je hebt ook wel gezien dat ik in mijn roman een gedicht heb opgenomen dat uit puntkomma’s bestaat.»

HUMO Eén regel van dat gedicht bestaat uit gewone woorden: daarin gaat het over de regen in Temuco.

Peeters «Omdat ik weer een mooie overeenkomst merkte. Ik ben op mijn zeventiende bij mijn vader gaan wonen. Hij is journalist en ik viel dikwijls in slaap terwijl hij aan zijn bureau zat te tikken. Neruda schrijft in zijn memoires dat hij altijd in slaap viel bij het geluid van de regen, en dat tikken lijkt wel een beetje op het geluid van de regen.»

HUMO Neruda leerde zijn eerste vrouw kennen toen hij consul was in Batavia. Hij beschreef haar in zijn memoires als een exotische halfbloed, terwijl Maria Hagenaar toch uit een voorname Nederlandse familie stamde.

Peeters «Hij zet Maruca, zoals hij haar noemde, helemaal neer als iemand die hem op geen enkel terrein kon begrijpen: ze had niks te maken met zijn taal, zijn persoon, zijn schrijverschap. Bij de geboorte van Malva, in 1934, woonden ze in Madrid en hij heeft niet veel later van de Spaanse burgeroorlog gebruikgemaakt om moeder en dochter weg te sturen naar Nederland. Ze woonden in Den Haag, op 15 minuten lopen van de Christian Science Church, en daar heeft Maria Hagenaar pleegouders gevonden voor haar gehandicapte dochter. De leden van die kerk geloven dat je door te bidden zieken kunt genezen, en ik denk dat zij heel erg op zo’n religieus wonder hoopte. Zoals zij ook heel lang is blijven hopen dat ze weer herenigd zou worden met Neruda.»

HUMO Die dacht daar helemaal niet aan: in volle oorlog belette hij dat zij wegraakte uit Europa, terwijl dat een kwestie van leven of dood kon zijn.

Peeters «Dat is helaas zo. Iemand van het consulaat had hem bericht: ‘Je vrouw wil weg uit Nederland.’ En in een archief in Santiago las ik zijn antwoord: ‘Dat wil ik niet, dat verbied ik.’ Letterlijk. Terwijl hij zich naar de buitenwereld toe toch heel duidelijk als tegenstander van Hitler opstelde. Hij was stiekem hertrouwd, en hij wou helemaal niet geconfronteerd worden met de aanwezigheid van zijn ex-vrouw. Ze is toen omwille van haar buitenlandse nationaliteit in het kamp Westerbork beland.»

'Ouderliefde is de enige liefde die onvoorwaardelijk is. Je kunt hopen dat het tussen man en vrouw ook zo is, maar dat is niet zo'

HUMO Haar verdere tragische leven – langdurige ziekte, drugsverslaving, dood aan kanker in 1965 – hebben we intussen kunnen nalezen in een boek van Pauline Slot, ‘En het vergeten zo lang’. Was het schrikken toen die roman in 2010 verscheen?

Peeters «Ik vond het héél vervelend toen ik daar voor het eerst van hoorde. Ik was er toen zelf al vijf jaar mee bezig. ‘Shit, daar gaat mijn onderwerp!’ dacht ik. ‘Nu moet ik ermee stoppen.’ Ik was ook best wel boos, want ik dacht: waarom zij? Ik had op allerlei manieren een link met dat onderwerp, wat kon de meerwaarde zijn als een ander erover zou schrijven? Maar een jaar later werd ik uitgenodigd op een schrijversontmoeting in Iowa en de eerste persoon die ik daar tegenkwam, was Roberto Ampuero, een Chileense professor. Die zei me meteen dat hij werkte aan een roman over Neruda en al zijn vermeende bastaardkinderen. Dat zag ik als een bijna bovennatuurlijk teken dat ik toch verder moest gaan, en ik heb de pen weer opgepakt.»

HUMO U voelde het ook als een persoonlijke verantwoordelijkheid, met alle overeenkomsten die er waren?

Peeters «Ja, ik had het idee dat Malva me toesprak, dat alle inspiratie tijdens het schrijven van haar kwam. Zo bijgelovig kun je worden tijdens het schrijven: ik dacht echt dat ik door haar gestuurd werd.»

HUMO Hebt u het boek van Pauline Slot gelezen?

Peeters «Ik had wel begrepen dat zij vanuit een ander gezichtspunt schreef – Pauline Slot heeft het over de moeder, ik over haar dochter – maar toch durfde ik het niet te lezen. Vlak voor ik mijn eigen boek heb afgemaakt, was ik toch té nieuwsgierig en ben ik het gaan lezen. Haar boek raakte me heel erg, omwille van het zo tragische leven van die moeder, even werd ik er echt depressief van. Ik ben blij dat dat boek ook bestaat, en vooral dat ik het niet zelf heb hoeven te schrijven: door vanuit Malva te schrijven en van haar een alwetend personage te maken, heb ik het verhaal ook humor en speelsheid kunnen meegeven. Ik heb me nog afgevraagd of ik Pauline Slot in mijn boek moest bedanken. Maar eigenlijk heb ik niks aan haar te danken, ze wilde me ook niet spreken over haar boek. Dus heb ik het niet gedaan, wat misschien weer lullig is.»


Held zonder dochter

HUMO Wat weten ze in Chili over deze dochter van Neruda?

Peeters «Ik ben ongeveer alles gaan lezen wat over haar verschenen is, en in het weinige dat over haar gezegd wordt, kwam ik allerlei belachelijke misvattingen tegen. Dat ze het downsyndroom had, wat niet zo is; of dat ze in de Tweede Wereldoorlog door een bom om het leven is gekomen. Haar bestaan wordt verdrongen in Chili omdat Neruda er nog altijd een eenduidige held van links is. Alles wat hem in een slecht daglicht zou kunnen stellen, vermijdt men daar. De Neruda-stichting, die zijn nalatenschap beheert, is best wel machtig en voorkomt allerlei publicaties. Toen mijn boek verscheen, was er interesse vanuit Chili: iemand is komen informeren of ik Neruda niet te negatief afschilder, want dat zou een bezwaar zijn. Nu zijn de rechten verkocht aan Colombia, omdat ze het in Chili niet aandurven, denk ik.»

'Ik wist helemaal niet dat de geschiedenis zich zou herhalen: de vader van mijn zoon is vertrokken vóór de geboorte'

HUMO U vermeldt in het boek de term moral luck, bedacht door een filosoof: van grote kunstenaars pikt men het als ze hun kinderen verwaarlozen.

Peeters «Absoluut, zo werkt het. Je hebt het ook gezien bij Jimmy Savile, de BBC-presentator die jarenlang kinderen kon misbruiken, maar omdat hij zo machtig en invloedrijk was, durfde niemand wat te zeggen. Tegen heel veel grootheden in de kunst, en vaak zijn het natuurlijk mannen, durfde men gewoon niet in te gaan, ook al omdat men bij dat soort figuren in het gevlij wil komen om de eigen positie te versterken.»

HUMO Toch lijkt het gedrag van Neruda laken me niet uw basismotivatie te zijn om dit boek te schrijven: in een dialoog met Socrates legt u hem een best aardige zelfverdediging in de mond.

Peeters «Eigenlijk heeft hij zich gewoon egoïstisch gedragen, en welke mens doet dat niet? Hij had de mogelijkheden om te doen wat hij deed, dus deed hij het. En Maruca had die mogelijkheden niet, omdat ze de moeder was. De man-vrouwverhoudingen waren op dat ogenblik niet zo dat mama gewoon weg kon gaan wanneer ze dat wilde. Ik denk dat het een heel aardig iemand was.

»Mijn motivatie om dit boek te schrijven was uiteindelijk gewoon om een mooi literair spel te spelen. Het is een ode aan de literatuur in de mate dat ze alternatieven biedt voor een leven dat mislukt is: ik bezorg Malva een mooi bestaan met haar vrienden in het hiernamaals. Terwijl ze tijdens haar korte leven allicht weinig begreep van wat er gaande was om haar heen, begrijpt ze daar álles: het is geweldig dat in de literatuur zo’n complete omkering mogelijk is. En ik heb dan ook alle mogelijke literaire middelen ingezet om dat te bereiken. Ook mezelf.»

HUMO U laat inderdaad Malva haar hele verhaal aan Hagar Peeters vertellen, die het vervolgens moet opschrijven.

Peeters «Je kunt je afvragen of het niet al te ijdel is dat ik in Malva’s boek aanwezig wil zijn, ik heb daar ook aan getwijfeld. Gaat dit boek nu over Hagar Peeters of over Malva? Wat de doorslag gaf, is dat het volgens mij op die manier een sterker boek is geworden.»

HUMO Kunnen we ons een beetje voorstellen welk soort leven Malva met haar waterhoofd moet hebben geleid?

Peeters «Bij een waterhoofd heb je verschillende gradaties. Malva had het niet heel erg, dat kun je ook op de foto’s uit het familiealbum zien. Ik denk dat ze er in het begin niet eens zo erg onder leed, maar dat het steeds erger werd. Eén van haar ogen begon ook steeds schever te staan. Door het oprukkende water in het hoofd komen hersendelen in de verdrukking en ontstaat er hersenbeschadiging.

»Bij zo’n klein kindje kun je sowieso niet weten wat ze zelf precies weet – mijn zoon is 7 en ik heb geen idee van wat hij weet en niet weet – maar misschien kon ze wel heel veel vóélen. Ze kon niet lopen, ze kon niet praten, in Nederland zat ze steeds in zo’n bolderkar, haar benen wilden niet mee. Voor haar moeder moet het enorm zwaar geweest zijn. Haar pleegbroer vertelde me dat Malva heel lief was, een heel vrolijk, schattig meisje.

»Wat ik heel bijzonder vond, was dat zij kon zingen. Dat weten we omdat één van de vele literaire vrienden van Neruda beschreef hoe de moeder met het meisje in een kinderwagen door een park in Madrid wandelde; de moeder zong en het kind kon de melodie volgen.»

'Neruda was een tegenstander van Hitler, maar hij wilde zijn eigen vrouw niet helpen uit Europa te vluchten'

HUMO Van haar aardse bestaan kunnen we weinig weten. Was het een eurekamoment voor u toen u bedacht: dan geef ik haar een alwetend bestaan in het hiernamaals?

Peeters «Zeker! En het beeld dat ik meteen voor me had, was dat van de eeuwige jachtvelden, zoals de indianen dat kennen, vandaar ook de paarden die ik opvoer. Ik kwam eigenlijk op dat idee omdat er in de dagboeken van mijn vader prachtige passages zitten waarin hij te paard door de pampa’s rijdt, en die pampa’s zijn toch een soort eeuwige jachtvelden op aarde. En ik laat, met Goethe in gedachten, Malva daar niet optrekken met familieleden, maar met lotgenoten met wie ze een zielsverwantschap heeft – het hiernamaals is daar een uitstekende plek voor. Al haar vrienden zijn kinderen die ook door hun biologische vader miskend werden.»

HUMO Zo zijn er genoeg?

Peeters «Terwijl ik dit boek schreef, werd bijvoorbeeld bekend dat Arthur Miller veertig jaar lang verzwegen had dat hij een zoon met downsyndroom had. Die grote geëngageerde schrijver had net hetzelfde gedaan als Neruda: zich zozeer voor zijn kind geschaamd dat hij er geen contact mee had. Of ik las iets over Roald Dahl die een kind met een waterhoofd had, en zelf een drainagesysteem uitvond om water uit dat hoofd af te voeren: zeer bruikbaar voor mij. Of er verscheen een biografie over de dochter van James Joyce, als schizofrene weggestopt in een instelling: die mocht er ook bij.»

HUMO Er zit ook een fictief personage in de vriendengroep: Oskar Matzerath, weggelopen uit ‘De blikken trommel’ van Günter Grass.

Peeters «Moest kunnen in een roman, vond ik, en Oskar is sowieso mijn favoriete personage – ik vind hem geweldig, met z’n trommel. Toen ik dat schreef, had je het debat over Grass die verzwegen had dat hij bij de Waffen-SS was geweest. Daarom kan ook Oskar zich door zijn vader verraden voelen: in Grass’ boek kiest Oskar ervoor om niet meer te groeien uit een soort boosheid, maar eigenlijk heeft Grass ervoor gekozen van hem een dwerg te maken om zelf beter te kunnen schitteren als een moreel glorieuze figuur.»

'Het bestaan van Malva wordt verdrongen in Chili omdat Neruda er nog altijd een eenduidige held van links is'

HUMO Ook de Poolse dichteres Szymborska haalt u erbij.

Peeters «Omdat ze één van mijn grote voorbeelden is. Szymborska heeft veel gedichten geschreven over de aard van het leven en de natuur, zij heeft dus veel te zeggen over dat wangedrocht van de natuur, dat waterhoofd. En ik vond het leuk haar dat te laten doen aan de hand van haar eigen poëzie, zoals ik ook de stijl van anderen uitprobeer.»

HUMO Op die manier had de roman eindeloos kunnen uitdeinen, maar het is een beknopt boek gebleven.

Peeters «Dat is bij mij automatisch zo. Ik ben eigenlijk een dichter, en ik ben het dus gewend geen oeverloze verhalen te schrijven. In een gedicht moet iedere regel ertoe doen, en zo wou ik het ook in deze roman. Op een gegeven moment had ik het gevoel: nu zit alles erin wat erin moest zitten.»


Papa, Pablo & Pinochet

HUMO ‘Malva’ begint met de begrafenis van Neruda, en ook daar is er een link met uw eigen bestaan: uw vader was daar als journalist bij aanwezig.

Peeters «23 september 1973, de dag dat Neruda overleden is, kwam mijn vader in Santiago aan. Twee dagen later liep hij met andere journalisten mee in de stoet en hij hielp zo voorkomen dat de militairen toen ingrepen. Zo is de begrafenis kunnen uitgroeien tot het eerste protest tegen de dictator Pinochet. Ongelooflijk toch: mijn vader heeft Neruda daar gewoon in zijn kist zien liggen! Er is toen een Nederlandse tv-documentaire over gemaakt. Ik heb ze bekeken, en ik zag daar opeens mijn vader lopen, met z’n blocnote in de hand. Hij gedraagt zich opvallend alert – zoiets als een ziend geweten: hij houdt nauwkeurig in het oog hoe een man wordt opgepakt en afgevoerd. Het was belangrijk wat hij daar deed. Daarom kan ik ook snappen waarom hij op dat moment helemaal niet met mij of met Nederland bezig was. En de notities die ik hem daar zie maken, dat zijn de dagboeken die ik later kon lezen: niet normaal toch?»

HUMO Hoe hebt u uw vader uiteindelijk leren kennen?

Peeters «Voor zover ik me kan herinneren, heb ik mijn vader tot mijn vijfde nooit gezien. In dat jaar verscheen een bekend boek van hem, ‘Nieuwe vrijgestelden’. Ik zat met mijn moeder in de trein en een man tegenover ons zat het te lezen. ‘Hé, dat boek heeft je vader geschreven!’ zei mijn moeder. Ik was heel trots dat mijn vader een soort universele bekendheid bleek te zijn. Er stond een foto op de cover, van een hippie-type met een shagje. ‘Mijn vader!’ dacht ik – wat niet klopte. Ik ging heel luid herhalen: ‘Hé, mama, die man leest een boek van mijn vader, hè!’ Want ik wilde dat iedereen zou weten: ‘Kijk, daar heb je de dochter van Herman Vuijsje!’ Het erge was dat niemand in de hele coupé opkeek, ook die man niet (lacht).»

HUMO Daarmee hebt u uw vader nog altijd niet ontmoet.

Peeters «Eén keer is hij gekomen, om op mij te passen. Mijn moeder wou dat. Ze had ergens gelezen dat het voor een kind in ieder geval belangrijk was om zijn of haar vader een keer gezien te hebben, om zich er een beeld bij te kunnen vormen. En hij kwam dus een keer, en was heel erg leuk. Supergrappig, echt de vader die ik wilde hebben. Hij knipte figuurtjes uit de krant, maakte daar schaduwfiguren van tegen de muur. In de laatste scène van ‘Malva’ verwijs ik er stiekem even naar, als ik Neruda op een banket zijn dochter laat voorstellen – dat is toch haar fantasie – en hem doe lijken op een uit krantenpapier geknipte figuur.

»Toen ik elf was, ben ik mijn vader brieven beginnen te schrijven, daar heeft hij op gereageerd, en zo is er contact gekomen. Sindsdien kwam ik geregeld bij hem.»

HUMO Het moet een schrijfster in spe veel zelfvertrouwen gegeven hebben dat ze haar vader schrijvenderwijs kon veroveren?

Peeters «Nee, ik vond het tragisch dat ik zelf mijn best moest doen om die liefde te winnen door brieven te schrijven. Zoals ik het ook tragisch zou vinden als mijn hele schrijverschap een poging zou zijn om anderen voor me te winnen omdat het op een andere manier niet gaat. Ik vind dat kinderen, ongeacht hoe ze zijn, gehandicapt of briljant, altijd door hun ouders geaccepteerd moeten worden. Ouders moeten er altijd zijn, ouderliefde is de enige liefde die bestaat die onvoorwaardelijk is. Je kunt hopen dat het tussen man en vrouw ook zo is, maar dat is niet zo.»

'Ik vond het tragisch dat ik zelf mijn best moest doen om de liefde van mijn vader te winnen'

HUMO Uw vader stond niet aan uw wieg, maar mag ik zeggen dat hij aan de wieg van uw schrijverschap stond?

Peeters «Voor ik hem kende, wist ik dat hij schreef. Mijn moeder had een kastje waarin ze zijn artikels bewaarde. Als kind kroop ik ernaartoe, ik opende het – het had een heel zware deur – en ik keek naar die knipsels. ‘Wat stoer!’ dacht ik, ik was er heel trots op. Veel artikels gingen over Latijns-Amerika, mijn moeder had ook verhalen over zijn reizen daar. Dat ik op de middelbare school en aan de universiteit voor Spaans heb gekozen, was geen toeval.

»Schrijven heb ik altijd gedaan, ook toen ik bij mijn moeder woonde – dagboeken, liedjes, verhaaltjes... Maar mijn eerste gedichten heb ik getikt op de typemachine van mijn vader. Hij was heel stimulerend, heel enthousiast, herkende dat het gedichten waren.»

HUMO In dat Nieuwe Revu-interview van lang geleden dat ik al citeerde, zei u in uw jeugd veel gepiekerd te hebben over de situatie met uw ouders, maar ook dit: ‘Gelukkig ben ik nu veel oppervlakkiger.’

Peeters «Wat grappig! Dat was toen. Nu ben ik alweer een enorme tobber, blijkbaar fluctueert het (lacht). Maar als ik die Fintro Literatuurprijs win, word ik vast en zeker een enorm oppervlakkige levensgenieter!

»Als kind kon ik bij de kachel zitten fantaseren over de reizen van mijn vader. Maar ik zag tegelijk mijn moeder, die helemaal alleen was en voor mij moest zorgen. Die dubbelheid zag ik ook bij de moeder van Malva en die vader die een geweldig leven had, altijd vrij was en mocht doen wat hij wou, en een morele held was. Mijn vader was ook een morele held, want hij schreef over onderdrukking. Schrijven heb ik van jongs af aan gezien als het symbool voor vrijheid. Maar die vrijheid ging ten koste van iets: ik zag dat mijn moeder heel erg de gevangene was van die situatie. Al heel jong heb ik me voorgenomen voor mezelf te bewijzen dat het niet het één óf het ander hoeft te zijn, dat je de vrijheid van de schrijver moet kunnen combineren met de morele goedheid die ik toeken aan mijn moeder, aan de moeder van Malva.»

HUMO Een kind hoeft schrijven niet in de weg te staan?

Peeters «Het is verschrikkelijk moeilijk te combineren. De dienstbaarheid van het ouderschap is totaal strijdig met het egoïsme en de vrijheid van het schrijverschap. Daarom is het ook roeien met de riemen die je hebt: ik heb heel lang over mijn roman gedaan. Alleen op die momenten dat ik even vrijaf had als moeder, kon ik schrijven.»

HUMO Heeft uw vader er nu spijt van dat hij niet eerder naar u omkeek?

Peeters «Mijn vader heeft nooit spijt, maar hij is wel blij dat hij me nu heeft en hij is heel blij met z’n kleinkind. Ik heb nu echt een dochter-vaderband met hem, dat familiegevoelen is intussen helemaal ingehaald.»

HUMO Waren de stappen naar uw vader toe meteen ook stappen weg van uw moeder?

Peeters «Zo ziet mijn moeder het helaas wel, ik niet. Ik wilde er naast een moeder ook nog een vader bij hebben. Zoals elk kind: je wil gewoon twee ouders die even belangrijk zijn. Maar dat is het verschrikkelijke van een kind van gescheiden ouders te zijn: hoe hard je het zelf ook probeert te vermijden, het loyaliteitsconflict ligt altijd op de loer.»

HUMO Uit één van uw gedichten, ‘Dezelfde zee’, leid ik af dat het u bezighoudt of de geschiedenis zich mogelijk herhaalt, of u zelf er wel zal in slagen ‘een thuishaven te baren’.

Peeters «Absoluut! En toen ik dat schreef, wist ik helemaal nog niet dat ik een alleenstaande moeder zou worden en de geschiedenis zich zo zou herhalen: de vader is vertrokken nog voor de geboorte van mijn zoon. Dat is een bizarre kwestie, daar wil ik nog over schrijven. Zelfs als je er niet helemaal voor kiest, lijkt het bijna onvermijdelijk dat kinderen het gedrag van hun ouders imiteren. Zit er onbewust iets in je dat maakt dat je opnieuw wil ervaren wat je al kent, wat vertrouwd is? In dat geval zijn mensen uiteindelijk heel conservatief, en is dat helemaal geen opwindende kant van het leven. Gelukkig is er de literatuur om het leven opwindender te maken dan het is.»

HUMO Hebt u ook recensies van uw boek te lezen of te horen gekregen van uw ouders?

Peeters «Mijn vader heeft over álles zijn mening, dus ook hierover. Hij vindt het wel eervol dat hij erin komt, ik behandel hem ook respectvol. Mijn moeder zei: ‘Nou, dat is goed.’ Ze is altijd wat spaarzamer in haar commentaar (lacht).»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234