De wedergeboorte van Simple Minds: Humo sprak met Jim Kerr

Hun vitale nieuwe cd ‘Walk Between Worlds’ luidt een wedergeboorte in voor Simple Minds. En ook de tournee die volgende week start, is anders dan anders. Het worden concerten in drie delen: eerst de nieuwe nummers, gevolgd door een interview op het podium en tot slot de greatest hits. Al zijn die laatste volgens frontman Jim Kerr (58) vaak lelijke eendjes: ‘Ze dachten dat de mensen het op hun zenuwen zouden krijgen van die fuckin’ Keltische fluit, maar kijk, ‘Belfast Child’ werd een wereldhit.’

'Ik wist altijd al dat U2 de grootste rockgroep zou worden: ze zeiden het me zélf herhaaldelijk'

HUMO Wie zei: ‘Mijn hele leven heb ik geprobeerd om Schotten te waarderen, maar nu geef ik het op’?

Jim KERR «Was het Paul Weller? Of was ik het zélf? Dat is ook mogelijk (lacht).»

HUMO De dichter Charles Lamb zei het, in 1824.

KERR «Een snobistische Engelsman, ik had het kunnen denken. Ach, zelfs de oude Romeinen zeiden, nadat ze waren opgerukt tot aan de Schotse grens: ‘Mmm, die Schotten met hun purperen smoelen zien er iets té baldadig uit, dit riskeren we niet.’»

HUMO In hoeverre voel je je nog Schot? Je hebt de voorbije veertig jaar de planeet afgereisd, op tournee met Simple Minds, en je verblijft een groot deel van het jaar in Italië.

KERR «Naargelang van het seizoen zoek ik een plek waar mijn levenskwaliteit optimaal is. Niettemin voel ik me meer dan ooit Schot. Al moet ik leven met het feit dat ik kinderen heb verwekt bij een Engelse en een Amerikaanse vrouw, en dat het leven van mijn kroost zich tegenwoordig in Londen afspeelt. Als mijn vader en ik het loodje leggen, zal geen enkele Kerr nog Schot zijn. Ik ben geen rabiate nationalist, maar dat voelt toch wat raar.»

HUMO Ik ben ook vader, maar in tegenstelling tot jij kan ik niet op tournee gaan om mijn familie te ontvluchten.

KERR «Ha! Je maakt een grapje, maar ik ken minstens vijf rocksterren die écht zo lang mogelijk op tournee trekken om die reden – toeren is hard werken, maar álles is beter dan in die gouden kooi bij dat ondankbare wijf en die verwende rotkinderen te zitten (lacht). Sta me toe om voor één keer tactvol te zijn en geen namen te noemen.»

HUMO Je bezit een mooi hotel in het Siciliaanse Taormina. Als iemand jou vraagt of je met de maffia moet samenwerken, is je antwoord steevast ‘I’m from Glasgow.’ Bedoel je daarmee dat de Italianen bang zijn voor de nog hardere Schotten, of dat je als Schot niets weet over de Italiaanse maffia?

KERR «Ik bedoel dat er overal, ook in Glasgow, wel louche zaakjes worden geregeld die je maffioos kunt noemen. Ach, in Sicilië is de maffia bijna een attractie (grinnikt). Toeristen komen voor het mooie weer en de Romeinse ruïnes, maar ook voor de ervaring van ‘hier gebeurt het dus allemaal.’»

HUMO Ik heb je ooit tevergeefs aangepord om de renovatie van de legendarische Britannia Music Hall in Glasgow te financieren. Van welk gebouw in je geboortestad was je zelf gechoqueerd dat ze het afbraken?

KERR «Mijn geboortehuis, als je het zo kan noemen. Het was zo’n zielloos flatgebouw uit de jaren zeventig van de vorige eeuw. Maar in onze ogen was het een paleis, want mijn ouders kwamen uit een overbevolkte krottenwijk in Glasgow waar het nóg erger was. Ze woonden in een huisje dat langs alle kanten lekte, met als toilet een houten hok in de tuin met een gat in de grond. Het flatgebouw waarin ik opgroeide, was zoals die vorig jaar uitgebrande Grenfell Tower in Londen – een door corrupte aannemers inderhaast en met onveilige materialen neergepoot gedrocht.

»Een tijdje geleden zat ik met vrienden thuis in Italië naar een voetbalwedstrijd te kijken. Tijdens de pauze was er een reclamefilmpje voor Playstation en wat zie ik? In het decor hadden ze een enorm flatgebouw verwerkt dat werd opgeblazen… Ik heb toen geroepen ‘That’s my fuckin’ home!’ Ik ben zo snel ik kon gaan kijken, maar van mijn kindertijd en jeugd restte enkel een enorm gat in de grond. Niet alleen daarom vind ik het verleden uitwissen misdadig. Omdat bouwpromotoren snel poen kunnen scheppen, wordt te veel patrimonium afgebroken en dat zal ons zuur opbreken. Het resultaat zijn steden zonder ziel.»

HUMO Tegen dat dit verschijnt, heeft op 25 januari de officieuze Schotse nationale feestdag Burns Night plaatsgevonden. Waar en hoe breng jij die door?

KERR «Vreemd dat je daar nu over begint, want ik heb nog niemand verteld dat ik voor onze nieuwe plaat ‘Walk Between Worlds’ overwoog om een tekst van volksheld Robert Burns op muziek te zetten. Charlie (Burchill, gitarist, red.) en ik mailen constant ideetjes over en weer, en voor wat onze nieuwe song ‘Utopia’ zou worden had hij me een riff en een soundscape gestuurd dat de soundtrack was bij zo’n sneeuwlandschap in een schudbol. En ik dacht: dit klinkt als een beneveld loch op een winterochtend, daar past ‘My Heart’s in the Highlands’ van Burns perfect bij. Maar toen ontdekte ik dat de Estse componist Arvo Pärt dat onlangs heel mooi heeft georkestreerd voor orgel en sopraan.

»Kijk, er is Robert Burns de achttiende-eeuwse nationale bard. Maar er is ook zijn andere kant, Rabbie Burns de baldadige rock-’n-roller. De vereerders van Burns kiezen er ook voor om te vergeten dat hij zich heeft bezondigd aan slavenhandel. Da’s de ongemakkelijke geschiedenis van Glasgow, waar de rijkdom is terug te voeren tot de scheepsbouw en de handel in tabak, suiker, graan, maar ook slaven. Nu nog zijn heel wat straten genoemd naar de slavenhandelaars en de eigenaars van plantages waar die slaven te werk werden gesteld, maar haast niemand weet dat nog. (Monkelend) En ik kan niet zeggen dat de dienst voor toerisme ermee te koop loopt.»

HUMO Toast je die avond op Robert Burns?

KERR «Ik ben veganist en eet dus geen haggis, en whisky drink ik evenmin. Maar van het paar dozijn whisky’s dat die avond in het keelgat van Charlie verdwijnt, drinkt hij er ook een paar in mijn naam (lacht).»

HUMO Je bent nu veganist? Da’s grappig, in acht genomen dat je op je 17de bij een slachter werkte.

KERR «En mijn tweede job was loodgieter. So I worked with blood and shit (lacht). Ik zag er door mijn liefde voor glamrock, in de ogen van beenhouwers en loodgieters, nogal verwijfd uit. (Kurkdroog) Dat hielp niet echt.»




TIP VOOR BELGEN

HUMO Dit jaar wordt het einde van de Eerste Wereldoorlog herdacht: de échte moed van de soldaten in de loopgraven valt nauwelijks te vergelijken met de pseudomoed van rockers die stoer doen terwijl ze aanbeden worden en in luxe leven. Heb jij ooit echte moed ervaren?

KERR «Kijk, je weet dat in mijn huis in Glasgow niets te merken is van mijn beroep: er hangen geen gouden platen aan de muur, er staan geen beeldjes en prijzen. Er zijn slechts twee objecten die met muziek te maken hebben: een ster van Barrowlands, de legendarische concertzaal waar we debuteerden, en een aftandse accordeon. De pa van één van mijn vaders kameraden heeft die indertijd meegenomen uit Monte Cassino (een bloederige veldslag uit de Tweede Wereldoorlog, red.) als souvenir. Het is een Hohner die toebehoorde aan een gesneuvelde Duitse soldaat. Die accordeon heeft nu een ereplek in mijn woonkamer.»

HUMO ’t Is tegelijk een klein ding en iets groots.

Kerr (roept) «It’s everything! Het symboliseert de kleine man, de simpele soldaat uit een of ander Duits boerendorp die zich net zoals wij laafde aan muziek en die werd meegesleurd in de sadistische ambities van Adolf Hitler.

»Ik ben begeesterd door de geschiedenis. Ik ben me overal erg bewust van wat zich daar doorheen de tijd heeft afgespeeld. Ik heb lang in Ardchullarie Lodge gewoond, het huis van David Stirling (de aristocratische oprichter van de Britse geheime strijdkrachten, SAS). Wat zich daar heeft afgespeeld! Om te beginnen heeft de SAS er mee het verloop van de oorlog bepaald, zonder hen waren wij nu slaven van de nazi’s! Winston Churchill is er op bezoek geweest en zelfs Haile Selassie, de voormalige keizer van Ethiopië en leider van de Rastafari’s – daarom maken Simple Minds nu reggae (lacht). Bij het huis hoorde een meer en een hele berg, en nog honderd jaar eerder woonde James Bruce of Kinnaird daar, die beweerde dat hij de bron van de Nijl had ontdekt. Decennia lang dacht men dat hij een fantast met een grote bek was, maar het bleek te kloppen. Vergelijk dat met het nieuwe plaatje van de Manic Street Preachers of andere stoere poseurs (lacht).»

HUMO In ‘Utopia’ zing je ‘I couldn’t take it, had to listen, my body trembled…’ en ‘I got dragged along the dancefloor…’ Welke muziek heeft nog dat effect op een rockster met jouw CV?

KERR «In het eerste citaat dacht ik aan Patti Smith, niet noodzakelijk aan haar muziek, maar aan de vrouw die ze is, aan haar attitude. In het tweede was het dansmuziek van nu, iets opzwepends en dansbaar. Ik dans graag maar ik kom er zelden aan toe. Vroeger, vóór ik beroemd werd, lieten ze figuren als ik niet eens toe in chique discotheken. Daarna moest ik bijna elke avond zelf optreden, en na zo’n tournee ben ik uitgeput. En nu mag ik niet meer binnen omdat ik te oud ben (lacht).»

HUMO Als je een supergroep als Simple Minds wil worden, komt daar behalve talent en doorzettingsvermogen ook tactiek aan te pas. Heb je ooit goeie raad in de wind geslagen?

KERR «Toen we ‘Belfast Child’ als single wilden uitbrengen, verklaarde iedereen ons gek. Het was een tergend trage song, melancholisch, niet dansbaar en bovendien véél te Schots en te folky voor de Amerikaanse markt. Het werd ons voorgesteld als commerciële zelfmoord. En, niet helemaal onterecht, werd ons voorspeld dat veel mensen het op hun zenuwen zouden krijgen van die fuckin’ Keltische fluit. Maar het voelde goed. En het werd toch een wereldhit.

'Ik dans graag, maar vóór ik bekend was mocht ik niet binnen in discotheken. Daarna moest ik elke avond zelf optreden, en nu weren ze mij omdat ik te oud ben'

»Als ik iets heb geleerd, en dit is een tip voor Belgische muzikanten: hits zijn vaak lelijke eendjes, buitenbeentjes, nummers die niet horen te werken, maar tóch werken. ‘Someone Somewhere (in Summertime)’ was niet geschreven als single. Maar zo’n nummer gaat een eigen leven leiden. Gevoel en sfeer, dát telt voor mij.»

HUMO Ik las vandaag nog een citaat: ‘Ik heb de laatste tijd heel abstract geschilderd, extréém abstract: zonder penseel, zonder doek, zonder verf – ik heb er gewoon wat over nagedacht.’

KERR «Qua teksten geloof ik in minimalisme (lacht). Al geef ik toe dat we soms zijn ontspoord in pompeuze uitspattingen. Maar de drang om grote emoties net te schuwen is er nog steeds. Toen ik aan onze nieuwe single ‘Magic’ werkte, dacht ik de hele tijd: ‘magic’, kan ik me dat woord nog permitteren? Het is zo’n uitgehold begrip, het is té vaak gebruikt in duizend middelmatige songs. Erger nog, ’t is een laagje bladgoud op een drol. Maar uiteindelijk dacht ik: fuck it, ik méén wat ik zing en ik geloof nog steeds in magie.»

HUMO En als jij dat woord niet gebruikt, dan zal Bono het wel doen.

KERR (grijnst) «Van mij hoor je geen slecht woord over Bono, we zijn nog steeds goede vrienden.

»Wacht, ik heb nog een voorbeeld van tactiek! Zelfs voor mij was het een schok om vast te stellen dat, in de Verenigde Staten, payola (praktijk waarbij platenfirma’s radiozenders betalen om de muziek van hun artiesten te spelen, red.) écht bestond. Ik dacht altijd dat het een mythe was. Wilde je in Engeland een radio-deejay omkopen, dan hield dat in het slechtste geval in dat iemand van de platenfirma met zo’n man een curry ging eten in een goedkoop Indisch restaurant – één schotel, geen voorgerecht en geen dessert (lacht). Maar in Amerika werden we door de president en vice-president van de platenfirma na de gebruikelijke speech – (met Amerikaans accent) ‘We’re gettin’ behind your new album, guys, like totally!’ – meegenomen naar de kelder van het gebouw. Daar zat Jack, een groezelige, vloekende redneck die zich bezighield met het omkopen van deejays die een nieuwe single speeltijd konden garanderen. Plots kregen we de onderbuik van de muziekindustrie te zien. Daar stonden papieren zakken met duizenden dollars klaar. We kwamen ontmaagd die kelder weer uit.»

HUMO Een paar jaar geleden maakten jullie ‘Broken Glass Park’, dat lijkt te verwijzen naar een speciale plek. Waar?

KERR «Glasgow. Ik schreef het tijdens de laatste zes maanden van het leven van onze moeder. Die turbulente periode maakte een tsunami van nostalgie en spijt los in mij. Linn Park was de plek waar ik voor het eerst lsd nam. Da’s een ellendig goedje dat vele mensenlevens heeft verwoest, onder wie een handvol vrienden van me, maar wij wisten toen niet beter. Teenage kicks, weet je wel. Die lsd werd overigens gedeald door de zoon van de melkboer. Apestoned leek het gebroken glas in het park net een tapijt van diamanten. Nu is het een mooi park, idyllisch en maagdelijk. Alsof er nooit iets is gebeurd.»

HUMO Uit nieuwe songs als ‘Magic’, ‘Utopia’ en ‘Sense of Discovery’ ben ik geneigd af te leiden dat je a) een stuk gelukkiger bent dan pakweg tien jaar geleden, en b) dat je een nieuw lief hebt.

KERR «Ha! Het eerste klopt, het tweede niet. Nu, het leven zwalpt altijd tussen orde en chaos, en op de rand tussen die twee uitersten leid je het interessantste leven. Vroeger was er te veel chaos, door de nasleep van gebroken huwelijken. Ik heb geleerd om tevreden te zijn met mijn talent en met wie ik ben, en met de limieten van die twee dingen. Mensen spreken me vaak aan over Trump en Brexit… Maar wat kan ik daaraan veranderen? Ik heb het opgegeven om in dat debat m’n stem te willen laten horen. Ik ben een zanger, ik maak muziek en ik probeer gelukkig te zijn met m’n gezin. Da’s al heel wat.»

'Jim Kerr in 1985 met Bono, in de befaamde concertzaal Barrowlands in Glasgow. 'Geen kwaad woord over Bono, hij is nog altijd een goede vriend.''

HUMO In ‘Sense of Discovery’ richt een oudere wijze man zich tot een jongen. Is het vader en zoon of doorwinterde rockster en debutant?

KERR «Allebei. (Zucht) Als ik terugdenk aan ons begin, verbijstert het me nu hoeveel zelfvertrouwen wij hadden. Dat geldt ook voor U2: ik wist altijd al dat zij de grootste rockgroep van onze generatie zouden worden, omdat ze het mij zelf herhaaldelijk vertelden (lacht). Maar ook voor Simple Minds geldt dat we enorme ballen hadden, een heilig geloof in ons kunnen. Zoals Lou Reed zong: ‘You need a busload of faith to get by.’ Nu ben ik onzekerder, eigenlijk. Bizar. Of minder arrogant, dat kan ook (grijnst).»

HUMO Lou Reed was een held voor jullie, maar na verloop van tijd werden jullie populairder en even speelde Lou zelfs jullie voorprogramma. Was dat niet gênant?

KERR «Natuurlijk, dermate dat het nooit werd uitgesproken. Ten tijde van ‘Street Fighting Years’ werkten we met producer Trevor Horn aan ‘This Is Your Land’. Ik had een middenstuk bedacht waarin ik een soort parlando à la Lou Reed zou zingen. Tot Trevor zei: ‘Je imiteert Lou Reed, Jim. Is het niet beter dat we de échte Lou vragen om dat stuk te zingen?’ Ik kon niet geloven dat Lou dat zou willen doen, maar Trevor kreeg het twee dagen later al geregeld. Ik moest naar Parijs vliegen, samen met een technicus. Ik weet nog dat ik tegen die technicus zei: ‘Ga jij, ik kan dit niet aan.’ Ook al omdat ik toen al maanden een stomende affaire had met een jonge vrouw die met Lou moest werken en elke week minstens één keer huilend binnenkwam omdat Lou zich als ‘de grootste klootzak op deze planeet’ had gedragen. Uiteindelijk ging ik toch. Meer dan een uur heb ik gewacht – létterlijk waiting for the man. Lou bleek lief, maar heel verwijfd – ik kreeg van hem het slapste handje ooit.»

HUMO Dat deed hij opzettelijk omdat mensen hem altijd een macho handdruk gaven om een stoere indruk op hem te maken, en dan kon hij twee weken geen gitaar spelen.

KERR «Ah, oké. Ik vond ‘This Is Your Land’ een uitstekende song, tot ik besefte dat Lou ’m dadelijk in mijn bijzijn zou beluisteren. Plots leek het me the biggest load of crap die we ooit hadden voortgebracht. Omdat ik onzeker en nerveus was, natuurlijk. Toen Lou de kamer binnenstapte, begon ik me meteen uitvoerig te verontschuldigen voor de belachelijk ondermaatse kwaliteit van mijn songtekst, maar hij stopte me: ‘Ik vind het een hele mooie tekst, daarom heb ik toegezegd.’ Oef. Hij vroeg me: ‘Wat wil je dat ik doe?’ Ik zei: ‘Wel, ik wil gewoon dat je Lou Reed bent en doet waar Lou Reed goed in is.’ En hij: ‘Well, everybody else is doing me, so why can’t I?’ Typisch Lou: vertwijfeld en arrogant tegelijk.

'Ik had de bezwete David Bowie stiekem aangeraakt! Ik heb daarna nog maanden op wolkjes gelopen'

»Later hebben we gedineerd. Ik wist dat hij graag goed at. En ik had ’m twee mooie, peperdure aquarelletjes meegebracht waarop de Schotse Highlands te zien waren. Aan tafel ging het lang over gitaarversterkers en pick-ups. Een uur lang, het was het enige dat hem leek te interesseren! Jeez, ik ben geen muzieknerd, ik val in slaap bij dat soort gesprekken. We praatten ook over de Rock & Roll Hall of Fame en hoe Lou dat soort nonsens haatte. Maar tegelijk woog het op hem dat die klootzakken nooit The Velvet Underground zouden erkennen. Ik sprak hem natuurlijk tegen, ik zei dat die jury zichzelf belachelijk zou maken als ze hen niet in de Hall of Fame zouden opnemen. En plots mompelde hij: ‘That’s something my parents would have loved to have seen.’ Dat vond ik tegelijk heel mooi en ontluisterend: de grote Lou Reed, de levende legende, de man die veinsde dat hij niet gaf om het oordeel van anderen, de man die veertig jaar lang in interviews koel had gemeld dat hij geen enkele band had met zijn familie… En plots bleek hij de goedkeuring van papa en mama toch belangrijk te vinden.

»Wat ik Lou niet heb verteld is dat wij, lang geleden, ooit een vracht songs van The Velvet Underground hebben gespeeld op een kinderfeest. De vader van onze toenmalige drummer had ons als ‘buitenkans’ een optreden aan de hand gedaan, zonder ons te zeggen dat het een kinderfeestje was. Wij speelden toen loeihard én heel slecht, en de helft van die kinderen is huilend afgevoerd (lacht).

»Jaren later zag ik ergens een foto die was genomen in Lous werkkamer, niet lang voor hij stierf. En daar aan de muur hingen de aquarellen die ik ‘m cadeau had gedaan.»

HUMO Nog een overlijden waar we niet omheen kunnen: David Bowie.

KERR «Ik was in Sicilië toen Bowie stierf. Charlie belde me met het nieuws. Dat werd een heel emotioneel gesprek van bijna drie uur lang. Dat zegt iets, want Charlie en ik leven nu al zo lang op elkaars lip, op tournee, in het repetitiehok en in de studio, dat we zelden langer dan vijf minuten bellen. ’t Was alsof de patriarch van onze familie was gestorven. Sterker nog, toen een van onze ouders stierf, hebben we veel korter gebeld. De eerste akkoorden die Charlie op zijn eerste gitaartje leerde, waren die van ‘Ziggy Stardust’. De eerste elpee die ik kocht was ‘The Man Who Sold the World’.

»Het eerste concert dat ik miste was er een van Bowie, in 1972. Ik had kaartjes kunnen bemachtigen omdat ik bij de slager 5 pond had verdiend – een fortuin, of zo leek het toch. Maar de ochtend van het concert trapte ik in een verroeste nagel die zich doorheen m’n voet boorde en mijn moeder besloot ‘Recht naar het ziekenhuis, vergéét dat concert maar!’ Een ramp!»

HUMO Weet je nog wie je blij hebt gemaakt met jouw kaart?

KERR «Gordon McCloud. Wiens eeuwige dankbaarheid ik verwacht (lacht)! Drie maanden later leerde ik een jongen kennen, Kenny, een stoere jongen die dat verwijfde gedoe maar niks vond. ‘Maar jij vindt die poofy muziek toch interessant, Jim? Wil je naar Bowie gaan kijken? Mijn oudere broer is baas van de security.’ En zo geschiedde. Vlak na het concert zei die gast: ‘Kom maar mee naar het tunneltje naar de backstage, dan zie je ze van dichtbij.’ Daar zag ik voor het eerst een zwarte man, Stu, een vriendelijke reus van een vent. Jonge mensen kunnen zich dat niet meer voorstellen, maar Glasgow had geen zwarte immigranten. Plots riep Stu ‘Stand to the fuckin’ side, band coming through!’ Een seconde later stonden wij in dat tunneltje tegen de muur geplakt toen de bezwete David Bowie en alle Spiders één voor één langs ons heen naar hun kleedkamer liepen. Ik heb nog maanden op wolkjes gelopen omdat ik in het voorbijgaan stiekem mijn hand langs Bowies podiumpak heb laten strijken.

»Later deelden we dezelfde agent, John Giddings (die ook met The Rolling Stones, Paul McCartney en U2 werkte, red.). Op een dag belde Bowie me op. Nu moet je weten dat onze bassist Derek Forbes feilloos Bowie kon imiteren. Ik was hard aan het werk in onze privéstudio toen onze roadie zonder een spier te vertrekken kwam melden: ‘Telefoon. Bowie.’ Ik dacht: dat zal Derek zijn met een van z’n infantiele grapjes. Ik grijp de hoorn en begin te schelden: ‘Godverdomme Derek, we schurken tegen een deadline aan, denk je echt dat ik niets beters heb te doen dan…’ Het bleek de échte Bowie. Hij wilde weten of we onze studio aan hem wilden verhuren. Are you kidding? Wij zouden hém betaald hebben om te komen. Bowie had ook van Giddings gehoord dat wij voor optredens in Italië samenwerkten met de maffia en wilde horen of het niet anders kon. Nee, dat kon toen niet anders. En trouwens, net omdát de concertpromotor van de maffia was, betaalde hij meer dan andere promotoren én cash. Plots waren Bowie en ik net twee handelaars in gestolen auto’s die over de prijs onderhandelden (lacht). Nog later zag ik een foto van Bowies huwelijk met Iman op een of ander tropisch eiland: die maffiose Italiaanse concertpromotor was een van de getuigen.»

Simple Minds speelt op zondag 18 februari in AB. Humo heeft 2 tickets te geef en wel hierzo.

‘Walk Between Worlds’ van Simple Minds komt op 2 februari uit bij BMG.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234