Tatjana Goetsalenko: ‘Hier ligt mijn buurvrouw. Ze werd geraakt door een rondvliegende scherf, ze stierf in haar keuken.’ Beeld  Vincent Haiges
Tatjana Goetsalenko: ‘Hier ligt mijn buurvrouw. Ze werd geraakt door een rondvliegende scherf, ze stierf in haar keuken.’Beeld Vincent Haiges

De weeë lijkgeur van het massagraf in Izjoem: ‘Bij twee lichamen waren de handen op de rug gebonden. Hun gezichten staan op mijn netvlies gebrand’

Het onderzoek naar de ruim 450 lichamen die in de bossen van het stadje Izjoem in Oost-Oekraïne zijn begraven, is in volle gang. Per dag worden tien tot twintig lichamen bovengehaald. De Morgen trok ernaartoe. ‘Het is verschrikkelijk wat ik vandaag heb gezien. Maar ik heb tenminste een paar bekenden teruggevonden.’

Joanie De Rijke

De geur. Het is altijd de geur die het meest blijft hangen. Weeïg zoet, zo wordt hij meestal beschreven. Uren later zit hij nog in je neus. Dwingend, zeurend, als een stemmetje dat je eraan herinnert dat je het wel degelijk hebt gezien, geroken, gevoeld: de dood van minstens 450 mensen, samengebracht in graven in de bossen van Izjoem, het onlangs bevrijde stadje in de regio Charkiv.

Izjoem telde bijna 60.000 inwoners voordat de Russische troepen het na wekenlange zware gevechten op 1 april volledig veroverden. De hele lente en zomer stond de omgeving van het stadje in het middelpunt van de strijd. Begin september startte Oekraïne een grootschalig tegenoffensief in de regio Charkiv en tot ieders verbazing gaat de opmars razendsnel. In het weekend van 10 en 11 september hebben de Oekraïense strijdkrachten het grootste deel van het gebied bevrijd, inclusief Izjoem. Volgens waarnemend burgemeester Volodymyr Matsokin is 80 procent van de infrastructuur in het stadje vernield en zijn er tijdens de Russische bezetting zeker 1.000 inwoners om het leven gekomen.

Een deel van hen ligt hier, in de zanderige grond onder de dennenbomen, verspreid over honderden individuele graven. Hoopjes aarde met vaak niet meer dan een houten kruis, zonder naam, zonder datum. Alleen een nummer. Ook is er een massagraf gevonden met de lichamen van zeventien militairen. Wat verderop is de begraafplaats van de stad, wat waarschijnlijk de reden is dat de honderden lichamen hier begraven liggen.

Sinds een paar dagen zijn reddingswerkers uit de regio met de opgravingen bezig. Per dag worden tien tot twintig lichamen bovengehaald. Omdat zo’n 80 procent van de graven geen naam heeft, wacht de onderzoekers de moeizame taak de lichamen te identificeren. Het lijkt erop dat de meeste doden om het leven zijn gekomen tussen maart en mei, tijdens de Russische aanvallen en later tijdens de bezetting, horen we van Volodymyr Lymar, openbaar aanklager van oorlogsmisdaden in de regio Charkiv.

Voor het eerst terug naar Izjoem

Op zaterdagmiddag 17 september trekken we met Tatjana Gutsalenko naar het bos, in gezelschap van een horde verslaggevers en fotografen. Tatjana (56) woont al jaren in Izjoem maar werkt in Charkiv, 126 kilometer noordwestwaarts. Vanwege de afstand bleef ze tijdens de week in Charkiv, in het weekend ging ze altijd naar huis in Izjoem. Zo ook in de week van 24 februari, het begin van de Russische invasie. Omdat het gebied rond Izjoem onmiddellijk hevig werd beschoten, kon ze niet naar huis en bleef ze al die tijd in Charkiv, samen met haar zus. Haar man en kinderen waren op tijd gevlucht en verblijven in het westen van Oekraïne.

Vandaag is het de eerste keer dat Tatjana terugkeert naar haar woonplaats, na meer dan zes maanden. Ze vertelde me vanmorgen huilend over haar vriendin Ludmilla, die samen met haar man, zoon en moeder stierf tijdens een bombardement op 9 maart. En over haar broer, die door de Russen in elkaar werd geslagen op straat toen hij weigerde zijn auto af te geven. Over haar neef, die al die tijd in Izjoem is gebleven en nu als politieagent jacht maakt op collaborateurs, bewoners die de kant kozen van de Russen. Ze wilde heel graag met ons mee vandaag, om eindelijk weer voet te zetten in haar zo geliefde Izjoem.

Forensische experts graven lichamen op in de bossen nabij Izjoem. ‘We moeten dit doen, zodat deze mensen niet naamloos verdwijnen.’  Beeld  Vincent Haiges
Forensische experts graven lichamen op in de bossen nabij Izjoem. ‘We moeten dit doen, zodat deze mensen niet naamloos verdwijnen.’Beeld Vincent Haiges

Arm in arm stappen we in stilte over het zandpad naar de graven. Niemand spreekt, allemaal bereiden we ons voor op wat we gaan zien. Hoe dichterbij, hoe meer mensen ons passeren. Forensisch onderzoekers in witte overalls, militairen, politieagenten en reddingwerkers die helpen bij het uitgraven. De gezichten staan strak. Afstandelijk. Sommigen hebben een masker voor hun mond.

Tegen de geur. Altijd weer die geur.

Het eerste dat we zien, zijn opengelegde graven. Diepe kuilen in de zandgrond, omringd door de onderzoekers in hun witte pakken. Een tiental meter verder kijken we naar een enorm gapend gat: het massagraf van de zeventien militairen. We lopen verder, ik voel Tatjana verstijven als we de honderden houten kruisen tussen de bomen ontwaren. Het gebied lag vol mijnen maar die zijn inmiddels geruimd, al blijft het oppassen wanneer je de als veilig gemarkeerde paadjes verlaat. Maar Tatjana is er niet mee bezig. Ze stapt meteen op de kruisen af, op zoek naar namen.

Tatjana loopt tussen beschadigde woonblokken waar vrienden woonden. Beeld  Vincent Haiges
Tatjana loopt tussen beschadigde woonblokken waar vrienden woonden.Beeld Vincent Haiges

De eerste die ze vindt, is haar buurvrouw. Omgekomen tijdens een bombardement op 3 mei. «Ze werd geraakt door een rondvliegende scherf, ze stierf ter plekke in haar keuken, hoorde ik van de buren.» Op de graven rondom staan andere namen. Van mensen uit de buurt, tijdens dezelfde periode, weet Tatjana. Ze zoekt verder, bijna koortsachtig. «Oh nee,» klinkt het dan. «Dit is de oma van de vrouw van mijn neef, de politieman die we straks gaan opzoeken.»

Anna Volkova’, lezen we op het kruis. Gestorven op 5 mei. «Mijn neef heeft verteld wat er is gebeurd», zegt Tatjana stilletjes. «Ze was in haar tuin toen een raket insloeg en werd meteen onthoofd. Enige tijd later kreeg de schoonfamilie van mijn neef telefoon van een anoniem nummer. Dat hun moeder was gestorven op 5 mei en dat ze zonder hoofd begraven was, luidde het. En dat haar graf het nummer 303 droeg. Zodat ze haar konden identificeren zodra dat mogelijk was. Toen werd er opgehangen. Deze week heeft ze eindelijk een naam op haar graf gekregen.»

De derde bekende die Tatjana ontdekt, ligt een tiental meters verder. «Het is Ljoebov Stanko, de leerkracht van de dochter van een van mijn buren. Ze is gedood tijdens dezelfde raketinslag, op 5 mei.» Tatjana neemt de tekst op het kruis aandachtig in zich op, maakt een foto van de bruine hoop aarde en gaat vervolgens de rest van de graven in dit deel van het bos af. Maar ze vindt niemand meer.

Alleen nummers. 411. 440. 413. 415. 416.

Vastgebonden handen

Tegenover het massagraf van de zeventien militairen zijn we getuige van een opgraving. De forensisch expert legt het lichaam voorzichtig op de grond en rolt het plastic van de lijkzak af. Het is een man, zo blijkt. Hij ligt op zijn buik, ik zie hoe zijn handen zijn samengebonden op zijn rug. Na enkele eerste vaststellingen wordt het lichaam omgedraaid.

De onderzoeker doet op droge toon verslag aan de politieagent, die noteert: «Geslacht: mannelijk. Lengte: 1 meter 77. Lichaam is in ontbinding, een deel is gemummificeerd.»

Er volgen details over de kleding en de huid. «Op zijn rechterbovenarm is een deel van de huid weg», vertelt de onderzoeker later. «En op zijn polsen zijn duidelijke sporen zichtbaar. Dat kan wijzen op marteling, maar verder onderzoek moet uitwijzen wat er is gebeurd.»

Een Russische houwitser die achtergelaten werd tijdens de haastige aftocht. Beeld  Vincent Haiges
Een Russische houwitser die achtergelaten werd tijdens de haastige aftocht.Beeld Vincent Haiges

Andrii Serhienko uit Charkiv is reddingswerker en is hier vandaag voor het eerst aan het werk. «Het is heel heftig. Wat ik nu zie, op deze schaal, is totaal nieuw voor mij», klinkt het. «Tot nu toe heb ik vier lichamen bovengehaald. Bij twee van de vier waren de handen op de rug gebonden. Hun gezichten staan op mijn netvlies gebrand. Ik zal hen niet zomaar vergeten. Ik heb nog dagen werk hier en het is loodzwaar, maar ik móét dit doen. Voor de nabestaanden en voor de doden zelf. Zodat ze niet naamloos in de grond verdwijnen.»

Openbaar aanklager Volodymyr Lymar is voorzichtig in zijn verklaring. «Bij sommige lichamen zien we tekenen die kunnen wijzen op foltering, onder andere gebroken ledematen. Maar voor we spreken van oorlogsmisdaden, moeten we de lichamen verder onderzoeken.» De zeventien lijken in het massagraf zijn van Oekraïense militairen, klinkt het.

Dat ze een half jaar geleden nooit had verwacht op deze manier terug te keren, zegt Tatjana als we het bos verlaten. «Het is verschrikkelijk wat ik vandaag heb gezien. Maar ik heb tenminste een paar bekenden teruggevonden. Daar trek ik me aan op.»

Collaborateurs

In het centrum houden we halt bij een bushalte, omringd door politieagenten en militairen. Aan de rechterkant van de halte zit een tiental mensen. Mannen, vrouwen, jong en oud. Ze kijken bedrukt, je voelt dat er iets akeligs aan de hand is. Een van hen houdt de hand voor zijn gezicht als hij ons ziet. «Het zijn collaborateurs», vertelt de neef van Tatjana. Als politieagent is hij niet bevoegd om veel te zeggen, hij wil wel kwijt dat ze deze mensen vandaag gearresteerd hebben. «Ze hielden zich schuil in de stad, net als de anderen die we de afgelopen dagen hebben opgepakt. We arresteren minstens twintig mensen per dag. De stad zit vol verraders.»

Izjoem staat bekend als pro-Russisch, bevestigt Tatjana nadat ze haar neef een stevige knuffel en een grote doos met voedingswaren heeft gegeven. «De invloed van Rusland is altijd groot geweest. Dat heeft de bevolking verscheurd.» De Russisch-gezinde bewoners vertellen ons allemaal min of meer hetzelfde: dat ze tijdens de bezetting geen contact hadden met de Russische militairen, zoveel mogelijk binnenbleven en dus ook geen last hadden.

In een bushalte zitten opgepakte Russische collaborateurs. 'De stad zit vol verraders.' Beeld  Vincent Haiges
In een bushalte zitten opgepakte Russische collaborateurs. 'De stad zit vol verraders.'Beeld Vincent Haiges

De verhalen van andere inwoners geven een ander beeld. In het voormalige hoofdkwartier van de Russische militairen, waar het vol haastig achtergelaten uniformen en allerhande persoonlijke spullen ligt, horen we hoe de Russen hun wapens letterlijk lieten vallen en op de vlucht sloegen voor het Oekraïense leger.

Sommigen smeekten hun oversten om hen mee te nemen, zegt Volodymyr, eigenaar van het bedrijf in bouwmaterialen dat door de Russen in beslag was genomen als hoofdkwartier. «Ze hebben alles gestolen wat ze maar te pakken konden krijgen. Ik moet mijn bedrijf en mijn twee winkelzaken verderop in de stad van nul af weer opbouwen.» Een tolk vertelt ons dat ze een vrouw ontmoette die haar dochter in de kast opsloot toen de Russen haar huis binnendrongen. «Zelf werd ze verkracht. Haar dochter werd gespaard.»

De komende weken zal blijken wat er allemaal is gebeurd in het bevrijde gebied in de regio Charkiv. Volgens president Zelensky heeft Rusland in Izjoem hetzelfde gedaan als in Boetsja. Tatjana wil er niet aan denken, zegt ze als we bij zonsondergang naar Charkiv terugrijden. Ook niet aan wat Poetin mogelijk nog voor vreselijks in petto heeft. «We zijn bevrijd, dat is het belangrijkste. Mijn huis is onbewoonbaar, mijn vrienden zijn dood. Maar onze stad is vrij. De rest komt later. Ik kan eindelijk rustig slapen vannacht.»

(DM)

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234