De Wonderjaren: Felix van Groeningen, regisseur van ‘The Broken Circle Breakdown’

Als kind was hij overtuigd dat hij later zou gaan acteren: 'Ik kon niet stilzitten en deed graag onnozel. Dan krijg je al snel het etiket ‘Geboren Acteur’ opgeplakt.' Maar toen hij voor het eerst op een podium stond, klapte hij dicht. Hij was te verlegen. En dus mikte Felix van Groeningen noodgedwongen hoger en werd regisseur.

Zijn eerste langspelers – ‘Steve + Sky’, ‘Dagen zonder lief’ en ‘De helaasheid der dingen’ - werden op gejubel onthaald, en zijn laatste geesteskind, ‘The Broken Circle Breakdown’, dat meer dan driehonderdduizend Vlamingen naar de zalen lokte, werd zopas genomineerd voor een Oscar voor Beste Niet-Engelstalige Film.

Of de film het felbegeerde beeldje ook wint, weten we op 24 februari. Dan worden in Los Angeles de filmprijzen uitgedeeld. Fingers crossed!


De Wonderjaren van Felix van Groeningen

Felix van Groeningen «Als ik aan mijn jeugd terugdenk, is het alsof ik veel verschillende levens heb gehad. Dat komt natuurlijk omdat mijn vader en moeder veel verschillende levens hebben gehad: ze hebben in Frankrijk - in het Centraal Massief, in de buurt van Clermont-Ferrand - en in België gewoond, nu eens in de stad en dan weer op de buiten, ze hebben een bloeiende zaak gehad die vervolgens failliet is gegaan, ze hebben in het nachtleven gezeten, in de televisiewereld... Al die levens zijn hen als het ware overkomen.»

HUMO Aan welk van die levens heb jij je vroegste herinneringen overgehouden?

Van Groeningen «Dan moet ik teruggaan naar mijn eerste drie levensjaren, die ik in Maria-Aalter heb doorgebracht. Eerlijk gezegd zijn het veeleer flitsen dan echte herinneringen, en zijn die flitsen gevoed door verhalen, of in mijn geheugen gegrift door de foto's die ervan bestaan. Maar het was naar het schijnt een fantastische tijd.

»Mijn ouders huurden in dat dorp een boerderijtje samen met mijn vaders broer en zus en hun kinderen. Het was in de jaren zeventig; ze kwamen rond met weinig geld, en genoten met volle teugen van het simpele leven.

»Mijn vader en moeder hebben zichzelf nooit hippies genoemd - ze wilden niet in een hokje geklasseerd worden. Maar je kan wel stellen dat ze door het hippiedom, door die levenswijze geïnspireerd waren. Ze maakten eigenhandig lederen spulletjes, handtassen en zo, die ze vervolgens op de markt gingen verkopen. Zo overleefden ze.

»Toen zijn zus met haar gezin naar Frankrijk verhuisde, is mijn vader samen met mijn moeder en haar zus een winkel met lederwaren begonnen in de Zuidstationstraat in Gent. Iets later zijn wij ook naar daar verhuisd. De kleine winkel werd al snel omgeruild voor een groter pand, en een paar vette jaren braken aan: we hadden veel centen, woonden in een leuk huis en gingen veel op reis. Naar Frankrijk, bijvoorbeeld, waar mijn ouders ook een mooi huis bouwden.

»De periode daarna zit wat vager in mijn hoofd. De winkel ging failliet en mijn vader moest bij het OCMW aankloppen. Een tijdlang hebben we een huis in Gent betrokken waar nog een hoop andere mensen woonden, vooral muzikanten. En kort daarna - ik was een jaar of zeven - zijn we naar het platteland verhuisd, opnieuw naar een boerderijtje.

»In die dagen ging het, heb ik later begrepen, al iets minder goed tussen mijn ouders.»

HUMO Ze zijn gescheiden toen je twaalf was.

Van Groeningen «Eigenlijk waren ze toen al niet meer samen. Ze zijn nog lang officieel getrouwd gebleven, zogezegd omdat dat makkelijk was, maar vooral omdat ze mekaar niet konden loslaten. De feitelijke scheiding, tussen mijn tiende en veertiende, dat waren voor hen allebei lastige jaren, maar nadien zijn ze weer goede vrienden geworden.

»Mijn moeder was zeventien toen ze mijn vader leerde kennen. Hij was vierentwintig en was al eens getrouwd geweest. Nadat dat huwelijk op de klippen was gelopen, was hij bij zijn broer en zus gaan wonen en had hij met zijn burgerlijke leventje gebroken: voortaan wou hij vrij en ongebonden zijn. Daarom hield hij de boot af toen mijn moeder, die dolverliefd was, snel een gezinnetje wou beginnen: hij wou geen tweede keer in dezelfde val lopen. Zij begreep dat, en ze zijn samen eerst nog een jaar door In- dia getrokken. Daarna heeft ze lang moeten zagen voor ze een eerste kind kreeg – mijn broer Seppe – en daarna nóg eens zes jaar voor ze mij kreeg.

»Al die tijd geloofden mijn ouders in de vrije liefde. Eens met iemand anders vrijen, dat moest kunnen. Dat ging goed tot mijn moeder losgebroken is: ze werd écht verliefd op een ander, gaf zich aan dat gevoel over. Mijn vader zag daarvan af, maar hij had het recht niet om kwaad te zijn, vond hij. Stilletjes hoopte hij dat alles tussen hem en haar weer goed zou komen. Tegelijk wilde mijn moeder hem niet definitief verlaten. Dat heeft zo jaren geduurd.

»Uiteindelijk is ook mijn vader een relatie met een ander begonnen, waardoor hij, mijn moeder en hun respectievelijke lieven allemaal bij ons thuis woonden – mijn vader in het huis zelf, mijn moeder in de omgebouwde garage in de tuin.»

HUMO En wat dacht jij ondertussen over wat zich voor je ogen allemaal voltrok??

Van Groeningen «Dat mijn ouders allebei een lief hadden, vond ik de normaalste zaak ter wereld. Ik was te jong om te beseffen wat er aan de hand was. Ja, er waren weleens heftige ruzies en rare situaties, maar vaak was het thuis ook heel gezellig.»

De wonderjaren van Felix van Groeningen (2)

Mieren in de broek

HUMO Hoe was Felix van Groeningen als kind??

Van Groeningen «Opgewekt en zorgeloos. Door mijn vrije opvoeding was ik ook behoorlijk zelfstandig voor mijn leeftijd. In het weekend ging ik vaak bij mijn neef logeren, en dan nam ik zelf de trein – ik regelde alles in m’n eentje. Mijn ouders vertrouwden me, en ik heb hun vertrouwen nooit beschaamd.»

HUMO Kon je een beetje opschieten met je grote broer??

Van Groeningen «Seppe en ik hebben het altijd goed met elkaar kunnen vinden. Toen ik klein was, heeft hij wel veel van me moeten verdragen: ik kon nogal koppig zijn, was al eens een lastpak. Als jongste mocht ik meer van mijn ouders, en dan moest Seppe ook nog eens vaak op mij passen. Ik moet nu denken aan die keren dat we ’s zomers naar ons huis in de Auvergne gingen. Ook al onze ooms en tantes trokken er elk jaar naartoe, met onze neven en nichten. Al die kinderen waren ongeveer even oud als Seppe, en mijn moeder verplichtte hem om mij om de twee dagen onder zijn hoede te nemen. Als we dan met die hele bende naar een naburig meer wandelden om te gaan zwemmen, wou ik soms gewoon niet meer verder: ‘Ik ben te moe!’ En wat moest Seppe dan doen? Wat kon hij doen? Mij dragen (lacht).

»Maar dat was toen ik piepjong was. Door onze speciale gezinssituatie is Seppe daarna nogal vroeg alleen gaan wonen. We hebben elkaar een hele periode minder vaak gezien, maar later – vanaf mijn zestiende – hebben we een paar jaar samengewoond. Intense, mooie jaren waren dat.»

HUMO Ging je graag naar school?

Van Groeningen «Ja. Omdat mijn ouders zo vaak verhuisden, heb ik op verschillende scholen gezeten, maar ik vond telkens vrij snel mijn plek. En ik ben nooit de sportiefste, slimste of grappigste van de klas geweest, maar ik heb me ook nooit uitgesloten gevoeld. Ik kwam met iedereen goed overeen, waar dan ook.

»In de lagere school haalde ik altijd goede punten, maar in het middelbaar was dat niet meer zo vanzelfsprekend. Ik heb even Grieks-Latijn gevolgd, maar eigenlijk was dat te hoog gegrepen. Het probleem was dat ik ‘mieren in de broek’ had, zoals dat heet: in de klas kon ik geen vijf minuten stilzitten, ik bruiste van energie. Vandaag zouden ze waarschijnlijk over mij zeggen: ‘Felix heeft ADHD.’ Het bleef allemaal vrij onschuldig, hoor – ik bracht gewoon graag wat leven in de brouwerij. Maar met een paar leraars heeft het wel gebotst. Vooral toen ik naar het Koninklijk Atheneum aan de Voskenslaan in Gent ging. Veel strenge regels, en mijn fratsen werden er niet op prijs gesteld. ‘Ofwel pas je je aan,’ kreeg ik op den duur te horen, ‘ofwel ga je maar op zoek naar een andere school.’

»Het jaar daarop ben ik naar Sint-Lucas gegaan, en daarna naar de Rode Lijvekens – het Stedelijk Secundair Kunstinstituut. Dat was een verademing: de sfeer was er veel vrijer, je mocht de leraars met hun voornaam aanspreken. Het was allemaal menselijker en minder serieus.»

HUMO Waarom heb je voor het kunstonderwijs gekozen? Voelde je de creativiteit in je lijf borrelen?

Van Groeningen «Nee, eigenlijk was het een beetje een vreemde stap – ik tekende niet graag of zo. Ik vrees dat de werkelijkheid een stuk banaler was: ik had een paar vrienden die naar Sint-Lucas en de Rode Lijvekens gingen, en ik ben hen gewoon gevolgd. Tegelijk merkte ik snel dat ik op die plekken thuishoorde, en dat ik nooit meer terug naar een gewone school wou. Ik heb daar veel harder gewerkt dan ooit – omdat ik het gráág deed.

»Als kind werd ik door veel mensen wel een ‘Geboren Acteur’ genoemd, omdat ik graag onnozel deed, mezelf verkleedde en op familiefeestjes de show stal. En op den duur ben ik dat zelf ook gaan geloven. Ik heb als jongen zelfs lang geoefend om in plaats van met een huig-r met een tongpunt-r te spreken, omdat ik had gehoord dat je anders niet aan een toneelopleiding kon beginnen. Maar tijdens mijn eerste audities werd eigenlijk algauw duidelijk dat ik helemaal niet vlot was, dat ik helemaal niet netjes kon praten, en dat ik dicht- klapte zodra ik op een podium of voor een camera stond. Einde acteerdroom (lacht).

»De jaren daarop ben ik wel gefascineerd geraakt door de wereld van televisie en film. Mijn moeder bediende de camerakraan en Seppe was boom operator, en ik stond al eens mee op een set – ik herinner me nog hoe ik onder de indruk was van de muur van tv-schermen in de regiekamer van ‘Tien om te zien’. En zo vormde zich geleidelijk een alternatief: ‘Ik kan regisseur worden.’ Ook al had ik nog geen flauw benul wat dat precies inhield.»

HUMO Na de scheiding van je ouders heb je een tijdje in Frankrijk gewoond: een bewuste keuze?

Van Groeningen «Nadat mijn va-er definitief voor iemand anders had gekozen en haar eigen relatie scheef was gelopen, is mijn moeder door een moeilijke periode gegaan. Dat heeft een jaar of twee geduurd, en toen is ze verliefd geworden op een Fransman uit de streek waar we altijd op vakantie waren gegaan. Zij wou daar gaan wonen, en ik heb geen seconde getwijfeld: ‘Ik ga met je mee!’ Voor één jaar, weliswaar, want ik wilde mijn studie in België afmaken.

»Ik was veertien en toe aan een time-out. ’t Had ook met heimwee te maken: ik had het gevoel dat ik in mijn kindertijd iets had gemist – tijdens onze Franse vakanties had ik mijn broer en mijn neven en nichten zich te pletter zien amuseren, terwijl ikzelf te klein was om mee te doen. Het leek me iets puurs om te doen. En de tijd was er rijp voor, want in België was ik al beginnen te roken en drinken, en voerde ik amper wat uit. Veel meer dan tv- kijken en computerspelletjes spelen deed ik niet.

»Dat jaar in Frankrijk was superinteressant. Ik ging naar school in een naburig dorp – in het Frans – en beleefde een soort van tweede jeugd. Met mijn neef, die even oud is als ik en een paar dorpen verder woonde, had ik de tijd van mijn le- ven: we prutsten aan brommers, fietsten door de bossen, skieden...

»Toen ik weer naar België ver- trok, was ik klaar voor het echte leven: seks, drugs en rock-’n-roll! (lacht) Ik ging bij Seppe wonen en meldde me weer aan bij de kunsthumaniora. Mijn moeder pendelde ondertussen heen en weer tussen Frankrijk en Gent, omdat ze ons zo vaak mogelijk wou zien.»

HUMO Wanneer in je wonderja- ren hebben meisjes hun intrede gedaan?

Van Groeningen «Veel te laat (lacht).

»Eigenlijk was ik fysiek nogal een laatbloeier. Ik herinner me nog dat ik, terwijl we met school op sneeuwklas waren, niet mee in de groepsdouche durfde, omdat iedereen zou zien dat ik nog geen schaamhaar had. Dat maakte me om te beginnen al behoorlijk on- zeker.

»Het heeft ook lang geduurd voor ik me bij meisjes op mijn ge- mak voelde. Ik kon me wel goed amuseren met die van mijn klas, maar zodra er gevoelens bij kwamen kijken, klapte ik dicht. En toch was er die enorme drang om een lief te hebben, om het die Eerste Keer te doen... Dat heeft tot heel wat vreemde situaties geleid.

»Mijn eerste serieuze relatie had ik op mijn zestiende. Het heeft meer dan een jaar geduurd, en het was alles wat het moest zijn: intens, mooi maar ook hartverscheurend en confronterend.»

De wonderjaren van Felix van Groeningen (3)

‘Steve + Sky’ + vader

HUMO Hoe keek je als kind naar de toekomst?

Van Groeningen «Ik droomde er- van om later een comfortabel bestaan te hebben. Om niet meer te hoeven ploeteren, zoals mijn ouders in bepaalde periodes. Niet dat ik ongelukkig of gefrustreerd was, maar ik heb wel vaak gedacht: ‘Wat zou het leuk zijn als ik óók de kleren kon kopen die ik wil. Of als wij óók met een dure auto konden rijden in plaats van met een Lada.’ En vaak heb ik al lachend tegen mijn moeder gezegd: ‘Als ik later groot ben, zal ik rijk zijn. En dan mag jij in mijn zwembad komen zwemmen!’ Ondertussen heb ik nog altijd geen zwembad (lacht).»

HUMO Waren er nog andere mindere kanten aan je kindertijd?

Van Groeningen «Ik vond het niet altijd even prettig dat mijn ouders weinig moeite deden om erbij te horen. Seppe had daar geen last van: hij rebelleerde graag, vond het fijn om ‘anders’ te zijn. Niet dat ik ons anders-zijn wilde wegmoffelen, maar ik was liever zoals alle anderen geweest. Ik wilde erbij horen.

»Eigenlijk hebben we als gezin ook nooit écht dingen samen gedaan. Wij gingen nooit eens naar een museum of op daguitstap. De constante chaos bij ons thuis was daar wellicht niet vreemd aan: ons leven was een roetsjbaan, er was geen pauzeknop. Er was haast nooit tijd om samen te ontspannen en van elkaars gezelschap te genieten.»

HUMO Vind je desondanks dat je een goede opvoeding hebt gekregen?

Van Groeningen «Ja. Hoezeer ze ons ook loslieten, mijn ouders hebben Seppe en mij nooit uit het oog verloren. We konden altijd bij hen terecht. Ze behandelden me als een gelijke, niet als een kind dat naar hen moest luisteren ‘omdat zij de baas waren’. Ik denk dat ik daarom in mijn puberteit nooit heb gerebelleerd.

»Ik denk zelfs dat het moeilijk is om je kinderen zo vroeg al zo veel vrijheid te geven. Ik ben nog geen vader, maar als het zover is, zal ik wellicht jarenlang bang blijven dat mijn kinderen iets overkomt. Het vraagt moed om die angst los te laten. Mijn ouders hebben ons niet vrijgelaten uit gemakzucht maar om betere, sterkere mensen van ons te maken.»

HUMO Je verwijt hun niets?

Van Groeningen «Verwijt is een groot woord – dus neen, ik verwijt hun niets. Het enige wat ik jammer blijf vinden, is dat ze uit elkaar zijn gegaan. De momenten dat we een hecht gezin waren, zijn schaars gebleven: van die gelukkige momenten had ik er wel wat meer willen beleven. Maar bon, de keuzes van mijn ouders hebben ons ook onvergetelijk mooie ervaringen opgeleverd, dingen die alleen wij hebben meegemaakt.

»Mijn moeder heeft me na de scheiding weleens gezegd: ‘Je vader had me meer bij de hand moeten nemen, in plaats van me m’n gang te laten gaan.’ Ze had spijt van die scheiding. Maar ze heeft het ondertussen aanvaard. Ze is nu alleen – haar vriend is een paar jaar geleden gestorven.»

HUMO Net als je vader bijna tien jaar geleden. Had je een goede band met hem?

Van Groeningen «Ja, we hadden een rustige, vriendschappelijke relatie. Drie jaar voor zijn dood is hij naar Portugal verhuisd, dus ik zag hem maar één of twee keer per jaar meer, maar we belden elkaar wel vaak.

»Hij is gestorven in 2003, terwijl ik aan de opnames bezig was van ‘Steve + Sky’, mijn langspeelfilmdebuut. Toen ik destijds voor de kunsthumaniora had gekozen, had hij gezegd: ‘Wat ga jij daar doen?! Jij bént helemaal niet zo kunstzinnig.’ Maar hij is helemaal bijgedraaid nadat hij had gehoord dat veel mensen lovend waren over mijn kortfilms en theaterprojecten, en vooral toen ik aan ‘Steve + Sky’ begon. Ik zie hem nog staan op de eerste draaidag, apetrots en superenthousiast, met een houding van: ‘Alright, het gaat gebeuren!’ Twee weken later was hij dood.

»Hij had een levertransplantatie ondergaan, omdat hij al jaren hepatitis C had. Die ziekte was het gevolg van transfusies met besmet bloed die hij na een openbeenbreuk had ondergaan. Daar- door had hij cirrose opgelopen, en moest hij een nieuwe lever krijgen. De transplantatie was goed verlopen, maar een week later stootte zijn lichaam die nieuwe lever af en was het voorbij.

»Ik had zijn dood totaal niet zien aankomen, omdat hij zelf zo rustig en positief was. In de we- ken voor de operatie straalde hij echt, hij had totaal geen angst. Ik denk dat hij voorbereid was op wat kon gebeuren, en daarom zo rustig was.»

HUMO Hoe sterk wordt je leven vandaag door je jeugd bepaald?

Van Groeningen «Helemaal niet zo sterk. Ik heb het gevoel dat ik er afstand van heb kunnen nemen. Ik houd, zoals gezegd, mooie herinneringen over aan mijn jeugd, maar ik ben ook blij dat die tijd achter me ligt, want hij was ook warrig en onzeker – ik zou er niet meer naar terug willen. Ik vind het een geruststellende gedachte dat je telkens een punt achter een hoofdstuk kan zetten, en aan een nieuw kan beginnen.»

HUMO Voorlopig heb je zelf nog geen kinderen: komt dat er nog van, als het aan jou ligt?

Van Groeningen «Graag! Kinderen krijgen en opvoeden hoort bij het leven; ik denk dat ik later veel spijt zou hebben als ik er niet voor zou kiezen. Maar dat gezegd zijnde: alles op zijn tijd.»

HUMO Ga je, als het zover is, een voorbeeld aan je ouders nemen?

Van Groeningen «Mijn kinderen zullen een andere opvoeding krijgen, want ik ben mijn vader niet en Charlotte (Vandermeersch, zijn partner, red.) is mijn moe- der niet.

»Ik weet eerlijk gezegd niet wat voor een vader ik zal zijn. Je kan daar op voorhand van alles over zeggen, en je kan bulken van de goede voornemens, maar wat is dat waard? Niets. Mensen veranderen als ze kinderen krijgen – dat zie ik aan alle koppels in mijn omgeving: kinderen worden dé hoofdzaak in hun leven.

»Ik denk wel dat ik mijn kinderen even vrij ga proberen op te voeden als mijn ouders mij en Seppe hebben opgevoed. Ik wil dat ze hun eigen leven maken, ik wil hun niets in de weg leggen. Ik ben een perfectionist, het zal niet simpel zijn om m’n bezorgdheid los te laten, maar ik wil het proberen. Net zoals ik zal proberen om langer bij Charlotte te blijven dan mijn ouders bij elkaar zijn gebleven. Proberen, zeg ik wel. Wat moet een mens anders doen?»


De helaasheid der dingen:


The Broken Circle Breakdown:

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234