De Wonderjaren van Slongs Dievanongs: 'Ik heb geen heimwee naar mijn kindertijd. Ik voel me nu op mijn absolute piek'

Ze heet Charissa Parassiadis, al kent de goegemeente haar als Slongs Dievanongs. Ze begon als vuilgebekte rapster bij de Antwerpse hiphoppers van Halve Neuro, maar tegenwoordig bekt ze steeds properder en gaat ze vaak solo.

Zoals in het VTM-programma ‘Liefde voor muziek’, waar ze al verraste met een reggaeversie van ‘Voyage Voyage’ (Kate Ryan) en een hiphopcover van ‘Robbin’ the Liquorstore’ (Guy Swinnen). Coveren die andere artiesten op hun beurt háár hits, dan kan de stoere Slongs zelden haar tranen de baas. Als ze het maar droog houdt tijdens dit interview. Back it up to the wonder years, darling.

HUMO Mogen we Slongs zeggen?

Slongs Dievanongs «Tuurlijk! Slongs, Slongske, Dievanongs, Diva. Alleen mijn ouders noemen me nog Charissa.»

'Ik was vrij vroeg rijp. Ook met de ontdekking van het andere geslacht. Ik zat nog in de kleuterschool toen ze me met twee jongens in de toiletten betrapten'

HUMO Enig idee wat de vroegste herinnering van Slongske is?

Slongs «Ik was een jaar of 4 en zat in de buggy. Modern Talking was op de radio (zingt): ‘You’re my heart, you’re my soul...’ Papa zette de radio uit om naar de markt te gaan. Groot was mijn ontgoocheling toen hij bij thuiskomst de radio weer aanzette en dat mooie liedje verdwenen bleek. Het heeft nog een tijdje geduurd voor ik het concept ‘radio’ begreep. Veel van mijn vroegste herinneringen hangen samen met muziek. Als ik ‘I Won’t Let You Down’ van Ph.D. hoor, dan flitsen er altijd beelden van een vakantiehuisje aan zee door mijn hoofd. Sommigen worden teruggeworpen in de tijd als ze een bepaalde geur ruiken; kennelijk heb ik dat met muziek.

»De eighties waren onbezorgde jaren. Zeker hier in de Sint-Andrieswijk. Ik ben nog altijd verknocht aan deze plek – vandaag woon ik op twee straten van mijn ouderlijke huis. Stilaan raakt de buurt opgeslorpt door het hippe Zuid, maar in mijn kindertijd was het nog een volkse wijk, met veel mensen van Marokkaanse afkomst. De voordeuren stonden altijd open en alleman kende alleman. Een echt dorp binnen de stad. Alles was hier ook doordrongen van het socialisme. Je had de Socialistische Turnkring, het Socialistische Trommelkorps, de Socialistische Basketbalclub. In die tijd hoorde iedereen wel bij één of andere club. De kinderen die hun tenen konden strekken – onder wie ikzelf – zaten bij de turnkring, zo ging dat. Veel stelde het allemaal niet voor: als er twee een flikflak konden doen, dan was het veel. Het was vooral laagdrempelig: voor amper 56 frank mocht je het hele jaar rond komen turnen.»

HUMO Vreemd dat je, met je aangeboren muzikaliteit, niet bij het Trommelkorps terechtkwam.

Slongs «Papa was de muzikant in huis. Zoals elke gast die jong was in de sixties, had hij een gitaar en een eigen bandje. Ze namen covers op van singer-songwriters als Jim Croce, Crosby, Stills & Nash, Lou Reed, de vroege Beatles. Hij heeft zelfs een keer wat liedjes opgenomen in een studio. Als kind viel ik in slaap, luisterend naar de cassettes van die opnames. De muzikale ambities waren er dus wel, maar voor papa is muziek nooit het niveau van hobby ontstegen. De kost verdiende hij als tekenaar, vooral van reclame. Toen, in het precomputertijdperk, werd reclamedrukwerk nog door echte tekenaars gemaakt. Mijn mama was naaister – van haar heb ik het talent geërfd om mijn kleding zelf te customizen – maar ook zij had een artistiek kantje: ze volgde karakterdans, tapdans en later Griekse volksdans. Mijn twee broers – ik ben de oudste van het gezin – hebben allebei kwaliteiten als dj. Al heel vroeg probeerde ik hen mijn muzieksmaak in te prenten. Vooral de jongste heb ik kunnen meesleuren op mijn soultrain.

»Nu klinkt het misschien alsof creativiteit en muzikaliteit bij ons thuis sterk werden gestimuleerd, maar zo was het niet. Mijn vader heeft nooit een gitaar in mijn handen geduwd. Nu verbaast me dat, maar toen kwam het er gewoon niet van. Te druk bezig met werken, huisje, tuintje, drie kinderen en een vrouw. Ik herinner me wel één van mijn eerste cadeautjes: zo’n My First Cassette Player van Fisher Price. Mijn dierbaarste bezit. ’s Avonds nam ik dat ding mee naar bed en dan speelde ik radiootje met mijn oudste broer, als we eigenlijk al lang hoorden te slapen.»


Zie haar staan!

HUMO Je was ook van jongs af al een podiumspringer.

Slongs «Ik was een kind met een hoog dramagehalte. Dat merk je op elke foto: ik kón niet normaal op de foto staan. Ik blonk uit in dramatische poses. Of dan had ik een sjaal rond mijn hoofd gebonden, zodat het leek alsof ik lang haar had. Zodra ik op school de kans zag, kroop ik op een podium. Ik zong nummers van Salt-n-Pepa, Neneh Cherry en Mel & Kim. Of ik verkleedde me als Madonna of Dolly Parton

HUMO ‘Er heeft altijd een Madonna in mij gezeten,’ heb je weleens gezegd.

Slongs «En ze zit er nog steeds. Mijn favoriete uitgaansplek is de Multatuli, het café dat ik zelf nog zes jaar heb gerund. Je hebt er een zaaltje met spiegels. Als de party goed op gang is, dan durf ik daar weleens voor de spiegels te gaan dansen. Ik vind dat plezant. Eerst zie je de mensen kijken: ‘Zie haar daar nu staan!’ Maar na drie of vier nummers laten ze alles los en staan ze zélf voor de spiegels te dansen.

»Vanaf mijn 11de speelde ik ook toneel. Daar mocht ik eindelijk de diva in mij volledig laten gaan. In ‘Jan Rap en z’n maat’ had ik zelfs de hoofdrol: ik speelde een meisje dat was misbruikt, in een instelling was beland en met drugs experimenteerde.»

HUMO Waren dat soort experimenten ook iets voor jou?

Slongs «Iedereen gaat als tiener door een experimentele fase. Toch? Maar ik heb het een paar keer zwaar zien mislopen. De jongens met wie ik op het pleintje rondhing, waren niet allemaal even onschuldig. Eind jaren 90 waren er veel ecstasy en amfetamines in omloop. Sommige van mijn vrienden slikten daar slaapmiddelen bij. Dan ga je van de grootste up naar de laagste down. Twee van hen zijn erin gebleven. Geloof me: zoiets maakt je alert voor de gevaren. Ik hield het liever bij af en toe een pretsigaret. Met toneel ben ik trouwens gestopt toen ik begon uit te gaan: geen tijd meer.»

HUMO Was je daar vroeg mee?

Slongs «Ik was sowieso vrij vroeg rijp. Ook met de ontdekking van het andere geslacht. Ik zat nog in de kleuterschool toen ze me met twee jongens in de toiletten betrapten: ‘Als ik eens naar die van jou mag kijken, dan toon ik jou dat van mij.’ Op mijn 7de was ik voor het eerst verliefd. Op George Michael van Wham!, weliswaar. Abnormaal vroeg lijkt me dat niet. Ik las ergens dat ze in Amerika nu seksuele voorlichting willen geven met behulp van pluchen piemels en vagina’s. Really? Dát lijkt me pas abnormaal.»


Griekse walrus

Slongs «Ik ben een vaderskindje. Is elk meisje dat niet?Mijn papa en ik lijken erg op elkaar. Hij is maar 3 centimeter groter dan ik. Hij heeft wat weg van Al Pacino: altijd een grote smile op z’n gezicht en een echte ladies’ man. Hij is Grieks, maar anders dan de meeste Grieken heeft hij amper haar op zijn lichaam. Ik heb dat gen van hem geërfd. Gelukkig. Met mijn Griekse roots had ik er net zo goed als een walrus kunnen uitzien.

'Op mijn 14de ben ik op een avond in La Rocca beland. Daar zag ik een gogodanseres aan het werk. Ik wist meteen: 'Dat wil ik ook''

»In mijn puberteit ben ik zwaar in de clinch gegaan met mijn vader. Dat krijg je als je twee Griekse temperamenten bij elkaar zet. De ruzies ten huize Parassiadis waren intenser en vooral luider dan bij andere households. Als puber was ik ervan overtuigd dat ik al op eigen benen kon staan, dat ik geen begeleiding meer nodig had – je kent dat wel: het gevoel dat je ouders alleen maar op de wereld zijn gezet om jouw leven te vergallen. Ik herinner me dat ik rond mijn 12de met een zak vol kleren en een tandenborstel in de badkamer stond, vastberaden om met een vriendinnetje van de vrijheid te gaan proeven in Parijs. Op het laatste nippertje heeft mijn papa me betrapt. Achteraf was ik wel blij dat ik Parijs niet had gehaald.»

HUMO Naast dat Griekse temperament beweer je maar weinig Grieks in je lijf te hebben.

Slongs «Mijn papa is ook maar half Grieks. Zijn vader was een Griekse zeeman, die hier aan een Antwerps meisje is blijven plakken. Het was geen gelukkig huwelijk. Mijn grootvader was ook zes maanden per jaar van huis, dus heeft hij weinig van de Griekse gewoontes of taal aan zijn kinderen doorgegeven. Zelfs van de Griekse keuken heb ik weinig meegekregen: mijn mama kookte altijd. Bij ons schafte de pot patatjes met worst en bloemkool.»

HUMO Rond je 12de zijn je ouders uit elkaar gegaan.


Slongs «Met één knal wordt je ideaalbeeld van ‘ze leefden nog lang en gelukkig’ aan diggelen geslagen. Voor ons, de kinderen, kwam het als een grote verrassing: we hadden onze ouders nooit zien ruziemaken. Ze waren gewoon uit elkaar gegroeid, waren jong getrouwd en schoten na twintig jaar huwelijk plots wakker: ‘Wie is die mens eigenlijk naast wie ik elke ochtend wakker word?’ Tot een vechtscheiding is het nooit gekomen. Ik zag mijn ouders na de scheiding ook weer openbloeien: dat hielp om het allemaal een plaats te geven.

»Eerst zijn we een tijdje bij papa gaan wonen, omdat mijn mama haar leven opnieuw moest opbouwen. Ze is toen met een kleine zaak gestart. Daarna woonden we de ene week bij mama, de andere bij papa. Ik zag daar als puber al snel de voordelen van in: papa was streng, terwijl bij mama de teugels wat minder strak mochten. Ik was ook lang niet de enige van mijn klas met gescheiden ouders. Ik kende een meisje dat de nieuwe vriendin van haar vader ‘mama’ moest noemen. Dat vond ik pas deep down dirty. Mijn papa had na een jaar ook een nieuwe relatie, maar zijn vriendin heeft nooit aanstalten gemaakt om de plaats van mijn mama in te nemen. Veel later heb ik zelfs haar café overgenomen.»

HUMO Toen je vorig jaar het Ketnetlied tegen pesten inzong, vertelde je hoe je op de lagere school zelf werd gepest. ‘Ik had gaten in mijn schoenen,’ zei je, ‘dus noemden ze me Wibra.’

Slongs «In de media hangen ze graag een plaatje op van een kindertijd op zwart zaad, maar zo erg was het helemaal niet. Het winkeltje van mijn mama is failliet gegaan. In ons land word je dan vijftien jaar lang behandeld als een crimineel – je mag zelfs geen eigen telefoonrekening hebben. Voor mama moet dat een moeilijke periode geweest zijn, maar als kind heb ik daar nooit iets van gevoeld. Er was geen geld voor Air Max-sneakers, maar er stond wel elke avond eten op tafel.

»En over dat pesten: op dat moment was het kut, ja. Later, op de middelbare school, ben ik als tegenreactie zélf de terreur van de speelplaats geworden. Ik was rad van tong en gebruikte mijn mondigheid als een schild, om mijn onzekerheid te verbergen. Ik moest altijd het laatste woord hebben. Mijn leraars moeten zwaar hebben afgezien. Als ze me nu op tv zien, denken ze waarschijnlijk: ‘Het is toch nog goed gekomen met Charissa. Chance!’»


De rij van Fibonacci

Slongs «Studeren is me pas gaan boeien in de laatste jaren van de middelbare school. Toen kreeg ik plots in de gaten dat wiskunde, biologie, chemie en fysica onlosmakelijk met elkaar verbonden waren. Opeens viel mijn frank: ‘Fok, dees is graaf!’ Wiskunde is gewoon de Heilige Graal: daarmee valt álles te verklaren. Zelfs hoe jouw haar nu valt: dat kun je allemaal berekenen met fractalen. Ik liep onlangs de zoon van mijn oude lerares wiskunde tegen het lijf. Ik heb hem een briefje voor zijn mama meegegeven: ‘Sorry voor vroeger. Nu snap ik het. Lang leve de rij van Fibonacci!’ Vandaag lees ik nog altijd het liefst boeken waar ik iets uit leer, of het nu gaat over kwantumfysica of over oosterse filosofie.»

HUMO Nooit gedacht dat er een Lieven Scheire in Slongs Dievanongs schuilging. Is er dan een lerares wiskunde aan jou verloren gegaan?

Slongs «Zeker. In een volgend leven, misschien. Of later, als mijn kont te erg is uitgezakt om nog op een podium te staan.

»Ik ben best slim, maar ik zette me vroeger af tegen alles en iedereen. Op elk rapport stonden dezelfde twee woorden: ‘Kan beter.’ Ik ben twee keer een jaartje blijven zitten. Voor mijn vader was dat een ramp: shame on the family. Hij zette enorm veel druk op mij, bleef tot drie uur ’s nachts op om de vervoegingen er samen met mij in te rammen. Maar het had een averechts effect. Mijn spirit kon niet gebroken worden.

»Hij hamerde er ook op dat ik eerst een diploma moest behalen: ‘Daarna kun je nog altijd toneel gaan spelen.’ Ik heb geluisterd: ik heb een diploma management op zak. Dat sloot nogal goed aan bij de richting die ik volgde, wiskunde-moderne talen. Ik redeneerde ook: ‘Die zakenkennis kan me nog van pas komen als ik later een eigen café begin.’ Horeca is altijd mijn passie geweest. Maar in the end? Ik heb dat papiertje nog nergens voor nodig gehad. Bedankt voor de wijze raad, grote mensen, maar jullie hadden het allemaal mis.

»Ik was zoals elke tiener: ik wilde vooral uitgaan. Ik ben meer dan eens uit het raam van mijn slaapkamer geklommen, dat de buurvrouw aan mijn ouders vroeg: ‘Is het normaal dat Charissa om vier uur ’s nachts in de klimop hangt?’ Dan trok ik naar de Paradox, toen de tempel van de alternatieve muziek. Ze speelden er The Doors, Smashing Pumpkins, Jamiroquai. Ik was geen normale 13-jarige: ik wist al wat funk was, en ik wilde dansen op funk. Ik wilde naast een box staan en de beats in mij vóélen. In mijn ogen was ik al klaar voor het Grotere Werk.

»Op mijn 14de ben ik zo op een avond in La Rocca beland – mijn papa wist uiteraard van niks, ik logeerde bij een vriendinnetje. Daar zag ik een gogodanseres aan het werk. Ik wist meteen: ‘Dat wil ik ook.’ Zodra ik 18 was, ben ik me gaan aandienen als gogodanseres. Elk weekend trad ik op in een andere dancing. In die tijd ging het nog echt om het dansen, om het feest aanzwengelen. Wij stonden toen in een baggy salopette en met basketschoenen aan op het podium. Maar met de jaren zijn die danseressen zich steeds schaarser gaan kleden en ging het steeds meer om verleiden en poseren. Dat interesseerde me niet. Ik wilde de sfeer bepalen, mensen entertainen. Dat doe je niet door hautain te staan wezen op een verhoog, maar door je publiek in de ogen te kijken en te lachen. Zo nodig je hen uit om mee te doen. Het waren toen gouden tijden in de clubs en ik verdiende er een aardige cent mee. Zo’n hard labeur was het ook niet: ik moest vier of vijf keer per nacht een kwartiertje dansen. Tussendoor dronk ik iets. Ook een voordeel van de job: ik heb altijd graag gedronken.»

'Ik heb hoop en al een halve dag met een kinderwens rondgelopen. Toen was het voorbij. Maar ik ben natuurlijk nog maar 36'


Venten en centen

Slongs «Ik was 14 toen ik mijn eerste Hoegaarden dronk. Ik vond het niet eens lekker, maar het was plezant om wat licht in mijn hoofd te zijn. Later, toen ik achter de toog van mijn eigen café stond, was ik me wel bewust van het gevaar van de fles. Dat is altijd een risico, zeker voor cafébazen die uitgekeken raken op hun job. Maar ik heb het altijd graag gedaan.»

HUMO Je beschouwde je plek achter de tapkast ook als een podium.

Slongs «Ik stond amper 5 centimeter hoog, maar het wás een podium. Ik entertainde de klanten van mijn bruine kroeg. En intussen probeerde ik ze wat te educaten in de betere muziek: motown, blaxploitation. Dan stond ik natuurlijk mee te kwelen. Veel geleerd, ook. Ik kan het elke student psychologie aanraden: je leert meer aan zo’n toog dan in de studieboeken. Je ziet mensen in hun diepste dalen en op hun hoogste pieken. Alleen studenten zag ik niet graag komen. Dat is het meest ondankbare publiek. Ik heb één keer een studentenfuif gegeven. Nooit meer. Ze hebben alles gestolen wat loszat, en alles afgebroken wat vastzat.»

HUMO Een eigen kroost wil je niet.

Slongs «Nee. Ik geef mijn wijsheden wel door aan mijn fans. Gisteren was ik nog op een Joepie-fandag. Daar liepen meisjes rond die mij als hun rolmodel zien. Ik ga daar verantwoordelijk mee om: ik neem de tijd voor hen, luister en kijk hen in de ogen. Waar nodig, deel ik wat big ups en complimentjes uit. Ik heb hoop en al een halve dag met een kinderwens rondgelopen. Toen was het voorbij. Maar ik ben natuurlijk nog maar 36. Voor hetzelfde geld zit ik over twee jaar met een biologische tijdbom.

»Na mijn leven als cafébazin ben ik heel impulsief voor zes maanden in mijn eentje naar Thailand getrokken. Daar merkte ik dat ik op het strand niet langer dan een uur kon stilzitten. Ik moest altijd iets doen: een drankje gaan halen, een kaartje leggen. Ik heb mezelf daar geleerd om te niksen. Terug thuis ben ik aan een soort grote kuis begonnen. Noem het een update, Charissa 3.0: ik heb alle bestanden op mijn harde schijf bekeken. Wat ik niet meer nodig had, heb ik weggegooid. Niet veel later is, per toeval, Slongs Dievanongs geboren – ik was toen 34. Wat ik sindsdien meemaak, is niks minder dan mijn kinderdroom.»

HUMO Slongs was eerst een sidekick bij de hardcore rappers van Halve Neuro. Solo leerden we je pas kennen toen je voor ‘In the Mix’ een cover maakte van ‘Goeiemorgen morgen’ (hieronder te beluisteren, red.). Je ontmoeting met Nicole en Hugo noem je ‘de verlichting’ van Slongs.

Slongs «Ik had toen nog maar één song geschreven, met Slongs in de rol van een Antwerpse Lil’ Kim die rapte over hoe venten eerst centen moeten leggen voor ze zich iets in hun hoofd moeten halen. Toen Nicolleke die tekst las, trok ze bleek weg: ‘Moet dat nu echt zo hard?’ Ze had gelijk: het voelt zoveel beter om een tekst als ‘Goeiemorgend goeiendag’ te schrijven, over blij wakker worden en de wereld instappen met een lach. Nicole en Hugo hebben de zachte Slongs naar boven gebracht.

»Ik vind mezelf perfect normaal, maar ik snap dat ik in de ogen van anderen raar moet overkomen. Onlangs had een vrouw van ergens in de 90 een open brief naar me geschreven in één of andere krant. Niet dat ze zo negatief was, maar ze struikelde toch over mijn grof taalgebruik, over het feit dat ik nooit een blad voor de mond neem en over alles een mening heb. Dan kriebelt het om met haar een koffie te gaan drinken: ‘Luister, we zijn allebei maskes...’ Ergens in dat 90-jarige lichaam schuilt ook nog een meisje van 18, daar ben ik zeker van.»

'Nicole en Hugo hebben de zachte Slongs naar boven gebracht'

Tsunami of love

HUMO Op welke van je rhymes ben je het meest trots?

Slongs «Op ‘Lacht nor mij / ik lach terug nor a’, het refrein van mijn eerste hit. Het zijn niet mijn woorden: ze zijn me ingegeven door de dalai lama. Ik ken zijn boek ‘De kunst van het geluk’ al twintig jaar. In één passage legt de interviewer hem voor dat iedereen in het Westen nors en somber over straat loopt: ‘Niemand lacht nog.’ Waarop den dalai: ‘Wat als jij nu eens als eerste lacht? Dan lachen ze vast terug.’ Logisch als je erover nadenkt: elke actie lokt een reactie uit. Pure fysica, alweer.»

HUMO Sarah Vandeursen zei onlangs in Humo dat ze niet altijd zin heeft om als Conny Komen, de helft van het krankzinnige Kenji Minogue, op te treden, dat ze ook weleens gewoon Sarah wil zijn op tv. Kun je je voorstellen dat je ooit klaar bent met Slongs en weer Charissa wordt?

Slongs «Bangelijk wijf, die Sarah. Wat zij doet, is kunst. Bij mij ligt het enigszins anders: Slongs Dievanongs is begonnen als een typetje, als een persiflage op rappers met hun blingbling en hun blote bitches. Het was nooit de bedoeling dat Slongs verder zou gaan dan wat refreintjes meezingen op een paar mixtapes. Maar zo’n typetje valt niet vol te houden. Dan zou ik de hele tijd zo op tv moeten komen: (spreidt de benen wijd en gaat over de leuning van haar stoel hangen) ‘Hé, sjoeke!’ Dat is niet plezant. Intussen is Slongs geëvolueerd en valt ze steeds meer samen met Charissa. Daarom heb ik ook geen behoefte om afscheid van haar te nemen. Ze mag er zijn. Slongske maakt mensen blij. Da’s de tsunami of love, darling.»

HUMO Wat is, in één hapklare zin, de levensfilosofie van Slongs Dievanongs?

Slongs «Het glas is halfvol. (Slaat met haar vuist op tafel) Halfvól. Het mooie is: je kunt jezelf trainen om zo over het leven te denken.

»Nu ik zo zit te mijmeren over het verleden, besef ik dat ik geen heimwee heb naar mijn kindertijd. Ik voel me nu op mijn absolute piek: ik weet wie ik ben en ik weet wat ik wil. Maar de laatste jaren heb ik wel de fantasie uit mijn kindertijd teruggevonden. Die was ik even kwijtgeraakt tijdens het opgroeien: dan gaat het plots toch over produceren, consumeren, werken, centjes verdienen, belastingen betalen. Toen we met de opnameploeg van ‘Liefde voor muziek’ in het Spaanse Ronda zaten, stapte ik elke avond met fonkelende ogen naar de producer: ‘Ik heb weer een nieuwe format bedacht. Ik ben ook een duiker, dus waarom maken we geen reisprogramma over diepzeeduiken met pakweg Tom Waes? ‘Reizen Dievanongs’!’ (lacht)

»Ik doe niks liever dan fantaseren over waar het met Slongske nog zoal naartoe kan gaan. Als ik ooit doorbreek in Frankrijk, dan word ik Diva 11. Snap je? En in Spanje word ik La Slonza. Mezelf verliezen in fantasie: zalig.»


Bekijk de videoclip voor 'iFoon', het nieuwste nummer van Slongs Dievanongs:

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234