null Beeld

De wonderjaren van William Boeva

's Lands kortst afgezaagde stand-upcomedian, William Boeva wordt overal waar hij komt aangestaard. Een lot waarbij hij zich – bij gebrek aan een valabel alternatief – lang geleden al heeft neergelegd.

Noud Jansen

William Boeva (23) «Ik ben het nu al zo lang gewoon dat de mensen naar me staren, dat het me weinig of niks meer doet. ‘Fuck it,’ heb ik op een gegeven moment gezegd, ‘ik ben wie ik ben, en ik hoef me nergens voor te schamen.’ Wat moet ik anders doen, heelder dagen binnen zitten met de gordijnen dicht? Nee: ik begeef me onder de mensen, en ik probeer vooral ook de humor van de situatie in te zien. Ik vind het bijvoorbeeld best grappig wanneer iemand die ik nog nooit gezien heb nét iets te vriendelijk naar me knikt wanneer ik 'm voorbijwandel.

»Dat gebeurt vaker, hè? Pas op, ik begrijp zo'n reactie: kom ik een neger tegen, dan heb ik ook altijd – heel miniem – die reflex: ‘Oei, ik mag hier niet gaan discrimineren.’ Onbewust verraad je jezelf dan door een kleine overreactie; door net iets te vriendelijk te gaan doen. En zo bereik je in feite het tegendeel van wat je bedoeling was: die mens als een gelijke behandelen.

»En over humor gesproken: onlangs sta ik met mijn vrien- din aan de kassa van de super- markt, en achter ons zegt een ventje van een jaar of zes tegen zijn moeder: ‘Kijk daar mama,

een kleine papa.’ (lacht) Super- schattig, toch?»

HUMO Heb je altijd zo makkelijk kunnen omgaan met hoe mensen op je reageren?

Boeva «Nee, zeker niet. Vooral in mijn puberteit heb ik er serieuze problemen mee gehad. Maar toen had ik sowieso pro- blemen met alles en iedereen.

»Eigenlijk kan ik mijn jeugd in twee periodes indelen: de periode tot aan de middelbare school, en de periode vanaf de middelbare school. De eerste periode was relatief vrolijk, de tweede was voor het grootste gedeelte kak. Op de lagere school heb ik me door mijn handicap nooit buitengesloten gevoeld. Integendeel: er werd bij wijze van spreken gevochten om mijn rolstoel te mogen duwen.

»Maar op het middelbaar vond ik daar plots amper meer iemand toe bereid. Pubers vinden dat niet cool, hè? Daardoor ben ik vanaf mijn twaalfde heel erg veranderd: ik plooide me op mezelf terug, vond niks meer leuk, was kwaad op alles en ie- dereen. Toen besefte ik voor het eerst echt goed dat ik anders was dan de anderen, en dat ik ook altijd anders zou blijven.»

HUMO Als kind moet je dat toch ook al beseft hebben?

Boeva «Nee, toch niet. Ik wíst het uiteraard wel, maar echt goed doordringen deed het nooit: als kind richt je je precies meer op positieve dan op ne­gatieve dingen. Nog een geluk, trouwens, want van mijn zesde tot mijn twaalfde heb ik meer tijd in het ziekenhuis doorge­bracht dan dat ik thuis zat. Drie keer heb ik me in die zes jaar laten verlengen: onderbenen, bovenbenen en armen.»

HUMO Je hebt je laten verléngen?

Boeva (knikt) «Technisch ge­sproken ben ik een pseudoachondroplast, wat inhoudt dat enkel mijn ledematen dwerggroei hebben, en dat de rest van mijn lichaam perfect normaal is. Zodoende kregen mijn ouders pas op mijn derde in de gaten dat er iets aan mij scheelde. Je kunt je voorstellen wat voor schok het moet ge weest zijn: drie jaar lang had­den ze gedacht dat hun kind perfect gezond was, om dan plots te moeten vaststellen dat het een dwergje was.

»Eerst hebben ze me offi­cieel moeten laten erkennen als pseudoachondroplast: om fraude tegen te gaan, word je daarvoor naar een door de overheid aangewezen arts ge­stuurd. In mijn geval was dat één of andere dorpsdokter uit de Vlaanders, die het razend interessant vond om eens ie­mand met dwerggroei in zijn praktijk te hebben: dat had hij nog nooit meegemaakt. Dus ja, de camera en het fototoestel werden bovengehaald, en dan ging het van: ‘Kleed hem eens uit, draai hem eens om, laat hem hier eens wat rondstap­ pen.’ Voor mijn ouders moet het verschrikkelijk geweest zijn dat hun kind als een freak werd behandeld.

»Afijn, na veel wikken en wegen hebben ze dus beslo ten om me te laten verlengen, een procedure die in België en­ kel werd uitgevoerd in een zie­ kenhuis in Namen. Een nogal complexe aangelegenheid: ze breken je bot op twee plekken, en tussen de breuken monte­ ren ze telkens een pinnencon­ structie die aan de buitenkant is verbonden met een soort molentje, om de zaak op te rekken. Elke dag word je één millimeter opgerekt: zo ge­neest de breuk nooit volledig. Vrij pijnlijk hoor, temeer om­ dat de hele boel iedere dag schoongemaakt moet wor­ den, en ze het vel telkens weer moeten rechttrekken.»

HUMO Hoe moet ik me dat voorstellen, je bot dat op twee plaatsen wordt gebroken?

Boeva «Heel simpel: je wordt in slaap gebracht, en vervolgens komt een vent met handen als kolenschoppen twee keer krák doen. Zoiets moet manueel ge beuren: een gezaagde breuk groeit minder goed aan dan een natuurlijke breuk. Maar daarmee was ik er nog lang niet vanaf, want wanneer je je botten laat verlengen, betekent dat nog niet dat je spieren van­ zelf ook langer worden. Zo heb ik in totaal wel veertien of vijf­ tien extra operaties moeten la­ten uitvoeren, om mijn spieren te laten verlengen. En na iedere operatie moest ik ook nog eens opnieuw leren lopen.

»Eén keer, op mijn elfde, bleek mijn ene been ineens een centimeter langer dan het andere. Grote consternatie bij het verplegend personeel natuur­lijk: hoe was zoiets mogelijk? Bleek dat ze per vergissing de pinnenconstructie omgekeerd hadden gemonteerd, met als gevolg dat mijn botten bijeen­ gedrukt in plaats van opgerekt werden. Ja, en toen moest die achterstand ingehaald wor­ den, natuurlijk (zucht).

»Maar goed, uiteindelijk is het allemaal niet voor niks geweest: aan mijn benen ben ik twintig centimeter langer geworden, en aan mijn armen tien.»


>> Bekijk de finale van William Boeva tijdens Humo's Comedy Cup (die hij won!)

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234