null Beeld

De zeven hoofdzonden van John Lennon volgens zijn biograaf

De Zeven Hoofdzonden volgens John Lennon? Graag, maar sinds Mark Chapman op 8 december 1980 in New York vijf schoten op de ex-Beatle afvuurde, ligt een gesprek ietwat moeilijk.

undefined

'Als hypocrisie een hoofdzonde was, dan was hij heel erg schuldig'

Gelukkig belandde vorige week ‘John Lennon: de definitieve biografie’ op ons bureau, een door de Brit Philip Norman geschreven pil van ruim 850 pagina’s waarin werkelijk élk hoofdstuk uit Lennons leven tot op de bodem uitgespit wordt: de voortijdige dood van drie sleutelfiguren (zijn moeder Julia, zijn vriend-bassist Stu Sutcliffe en Beatles-manager Brian Epstein), zijn opvoeding bij zijn nette middle class-tante Mimi, de wrok tegenover zijn afwezige vader Alf, zijn vroege Beatle-avonturen in Liverpool en Hamburg, zijn relaties met Cynthia en Yoko (en een schier eindeloze stoet ander vrouwvolk) plus elk ander denkbaar smeuïg detail, gaande van Lennons lidmaatschap van een rukkersclub tot zijn fantasieën over seks met zijn moeder.

Voor u verkeerdelijk denkt dat we het hier over één van die haastig bij elkaar gefantaseerde schandaalbiografieën hebben: Norman schrijft met evenveel grondigheid en kennis van zaken over Lennons muziek, en kreeg voor zijn boek de mede- werking van kroongetuigen als Yoko Ono, Sean Lennon en Paul McCartney. Een Zeven Hoofdzonden, en wel nu!

HUMO Even vooraf: hebt u John ooit echt ontmoet?

Philip Norman «Jawel, bij een concert in Newcastle in de sixties. Ik was toen een jonge reporter, en heb met John en Ringo kunnen praten. Ze stonden toen onder enorm veel druk, maar ik vond hen erg aardige en vriendelijke gespreks- partners. Zijzelf gaven me de indruk dat ik hun beste vriend was en zegden dat er geen enkel probleem was als ik backstage bij hen wou blijven. Waarna Neil Aspinall (de rechterhand en duivel-doet-al van de Beatles, red.) binnenkwam en mij in ondubbelzinnige termen duidelijk maakte meteen op te krassen (lacht).

»Omdat ik backstage was, heb ik van het optreden zelf uiteindelijk niks gezien, en de muziek heb ik evenmin gehoord, want die werd volledig overstemd door het gekrijs (lacht). John haatte dat gegil overigens uit de grond van zijn hart.»

HUMO Hoe bent u als broekventje eigenlijk bij de grootste groep ter wereld binnengeraakt?

Norman «Ik was al backstage, en daar kwam op een bepaald moment McCartney voorbijgewandeld. Ik heb hem gevraagd of ik binnenmocht, en hij zei: ‘Oh yeah. Kom erin.’ Zo simpel ging dat toen allemaal nog.

»En later – in 1969 – heb ik als reporter van The Sunday Times John en Yoko nog eens een voormiddag lang kunnen ontmoeten. Great.»

HUMO U kreeg de medewerking van Yoko Ono én Paul McCartney. Dat is – gezien de weinig vriendschappelijke betrekkingen tussen die twee – opmerkelijk.

Norman «Ja. Omdat ik met Yoko gepraat had, ging ik ervan uit dat McCartney me niet meer zou willen helpen. Maar hij ging ermee akkoord om mijn vragen per e-mail te beantwoorden. En zo hebben we het ook gedaan: ik heb hem de echt belangrijke vragen opgestuurd, en hij heeft die allemaal uitermate gedetailleerd beantwoord.»

HUMO Nochtans zouden ze zich al gezamenlijk van uw biografie gedistantieerd hebben.

Norman «Dat is in de pers verschenen, maar dat bericht klopt niet, denk ik: Paul en Yoko sturen nóóit gezamenlijke verklaringen de wereld in.

»Kijk: McCartney wordt erg welwillend behandeld in het boek. En Yoko heeft gezegd dat ik een erg fair beeld van haar geschetst heb, maar dat ik gemeen ben geweest ten opzichte van John. Which is rubbish. Waarom zou ik een fair beeld van haar ophangen en níét van John? Ik hoop dat ze haar mening nog zal bijsturen.»

GULZIGHEID

HUMO Voor welke hoofdzonde was Lennon het meest vatbaar, denkt u?

Norman «Gulzigheid. Hij had niet de beste tafelmanieren, en in de beginperiode van The Beatles stortten ze zich op alle eten dat ze te pakken konden krijgen: ze hadden altijd honger, John voorop. Hij is opgegroeid bij zijn tante Mimi, en ondanks zijn rebellenimago hield hij best van dat huiselijke leventje, in de suburbs van Liverpool. ’t Was een erg respectabel huis, en zijn tante bracht allerlei offers om hem een deftige opvoeding te kunnen geven. Sterker nog: ze gaf haar eigen leven op om hem te kunnen grootbrengen. En ze schotelde hem allerlei lekkers voor, want ze was een erg goede kokkin. Toen hij naar de kunstschool ging, was hij niet zo tuk op het kotleven: dat was toch niet zoals thuis (lacht).

»John en Paul verschilden op een aantal vlakken erg, maar op nog veel méér vlakken waren ze precies hetzelfde. Zo hadden ze een min of meer gelijklopende background: McCartney kwam uit een zeer bescheiden milieu, maar zijn moeder was een verpleegster, en in het Britse klassensysteem werd je dan als middle class beschouwd. En dus leerde Pauls moeder haar kinderen beschaafd praten en zich netjes gedragen, net zoals tante Mimi dat met John deed.»

HUMO Ik denk dat het voor niet-Engelsen moeilijk te begrijpen is hoe belangrijk dat klassensysteem in Engeland was, zeker in die tijd.

Norman «O ja! Na de Tweede Wereldoorlog werden veel ouderwetse waarden omgegooid, maar het klassensysteem bleef net zo onwrikbaar als voorheen: iedereen moest respect tonen voor aristocraten, voor de koninklijke familie, voor de politie, voor dokters... John kwam uit een iets betere klasse dan Paul, maar hij wou graag bij het gewone volk horen. Paul kwam uit een iets lagere klasse, maar wou graag hogerop: daarom klikte het zo tussen die twee.»

HUMO In de periode rond ‘Help!’ begon zijn vraatzucht min of meer uit de hand te lopen: ‘Ik at en dronk als een varken, ik werd moddervet,’ citeert u hem.

Norman «That’s right. Als sterren kregen ze natuurlijk altijd het beste voorgeschoteld. En omdat John erg onzeker was, had hij zich in zijn hoofd gehaald dat hij dik was – terwijl dat helemaal niet klopte. Bekijk de foto’s uit die tijd: hij was een gewone jongeman in een jongemannenlijf.»

HUMO Uit uw boek blijkt dat hij ook zeer gulzig was op geestelijk gebied.

Norman «Zéker! Hij verslond boeken, kranten, muziek, volgde de media – niet vergeten dat John opgegroeid is net voor het tijdperk van de massamedia, hé: op televisie kon je toen maar enkele zenders ontvangen, en de radio bood al niet veel meer keuze.

»Hij vertelde graag dat hij het erg slecht had gedaan op school, maar in het geheim was hij eigenlijk een erg goede student: zijn tante had thuis alle grote literatuurklassiekers staan, en zijn kennis van de Engelse literatuur was briljant. Maar omdat hij niet graag voor Studentje doorging, slorpte hij al die kennis thuis in zijn eentje op. Hij schreef en tekende ook graag en goed. Eén van zijn leraars heeft ooit zijn schoolboek aan de andere studenten getoond met de woorden: ‘Dit is het niveau dat jullie moeten proberen te bereiken.’ Dat hij daar niet mee uitpakte, is geen zonde, hé: dat is nederigheid.»

HUMO Hoe zat het met zijn honger op muzikaal vlak? Luisterde hij als tiener bijvoorbeeld naar klassieke muziek?

Norman «Voor de rock-’n-roll naar Engeland kwam, móést je als muziekliefhebber wel naar operettes en zo luisteren: veel anders was er niet. Er bestond wel een soort popmuziek: crooners zoals Frank Sinatra en Bing Crosby – daar was hij dol op. Hij hield ook van doedelzakken, van traditionele Engelse songs zoals ‘Greensleeves’, van brassbands – ook op dat vlak was hij dus een veelvraat. Hij stond open voor allerlei muzikale invloeden. The Beatles waren overigens erg arty en intellectueel voor een popgroep: Stockhausen, John Cage, musique concrète, ze kenden het allemaal.»

HUMO Hij was ook behoorlijk gulzig in zijn druggebruik, schrijft u.

Norman «Als John ergens voor ging, deed hij dat niet half: toen hij in Hamburg de pillen – amfetamines – ontdekte, gebruikte hij ze met handenvol tegelijk, meestal in com- binatie met sloten alcohol, waardoor hij geregeld met het schuim op de mond rondliep, en zich als een echte wildeman gedroeg: eigenlijk was hij een punk lang voor de punk was uitgevonden.»

HUMO Ik kreeg de indruk dat de vroege dood van zijn vriend Stu Sutcliffe – de eerste Beatles-bassist – een grote rol speelde in de heftigheid waarmee hij zich op de drank en pillen stortte.

Norman «Mja, na Stu’s dood hing er wel zo’n sfeer van: oké, laten we nú leven, want vroeg of laat gaan we er allemaal aan. Maar aan de andere kant is John altijd zo geweest: één van zijn leraars zei dat John zonder remmen geboren was. Maar hij zocht altijd wel iemand om die risico’s samen met hem te nemen: op school zijn vriend Pete Shotton, in de muziek McCartney, in de kunst Stu Sutcliffe en uiteindelijk Yoko. Hij was altijd op zoek naar een klankbord, iemand die het gevaar wilde delen en zei: ‘Let’s do it!’»

GRAMSCHAP

HUMO Dat gevaar brengt ons bij de tweede zonde: gramschap. Woede tegenover zijn vader loopt als een rode draad door zijn leven.

Norman «Tja, John vond dat zijn vader hem in de steek gelaten had, terwijl dat eigenlijk niet écht zo was: de man dacht gewoon dat John een beter leven zou hebben bij zijn moeder, en zette min of meer vrijwillig een stap opzij. Hij was zeker niet slechter dan vele andere vaders: tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij zeeman, wat toen een zeer gevaarlijke job was, even gevaarlijk als in het leger vechten. Laf was hij dus niet, integendeel, hij handelde net heel dapper en patriottistisch.

»En toen zijn vader later terug in zijn leven kwam, heeft hij John nergens om gevraagd. John twijfelde constant of hij nu al dan niet een relatie met hem moest opbouwen, maar uiteindelijk heeft hij altijd die afschuwelijke woede tegenover zijn vader behouden.»

HUMO Het viel mij ook op hoe gewelddadig het er in de beginperiode van The Beatles aan toe ging: in Liverpool eindigden concerten geregeld in verschrikkelijke knokpartijen met de Teddy Boys, en in de rosse buurt van Hamburg ging het niet bepaald zachtzinniger toe.

Norman «Je mag niet vergeten dat er toen nog een échte generatiekloof bestond: tegenwoordig gaat iederéén naar pop- en rockconcerten – kinderen, tieners, ou ders en grootouders – maar toen was rock-’n-roll alleen voor tieners, en dan nog voornamelijk voor tieners uit de arbeidersklasse. The Beatles hebben dat veranderd: dankzij hen begon ook de middle class en de upper class rock-’n-roll te waarderen.

»Maar John zou zeker nooit zelf rel geschopt hebben. En als het écht gevaarlijk dreigde te worden, zorgde hij dat hij wegkwam: in The Cavern is hij bijvoorbeeld een paar keer gaan lopen.

»Oké, hij kon weleens buiten zinnen raken van woede – vooral als hij gedronken had – maar op andere momenten kon hij zich wonderbaarlijk goed beheersen: ik weet niet of je ooit de beelden hebt gezien van die scène waarin de Amerikaanse humorist Al Capp Yoko zeer zwaar beledigt tijdens één of andere bed-in? Opmerkelijk om te zien hoe hij toen zijn kalmte bewaarde.»

undefined

null Beeld

HUMO U ontkracht ook het verhaal dat Lennon onrechtstreeks verantwoordelijk geweest zou zijn voor de dood van bassist Stu Sutcliffe. Diens zus Pauline beweerde dat Lennon Stu in een gevecht een paar keer tegen zijn hoofd geschopt zou hebben.

Norman «Dat verhaal circuleert nu al jarenlang, en ik heb het voorgelegd aan de enige mogelijke getuige: Paul McCartney. Hij kan er zich niks van herinneren. Ik zie ook niet in waarom ze zo hevig gevochten zouden hebben: de ruzie zou ontstaan zijn omdat John ontevreden was over de beperkte muzikale kunde van Sutcliffe, maar op dat moment was Sutcliffe al uit de Beatles gestapt. En bovendien beschermde Lennon zijn makker Sutcliffe in alle omstandigheden.

»Ik heb het ook gevraagd aan Astrid Kirchherr, Sutcliffes toenmalige vriendin. Zij heeft me geantwoord dat Stuart het haar zeker zou verteld hebben als er een ruzie met Lennon was geweest, maar dat hij dat nooit gedaan heeft. So... Dat hele verhaal slaat volgens mij nergens op.»

HUMO Lennon provoceerde wel graag.

Norman «Hij speelde graag de agent provocateur, ja. Er is binnen de Beatles nooit een échte vechtpartij geweest waar John bij betrokken was, maar hij mocht wel graag ruzie tussen de anderen stoken. Zo heeft hij ooit Pete Best (de eerste Beatles-drummer, red.) en Tony Sheridan (een zanger die The Beatles in hun begindagen begeleidden, red.) tegen elkaar opgezet: tot zijn eigen ontzetting zijn die twee urenlang blijven knokken. John was gechoqueerd, maar Pete en Tony waren dan ook twee échte tough guys, in tegenstelling tot John zelf: die spéélde wel graag de harde jongen, maar hij was het niet.»

HUMO Over provocaties gesproken: u schrijft dat hij geregeld de Hitlergroet wou brengen, ook in hun Hamburgse periode. Niet echt subtiel, lijkt me.

Norman «Dat moet je in zijn tijd zien: nu kan je zoiets uiteraard niet meer maken voor een Duits publiek, maar toen vond iedereen dat wel een oké geintje, zélfs de jonge Duitsers. In de mateloos populaire ‘The Goon Show’ op de BBC werden ook constant nazi’s opgevoerd die met onnozele Duitse accenten praatten.

»John mocht tijdens de optredens ook graag gehandicapten imiteren. Spassies, noemde hij ze, zijn afkorting voor spastics. Sick humor was nogal in de mode, en niemand had veel compassie met gehandicapte medemensen. Het was de tijd

voor de political correctness, hé.»

HUMO In 1966 lieten ze coverfoto’s maken waarop ze in slagersjassen met afgehakte ledematen stonden te spelen en waarop ze spijkers in elkaars hoofd timmerden. Het strafste van al: de platenfirma had er geen bezwaar tegen. Moeten we dat idee in hetzelfde licht zien?

Norman «Ja, élk idee was voor hen bruikbaar. Zelfs in Amerika – waar men veel gevoeliger was voor dat soort dingen – werd die cover aanvankelijk goedgekeurd door de platenmaatschappij: het was zogezegd een ‘pop-art expe- riment’ (lacht). Pas toen die plaat al in de winkels lag hebben ze alle exemplaren laten terughalen en er een andere foto opgezet.»

HUMO Dus ook op dat vlak was Lennon een punk avant la lettre?

Norman «O ja, hij deed dingen die punks nooit gedaan hebben: lang voor Johnny Rotten was er al Johnny Lennon.»

JALOEZIE

HUMO Alleen al op basis van ‘Jealous Guy’ zou ik zeggen: schuldig.

Norman «Ja. Hij was daar zeer open over: in zijn teksten leek hij soms wel een soort journalist die een artikel over zijn eigen leven schrijft. Zie ook ‘The Ballad of John & Yoko’: dat is een kortverhaal over hun leven, compleet met dialoog en actiescènes. Of zie ‘Norwegian Wood’.»

HUMO Als het op vrouwen aankwam, was hij wel extreem jaloers. De manier waarop hij zijn eerste vrouw Cynthia behandelde...

Norman «Pathologisch jaloers, ja, maar met Yoko was het nóg erger. Hij liet haar de namen opschrijven van iedereen met wie ze ooit geslapen had: zij dacht dat hij maar een grapje maakte, maar hij méénde het. Ze mocht ook geen Japanse boeken of kranten lezen, want dan wist hij niet wat ze las en dus ook niet wat ze dacht. De mythe wil dat Yoko John tot op het toilet volgde, maar dat is maar de helft van het verhaal: hij verplichtte haar hem naar het toilet te volgen, omdat hij vreesde dat ze ondertussen in de studio iets met de andere muzikanten zou beginnen.»

HUMO Nog even over Cynthia: hij vroeg de scheiding aan omdat ze zogezegd een buitenechtelijke relatie met een Italiaan had gehad. Of dat nu klopte of niet: één misstap van haar vond hij blijkbaar erger dan de tientallen keren dat hij haar bedrogen had.

Norman «Tja, er was een soort on- geschreven regel: wat op tournee gebeurde, telde niet mee. On tour, it didn’t matter. Heel veel muzikan- ten leiden dat soort bestaan, hé. James Brown had een miljoen af- faires, maar hij verwachtte wel dat zijn vrouw met het eten klaarstond als hij thuiskwam. Male chauvinism van de supersterren.

»Ook niet vergeten dat de vrou- wenbeweging nog niet veel bereikt had: dat kwam pas in de seventies. In de sixties zag men vrouwen nog gewoon als dolly birds, poppetjes om mee te spelen.»

HUMO Hoe ziet u Cynthia’s rol in Lennons leven?

Norman «Cynthia was geen erg sterke persoonlijkheid, maar ze was wel heel aardig en lief. Ze wou het liefst een doodgewoon huwelijk met John, maar dat was uiteraard onmogelijk. Daar heeft ze onder ge- leden, maar ik denk dat ze na John een fijn leven heeft geleid. En in de tien jaar dat ze met hem was... Tja, ofwel wist ze niet wat hij alle- maal uitspookte, ofwel wou ze het niet weten.»

undefined

null Beeld

ONKUISHEID

HUMO Hij spookte inderdaad heel wat uit.

Norman
«Mja, niet vergeten dat de media er toen niet zo bovenop zaten als tegenwoordig: er waren geen paparazzi die je de hele dag volgden. En bovendien bestond er in de Britse pers een soort consen- sus om niks slechts over de Beat- les te schrijven: de groep werd als

Nationaal Erfgoed beschouwd. Op tournee kon hij dus min of meer doen waar hij zin in had, zeker toen ze in Amerika zaten.»

HUMO U schrijft ook dat de klei- ne John Lennon eens thuiskwam net op het moment dat zijn moeder haar nieuwe vriend Bobby Dykins een blowjob aan het geven was. Hoe weet u dat zo?

Norman «Omdat Dykins zélf dat verteld heeft. We gaan er allemaal van uit dat onze ouders geen seks hebben, maar: jawel hoor. En zeker als ze een nieuwe relatie beginnen.»

HUMO Lennons ideale vrouw was Brigitte Bardot: u schrijft dat hij helemaal door haar geobsedeerd raakte, haar foto op het plafond boven zijn bed plakte en Cynthia – en al zijn andere vriendinnen – verplichtte zich als Bardot te kleden.

Norman «O, maar hij was niet de enige die volslagen weg was van Bardot. Toen zij op het toneel ver- scheen: dat had een even grote impact als de opkomst van Elvis indertijd. Tot dan toe hadden de seksgodinnen – want dat waren het – altijd veel ouder geleken: vrouwen als Sophia Loren en zo. Maar toen kwam Bardot, en die zag eruit als een schoolmeisje. A sex kitten. Geen wonder dat al die mannen compleet tilt sloegen.»

HUMO Ironisch genoeg leek Yoko – toch de liefde van zijn leven – totaal níét op Bardot.

Norman «Ja, hij vertelde haar bij wijze van compliment dat hij van haar hield omdat ze op een kerel in vrouwenkleren leek. A bloke in drag (lacht). Bij Yoko was er toch vooral de geestelijke aantrekkingskracht: hij wou Een Artiest zijn. Een schil- der, of een beeldhouwer.»

HUMO Was de periode in Hamburg met The Beatles de seksuele eyeopener voor John?

Norman «Dat denk ik wel. Hij had in Liverpool al wel wat seksuele ervaring opgedaan, maar in die tijd waren er maar een paar plaatsen in Europa waar een min of meer open sfeer hing: Parijs, Amsterdam, Hamburg... Dat was het zo’n beetje. Níét Londen, en al zeker niet Liverpool.

»De dichter Philip Larkin heeft eens gezegd dat seksuele betrekkingen pas in 1963 begonnen zijn, en daar zit iets in: over seks werd in het Groot-Brittannië van de fifties niet gepraat, punt uit. Seks was verkeerd. In die atmosfeer is John grootgebracht, en Hamburg heeft hem bevrijd. En vervolgens heeft hij daar maximaal van geprofiteerd.»

HUMO Hoe stond hij tegenover homo’s? Hij maakte bijvoorbeeld geregeld hele gemene opmerkingen over de homoseksuele geaardheid van hun manager Brian Epstein.

Norman «Ja, maar dat ging toen zo, net zoals het in die tijd doodgewoon was in hele beledigende termen over joden te praten. Nogmaals: de politieke correctheid was nog niet uitgevonden.»

HUMO Toen er een boek over Brian Epstein ging verschijnen, suggereerde John ‘Queer Jew’ als titel. En toen het ‘A Cellarful of Noise’ werd – naar de luidruchtige kelderoptredens van The Beatles – maakte John er ‘A Cellarful of Boys’ van.

Norman «Toegegeven: dat soort opmerkingen ging zelfs tóén te ver (lacht).»



HUMO Hij timmerde ook genadeloos een dj in elkaar die het gewaagd had te suggereren dat hij een affaire met Epstein had gehad.

Norman «Die dj was Bob Wooler: een interessante figuur; een wat oudere man die de muziek van de jongeren een stem gaf, en die The Beatles veel geholpen heeft met het bijschaven van hun podiumact. Maar hij had die avond iets te veel gedronken, en sprak over de reis die John en Brian samen gemaakt hadden als hun honeymoon.

»Nu was die hele reis van John en Brian ook wel bizar, hoor: Johns eerste zoon Julian was net geboren, maar in plaats van thuis bij vrouw en kind te blijven, ging hij met Brian – van wie iedereen wist dat hij homo was – naar Spanje. Brian hééft geprobeerd John te versieren, en misschien hebben ze seksueel contact gehad – John stond open voor allerlei ervaringen – maar ik denk dat hij vooral met Brian op reis is gegaan om de rest van de groep te tonen dat hij de baas was. ‘Ik voer de besprekingen met de manager’, die houding. Maar wat er in Spanje ook gebeurd is, John voelde zich er blijkbaar niet echt comfortabel mee. Anders had hij Wooler niet aangevallen.»

HUMO ‘Hij stond open voor allerlei ervaringen,’ zegt u. Doelt u daarmee op een relatie met McCartney?

Norman «Neen, John was op vele vlakken ouderwets, en hij kon platonisch van iemand houden. John en Paul hebben uiteraard de kamer gedeeld, en ze hebben in hetzelfde bed geslapen, maar dat was zoals bij kinderen. John heeft wel even met die gedachte gespeeld, zo heeft hij Yoko verteld – echte Kunstenaars moeten allerlei seksuele ervaringen hebben – maar Paul is altijd honderd procent hetero geweest.»

HUMO In uw biografie zegt u ook dat John incestueuze gevoelens voor zijn moeder koesterde, en ook daarvoor gebruikt u Yoko als bron. Aangezien hij van provoceren hield, zou het natuurlijk kunnen dat hij dat soort zaken alleen maar aan Yoko vertelde om haar te choqueren.

Norman (formeel) «Neeneen, hij was compleet open met Yoko, hij speelde geen spelletjes. Hij heeft haar meermaals verteld over de gevoelens die hij voor zijn moeder had, en hoe hij zijn vader haatte. Terwijl Yoko tussen twee haakjes nooit de kans kreeg om ook eens iets over háár familie te vertellen (lacht). Veel jongens hebben dat soort gevoelens voor hun moeder: meestal gaan die weer weg, maar in Johns geval stierf zijn moeder jong. Daardoor zag hij haar niet zozeer als een moederfiguur, maar meer als een flirterige oudere zus.»

LUIHEID

Norman «Hij portretteerde zichzelf graag als een luie donder. Zie bijvoorbeeld ‘A Day in the Life’: dat gaat over iemand die de hele dag op de sofa ligt en zelfs te lui is om te bewegen.»

HUMO In Hamburg hielden ze er nochtans een genadeloos schema op na: elke dag urenlang optreden, zonder ophouden.

Norman «Absoluut, ja. En dat hielden ze vol met behulp van amfetamines en alcohol.»

HUMO Hadden ze het zonder de pillen kunnen bolwerken?

Norman «Ik denk het niet. Ze moeten lichamelijk enorm sterk geweest zijn – je hebt genoeg groepen die er aan onderdoor gegaan zijn. Maar optreden zag John niet als werk. Zijn tweede boek schrijven: dát was werken.»

GIERIGHEID

HUMO Lennon betaalde zijn chauffeur 36 pond per week om – letterlijk – dag en nacht voor hem klaar te staan. Niet echt royaal voor een multimiljonair.

Norman «Hij had de Liverpoolse gewoonte om voorzichtig met geld om te gaan. Hij betaalde zijn huispersoneel nogal slecht, en stelde zich daar ook niet echt vragen bij: hij ging ervan uit dat iedereen sowieso voor hem wilde werken. Alhoewel John ook heel genereus kon zijn, hoor: het gebeurde dat hij zijn hele weekloon zomaar weggaf aan de eerste de beste hulpbehoevende.

»Brian Epstein was net zo: absoluut geen slecht mens, maar hij betaalde zijn personeel wel karig.»

HUMO Met een manager als Epstein hebben de Beatles wel geluk gehad, lijkt me. In tegenstelling tot de managers van zo- wat alle andere rock-’n-rollers uit de beginjaren heeft hij hen geen geld afhandig gemaakt – of toch niet bewust.

Norman «Niet bewust, neen, maar ze hadden véél meer geld kunnen verdienen: alleen al met de merchandising hebben ze in Amerika een fortuin laten liggen. Brian was een uiterst eerbaar mens, maar hij moest zelf ook nog alles ontdekken: voor hem had nog nooit een manager zo’n enorme act gehad, alleen Colonel Parker kwam misschien in de buurt.»

HUMO Creatief waren ze wel: in 1965 gingen ze met hun muziekuitgeverij Northern Songs naar de beurs.

Norman «Jawel. In de City (het financiële centrum van Engeland, red.) zaten de aandeelhouders toen te hopen dat Lennon en McCartney hits zouden schrijven (lacht).»

HUMO Maar meteen na de beursgang verkochten ze 85 procent van hun eigen aandelen voor nog geen 95.000 pond. Was dat wel een goede deal, als je ziet hoe populair hun muziek nu nog is?

Norman «O ja, zeker. Misschien hadden ze er wel meer aan kunnen verdienen als ze tot de jaren negentig gewacht hadden, maar 95.000 pond was toen veel geld, hoor. Een bérg geld.»

HUMO Hebt u een idee hoe rijk Lennon op het einde van zijn leven was?

Norman «Heel moeilijk te zeggen, omdat de estate constant geld bleef genereren. Maar toen circuleerde het cijfer 400 miljoen dollar.»

HOOGMOED

HUMO Niet slecht verdiend voor de man die ‘Working Class Hero’ zong.

Norman «Tja, als je ‘Working Class Hero’ beluistert, zou je denken dat hij opgegroeid is in de slums. Terwijl in het huis van zijn tante nog een bel hing om het huispersoneel mee op te roepen.

»Maar hij beschouwde zichzelf dus als een onvervalste socialist, en in de sixties dacht hij echt dat hij aan de revolutie meewerkte, en plande hij met obscure undergroundbladen de ondergang van het kapitalistische systeem (lacht). En tegelijkertijd woonde hij in een mansion, met miljoenen pond op zijn bankrekening. Maar dat is John, hé. Toen John tegen zijn maat Neil Aspinall eens klaagde over allerlei hoogoplopende kosten, antwoordde die ‘Imagine no possessions, John!’ Waarop John: ‘It’s only a bloody song!’ (lacht) Tja, als hypocrisie één van de zeven doodzonden was geweest, was hij zeer schuldig.»

HUMO In 1967 brachten The Beatles de briljante single ‘Penny Lane’/’Strawberry Fields’ uit: duidelijk het beste wat ze tot dan toe gemaakt hadden, maar ironisch genoeg was net dat hun eerste single die niet op één in de hitparade kwam. John zei voortdurend dat hij daar geen problemen mee had, maar meende hij dat?

Norman «Ja, dat meende hij écht. John was toen in zijn hippieperiode: ‘There’s room for everyone. ’t Is allemaal oké, man!’ Share and care, weetjewel. Bovendien waren ze toen zó waanzinnig beroemd en hadden ze al zó vaak op één ge- staan dat blijkbaar zelfs dat vervelend was geworden.»

HUMO Hij was ook niet tevre- den over ‘Sgt. Pepper’, nochtans algemeen geloofd als een meesterwerk.

Norman «Inderdaad, hij vertelde George Martin dat hij het liefst die hele plaat opnieuw had opgenomen. Ook dat meende hij, want hij voelde zich erg onzeker, niet alleen over zijn muziek, maar ook over zijn uiterlijk, over alles eigenlijk. Op het einde van zijn leven zat hij er in New York over te tobben dat er meer covers opgenomen waren van Pauls songs dan van de zijne: John had het zich in zijn hoofd gehaald dat alleen Paul echte melodieën kon schrijven, en dat hij er niks van bakte. Onzin, uiteraard: natúúrlijk kon John ook melodieën schrijven, no question about it. George Martin vertelde me dat ze bij Paul spontaan in zijn hoofd opkwamen, terwijl John meer moest experimenteren met gitaarakkoorden, maar het uiteindelijke resultaat was net zo goed. Lennon was gewoon verschrikkelijk onzeker, nooit tevreden over zijn werk. Dat is een trek die hij deelt met alle grote creatieve geesten: onzekerheid. George Martin heeft zich daar weleens over ver- baasd: ‘Hoe kan iemand nu níét tevreden zijn over ‘A Day in the Life’?’ Tja, alleen de middelmatigen zijn tevreden over zichzelf, hé.

»Zo tevreden?»

HUMO Niet echt helemaal. Maar toch: bedankt!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234