Beeld ANP Kippa

InterviewAmber Brantsen

Deze nieuwslezeres overwon anorexia: ‘Een bord pasta zag ik als vergif’

De Nederlandse Amber Brantsen (30) leed elf jaar geleden aan anorexia en depressiviteit. De nieuwslezeres van het NOS Journaal schreef er een boek over. Haar advies: ‘Zeg het, tegen wie dan ook: vraag om hulp.’

Eenzaamheid. Amber Brantsen wist heel goed wat dat is. Ze zat avonden alleen op haar kamer. ‘Maar de ergste eenzaamheid is als je onder de mensen bent. Dat iedereen doorgaat met leven, terwijl jij voor je gevoel staat te schreeuwen en dat niemand het opmerkt. Ik heb dat vaak gedacht als ik in de metro zat, terug naar huis. ‘Hallo, het gaat mis met mij, zien jullie dat niet?’ En dat iedereen gewoon op z’n telefoon zat. Dat is echt eenzaamheid.’

Amber Brantsen, nieuwslezeres van het NOS Journaal, vindt het lastig om zich de Amber van 11, 12 jaar geleden voor te stellen. Het ambitieuze meisje dat zich zo verheugde op het studentenleven, maar in een diep dal belandde. Depressief werd, eerst te veel at en daarna te weinig, veel te weinig. Dat eenzaam was. Ze schreef er een boek over, ‘Uit beeld’. ‘Ik heb mijn dagboeken bewaard. Daar heb ik veel gevoel van toen uit kunnen halen. Ik was een hoop vergeten. Hoe intens, heftig en zwaar het was.’

Beeld Jeannette Huisman

Perfectionistisch

Ze was nog geen 18 toen ze van de middelbare school Media & Cultuur ging studeren. ‘In Amsterdam. Ik wilde op kamers en vol van het studentenleven genieten. Dat hoorde zo. Via een vriendin van mijn moeder kwam ik in Duivendrecht (een dorp vlak bij Amsterdam, red.). Niet echt een studentencomplex, niet echt the place to be, maar hey, ik moest dankbaar zijn. Dit moest slagen, dit moest leuk zijn. Ik was zo perfectionistisch ingesteld. Ik denk dat velen de overgang van middelbare school naar het studentenleven onderschatten, zeker als je niet zo’n uitgaanstype bent.’

Na de colleges overdag in Amsterdam volgde steevast de metrorit naar Duivendrecht. ‘Het werd steeds donkerder, grauwer. Je glijdt af, zonder dat je het doorhebt. Om je staande te houden, zoek je iets. Bij een ander is dat alcohol, gamen of drugs. Bij mij was dat eten. Troosteten. Snoep, cake, koekjes. Dat ging mij helpen om me beter te voelen, dacht ik. Natuurlijk weet je op een gegeven moment dat het foute boel is, maar je schaamt je. Je komt aan en vrienden zeggen tijdens het kerstdiner: ‘Doet je goed, hè, dat studentenleven met dat drinken, bitterballen en pizza.’’

Beeld Jeannette Huisman

Bespreekbaar

Amber Brantsen groeide op in een open gezin, waarin ‘alles bespreekbaar is’. ‘Maar ik maakte dit niet bespreekbaar, ook niet toen het de andere kant op ging. Je wilt niet dat je ouders zich zorgen maken.’

Na de worsteling van haar eerste jaar gaf het voorjaar nieuwe energie. Ze ging sporten, gezond eten en viel af. Ze verhuisde naar een studentenflat. ‘Met veel buitenlandse studenten. Iedereen deed wat anders, maar iedereen deed vooral zijn eigen ding. De eenzaamheid kwam keihard terug. Ik kwam op mijn normale gewicht, maar langzaam ging het verder. Minder eten, afvallen, in combinatie met niet goed voelen. Ik werd depressief. En geloof me, dat is iets anders dan somber zijn.’

Natuurlijk, ze probeerde van alles. Cursussen dansen, toneel, midweekjes weg met studievriendinnen. Tegen iedereen die nu vraagt wat te doen in zo’n situatie, zegt ze: ‘Vraag hulp, zeg het. Zeg dat het niet goed gaat. Tegen wie dan ook.’

Beeld Jeannette Huisman

Vergif

Het breekpunt: ze stopte met haar studie toen ze niet bij machte was een presentatie (‘Wetenschapsfilosofie, ik weet totaal niet meer waar het over ging’) te doen. ‘Mentaal, maar ook lichamelijk. Ik was uitgeput. Zo ver in die eetstoornis en die depressie. Ik heb mijn bijbanen opgezegd. Was notulist bij de NPO. En tussen de middag nam ik de telefoon op bij de KRO.’

Eten, zegt ze, ‘was eng geworden’. ‘Een bord pasta zag ik als vergif. Natuurlijk zag mijn moeder het. De broek zakte af. Ik was niet meer de Amber met ambities, die zichzelf een schop onder de kont gaf, maar de Amber die in een hoekje zat. Eenmaal thuis ging ik met mijn moeder naar de huisarts. Daar werd het hardop gezegd. Eetstoornis, anorexia.’

Ze werd doorverwezen naar een kliniek die een averechts effect had. ‘Het was totaal niet de omgeving die ik nodig had. Iedereen zat te kloten. Je nam elkaars slechte eetgewoontes over. Even een lepel doperwten laten vallen… Maar ook het behandeltraject, dat was voor iedereen hetzelfde. Een psycholoog zei tegen me: ‘Wat heb je nodig? Per week kregen we een en-op-eengesprek.’ ‘Ik zou een tweede wel prettig vinden,’ zei ik. ‘Gaan we doen,’ zei ze in eerste instantie, maar later kwam ze daarop terug. Was niet het beleid. Op een gegeven moment zei ze: ‘Je zit heel erg in je schulp. Misschien moet je een cursus sociale vaardigheden gaan doen.’  Dat vond ik stuitend. Ik dacht: jullie zien mij niet, jullie zien niet wie ik ben. Ik was altijd één van de sociaalste kinderen in de klas. Maar ja, nu was ik ziek. Een zielig hoopje eetstoornis. Daar hadden ze doorheen moeten prikken, zij waren toch de experts?’

Beeld Jeannette Huisman

Oude Amber

Toen ze na de eerste periode van wennen uiteindelijk drie opeenvolgende weken geen gewichtstoename kon aantonen, werd ze een week naar huis gestuurd. ‘Dat was de maatregel.’ Ze besloot niet meer terug te gaan. Negen maanden werden acht weken. ‘Dit was niet de plek, waar ik moest zijn.’

Hoe ze de oude Amber werd? ‘Dat heeft even geduurd, hoor. Er is geen eindfeest, of diploma. Een psycholoog heeft me enorm geholpen. Waar ze in de kliniek mijn agenda leeg veegden, zei hij ‘Ga maar studeren. Dat deed ik. Bestuurskunde. In Leiden. Waar niemand de Amber met die eetstoornis kende. Ik ging weer op mezelf wonen, maar dan in een vertrouwde omgeving. Ik wilde weer slagen.’

Eenzaamheid

Haar derde ‘hulpmiddel’: een poes. ‘Tijger. Ze is nu 11. In eerste instantie tegen de eenzaamheid. Op een avond keek ik naar haar. Zag ik haar naar de voerbak lopen, een paar hapjes nemen. Toen sprak ik af met mezelf: als zij eet, eet ik ook. Zo geschiedde. Al was het middernacht. Werd ik wakker, hoorde haar kauwen, stond ik op en nam ik een krentenbol.’

Amber Brantsen maakte carrière bij radio en televisie. Als was co-host en later zaterdagpresentator van het Radio 1 Journaal, als nieuwslezers van het NOS Journaal, als maker van de Formule 1-podcast. Ze trad steeds vaker naar buiten maar liet bij interviews altijd een hiaat achter in haar levensverhaal. ‘Je hebt altijd het recht om iets niet te vertellen. Maar op een gegeven moment dacht ik: ik hou een taboe in stand. Het voelde als een soort geheim.’

Ze koos ervoor een boek te schrijven. ‘Dan is out in the open en hoop ik dat mensen hier mee kan helpen. Dat ze de moed vinden om er zelf over te praten, want echt waar, dat helpt.’

Beeld Prometheus

(AD)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234