Dit zijn de 50 beste platen uit de jaren 2010

Nu de jaren 2010 op hun einde lopen, ging Humo’s muziekredactie samen met een schare externe experts rond de tafel zitten om eens en voor altijd uit te maken: wat waren nu de 50 allerbeste platen van het afgelopen decennium? Van België tot Nieuw-Zeeland, van 17 tot 82 jaar, van folk met een inktzwarte rouwband over snedige rammelrock tot verheffende hiphop: het is mooi geweest. Tot over tien jaar!


50. Gorillaz – ‘Plastic Beach’ (2010)

Damon Albarn gaf in maart 2010 al een blauwdruk van hoe een popplaat het komende decennium zou klinken. Verschillende genres, ecologisch en politiek bewuste teksten, een karrenvracht aan features – zelfs Lou Reed komt hier opdraven – en dat alles verbonden door één specifieke sound. ‘If hooks could kill,’ zo stond destijds in Humo, ‘dan hadden wij u deze recensie moeten doorseinen vanuit het graf.’


49. Stromae – ‘Racine Carrée’ (2013)

Bart Peeters «Volgens mij herinnert iedereen zich wanneer ze voor het eerst ‘Formidable’ hebben gehoord. Ikzelf stond als een betoverd konijn te luisteren naar de radio in de supermarkt. ‘Racine Carrée’ is een totaalwerkje waaraan alles – artwork, look, videoclips – klopt. Het werd twéé jaar op rij de meestverkochte plaat in Frankrijk en Coldplay krijgt sindsdien niet genoeg van hem. Ik noemde Stromae onlangs de Eddy Merckx van de Belgische muziek. ‘Wrijf het er nog eens in,’ antwoordde hij. Tja, volg zo’n meesterwerk maar eens op.»


48. King Krule – ‘6 Feet Beneath the Moon’ (2013)

De hier nog heel jonge King Krule schrijft lijfliederen voor de rusteloze depressievelingen van vandaag en laat zich beïnvloeden door de artiesten van gisteren: Chet Baker, Gang Starr, Eddie Cochran en Ian Dury. ‘A Lizard State’ is een ode aan de no-wave van James Chance and the Contortions. ‘Easy Easy’ schreef hij op z’n 12de.


47. Idles – ‘Joy as an Act of Resistance’ (2018)

Vlammend speerpunt van een generatie jonge Britse en Ierse rockbands (Shame, Fontaines D.C., The Murder Capital) die zichzelf stukken minder ernstig nemen dan hun teksten. ‘Joy as an Act of Resistance’ is een punk- en groeiplaat die diepgang en humor koppelt aan agressie en obsceen veel goede hooks. All killer, weinig tot geen filler.


46. Connan Mockasin – ‘Forever Dolphin Love’ (2011)

Dankzij Mac DeMarco en Connan Mockasin – op YouTube staan beelden waarop ze elkaar een tong draaien – had deze generatie geen tekort aan vreemde doch geniale snuiters. Mock-asin brak in 2011 door met de uitzinnige en hoogst psychedelische popplaat ‘Forever Dolphin Love’. Radiohead, Beck, Beach House en Charlotte Gainsbourg zijn intussen fan. En u?


45. Kanye West – ‘Yeezus’ (2013)

Terwijl Kanye vrolijk zijn resterende verstand verliest, blikken wij met heimwee terug naar de vroege dagen van dit decennium, toen Yeezy écht het genie was dat hij in het diepst van zijn gedachten nog altijd mag zijn. ‘Yeezus’ werd na ‘My Beautiful Dark Twisted Fantasy’ zijn laatste classic, waarop hij soul inruilde voor soepmixers en drilboren. Maar uit dat krijsende lawaai (courtesy of Rick Rubin) schepte hij wél overlopende emmers rauwe schoonheid.


44. Lana Del Rey – ‘Born To Die’ (2012)

An Lemmens «Lana Del Rey is haar eigen genre: donker, filmisch en bijna melodramatisch. Ze creëert een soort hollywoodmystiek rond zichzelf, haar muziek en haar teksten: tegelijk melancholisch, sexy én toegankelijk. Iemand noemde haar ooit een one-trick pony. Kan zijn, maar het is wel een héél goed trucje.»


43. Savages – ‘Silence Yourself’ (2013)

Anno 2019 bulkt Londen van de postpunkbands (zie Idles) maar in 2013 stond Savages er nog alleen voor. Geen probleem: Savages maakte kabaal voor tien. Frontvrouw Jehnny Beth schreeuwt in haar microfoon zoals Siouxsie of Patti Smith, de overige bandleden mishandelen hun trommels en hun gitaren en op het eind weer-klinkt een gortige klarinetsolo. Gevaarlijk goedje.

'Scheurende gitaren, verdrietige pianonootjes en een gortige klarinet'


42. Björk – ‘Vulnicura’ (2015)

Het IJslandse elfje Björk heeft de respectvolle gewoonte om elk decennium minstens één klassieker uit te brengen: ‘Homogenic’ in de nineties, ‘Vespertine’ in de noughties en ‘Vulnicura’ in de tens. ‘Vulnicura’ is Björks break-upplaat. Ze staat niet voor niets op de hoes met een uitgerukt hart. Elk detail van de muziek, van de strijkers over de kreetjes tot de gewichtloze beats, ademt tristesse uit. Hou die doos Kleenex in de buurt.


41. Vampire Weekend – ‘Contra’ (2010)

Meewarig doen over perfecte pop: wij kennen dat. Het is niet omdat de tien nummers op Vampire Weekends tweede plaat ‘Contra’ even lekker weghappen als een volle zak M&M’s dat het de band aan fond ontbeert. De preppy afropunk van het debuut werd ingeruild voor grillig experiment en bizarre songstructuren: mogen wij Ezra en Rostam Batmanglij de Lennon & McCartney van heel even noemen? Te laat!


40. Kurt Vile – ‘Smoke Ring for my Halo’ (2011)

In 2005 richtten Adam Granduciel en Kurt Vile, respectievelijk een schilder en een heftruckchauffeur uit Philadelphia, een groepje op: The War on Drugs. De twee staan, weliswaar telkens op eigen houtje want Vile stortte zich vanaf 2008 op zijn soloproject, élk twee keer in deze top. ‘Smoke Ring for my Halo’ bracht de doorbraak voor Kurt Vile. Hypnotiserende gitaarlijntjes en verwarde maar doodeerlijke lyrics werden zijn handelsmerk. Een groots songwriter liet voor het eerst ten volle van zich horen.


39. Whitney – ‘Light upon the Lake’ (2016)

Uitdaging: luister naar single ‘No Woman’ en probeer dan eens uit te leggen waarom Whitney – een zevenkoppig indiegroepje uit Chicago – de wereld nog niet heeft veroverd. Ook ‘The Falls’ en ‘Golden Days’ zweven glorieus tussen Fleetwood Mac, Bon Iver en Pavement in. ‘Light Upon the Lake’ is één van de best bewaarde geheimen van dit decennium.


38. Mount Eerie – ‘A Crow Looked at Me’ (2017)

Toen Geneviève Castrée, zijn vrouw en moeder van zijn dochter, in 2016 stierf aan kanker, kon Phil Elverum niet langer muziek maken zoals hij dat al jaren had gedaan. ‘A Crow Looked at Me’ werd een dagboek van rouw en ontreddering, met als eerste regels: ‘Death is real / Someone’s there and then they’re not / And it’s not for singing about / It’s not for making into art’.


37. Billie Eilish – ‘When We All Fall Asleep, Where Do We Go?’ (2019)

Stijn Meuris «Was ze écht maar 17 toen ze dit opmerkelijke debuut uitbracht? Billie zingt met een gemak waar ze bij ‘The Voice’ nog een puntje aan kunnen zuigen. Bij deze plaat scoort ongeveer alles een tien. Beetje luguber van sound, beetje anti-van-alles, maar vooral erg authentieke tienerangst. Raakt miljoenen snaren tegelijkertijd, zo viel vorige zomer nog op Pukkelpop te zien.»


36. D’Angelo – ‘Black Messiah’ (2014)

Na veertien jaar roemloze afwezigheid – iets met heroïne, een celstraf en ander onheil – dropte D’Angelo zijn langverwachte derde plaat ‘Black Messiah’ zonder waarschuwing. Een zeldzame moderne rapplaat die gestut wordt door de rijke arrangementen en het detail van seventies-soulklassiekers als ‘There’s a Riot Goin’ On’ van Sly and the Family Stone en ‘What’s Going On’ van Marvin Gaye. D’Angelo is zoals de komeet van Halley: zichtbaar eens om de 75 jaar. Als het zover is: rép u!


35. The Black Keys – ‘Brothers’ (2010)

The Black Keys brachten de blues naar de 21ste eeuw met hun knallende rock-’n-rollplaat ‘Brothers’. Vijftien schoten, vijftien keer pal in de roos. Hoogtepunt ‘Tighten Up’ zal ons voor altijd doen terugdenken aan lauw bier en prille liefde tijdens die prachtzomer al die jaren geleden.


34. Parquet Courts – ‘Light up Gold’ (2012)

Parquet Courts zijn erfgenamen van de jaren 70 (de vroege postpunk), 80 (de doe-het-zelfethiek van het jonge Sonic Youth) en 90 (marihuana als gids door het leven), maar ‘Light Up Gold’ is van een redelijk tijdloze klasse. Vijftien laconieke maar catchy songs over wiet, te veel vrije tijd en kierewiete onzin allerhande.


33. Bill Callahan – ‘Apocalypse’ (2011)

Vier van de zeven songs van ‘Apocalypse’ stonden in oktober 2019 op de setlist in de AB. 1: ‘Drover’, over een veedrijver. 2: ‘America!’, over een Amerikaans leger met daarin de countrymuzikanten Kris Kristofferson, Mickey Newbury, George Jones en Johnny Cash, die overigens alle vier echt in het leger hebben gediend. 3: ‘One Fine Morning’, een droom over wegrijden in a country kind of silence. 4: ‘Riding for the Feeling’, dat als concertafsluiter plots ging over afscheid nemen van het publiek.

'To Pimp a Butterfly' is een hindernissenparcours dat we niet kunnen doorlopen zonder telkens gelukzalig op onze smoel te gaan'


32. Kendrick Lamar – ‘DAMN.’ (2017)

‘Good Kid, M.A.A.D. City’ en ‘To Pimp a Butterfly’ waren grootse conceptplaten. Met ‘DAMN.’, de plaat ná ‘To Pimp’, bewees Kendrick Lamar dat twee draaitafels en een microfoon ook wel volstaan. Veertien vlijmscherpe intentieverklaringen waarbij The Declaration of Independence verbleekt tot een laf kattebelletje.


31. Run The Jewels – ‘Run the Jewels 2’ (2014)

Killer Mike en El-P, twee van de beste rappers van het vorige decennium, piekten met hun explosieve tweede Run the Jewels-plaat. ‘Oh My Darling Don’t Cry’ is hun ontembare prijsbeest en op ‘Close Your Eyes (and Count to Fuck)’ raast Zack de la Rocha als vanouds tegen de Machine.


30. Tame Impala – ‘Lonerism’ (2012)

Raakten alle juryleden het erover eens wélke de ultieme plaat van Kevin Parker is, dan had hij de top 5 gekraakt. Maar dat luxeprobleem heb je wanneer je niet één, niet twee, maar dríé klasbakken hebt gefabriceerd in tien jaar tijd. De in nostalgie zwelgende grand cru-plaat ‘Lonerism’ katapulteerde Tame Impala naar de mainstream: opeens wilden popsterren als Mark Ronson, Lady Gaga en Travis Scott een stukje Parker-magie lenen.


29. Kurt Vile – ‘Wakin on a Pretty Daze’ (2013)

Om het geluid van deze plaat te omschrijven, haalde de Humo-recensent destijds de woorden ‘lui’, ‘gezapig’, ‘comateus’ en ‘valium’ boven. Maar ‘Wakin’ straalt ook opwinding en levensvreugde uit, en makkelijker om op mee te neuriën was Vile zelden. Tijdens ‘Wakin on a Pretty Daze’ is het altijd zomer.


28. Arctic Monkeys – ‘AM’ (2013)

Stijn Van de Voorde «Zolang er platen zoals ‘AM’ verschijnen, zal de gitaar nooit helemaal verdwijnen. ‘Do I Wanna Know’, ‘R U Mine’, ‘Arabella’, die songs zijn stuk voor stuk catchy, stijlvol en herkenbaar. Als Arctic Monkeys ergens optreden, dan wordt altijd dezelfde vraag gesteld: ‘Hebben ze veel uit ‘AM’ gespeeld?’»

'Zolang er platen zoals 'AM' verschijnen, zal de gitaar nooit verdwijnen'


27. Frank Ocean – ‘Channel Orange’ (2012)

Als er dit decennium één artiest zijn vrijheid gewonnen heeft, dan wel Frank Ocean: na zijn tijd bij Def Jam en z’n lucratieve deal met Apple werd hij een onafhankelijke artiest én de eerste openlijk homoseksuele superster in de r&b. ‘Channel Orange’ was het begin: een geile, weemoedige trip met de cabrio langs de stripclubs en luxevilla’s van L.A.


26. Beach House – ‘Teen Dream’ (2010)

Op ‘Teen Dream’ bliezen Victoria Legrand en Alex Scally definitief de lofi-mist weg die over hun eerste twee platen hing, en kozen ze resoluut voor popsongs. Voor glorieuze, warme, gelaagde liedjes die hun meteen een indiesupersterrenstatus opleverden en – belangrijker – Beach House synoniem maakten voor milde euforie en glinsterende tristesse, vaak in dezelfde song, dezelfde strofe, dezelfde noot.


25. Feist – ‘Metals’ (2011)

De Canadese liedschrijfster Leslie Feist volgde haar doorbraakplaat ‘The Reminder’ – u herinnert zich ‘1, 2, 3, 4’ nog van de iPod-spotjes – op met het nukkige en desolate ‘Metals’. Het beste refrein: ‘Graveyard’. De toepasselijkste songtitel: ‘Bittersweet Melodies’.


24. Vampire Weekend – ‘Modern Vampires Of The City’ (2013)

Johannes Genard (School Is Cool) «De best geproducete plaat aller tijden. Multi-instrumentalist Rostam Batmanglij is het genie dat hoogstaande vocals naast goedkope laptop-opnames liet passen. Gooi daar nog de beste lyrics bij – literair en introspectief – en je bekomt mijn favoriete plaat van het decennium. Nooit eerder klonk muziek zo rijk en complex.»


23. Kendrick Lamar – ‘good kid, m.A.A.d city’ (2012)

In 2018 kreeg Lamar voor ‘DAMN.’ de Pulitzerprijs: hij had ’m hier al mogen krijgen. De m.a.a.d city is het door bendegeweld en gangstarap berucht geworden Compton, de good kid is Kendrick Lamar, die bloednuchter blijft in een wereld van zwembaden vol drank en hotelkamers vol xanax en paddo’s.


22. Courtney Barnett – ‘Sometimes I Sit and Think, and Sometimes I Just Sit’ (2015)

De Australische singer-songwriter Courtney Barnett rockt en rammelt als Kurt Cobain en schrijft teksten als – durven we? – Bob Dylan. Barnett vindt op haar debuutplaat poëzie en romantiek in de meest alledaagse zaken, zoals een huizenjacht (‘Depreston’), slapeloosheid (‘An Illustration of Loneliness’) en organische groenten (‘Dead Fox’).


21. Low – ‘Double Negative’ (2018)

Ayco Duyster «Low, de groep rond het koppel Alan Sparhawk en Mimi Parker, bracht z’n eerste plaat uit in 1994. Ik had niet gedacht dat ze me na al die jaren nog zó zouden kunnen verrassen. ‘Waar zijn de liedjes?’ dacht ik na de eerste beluistering van ‘Double Negative’. Low heeft er het experiment met elektronica en noise verder dan ooit doorgedreven. Maar als je eenmaal door die eerste laag heen bent, bots je op een schat van een plaat.»


20. The War On Drugs – ‘A Deeper Understanding’ (2017)

De enige echt geslaagde war on drugs is de groep met die naam. Plaat vier – ‘A Deeper Understanding’ – is een zo goed als perfect werkstuk. Het bastaardneefje van ‘On the Beach’ van Neil Young, met lange, langoureuze nummers vol sfeer en nog meer sfeer. Muzikale alchemie voor gevorderden. Een lekker warme jas tegen de winterkou.


19. Leonard Cohen – ‘You Want It Darker’ (2016)

Een pijnlijk goeie plaat maken als je kraakt van de kanker en je weet dat je tijd op aarde niet kort maar krimpt: het is alleen de allergrootsten gegeven. Bowie deed het, maar ook Cohen maakte van zijn laatste plaat bij leven – hij was toen 82 – een monument dat zijn dood zal overleven. De titelsong vat het samen: ‘If you are the dealer, I’m out of the game’. Cohen was klaar om te gaan. In zijn rugzak: een carrière van vijftig jaar en herinneringen aan zovele liefdes. En dit galmende eindsalvo.


18. Nick Cave – ‘Push the Sky Away’ (2013)

Nick Cave doet tegenwoordig aan mindfulness. Die opmerkelijke curve begon met ‘Push the Sky Away’, een plaat zoals Nick er tot dan nog geen had gemaakt. Drijvend op serene percussie en precieze gitaren en níét op het betere schreeuwwerk. ‘Jubilee Street’ en ‘Higgs Boson Blues’ zijn de klassiekers van dienst. Met deze plaat bewees Nick wat we al langer wisten: dat hij in dezelfde competitie speelt als Dylan en Leonard Cohen.


17. James Blake – ‘James Blake’ (2011)

‘Vier sterren, een veelvoud aan supernova’s: James Blake heeft een perfect debuut afgeleverd,’ zo schreef Onze Man in 2011. Blake laat verdrietige piano-nootjes dansen met een verpulverende bromtoon in zijn versie van Feists ‘Limit to Your Love’. Z’n synths doen ‘The Wilhelm Scream’ traag overkoken. En ‘I Never Learnt to Share’ is tristesse met een scheut autotune.


16. Solange – ‘A Seat at the Table’ (2016)

‘I got a lot to be mad about’, zingt Solange Knowles, maar ze heeft ook geleerd om op tijd weg te kijken en op haar werk te focussen. Solange klinkt als een politiek geëngageerde Aaliyah, komt met een lichtvoetige variant op ‘Baduizm’ van Erykah Badu, en doet soms denken aan Sade Adu. De interludia vervloeien mooi in de songs, en ‘A Seat’ blijft tot het eind boeien, dankzij André 3000 in het zwoele ‘Junie’, de spontane harmonieën van Kelela in ‘Scales’ en de blazers in ‘The Chosen Ones’.


15. Radiohead – ‘A Moon Shaped Pool’ (2016)

‘A Moon Shaped Pool’ was voor Thom Yorke een troost na zijn scheiding, voor gitarist Jonny Greenwood een leeg canvas om ideeën die hij had opgedaan als filmcomponist (‘There Will Be Blood’, ‘Inherent Vice’) uit te testen en voor alle Radiohead-stans de plaat waarop ein-de-lijk ‘True Love Waits’ staat: die song werd voor het eerst gespeeld tijdens een concert in 1995! ‘A Moon Shaped Pool’ laat zich het best beluisteren in z’n geheel als een dagdroom, beangstigend (‘Burn the Witch’) en euforisch (‘Present Tense’).


14. Big Thief – ‘U.F.O.F.’ (2019)

Big Thief, vier lieverds uit Brooklyn, maken muziek zo mooi dat het nauwelijks in woorden valt uit te drukken. De titelsong doet ergens denken aan ‘Subterranean Homesick Alien’ uit Radioheads ‘OK Computer’, in kwaliteit én in het gedeelde verlangen om te worden meegenomen door buitenaardse wezens, omdat je je tussen de mensen toch al een alien voelt.


13. Daft Punk – ‘Random Access Memories’ (2013)

Bert Ostyn (Absynthe Minded) «Daft Punk had niets meer te bewijzen en deed dat toch met deze wonderlijke popplaat. De productie refereert aan de hoogdagen van de jaren 70 en 80 en de gastmuzikanten – Nile Rodgers! Pharrell Williams! – schitteren. ‘Get Lucky’ is de wereldhit, ‘Lose Yourself to Dance’ is misschien nog beter. ‘Giorgio by Moroder’, met de enige echte Giorgio Moroder, is mijn favoriet: die track begint als oerdegelijke Daft Punk, maar wordt overgenomen door monsterlijke progrock.»


12. Beyoncé – ‘Lemonade’ (2016)

Zoek niet verder, u hebt de popplaat van het decennium gevonden! Beyoncé schakelt de hulp in van indiehelden als Jack White, Vampire Weekend en James Blake om een weergaloze en bijzonder openhartige plaat te maken. ‘Uh, this is your final warning / If you try this shit again / You gon lose your wife,’ zingt ze boven de oppermachtige drums uit Led Zeppelins ‘When the Levee Breaks’. Jawel, Jay-Z bedroog Beyoncé en iedereen mocht het weten. Maar Beyoncé voelt zich niet alleen door haar man vernederd. ‘The most disrepected person in America is the black woman,’ schreeuwt Malcolm X tijdens ‘Don’t Hurt Yourself’. Beyoncé gaat de pijn niet uit de weg, maar focust bovenal op de genezing, om op het einde te zegevieren met het allesvernietigende ‘Formation’.


11. PJ Harvey – ‘Let England Shake’ (2011)

Bij PJ Harvey betekent een nieuwe plaat per definitie een nieuwe gedaante. ‘Let England Shake’ is een bespiegeling op de Eerste Wereldoorlog en tegelijk een angstvisioen voor onze tijd. Wie de geschiedenis niet kent, is tenslotte geneigd haar te herhalen, nietwaar? ‘Let England Shake’ is verstild én gepassioneerd. Archaïsche instrumenten als klavecimbel en luit gaan hand in hand met de Fender Jazzmaster en reggaesamples. Het is de beste plaat die Polly Harvey al heeft gemaakt.


10. Kanye West – ‘My Beautiful Dark Twisted Fantasy’ (2010)

Tom Van Laere (Admiral Freebee) «Ik verbleef in Spanje om liedjes te schrijven toen ik een groepje hippies leerde kennen. Ik werd onbedoeld zanger én chauffeur van hun collectief. Mijn huurauto had enkel een cd-speler, en aangezien ik zelf geen albums had meegebracht, hebben we constant de cd van één van die hippies opgezet. U raadt het al: dat was ‘My Beautiful Dark Twisted Fantasy’. Ik vond hem na elke luisterbeurt beter. Mijn favoriete song: ‘Runaway’, een glorieuze track waarin Kanye West een toast uitbrengt voor alle losers. Episch en eerlijk, zo heb ik mijn muziek het liefst.»


9. Tame Impala – ‘Currents’ (2015)

Synths, milde disco, zwoele softrock, voorzien van een galmend, weelderig en altijd indrukwekkend geluid, zowel live als op plaat. De meest poppy en tegelijk meest persoonlijke plaat van Kevin Parker, die hier alles inspeelde, mixte en producete. ‘Currents’ is een break-upplaat over de noodzaak van verandering. En een groeiplaat: na elke beluistering zak je dieper weg in de wufte melodieën.


8. Sufjan Stevens – ‘Carrie & Lowell’ (2015)

Toen zijn moeder Carrie in 2012 stierf, rouwde Sufjan Stevens op de enige manier die hij kende: door liedjes te schrijven. Haar dood maakte een stroom herinneringen los aan zijn verslaafde, schizofrene en grotendeels afwezige moeder, die een spoor van stille verwoesting door zijn leven trok. Het jaar waarin Stevens ‘Carrie & Lowell’ opnam, omschreef hij later als ‘complete duisternis’. Ongenadig mooi, puur en weerloos: zelden kregen we zo’n directe inkijk in de gedeukte ziel van een artiest.


7. Arcade Fire – ‘The Suburbs’ (2010)

De spanning tussen het weelderig georkestreerde oppervlak en de weemoedige onderstroom van ‘The Suburbs’ heeft negen jaar later nog niets aan intensiteit ingeboet. Win Butler neemt ons mee naar zijn jeugd in de voorstad. Hij laat ons de geborgenheid voelen, én de claustrofobie. ‘In my dream I was almost there / Then you pulled me aside and said: you’re going nowhere’, klinkt het in ‘Modern Man’. Maar kijk: ‘The Suburbs’ was die wonderlijke outsider die in 2011 een Grammy Award won, en in de jaren die volgden zou Arcade Fire heersen over ’s werelds main stages.


6. Frank Ocean – ‘Blonde’ (2016)

Frank Ocean is dé artiest van het decennium. Zijn muziek voelt zich thuis in hiphop, pop én r&b, en is stiekem geen van alle. Zijn seksualiteit is die van de regenboog, zijn creativiteit vrijwel onbegrensd. Na ‘Channel Orange’ leek het onmogelijk met iets te komen dat nog straffer was, maar op ‘Blonde’ werd de producer pas echt zijn eigen genre.


5. Bon Iver – ‘Bon Iver, Bon Iver’ (2011)

Een plaat naar jezelf vernoemen geeft weinig blijk van bescheidenheid, maar dat is in dit geval ook niet nodig. Het tweede album van Justin Vernon bevestigde al het goeds dat zijn debuut ‘For Emma, Forever Ago’ al beloofde, maar dan beter. En anders, want de spartaanse soberheid van zijn debuut wordt aangevuld door een veelheid van klanken. Het ijle ‘Holocene’ is nog een oefening in spaarzaamheid, op andere nummers wordt voluit gegaan, tot en met scheurende gitaren, in talloze sferen. Het is een teken van zijn gigantische talent: de man is niet voor één gat te vangen. Hij is voor geen énkel gat te vangen.


4. David Bowie – ‘Blackstar’ (2016)

David Bowie loste twee dagen voor zijn geplande dood een soundtrack waarvoor geldt: zo mooi had niet gemoeten. De titeltrack met sputterende sax klapt ontroerend open: ‘Something happened on the day he died / Spirit rose a metre then stepped aside’. Tweede keer kippenvel bij ‘Lazarus’: ‘Look up here, I’m in heaven / I’ve got scars that can’t be seen / I’ve got drama, can’t be stolen / Everybody knows me now’, en dan moet die bas in de stijl van The Cure nog komen. Om het moment te vatten waarop ‘Dollar Days’ (‘I’m dying to… I’m trying to…’) overgaat in ‘I Can’t Give Everything Away’ moeten we iets uit Bowies bloedeigen ‘Starman’ lenen: ‘That weren’t no D.J. / That was hazy cosmic jive’. Dank u hartelijk!


3. Nick Cave – ‘Skeleton Tree’ (2016)

De zestiende van Nick Cave, zijn donkerste en – in acht genomen dat hij de plaat schreef en opnam na de dood van zijn zoon, dat alles hier extréém persoonlijk is en dus moeilijk vergeleken kan worden met zijn andere platen – mogelijk zijn allerbeste. ‘Skeleton Tree’ is, in al zijn karigheid en sereniteit, een mokerslag in de duisternis. Een gedeeld trauma, een verslag uit het vagevuur, de meesterproef van een singer-songwriter die steeds beter wordt. Het is een hele opdracht om deze plaat tot het einde uit te zitten, maar de beloning is vele malen groter dan de inspanning. Wie achteraf nog droge ogen heeft, moet zijn oren laten nakijken.


2. The War On Drugs – ‘Lost in the Dream’ (2014)

Roos Van Acker «Het is nacht en ik moet nog honderd kilometer: dan zet ik ‘Lost in the Dream’ loeihard op. Ik heb net een zware theatertournee achter de rug en ik heb élke avond, hoe goed of slecht alles ook was verlopen, naar deze plaat gegrepen. Ik was er meteen verliefd op. Van ‘Under the Pressure’ over ‘Red Eyes’ tot ‘In Reverse’, de plaat sleurt me telkens mee naar dromenland. Die gasten doen me zweven.»


1. Kendrick Lamar – ‘To Pimp a Butterfly’ (2015)

Als historici terugkijken op dit decennium, dan zeggen ze met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid: ‘Brbl, brbl, help, wij zinken!’ Maar ook: ‘De beste plaat van de jaren 10 was het onsterfelijke ‘To Pimp a Butterfly’ van de grote poëet Kendrick Lamar.’ Geen enkele andere plaat wist zó de tijdgeest te vatten (‘Alright’ was hét anthem van #BlackLivesMatter) en zoveel talent naast zoveel ambitie te zetten: zomaar even 78 minuten – experimenteel én sexy – voor tweehonderd jaar Afro-Amerikaanse muziekgeschiedenis. Van de spirituele jazz van John Coltrane over de funk van George Clinton tot de blues – ontroerend, wild, kwaad – die in elke flard verhaal vervlochten zit. ‘To Pimp a Butterfly’ is een hindernissenparcours dat we vijf jaar na datum nog altijd niet kunnen doorlopen zonder telkens gelukzalig op onze smoel te gaan.

Gekozen door: An Lemmens, Ayco Duyster, Bart Peeters, Bert Ostyn, blackwave., Brutus, Chantal Acda, Douglas Firs, Eppo Janssen, Fleddy Melculy, Jelle Denturck (Dirk), Jente Pironet (Portland), Johannes Genard, Joost Zweegers (Novastar), Kurt Overbergh, Mattias De Craene (MDCIII, Nordmann), Noémie Wolfs, Pieter-Paul Devos (Raketkanon), Quinten Vermaelen (The Calicos), Reena Riot, Roos Van Acker, Selah Sue, Simon Casier (Balthazar), Slongs, Sons, Stijn Meuris, Stijn Van de Voorde, Stuff., SX, Tamara Van Hul (Caroline Records), Tessa Dixson, The Antler King, Thibault Christiaensen (Equal Idiots), Tim Vanhamel, Tom Van Laere, Tristan, Whispering Sons, (fj), (fvd), (gvn), (hs), (jmi), (jub), (mc), (ss), (vc) en (vvp).



Extra op humo.be: de beste songs van het decennium, gekozen door de Humo-lezers.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234