null Beeld

Dossier donorkinderen (3): Agathe & Arthur, verliefd, verloofd, verwant?

Ze lijken voor elkaar gemaakt, Agathe en Arthur, een prachtige Parisienne en haar beau mâle. Ze zijn ook tot over hun oren verliefd. Alleen, ze werden allebei verwekt in een Parijse spermabank en hebben misschien wel dezelfde biologische vader. Is het wijs om in die omstandigheden aan kinderen te beginnen?

Agathe is niet haar echte naam. Ze is advocate en kan het tegenover haar clientèle niet maken om al te opzichtig op de barricades te klimmen, zegt ze. Maar dat neemt niet weg dat ze haar zaak voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens gaat bepleiten: ze moet en zal te weten komen wie haar biologische vader is. De Franse wet, die spermadonoren anonimiteit garandeert, houdt haar niet tegen.

'Je kunt niet uitsluiten dat we misschien halfbroer en -zus zijn. Maar we nemen het risico. Wij willen kinderen'

Haar vriend, Arthur Kermalvezen, spreekt onder zijn nom de plume. Met zijn boek ‘Né de spermatozoïde inconnu’ doorbrak hij vijf jaar geleden het taboe: hij beschreef tot in de meest intieme details de slopende zoektocht naar zijn donor en gaf daarna ook acte de présence in de grootste Franse talkshows. Maar ook hij slaagde uiteindelijk niet in zijn opzet: de identiteit van zijn donor bleef een goed bewaard geheim van de Franse staat.

Arthur en Agathe hebben echter wel gevonden wat ze níét zochten: elkaar.

Agathe «Ik heb pas op mijn negenentwintigste vernomen dat ik een donorkind was. Als advocate was ik gespecialiseerd in bio-ethiek, dus ik kende de kwestie – ik had er zelfs al met mijn ouders over gepraat. Maar die hebben nooit iets gelost, tot mijn broer en ik naar hun gevoel oud genoeg waren om niet door het nieuws te worden omvergeblazen.

»In het begin was ik boos op mijn ouders. Waarom in hemelsnaam hadden ze dergelijke belangrijke informatie zo lang voor zich gehouden? Maar ik begreep al snel dat ik hen niet met de vinger moest wijzen: in Frankrijk is alles erop gericht opdat een donorkind niet te weten zou komen hoe het is verwekt. In de wet staat dat dokters geen spoor mogen achterlaten. Ze geven de wensouders de wenk te zwijgen en kiezen voor een donor die zo veel mogelijk op de biologische vader lijkt: zelfde huidskleur, zelfde kleur van ogen en haar, zelfde taille, zelfde bloedgroep. Niemand mag wat merken.

»In die verwarrende periode heb ik Arthurs boek gelezen. Hij heeft een andere achtergrond dan ik: zijn zussen en hij zijn van jongs af aan van de situatie op de hoogte gebracht. Maar we hebben allebei een gelukkige jeugd gehad, met zorgzame en liefhebbende ouders. En we willen allebei absoluut onze biologische vaders kennen.»

Arthur «Mijn ouders hebben het verteld zodra ze konden. Op vijfjarige leeftijd vroeg ik me dus al af: ‘Wie is die vriendelijke man die zijn zaadjes zo vrijgevig afstaat?’ Als er thuis een feestje met een ander koppel was, vroeg ik me af: ‘Is hij het misschien?’ Mijn hele jeugd heb ik tevergeefs gewacht. Op mijn achttiende verjaardag zei ik tegen mijn vader: ‘Nu wil ik het weten.’ Maar hij wist het ook niet, zei hij. Terwijl ik ervan overtuigd was dat mijn ouders een medisch dossier hadden.»

Agathe «De oudste zus van Arthur heeft me ooit gezegd: ‘Ik ben jaloers dat jij het pas op je negenentwintigste hebt vernomen. Jij hebt al die jaren nog op een normale manier kunnen leven.’ Ze vroeg zich af of ik zo goed zou hebben kunnen studeren als ik alles meteen had geweten.»

Arthur «Ons heeft het in de weg gezeten.»

Agathe «Terwijl ik net jaloers was op Arthur: zijn ouders hadden tenminste niet gelogen. (Zucht) Arthur en ik raken het er niet over eens wat het beste is voor een kind: het weten of niet? Ik denk dat je het hoe dan ook moet weten.»

Arthur «Ik denk van niet.»

'Waarom wil men onder geen beding vertellen wie mijn donor is? Ik begin het stilaan te vermoeden: de stalen werden aangeleverd door de zwaarste criminelen uit de nabijgelegen gevangenis' Arthur


Coup de foudre

HUMO Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?

Agathe «Nadat ik had vernomen dat ik een donorkind was, heb ik contact gezocht met PAM (Procréation Médicalement Anonyme, red.), de vereniging van Arthur. Ik was kwaad omdat ze me in het fertiliteitscentrum waar ik was verwekt wandelen hadden

gestuurd met mijn verzoek om meer informatie over mijn donor. Ik kon die boosheid ook staven: de wetgeving van het Europees Hof zegt dat je het recht hebt je afkomst te kennen. Misschien had PAM daar wel oren naar? In het begin vreesde ik wel een beetje dat het een clubje van conservatieven zou zijn, gekant tegen elke vorm van artificiële inseminatie. Gelukkig bleek dat niet het geval: de vereniging was erg open-minded. En aan het einde van de vergadering kwam Arthur me achterna.»

Arthur «Ik geloof niet dat het gerecht de dingen kan veranderen: anders zouden wij, donorkinderen, ons niet in onze huidige, rechteloze toestand bevinden. Maar Agathe had met haar fraai geformuleerde juridische argumenten wel iets in me losgemaakt. En dus liep ik haar – niet voor het laatst – achterna: ‘Misschien moeten we samen naar de media stappen?’»

Agathe «Daar was ik nog niet klaar voor. Maar we hebben wel snel een flash gehad.»

Arthur «Een coup de foudre.»

Agathe «Maar we hadden allebei nog een ander.»

HUMO Hebben jullie ook getwijfeld omdat jullie allebei donorkinderen waren?

Agathe «We hebben ons een hele poos beperkt tot een platonische relatie, omdat we bang waren. Mijn moeder had Arthur op televisie gezien. ‘Hij lijkt op je broer,’ zei ze toen.»

Arthur «Ze noemt me soms ook Pierre, zoals haar broer (lacht).»

Agathe «Arthur heeft niet dezelfde bloedgroep als ik. Dat is alvast één element dat erop kan wijzen dat we geen bloedverwanten zijn. En we zijn niet afkomstig van dezelfde spermabank, we komen elk van één van de twee oorspronkelijke spermabanken in Parijs, Kremlin-Bicêtre en Necker-Enfants Malades. Maar je had ook mannen die bij beide instellingen doneerden.»

Arthur «Je kunt niet uitsluiten dat we halfbroer en -zus zijn. We weten het niet.»

Agathe «Genetische tests zijn verboden in Frankrijk. En: ze zijn niet voor 100 procent betrouwbaar.»

HUMO Was het een risico om voor elkaar te kiezen?

Agathe «Toen ik Arthur ontmoette, wist ik dat hij de man van mijn leven was. Hij is niet meer uit mijn hoofd en mijn hart verdwenen – ik had geen keuze.»

Arthur «Dat herken ik (lacht).»

Agathe «We waren onmiddellijk zo close dat ik soms nog bang ben dat het ergens anders aan ligt. Une proximité génétique? We zouden nu graag kinderen nemen. Maar dat is niet eenvoudig als je geen zekerheid hebt. Ook zwanger worden is niet makkelijk als je jezelf te veel vragen stelt. Je dreigt psychologisch te blokkeren.»


Supermasturbateur

HUMO Arthur, jij hebt veel onderzoek verricht naar de whereabouts van je donor. Maar toen je heel dichtbij leek te komen, werd je bang.

Arthur «Ik was bang dat mijn grootste angsten bewaarheid zouden worden – ik ben ook maar een mens.»

Agathe «Wij zijn op zoek naar menselijkheid, ook al zijn we verwekt in een medisch lab: in een ontsmette omgeving hebben ze minstens tien kinderen gemaakt met hetzelfde spermastaal.»

Arthur «Volkomen legaal, overigens.»

Agathe «De donor moest in principe al vader zijn van minstens één kind. Dus we hebben zeker tien halfbroers en -zussen rondlopen. Maar net zo goed kunnen het er duizenden zijn.

»Er is een op ware feiten gebaseerde roman over een Parijse donor, ‘Le donneur’ van Guy des Cars, waarin een man beschrijft hoe hij elke weekdag, inclusief zaterdag, doneert – twintig jaar lang. Volgens zijn berekeningen heeft hij meer dan 4.723 kinderen op de wereld gezet. Hij beschrijft ook hoe in ‘de keuken van de voortplanting’ op een bepaald moment verschillende stalen worden gemengd. In de wet van ’94 is dat expliciet verboden. Waarom? Omdat het gebeurde.

»Ik heb in die ‘keuken van de voortplanting’, te midden van al mijn halfbroers en -zussen, behoefte aan eigenheid. Menselijkheid. Identiteit. En dat verkrijg je alleen via een gezicht. Mijn verwekker is een mens, geen ingevroren staal.

»Sinds mijn ouders me de waarheid hebben verteld, heb ik het gevoel dat ik in een sas leef. De deur van mijn vader staat nog altijd wijd open, de deur van mijn verwekker blijft op slot. Dat drukt op mijn gemoed. Het is zoals bij een rouwproces: als je een dode niet hebt gezien, kun je zijn dood niet bevatten. Het blijft abstract.»

Arthur «Mijn moeder snapte niet dat ik mijn donor zocht. ‘Je hebt toch al een vader?’ zei ze. Ik was geschokt. Ik zei: ‘Ik zoek mijn verwekker.’»

HUMO Het is een moeilijk onderscheid.

Arthur «Voor buitenstaanders.»

Agathe «Voor ons is het heel makkelijk.»

Arthur «Onze tegenstanders maken van de verwarring gebruik om te beweren dat wij onze vader zoeken.»

Agathe «Of ze zeggen dat wij biologische fanatici zijn. Maar wij willen een gezicht, geen DNA.»

HUMO Welk beeld heb je van je donor?

Arthur «Het kan iedereen zijn die enigszins op mijn vader lijkt: bruine haren, bruine ogen, blanke huid, geestig, intelligent, nogal klein van gestalte. Hij heeft met andere woorden duizenden gezichten, maar ik zou willen dat hij er één had. Ik zoek nog altijd.

»Ce n’est pas un supermasturbateur. Het is een man die een relatie is begonnen, één of meerdere kinderen heeft verwekt en op een dag zijn sperma heeft afgestaan. Een méns.»

HUMO En wat als je biologische vader zo’n man blijkt die twintig jaar lang elke weekdag heeft gedoneerd?

Arthur «Dat zou een ontgoocheling zijn, maar daarna zou ik mijn verantwoordelijkheid opnemen en een lijst opmaken van de 4.000 kinderen die hij heeft verwekt, opdat zij geen kinderen met elkaar zouden maken. En ervoor zorgen dat zoiets nooit meer gebeurt. Degenen die er een zootje van gemaakt hebben, moeten eruit.»

HUMO Wie heeft er een zootje van gemaakt: de gekke donor of de dokter?

Agathe «De dokter.»

Arthur «De donor én de dokter.»

HUMO In België zou het ook perfect kunnen: er is amper controle.

Arthur «Zoals in Frankrijk.»

Agathe «Voor ’94 was er geen enkele wet: iedereen deed maar wat. De tweede man van Kremlin-Bicêtre, de spermabank van Arthur, heeft toegegeven dat een topgangster – naar alle waarschijnlijkheid Jacques Mesrine (een beruchte Franse zware crimineel, red.) – heeft gedoneerd voor de inseminatie van zijn vriendin. Zo is zij tijdens zijn gevangenschap bevallen van een kind – seks in de gevangenis was niet toegestaan. Later wilden veel gevangenen een kind op die manier. En de minister van Justitie is op die wens ingegaan: hij heeft verordonneerd dat gevangenen met een kinderwens zo dicht mogelijk bij Kremlin-Bicêtre moesten worden opgesloten.

»De vraag is: wat is er met het overschot van hun zaad gebeurd? Van de topgangster is bekend dat hij drie ejaculaten heeft afgeleverd, vijfenveertig stalen, en zijn vrouw was al na negen pogingen zwanger. Waar is de rest naartoe?»

Arthur «Kremlin-Bicêtre (ondertussen gesloten, red.) bevond zich niet ver van de gevangenis van Fleury-Mérogis.»

Agathe «Twintig minuutjes met de auto.»

Arthur «Waarom wil men onder geen beding vertellen wie mijn donor is? Ik begin het stilaan te vermoeden: de stalen van Kremlin-Bicêtre werden aangeleverd vanuit het quartier de haute sécurité. Waarom anders zo hardnekkig weigeren? Daar móét toch een reden voor zijn?»

Agathe «Indertijd was vasectomie verboden in Frankrijk. Het kon alleen als je in ruil zaad afstond voor kunstmatige inseminatie. Met de gevangenen zullen ze vast hetzelfde hebben afgesproken: inseminatie van hun vriendin in ruil voor donatie. Is al dat extra zaad uit de gevangenis naar de spermabank van Arthur gegaan?

'De medestichter van de kliniek waar ik verwekt ben, spiegelde zich aan zijn vader – een veearts die erin geslaagd was om duizend koeien ter wereld te brengen met één ejaculaat van een stier' Agathe

»Er is overigens nog een categorie donoren die door veel mensen vergeten wordt: dokters. Daarmee bedoel ik: studenten geneeskunde en gediplomeerde dokters die bij een spermabank werken. De tweede man van de spermabank van Kremlin-Bicêtre heeft bekend dat hij zelf doneerde. Gelukkig lijkt hij niet op Arthur.»

Arthur «Vind je (lacht)?»


Doos van Pandora

HUMO In Engeland heb je ook zo’n dokter: veertig jaar lang heeft die zijn eigen sperma geïnsemineerd.

Agathe «Ja, Bertold Wiesner. Die man heeft minstens 600 kinderen op de wereld gezet.

»Ik ben in een totaal andere spermabank verwekt: Necker-Enfants Malades (bestaat ook niet meer, red.). De vrouw van één van de medestichters heeft in de jaren 70 een thesis geschreven over de typologie van de donoren van Necker. Daarin stond letterlijk te lezen: ‘De donoren zijn geselecteerd op hun fysieke en morele kwaliteiten, superieur aan wat je normaal van een echtgenoot mag verwachten.’ Wat wil dat zeggen?

»Ik heb de vragenlijsten gezien waarmee ze naar de medische voorgeschiedenis van donoren peilden. Daarin werd ook gevraagd of ze al pogingen tot zelfdoding hadden ondernomen, in het leger hadden gediend of met abortus te maken hadden gehad. Vreemde vragen. De selectie leek heel sterk op wat gangbaar was in de Lebensborn-klinieken van de nazi’s, die gericht waren op de verbetering van het ras. Je wordt onpasselijk als je de conclusie van die thesis leest. Wacht even... (Haalt de thesis uit de kast en citeert) ‘Aan het eind van dit onderzoek blijft er één vraag over: moet kunstmatige inseminatie met donorzaad worden gebruikt om het menselijke ras te verbeteren? Bij de dieren heeft de selectie van réproducteurs het ras er aanzienlijk op laten vooruitgaan – bijvoorbeeld: een koe meer melk laten produceren. Bij de mens kan de selectie op twee niveaus gebeuren: bij de donor en bij het geïnsemineerde koppel. Voor sommigen lijkt de verbetering van het ras wenselijk, voor de meesten is het idee om mensen als vee te selecteren een aanslag op eerbiedwaardige gevoelens. Maar misschien zijn dat vooroordelen? (….) In elk geval: het komt niet de dokter, maar wel het collectief toe om zich uit te spreken voor stagnatie, ja zelfs genetisch verval, of voor onbestemde vooruitgang.’ Enzovoort, enzovoort. Door zulke fijne lui ben ik in het leven geroepen.»

HUMO Het tegengestelde van een spermabank voor criminelen?

Agathe «De twee spermabanken waren concurrenten. Michel Jondet, medestichter van Necker en echtgenoot van de vrouw die het bovenstaande schreef, spiegelde zich aan zijn vader. Vader Jondet, een veearts, was erin geslaagd om duizend koeien ter wereld te brengen met één ejaculaat van een stier. Daar sprak Michel Jondet zelf met grote bewondering over. Het vreemde is: alle mij bekende mensen uit Necker hebben dezelfde – erg zeldzame – bloedgroep, A-negatief. We hebben ook allemaal dezelfde golvende bruine haren en groene ogen. We zijn slank. Hebben ze voor ons allemaal één en dezelfde donor gebruikt?»

HUMO Zoals bij de koeien?

Arthur «Voilà.»

Agathe «Jondet zal het niet zeggen. (Zwijgt) Tussen Kremlin en Necker woedde indertijd een grote concurrentieslag. De succesratio van Necker was aanzienlijk hoger dan die van Kremlin. De top van Kremlin beschuldigde de top van Necker ervan de cijfers te manipuleren, maar ik denk dat de donor gewoon altijd dezelfde was.»

Arthur «Een bijzonder vruchtbare man met erg mobiele spermatozoïden die bestand waren tegen invriezing.»

Agathe «Ik heb een broer die drie jaar ouder is dan ik, geboren in 1976. We hebben dezelfde bloedgroep, die niet van onze moeder afkomstig is. Mensen zeggen dat we erg op elkaar lijken. (Neemt er een foto bij) Wat denk jij?»

HUMO Een mooie man. Je zou kunnen zeggen: ‘Wat is het probleem?’

Arthur «Dat zegt iedereen (lacht). Maar haar broer lijkt ook op mij. Als ik hem zie, denk ik: ‘Zouden we misschien…?’ Je weet het nooit. En dat is bijzonder vermoeiend.»

Agathe «Wat me ook bezighoudt is dat sommige ziekten genetisch worden doorgegeven. Voor mij zou het extreem belangrijk kunnen zijn om te weten wat mijn antecedenten zijn. Maar ik krijg geen antwoord.»

HUMO Waarover heb je het precies?

Agathe «Ik heb een paar jaar geleden kanker gehad, en men vermoedt nu dat er nog een genetisch bepaalde kanker in mijn lichaam sluimert. Er bestaat een test om na te gaan of je misschien drager van die genetische mutatie bent, maar vóór je die test kunt ondergaan, moest je vragen beantwoorden over kankers aan moeders- en vaderszijde. De kankers aan moederszijde kende ik heel precies. Over de kankers aan vaderszijde kon ik niets meer zeggen dan: ‘Ik ben een donorkind.’ – ‘Oké,’ zeiden ze, ‘geen kankers aan vaderszijde.’ En voor een test heb je minstens drie kankers in de familie nodig. Dus: geen test voor mij.»

HUMO Je hebt in Frankrijk ook voor de Raad van State bakzeil gehaald met de eis om je donor te kennen. Nu trek je naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Moet je daar eerst een uitspraak hebben voor je aan kinderen begint?

Agathe «Het Hof zal ten vroegste in 2020 een uitspraak doen. Ik ben nu drieëndertig. Over tien jaar ben ik te oud om nog aan kinderen te beginnen.»

HUMO Wat ga je doen?

Arthur «Er zijn drie mogelijkheden. Het risico nemen. Wachten. Of in het buitenland gaan wonen om te vergeten.»

Agathe «Vergeten lost niks op. Wachten ook niet. Nee, we willen graag kinderen.»

Arthur «We nemen het risico.»

HUMO Het blijft vreemd dat de dokters jullie niet op zijn minst uit de onzekerheid halen.

Arthur «Fertiliteitscentra worden al veertig jaar lang door geen enkel onafhankelijk organisme gecontroleerd. Al veertig jaar doen ze wat ze willen, slaan ze zichzelf op de borst, betalen ze zichzelf. Ze willen niet dat mensen het verschil gaan zien tussen hun prachtige discours en de naakte feiten. Tussen ‘donoren zijn aardige mensen die je dankbaar moet zijn’ en ‘donoren zijn gevangen uit zwaarbeveiligde afdelingen’.»

Agathe «Maar de doos van Pandora zal hoe dan ook opengaan.»

Arthur «Ik heb al een boek geschreven, Agathe brengt er binnenkort één uit: we hebben al geestelijke kinderen voortgebracht.»

Agathe «Nu nog biologische.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234