Dossier geld: 'De cashloze maatschappij komt er. De vraag is alleen: wanneer?'

Wie een recente KBC-bankkaart in z’n portefeuille heeft zitten, kan sinds enige weken filmkaartjes en schoenen kopen door met de betreffende kaart vaagweg in de richting van een betaalterminal te wuiven – voor kleine bedragen hebt u zelfs geen code meer nodig. Bij Colruyt, Delhaize en McDonald’s lopen proefprojecten voor betalingen met de smartphone.


Lees ook:

'HUMO-Dossier: het bankkantoor van de toekomst'

Wie zijn morele bezwaren over de consumptiemaatschappij weleens opzijzet, en zich gezwind in de economie begeeft met het oog op consumptie, doet dat beladen met betaalmiddelen en -technologie. Briefgeld in de portefeuille, een ons munten in de broekzak, bank- en kredietkaart in de daartoe voorziene sleufjes, een kaartlezer in de rugzak, wachtwoorden voor allerhande PayPal-accounts in de koker. Daar komt nu dus ook de smartphone bij, zwanger van betaalapps. Nu willen wij niet zeuren, of #firstworldproblems buiten proportie opblazen, maar dat moet toch een pak eenvoudiger kunnen? Die eenvoudige bedenking dreef ons richting VUB, naar professor Leo Van Hove, één van de weinige economen die onderzoek doen naar betaalmiddelen. Geen vrije keuze, lacht Van Hove: zijn onderzoeksobject vond hém, nadat hij eerst een eindverhandeling over de zwarte economie had geschreven, en nadien samen met VUB-collega Jef Vuchelen de oorlog had verklaard aan het briefje van 10.000 Belgische frank – gateway naar de zwarte economie. Dat was 1993: 22 jaar later circuleert er, ondanks alle morele en praktische bezwaren, nog altijd 29,8 miljard euro aan chartaal – dus cash – geld, krap 30 procent van de totale geldhoeveelheid.

HUMO Professor, hoe lang zal dat gehannes nog blijven duren?

Leo Van Hove «De cashless society kómt er, de vraag is alleen: wanneer? Ik plak er geen datum op, want na al die jaren onderzoek heb ik geleerd dat niets zo traag verandert als betaalgedrag. Ten bewijze daarvan: een recente Nederlandse paper, met de prachtige titel ‘In Love with the Debit Card, But Still Married to Cash’, die aantoont dat er een groot verschil is tussen wat mensen denken over hun betaalgedrag en de werkelijkheid. Men zegt de kaart te prefereren, maar betaalt in de praktijk nog aardig veel cash. Gewoontes zijn belangrijk, weten gedragseconomen, en ingesleten patronen hardnekkig: mensen die al jaar en dag cash betalen bij de bakker, zijn geneigd om dat te blijven doen wanneer die op een dag een handige kaartterminal op zijn toog zet.

»Ik heb twee jaar geleden samen met een doctorandus een klein experiment opgezet in het VUB-restaurant. We hadden affiches aan de kassa uitgehangen, in een poging mensen uit hun automatismen te lichten en te laten nadenken op het moment dat ze moeten betalen. Onze slogans waren niet lukraak, ze deden een beroep op de verbondenheid die ze – dat hoopten wij althans – hebben met deze eerbiedwaardige instelling: ‘Betaal met de kaart. Het is veiliger voor de VUB.’ Wel: dat had nauwelijks effect. Een groot deel van de restaurantbezoekers had de slogans niet eens gezien. En van een gedragsverandering was helemaal geen sprake. Het kan ermee te maken hebben dat veel studenten hun zakgeld cash meekrijgen, of contant betaald worden na een studentenjob. Want op vrijdag werd er wél veel vaker met de kaart betaald: tegen dan was de cashvoorraad uitgeput. Bij personeelsleden hadden onze affiches meer resultaat – dat hadden we verwacht, net door die verbondenheid – maar het was nog altijd peanuts. En het effect verdween heel snel toen we de posters weghaalden.»

'De cashloze maatschappij komt er. De vraag is alleen: wanneer?'


De genetica van zwart

HUMO Wordt de omslag naar de cashless society niet vooral gestremd door de kleinhandel? Ik moest onlangs 200 euro ophoesten bij een vrije beroeper: dat kon niet met de kaart.

Van Hove «Bij mijn kapper kan ik niet met de kaart betalen, bij de bakker wel. Maar dan is er een soort surcharge voor kleine bedragen en ben ik ook veroordeeld tot cash. Ik moet er geen tekening bij maken: in België speelt, meer dan in andere landen, de ondergrondse economie een rol. Onderzoek toont keer op keer aan dat de zwarte economie hier groter is dan elders, al moeten we oppassen met schattingen. Ik heb in mijn proefschrift zelf een poging gewaagd, en kwam aan 9 à 15 procent, voor het jaar 1991. Dat was een ondergrens en ging over betalingen met contant geld, geïnspireerd door té hoge belastingtarieven. En dat is nog maar één reden om in de ondergrondse economie te vluchten. Als u per se cijfers wil: de Oostenrijker Friedrich Schneider komt elk jaar met vergelijkende cijfers. Het niveau van de schattingen is betwistbaar, maar ze zeggen wel iets over de onderlinge verhoudingen: wij doen het erg slecht qua belastingontduiking.»

HUMO Dat kan toch niet in de genen zitten?

Van Hove «Toch wel: onze geaardheid speelt mee. Als je een Belg regels oplegt, zoekt hij meteen een manier om er onderuit te komen. Ik heb me in Wenen verbaasd over de volstrekte afwezigheid van poortjes in de metro. Mijn Oostenrijkse collega was verbaasd over mijn verbazing: ‘Ja maar, we zijn toch in Oostenrijk?’ (lacht) Bij ons volstaan zelfs manshoge poorten niet om zwartrijders tegen te houden.

»De massale belastingontduiking heeft natuurlijk ook te maken met de hoogte van de belastingen, maar niet uitsluitend, want in Scandinavische landen liggen de belastingen nog hoger en wordt er minder ontdoken. Essentieel is de belastingmoraal: dat gaat over de percéptie van wat je terugkrijgt voor je belastinggeld.»

'Met briefjes van 500 euro worden zwarte betalingen wel héél gemakkelijk gemaakt'


Duur geld

HUMO Voor we het cashgeld definitief begraven, moeten we de tijd nemen voor een ingetogen lofzang. Papiergeld en munten zijn een mooie trouvaille, die ons eeuwen aan een stuk prima hebben voortgeholpen.

Van Hove «Cash heeft als groot voordeel – vergeeft u me het jargon – de onmiddellijke finaliteit van betaling. Als ik u een biljet overhandig, is de transactie voorbij. Er komen geen contracten aan te pas, het geld vertoeft – anders dan bij een overschrijving – geen tijdlang in limbo. Nog een belangrijk voordeel: je hebt geen aanvaardingsinfrastructuur nodig. Als het elektriciteitsnet en het internet uitvallen, kunnen wij nog altijd cash uitwisselen – al zijn netwerken van bankbiljettenverdelers ook onderhevig aan pannes. Maar dat valt gelukkig zelden voor. Toen ik een paar jaar geleden een pleidooi schreef voor elektronisch betalen, waren die pannes wél het enige tegenargument waarmee ik bleef worstelen. In 2013 ging het systeem van Bancontact-Mister Cash in volle eindejaarsperiode plat, en vorig jaar opnieuw. Sommige kaartsystemen kunnen ook offline werken, maar niet alle Belgische winkels hebben die al geïmplementeerd.»

HUMO Moet de overheid het breekijzer voor de cashloze samenleving niet aanreiken? Men zou toch verwachten dat ze die deur naar de zwarte economie wil sluiten, om meer belastinginkomsten te genereren. Maar er is – au contraire – een soort aarzeling: de N-VA wilde onlangs het maximumbedrag voor contante betalingen weer optrekken.

Van Hove «Het effect van zo’n limiet is hoogstens psychologisch. Want wie dwingt zoiets af? Je kunt toch moeilijk een agent zetten naast elke tweedehandswagen die verkocht wordt? Maar het is juist dat er een zekere aarzeling bestaat om de ondergrondse economie aan te pakken. Terwijl mensen als Kenneth Rogoff, ooit hoofdeconoom van het IMF, onomwonden pleiten voor het einde van cash.»

'Mensen begrijpen niet: elke keer als je geld uit de automaat haalt, geef je een renteloze lening aan de centrale bank'

HUMO U deed dat ook al in 1993, toen u samen met collega Jef Vuchelen in een felbesproken opiniestuk het biljet van 10.000 frank de oorlog verklaarde.

Van Hove «Tóén al, ja. Er is geen nood aan dat soort coupures. En vandaag circuleert zelfs een briefje van 500 euro: 20.000 frank, maar je kunt er nergens mee betalen. Als cash al een voordeel heeft, dan is het voor kleine bedragen. Maar 30 procent van de waarde van alle cashgeld in de eurozone bestaat uit briefjes van 500 euro. Centrale banken noemen het naïef om te denken dat de zwarte economie wit wordt als je die biljetten uit de omloop haalt, en dat besef ik ook, maar nu worden zwarte betalingen wel héél gemakkelijk gemaakt. Een aktetas vol briefjes van 500 euro is een fortuin waard, maar je neemt ze wel gewoon onder je arm mee op de trein naar Luxemburg. Ik zeg al jaren dat de ECB die briefjes uit de roulatie moet halen, maar dat wordt tegengewerkt door een perverse logica: die bankbiljetten zijn hun financiering.»

HUMO De sleischat, heet dat, of seigneurage: het recht om geld uit te geven en daar ook geld mee te verdienen.

Van Hove «Mensen beseffen dat niet: elke keer als je geld uit de automaat haalt, geef je een renteloze lening aan de centrale bank. Je kóópt dat geld: er gaat een bedrag van jouw zichtrekening, via de commerciële bank, naar de centrale bank. Een geweldig goedkope bron van inkomsten voor die centrale bank. Bovendien is het verschil tussen de productiekost van een biljet en de nominale waarde groot. De kostprijs van eurobiljetten is een goed bewaard geheim – ik probeer de cijfers al jaren te pakken te krijgen – maar we weten wel dat het 8 à 10 dollarcent kost om een briefje van 100 dollar te maken. Als je 100 dollar uit de muur haalt, betaal je dus 100 dollar voor een product dat de Amerikaanse centrale bank 10 dollarcént kost: ik ken weinig businesses met zo’n grote winstmarge. Eurobiljetten zijn duurder, want beter beveiligd, maar het blijft een geweldige bron van inkomsten. En dat verklaart ook waarom biljetten van 500 euro in omloop blijven: ze zijn iets duurder om te maken dan een biljet van 10 euro, maar je kunt ze voor 50 keer meer verkopen. Tel uit de winst voor de centrale banken! Dat is hun werkkapitaal: ze kunnen dat herbeleggen in financiële activa. En op die portefeuille maken ze winst. Natuurlijk is dat geld niet definitief verworven: als wij cashgeld op onze rekening zetten, moeten zij ons op hun beurt betalen, maar intussen heeft dat bedrag zeeën van geld opgebracht.»

HUMO En de overheid incasseert, als aandeelhouder van de centrale bank. Helemaal interessant wordt het wanneer er nieuwe biljetten in omloop worden gebracht: dan blijkt altijd dat een deel van de oude briefjes en cours de route verloren of vernietigd is, en passeert men wéér langs de kassa.

Van Hove «Dan wordt de winst definitief. In België kun je je oude biljetten eeuwig inruilen bij de Nationale Bank, maar ze hanteren mathematische modellen en redelijke termijnen om in te schatten wat verloren is gegaan. Nu: bij briefgeld mag men het belang daarvan niet overdrijven, kleine muntjes gaan veel gemakkelijker verloren.»

HUMO Nog een argument à charge: cashgeld kost de burger bergen geld, 129 euro per jaar om precies te zijn.

Van Hove «Het belangrijkste argument: de sociale kostprijs. Als ik 50 euro uit de muur haal en er iets mee koop bij de bakker, is de kans groot dat dat biljet niet gebruikt wordt als wisselgeld en ’s avonds nog altijd in de kassa zit, waardoor de bakker ermee naar de bank moet. Van de bank gaat het dan vaak – en vroeger zeker – linea recta naar de centrale bank. En dan begint de cyclus opnieuw. Dat is single use circulation: voor één enkele betaling komt een ganse machinerie op gang die massa’s geld kost aan personeel en beveiliging. Maar mensen denken dat dat gratis is, waardoor er bijvoorbeeld veel weerstand is tegen het aanrekenen van kosten voor het opnemen van cash. In 2004 heeft Fortis aangekondigd dat ze een forfait wilden aanrekenen voor geldafhalingen. Een marginaal bedrag van een paar eurocent. Ik heb me toen onpopulair gemaakt door in de krant te schrijven dat zoiets een goed idee was, maar Freya Van den Bossche dacht toen in de bres te moeten springen voor de consument: ‘De banken maken al genoeg winst.’ En meer van zulke platitudes en drogredenen. Die meerkost is er nooit gekomen, maar natuurlijk rekenen de banken die nog altijd aan, zij het verdoken en verspreid. Lagere interesten op spaarboekjes, hogere rentes op hypotheekleningen. Totaal niet transparant, en oneerlijk: mensen die nooit cash gebruiken, draaien op voor de kosten die anderen veroorzaken. Ik betaal waar mogelijk altijd elektronisch, waardoor de banken kunnen besparen op beveiliging en transport, maar word daar niet voor beloond.»


Kaartenhuisje

HUMO Sinds ettelijke decennia ingeburgerd in menige portefeuille: de betaalkaart.

Van Hove «Een uitvinding van eind jaren 70: initieel kon je de kaart alleen gebruiken om geld uit de muur te halen. Oorpronkelijk bestonden er ook twee systemen naast mekaar: Bancontact en Mister Cash – elk gesponsord door twee, drie banken. Problematisch, want bij betaalmiddelen is het netwerkeffect essentieel. De grootte van het netwerk bepaalt de slaagkans, en twee parallelle systemen knippen het netwerk in twee. Zo ontstaat onzekerheid. Want een handelaar kijkt de kat uit de boom, en als ze dat met te veel doen, raakt zo’n systeem niet gelanceerd. In België zijn de supermarkten – na de benzinestations de tweede groep van adopters – de kingmakers gebleken: zij hebben de twee netwerken voor het blok gezet. Een fusie was de voorwaarde om kaartbetalingen te aanvaarden – hence de lelijke merknaam, geen van de twee bedrijven wilde haar naam opgeven. Zodra de grootdistributie op de kar van de betaalkaart was gesprongen, volgden andere handelaars snel.»

HUMO Zoals gezegd botst men, wanneer men bij de kleinhandel een bankkaart opdiept, nog vaak op een resoluut njet. Vervolgens weerklinkt dan geheid een gejeremieer over de kostprijs van zo’n betaalterminal.

Van Hove «Bij kredietkaarten zoals Visa en MasterCard speelt dat zeker mee: de handelaar betaalt een percentage, dat hoog kan oplopen, afhankelijk van de provider – het is niet toevallig dat je bijna nergens nog kunt betalen met American Express. Bij gewone bankkaarten liggen de kosten lager. Voor bedragen vanaf 10 euro betaalt de handelaar een vaste vergoeding van 6 à 7 eurocent. Voor lagere bedragen betalen ze sinds het verdwijnen van Proton een fix van 2,5 eurocent, aangevuld met 0,5 procent van de te innen som. Zo wil Bancontact-Mister Cash kleine aankopen met de kaart aanmoedigen. Maar het werkt niet, en dat heeft ook te maken met het verschil tussen werkelijke kosten en de gepercipieerde kosten. Een supermarktketen weet dat cash geld kost – ze moeten personeel en beveiliging betalen, zien de weerslag in hun boeken. Een kleine handelaar ziet wél de meerkost van een elektronische betaling, maar niet die van cash. Hij moet dat contant geld tellen, bijvoorbeeld, en naar de bank brengen. In de kostenstudie van de Nationale Bank maakt dat deel uit van het kostenplaatje, maar de kleine handelaar ziet dat anders en schept er waarschijnlijk zelfs plezier in.»

HUMO Speciaal voor kleine aankopen werd jaren geleden Proton in het leven geroepen. U was er een gepassioneerd pleitbezorger van, maar dat mocht niet baten: sinds 31 december 2014 is het systeem officieel wijlen. Waarom heeft het niet mogen zijn?

Van Hove «Om verschillende redenen. De banken hebben het niet goed aan de man gebracht. Maar ook het systeem an sich was niet ideaal. Proton is halverwege de jaren 90 geïntroduceerd: toen dacht men nog dat alle computers en vaste telefoons standaard uitgerust zouden worden met een kaartlezer, zodat we thuis zouden kunnen opladen. Dat is nooit gebeurd: mensen moesten elke keer naar de geldautomaat, en dan kun je net zo goed cash afhalen. Ander nadeel: je wist niet hoeveel je saldo bedroeg. Soms stond er niet genoeg op de kaart, en weerklonk dat vervelende biepje: mensen hebben dat niet graag. Daar viel technisch wel een mouw aan te passen, maar toen was het kalf al verdronken.»

'De sociale kost van kredietkaarten is veel hoger dan die van gewone bankkaarten'

HUMO De zegeningen van de bankkaarten zijn ontelbaar, maar er is ook een downside.

Van Hove «Bank- of kredietkaarten: dat is een gans ander verhaal. Van kredietkaarten ben ik geen fan, terwijl steeds meer mensen ze gebruiken. Ook voor kleinere aankopen.»

HUMO Dat heeft ook te maken met promotionele acties als Spaar & Pluk, dat betalers met waardebons richting Visa-terminal jaagt.

Van Hove «Jammer, want de sociale kost van kredietkaarten is veel hoger dan die van gewone bankkaarten. Omdat mensen schulden opbouwen – zeker – maar ook omdat kredietkaartmaatschappijen meer uitgeven aan promotie, zoals u al aangaf. Bovendien ligt de fraudekost hoger, en veroorzaakt de interestvrije periode ook extra kosten voor de maatschappijen. Het spreekt voor zich dat ze die doorrekenen: uiteindelijk draagt de consument die maatschappelijke kost.»

HUMO Een ander mogelijk nadeel van kaarten: privacy.

Van Hove «Ja, maar mensen hebben daar een vertekend beeld van. Ik heb dat onderzocht: veel mensen dachten dat er bij Proton een privacyprobleem was, terwijl dat systeem volstrekt anoniem was. Tegelijk hebben mensen er geen probleem mee om voor loyalty cards hun privacy te verpatsen: men overhandigt een berg interessante gegevens, en krijgt weinig terug.»

HUMO Niet meer weg te cijferen: e-commerce. Wie zijn uitzet wil bijeenkopen op eBay, Amazon en Bol.com heeft plastic nodig, al zijn die eindeloze invulformulieren, penibele cijfercombinaties en omslachtige procedures met een kaartlezer wel betrekkelijk vervelend.

Van Hove «Mensen moeten beseffen dat ‘perfect veilig’ in dezen niet bestaat. Enfin: het bestaat wél, maar dan wordt het ondoenbaar qua gebruiksgemak. Wie veiligheid en gebruiksgemak tegen elkaar afweegt, belandt vanzelf bij systemen die niet 100 procent veilig zijn. Maar de uitgevers van kaarten nemen de bluts met de buil: zij draaien op voor de paar fraudegevallen, en de – al bij al beperkte – risico’s spreiden ze uit over alle gebruikers.»

HUMO Kaarten zijn fraudegevoelig, maar het dient gezegd: niet méér dan vroeger, toen we na een maaltijd zonder verpinken onze kredietkaart aan de ober overhandigden, die er vervolgens mee in de coulissen verdween.

Van Hove «Dat voorbeeld geef ik ook altijd aan mensen die aarzelen om hun kredietkaartgegevens in te geven op het web. De grootste vorm van kredietkaartfraude betreft kaarten die offline – in de échte wereld – zijn gestolen en nadien online worden gebruikt. Was tot voor kort ook een groot probleem: friendly fraud. Mensen kopen online iets met hun kredietkaart en ontkennen dat vervolgens staalhard: ‘Ik heb mijn nummer nooit ingegeven.’ Ga er maar ’s aan staan, Visa zijnde. Maar fraude waarbij je kaartgegevens online worden onderschept: dat is dus peanuts. Wél worden databases gehackt, maar dat heeft te maken met een gebrek aan veiligheid bij de handelaars, en ook die verbetert. Online fraude bestaat, maar is overroepen. En als het je overkomt, ben je gedekt door de kaartmaatschappijen. Zij beseffen ook dat ze hun business mogen opdoeken als hun klanten afgezet worden.»

'Kenia steekt ons de loef af op vlak van mobiele betalingen'


Pionier Afrika

HUMO Een drietal betaalkaarten, een aardig stapeltje klantenkaarten en één Blue Club Card waarmee ik in de catacomben van het Jan Breydelstadion frisse pintjes kan bestellen: mijn portefeuille puilt uit. Dat kan beter, lijkt me, en nu kijk ik verwachtingsvol naar mijn iPhone.

Van Hove «Contactloos, mobiel betalen is de toekomst, en zal het plastic in onze portefeuille op termijn vervangen. Maar zoals ik al zei: ik heb het afgeleerd om voorspellingen te doen (lacht). Betaalmiddelen zijn geen normale producten, het is een two-sided market, waarbij je de consument én de handelaar moet overtuigen. En dan zwijg ik nog van de banken die de betaalinstrumenten moeten uitgeven. Maar dat de gsm voordelen heeft, staat vast: mensen hebben hem altijd op zak, en met zijn scherm en toetsenbord is het een privéterminal die constant connected is. De mogelijkheden zijn enorm. Het kan ook een Proton-achtige portemonnee zijn, offline, die je – als je merkt dat er niet genoeg geld in zit – ter plekke kunt opladen.»

HUMO Ongelofelijk interessant: Afrika staat lichtjaren verder dan wij, wat betreft mobiel betalen.

Van Hove «Dat is nochtans begrijpelijk. ’s Werelds grootste mobiele betalingssysteem M-PESA is ontstaan in landen waar veel mensen unbanked of underbanked zijn: ze hebben geen bankrekening. Wie geld wilde overschrijven moest dat doen via informele systemen met agenten die codewoorden doorgaven via de telefoon. Dat was duur, en het liep al ’ns fout: mobile money transfers zijn daarentegen een gedroomd systeem. Want de gsm-infrastructuur was in Afrika wél goed uitgebouwd. En dus begonnen mensen onder mekaar spontaan belkrediet te gebruiken als betaalmiddel. Provider Safaricom zag dat en heeft het informele systeem geformaliseerd, met geëncrypteerde sms’jes. Later is M-PESA uitgebreid naar andere landen, zoals Afghanistan, maar ook naar Oost-Europa: landen zoals Polen, die veel emigranten hebben in bijvoorbeeld Groot-Brittannië, mensen die geld naar huis willen sturen. Bij ons zal M-PESA niet doorbreken: wij hebben dat niet nodig – het netwerkeffect.»

HUMO Is dat voornoemde netwerkeffect bij mobiele betalingssystemen niet minder problematisch? Men maakt in de retailsector nu gewag van een oorlog à la Betamax versus VHS. Maar het is toch een pak gemakkelijker om twee gratis apps op je gsm te installeren, dan om twee dure videotoestellen in huis te halen?

Van Hove «De bottleneck zit aan de kant van de handelaars: zij moeten een terminal hebben. En je ziet nu dat Colruyt nu voor het Zweedse SEQR heeft gekozen, en Delhaize voor Bancontact. Twee parallelle systemen: jammer, het netwerk is in twee geknipt.»

HUMO Iemand bezwoer me onlangs dat niet de dino’s – versta: Colruyt of Delhaize – voor de disruptie zullen zorgen in de betaaltechnologie. De strijd zal op het internet beslecht worden, en de dino’s zullen moeten volgen.

Van Hove «Ik zou de rol van de supermarktketens niet onderschatten: iederéén komt er, en ook vaak, en er wordt veel geld uitgegeven. Maar dan nog is het moeilijk om te zeggen wie het zal halen, en wat het breekijzer wordt. Bancontact heeft haar app al lang geleden ingevoerd voor peer-to-peerbetalingen: handig om op restaurant de rekening te verdelen onder vrienden. Ik wil wel, ik zie het nut, maar je kunt zo’n app pas gebruiken als iedereen hem al op voorhand gedownload heeft – op het moment zélf ga je je vrienden daar niet mee lastigvallen. Misschien is een introductie in de retail de manier om zo’n app te jumpstarten, en treedt er dan een wisselwerking op.»

HUMO Zowel Bancontact als SEQR werken met een QR-code, die je aan de kassa inscant met de smartphone: de app schrijft vervolgens over.

Van Hove (kreunt) «Die QR-codes: dat wordt het niet, hoor. Ze heten gebruiksvriendelijk, maar het is nog een heel gedoe. Maar ik begrijp waarom ze het doen: er zijn nog niet genoeg telefoons die over NFC-technologie beschikken.»

HUMO Near Field Communication. Een chip die draadloos contact legt met een antenne.

Van Hove «Je betaalt door je kaart bij een terminal te houden. Of je gsm: in de iPhone 6 en de Apple Watch zit ook een NFC-chip. Het goede is dat de chip eigenlijk niet meer dan een technologische basisinfrastructuur is: achter de schermen kan van alles zitten.»

HUMO Apple Pay gebruikt NFC om een verbinding te maken tussen betaler en ontvanger, maar is geen betaalmiddel an sich. Dat moet je eraan koppelen.

Van Hove «Noem het een digital wallet, een digitale portefeuille, waarin je een stapel krediet- en bankkaarten kunt stoppen, plus de klantenkaarten van alle ketens en winkels. De wallet detecteert automatisch in wélke winkel je bent en welke kaarten je daar normaal gebruikt. Ik volhard in mijn aarzeling om te voorspellen, maar NFC heeft de beste papieren wat gebruiksgemak betreft. Als het beschikbaar wordt, spring ik meteen op de kar. Eén en ander hangt af van hoe snel andere producenten Apple volgen. Maar daarna kan het vlot gaan, want ik heb begrepen dat de omschakelkost voor handelaars beperkt is. In Amerika is Apple Pay beschikbaar in veel meer winkels dan de gebruikers dachten: je hebt er geen specifieke Apple-terminal voor nodig.»

HUMO Men kan Apple Pay trouwens ook online en mobiel gebruiken – met verschillende apps. Als we er de vingerafdruksensor van onze smartphone aan koppelen kan dat ook een manier zijn om de omslachtige veiligheidsprocedures op het internet te omzeilen.

Van Hove «Biometrie. Why not? Je moet het alleen in de markt gezet krijgen. Maar dat kan Apple wel, geloof ik.»


Anarchisten en maffiosi

HUMO Alles wat we tot nog toe bespraken – hoe veelbelovend en spannend ook op technologisch vlak – is uiterst traditioneel qua opzet, als je het vergelijkt met de elektronische cryptomunten die momenteel in zwang zijn bij anarchisten en maffiosi, maar ook bij eenvoudige digital natives met bijzondere interesse voor encryptietechnologie.

Van Hove «U wil het over de bitcoin hebben.»

HUMO Stel: ik popel. Hoe bemachtig ik bitcoins?

Van Hove «Er zijn websites waar je euro’s kunt inruilen tegen bitcoins, voor een marktprijs die wordt bepaald door vraag en aanbod. Die komen terecht op een versleutelde rekening, een bitcoin-adres, dat bestaat uit een unieke reeks cijfers en letters. Vervolgens kun je geld overmaken van het ene naar het andere adres.

'Als betaalmiddel deugt de bitcoin niet. Het is afgrijselijk onhandig, alsof je hier een brood zou kopen met de Zimbabwaanse dollar'

»Daarnaast kun je ook bitcoins verdienen door te minen – een beetje een ongelukkige term. Elektronische munten hebben net als een bankbiljet een uniek serienummer, maar omdat het een digitaal bestand is, zou je dat eindeloos kunnen kopiëren en blijven gebruiken. Daarom wordt een bestand bijgehouden, een logboek van alle transacties, om double spending te voorkomen. In het geval van bitcoin is er geen centrale bank die dat bestand kan bijhouden, maar wel de vermaarde block chain, een soort publiek kasboek. Dat wordt niet bijgehouden door één partij, maar door zo veel mogelijk computers tegelijk. Wie de rekenkracht van zijn computer ter beschikking stelt om transacties te verifiëren, en een block aan de chain toe te voegen, kan bitcoins verdienen.»

HUMO Als store of value stelt het allemaal niet veel voor: de waarde – uitgedrukt in euro of dollar – is enorm volatiel. Wie zijn laatste 1.000 euro omzet in één bitcoin, kan enige tellen later virtueel miljonair dan wel bankroet zijn.

Van Hove «Ook als betaalmiddel deugt de bitcoin niet. Het is afgrijselijk onhandig, alsof je hier een brood zou kopen met de Zimbabwaanse dollar. Als je een pizza betaalt in bitcoin kan dat een goedkope zijn, maar ook een heel dure. Er wordt enorm gespeculeerd en dat zorgt voor fluctuaties in de waarde van een bitcoin. Als transactiemiddel is het dus omslachtig: je moet de koers opzoeken, euro’s omzetten en overschrijven naar de ontvanger die de bitcoins zo snel mogelijk moet omzetten. Voor een nieuwe transcatie de week nadien moet je van voren af aan beginnen.»

HUMO Misdadigers willen zich die extra moeite wellicht getroosten, want ze kunnen zo geldtransacties doen uit het zicht van de centrale banken, de fiscus en de politie. Daarom zijn de overheden niet zo tuk op de bitcoin.

Van Hove «Absoluut. Maar ik denk even aan de gewone consument. En versta me niet verkeerd: ik vind het concept en de technologie – op enkele minpunten na – interessant. Het basisprincipe van een gedecentraliseerd systeem, waarbij iedereen een uniek adres heeft en door een wereldwijd aanvaarde munt rechtstreeks verbonden is met de rest van de wereld, is ongelofelijk boeiend. Nu verloopt het betaalverkeer via allerlei tussenstations: Visa, PayPal, Apple, Atos Worldline, uw bank. Alles gaat via netwerken van netwerken en daardoor gaan veel geld en moeite verloren. Al die bemiddelaars willen ook een deel van de koek. Op basis van technologie à la bitcoin zouden we tabula rasa kunnen maken, en vanaf nul een ideaal systeem uittekenen. En dan kom je niet uit bij kredietkaarten.»

HUMO Wie verzet zich tegen deze tabula rasa? De overheden?

Van Hove «Ja. En de commerciële banken. Maar tegelijk denkt de Bank of England, toch de Old Lady van de centrale banken, na over elektronische munten. Dat vinden de libertarians dan weer niet leuk, maar centrale banken zouden wel degelijk een rol kunnen spelen: door de host te zijn van dat rekeningnummer, en basic bankdiensten aan te bieden – witte producten, zeg maar. Wij kunnen dan geld naar mekaar overschrijven, maar als we méér willen, moeten we naar providers stappen voor value added services. Extra features, kredietkaarten of NFC. Maar aan de basis zou je dan een zeer performant, solide en veilig systeem hebben: in tegenstelling tot commerciële banken – die nu de ruggengraat van het betaalverkeer vormen – kunnen centrale banken niet failliet gaan. Ze kunnen eeuwig geld creëren, from thin air. Maar zoals ik al zei: tot nog toe is de bitcoin een zaak van libertarians en anarchisten, en die zijn notoir wantrouwig tegenover centrale banken en de overheid.»

HUMO Ik heb het voorbije anderhalf uur niets anders dan snijdende argumenten tégen cash en vóór elektronische betalingen gehoord. Ziehier de evidente slotvraag: waar wachten we op?

Van Hove (denkt na) «Comeos – een koepelvereniging die zowel groot- als kleinhandelaars vertegenwoordigt – heeft een paar jaar geleden een grootschalig onderzoek gedaan naar de kostprijs van verschillende betaalinstrumenten: ze zouden het presenteren op een congres waar ik ook zou spreken. Dat evenement heeft nooit plaatsgevonden: er was geen belangstelling. In België is de efficiëntie van het betaalverkeer gewoon geen issue, anders dan in Nederland.

»Het onderzoek bewees wat we al wisten – betaalkaarten kwamen er beter uit dan cash – maar niemand neemt het voortouw om iets te veranderen. Men heeft nu de mond vol van de digitale agenda, maar laat de allerevidentste maatregel – de digitalisering van het betaalverkeer – liggen. Vroeger was België een pionier op dat vlak. Met overschrijvingen. Het uniforme bankrekeningnummer is een Bélgische uitvinding. Proton is verkocht aan twintig landen. Maar nu... Het aantal kaartbetalingen stijgt nog licht – we zitten aan 120 per persoon, per jaar – maar in Noorwegen zit men aan 347. Kenia steekt ons de loef af op vlak van mobiele betalingen, in Nederland kan men overal betalen met de pinkaart. We denken graag dat we nog altijd voorlopers zijn, maar we hollen achter de feiten aan.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234