Dwarskijker over 'Boer zkt. vrouw de wereld rond' en 'F-16': 'Een professionele vakantieganger in eigen huis'

Voor een man alleen heb jij veel smaak,' sprak An Lemmens. Het kwam niet in Manu op haar te vragen wat ze daar precies mee bedoelde.


Boer zkt. vrouw: De wereld rond

VTM – 25 maart – 525.416 kijkers

Dat ik niet voor datingshows te vinden ben, laat staan voor het waarlijk onkiese ‘Blind getrouwd’, mag mij niet beletten om tijdens de werkuren, en geen zucht langer, enige woorden aan ‘Boer zkt. vrouw’ te wijden. Aan de titel van dit programma zijn nu de woorden ‘De wereld rond’ toegevoegd, want ook in het buitenland blijken er Vlaamse boeren om een Vlaamse levenspartner verlegen te zitten: ‘Dezelfde achtergrond maakt het makkelijker,’ luidde het, en ook wel: ‘Vlaamse vrouwen hebben meer power dan Duitse.’ Waarom kwamen er me eensklaps van wellust grommende Walkuren voor de geest, die het op mij en mijn broze gestel hadden voorzien? En onderhand zwol Wagner onheilspellend aan in mijn innerlijke oor. Toch even ernstig nu, voor het te laat is: aangezien ‘Boer zkt. vrouw: de wereld rond’ dit keer een uitwedstrijd is, oogt het ook enigszins als een reisprogramma.

In de eerste aflevering, die als aanbiedingsfolder dienstdeed, reisde Dina Tersago, de oervriendelijke relatiebemiddelaarster in landbouwzones, naar Canada af. Daar trof ze in een sneeuwlandschap bij min twee de huwbare Björn aan. Toen hij negen was, was hij met zijn ouders en zusje geëmigreerd uit Grobbendonk, toch dé parel van de Kempen. Voor de kost ontwringt Björn in Canada wijn aan honing en bessen, een drank die eenmaal gebotteld ‘Cowboy’s Sangria’ heet – ’t klinkt stukken laagdrempeliger dan Châteauneuf-du-Pape of Château Mouton-Rothschild, maar laat dat vooral geen bezwaar zijn. Toen hij, om zijn ambacht te demonstreren, sap uit bessen kneep, bracht dat Dina Tersago op ideeën: ‘Zou jij je lief masseren?’ vroeg ze. Wel, daar zou Björn niet voor terugdeinzen, en volgens mij had hij Dina, onder het stamelen van een huwelijksaanzoek, ook wel tot een staat van verrukking willen kneden, met vingers die dropen van honing en bessensap. Zeg maar: ‘Cowboy’s Sangria.’

An Lemmens, aankomende relatiebemiddelaarster in landbouwzones, straalde in Zuid-Afrika de koperen ploert tegemoet terwijl ze ons ter hoogte van Kaapstad liet kennismaken met weduwnaar Manu, een vijftiger die volgens de website van dit programma behalve een ex-profvoetballer ook een succesrijke aannemer was. Hij ontfermde zich over stakkerige asielhondjes, waardoor hij An Lemmens, één brok dierenliefde, meteen vertederde. Mag zij als relatiebemiddelaarster meedingen in ‘Boer zkt. vrouw’? Voor zijn plezier had Manu driehonderd kilometer verderop een olijfgaard rond een zwembad gekocht, waar hij naar verluidt helemaal tot rust kwam als hij er z’n personeel olijven zag plukken. Hij spéélde veeleer voor boer; een herenboer zou ik hem ook niet noemen, want daarvoor leek hij me te zeer een professionele vakantieganger in eigen huis. Zijn elegante woning in Kaapstad bood uitzicht op de oceaan, en in zijn mooie landgoed – geen wifi, geen bereik – was het ook uitstekend toeven: ‘Voor een man alleen heb jij veel smaak,’ sprak An Lemmens. Het kwam niet in Manu op haar te vragen wat ze daar precies mee bedoelde.

Jeroen was dan weer een als dusdanig herkenbare boer, wiens eerste indruk je spontaan in hectaren en aantal koeien uitdrukt. Nagenoeg twintig jaar geleden hadden zijn ouders Eeklo vaarwel gezegd om in Oost-Duitsland een groot melkveebedrijf op te zetten. Eeklo: toch dé parel van het Meetjesland, wat boze tongen daar ook over mogen beweren. Voor de gezelligheid riep Dina achtereenvolgens: ‘O, die kalfjes! Hoe schattig!’ en terwijl koeien op weg naar de melkmachine aan haar voorbijschommelden: ‘En maar melk geven, meisjes! Komaan!’ ‘Alleen op je tractor, is maar alleen,’ zei Jeroen, op een toon alsof hij Rilke citeerde. Later gewaagde hij van zijn voorliefde voor wat hij, en niemand anders, in ’t amoureuze spelemeien een flinter noemde: dat kon naar verluidt een knipoog zijn, maar evengoed ‘een klap op ’t gat’. Zijn zus twijfelde er niet aan dat Jeroen een romanticus pur sang was: volgens haar was zijn ideale vrouw iemand die ‘al eens in het stro gesmeten wil worden.’ Ik kon een gedachte aan ‘Beim Jodeln juckt die Lederhose’, een hoogtepunt van de naoorlogse Duitse cinema, niet onderdrukken. De vraag ‘Als ik dan toch over een vrije wil beschik, waarom zit ik hier dan naar te kijken?’ was, zoals vaker de laatste tijd, eveneens onvermijdelijk.

'Nadat ze hun slimme bommen hadden uitgezonden, waren de piloten in kwestie zo te horen weleens aan een goed gesprek met de aalmoezenier toe'


F-16

VTM – 27 maart – 268.004 kijkers

Oewie oewist oewat?’ Dat moeten oewij oeweten’ sprak Charles Michel met luider stemme in het parlement. Behalve een groot redenaarschap moest uit die woorden ook een diep verlangen naar klaarheid inzake de Belgische F-16’s blijken. Intussen was het voor een beetje Belg al zonneklaar dat de huidige legertop onbetrouwbaar is en de minister van Defensie leugenachtig. Tot nut van ’t algemeen zag deze excellentie onlangs ruiterlijk af van een tweede ambtstermijn, de goeierd. En nu maar hopen dat de Russen van Poetin, onder het manhaftig zingen van ‘Kalinka’, eerstdaags de Baltische lidstaten van de EU niet onder de voet zullen lopen.

Uitgerekend nu de F-16 vrijwel dagelijks in het nieuws is, zendt VTM ‘F-16’ uit, een documentaireserie over de piloten die zulke oorlogswapens zo goed als meester zijn. Zo goed als, want metaalmoeheid, loszittende schroefjes en een kinkje in de bedrading kunnen altijd voor verrassingen in den hoge zorgen. Tel daar dan een tekortschietende schietstoel bij op. Maar goed, die F-16’s zouden volgens een rapport van de constructeur nog zes jaar meegaan.

In mijn jonge jaren – het koren stond hoog, de middaghitte trilde, de klaprozen bloeiden en strakblauw was het zwerk – donderden er geregeld Starfighters, de voorlopers van de F-16, door de geluidsbarrière. Dat was tegelijk spannend en eng. Met net zo’n gemengde gevoelens heb ik naar ‘F-16’ gekeken. Scalle, één van die piloten, sprak: ‘Het is hoog tijd om eens aan de mensen te laten zien waar het allemaal om draait.’ En volgens hem draaide het allemaal om – twee keer raden – de F-16 en de bijbehorende piloten. De dik aangezette muziek in deze serie neigde naar de dramatische luchtverplaatsingen in Sensurround, die bioscoopcomplexen op hun grondvesten doen daveren. ‘F-16’ was zo’n beetje een luxe-uitvoering van het weinig betreurde ‘Televox’, en was voorts propaganda ten gunste van onze jongens aan het zwerk. Want jongens, dat waren het: ze luisterden naar bijnamen als Gizmo, Baseco, Shell, Gadis, Chipo en Tobi – Tobi was een letterwoord voor ‘turn on the battery, idiot. De piloot in kwestie had ooit verzuimd één of andere batterij in te schakelen, en aan die nalatigheid moest zijn bijnaam hem dan in dat jongens-onder-elkaar-sfeertje tot in lengte van dagen herinneren.

In vredestijd nemen sommige piloten deel aan vliegdemonstraties in bijvoorbeeld een zonovergoten vakantiebestemming als Lido di Jesolo in Italië, waar Gizmo ons op het ‘esthetisch effect’ van zo’n showvlucht wees. Volgens een piloot keken mensen weleens om als een stuntvlieger in uniform voorbijliep, of ze vroegen om zijn handtekening, want er kleeft van oudsher een schijn van heldenmoed aan types die aanzienlijk minder gevaar zien dan ik. Ik word een tikje misselijk als ik in dit programma de horizon zie kantelen achter een piloot in volle vlucht, maar ik voel me daarom niet laffer dan gemiddeld. Voor het overige geef ik graag toe dat ik ’m levensecht kan knijpen als mijn inlevingsvermogen mij parten speelt. Nu ook weer, toen Chipo tijdens zijn eerste solovlucht met moeilijkheden kampte bij het landen.

Vóór gevoelige naturen konden denken dat straaljagerpiloten er zijn om de schoonheid te dienen in het luchtruim boven badplaatsen aan de Adriatische Zee, noemde Scalle de dingen gelukkig bij hun naam: ‘De F-16 is een wapen.’ Tobi vatte zijn militaire toewijding als volgt in woorden: ‘Je moet één zijn met die machine, en dan wordt ze een wapen.’ Op een luchtmachtbasis in Jordanië, waar de luchtaanvallen op IS werden gecoördineerd, mochten we een beperkt kijkje nemen in het zenuwcentrum. Iedereen liep er met een geblurd hoofd rond, en wegens militaire geheimhouding, kregen we er vooral niets interessants te zien.

Op het beeldvizier van een piloot in actie, waarmee we kennis hebben gemaakt tijdens de Eerste Golfoorlog, zagen we een precisiebombardement van een bomenrij, waarin krijgers van IS kort voor hun tenhemelopneming een heenkomen hadden gezocht: op zulke beelden lijkt de werkelijkheid altijd weer in een vrijblijvende videogame te verglijden, soms zelfs in een abstractie. ‘Emoties mogen de beredeneerde uitvoering van een taak niet in de weg staan,’ klonk het, maar nadat ze hun slimme bommen hadden uitgezonden, waren de piloten in kwestie zo te horen weleens aan een goed gesprek met de aalmoezenier toe, een volle baard die ze Padre noemden. Een piloot zei dat hij ooit een precisiebombardement eventjes had uitgesteld omdat hij een kat in het vizier kreeg. Hij dacht toen ook aan de baasjes van die kat, die hun aaibare huisdier geweldig zouden missen. Nadat mijn tranen uitgebiggeld waren, leerde ik dat de slimste bom die piloten van een F-16 tot hun beschikking hebben – dat projectiel is vast ook goed in snelschaken – evenveel kost als een directieauto. Vast leuk om te horen als je van de voedselbank afhangt.

Voor ik het vergeet: eens van het gebroken geweertje, altijd van het gebroken geweertje.

Rudy Vandendaele

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234