Dwarskijker over 'De afspraak': 'Soit, zucht de fransoos'

Mevrouw Doornaert doet mij sterk aan een schooldirectrice denken die me in het regenseizoen van mijn leven op gestrenge toon zei: 'Besef je wel dat dit je aller-, állerlaatste kans is?


De afspraak

Canvas - 12 juni - 244.889 kijkers

‘De afspraak’, 45 minuten duiding in gespreksvorm, behoort tot mijn vaste consumptiepatroon: ik ga er elke avond van de werkweek braafjes voor zitten, en dat is dan dat. ‘Misschien gebeurt er iets in,’ denk ik een enkele keer – Etienne Vermeersch die ruiterlijk zijn logisch onderbouwde ongelijk toegeeft, bijvoorbeeld – maar meestal probeer ik er, zoals van deze fase van mijn leven, zo weinig mogelijk van te verwachten. Over Bart Schols, die in gesprekken geen doetje is en ook nog eens beschaafd, heb ik niet te klagen.

Laatst maakte Mia barones Doornaert weer eens haar opwachting in dit programma, een vrouw die, of ik dat nu wil of niet, altijd mijn onverdeelde aandacht heeft. Dat komt misschien omdat ze mij sterk aan een schooldirectrice doet denken die me in het regenseizoen van mijn leven op gestrenge toon zei: ‘Besef je wel dat dit je aller-, állerlaatste kans is? Dringt dat wel tot je door? Wel? Wél? Wéééééél?’ De doorluchtige mevrouw Doornaert zag er in ‘De afspraak’ net iets hooggeborener uit dan ze al bij al is, want per slot is ze nieuwe adel, hoe je haar ook wendt of keert. En wat is zo’n baronessentitel voor een journaliste anders dan een twijfelachtig relatiegeschenk van het hof, de soapies van wijlen ‘Royalty’?

Als deze grande dame van de plaatselijke columnistiek intens naar een dure dameskapper geurend in een televisiestudio aan de Reyerslaan opdoemt, dan kun je er donder op zeggen dat er Franse staatsaangelegenheden ter sprake zullen komen. Mevrouw Doornaert liet dit keer haar licht schijnen op de eerste ronde van de Franse parlementsverkiezingen, die bepaald gunstig was uitgevallen voor president Macron, hoe gering de opkomst van het kiezersvolk ook mocht zijn. Op de toon van iemand die gemakshalve geen tegenspraak duldt, parafraseerde ze haar column die in de digitale avondeditie van een krant stond. Ik heb me al vaker afgevraagd waarom de nieuwsdienst van de openbare omroep, die toch het puikje hoort te zijn, geen eigen connaisseur van de Franse politiek opvoert. Iets dergelijks vraag ik me ook af als ik voorwoordschrijvers van kranten aan de gesprekstafel van ‘De afspraak’ zie aanschuiven. Hebben ze aan de Reyerslaan dan geen geduchte opinieneven in eigen rangen? Soit, zucht de fransoos, waarna hij zichzelf nog eens bijschenkt, om loopkaas vraagt en een accordeon omgordt.

Het was me al eerder opgevallen dat er iets dweperigs in de stem van mevrouw Doornaert sluipt als zij het over Charles de Gaulle heeft. Dan klinkt ze alsof ze in een cosy corner van het Élysée, achter een paravent, ten tijde van de Vijfde Republiek, de neusharen van Le Grand Charles nog van dichtbij heeft gezien. Nu, als ze de vrouwenliefhebber François Mitterrand oprakelt, brengt ze daar niet zelden een suggestief glimlachje bij in stelling. Onnodig te zeggen dat ik reikhalzend uitzie naar haar memoires, mits die goed geschreven zijn, en verluchtigd met een vleugje humor, dat op eventuele zelfrelativering zou kunnen wijzen. Anders hoeven die gedenkschriften niet voor mij, hoor. Mijn leven is zo al kort genoeg.

Noël Slangen blies ook zijn partij mee aangaande de Franse parlementsverkiezingen. Als communicatieadviseur die gespecialiseerd is in crisiscommunicatie en opiniemanagement, is hij uiteraard bereid overal zijn partij mee te blazen – dag en nacht oproepbaar. Het type gozer dat vast geen enkele kans afslaat om zich ergens mee te bemoeien. In deze aflevering van ‘De afspraak’ leunde hij in zijn particuliere deskundologie achterover als in een massagestoel, vreemd genoeg met instemming van mevrouw Doornaert, die doorgaans geen tweede stem aangaande Franse staatsaangelegenheden duldt. Slangen klonk naar mijn smaak iets te zeer als iemand die Macron langs de neus weg van advies had gediend, zodat ik maar wat blij was toen het singletje ‘Kind van de duivel’ van Jebroer, dat een etmaal lang ophef maakte, in ‘De afspraak’ ter discussie werd gesteld. Eindelijk iets interessants.

Enige Nederlandse dominees hadden uit hoofde van hun geestelijk ambt een kanttekening bij dat zoveelste hoogtepunt van de nederhop geplaatst. Daar zijn die verontruste dominees nu net dominee voor, dacht ik. ‘Kind van de duivel’ is een gewild luguber en provocatief nummer, waar vooral onschuldige kindertjes tuk op blijken te zijn. Mevrouw Doornaert leek vooral namens de Goede Smaak, haar comfortzone, het woord te voeren: ze vond ‘Kind van de duivel’ wel een oorwurm maar – wat klonk ze stellig! – géén muziek. Slangen vond dat nummer dan weer een prachtkans om het met de kindertjes eens gezellig over drugs en wapenbezit te hebben, en er onderhand de beginselen van het opiniemanagement in te rammen. Mevrouw Doornaert herinnerde zich dat de geil heupwiegende Elvis Presley in de jaren 50, toen ze een teenager was, óók als provocerend en schandalig werd ervaren door lui die graag schande spreken en van alle tijden zijn. Voorts moesten wij, types zoals ik, vooral niet denken dat mevrouw Doornaert niet jong en baldadig was geweest: ‘Iedere generatie heeft haar eigen muziek,’ zei ze tot drie keer toe. Zij had in de fifties hitsig gerock-’n-rold – o, wat ruiste haar petticoat! – op de nieuwe geluiden van ‘Hound Dog’, ‘That’s All Right’ of ‘Don’t Be Cruel’. En in de bandeloze jaren 60, toen het nu eens weeïg naar verwelkte bloemen rook en dan weer naar traangas, en tussendoor ook wel naar marihuana en verkoolde bustehouders, vertoonde zij zich met een button waarop te lezen stond: ‘Christus is voor onze zonden gestorven, laten we hem niet teleurstellen.’ Jazeker, mevrouw Doornaert was me er eentje. Nu, de ware teenager op jaren heeft zijn jeugd nooit verraden of anderszins opgegeven, en laat, hoewel schier pensioengerechtigd, nog steeds een mate van sublieme gekte toe in zijn leven. Noem het een gave waarvan ik mevrouw Doornaert, uit respect, niet verdenk.

Intussen was ‘Kind van de duivel’ bij gebrek aan een dominee geheel en al onschadelijk verklaard. Dirk Depover, de woordvoerder van Child Focus die ook aan de gesprekstafel zat, vond dat ‘Kind van de duivel’ au fond ‘Grieks drama’ was. Om ook eens iets interessants op te werpen. Nog voor ik ‘Toe maar’ kon prevelen, veerde mevrouw Doornaert, die klassieke filologie heeft gestudeerd, verontwaardigd recht en ze verhief namens de volledige klassieke oudheid haar stem: ‘Kind van de duivel’ had in de verste verte niets te maken met het onaantastbare werk van de onsterfelijke Sophocles, Aristophanes, Euripides en Xylophon de Knapenschender. Ik zag er de amusementswaarde van in, zette mijn smart-tv uit, en las voort in ‘De weergekeerde bloem’ van Wessel te Gussinklo.

Rudy Vandendaele

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234