null Beeld

Dwarskijker over 'De Columbus' en 'De Boxy's: 45 minuten dubbelzien zonder drankmisbruik

Hilde Crevits doet me aan een welpenleidster uit mijn regenachtige kindertijd denken


De Columbus

Eén – 10 april – 850.229 kijkers

Wim Lybaert, die datgene wat er nog van het aards paradijs overblijft aan een moestuin kan aflezen, draagt zijn pallieterachtige idee van het goede leven verder uit in ‘De Columbus’, een programma waarin hij, alsof hij nooit iets anders heeft gedaan, een voormalige schoolbus bestuurt, die voor de gelegenheid tot rijdend vakantieadres is omgebouwd. Er is een kruidentuintje aan boord, alsook een reisgezel in wie de chauffeur om één of andere reden geïnteresseerd is. Naar ik gemakshalve aanneem.

In de eerste aflevering was dat Hilde Crevits, viceminister-president van de Vlaamse regering en Vlaams minister van Onderwijs. Zij doet me aan een welpenleidster uit mijn regenachtige kindertijd denken, maar dieper op die akela ingaan zou ons, en vooral mij, ergens heen leiden waar ik toch liever wegblijf, na 52 jaar.

Voor de reis een aanvang kon nemen, moest de minister eerst de bestemming, die in een plastic globetje zat, aan een kauwgomautomaat ontwringen. Het lot wees Monaco aan, het populaire belastingparadijs, een reisdoel dat de Columbus in vier dagen zou moeten bereiken, en níét via de snelweg. De Columbus was, met een maximumsnelheid van 90 per uur, veeleer een schildpad dan een haas.

Aan het begin van dit programma werden we met onze neus op de dagelijkse werkelijkheid geduwd: uit het leven gegrepen beelden van een hopeloze verkeersstremming in een grauwe grote stad près de chez vous. In wel heel fel contrast daarmee stonden de beelden die we door de panoramische voorruit van de Columbus te zien kregen: wegen zonder tegenliggers, omgeven door idyllisch zomergroen. Of anders: vergezichten die naam waardig. Kortom, het perspectief van de zondagsschilder. Ik ben steeds meer te vinden voor een illusie op zijn tijd.

Door middel van split screen kregen we behalve het zomerlandschap van onze dromen ook het leven aan boord van de Columbus te zien. Het duurde verbazend kort voor de minister en de chauffeur onderling klonken alsof ze oude kennissen waren. Dat ze allebei in West-Vlaanderen het levenslicht hadden aanschouwd, zal wel geholpen hebben: het stamverband is iets te sterk aldaar.

Dat de Columbus nooit zijn doel zou bereiken, was al snel duidelijk, want in dit programma is, om het tegen mijn zin met een cliché van oude hippies uit te drukken, de reis zelf het doel. Iemand is tijdens zo’n reis altijd enigszins uit z’n gebruikelijke context gelicht, waardoor hij of zij iets makkelijker inkijk in het eigen zieltje geeft: het is een beproefde methode die we ook in ‘Het huis’ of ‘Die huis’ hebben meegemaakt, al slaat Wim Lybaert nooit een dwingende toon aan als hij een vraag stelt – daar is hij te aardig voor, omdat hij nu eenmaal geen journalist is.

Hilde Crevits sprak over de kangoeroewoning die zowel haar ouders als haar schoonouders onderdak bood; ze had het over de darmtumor die haar vader bijna het leven had gekost en – bewogener – over de lymfeklierkanker waaraan haar zoon het hoofd had moeten bieden: ‘Pas 24, en plots moet je omgaan met de eindigheid.’ Voor de gelukkigen die daar nog niet van doordrongen waren, zei de minister: ‘Op elk moment van het leven kan het noodlot toeslaan.’

De reisgezellen hielden halt op schilderachtige en buitengewoon fotografeerbare plekken, en tussendoor staarde de minister naar de binnenlopende e-mails op haar smartphone of gaf ze bezijden de Columbus, en buiten gehoorafstand, een telefonisch interview aan Radio 1 aangaande ‘startende leraren.’ Hilde Crevits en Wim Lybaert brachten, zij het in aparte bedden, de nacht in dezelfde ruimte in de Columbus door. Daar hield ik een zeker vooruitgangsgeloof aan over, want ik kon me niet indenken dat bijvoorbeeld de steile Leo Tindemans, in mijn jeugd een iets te succesrijke partijgenoot van Hilde Crevits, het destijds in zijn hoofd zou hebben gehaald om in het gezelschap van een televisiemaker een onbestemde busreis te ondernemen, en ook nog eens, zónder seks, een slaapkamer met hem te delen.

In ‘De Columbus’ probeerde Wim Lybaert zijn hebbelijkheden af te wegen tegen die van Hilde Crevits: hij duldde geen inspraak in de keuken, en zij was niet tegen kritiek bestand. Ze had ook de slechte gewoonte om hem de baas te zijn in jeu de boules, een spel dat ze als enig kind vaak speelde door zich in drie spelers te verdelen. Ik, zelf een enig kind, wist precies waarover ze het had. Ik herinner me eenzaam ganzenborden op lange winteravonden in de zomer.

De Columbus kwam niet verder dan Vittel, waar Wim Lybaert en Hilde Crevits het op een terrasje op een evalueren zetten. Moest er ten afscheid worden gekust? Wim vond dat de minister het momentum had gemist, maar er kwam toch nog een kus in het vage van.

Ik heb het gastenlijstje van ‘De Columbus’ gezien – voor de helft lui die zich interessanter zullen voordoen dan ze zijn – maar ik blijf wel naar dit programma kijken. Wim Lybaert had evengoed een tv-programma zónder tussenpersonen kunnen maken, over datgene wat er, in het leven van alledag, nog van het aards paradijs overblijft. Ik denk dat hij daar aanzienlijk meer aanleg voor heeft dan ik.

undefined

null Beeld

'De Boxy's moeten het tegen elkaar opnemen, want een wig tussen een tweeling drijven is volgens kijkersonderzoek vermakelijk'


De Boxy’s

VIER – 11 april – 119.054 kijkers

Je kunt het zo gek niet bedenken of het bestaat. Neem nu de gebroeders Boxy, die toptraiteurs zijn, volgens mensen die niet terugdeinzen voor woorden die met ‘top’ zijn aangedikt. De Boxy’s zijn, hoe je ze ook wendt of keert, twee middelbare heren die elkaar al kennen sinds de moederschoot. Als foetus hadden ze het gevoel dat ze aldoor in de spiegel keken, en daar beleven ze zo te zien nog steeds plezier aan. Wie van beiden het origineel is en wie de kopie laten ze in het midden. Het iets te brede kijkerspubliek – één van hen was ik – zag hen voor het eerst aan in ‘Mijn pop-uprestaurant’, waarin ze opgevoerd werden als komisch duo met warenkennis. Alsof toptraiteurs daar de tijd voor hebben, treedt dit eeneiige tweetal nu op in een televisieprogramma dat vlakaf naar hen is genoemd. Het komt neer op zo’n 45 minuten dubbelzien zonder drankmisbruik. Ik weet nu al dat de vraag ‘Kunnen jullie voor het gemak niet één worden?’ zich vroeg of laat aan me zal opdringen.

In ‘De Boxy’s’ wordt de tweeling in verschillende omstandigheden op de proef gesteld. Zij moeten het, eeneiig of niet, tegen elkáár opnemen, want een wig tussen een tweeling drijven is volgens kijkersonderzoek vermakelijk. Los van het wedstrijdelement lopen de Boxy’s, Stefan en Kristof en vice versa, vanzelf al de hele tijd met West-Vlaamse tongval te kissebissen, ook al zijn ze het van nature roerend met elkaar eens. Met elkaar praten is voor de Boxy’s ongeveer hetzelfde als iets in zichzelf mompelen.

In de eerste aflevering van ‘De Boxy’s’ daagde Jani, een vermeende homoseksueel, hen uit om op Tomorrowland een gerecht te bereiden dat de waarden van dat festival tot uiting zou brengen. De wáárden, ik hoorde het goed. Tomorrowland, een festival dat zich een paar werst buiten mijn belangstellingssfeer voltrekt, klinkt in mijn oren nog het meest als een machinepark in een groeiland. En daar stel ik me niet meteen het paradijs bij voor. Een waarde is dan weer dat er zich onder het publiek van Tomorrowland beduidend meer mooie meiden bevinden dan op een boekpresentatie of – ’t kan altijd nog treuriger – een poëzieavond. De cultuur moet het vaker afleggen tegen de natuur. Eeuwig zonde dat ik daar niet bijtijds ben achtergekomen. En maar sonnetten in eigen beheer uitgeven.

Een beeldschoon elfje, één van die mooie meiden, kwam de gestaag beppende Boxy’s telkens weer een opdracht geven. Bijvoorbeeld: geblinddoekt buitenlandse gerechten proeven en vervolgens onder het internationale publiek van Tomorrowland de vlaggen van de bijhorende landen gaan afsmeken. Wie won, kreeg meer ingrediënten voor het uiteindelijke gerecht waarover Jani en zijn kittige kransje zouden oordelen. De verliezende Boxy moest, zoals zoveel mensen, wonderen doen met enkele schamele fishsticks en peper en zout.

Nadat we de tweelingbroers hadden zien raven – tipsy ooms die zich op een bruiloft te buiten gaan – moesten de Boxy’s al deejayend, en tegen elkaar op, ook de harten van senioren veroveren in een verzorgingstehuis. De aanblik van die hachelijk op de tonen van ‘Paloma Blanca’ hopsende bejaarden met een hoofdtelefoon op, vond ik lichtjes deprimerend. Als zo’n Boxy ook nog eens gniffelend zei dat één van die oudjes hem in een opstoot van doodgewaande hartstocht op de mond had gekust, wou ik dat het beeldschone elfje als de wiedeweerga met een andere opdracht kwam aanzetten. Aldus geschiedde, zodat ik de Boxy’s ook een eigen dans zag creëren, die – ze hadden er zelf voor gekozen – op spaghetti bolognaise was geïnspireerd. Omdat het leven angstaanjagend kort is, zie ik af van een beschrijving.

Volgens Jani en zijn kirrende kransje van best straight girlfriends had de ene Boxy, die sprekend op zijn broer lijkt, al lekkerder gekookt dan de andere, maar wie er gewonnen heeft, doet er niet toe. De winnaar mocht naar Ibiza, en aangezien de denktank achter dit programma er aan één stuk door op uit is om de Boxy’s in de maling te nemen, bleek die bestemming Frituur Ibiza te zijn. Láchen. Of een potje huilen met de pet op. Dat staat een mens nu eenmaal vrij.

Toen hij ons de genoegens van ‘Tomorrowland’ schilderde, zei een Boxy naar keuze: ‘Je gaat mee met de flu. Of de flow, of wat het ook mag zijn.’ De flu: mocht ik griep hebben, dan zou ik me ‘De Boxy’s’ wellicht sufferig laten welgevallen, met mijn bewustzijn in slaapstand. Het geval wil dat ik tegen het influenzavirus ben ingeënt. Ook tegen televisie in het algemeen, overigens.

Rudy Vandendaele

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234