Dwarskijker over 'Dries Mertens, God in Napels', 'Kevin De Bruyne: Genie in Manchester' en 'Gilles De Bilde thuis bij de Duivels': Een perfecte schwalbe in het stadspark

Genie' zal, althans naar mijn taalgevoel, altijd wel een maatje te groot zijn als je er voetbalkundige kwaliteiten mee tot uitdrukking wil brengen


Dries Mertens: ‘God in Napels’

Eén – 7 juni – 664.747 kijkers

Kevin De Bruyne: ‘Genie in Manchester’

Eén – 13 juni – 782.169 kijkers

De bobo’s van de Koninklijke Belgische Voetbalbond, die voor de sport twee à drie zakendiners per dag kunnen verstouwen, droegen alle Belgen op om tijdens het WK als één man achter de Rode Duivels te staan. Dat leek mij, als Belge néerlandophone, een veeleer aangename plicht, al met al. Bovendien kon ik me beroepshalve maar beter aan de driekleurige voetbalgekte op de televisie overgeven dan dat ik dofweg naar het nieuwe seizoen van ‘Met vier in bed’ zat te staren. In de eerste aflevering van dat programma opperde een figuur met een zeker aplomb dat hij niet zelden zijn persoonlijke hoofdkussen meenam als hij uit logeren ging. En nu jij weer. Je zit erbij, je kijkt ernaar en je vraagt je af hoelang televisieformules zichzelf kunnen overleven. Je vraagt je misschien ook af hoe zielig je beroepshalve bent als je op zomerse lenteavonden, die een beetje senior writer tot fijnzinnige sfeerreportages over diensters op caféterrassen noden, naar ‘Met vier in bed’ zit te kijken.

Neen, geef me dan maar Ruben Van Gucht die welhaast glimmend van voldoening bij een stuk of wat Rode Duivels langsgaat. Als je in kennerskringen niet meteen door de mand wil vallen, kun je het maar beter over de Duivels dan over de Rode Duivels hebben. En dan te bedenken dat rood het steeds slechter doet in de peilingen.

Zo’n Duivel is Dries Mertens, gevierde spits bij SSC Napoli, die in die stad naar de roepnaam Ciro dient te luisteren of – porca miseria! – er zwaait wat. Ten huize van Dries Mertens kun je vanaf het dakterras, eventueel onder het genot van een glas gloedvolle Aglianico, de Vesuvius zien, en het eiland Capri en de Amalfikust: laten we het er gemakshalve maar over eens worden dat Ciro en zijn geliefde mooi wonen, op een plek die Lord Byron vast op ideeën had gebracht. Mij overigens ook wel, maar ik pak daar liever niet mee uit.

Smartphonefilmpjes die Mertens vanaf de spelersbus had gemaakt, gaven ons een idee van het supporterslegioen van SSC Napoli na een overwinning: een kolkende, extatische menigte, die zich met ware doodsverachting tegen de bus opdrong. Ik herkende ze van scènes in het Colosseum uit sandalenfilms van lang geleden. ‘Nihil sub sole novum,’ zullen we maar zeggen. Dries Mertens zei dat hij in zulke omstandigheden iets in hun ogen zag dat je zelden in mensenblikken ziet. De oogopslag van Kat Kerkhofs niet te na gesproken. Het voetbal is niet eens een belangrijke bijzaak voor mij maar toch doorvoer er mij een primaire ontroering toen een oude Napolitaan uit de grond van zijn hart zei: ‘Blijf bij ons, Dries.’

Dries Mertens was zonnig, aardig, benaderbaar, gastvrij, gul, mededeelzaam en amicaal in de omgang, alsof hij en Ruben Van Gucht vrienden waren, of in het slechtste geval goede kennissen. Hij nam de sportverslaggever mee naar Trattoria da Cicciotto, zijn favoriete restaurant waar hij door het personeel blindelings aanbeden werd – hij hoefde er zelden te betalen, en – God zal me kraken! – nu ook weer niet. Het was één van de weinige plekken waar selfieënde tifosi hem met rust lieten, toch tijdens het eten. In de gauwigheid en op aandringen van de directie leerde Ruben Van Gucht er pizza’s bakken, een vaardigheid die hem later – sportverslaggeving bij de tv is een onzeker vak, zeker voor blonde manspersonen – misschien nog van pas kan komen.

Hoewel het aan de vooravond van het WK wellicht niet gepast is om enigerlei kritiek op de bondscoach te formuleren, vond Dries Mertens dat er aan het Belgische elftal geen ‘filosofie’ ten grondslag lag, wat mij meteen de sketch ‘The Philosophers’ Football Match’ van Monty Python in herinnering bracht. Daar kikkerde ik zienderogen van op. Nu ja, ik begreep wel wat Ciro met ‘filosofie’ bedoelde: een mengeling van tactiek, strategie, natuurkunde en internationale boerenslimheid, en ik vond het dapper dat hij, kort voor de afreis naar Rusland, nog een kanttekeningetje prijsgaf.

Dat deed Kevin De Bruyne liever niet in ‘Kevin De Bruyne: ‘Genie in Manchester’’. Dries Mertens was ‘God in Napels’: ‘god’ is een ongerieflijk woord waar geen mensenmaat op staat, en ‘genie’ zal, althans naar mijn taalgevoel, altijd wel een maatje te groot zijn als je er voetbalkundige kwaliteiten mee tot uitdrukking wil brengen. Dat neemt uiteraard niet weg dat Kevin De Bruyne wereldklasse heeft als aanvallende middenvelder van Man City, waardoor Noel Gallagher, die net zo goed met woorden is als zijn broertje Liam, hem volkomen terecht ‘fooking unbelievable’ vindt. Op straat deed een oude Mancunian die nooit liegt een grootschalige uitspraak: ‘Kevin De Bruyne is de toekomst.’ Zo hoorden we het ook eens van een ander.

Onder het principieel laaghangende wolkendek van Manchester gaf Kevin De Bruyne er de voorkeur aan om de interviewer niet tot zijn privésfeer toe te laten, want in zijn huis duldt hij behalve familie alleen echte vrienden. ‘Voorlopig ben ik nog geen echte vriend,’ sprak Ruben Van Gucht een tikje sip, terwijl hij zich naar het trainingscentrum van Man City begaf. Ruben: ‘Hoeveel velden zijn er hier?’ Kevin: ‘Geen idee.’ Je merkte meteen dat De Bruyne heel anders in elkaar stak dan Dries Mertens, die onder het azuur van Italië het goede leven niet aan zich voorbij wilde laten gaan. Bovendien voetbalt hij bij een club waar de spelers een glas wijn drinken tijdens de lunch, zonder zich al te veel zorgen te maken over hun conditie. Op last van Man City moet Kevin De Bruyne zijn gewicht nauwkeurig in de gaten houden, en elke maand wacht hem een bloedprik, maar daar viel verder niet over te zeuren. Voor de rest hield hij zich op de vlakte: ‘De Duivels spelen anders dan Man city.’ Punt. En hij hoefde ook geen inspraak te hebben in het plan de campagne van Roberto Martínez. Merkwaardig dat hij zich ‘wel en niet’ voldoende gewaardeerd voelde in België, waarna hij hardop vond dat iedereen achter de Duivels moest staan, en daarmee uit. ‘Waarom wordt het ons WK?’ wilde Ruben Van Gucht weten, die ervan uitging dat het ‘ons WK’ wordt. ‘Omdat het tijd is,’ antwoordde Kevin De Bruyne.

We kregen filmpjes te zien die één van De Bruynes beste vrienden had gedraaid: een beschaafd oudejaarsfeestje waarop de aanvallende middenvelder, met het oog op zijn toekomst, vooral water dronk. Met een zekere vertedering dacht ik aan wijlen George Best terug, een groot voetballer én een groot drinker: hoe zou die stormachtige man in de mesjogge jaren 60 oudejaar hebben gevierd? Wellicht met kleerscheuren. We kregen ook beelden te zien waarin Kevin De Bruyne, aanzienlijk vrolijker dan gewoonlijk, zich uitleefde in de vaderrol. Terwijl hij met z’n zoontje stoeide, leek zijn bijna stugge ingetogenheid – of is het de ernst van de binnenvetter? – ineens van hem af te glijden. Hij voelde zich het best als hij dat jongetje zag lachen, want ‘een kind kan geen lach faken.’ Hij was er zich van bewust dat zijn kind, door een gunstige speling van het lot, bevoorrecht was. De kariger dagen van zijn eigen jeugd waren hem ook bijgebleven. Nu heeft hij thuis een chef-kok in dienst.

Mocht België wereldkampioen worden, dan zal Ruben Van Gucht bij Kevin De Bruyne over de vloer mogen komen. Die belofte wist de sportverslaggever op de valreep af te dwingen.

'Met een 'matzwart gepimpte' Rolls Royce voor de deur schetste Romelu Lukaku de armoede waaruit hij en zijn broer Jordan met veel talent zijn weggedribbeld'




Telefacts special: Gilles De Bilde thuis bij de Duivels

VTM – 12 juni – 470.785 kijkers

Iedereen wil kennelijk vriendjes worden met de Giganten van de Grasmat en in een ‘Telefacts special’ liet Gilles De Bilde, gewezen profvoetballer en nu analist, uitschijnen dat hij dik was met zowel Dries Mertens als Romelu Lukaku als Marouane Fellaini. In ieder geval vertoonde hij de neiging om die voetbalvorsten zo veel mogelijk sympathieke porren en schouderklopjes te geven. Voorts was hij aldoor bereid om hen in een onbewaakt moment te omhelzen of in de armen te vallen. Dollen. Jongens onder elkaar. Er ontstond heel snel een sfeertje waarin ik me op ongelikte kleedkamerpraat begon te verheugen, maar dat genoegen werd me helaas onthouden. Het is best mogelijk dat het puikje van het Belgische voetbal meer vertrouwen heeft in iemand die zelf nog op hoog niveau heeft gevoetbald dan in de zoveelste nieuwsjager die al te gretig naar exclusieve nieuwtjes hongert: ‘Fellaini draagt afro van broer af!’ Maar als puntje bij paaltje kwam, was Gilles De Bilde natuurlijk ook een nieuwsjager.

Dries Mertens maakte van de gelegenheid gebruik om nog maar eens het gebrek aan ‘filosofie’ in de nationale ploeg aan te kaarten, maar zelfs analisten gaan op een bepaald moment balen van voetbalkunde, zodat Gilles De Bilde al snel doorstiet naar diepmenselijke onderwerpen als geld en relaties. Met een – ik citeer de analist – ‘matzwart gepimpte’ Rolls Royce voor de deur, ergens onder het principieel laaghangende wolkendek van Manchester, schetste Lukaku de armoede waaruit hij en zijn broer Jordan met veel talent zijn weggedribbeld. Voor vaste verkering paste hij alsnog op, en al zijn aandacht en steun ging naar zijn naaste familie. 95 procent van zijn inkomen vloeide naar het vergaarbekken van een spaarrekening. Toen Gilles De Bilde naar het eventuele liefdesleven van Marouane Fallaini hengelde – hij heeft in vastgoed geïnvesteerd – liep de sympathieke middenvelder tot vier keer toe het beeld uit: een running gag waarbij hij zijn tegenzin uitproestte. Toen hij weer was bijgetrokken, zei hij dat Belgische voetballers in deze tijd de baas waren van de voetbalcompetitie in Engeland. Het British Empire is onderhand al héééééél lang geleden, denk je dan als Belge néerlandophone. Zo, en nu ga ik mijn schwalbe perfectioneren in het stadspark.

Rudy Vandendaele

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234