Dwarskijker over 'Ersin in wonderland' en 'Telefacts zomer: achter de schermen van een all-in-resort': Gretig buffelen in gezinsverband

15.000 pilsjes per dag: daar komt natuurlijk uitbundig urineren van, het liefst in het zwembad

'De safarigangster had een grogstem. Vast wel iemands type, maar niet noodzakelijk het mijne'


Ersin in Wonderland

Canvas – 9 juli – 137.107 kijkers

Op Eén verloren de Rode Duivels occasioneel van Frankrijk, een elftal dat, wat voetbalstijl betreft, aan de Gendarmerie nationale tijdens een opstootje deed denken. Intussen had zich op Canvas ‘Ersin in Wonderland’ afgespeeld, een even ontluisterend als verhelderend reisprogramma, met een onnadrukkelijk en misschien wel ongewild ontradingseffect. Zouden het onprettige, sikkeneurige lui zijn die tijdens de halve finale van het WK naar deze productie van de VPRO zaten te kijken? Of waren die kijkers juist heel innemend en ook nog eens intelligent? De zonderling die daar het fijne van wil weten, vogele het voor een keertje zelf uit, want steller dezes moet opschieten.

Ersin Kiris, hier en daar bekend van het pittige consumentenprogramma ‘Keuringsdienst van waarde’, speelde in ‘Ersin in Wonderland’ zowel voor toerist als voor onderzoeksjournalist: de ene rol zat de andere niet in de weg. Zijn personage, op het eerste gezicht een lummelende antiheld, haalde zonder zichtbare moeite bruikbare informatie uit mensen, wellicht ook wel omdat hij als exemplarische faux naïf bijna geen argwaan wekt. Er zit geen grammetje kwaad bij, zou menigeen zweren, en daar doet hij als harde professional in een zachte verpakking dan weer schaamteloos zijn voordeel mee. Hij laat tijdens gesprekken ook ongemakkelijke stiltes vallen, die altijd wel iets opleveren, en bovendien een droogkomisch effect sorteren.

In Zuid-Afrika liet hij zich scheren bij een zwarte vrouwelijke barbier, alvorens hij met enige Engelsen plaatsnam in een open safariwagen, die in het Krugerpark te midden van een troep dommelige leeuwen halt hield. Het daagde Ersin dat die wilde dieren alles welbeschouwd gevaarlijk dichtbij waren: ‘Ze hebben je zó te pakken,’ zei de ervaren safarigangster die achter hem in de open safariwagen zat. Ze bracht er een grijnsje bij voort en ze had een grogstem. Vast wel iemands type, maar niet noodzakelijk het mijne.

Nu, het was Ersin niet zozeer om de leeuwen als wel om de neushoorns te doen, op wier hoorns stropers het in opdracht van Chinezen al tijden hebben gemunt. Het was Ersin nog het meest om de stropers zelf te doen, met wie hij net over de grens met buurland Mozambique aan de praat probeerde te raken. We zagen een dor en stenig braakveldje, waar zelfs onkruid het tieren had opgegeven. Nabij een vervallen bouwseltje zonder duidelijke bestemming hingen opgeschoten zwarte jongens rond, zelfverklaarde voetballers, die zoals nagenoeg iedereen in Mozambique structureel werkloos waren, en dan ook straatarm. Ersin wilde van één van die jongens weten waar hij zijn nieuwe voetbalschoenen vandaan had gehaald – ‘Geleend van een vriend.’ Zijn honkbalpetje, dat ook van recente datum oogde, had zijn werkloze vader dan weer voor hem gekocht. Ging hij weleens uit stropen in het Krugerpark? Kon hij een neushoorn vellen? Aan ome Ersin mocht hij dat wel vertellen. ‘Nooit. Dat doe ik niet,’ zei de jongen met een betrapt lachje.

In het Krugerpark bestond de overgrote meerderheid van de paramilitaire rangers uit zwarte arme sloebers, die nu voor het eerst in hun leven een redelijke baan hadden en een uniform dat hun gevoel van eigenwaarde ten goede kwam. Hun gezagvoerder eiste radicale toewijding en passie in de gewapende strijd tegen stropers. Eén van zijn manschappen, die een gehersenspoelde indruk maakte, zei dat hij zelfs zijn eigen broer zou doodschieten mocht hij hem als stroper in het vizier krijgen. De stropers vielen bij bosjes en de rangers niet. Dat kwam volgens de gezagvoerder omdat de stropers a) eerst schoten, maar minder goed konden mikken, en b) zich nu eenmaal in het schootsveld van zijn goedgetrainde rangers bevonden.

In het Krugerpark stond een schamel gebouw dat als gerechtshof dienstdeed. De rechter, een blanke vrouw van middelbare leeftijd, bracht ons enthousiast op de hoogte van de strafmaat voor wildstropers: het doden van een neushoorn, het bezit van een wapen zonder vergunning, de intentie om een misdaad te plegen, het wegvijlen van het serienummer van een wapen en inbraak in een wildpark konden je algauw op twintig à veertig jaar brommen komen te staan. De rechter had het druk: er stonden haar 35 rechtszaken te wachten, stuk voor stuk aan neushoorns gelieerd, en in afwachting van hun vonnis verdrongen de beklaagden, goeddeels jongemannen, elkaar in een krappe betraliede ruimte. Eén van hen zei dat hij zich had laten meeslepen door een vriend, die de stroperij niet had overleefd. ‘Hoe is het leven in Mozambique?’ wilde Ersin voor alle zekerheid weten. ‘Daar is niets,’ klonk het, ‘en daarom zitten we nu hier.’ Buiten stond een vader, een aandoenlijke man van goede wil, angsten uit voor zijn zoon, een beklaagde van 19. ‘Iedereen is werkloos, ook ik,’ zei hij, waarna hij zich afvroeg of hij zijn zoon niet meer op de gevaren van wildstropen in het Krugerpark had moeten wijzen. ‘Ik wist niet eens dat hij dat van plan was,’ voegde hij eraan toe, op een toon alsof hij als vader tekortgeschoten was.

Uit ‘Ersin in Wonderland’ bleek vanzelf, en dus zonder dat Ersin Kiris ons daar met zoveel woorden op wees, dat er geen goeden en geen slechten waren in deze problematiek, en dat structurele werkloosheid en alle overerfelijke armoede van dien de aanstichters van het kwaad waren. Het gedempte, onuitgesproken engagement in dit programma komt bij mij harder aan dan – ik geef maar een voorbeeld – een bewogen toespraak waarin Kristof Calvo, welhaast op schreeuwtoon, in ‘Villa politica’ de onmiddellijke herverdeling van de rijkdom op aarde zou eisen. Al valt daar anders wel iets voor te zeggen.

Hoewel ik me ook in slotzinnen liever van nuttige informatie onthoud, wil ik de lezer, die ene, deze keer toch doorverwijzen naar de gerieflijke site vrt.nu, die alle afleveringen van ‘Ersin in Wonderland’ nog tot 12 augustus ter beschikking stelt van het ruime publiek.


Telefacts zomer:

Achter de schermen van een all-inresort

VTM – 12 en 13 juli – 363.895 kijkers

In de zomer pakt ‘Telefacts’ graag uit met inkijkjes in het leven van de mateloos rijken: het actualiteitenprogramma biedt dan bijvoorbeeld reportages aan over miljardairs in Monaco die niet precies weten hoeveel zeiljachten ze bezitten, en ook aangaande woonpaleizen en luxeauto’s met bijpassende maîtresses de tel zijn kwijtgeraakt. De modale inkomens, die in het zweet huns aanschijns een hypotheek aflossen en kromliggen voor hun studerende kinderen, schijnen hun hart aan eclatante rijkaards op te halen. De sociaaldemocratie reanimeren zit er niet meteen in.

Deze week gooide ‘Telefacts’ het over een andere boeg: we kregen zeer modale Britten te zien, die volgens het onverwoestbare klassensysteem in hun land hooguit tot de lower middle class behoorden. Zij vierden massaal en all-inclusive vakantie in het Holiday World Resort aan de Costa del Sol, een onafzienbaar hotelcomplex – wel vijftien zwembaden – dat op industriële schaal badgasten verwerkt.

Het Britse legioen was over het algemeen weldoorvoed: kreunend liet het zijn overgewicht in ligstoelen zakken. Hoewel het vakantie was, stonden sommigen al om halfvier op om zich door middel van handdoekoplegging een ligstoel aan het zwembad toe te eigenen.

Het Britse legioen nam zich, wegens de all-informule, voor om in gezinsverband nog gretiger te buffelen dan in het perfide Albion. Aangezien de Britse vakantiegasten zich als een bezettingsmacht gedroegen, aten ze uitsluitend eten waarmee ze ook in Engeland vertrouwd waren: om te beginnen een full English breakfast, ter bevordering van de slechte cholesterol, en vervolgens allerlei gefrituurd snelvoer alsmede hamburgers, hotdogs en braadworsten van allerlei slag. Als ze al niet openlijk hun neus ophaalden voor paella, ging de Spaanse keuken volkomen aan hen voorbij, laat staan de rest van de Spaanse cultuur.

Het Holiday World Resort was een Engelse enclave onder de zon, waar het uitstekend getrainde en psychologisch weerbaar gemaakte Spaanse hotelpersoneel met de glimlach moordlust verbeet als het avond aan avond te maken kreeg met doorzopen Britten, die ’s ochtends om 10 uur al hun eerste grote pils hadden besteld. Af en toe voerde de commentaarstem, om dit programma een ernstig air te geven, een statistiek aan: ‘Er worden vijftienduizend pilsjes per dag getapt.’ Daar komt natuurlijk uitbundig urineren van, het liefst in het zwembad – een vader van een nieuw samengesteld gezin kon het ons nog sterker vertellen: hij zei doodgemoedereerd dat zijn balorig stiefdochtertje bekend had dat ze onder water op zijn rug had geplast. En een Spaanse barman vertelde met een wondere glimlach dat een volgelopen Brit laatst tegen de bar, en voorts al wankelend naar de wc, geheel was leeggelopen. Een oudere Schot knoopte, nadat hij zijn ochtendpils had besteld, graag een praatje aan met het personeel. Hij zei dat hij kanker had overwonnen, maar dat hij niettemin tot de incontinentieluier was veroordeeld. Voor de grap gewaagde hij van een intercontinentale luier. Benny Hill had zijn verdiensten. Nadat de Schot verdwenen was, zei de barman met alweer zo’n glimlach waaraan ongetwijfeld een beenharde psychologische training was voorafgegaan: ‘Sommige gasten worden wel erg vertrouwelijk.’

Andermans vakantiepret gaat mij niet aan, en een volk kan nu ook weer niet elke dag een Shakespeare voortbrengen. Als dit staaltje van trash tv al iets was, dan was het een waarschuwing.

Het zou me niet verbazen dat het personeel van het Holiday World Resort geregeld op een afgelegen plek samenkomt om er ritueel, en onder het uitstoten van rauwe cante flamenco, de Union Jack te verbranden.

Rudy Vandendaele

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234