Eddy Wally na het herseninfarct: het eerste interview

Op 5 maart 2011 werd Eddy Wally getroffen door een herseninfarct dat de linkerkant van zijn lichaam verlamde. Wally revalideerde vier maanden in het ziekenhuis en trok dan naar een rustoord.

We ontmoeten Eddy Wally bij hem thuis, een bescheiden villa in de Zelzaatse wijk De Katte. Binnen lijkt het een jungle: drukkend warm en helemaal dichtgegroeid. Souvenirs, platenhoezen, foto’s, postuurkes, schilderijen, witte hoeden, roze brillen... Geen vierkante centimeter wand is kaal gebleven, geen kastof tafelblad onbedekt. Eén smal gangpad is er, onlangs vrijgemaakt om de rolstoel van Eddy door te laten. Voor een buitenstaander lijkt hij te hangen in dat wagentje, maar vrouw Mariette en dochter Marina vinden dat hij fier rechtop zit. ‘Hij is toch al zo veel verbeterd,’ zegt Mariette.

'Ik wil weer zingen. Ik gá weer zingen. Over een paar maanden sta ik in het Sportpaleis'

Daar geeft hij in het begin weinig blijk van. Zijn eerste publieke optreden – want zo ziet hij dit interview – maakt hem zenuwachtig. Hij wil per se Nederlands praten, een taal die altijd vreemd voor hem is gebleven, en dus klinkt hij als de rare robot die we kennen van op televisie. Als een man die nog maar pas een herseninfarct heeft gekregen, eigenlijk. Vragen lijkt hij niet te begrijpen, hij antwoordt met soundbytes die hij voor het gesprek heeft ingestudeerd. ‘Amai! Eddy Wally is back!’ ‘Onvoorstelbaar hoe goed ik al ben!’ Maar geleidelijk aan ontdooit hij. Hij schakelt over op Zelzaats, de taal waarin hij denkt, en wordt weer Edouard Van de Walle: een gewone man van negenenzeventig die keihard zijn best doet om er weer bovenop te komen – en al een flink eind is opgeschoten.

HUMO Herinnert u zich nog wat er op 5 maart is gebeurd?

Eddy Wally «Alles. Ik ben geen minuut buiten bewustzijn geweest. Geen seconde zelfs. Ik was in Brussel voor besprekingen met ‘De rode loper’, en nadien ben ik op restaurant geweest met kennissen. Ik voelde mij goed. De dagen ervoor had ik kweeniehoeveel optredens gedaan en ik was niets gewaar geworden. En daar, op het trottoir, voelde ik mij plots raar worden. Flauw, ongemakkelijk, een soort van black-out. Eén klop en wég: beter kan ik het niet omschrijven. Ik had eraan kunnen zijn en ik had het nooit geweten.

»Gelukkig ben ik slim genoeg geweest om rap op een dorpel te gaan zitten. Anders was ik garantie gevallen en had het allemaal veel erger kunnen zijn.»

HUMO Wist u meteen dat het ernstig was?

Wally «Ah ja, mijn linkerkant was van kop tot teen verlamd. Dat is verschieten. De ene seconde is alles pico bello, en (knipt met de vingers) de seconde erop staat heel uw wereld op zijn kop. Perte totale. Niets kon ik nog. Niet staan, niet spreken, niet eten, niet drinken... Maar wel honderd procent bij mijn verstand. Dát is lastig: dat ge wéét hoe erg het is.

»Heel even ben ik bang geweest om dood te gaan, maar dan heb ik tegen mijzelf gezegd: ‘Gij gaat niet sterven.’ Ik bleef dat maar herhalen: ‘Nie pleuje! Sterk zijn!’ Gemakkelijk is dat niet: in het begin heb ik heel diep gezeten. Tranen gehuild, echt niet kunnen stoppen met schreien. Een mens begrijpt zoiets niet. Maar in het leven moet ge leren aanvaarden. Ik heb vroeger ook al diep gezeten, en elke keer ben ik erin geslaagd om die miserie achter mij te smijten. Weet ge wat ge moet zeggen tegen tegenslag? ‘De boom in!’»

HUMO Waar haalt u de kracht om dat te kunnen?

Wally «Heel simpel. Ik heb een goeie familie, ik heb veel fans, en vooral: Onze-Lieve-Vrouw van de Stoepe (bedevaartsoord in Ertvelde, red.) steunt mij. Zij zal mij niet in de steek laten, wist ik, en dat heeft ze niet gedaan. Elke dag heb ik gelezen, gebeden om kracht. Ieder zijn ding, maar ik ben nog een gelovige van de oude stempel. En als ik weer beter ben, ga ik naar Frans-Lourdes (er is ook een Lourdes in het Oost-Vlaamse Oostakker, red.) om Onze-Lieve-Vrouw te bedanken.

»Weet u: er zijn fans van mij speciaal naar ginder gereisd om voor mij te bidden. Duizenden kaartjes heb ik gekregen – wat zeg ik: bij het miljoen. Ik overdrijf niet! Vraag maar aan mijn manager, hij moet ze allemaal beantwoorden. Kindjes van zeven en mensen van tachtig. Uit Vlaanderen, uit Holland, uit Spanje, zelfs uit Zanzibar, Nieuw-Zeeland en de Filipijnen. Ongelofelijk. Elke dag zakken vol. Nog meer dan toen ik voor mijn kanker werd geopereerd (in 2005 werd bij Wally darmkanker vastgesteld, red.). Politiekers van alle partijen hebben mij al sterkte gewenst. Daniël Termont, de burgemeester van Gent, zei: ‘Gij zijt ne crack, Eddy.’ Kamagurka heb ik ook al gehoord, de beste man met wie ik ooit heb gewerkt (in het absurde tv-programma ‘Lava’, red.). Zo aangenaam. En zo veel goede ideeën. We hebben ons zot gelachen. Hij, Herr Seele, Wendy’tje (Van Wanten, red.) en ik: zij hebben misschien met mij gelachen, maar ik zeker ook met hen (lacht).

»Weet ge wat het is: ik heb in mijn leven veel goeds gedaan voor de mensen. Bejaarden, gehandicapten, depressievelingen, altijd stond ik klaar voor ze. In de oorlog heb ik mensen geholpen die ondergedoken waren voor de Duitsers. Als jonge artiest ging ik optreden in de rusthuizen, waar toen alleen maar de sukkelaars zaten. En nu krijg ik al het goede dat ik heb gedaan terug, nu staan de mensen klaar voor mij. Dat geeft kracht om te vechten.

»Want dat is het belangrijkste: dat ge u niet alleen voelt. Anders studeert ge u dood op uw probleem. Dan blijft ge maar piekeren. Maar ik heb mijn Mariette, mijn dochter Marina, mijn manager Hugo Colpaert, die mensen stonden dag en nacht bij mij. En dan nog eens mijn fans.

»De professors begrijpen het niet. ‘Zo courageus! Dat hebben wij nog nooit gezien.’ Maar ik heb een doel in het leven. Ik weet waarom ik vecht: ik wil weer zingen. Ik gá weer zingen. Volgend jaar sta ik op de Gentse Feesten, mijne joengene!»

HUMO Echt?

Wally «Misschien, wie weet. Lang zal dat optreden niet duren, een nummertje of drie, maar ik werk ervoor. Keihard. Ik heb het aan de dokters gevraagd en van hen mag het. Anders zou ik het niet doen. Wat de professors zeggen is heilig voor mij. Naar hen luister ik altijd. »Ik ben niet ziek, hè. Ik heb geen pijn meer en ik neem maar twee medicamenten: één pilleke voor het hart en ééntje om te slapen. Ik ben een gezonde mens. Alleen duurt het een tijd eer ge van zo’n klop hersteld zijt.

(Begint te zingen, met zachte maar toonvaste stem) »’Shanghai, amai, amai. Nooit zag ik in heel mijn leven zoveel Chinezen.’ Goed, hè! Mijn stem heeft niks geleden, contrarie, ik heb de indruk dat ze nog beter gaat worden. Elke dag oefen ik, met een meisje van de logopedie.

»Over een paar maanden geef ik een show in het Sportpaleis.»

HUMO U gaat zelfs niet wachten tot de Gentse Feesten in juli?

Wally «Neen, neen. (Manager Colpaert plant een tributeshow, met onder meer Rocco Granata en Adamo, waarin Wally één korte medley zingt, red.)

»Het kan mij niet schelen dat de mensen zeggen dat het alleen maar voor de centen is. Ik heb de bühne nodig. Daar haal ik inspiratie uit. Dat heb ik nodig om te leven. Als de dokters mij hadden gezegd: ‘Gij zult nooit meer kunnen zingen’, was ik nog veel dieper gevallen. Ik ben een artiest, ik wil voor mijn publiek staan. That’s my life.

»Begin tegen mij niet over pensioen, want daar kan ik niet tegen. Verstaat ge?

»Als ik niet kan optreden, kan ik ook niet gelukkig zijn. Het applaus, daar leef ik van. Nooit heb ik genoeg. Vraag maar aan mijn manager. Als ik drie dagen geen optreden had, begon ik te zagen. En als ik een optreden had van een halfuur, wilde ik er drie kwartier van maken. Altijd maar wilde ik nog een nummer spelen. En nog één. En nog één.

»Weet ge wat het is: optreden is voor mij het beste medicijn. Goed doen voor anderen, daar hebt ge zelf deugd van, dat is veel meer waard dan geld. De mensen vergeten hun zorgen, maar zelf vergeet ge ook uw zorgen.»


Gloek, gloek, gloek!

HUMO Mist u het optreden?

Wally «Ik treed nog elke dag op.»

HUMO Ah?

Wally «Hier in het rusthuis. De mensen komen naar mij en ze willen Eddy Wally spreken. Die krijgen ze. ‘Amai, Maria van de pizzeria, gij ziet er goed uit! Un, dos, tres!’ Dat is ook een beetje optreden.

»Ook hier help ik de mensen graag. Bij het avondmaal bij voorbeeld. Sommige eten met lange tanden. ‘Kom,’ zeg ik dan, ‘steek nog wat bij. Van pap wordt ge niet zat.’ En dan lachen ze en eten ze nog een beetje. En daar voel ik mij dan goed bij, want ik weet dat het gezond voor ze is om goed te eten.

»Als ik onder de mensen ben, treed ik altijd op. Ook op de markt destijds: geef mij publiek en ik leef op. Ik mis de markt soms nog. Ik deed dat graag. En ik deed dat goed: mij heeft niemand ooit horen roepen of tieren. Ik móést dat niet doen, de mensen kwamen vanzelf naar ons kraam.»

HUMO Maar zoals u hier nu zit, lijkt u helemaal nog niet klaar om op te treden.

Wally «Een beetje met de keer. Elke dag een stapke vooruit. Centimeter per centimeter. Een stalen geduld moet ge daarvoor hebben. U zou eens moeten zien hoe ik een paar maanden geleden was. Een paar wéken geleden zelfs. Vorige week heb ik voor het eerst op mijn linkerbeen kunnen steunen. Ik was de koning te rijk!

»Gewoon: hard blijven werken. Drie keer per dag oefeningen. Zweten dat ik al gedaan heb! Het druipt soms van mij af. Elke dag hang ik aan de toestellen, precies een acrobaat in het circus. Een mens van bijna tachtig jaar, maar zo’n fysiek: ongelofelijk! (Spant de biceps van zijn rechterarm) Kom maar niet te dicht, of ik hang u tegen het plafond (lacht).

»In het leven moet ge kunnen strijden. En afzien. Niet klagen over een pijntje hier of een pijntje ginder. Almaar vooruit. Ik ben altijd sterk geweest: een oorlogskind, opgekweekt met bommen, raketten en roggebrood. In mijn jonge jaren trad ik tot drie uur ’s nachts op en om vijf uur stond ik alweer in de fabriek. Vlug mijn hoofd onder de waterkaan om wakker te worden, en vooruit met de geit! Altijd maar werken, werken, werken. Vraahet maar aan mijn manager. Zesentwintig jaar is hij nu al bij mij: om dat vol te houden moet ge van ijzer en staal zijn! Optredens aan de lopende band, hoe meer hoe liever... En stillekesaan voel ik die kracht weerkeren. Mijn linkerarm kan ik nog altijd niet zelfstandig bewegen, maar ik kan hem nu toch al gemakkelijk met mijn andere hand verleggen. In het begin ging dat niet. Die arm woog precies zeventig kilo.

»Weet ge wat belangrijk is? Goed eten! Ik had dat altijd gedaan, zelfs al smaakte het niet, zelfs al was het tegen mijn goesting. In het begin at ik zeven keer per dag. Via een sonde. Astronautenvoeding!»

HUMO Speciaal voor kapitein Wally!

Wally «Gloek, gloek, gloek! En lekker! Ze hadden er die smaakte naar patatten met aardappels! Ik had er gewild die smaakte naar een goeie schel uuflakke (hoofdvlees, red.), maar dat zat niet in het assortiment.

»(Lacht) Jaja, Sharon Stone

HUMO Pardon?

Wally «Sharon Stone, kent ge die niet? De Amerikaanse actrice? Well, together I work with her (Wally ontmoette haar in 2010 in Florida op een etentje van de Make-A-Wish Foundation, red.). Zei ze tegen mij: ‘I like you, Eddy Wally.’ ‘I like you too,’ zei ik. Toch eigenaardig, hè, dat al die grote sterren naar mij neigen? Een Vlaams zangerke, een fabrieksjongen, maar overal geliefd. Niet alleen in Amerika, ook in Rusland! Zot gelijk mussen waren de Russen van mij (zingt in het Russisch). En de Chinezen (zingt in het Chinees).»

HUMO U kent die teksten nog?

Wally «Alles. (Tikt met een vinger tegen het voorhoofd) Hierboven ben ik niets kwijt. Uren en uren heb ik op dat Chinees gestudeerd, hier aan mijn keukentafeltje. Mariette kon er op den duur niet meer tegen. Almaar opnieuw en opnieuw. Ze werd er zot van. Maar ge ziet: het heeft geholpen, ik ken het nog altijd. En ik wéét wat ik zing.

»Ik heb ooit met koning Albert gesproken, toen hij nog prins was en buitenlandse handel deed. Ik had juist in Rusland opgetreden. ‘In welke talen hebt u daar gezongen,’ vroeg de prins. ‘In het Russisch, in het Chinees, in het Frans, in het Engels,’ zei ik hem. En hij: ‘U moet incognito bij mij in Brussel komen werken, mijnheer Wally.’ Zo erg was hij onder de indruk.

»En Sharon Stone was ook onder de indruk. Ik zou graag een film met haar maken. Denkt u dat Humo daarvoor kan zorgen? Humo kan véél! En Eddy Wally ook. Laat mij over een paar maanden naar Las Vegas of Hollywood vertrekken en ik krijg er nog alle zalen plat. Jaja, mijnheer, Eddy Wally gaat door tot het gaatje van het plaatje. Dat zei Johnny Hoes altijd.»

HUMO Uw voormalige platenbaas. In juli is hij gestorven.

Wally «In april is hij nog in het hospitaal op bezoek geweest bij mij. Hij is vierennegentig geworden. En zeer rijk. Dankzij mij, dat heeft hij zelf toegegeven. Op zijn sterfbed heeft hij nog tegen zijn zoon Adriaan gezegd: ‘Vergeet Eddy Wally nooit, hij heeft ons rijk gemaakt.’ Adriaan is mij dat zelf komen vertellen.

»Ik heb de mensen altijd iets gegund. Ertvelde heb ik destijds op de kaart gezet. Niemand kende dat. Maar naar mijn zaak (feestzaal Chérie/Paris-Las Vegas, red.) kwam een massa volk. De winkels en de cafés in de geburen profiteerden daarvan mee, want bij mij was het geregeld uitverkocht, en dan gingen ze hun geld op een ander opdoen.

»En nu ga ik Zelzate weer op de wereldkaart zetten. Er komt een Eddy Wally-museum. Daar ben ik bijna elke dag mee bezig. Dat is nog zo’n doel. Het zal prachtig worden. Honderdvijftig Eddy Wally-kostuums van over de hele wereld. Van alles van Eddy Wally zult ge er kunnen zien: souvenirs, dinges, noem maar op. Bijna alles wat ge hier in huis ziet hangen en staan.»

HUMO U gunt iedereen iets, zegt u. Sommige bladen hebben de voorbije maanden geschreven dat u zich door uw manager laat leegzuigen.

Wally (schudt het hoofd) «Wat denkt ge nu zelf? Dat ik mij zesentwintig jaar aan een stuk door dezelfde man zou laten oplichten? Ik ben een commerçant, hé? En Mariette ook. Wij tellen ons geld, zijt maar gerust.

(De deurbel gaat) »Ah, ze zijn daar.»

Een medewerker van het rusthuis waar Wally verblijft, komt hem ophalen. Het woensdagse thuisbezoek zit erop. ‘Een paar weken ge leden huilde hij nog als hij weer moest vertrekken,’ zegt Mariette. ‘Maar nu heeft hij zich geschikt.’


De witte brigade

Anderhalve week later hebben we een nieuwe afspraak met Wally, in rusthuis Bloemenbos in Zelzate. Een somber gebouw vanbuiten, maar binnenin fris, kleurrijk en eigentijds. In de cafétaria, waar veel medebewoners van Wally verzamelen, hangt zelfs een soort vrolijkheid. Het is er druk, dus verhuizen we naar een gastenkamertje.

HUMO Sommigen mensen vonden het vreemd dat u in een OCMW-rusthuis op een tweepersoonskamer moet liggen. ‘Hij zou zich toch veel beter moeten kunnen permitteren?’

Wally (boos) «Ach, de mensen zouden beter wat minder zagen! Om te beginnen is dat een héél goed rusthuis. Heel modern, met een kine-ruimte, met dokters en verplegers, alles wat ik in mijn toestand nodig heb. En goed eten! »Ik moet geen luxe hebben. Dat interesseert mij niet. Op de bühne wél, daar wil ik de beste kostuums dragen, maar thuis heb ik altijd eenvoudig geleefd. Ge zijt bij mij in de keuken geweest: is dat de grote luxe? (Wally heeft een heel eenvoudig keukentje, waar de wasmachine nog door een stuk gelige golfplaat aan het zicht onttrokken wordt, red.) Ik ben privé altijd een gewone jongen gebleven. Simpel is het best, te veel is nooit goed. In liedjes is dat ook zo: teksten met té veel woorden slaan nooit aan.»

HUMO Hoe vult u uw dagen tegenwoordig?

Wally «Opstaan, ontbijten, gewassen worden, en dan de kranten lezen. Zeker een uur aan een stuk, van a tot z. En dan moet ik oefeningen doen, ook een uur aan een stuk. Dan eet ik en rust ik een beetje. In de namiddag is er bijna elke dag wel iets te doen. Optredens, spelletjes, van alles. De dagen zijn goedgevuld.»

HUMO Er is geschreven dat u een depressie hebt gehad.

Wally «Ik? Nooit! Ik ben verdrietig geweest, dat wel, maar ik heb mij nooit laten gaan. Mijn liefde voor het leven is te groot. Kanker, herseninfarct, niets krijgt die liefde kapot. Ik zou alles doen om voort te leven, letterlijk álles, voortdurend raap ik mijn courage bijeen. Als ik denk aan jonge mensen die niet meer willen leven, word ik verdrietig.

»Frank Vandenbroucke is nog bij mij geweest, kort voor hij overleden is. In het Frans was dat. ‘C’est vous le chanteur unique,’ zei hij. En ik: ‘C’est vous le coureur unique.’ En dan te denken dat die jongen zo triest was. (Zijn onderlip begint te beven) Dat raakt mij enorm. Jonge mensen die het niet meer zien zitten... We kunnen die niet genoeg steunen. Er wordt veel geklaagd over de jeugd, maar dat is niet terecht. Ik heb er al verschillende in tranen gezien bij het overlijden van hun grootouders: zo schoon. En mij hebben ze ook altijd veel liefde gegeven. Ik weet wel wat er geschreven werd: dat ze naar mijn optredens kwamen om mij uit te lachen. Maar de journalisten die dat schreven, waren zelf nooit naar zo’n optreden geweest. Nooit ben ik bekogeld met tomaten – integendeel: de jeugd hield van mij.»

HUMO Hebt u eigenlijk vijanden?

Wally «Neen. En daar ben ik fier op. Ik mág daar ook fier op zijn, want ik heb er hard voor gewerkt. Altijd goed geweest voor de anderen. Al in de oorlog, ik was zeven jaar, bracht ik eten naar mensen die ondergedoken zaten voor den Duits. In den duik ging ik naar de kelder en sneed daar een dikke schel buikspek af. Ik heb nog van de riem gekregen: zo kwaad was mijn vader daarover. Die dutsen die ik te eten gaf, zijn een paar dagen te vroeg uit hun schuilplaats gekomen en den Duits heeft ze gefusilleerd.»

HUMO Dat hebt u in een vorig interview nog verteld: dat u als jonge jongen elke dag langs de muur moest wandelen waar die executie had plaats gevonden.

Wally «Vreselijk. Ik ben nog jaren bang geweest dat den Duits mij zou pakken. Mijn moeder moest mij altijd geruststellen. Ge moet weten: ik smokkelde voor mijn moeder boodschappen aan de Witte Brigade voorbij de Duitse controleposten. Zij had contacten met het verzet, en af en toe schreef ze een boodschap voor die mannen op een papierke. Dat draaide ze tot een bolleke en dat stak ze in mijn oor. en zo moest ik voorbij de controle. Schudden en beven van de schrik!

»en wat ik heb meegemaakt, is nog niks. een nicht van mij heeft het concentratiekamp overleefd. en later, toen ik marktkramer was, heb ik Joodse voyageurs leren kennen die ook in de kampen hadden gezeten: vreselijke verhalen, te gruwelijk om na te vertellen.»

HUMO De oorlog heeft uw leven getekend.

Wally «enorm. Ik word er ’s nachts soms nog wakker van. oorlog is het ergste wat er is. Het valt te hopen dat we dat nooit meer meemaken.

»Maar ik droom ook mooie dromen. Dat ik weer in Las vegas sta, bij voorbeeld, in de Hilton, dat heb ik hier in het rusthuis al een paar keer gedroomd. Ik zie mij staan op de bühne, schone kostuums, schone danseressen, en heel de zaal wordt zot! Ik héb daar al opgetreden, dat weet ge toch nog?»

HUMO Denkt u veel aan vroeger?

Wally «Heel veel. Ik heb ook zo veel om op terug te kijken. en bijna allemaal mooie herinneringen. Zelfs van tijdens de oorlog. Ik was over de middag als kind eens in slaap gevallen in een struik dahlia’s. mijn moeder vond mij niet en sloeg in paniek. Heel de wijk is uit-

eindelijk naar mij op zoek geweest (lacht). Daar moest ik aan terugdenken toen ik later het liedje zong: (Zingt) ‘Vannacht, als de bloemen dromen, zullen wij samen zijn bij het licht van de maan.’

»Dat waren tijden! De mensen hier in Zelzate hadden toen nog allemaal bijnamen. een madam met een dubbele kin noemden we de Pelikoane. en dan hadt ge Frans Tand. marthe Taloore. Tille Snee (lacht).»

HUMO Hoe noemden de mensen u, Edouard Van de Walle?

Wally «Gewoon: Wartse. maar dat zegt niemand nog. Ik ben rap Eddy Wally geworden.

»‘Eddy Wally gaat filmacteur worden,’ zeiden ze in de jaren vijftig al in de cinema van Zelzate. en ik droomde daar ook van. van Amerika. ‘Gejaagd door de wind’: dat was de film die mij aan het dromen heeft gezet. Ik heb het nog tegen mijn moeder gezegd: ‘Ik ga naar Amerika.’ eerst dacht ze dat ik het over café America had (lacht).»


Niet voor publicatie

HUMO In uw liedjes zingt u alleen over liefde en plezier.

Wally «Daar dient muziek voor: om te vergeten. om plezier te maken. Ik weet misschien beter dan wie ook hoeveel miserie er in de wereld is, maar juist daarom maak ik plezierige muziek. De mensen vrágen dat ook. Zo lang er mensen bestaan, zullen ze willen dansen en drinken en leute maken. en dat is schoon. muziek helpt u te ontsnappen.

»Ooit kreeg ik een cassette van een fan die in de gevangenis zat. Hij had een kanarievogel in zijn cel en die kon heel schoon zingen. Hij had dat voor mij opgenomen. ‘Ik word daar blij van,’ had hij mij geschreven. Toen ik dat gezang hoorde (doet een fluitende vogel na) kreeg ik tranen in mijn ogen. Ik heb die man een cassette teruggestuurd. ‘Doet uw best. Luister goed naar de bazen. maak iets van uw leven. eddy Wally steunt u.’ Iederéén verdient een kans.»

HUMO Luistert u zelf nog naar muziek?

Wally «O ja. Charles Aznavour. Adamo. en Mireille Mathieu en Elvis Presley

HUMO Geen Vlaamse artiesten?

Wally «Toch wel, maar ik ga er geen noemen, want ik zou er durven te vergeten. en ik wil niemand kwetsen.

»(Begint te zingen) De wereld dicht bij jou, waar ik toch zo van hou.’ Kent ge dat?»

HUMO Neen.

Wally «Ge kunt het niet kennen: het is een nieuw nummer van mij. Ik ben het nog aan het schrijven.»

HUMO Over wie gaat het?

Wally «Mijn lieve dochter Marina. (Zingt) ‘De wereld dicht bij jou, waar ik toch zo van hou. Hij is niet zo grauw, elke dag is iets anders’, euh, ‘We zitten niet tussen de salamanders’. (Lacht) Ge hoort: ik moet er nog een beetje aan werken.

»Maar het komt goed. met mij ook. Het is ongelofelijk wat voor een kracht het leven is. Ge hadt mij moeten zien een paar maanden geleden: niks kon ik. Jean-Paul Belmondo, de filmacteur, heeft hetzelfde voorgehad. Ik ken zijn vriendin (Barbara Gandolfi, red.) – die woont in Knokke. belmondo is veel verbeterd dank zij de warmte, dat is goed voor de spieren. Warmte en rust. Ik voel dat als ik in bad ga: dat doet deugd.

»Vanmorgen heeft de verpleegster die mij in bad doet zich gestoten. Ze riep iets in ’t engels dat ge niet in Humo moogt publiceren. ‘Hello darling,’ zei ik, en op slag begon ze te lachen. ‘How are you, my darling?’ vroeg ik. en zij: ‘Zwijgt, eddy Wally, of ik ga d’rin blijven (lacht). De mensen blij maken, daar draait het om. Geen capuchones, vriendelijk tegen alleman.»

HUMO Denkt u soms aan de dood?

Wally «In het begin had ik er schrik van, ja. nu wil ik er niet meer aan denken. Dat helpt u toch niet vooruit.

»(Gedecideerd) Stel maar een andere vraag.»

HUMO Bent u gelukkig?

Wally «Heel gelukkig. Dat mag in grote letters boven het artikel. Ik ben blij met mijn leven. blij met wat ik heb gehad, blij dat ik aan de beterhand ben, en blij omdat ik een toekomst zie. Eddy Wally droomt nog. van een optreden voor de koning en de koningin, bijvoorbeeld. Albert en Paola. En voor prinses Mathilde. Denkt ge dat Humo dat zou kunnen regelen?»

HUMO Moeten we niet eerst die film met Sharon Stone rond krijgen?

Wally (lacht) «Laten we er een feuilleton van maken! Alle weken in Humo: The Story of Eddy Wally. Wordt vervolgd!»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234