Eén jaar na de New Yorkse uitspattingen van Pieter De Crem: de barmeid spreekt

Maandag 17 november 2008, halftien 's avonds in New York, Upper East Side. Minister van Defensie Pieter De Crem tuimelt stiepelzat van de trappen van het B. Café en zet, met zijn gevolg, de tent op stelten. Barmeisje Nathalie beschrijft het voorval op haar blog en wordt prompt ontslagen, op verzoek van de minister. Er ontploft een bom in de pers en in het parlement. De gevolgen voor het barmeisje zijn hallucinant.

HUMO Vertel nog eens precies wat er die avond met minister De Crem gebeurd is.

Nathalie «Het was een doodgewone avond, ik sta achter de toog te werken. Op een gegeven moment gaat de deur open - er waren trapjes - en er valt iemand naar beneden, languit op de grond. Ik ga kijken, ik zie dat gezicht en herkende 'm meteen. 'Dat kàn toch niet!' dacht ik. Mijn collega's kenden hem duidelijk ook, want blijkbaar komt De Crem altijd naar het B. Café als hij in New York is. 'Oh nee, daar heb je 'm weer! Dat is echt een lul!' Maar de baas is nogal snel onder de indruk van 'hogere instanties' en ontving hem met veel egards.
Ik heb lang genoeg in het zakenleven meegedraaid, ik zie wel vaker CEO's of politici die ladderzat zijn, maar dit was echt degoutant. De Crem dronk bollekes Coninck en liep te lallen tegen de Amerikanen in zijn gezelschap over Belgisch bier en folklore. Hij werkte luidkeels het repertoire af van De Strangers en Bobbejaan Schoepen, maar dan met andere woorden. 'Zie ik de lichtjes van defensie' en zo. Hij kroop ook om de haverklap achter de toog om aan de i-pod te prullen en deed verschrikkelijk neerbuigend tegenover het personeel. Een héél vervelend mannetje is het gewoon. Het gezelschap kon bijna niet meer drinken omdat ze allemaal al zo teut waren. Ze maakten zoveel lawaai dat de vaste klanten opstapten uit ergernis. Daar kon ik niet om lachen, want het was mijn boterham die daar opstapte.
Op een bepaald moment raak ik aan de praat met de diplomatieke raadgever van de minister (Vincent Mertens de Wilmars, red.). Dat was eigenlijk wel een fijne man, die al heel wat van de wereld had gezien. 'Bij defensie,' vertelde hij, 'is het eigenlijk wel een relaxte job. Iedereen weet dat.' 'Wat komen jullie hier eigenlijk doen?' vroeg ik nieuwsgierig. Hij antwoordde dat ze normaal besprekingen hadden met de mensen van de VN, 'maar die zitten op dit moment in Genève.' Ik was heel verbaasd: waarom dan met een delegatie naar New York komen? 'In Brussel gebeurt er zo weinig, en ik was nog nooit in New York geweest...' Ik zag daar die lallende minister op de achtergrond, en mijn maag draaide gewoon om. De crisis had er net heel hard ingehakt in New York. Ik zag iedere dag vrienden en kennissen die ontslagen werden. En dan zoiets.
Toen ze eindelijk opgekrast waren, zo rond één uur, kon ik de boel sluiten en belde ik een vriend op, want het moest me gewoon van het hart. 'Pas op met wat je zegt,' waarschuwde hij me nog. 'Als je dat op je blog schrijft, kan je ontslagen worden.' Ik lachte dat weg: 'Ontslagen? Pffff, voor zoiets toch niet!' Ik was zo verontwaardigd dat het mij niet kon schelen: 'En als hij me wil ontslagen, dan doét hij dat maar! Zoiets mogen de mensen toch weten, zeker?' Grote mond hé. (lacht) Nog dezelfde avond ben ik driftig beginnen te typen op mijn blog. Twee dagen later belde iemand van De Standaard om te vragen of dat verhaal klopte.»

HUMO Hoe was De Standaard op jouw blog terechtgekomen?

Nathalie «In mijn vriendenkring zitten nogal wat mensen die 'iets' in de media doen. Een van hen moet een berichtje naar de krant gestuurd hebben. Maar het bleef dus niet bij die ene krant. Er kwam nog een artikel en nog een artikel, Studio Brussel belde, Q-Music... En op mijn blog regende het plots berichten. Heel vijandige reacties soms, genre: 'Vieze bloghoer! Halfgare caféslet!' Echte scheldtirades, waar ik toch wel van schrok. En moraalridders, met het vingertje in de lucht. Toen was het nog niet eens in het parlement geweest.
Ik kan dit maar beter aan de baas vertellen, voor hij het van iemand anders hoort, zei ik tegen een collega. Die raadde mij dat af: 'Ach Nathalie, die man is al achttien jaar niet meer in België geweest, die houdt zich echt niet met zulke dingen bezig. Laat het gewoon zo.' Dat deed ik dan maar. Ik hoopte dat het vanzelf zou overwaaien.
Tot ik op een zondagavond moest werken, en een collega me apart nam. 'De baas weet het. Je moet me beloven dat je het tegen niemand zegt, maar ik stond bij hem toen een woordvoerder van De Crem hem belde. De baas viel zowat van zijn stoel.' Zonder dat telefoontje had hij waarschijnlijk nooit iets geweten. Voor ik aan mijn shift begon, vroeg ik hem of we even konden praten. Hij reageerde er niet eens op, en toen mijn dienst er opzat, vroeg hij me om onmiddellijk het gebouw te verlaten, of hij zou de politie roepen. Ja, daar stond ik dan op straat met mijn grote mond.
De Crem heeft heel lang ontkend dat er iemand uit zijn entourage had gebeld, maar ik wist het dus wel zeker. Ik heb nooit gezegd hoe, maar de baas van B. café vermoedde al dat mijn collega het mij had verteld. Ze heeft dat tegenover hem toegegeven, en was ook bijna haar job kwijt. Dat zou ik heel erg gevonden hebben - dat was het verhaal mij niet waard. Dat meisje kwam uit Hongarije, uit een straatarme familie. Ze was naar de grote stad gekomen om het te maken, en voor haar was die job haar enige houvast. Ik kon nog altijd terug naar Antwerpen als het in New York niet lukte. Zij had niks om op terug te vallen. Gelukkig heeft de baas het toch door de vingers gezien.»

Lees het volledige interview in Humo 3611 van 17-11-09

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234