null Beeld

Een seriemoordenaar verstript

In ‘Mijn vriend Dahmer’ schijnt John ‘Derf’ Backderf met een felle zaklamp in de allerdonkerste tunnel van z’n verleden: de jaren dat hij schoolliep met Jeffrey Dahmer, de Kannibaal van Milwaukee die tussen 1978 en 1991 zeventien jongens en mannen verkrachtte en vermoordde. Backderf verstripte zijn herinneringen tot een pakkend verhaal over de dieptragische figuur Dahmer.


Koop deze strip nu in de Humo-shop (Humo-abonnees genieten van 15% korting!)

John Backderf «Ik heb ‘Mijn vriend Dahmer’ in de eerste plaats geschreven en getekend omdat ik het beu was om telkens weer dezelfde vragen te beantwoorden. ‘Oh wauw, heb jij Dahmer écht gekend? Hoe was hij eigenlijk?’ Omdat ik een beleefde jongen ben, ging ik daar steevast op in. Maar nu kan ik gewoon zeggen: ‘Alles wat ik erover te zeggen heb, staat in m’n boek, dat verkrijgbaar is bij de betere boekhandel. Nog een biertje?’ (lacht) Ik ben helemaal klaar met Dahmer, ik praat alleen nog over ’m als er weer ergens een nieuwe vertaling in de kijker gezet moet worden.»

HUMO Jij kreeg het nieuws dat Dahmer geklist was heet van de naald, want je vrouw werkte voor de krant.

Backderf «Klopt: op 23 juli 1991 belde ze me thuis op om te zeggen dat ze iemand van mijn oude school hadden opgepakt, en dat hij een hele reeks moorden had bekend. Ik dacht eerst aan Lloyd Figg, een jongen die we allemaal meden omdat hij vaak in woede kon uitbarsten – een echte psychopaat. Maar meteen daarna viel mijn frank: het kon niemand anders zijn dan Dahmer. Een paar jaar eerder had ik tijdens een vriendenreünie nog gezegd: ‘Weet je wat? Je zult zien dat Dahmer inmiddels een seriemoordenaar is.’ Een onnozel grapje, we zegden het over elke rare kwiet van wie we het spoor bijster waren geraakt.

»Het verschrikkelijke nieuws kwam in stukken en brokken tevoorschijn, omdat de nieuwsmolen een pak trager draaide dan vandaag – je moest telkens wachten op de krant van morgen, of op het avondjournaal. Eerst hoorde ik dat er in Dahmers flat drie lijken waren gevonden; dan waren het er tien, daarna zeventien. Er waren ook lichaamsdelen aangetroffen, en hij had verteld dat hij van de lichamen had gegeten en er seks mee had gehad. In die eerste uren en dagen leefde ik als in een emotionele mist: ik had niet één heldere gedachte, ’t was een kluwen van gevoelens en flitsen uit het verleden. Per slot had ik die gast echt goed gekend: hij was m’n labmaatje in de biologieklas, we zaten naast elkaar in de studieruimte, en ik had ’m later vaak een lift van en naar school gegeven.»

HUMO Meer nog: op de middelbare school hadden jullie zelfs een fanclub voor ’m opgericht.

Backderf «Het was een spelletje: we vonden Dahmer raar, maar hij was ook grappig. Hij speelde een soort personage, compleet met spastische bewegingen en een maffe woordenschat, half gebaseerd op de mentaal licht gehandicapte interieurarchitect die eens bij zijn ouders over de vloer was gekomen. Een echte vriend was Dahmer ook niet, je kon hoogstens wat over koetjes en kalfjes met ’m praten, maar we lachten hem ook niet uit. Jaren later vertelde hij dat die schooltijd de gelukkigste periode uit zijn leven was: hij hoorde er misschien niet helemaal bij, maar hij werd tenminste niet genegeerd – in de jaren voordien moet de eenzaamheid haast onverdraaglijk zijn geweest.»

HUMO Heb je dat ook verteld aan de collega van je vrouw die jou voor de krant kwam interviewen?

Backderf (knikt) «Een buitenkansje voor de man: een schoolmaat van de seriemoordenaar, die behalve oude anekdotes ook oude tekeningen van ’m kon voorleggen. Het was trouwens een prima stuk, en de andere kranten namen er gretig citaten uit over. Het nadeel was dat ik in de dagen en weken erna de hele persmeute over me heen kreeg. De telefoon stond roodgloeiend, en er kwamen voortdurend journalisten aanbellen, als ze al niet brutaal door het raam stonden te loeren. Mijn vrouw en ik hebben ons toen echt een tijdje gedeisd moeten houden: de telefoon niet opnemen als we het nummer niet herkenden, en zo. Gek hoor: de mediamachine was een stuk primitiever dan in ons internettijdperk, maar de snelheid waarmee ze over het verhaal denderde, was toch indrukwekkend. Binnen de twee dagen krioelde het in mijn thuisstad van de journalisten. De openingsscène van mijn boek speelt zich af aan de lange weg waarlangs het gezin Dahmer woonde: wel, die stond letterlijk vol auto’s en bestelwagens van de pers, vijf kilometer in beide richtingen. Eén beeld blijft me nog perfect bij: de flikken waren het zand op de oprit van Dahmers ouderlijke woning aan het zeven, op zoek naar botfragmenten of stoffelijke resten van zijn slachtoffers, en aan de overkant verkochten twee meisjes achter een tafeltje limonade. Echt surrealistisch.»

HUMO ‘Als de juiste omstandigheden door een speling van het lot met de juiste geestelijke gesteldheid samenvallen, is iedereen tot moord in staat,’ aldus voormalig FBI-agent en expert in seriemoordenaars Robert K. Ressler in Humo. Het geval-Dahmer is één groot en tragisch kluwen van extreme psychopathologie, nalatigheid en onnozel toeval: het had gerust anders kunnen lopen.

Backderf «Inderdaad. Iedereen herinnert zich die rare gevallen van op school, maar als je ze zou opsporen, zou je merken dat de meesten uiteindelijk wel op hun pootjes zijn terechtgekomen – in het slechtste geval heeft er zich eentje doodgedronken. Dahmer viel daarentegen door élk vangnet dat je je maar kon voorstellen, zijn hele leven was één grote tuimelpartij richting afgrond. Ik beschouw ’m – althans tot aan zijn eerste moord – als een dieptragische figuur. De rode draad die door ‘Mijn vriend Dahmer’ loopt, is die van de mislukking: in zijn jeugd faalden zijn ouders en leerkrachten, en toen hij uiteindelijk aan het moorden sloeg, faalden het politie- en rechtsapparaat – it was one giant fuck-up.»

undefined

'Dahmer goot een hele fles drank naar binnen voor hij naar school vertrok. Elke dag, twee jaar aan een stuk'

HUMO ‘Waar waren verdomme de volwassenen?’ vraag je je terecht af in je boek, maar heb je jezelf in een zwak moment ooit verweten dat je zelf niet aan de alarmbel hebt getrokken?

Backderf «Ik heb mezelf vaak afgevraagd of ik mezelf iets kon verwijten, maar zeg nu zelf: ga je een onnozele 16-jarige, die geïnteresseerd is in uitgaan en meisjes, écht die loden verantwoordelijkheid in de schoenen schuiven? Komaan, hè: er waren genoeg volwassenen in Dahmers leven die, als ze hun job naar behoren hadden gedaan, misschien het verschil hadden kunnen maken. Maar mijn vrienden en ik? Nee.

»Een tijdje na het verschijnen van mijn boek kwam ik toevallig te weten dat onze oude bibliothecaresse – ze zit in twee scènes – ooit bij de schooldirecteur aan de alarmbel heeft getrokken: ‘Er is iets niet pluis met die jongen, je moet het eens nakijken.’ Maar hij heeft haar wandelen gestuurd. Dat kan ik na al die jaren echt niet vatten, want Dahmer stonk uren in de wind naar de drank. Als je hem passeerde in de gang, ging je bijna over je nek. Niet moeilijk, hij goot een hele fles drank naar binnen voor hij naar school vertrok: elke dag, twee jaar aan een stuk. Hoe kun je dat nu missen? Kortom: wij dachten dat het de volwassenen gewoon geen reet kon schelen.»

HUMO Toen je aan ‘Mijn vriend Dahmer’ werkte, moest je ronddolen in een inktzwarte episode uit je eigen jeugd. Nooit gedacht: ‘Mijn rug op, ik begin aan een ander en vrolijker boek’?

Backderf «Nee. Of jawel: ’t was vaak frustrerend, ook al omdat ik destijds – ik ben eraan begonnen net na Dahmers overlijden in de gevangenis in 1994 (hij werd vermoord door een medegevangene, red.) – gewoon geen enkele uitgever vond die er brood in zag. Maar ik wist dat er een straf boek in zat, ik moest gewoon doorbijten. Het was geen pretje om het verhaal uit te schrijven – ’t is behoorlijk donkere shit – maar ik kende het wél op mijn duimpje: die eerste fase duurde dus maar een paar weken. Aan het tekenen zelf heb ik veel lol beleefd, vooral met de details van al die plekken uit m’n verleden – de landwegen, de schoolgangen, het winkelcentrum. (Enthousiast) Vooral dat laatste: ik kon de hand leggen op een plattegrond uit 1975, en in het archief van de krant vond ik de reclameadvertenties van alle winkels die er destijds gevestigd waren, de logo’s incluis. Alles wat je ziet in het boek is dus volledig waarheidsgetrouw. Lekker nerdy, maar ook echt fun om te doen.»

HUMO Werpt Dahmer nog altijd een duistere schaduw over je middelbareschooltijd, of is hij niet meer dan een wat donker uitgevallen voetnoot?

Backderf «Ik zou overdrijven als ik beweer dat hij m’n jeugd heeft verknald, maar dat gevoel dat andere mensen vaak beschrijven als ze het over hun tienerjaren hebben, die totale onbezorgdheid, die heeft toch een knauw gekregen. Nu ja: mijn vrienden en ik hebben allemaal hetzelfde verwerkingsmechanisme. ’t Is alsof we twee parallelle geschiedenissen hebben. In de ene zitten al die grappige én rare incidenten met Dahmer in een soort bubbel, niet gekleurd door wat we later van ’m te weten zijn gekomen. En in de andere zitten exact dezelfde gebeurtenissen, maar dan in het volle licht van de verschrikkelijke waarheid. Gelukkig kunnen we bijna naadloos van de ene naar de andere springen. En dat Dahmer allang dood is, helpt ook.»

HUMO ‘Mijn vriend Dahmer’ verscheen oorspronkelijk in 2012. Ondanks de lovende woorden van onder anderen James Ellroy en Robert Crumb moest je boek bij de uitreiking van alle stripprijzen de duimen leggen voor het eveneens in dat jaar verschenen ‘Building Stories’ van je collega Chris Ware. Vorig jaar in Angoulême was het dan toch zover; blij?

Backderf «Ach, ik had gewoon het geluk dat Wares boek nog niet in het Frans vertaald was, anders was het weer van dattum geweest. En terecht, ‘Building Stories’ is fabuleus. Ik was tijdens de uitreiking trouwens in slaap gesukkeld: ik was kapot van een hele week signeren, kletsen en drinken, en het was allemaal in het Frans te doen. Ik werd wakker toen m’n uitgever me in de ribben stootte: ‘Derf, je hebt gewonnen!’ Later drukten de broers Hernandez – bij ons heel erg bekend van hun ‘Love and Rockets’-reeks – me op het hart: ‘Altijd goed opletten dat je geen boek uitbrengt in hetzelfde jaar als Chris Ware, Derf.’ Dat zal me dus geen twee keer overkomen.»


Koop deze strip nu in de Humo-shop (Humo-abonnees genieten van 15% korting!)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234