'Eenzaam' op Canvas: 'Verplicht kijkmateriaal'

Volgens Xavier Taveirne, je wist dat hij het was omdat hij ‘Eenzaam’ begon met ‘Ik ben Xavier Taveirne’, was eenzaamheid dé plaag van de 21e eeuw. Nu is dit tijdsgewricht tot dusver niet bespaard gebleven van kwaaltjes allerhande, maar Taveirne doelde natuurlijk op de alomtegenwoordigheid van sociale media, en hoe je jezelf er aan de man kan brengen als salonschuimer en bon vivant terwijl je ondertussen in de aloude analoge werkelijkheid gewoon thuis op je sloffen en je sociale tandvlees zit.


Lees ook: Dossier eenzaamheid in Vlaanderen: 'Ik wil niet alleen sterven, maar ik weet dat dat waarschijnlijk wel zal gebeuren'

Om dat ziektebeeld te verbeelden, volgde een montage waarin eenzaamheid als bullet point over de tongen ging in praatprogramma’s. Eén deskundige had het daarbij over ‘preventie en detectie’ van eenzaamheid, alsof het dat soort bevlieging betrof waarbij slachtoffers een hardnekkige neiging vertonen om op een lijnvlucht naar Syrië te stappen.

Taveirne haalde ook het voorbeeld aan van bejaarden die pas maanden na hun verscheiden dood aangetroffen worden in hun woonst, gevonden door iemand die de overledene niet per se gemist had, maar die poolshoogte kwam nemen omdat het aroma van hun bovengrondse dood de spuigaten en de deurlijst uitliep. Gezien de doorgaans hoge leeftijd van zulke vergetenen had je ook kunnen argumenteren dat eenzaamheid dus evengoed een kwaal is die je de vorige eeuw al kon oplopen, maar omdat aandacht voor eenzamen, zij die net niet om attentie vragen, mogelijkerwijs weleens een verschijnsel van beschaving zou kunnen zijn, wou je nu ook niet al te fervent in de soep pissen.

‘Eenzaam’ beslaat vier afleveringen, telkens over een andere generatie die schaduwbokst met de leegte. De eerste was de generatie tussen 18 en 28, vaak vereenzelvigd met die uitdragers ervan die meer vrienden tellen dan studiepunten. Barend voldeed niet aan die beschrijving, en sprak nuchter over zijn eigenaardigheden, uitwassen van het syndroom van Asperger: een aandoening die hij mettertijd had leren te beteugelen. ‘Ik ben normaal moeten worden’, zei hij. Een andere manier om compatibel te worden met de wereld was er nu eenmaal niet, maar de manier waarop hij dacht en handelde had hem toch het isolement ingeduwd. Hij sprak helder over zijn plaats in de wereld, een klein hoekje van de samenleving, en op de koop toe leek hij een streng beet te hebben van het existentialisme, helaas voor hem ook al geen denkschool waarmee het moeiteloos ijsbreken is op fuifjes.

Ook bij de andere jongeren kwam eenzaamheid opvallend vaak met een aanleiding. Miriam, als driejarige vanuit Congo naar België gevlucht, was pardoes op de grond beland tijdens de identitaire stoelendans die integratie is: ze voelde zich Belg noch Congolees, wat lidmaatschap bij eender van die groepen danig bemoeilijkte. Anouck kampte al half haar leven met eenzaamheid, die zich opdrong toen haar vader stierf en ze spoorslags mee haar gezin moest opvoeden. Eerst ontbrak het haar aan tijd voor vrienden, maar nu ze ouder was merkte ze dat ze volwassener in het leven stond dan de doorsnee twintiger, zodat ze er ook geen uitstaans mee had. Waar het ‘Eenzaam’ net misschien wat aan ontbrak, waren meer vertegenwoordigers van die onzichtbare groep wier eenzaamheid géén duidelijk aantoonbare oorzaak had. Stijn was er wel één: eenzaamheid had zijn jeugd getekend, en ondanks speurtochten naar contact langs vrijwilligerswerk was ze ook zijn volwassen leven ingeslopen. Vanop een afstandje keek je toe hoe hij bij zo’n evenement één en al helpende hand wou zijn, maar niemand bleek nood te hebben aan zijn gedienstigheid: zijn toenaderingen liepen halfweg vast, waarna hij elke keer zichtbaar probeerde niet ter plekke de grond in te zakken. Het fragment was schrijnend in alle doodgewone alledaagsheid, en net daardoor hondsgruwelijk. Eerder had Barend luidop gehoopt dat zijn verhaal mensen kon helpen: ‘Zodat ze zien dat ze niet alleen eenzaam zijn.’ Hij moest zelf lachen om die verwoording, hoewel ze niet per se een tegenstelling inhield. Als plaag gedijt eenzaamheid namelijk uitstekend in aanwezigheid van anderen: in de onverschilligheid van je medemens ligt pas het ware kluizenaarschap.

‘Eenzaam’ had stukken minder verdienstelijk kunnen zijn, en toch nog verplicht kijkmateriaal geweest.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234