null Beeld

Engel met een angel: indiefolkzangeres Angel Olsen

‘Burn Your Fire for No Witness’, de recentste van Angel Olsen, was al een prima plaat in maart, maar nu de herfst dagelijks over ons neerzeikt komt ze nog beter binnen. Als ze haar verstilde indiefolksongs begint te zingen, voelt een mens zich altijd weer alsof het maandagochtend is. Tijdens Incubate 2014, dat van 15 tot 21 september plaatsvindt in Tilburg (de grens over in de buurt van Hoogstraten, en vraag het daar nog eens), komt Olsen langs op vrijdag. Béter.

HUMO Zomaar een recente tweet van jouw hand: ‘Peace, love and nuns’. Die vrede en de liefde kan ik plaatsen, maar wat hebben nonnen ermee te maken?

Angel Olsen (27) «Het is iets wat ik soms zeg. Een grap die al een tijdje meegaat, ik weet zelf niet meer waar het vandaan komt. Ik vind nonnen redelijk vredevol. Soms schrijf ik ook: ‘Vrede, liefde, nonnen en bongs’ (marihuanapijpen, red.). Allemaal goed.»

HUMO ‘Burn Your Fire for No Witness’ wordt hier en daar één van de mooiste platen van het jaar genoemd. Merk je dat mensen zich daardoor anders gaan gedragen? Dat er ineens ‘toevallig’ veel oude kennissen opnieuw van zich laten horen?

Olsen «Ja. Ik probeer ze te screenen. Sommigen lijken oprecht: ‘Heel vervelend dat we geen contact hebben weten te houden. Ik heb net je plaat beluisterd: ze is fantastisch. Ik ben blij voor jou, en trots.’ Anderen melden dan weer: ‘Willen we anders eens samenwerken? Hier is mijn kaartje, bel me.’ Ik vind dat vreemd. Dat mensen iets met me willen doen: tot daar aan toe, ik sta soms ook geil. Maar ze kunnen wél eerst vragen hoe het met me gaat.

»Het zijn rare tijden. Ineens vertellen nogal wat mensen – zelfs volk met wie ik op dagelijkse basis werk – me dat ik ‘het gemakkelijk heb in het leven’. Dat klinkt zo: ‘Wat jij doet, is niet echt werk. Je hebt een droomleven. Je mag het elke avond een paar uur lang over jezelf hebben, je emoties luchten, en anderen betálen ervoor om dat alles te mogen horen. Jij zult nooit kanker krijgen.’

»Anderen zeggen dat ze mij beter vonden ‘toen ik nog een verborgen parel was’. Het zijn gek genoeg dezelfde mensen die me vroeger ‘alle succes van de wereld’ toewensten, en nu vinden dat ik – sinds dat succes er daadwerkelijk is – veranderd ben. Dat is frustrerende onzin, want: natúúrlijk ben ik veranderd. Het is zoals een eigen winkel uitbaten: als je het goed aanpakt, worden de mensen nieuwsgierig en willen ze bij je komen kopen. In mijn geval: als het goed zit, kan ik de mensen ráken met wat ik zing en doe: dat is mijn handelswaar. Maar dat lukt pas als ik zélf evolueer en groei. Wie nooit groeit, blijft een kind.»

HUMO Wat staat er in het businessplan van je eigen winkel met rood omcirkeld?

Olsen «Dat ik op mijn hoede moet blijven. Ik probeer altijd superpositief te zijn en nooit te klagen – maar mezelf te veel schouderklopjes geven moet ik vermijden. Ik las onlangs de memoires van Paul Auster, en hij schreef: ‘Het maakt niet uit hoe succesvol je bent met je kunst; je bent nooit aan het einde gekomen, je móét blijven doorgaan.’ Ik hou mezelf dus voor dat ik elke avond opnieuw moet optreden als was het mijn allereerste concert, en ik moet het opgedaagde publiek ook altijd weer dát gevoel geven.

»Ik zou niet graag over een paar jaar in een supermarkt moeten werken, daar klanten aanklampen en zeggen: ‘Ooit heb ik opgetreden voor duizenden mensen. I was out there one day. Het was best leuk zolang het duurde.’»

HUMO Wat vind je het lulligste onderdeel van je beroep?

Olsen «Dat ik, wanneer ik op tournee ben, nooit weet hoe de kamer eruitziet waar ik die avond in slaap zal vallen. Dat ik vier keer per dag in telkens een ándere badkamer naar de wc moet. Dat mensen elke dag een andere taal spreken, en elke dag een andere dan de mijne. Het gebeurt nogal vaak dat ik ergens een vraag stel aan iemand en dat ze mij daarop in mijn gezicht uitlachen. Ik weet dan zelden waarom.

»Opnieuw: ik heb niet het gevoel dat ik het recht heb om daarover te klagen. Maar: je vroeg erom.»

HUMO Heb je tenminste het gevoel dat je fans je begrijpen?

Olsen «Af en toe roept iemand in het publiek ‘Judas!’ naar me. Ik weet niet eens waar dat op slaat, tenzij een deel van mijn songs de mensen aan Dylan zou doen denken (ze verwijst naar de berucht geworden reactie van een fan tijdens de tournee waarop Dylan voor het eerst elektrisch ging, red.). Maar sommige mensen willen altijd aan Dylan denken.

»Nu ja: vermoedelijk hebben die roepers betaald om in de zaal te raken, so the joke’s on them. Maar meestal is mijn publiek heel aardig.»

HUMO Wat zeggen ze als ze aardig zijn?

Olsen «Ik krijg voortdurend vreemde complimenten. Zoals: ‘Je plaat is zó vrouwelijk. Terloops: wat is eigenlijk jouw mening over feministische schrijfsters?’ En ook: ‘Vrouwen hebben het toch maar slecht in deze wereld. Jij bent een Belangrijke Vrouw. Wat vind jij?’ (Zucht) Het is grappig, maar het zijn altijd vrouwen die dat soort vragen stellen. Mensen die vechten voor vrouwenrechten zullen altijd mijn steun hebben – want het is natuurlijk waar: er is geen gelijkheid tussen de geslachten – maar mijn platen hebben daar allemaal niks mee te maken. ‘Burn Your Fire’ is gewoon een plaat die ik geschreven heb, en toevallig ben ik een vrouw. Mensen zeggen me soms: ‘Wat een onwaarschijnlijk fantastische plaat voor een vrouw!’ Ze bedoelen dat als compliment.

»Naar mijn mening is het laatste wat échte feministen willen: zichzelf en anderen in een vakje duwen. Want dat zou net indruisen tegen alles waar feminisme voor staat.»

Pyjamafeestje

HUMO Hebben fans jou ooit ongebruikelijke cactusplanten cadeau gedaan, omdat ze dachten dat je dat leuk zou vinden?

Olsen «Pardon?»

HUMO Wegens ‘Strange Cacti’, de titel van je debuut?

Olsen (lacht hard) «Ha! Ik wou dat mijn fans zo vindingrijk waren, maar de meesten kennen enkel mijn recentere, succesvollere platen. Ik kan het hun niet kwalijk nemen: ik was ‘Strange Cacti’ duidelijk zélf al bijna vergeten.

»Dat doet me aan een grappig verhaal denken. Ten tijde van ‘Strange Cacti’ werkte ik overdag nog in een café. Eén van de vaste klanten was een oudere homo, een gepensioneerde schrijver. Op een dag maakte hij een opmerking – ik ben vergeten wat het precies was – over het aantal mannen dat ik in die tijd frequenteerde. Hij vond het grappig en clever, en hij dacht dat het wegens zijn geaardheid oké was om zijn neus tussen mijn lakens te steken. Ik zei ’m vlakaf dat ik dat niet vond kunnen, en daar was hij erg door aangedaan. Later kwam hij naar één van mijn optredens, met een prachtige cactus in zijn armen. Hij heeft zich zeker honderd keer verontschuldigd. Heel lieve man.

»Ik vind cactussen mooie planten. Lelijk en stekelig aan de buitenkant, zacht en smeuïg vanbinnen. Een prima metafoor voor seks, ook.»

HUMO In het verleden heb je de wereld afgereisd in de band van Will Oldham. Gedurende één tournee heeft die zijn hele band laten optreden in een soort oversized pyjama’s. Heb je daar ooit wraak voor genomen?

Olsen (lacht) «Nee. Ik vond het fantastisch. Door die outfit voelden we ons alsof we van één of andere weirde planeet afkomstig waren, als aliens met één missie: de aardbevolking entertainen. Hoe dan ook: het maakte allemaal deel uit van de theatrale performance: we coverden toen oude Kevin Coyne-songs, het paste. Will had die pyjama’s voor het eerst gezien in een tijdschrift van een luchtvaartmaatschappij. De volgende dag vroeg hij om onze maten (lacht).

»Dat vind ik net zo fantastisch aan Will: hij kan een belachelijk idee zo hartstochtelijk omhelzen dat het een fantastisch idee gaat lijken. En als hij zegt: ‘We gaan ervoor!’ – dan doet hij dat met zo veel enthousiasme dat je er zelf ook écht voor wilt gaan.»

HUMO Sta je soms stil bij het type mensen dat jouw platen koopt? Schrijf je je songs met een bepaald soort luisteraar in gedachten?

Olsen «Ja en nee. Meestal beeld ik me in – omdat je tijdens het schrijven vanzelf, onwillekeurig, altijd aan een soort archetypische luisteraar gaat denken – dat mijn fans ongeveer dezelfde leeftijd als mezelf hebben. Omdat dat gemakkelijk is. Maar dat strookt niet noodzakelijk met de werkelijkheid. Tijdens mijn allereerste tournee in Nederland zaten er vooral oudere mensen in de zaal. Ik bedoel: zestigers en zeventigers. Een aangenaam gevoel: in mijn jeugdige onbezonnenheid wist ik blijkbaar mensen aan te spreken die al veel meer levenservaring hadden dan ikzelf. Dan moet je íéts goed doen.»

HUMO Weet je eigenlijk wat je ouders van je songs vinden?

Olsen «Ze zijn nu ergens in de zeventig en af en toe komen ze nog eens naar een optreden. De allereerste keer heb ik hun oordopjes gegeven: ‘Het gaat luid worden. Ik zal proberen om vooral stille songs te spelen, maar ik garandeer niets.’ Het maakte niet zo veel uit: ze waren toch al half doof (lacht). Mijn pa zei: ‘Ik zet mijn gehoorapparaat wat stiller.’

»Ik denk dat ze trots zijn. We komen uit een klein dorp, het soort gemeenschap waar de meeste jongeren er niet in slagen om verder te studeren of iets opmerkelijks te verwezenlijken. Veel geld hadden we ook niet. Vrienden van mij gingen in de zomer op reis naar Californië of Hawaï; ik ging logeren bij mijn tante, even verderop in de straat.

»Mijn ouders zijn gewoon blij dat ik nu voor mezelf kan zorgen, dat ik kan doen waar ik mijn hele leven van heb gedroomd. Nu en dan zal m’n moeder wel zeggen: ‘Dat liedje is nogal agressief, ik weet niet of dat wel zo goed is voor je carrière. Pas maar op.’ Ik doe dan alsof ik luister. Dat ben ik haar wel verschuldigd, de schat.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234