null Beeld

Eva Devriendt (31), de vriendin van sterrenchef Kobe Desramaults: 'Ik denk niet dat ik zou kunnen samenzijn met iemand die elke dag om zes uur 's avonds thuis is'

Serveerde haar vriend Kobe Desramaults weleens varkensschedels met een crémeux van hersentjes aan zijn tafelgasten, dan gaat kunstenares Eva Devriendt ermee aan de slag in haar knusse Atelier L’Ami. Zelf beschikt ze over een normaal stel benen, waarmee ze ons een rondleiding geeft in haar intrigerende rariteitenkabinet in het hart van het Heuvelland. ‘Ik ben lang zoekende geweest, maar hier heb ik gemoedsrust gevonden.’

HUMO Enkele jaren geleden had Johan Heldenbergh het over jou in een kranteninterview: ‘Haar moeder werkte bij Theater Zuidpool in Antwerpen. Ik zie de kleine Eva nog staan tekenen op de deuren en muren. Merkwaardig, ze kon dat niet laten.’

EVA DEVRIENDT (lacht) «Van zodra ik een potlood kon vasthouden, was ik volgens mijn moeder constant aan het tekenen. Mijn ouders (Wilfried Devriendt en Ingrid Van Kogelenberg, red.) zijn ook allebei tekenaars: ik zal het dus wel van hen meegekregen hebben.

»Ik begon te beseffen dat ik talent had toen de leraressen uit de lagere school me aanspoorden om naar de tekenschool te gaan. Op de kunsthumaniora kreeg ik nochtans te horen dat mijn werk te kitscherig was, en ook op de Academie in Brussel probeerden ze me een andere richting uit te duwen. Na een maand had ik er genoeg van: ik wilde me niet constant verantwoorden voor mijn stijl. Toen ben ik voor drie maanden naar een Grieks eiland getrokken — ik zeg liever niet welk precies, omdat het me te dierbaar is, en omdat ik er nog altijd jaarlijks ga wildkamperen. Hoewel iedereen over het eiland verspreid zit, leef je er toch op een bepaalde manier samen, waardoor je meteen een heel intense band opbouwt met de andere kampeerders. Ondertussen ken ik er ook wel wat eilandbewoners, en daardoor heb ik altijd het gevoel dat ik deel uitmaak van een grote familie. Hier in het Heuvelland is dat helemaal anders, wat me bij m’n terugkomst altijd een beetje een schok bezorgt.»

HUMO Zou je er ooit willen gaan wonen?

DEVRIENDT «Toen ik nog in Antwerpen woonde, was dat mijn grote droom, maar nu niet meer: ik heb hier mijn rust gevonden. Maar ik heb het wel nodig om elk jaar terug te gaan. Die balans is belangrijk: als het me hier te veel wordt, weet ik dat ik altijd in Griekenland terechtkan. Ik ben er onlangs gaan wildkamperen met Mira (hun 3-jarige dochtertje, red.), en ik ben teruggekeerd met een wild kind dat alleen maar in haar blootje wil rondlopen en in de tuin wil kakken (lacht). In september ga ik nog eens in m’n eentje terug, want ik miste mijn vrijheid wel: met zo’n jong kind ga je bijvoorbeeld niet liften. Ik wil m’n zin kunnen doen.

»Het heeft een hele tijd geduurd voor ik die gemoedsrust vond. Na m’n eerste Griekenlandreis heb ik een paar maanden voor het ondertussen failliete platenlabel Lowlands gewerkt. Het was mijn introductie in het nachtleven: via het label kreeg ik tickets voor allerhande feestjes. Ik reed in het magazijn rond met een winkelkarretje vol vinylplaten en stelde de pakketten samen die naar de winkels verstuurd werden. Maar zo’n vol winkelkarretje draait niet makkelijk: ik kreeg er ontstoken knieën door — iets waar ik nog altijd last van heb.

undefined

'Toen ik als afwasser bij In de Wulf werkte, heeft Kobe weleens meegeholpen. Ik dacht: 'Amai, een chef die helpt met afwassen!' Toen we samen waren, is hij daar pardoes mee gestopt (lacht).'

undefined

null Beeld

»Daarna ben ik vijf jaar barvrouw geweest in Bar 219, een punkcafeetje aan het Mechelseplein in Antwerpen. Supertof, maar heel intens: op den duur raak je uitgeput door dat nachtritme. Ik sliep tot ’s middags, en tekende niet meer, omdat ik constant omringd was door vrienden. Ik had ook een brandend verlangen om in Griekenland te gaan wonen. Ik heb dan maar een punt gezet achter mijn relatie en ben voor drie maanden naar Griekenland verkast, om daar te beseffen: ‘Oké, het is hier niet het hele jaar door zoals ’s zomers. Als de inwoners het zelf al zo moeilijk hebben, wat zou ík hier dan komen zoeken?’ Ik ben teruggekeerd naar Antwerpen, maar na twee weken werd het me daar ook alweer te veel. Toen ben ik afgezakt naar Dranouter, waar mijn vader woonde, en heb hier een paar maanden in een caravan gewoond. Ik ben ook nog even naar Amsterdam getrokken, waar een groot deel van mijn Griekse vrienden wonen. Ik was blut en verbleef er in een christelijke jeugdherberg: de enige optie op gratis onderdak en eten. Verschrikkelijk, want ze probeerden me te bekeren (lacht). Elke ochtend hadden we Bijbeldiscussie, en ik weet nog dat ze zich ergerden aan mijn opmerkingen over het seksisme en de hypocrisie in die passages. Na een maand woonde ik alweer terug in de caravan in Dranouter, en ben ik beginnen af te wassen bij In De Wulf — het is ondertussen alweer zeven jaar geleden. Je merkt het: een hobbelig parcours.»


Varkensoren

HUMO Voor we het over je passionele ontmoeting met Kobe Desramaults hebben: hoe was je vader in Dranouter terechtgekomen?

DEVRIENDT «Al van toen ik een jaar of twee was, kwamen we hier op vakantie naar aanleiding van het Dranouter Festival. Hij is eerst van Antwerpen naar Gent verhuisd, waar hij de Pink Flamingo’s (legendarisch café dat ondertussen gesloten is, red.) gedecoreerd heeft — door zijn invloed is de kitsch wellicht in mijn werk geslopen. Maar door zijn grote liefde voor het Heuvelland is hij zeventien jaar geleden uiteindelijk in Dranouter beland. Hij tekent nog elke dag, en werkt ook hier in het atelier. En wat grappig is: de eerste plek waar hij destijds aanklopte, was bij de mama van Kobe in In De Wulf: of zij misschien weet had van een leegstaande boerderij? Mijn relatie met Kobe was dus een beetje voorbestemd (lacht)

HUMO We zijn één en al oor.

DEVRIENDT «Mijn plan was: als afwasser in In De Wulf genoeg geld verdienen om een busje te kopen en weer op reis te vertrekken. Is dat even anders gelopen (lacht)! Ik begon te merken dat Kobe mij probeerde te veroveren. Toen ik daar toekwam om vijf uur ’s namiddags stond er al een gigantische berg afwas op me te wachten: als je die kunt wegwerken voor de service begint, mag je al blij zijn. Daarna volgen er nog eens twintig gangen per persoon: dat zijn stápels borden die op je afkomen. Ik was altijd als laatste nog bezig met de afwas, en toen heeft Kobe weleens meegeholpen. Ik dacht: ‘Amai, een chef die helpt met afwassen!’ Toen we later echt samen waren, is hij daar pardoes mee gestopt (lacht). Ik ben toen ook maar in een ander restaurantje gaan werken, om ongemakkelijke situaties op de werkvloer te vermijden. Daardoor hadden we wél hetzelfde werkritme: we waren allebei om één uur ’s nachts klaar met werken, waarna we samen nog een flesje wijn konden kraken. En we zijn in die beginperiode heel veel op citytrip gegaan: hij moest veel op reis, en nam me dan mee naar Amerika en Frankrijk. Heel leuk.»

undefined

'Als we op reis iets te eten krijgen wat niet zo lekker is, dan is de rest van zijn dag verkloot '

HUMO Had je eigenlijk wat met de culinaire wereld vóór je bij In De Wulf belandde?

DEVRIENDT «Nee, voor mij was dat een volledig andere wereld: wij gingen vroeger nooit op restaurant. Gastronomie stond voor mij gelijk aan snobisme. Geleidelijk aan heb ik ondervonden dat niet enkel chic volk chic gaat eten: bij In De Wulf kwamen er ook veel jonge alternatieve mensen over de vloer die gewoon houden van lekker eten. Ze moeten er dan wel een heel jaar voor sparen, maar het gaat hen om de totaalervaring. De Vitrine en De Superette (twee van de drie Gentse zaken van Desramaults, red.) zijn budgetgewijs wat toegankelijker, en toch vinden velen dat nog steeds te duur. Maar als je bedenkt welke producten gebruikt worden en hoeveel werk die gasten daarin steken, dan is het geen cent te veel. Kobe werkt samen met lokale boeren die hem seizoensgebonden producten leveren en houdt het ambachtelijke proces in ere. Het zuurdesembrood in De Superette bestaat bijvoorbeeld uit biomeel van granen die worden gemalen in een 450 jaar oude windmolen in Knesselare! Kobe staat voor antichic, en dat vind ik belangrijk: ik zou niet kunnen samenzijn met iemand die blasé is.»

HUMO Hoe zagen je eerste restaurantbezoekjes eruit op die citytrips?

DEVRIENDT «Op onze eerste date heeft hij me meegenomen naar La Grenouillère in het noorden van Frankrijk: volgens mij het extreemste restaurant dat hij had kunnen uitkiezen, met redelijk ruwe zeesmaken. Ik weet niet wat voor pootje er precies op mijn bord lag, maar het had wat weg van een kraaienpoot met een stukje vlees eraan. Ik wist niet hoe ik het moest opeten: toen ben ik vast niet goed overgekomen (lacht). Maar je leert dat wel.

»Ondertussen kijk ik er echt naar uit. Maar het probleem is: als we op citytrip gaan, boekt hij meestal twee restaurants per dag. En aangezien alle chefs elkaar kennen, krijgt Kobe er vaak nog extra gerechten bovenop. Meestal ben ik dus aan het sterven aan tafel: in het begin is het nog genieten, maar op den duur zijn twintig gangen niet meer leuk. De derde dag stuur ik hem dan ook dikwijls alleen op restaurant, omdat ik niet meer kán. Plus: ik wil liever wat van de stad zien, dan dagenlang aan een stuk te zitten tafelen.»

HUMO Heb je iets leren eten waarvan je nooit had verwacht dat je ’t lekker zou vinden?

DEVRIENDT «Ik was het typische stadsmeisje dat enkel de propere kipfilets uit de supermarkt kende. Maar Kobe is een meester in recyclage: in In De Wulf werd er echt niéts van een beest weggegooid. Hij heeft me producten als smout en rillette leren kennen, en door hem heb ik ook voor het eerst varkensoortjes gegeten.

»Kobe had vroeger een column in De Morgen waarvoor ik foto’s nam van de gerechten die hij beschreef. Op een keer had hij een klein taartje van hersentjes gemaakt, wat ik toen uit nieuwsgierigheid geproefd heb: het smaakte naar hele lekkere vleessalade. Uiteindelijk is het allemaal lekker, maar je moet er soms wel een knop in je hoofd voor omdraaien. Bij In De Wulf kwamen ze soms aanzetten met een gigantische vissenkop: voor veel mensen is dat choquerend.

»Als hij vraagt wat ik wil eten, zeg ik altijd: ‘Maakt niet uit,’ omdat ik weet dat het sowieso lekker zal zijn. Zelfs als we niets meer in huis hebben en hij spaghetti met olie, kaas en wat zout klaarmaakt, dan proeft die altijd beter dan wanneer ik hem later probeer na te maken. Geen idee hoe hij het doet.»

HUMO Was je zenuwachtig toen jij hem voor het eerst iets voorschotelde?

DEVRIENDT «Nee, want ik had iets gemaakt waarvan ik wist dat ik het goed kon: balletjes in tomatensaus. En hij vond het lekker (lacht). Nu, ik heb nog niet zoveel gekookt voor hem: ik mis de inspiratie om gerechten op tafel te toveren. Aangezien Kobe altijd zin heeft in lekker eten, is hij meestal degene die kookt. Hij lééft daar echt voor. Als we op reis iets te eten krijgen wat niet zo lekker is, dan is de rest van zijn dag verkloot. Dus zoekt hij nu altijd op voorhand uit waar er goeie restaurants in de buurt zijn. Voor mij is eten veel minder een prioriteit.»

HUMO Kobe vertelde in een interview dat hij als kind vaak in de hoek heeft gestaan met een bal karbonade in de mond die hij niet wilde doorslikken. Lust jullie dochter alles?

DEVRIENDT «Ze is even erg als Kobe als kind: het is een hel om haar te doen eten. Frustrerend voor hem, natuurlijk: hij maakt dan speciaal iets klaar waarvan hij denkt dat ze het zal lusten, maar meestal heeft ze na drie happen al genoeg. Maar ja: hij lustte zelf ook alleen maar boterhammen met choco en gebakken spaghetti met bruine suiker (lacht).

»Hij kijkt er wel al naar uit om haar later mee te nemen op restaurant. Mira zal opgroeien in twee verschillende werelden: als ik met haar ga wildkamperen, hebben we echt niks — zelfs geen zeep. We doen dan de afwas met afgevallen bladeren: zo basic als maar kan. Terwijl Kobe binnenkort met haar naar Ibiza trekt, en daar in een boetiekhotel zal logeren. Na een periode van heel hard werken, geeft hij zich graag over aan luxe.»

undefined

'Ik geniet ervan samen met hem aan tafel te tekenen. Mocht hij zich eraan kunnen wijden, dan zou hij echt een goede tekenaar zijn'

HUMO Kobe heeft zichzelf al vaak omschreven als een probleemkind: hij zat liever joints te roken in het park dan op te letten in de klas en is meer dan eens buitengegooid op school. Dat veranderde toen hij op leercontract ging in restaurant Picasso in Westouter: vanaf toen heeft hij zich aan het koken gewijd. Was jij braver?

DEVRIENDT «Ik was een heel verlegen kind: iemand hoefde mijn naam nog maar uit te spreken of ik begon al te blozen. Met opgroeien heb ik het niet zo moeilijk gehad, al heb ik wel een crisis doorgemaakt op mijn 17de. Ik kwam toen altijd overdreven dramatisch thuis na een schooldag in het kunstonderwijs: ‘Ik kan niet meer, ik ben óp!’ Mijn mama was het beu om me te motiveren: ‘Als je ermee wil stoppen, stop dan.’ Wat ik dan ook effectief deed — iets wat zij niet verwacht had (lacht). Maar omdat ik nergens aan de bak kwam zonder diploma secundair onderwijs, ben ik na drie maanden herbegonnen, zij het in Gent: ik wilde namelijk geen gezichtsverlies lijden bij mijn vroegere klasgenoten. Welgeteld drie dagen heb ik het daar uitgehouden: ik werd er uitgelachen omdat ik van Antwerpen afkomstig was. (Met Gents accent:) ‘Leer ne keer Nederlands praten! Ik kan geloven dat gij uit die kutstad weggegaan zijt!’ Ik ben dan maar teruggekeerd naar mijn oude school in Antwerpen, maar dat was ook niet makkelijk: ‘Ah, ben je hier terug? We dachten dat je gestopt was?’ Ik was voor het eerst gebuisd voor al m’n kunstvakken — het was een waarschuwing. Ik heb toen serieus hard moeten werken om er nog door te raken. Achteraf bekeken was dat stoppen wel goed om te beseffen dat ik dat diploma echt wel nodig had. Nu ja: Kobe heeft ook geen diploma, hè. Hij is maar tot het derde middelbaar naar school gegaan.»


Oude freaks

HUMO Je ontwierp het etiket van Kobes zelfgebrouwen bier Mira Belle, tekende voor de gasten van In De Wulf een wandelkaart met een route doorheen het Heuvelland uit, en je werk siert de muren van De Superette. Het lijkt me leuk om elkaar als koppel ook op werkvlak te kunnen aanvullen.

DEVRIENDT «Het is tof dat Kobe mij vraagt om dat te doen, maar eigenlijk werk ik niet graag in opdracht: ik begin te flippen door de druk, omdat ik denk dat de opdrachtgevers niet tevreden zullen zijn. Ik eindig steevast met drie ontwerpen, en uiteindelijk vind ik het eerste toch niet zo slecht. Op zo’n moment vliegt er al eens een penseel door de lucht (lacht). Nu, wie een strak logo wil, kan sowieso al niet bij mij terecht, want ik werk niet met de computer: ik teken alles met de hand.»

HUMO Hoe zou jij je stijl omschrijven?

DEVRIENDT «Ik doe van alles: ik bewerk oude zwart-witfoto’s met acrylverf, bijvoorbeeld. De foto’s vind ik op rommelmarkten of bij Piet, een man uit de buurt die huizen leeghaalt en in wiens hangar ik mag rondneuzen. Er hangen zulke foto’s in De Superette, en ik herinner me dat er ooit iemand een mailtje heeft gestuurd naar de zaak waarin stond dat het toch wel onrespectvol was wat ik met die foto’s aanving (lacht). Daarnaast schilder ik, maak ik maskers en inkijkdozen, en geef ik workshops aan kinderen. Onlangs heb ik met hen muziekinstrumenten uit afval gemaakt: mijn vondsten uit het containerpark verdeel ik dan over verschillende bakken, waar de kinderen in kunnen graaien om hun instrumenten mee samen te stellen. Leuk, maar ook superintens. Drie dagen lang vijftien kinderen om je heen: mijn hoofd zat op den duur vol kinderstemmetjes (lacht).

»De laatste tijd heb ik wat minder geschilderd, maar ik heb wél twee jaar lang aan een boek gewerkt, waarvoor ik nu ook een uitgeverij gevonden heb. Het is geschikt voor kinderen vanaf 12 jaar, en zal hopelijk tegen maart — de jeugdboekenmaand — in de winkel liggen. De titel mag ik nog niet verklappen, maar ik kreeg het idee toen ik mijn oma ging bezoeken in het rusthuis. Ik keek binnen in verschillende kamers en dacht: ‘Iedereen zit hier nu zo’n beetje lusteloos naar de televisie te staren, maar wie weet wat voor spannende levens die oudjes geleid hebben!’ Mijn boek gaat over oude freaks die samen in een villa wonen.»

HUMO Kun je leven van je kunst?

DEVRIENDT «Nee, het is dankzij Kobe dat ik dit kan doen. Na Mira’s geboorte heb ik een jaar voor haar gezorgd, en dat was echt genoeg voor mij: daarna heb ik haar naar de crèche gebracht. Ik was van plan om weer in de horeca te gaan werken, maar toen zei Kobe: ‘Doe je ding. Focus op je tekenen, en maak je maar geen zorgen over de rest.’ Dankzij hem kan ik me dus volledig op het tekenen toeleggen, en dankzij mij kan hij zijn ding doen.»


Schattenzolder

HUMO Sinds juni is Kobes nieuwe en derde Gentse zaak Chambre Séparée open: daarvoor zit hij vijf dagen per week in Gent. Je ziet hem dus niet vaak.

DEVRIENDT «En dat zal de komende vier jaar zo zijn: momenteel ben ik de hele werkweek lang een alleenstaande moeder. Mijn vriendinnen vragen vaak: ‘Hoe doe jij dat, met een man die er zo weinig is?’ Maar ik denk dat ik ook niet zou kunnen samenzijn met iemand die elke avond al om zes uur ’s avonds thuis is. Op zich vind ik het niet zo erg dat Kobe er tijdens de week niet is, zolang onze weekends samen de moeite waard zijn. Nu, mocht ik me niet kunnen verliezen in m’n tekenwerk, dan zou het me hier wel wat te eenzaam zijn. Mijn Antwerpse vriendinnen komen af en toe een weekendje langs, en ik heb heel veel aan Kobes nicht Siska, die hier in de buurt woont. We zakken af en toe een avondje door met een flesje wijn: tegen haar kan ik álles zeggen.

undefined

'Een jaar na de geboorte van Mira wilde ik weer in de horeca gaan werken, maar Kobe zei: 'Doe je ding, en maak je maar geen zorgen over de rest.''

undefined

null Beeld

»In mijn eentje het huis onderhouden: dat vind ik nog het moeilijkste. Het is een grote hoeve met een paar schuren, een oude brouwerij en een grote tuin — elke keer als ik de stoep sta te vegen, denk ik: ‘Fuck you, jij met je groot huis!’ (lacht). Ik was allang tevreden geweest met een klein huisje.

»Kobe gaat voor wat hij wil en ik laat hem daar ook vrij in, maar soms zou ik dat ook willen kunnen. Maar dat gaat niet met een kind: als Mira hier in het atelier is, kan ik niet echt doorwerken. Dan moet ik mezelf toespreken: ‘Nu is het Mira-tijd.’ Voor haar is dit natuurlijk een geweldige plek: het lijkt hier een beetje op een schattenzolder. Ze leeft in één grote fantasiewereld. Ze tekent ook veel doodshoofden, omdat ze die hier veel ziet. Ik zou het supertof vinden als ze later ook zou tekenen, maar ik ga haar daar zeker niet in pushen.»

HUMO Op 11 december 2016 gingen de deuren van In De Wulf definitief dicht: was jij daar blij om?

DEVRIENDT «Niet per se blij, maar ik was er ook niet rouwig om. Het is een periode die afgesloten is. Ik denk dat het nog het moeilijkste is voor Mira. Omdat ik niet graag kook, gingen Mira en ik daar altijd na school eten: konden we Kobe toch éventjes zien. En iedereen die er werkte, hing als één hechte familie aaneen — Mira noemde hen ‘de kindjes van Kobe’. Het is ook een hele mooie plek om rond te hangen, maar je kunt niet nostalgisch blijven vasthouden aan het verleden. Voor Kobe zelf zal het ook wel wennen zijn, want hij is nu echt vijf volle dagen weg uit Dranouter. Hij werkt tot één uur ’s nachts: het is de moeite niet om nog naar Dranouter terug te keren als je de ochtend erop toch weer vroeg moet beginnen.

»In De Wulf is nu een nieuw restaurant geworden: ’t Sparhof.»

HUMO Jullie zijn er wellicht nog niet gaan eten?

DEVRIENDT «De uitbaters zijn superlieve mensen, maar ik zie het niet direct gebeuren. Het blijft toch wat ongemakkelijk: het is immers Kobes geboortehuis.

»Ik denk dat je Kobe nooit uit Dranouter zult wegkrijgen. Ik daarentegen mis Antwerpen niet zo erg. Een tijd terug was ik er op café gegaan met het idee ‘Ik zal wel wat mensen tegenkomen’, maar blijkbaar is iedereen van stamcafé veranderd. Het centrum is bovendien onherkenbaar geworden: ik loop er nu wat verloren. Als ik er nog eens kom, is het om mijn moeder en haar vriend te bezoeken, en mijn oma’s. Tegen dat ik bij iedereen langsgegaan ben, wil ik alweer naar Dranouter. Uiteindelijk heeft Dranouter ook voor mij iets nostalgisch. We hadden vroeger geen geld om op vakantie te gaan: die twee weken Dranouter begin augustus, dat was onze jaarlijkse vakantie. Met m’n stiefzusje liep ik toen alle campings af, om de achtergelaten flessen drank op te pikken. Op onze familiecamping organiseerden we daarmee Café Festival: we verkochten dan een glas Pisang voor tien frank. Waardoor sommigen op den duur gewoon een paar dagen bij ons op de camping bleven rondhangen (lacht)

HUMO Kobe heeft Chambre Séparée bewust voor geen enkele culinaire gids ingeschreven.

DEVRIENDT «Het is tof om een onderscheiding te krijgen of bij een bepaald groepje te horen, maar eigenlijk houden die beoordelingen geen steek. Hoe kun je nu beslissen wat het beste restaurant ter wereld is? Dat is toch een kwestie van persoonlijke smaak? Zodra je je ergens voor inschrijft, ga je er ook met bepaalde verwachtingen naar streven. En word je dan bekroond, dan komt de druk er nog eens bij om aan de verwachtingen te blíjven voldoen. Ik denk dat hij daar geen zin meer in heeft, en gewoon geapprecieerd wil worden door z’n eigen ding te doen.

»In Chambre Séparée weet je niet op voorhand wat je op je bord zult krijgen. Bij In De Wulf was dat wel het geval, waardoor veel mensen op voorhand al kwamen melden wat ze allemaal niet lustten. Of ze logen over bepaalde voedselallergieën, om sommige ingrediënten toch maar niet voorgeschoteld te krijgen. Ik kan me voorstellen dat je daar als chef op den duur zot van wordt: moet je telkens heel je menu gaan aanpassen. Afgezien van de twintig gangen, is Chambre Séparée helemaal anders dan In De Wulf: je kunt er maar per twee reserveren en er is een maximum van zestien couverts, iedereen komt op andere tijdstippen binnen en je zit aan de toog in plaats van aan een tafeltje. Er hangt een woonkamerachtige sfeer: Kobe draait er zelf ook plaatjes. Heel gezellig. Het decoreren hebben ze dit keer aan een bijzonder goeie architect overgelaten (lacht)

HUMO Over alle plannen die hij blijft smeden, zei Kobe eens: ‘Mijn vriendin heeft het er even mee gehad.’ Vind je dat hij te veel hooi op zijn vork neemt?

DEVRIENDT «Ja. Maar het maakt niet uit wat ik daarover zeg. Hij kwam eens terug van Lima, waar hij iemand had bezocht die veertig restaurants had. Hij was daar danig van onder de indruk: ‘Wauw, véértig restaurants!’ Ik voelde ’m al komen. Ik zal nooit zeggen: ‘Je mag dat niet doen’. Maar wél: ‘Moet dit nu echt?’ Het grote voordeel aan Chambre Séparée is dat het sowieso over vier jaar de deuren sluit: dan wordt de Belgacomtoren waarin het restaurant is ondergebracht ontmanteld. Maar ook op dat vlak zijn we verschillend: hoe meer zaken, hoe meer kopzorgen, volgens mij. Je moet overal alles gaan oplossen, en je kunt nooit deftig op één plek aanwezig zijn. Hij ondervindt dat zelf ook wel telkens als hij een nieuwe zaak opent. Maar toch gaat hij dat blijven doen, denk ik.»

HUMO Wat bewonderen jullie in elkaar?

DEVRIENDT «De gedrevenheid waarmee we elk met ons eigen ding bezig zijn, en de wereld die we daarrond opgebouwd hebben. Hij bewondert mijn werk en het atelier, maar hij is wel commerciëler ingesteld dan ik. Ik ben totaal niet met de zakelijke kant bezig: ik ben al blij als ik kan doen wat me gelukkig maakt. Volgens mij wil Kobe dat ik meer met mijn werk naar buiten treed: hij heeft me bijvoorbeeld al aangespoord om een Instagramaccount te beginnen om meer mensen te bereiken. (Haalt de schouders op) Ik vind het leuk als mensen een werk van me kopen, maar ik hoef er niet per se bekend mee te worden.

»Op één van de tien scholen waar Kobe beland is, heeft hij een poosje een grafische opleiding gevolgd. De tekenvakken deed hij graag, al de rest niet. Ik moedig hem aan die oude liefde weer op te nemen: ik geniet ervan samen met hem aan tafel te tekenen. Hij kan, in tegenstelling tot mij, in een paar simpele lijnen iets tofs op papier zetten — ik werk m’n schetsen altijd in verschillende stappen uit. We hebben samen een schetsboek gemaakt van onze reis door Amerika: mocht hij zich eraan kunnen wijden, dan zou hij volgens mij echt een goede tekenaar zijn. Misschien is dat iets voor de toekomst, als hij het restaurantwezen beu is.»

HUMO Wat mogen we jou tot slot voor de toekomst toewensen?

DEVRIENDT «Dat alles blijft zoals het nu is, maar dan liefst met Kobe wat dichter bij ons in de buurt. Ik heb al gehoord dat ze hem in Gent willen houden, maar ik denk niet dat dat zal lukken: ik merk dat hij de rust die hij hier vindt ook echt nodig heeft. We hebben een boerderij die veel mogelijkheden biedt: ik zou het leuk vinden om mettertijd in één van de schuren een toegankelijk restaurantje à la De Superette onder te brengen. Al zou Kobe er dan misschien meteen weer een gastronomisch restaurant van willen maken (lacht)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234