Ex-strafpleiter en schrijver Ferdinand von Schirach: 'De misdaden van mijn grootvader bij de Hitlerjugend zijn van een ongehoorde verschrikking'

Eerst was er ‘Misdaden’, daarna ‘Schuld’, en nu is ook het laatste boek van de trilogie vertaald: ‘Straf’. In wonderlijk eenvoudige kortverhalen zoekt gewezen topadvocaat Ferdinand von Schirach (54) naar het onderscheid tussen goed en kwaad. De Duitse auteur, een kleinzoon van de leider van de Hitlerjugend Baldur von Schirach, houdt niet van moeilijk: ‘Het slechtste wat een mens kan doen, is Duitse filosofen lezen.’

'Als ik vandaag 20 zou zijn, zou ik scenario's schrijven voor Netflix. Die series bereiken duizend keer meer mensen dan mijn boeken ''

Het laatste verhaal van ‘Straf’, ‘De vriend’, gaat over Ferdinand von Schirachs jeugdvriend Richard, die na de moord op zijn vrouw wordt verteerd door schuldgevoelens. Hij heeft zelf niets met de moord te maken, maar die vond wel plaats net nadat hij een einde aan hun relatie had gemaakt. Na een gesprek met de auteur in Normandië lost Richard een paar gram natriumpentobarbital in een bekertje water op en wordt niet meer wakker.

Von Schirach, wiens boeken in veertig talen vertaald worden, schrijft: ‘Een paar maanden na de dag in Normandië ben ik met schrijven begonnen. Het was te veel geworden. De meeste mensen kennen de gewelddadige dood niet, ze weten niet hoe hij eruitziet, hoe hij ruikt en welke leegte hij achterlaat. Ik dacht aan de mensen die ik had verdedigd, aan hun eenzaamheid, hun vreemdheid en de ontzetting over zichzelf.’

Hij denkt dat een ander leven makkelijker zal zijn. Maar dat is een illusie, weet hij inmiddels: het maakt niet uit of je strafpleiter, apotheker, meubelmaker of schrijver bent. ‘De regels zijn altijd een beetje anders, maar de vreemdheid blijft en de eenzaamheid en al het andere ook.’

Ferdinand von Schirach «De drie verhalenbundels ‘Misdaden’, ‘Schuld’ en ‘Straf’ stemmen overeen met wat een rechter doet. Hij gaat eerst na of er sprake is van een misdaad, daarna vraagt hij zich af: is degene die de misdaad heeft begaan ook daadwerkelijk schuldig? En uiteindelijk spreekt hij een straf uit. Daarom is het een trilogie. En daarom is het laatste verhaal het slot van de trilogie. De dood van mijn vriend was de druppel te veel. Ik wist: ik moet ophouden met strafrecht.

»In twintig jaar tijd had ik een honderdtal zaken van moord en doodslag behandeld, en zo’n zeshonderd andere zaken. Op een bepaald moment heb je het wel gezien. Er zijn niet zoveel variaties op hetzelfde thema: ‘man brengt vrouw om’ of ‘vrouw brengt man om’. Soms zijn er ook kinderen bij betrokken. Mensen die te lang in het strafrecht actief blijven worden cynisch. Dat mocht mij niet overkomen.

»(Denkt na) Laat ik het anders formuleren: ons leven krijgt pas zin als we erop terugkijken, niet op het moment dat we het beleven. Wij voeren nu een genoeglijk gesprek met elkaar, u stelt vragen en ik antwoord, maar misschien zal één van ons beiden zich over een jaar of twee flarden van het gesprek herinneren en zeggen: ‘Dat was het moment waarop ik heb besloten iets anders te doen.’ Ik heb op mijn 13de mijn eerste theaterstuk geschreven. Het was ontzettend slecht. Ik kreeg te horen dat ik vooral geen schrijver moest worden.»

HUMO Wie zei dat?

Von Schirach «Iedereen (lacht). Het trok me ook niet aan: schrijvers waren arme luizen, ze leefden in vochtige kelders en ze stierven aan een longontsteking. Zo moedig was ik niet. In mijn familie lag het meer voor de hand rechten te studeren: de Von Schirachs (een adellijk geslacht, red.) hebben in de loop van vijfhonderd jaar aan de lopende band juristen afgeleverd. Maar als ik nu op mijn bestaan als advocaat terugkijk, denk ik: het was slechts een opstap naar mijn ware leven als schrijver. En dat is me na de dood van mijn vriend duidelijk geworden.»

HUMO ‘De meeste mensen kennen de gewelddadige dood niet,’ schrijft u. Had u genoeg van de horror?

Von Schirach «De dood maakt geen deel meer uit van onze samenleving. Als een familielid sterft, doet hij dat doorgaans in een ziekenhuis. En zeldzaam zijn de mensen die oorlogsslachtoffers met eigen ogen hebben gezien. De dood is weg. We willen de dood er niet meer bij. Maar in mijn beroep was de dood wel alomtegenwoordig. Ik was vaak bij een lijkschouwing aanwezig, dan krijg je vanzelf een andere verhouding met de dood.»

HUMO Welke verhouding dan?

Von Schirach «Overdag leven we allemaal ons gewone leventje: we werken, we drinken een glas, we gaan gemoedelijk met elkaar om. Maar als we ’s avonds laat in bed liggen, en het gewone leven is ver weg, overvalt ons de gedachte dat we zouden kunnen sterven – het hoeft zelfs niet lang te duren voor het zover is. En dat we in wezen eenzaam zijn, ook al ligt er iemand naast ons: met de dood zijn we alleen. Verwoed proberen we ons het onmogelijke voor te stellen: hoe ziet de wereld eruit zonder ons? Maar dat lukt ons niet. De Griekse filosoof Epicurus zei al: ‘De dood heeft niets met ons te maken: ofwel zijn wij er en is de dood er niet, ofwel is de dood er en zijn wij er niet.’ Zo eenvoudig is het. We weten niet wat er na de dood is. De enige opgave die ons rest, is zo humaan mogelijk te leven, als mensen onder elkaar.»

HUMO De mens is alleen, eenzaam en zichzelf vreemd – dat is de bottomline van al uw verhalen.

Von Schirach «Precies.»

HUMO Is dat de menselijke tragedie?

Von Schirach «Nee. Als u het een tragedie noemt, is dat een waardeoordeel. En dat heeft geen zin: het is wat het is. We kunnen er niets aan veranderen.

»Het gevoel dat we eenzaam zijn stemt ons, jammer genoeg, treurig. De vraag is: hoe ontsnappen we aan die treurigheid? Dat kan slechts op één manier, door de gedachte te koesteren dat we niet alléén eenzaam zijn. We zijn het met z’n allen. Als dat ons duidelijk wordt, is het niet meer zo treurig.»

HUMO Maar u was door de dood van uw vriend Richard wel zo treurig gestemd dat u ermee ophield strafpleiter te zijn.

Von Schirach «Het is niet erg met dingen op te houden. Dat is een ander menselijk probleem: we kunnen zo moeilijk een einde maken aan dingen die ons vertrouwd zijn. Neem ons liefdesleven: we zitten vaak in relaties gevangen tot we uiteindelijk de moed vinden er een punt achter te zetten. Maar als we er één jaar later op terugkijken, denken we: waarom viel het ons in hemelsnaam zo zwaar? Het was het enige juiste om te doen.»

HUMO De familie Von Schirach heeft een traditie inzake juristen, zegt u. Was dat uw enige motivatie om rechten te studeren?

Von Schirach «Er schoot me niets anders te binnen, eerlijk gezegd. Maar de rechtenstudie is waanzinnig vervelend. Ik was alleen maar geïnteresseerd in rechtsfilosofie – je leert hoe je een samenleving organiseert – en strafrecht. Maar het is me pas later gaan dagen waarom dat zo interessant was.»

HUMO Waarom?

Von Schirach «In het burgerlijk recht gaat het om geld of een stuk grond. De één wil wat van de ander, en de ander wil dat niet geven. Eerlijk gezegd zou ik het stomvervelend vinden om daarmee mijn leven te vullen: het kan me werkelijk geen barst schelen wie geld krijgt van wie. In het strafrecht gaat het om de vraag: hoe kun je de schuld van mensen wegen?

»Ik geloof niet in het christelijke idee van de erfzonde: een mens wordt niet schuldig geboren. Zoiets is onzinnig en gemeen. Maar het is wel zo dat we allemaal in de loop van ons leven schuldig worden. Als we ’s ochtends vroeg te lang op ons broodje moeten wachten, geven we de vriendelijke bakkerin een sneer. Dat is kleine schuld, maar je hebt ook grote schuld, waarbij je mensen kwaad doet. Maar schuld dragen we allemaal.»


Geen patronen

HUMO In het Duitse weekblad Focus hebt u gezegd: ‘De schuldvraag is de grondvraag van mijn leven.’

Von Schirach «Van ons leven, ook van dat van u. (Zwijgt) We maken ons schuldig aan zware vergrijpen maar ook aan dommigheden. En dan gebeurt er iets dat ons werkelijk tekent: de mensen die ons iets doms aandoen, kunnen wij wel vergeven, maar onszelf niet. Vaak gebeurt het met iemand die je graag ziet. Een geliefde is een nieuwe relatie begonnen, ze piekert niet meer over wat vroeger is gebeurd. Maar in jouw hoofd blijft het spoken. In het boek brengt Richard zichzelf om omdat hij zichzelf niet kan vergeven.»

HUMO In het boek schrijft u: ‘Er bestaat geen misdaad, geen schuld, maar er bestaat wel straf.’


Von Schirach «De straf is dat we onszelf niet kunnen vergeven, zelfs als we geen misdaad hebben begaan. Richard krijgt niet uit zijn hoofd dat hij met zijn vrouw ruzie heeft gemaakt voor de moord, maar aan de moord zelf kan hij helemaal niets doen. Toch maakt het hem kapot. Dat hebben we allemaal.»

'Toen ik 15 was, wilde ik zelfmoord plegen, maar het is me niet gelukt omdat ik te veel gedronken had.'

HUMO U hebt veel over zelfmoord geschreven. Het is een thema in uw werk en leven.

Von Schirach (Knikt)

HUMO Kunnen we het daarover hebben?

Von Schirach «Jazeker. Wat wilt u weten?»

HUMO Uw vader heeft zich het leven benomen.

Von Schirach «Niet juist: hij is aan alcohol ten onder gegaan. Maar alcoholverslaving is natuurlijk een langzame zelfmoord: als je waanzinnig veel drinkt, ga je dood.»

HUMO In uw nieuwste boek ‘Kaffee und Zigaretten’ beschrijft u nauwgezet hoe u ook zichzelf van kant hebt proberen te maken.

Von Schirach «Toen ik 15 was.»

HUMO Maar u hebt geluk gehad: het is niet gelukt.

Von Schirach «Omdat ik ook te veel had gedronken.»

HUMO U hebt geprobeerd zichzelf een kogel door het hoofd te jagen aan de voet van een olm, een boom die uw vader had geplant.

Von Schirach «Met een oud jachtgeweer. Dat soort geweer laad je op door het naar voren te plooien, zo span je de veer op, waarna je de patronen kan laden. Ik had geen patronen ingebracht omdat ik te dronken was, ik heb zelfs het geweer niet geplooid. Ik heb afgedrukt, maar het ging niet meer (lacht).»

HUMO U lacht erom.

Von Schirach «Wat moet ik anders dan om een 15-jarige bengel lachen? Intussen vind ik het nogal dom om zelfmoord te plegen. Het is geen goede houding tegenover de wereld.»

HUMO U hebt het ook over uw depressies, maar niet op klassieke wijze. Het is geen diepe treurnis, zegt u.

Von Schirach «Mensen spreken doorgaans in die termen over depressie: treurnis, melancholie. Maar depressie is iets volkomen anders. Een ander universum. Een toestand van je hersenen die je niet bijzonder behulpzaam is.»

HUMO Ook niet voor een schrijver?

Von Schirach (hoofdschuddend) «Je wenst het niemand toe. Een totale mist, anders kun je het niet noemen.»

HUMO U lijdt, als ik dat zo mag zeggen, ook aan synesthesie: uw zintuigen vermengen zich met elkaar. Heeft dat met depressie te maken?

Von Schirach «Synesthesie en depressie vinden allebei in de hersenen plaats. Verder denk ik niet dat er een verband is. Synesthesie is ook niet erg: een verkeerde koppeling van waarneming. Als u muziek hoort, registreert u via uw gehoor tonen die uw hersenen bereiken. Maar de meeste synestheten horen tonen en zien tegelijk een kleur – een kleur in de achtergrond. Er bestaan ook andere – grappige – vormen van synesthesie: mensen die muziek horen, en plotseling wasmachines zien. Of droogtrommels. Of bestek. Dat heb ik niet, ik heb het alleen met kleuren.»

HUMO De laatste zin uit ‘Kaffee und Zigaretten’ luidt: ‘Geluk is een kleur en slechts een moment.’

Von Schirach «Dat is ook zo, zoals ook herinneringen kleur voor mij hebben. Je hebt muzikanten van wie men dacht dat ze het absolute gehoor hadden, maar in werkelijkheid waren ze synestheten: ze zagen de muziek in kleuren. En aan de hand van de kleur konden ze de toon perfect herkennen.»

HUMO Hebt u, als synestheet, altijd het gevoel gehad dat u anders was?

Von Schirach «Als kind denk je: alles wat ik ben, zijn de anderen ook. Je hebt geen idee dat andere kinderen niet hetzelfde zouden kunnen zijn. Dat ze zelfs een ander geslacht zouden kunnen hebben. Als jongen ben je compleet verrast dat meisjes er anders uitzien.

»Ik heb op heel jonge leeftijd leren lezen, nog voor ik naar school ging. Het gevolg was dat ik me op school stierlijk verveelde als de juf gekleurde letters met een magneet op het bord hing om ons het abc te leren. Die letters hadden verschillende kleuren, maar de kleuren van de juf waren volgens mij allemaal verkeerd (lacht). Ik heb nog geprobeerd haar en mijn klasgenootjes uit te leggen wat de werkelijke kleuren waren, maar niemand snapte er wat van. Vreselijk verwarrend was dat. Voor mij was A rood, terwijl A in werkelijkheid blauw was. Toen heb ik voor het eerst gemerkt dat ik anders was dan de meeste kinderen.»

HUMO Als je anders bent, ben je dan ook alleen?

Von Schirach «Dat gevoel had ik sowieso. Maar gek genoeg oordelen kinderen daar niet over: het is wat het is, op dat moment. Onze opinies over een gelukkige of ongelukkige jeugd komen pas veel later. Een kind kan dat niet zeggen.»

HUMO Sterker nog: volgens u bestaat er geen gelukkige kindertijd omdat de dingen te gecompliceerd zijn.

Von Schirach «Als kind beleven we alles voor het eerst: we zijn bang, we hebben geluk, we likken aan een ijsje, we zoenen een meisje, we springen in het water. Dat het allemaal voor het eerst gebeurt, maakt de kindertijd waanzinnig complex. De wereld is veel complexer voor een kind dan voor een volwassene.»

HUMO Was het wezenlijk voor u om alleen te zijn?

Von Schirach «Het alleen zijn – of beter gezegd: de verveling – is goed voor je creativiteit. Als je je verveelt, kunnen je synapsen zich ontwikkelen. Tegenwoordig kan dat niet meer. Moeders geven hun kinderen een tablet zodat ze rustig zouden zijn. Waarschijnlijk ontstaat daar iets anders.»

HUMO Iets slechters?

Von Schirach «Dat wil ik niet gezegd hebben, maar creativiteit ontstaat doorgaans uit verveling: je creëert een nieuwe wereld omdat de wereld waarin jij vertoeft niet zo geweldig interessant is.»


Blijven liegen

HUMO Hoe zwaar is de naam Von Schirach voor u geweest?

Von Schirach «In Duitsland hebben heel wat mensen van mijn leeftijd tot hun grote verbijstering een oud SS-uniform op zolder gevonden: ‘Wat heeft grootvader in de oorlog gedaan?’ Levens en families zijn daardoor voorgoed verwoest. Bij ons is dat niet gebeurd. Bij ons lag alles op straat: iedereen in onze familie wist wat mijn grootvader in de oorlog had gedaan.

»Tijdens mijn studie heb ik de Processen van Neurenberg, de processen tegen de grootste oorlogsmisdadigers, méters dossiers, allemaal gelezen. Op basis daarvan heb ik later ook een boek geschreven: ‘De zaak Collini’, dat nu wordt verfilmd.

»Over de misdaden van mijn grootvader kun je amper spreken omdat ze van een ongehoorde verschrikking zijn: hij was, als gouwleider van Wenen, verantwoordelijk voor de deportatie van de Joden uit de hoofdstad van Oostenrijk en dus ook voor de moord op die mensen (naar schatting 130.000 Joden, red.). De zinnen die hij in 1942 heeft uitgesproken zijn onvergeeflijk: ‘Elke Jood die in Europa werkt, is een bedreiging voor de Europese cultuur.’ En de deportaties van Joden waren volgens hem ‘een actieve bijdrage aan de Europese cultuur’.

»Toen hij vrijkwam, na twintig jaar lang te zijn opgesloten in de gevangenis van Spandau, heeft mijn grootvader een boek geschreven, opgedragen aan Hitler: ‘Ich glaubte an Hitler – Ik geloofde in Hitler’. Dat heeft me lange tijd beziggehouden. Je draagt zo’n schuld mee, je kunt ze niet aanzuiveren – de schuld is zelfs niet met gerechtelijke categorieën te meten. Dan is het minste wat je kunt doen toch opheldering geven over de misdaden die je hebt begaan? Maar dat heeft hij dus niét gedaan.»

'De misdaden van mijn grootvader bij de Hitlerjugend zijn van een ongehoorde verschrikking'

HUMO Wat voor boek was het?

Von Schirach «Een mengeling van halfslachtige schuldbekentenissen en leugens over datgene waarover het in wezen gaat. Heinrich Himmler heeft in 1943 enkele geheime toespraken gehouden in Poznan, ‘Die Posener Reden’, waarbij Albert Speer en mijn grootvader aanwezig waren. Speer heeft tot het einde van zijn leven ontkend dat hij daar was, mijn grootvader niet. In zijn boek beschrijft hij de toespraken, maar hij verdraait de feiten: hij beweert dat de toespraken plaatsvonden in 1944, zodat ze dichter bij het einde van de oorlog komen. En hij neemt ze op zonder enige duiding: het ging om de openlijke en onweerlegbare intentieverklaring van Himmler om alle Joden uit te roeien. Iedereen die de toespraak heeft gehoord, kon achteraf niet beweren: ‘Wir haben es nicht gewusst.’

»Intussen is bekend dat mijn grootvader al in 1942 op de hoogte was van de Holocaust. Dat wist het gerecht nog niet op het moment van de Processen van Neurenberg.

»In 1968 werd hij door een Australische journalist geïnterviewd. De journalist kende het boek van mijn grootvader niet. Mijn grootvader beweerde dat hij pas na de oorlog van het bestaan van de Holocaust op de hoogte is gebracht. Hij bleef maar liegen. Het was geen waarachtig leven, ook niet na zijn gevangenisstraf.

»Om alsnog op uw vraag te antwoorden: die naam was een last, ja.»

HUMO U zegt dat u niet in erfschuld gelooft, maar wel in verantwoordelijkheid. U voelt zich verantwoordelijk voor de misdaden van uw grootvader. Wat betekent dat?

Von Schirach «Verantwoordelijkheid is de schuld die men niemand persoonlijk kan verwijten. Dat is de definitie volgens het Duitse recht. Hetzelfde geldt voor de Bondsrepubliek Duitsland. Die draagt geen schuld voor de misdaden van de nazi’s, maar het is wel onze verantwoordelijkheid om er alles aan te doen dat het nazisme niet opnieuw kan opkomen.»

HUMO Is het opnieuw aan het gebeuren?

Von Schirach «Het kan opnieuw gebeuren.»

HUMO Met de opkomst van de Alternative für Deutschland (AfD)?

Von Schirach «Intussen heb je ongeveer overal in Europa radicale populistische rechtse tendensen: Hongarije, Polen, Frankrijk, Duitsland – ze gaan in een richting die me zorgen baart, maar ze zijn nog niet te vergelijken met de nazi’s. Het nazisme vertegenwoordigt zo’n unieke misdaad in de geschiedenis dat je het je amper kunt voorstellen.

»We waren zo gelukkig met de Europese Unie. We waren ermee opgehouden boos te zijn op elkaar, elkaar te verachten, op elkaar te schieten. We waren één grote familie geworden. In een familie is er altijd wel onenigheid, maar dat hoort erbij. En nu doen we niets anders dan de reden van bestaan van die grote familie in vraag te stellen. Wat een domheid!»


Romantische onzin

HUMO Ik heb de indruk dat u erg streng ben voor uzelf.

Von Schirach (blaast) «Ik ben erg gedisciplineerd. Tegenwoordig zijn de meeste mannen jongens. Geen echte mannen. Dat bevalt me niet. Al die moderne mannelijke attributen, ik vind ze werkelijk niet interessant.»

'Mannen moeten voor mij niet voortdurend fitnessen. En ze hoeven ook niet te huilen.'

HUMO Zoals?

Von Schirach «Mannen moeten voor mij niet voortdurend fitnessen.»

HUMO Ze moeten gewoon, zoals u, sigaretten roken?

Von Schirach (onverstoorbaar) «En ze hoeven ook niet te huilen. En met zichzelf bezig te zijn. Al die mannen die zichzelf zo waanzinnig au sérieux nemen. Doe gewoon wat je moet doen, dat is mijn devies. Als dat streng is, na gut.»

HUMO Stilistisch bent u ook streng.

Von Schirach «Bij het schrijven? Jazeker. Dat moet je zijn.»

HUMO U schrapt elke overbodige letter. U schrijft berekenend, koud, hard, maar bovenal eenvoudig over de diepste gevoelens en gedachten. Dat is niet alleen een kwestie van stijl, het is ook een principe.

Von Schirach «In Duitsland leeft de idee dat het complexe het allerhoogste is. Hoe meer gezwollen iemand spreekt, hoe meer hij in aanzien staat.»

HUMO Komt dat uit de Duitse romantiek?

Von Schirach (knikt) «Het romantische idee van een genie. Complete onzin is het. Het slechtste wat een mens kan doen is Duitse filosofen lezen: niet te verstaan. Je hebt, ook als Duitser, een woordenboek nodig. Martin Heidegger zei ooit: ‘Als de filosofie zichzelf verstaanbaar zou maken, zou ze zelfmoord plegen.’ Waanzin! Terwijl Engelse en Amerikaanse filosofen heel eenvoudig zijn. Zelfs John Locke kun je lezen als een roman. En zo hoort het. Je moet de ingewikkeldste dingen zo eenvoudig mogelijk maken, niet omgekeerd.»

HUMO Dat zegt de oude advocaat ook aan zijn jonge vrouwelijke confrater in het verhaal ‘Subotnik’: ‘Probeer het zo eenvoudig mogelijk.’

Von Schirach «Je moet hard en gedisciplineerd aan een zin schaven tot hij verstaanbaar is en echt. Wanneer een kind en een leraar aan de hogeschool hem even makkelijk begrijpen, dan is hij goed.»

HUMO Was u graag strafpleiter?

Von Schirach «Ik zet me graag voor iets of iemand in. Het is een mooi beroep: David tegen Goliath. Iedereen is sterker. Het gerecht kan iemand opsluiten, een huiszoeking bij de aangeklaagde laten verrichten, het heeft heel veel macht. Het is een leger. En jij bent moederziel alleen: je hebt alleen je kop en je taal. Dat is een mooi uitgangspunt (lacht).»


Procedurefouten

HUMO ‘In de oorlog en de liefde is alles geoorloofd,’ zei Shakespeare. Is rechtspraak ook oorlog?

Von Schirach «Als je op serieuze wijze verdedigt, ga je niet buiten het recht. Maar in sommige gevallen is het ingewikkeld. Je moet afstand houden tegenover de aangeklaagde. Dat is niet mijn vriend. Dat is de man die ik verdedig.»

HUMO Viel u dat zwaar?

Von Schirach «Ik ben een afstandelijk mens, het was relatief makkelijk. Maar alles wat van rechtswege is geoorloofd, moet je hard doorvoeren. (Zwijgt) En of alles in de liefde is geoorloofd, waag ik te betwijfelen (lacht).»

HUMO U hebt allerlei cliënten gehad, van de grootste industriëlen tot de goorste vertegenwoordigers van de onderwereld. Hebt u gewalgd van de mensen die u hebt verdedigd?

Von Schirach «Ja.»

HUMO Wat deed u met die walging?

Von Schirach «Wat je altijd doet: je beroept je op het recht. Je verdedigt nooit de daad, je verdedigt de mens. Je cliënt heeft iets gemeens en strafbaars en vreselijks gedaan, maar dat verdedig je niet. Je zegt niet: ‘De moord was juist.’ Nee, je verdedigt de mens die dat heeft gedaan. En daar leef je mee.»

HUMO In ‘Subotnik’ beschrijft u een jonge advocate die helemaal niet gelukkig is als ze wint. Ze kan het niet met haar geweten in overeenstemming brengen.

Von Schirach «Dat heb ik ook meegemaakt. Je bent tevreden dat je wint, maar je weet ook dat het niet goed is.»

HUMO Niet rechtvaardig?

Von Schirach «Recht is niet hetzelfde als rechtvaardigheid of gerechtigheid. In ‘Subotnik’ komt een mensenhandelaar van de ergste soort op het nippertje vrij. Dat vloekt met je rechtvaardigheidsgevoel: ‘Dieses Schwein, waarom ontsnapt hij aan zijn straf?’ Het is in dat ene geval ook niet eerlijk, maar in het grote geheel van de rechtspraak is het wel te billijken. Dat is recht.

»Ander voorbeeld: u doodt uw vrouw, maar u hebt het slim aangepakt: er is geen bewijs. ’s Avonds laat hangt u met uw broer aan de lijn, tegenover hem geeft u de moord toe. De politie neemt het gesprek op. U wordt aangeklaagd. Tijdens het proces blijkt dat de politie niet het recht had uw telefoon af te tappen. Uw broer geeft niets toe. Er is alleen die opname. En de rechter beslist: ‘Die opname mag niet worden gebruikt.’ U wordt vrijgesproken, terwijl u uw vrouw hebt vermoord. Geen juiste beslissing van de rechter, maar voor ons allen is het beter: anders zouden al onze gesprekken kunnen worden afgeluisterd. (Zwijgt) Slecht voorbeeld: onze gesprekken worden al afgeluisterd (lacht).»

HUMO Het grote publiek is ervan overtuigd dat strafpleiters azen op procedurefouten.

Von Schirach «Het is goed dat ze dat doen. Het is hun job. Op een keer ging ik in discussie met één van de hoogste rechters in Duitsland. Het openbaar ministerie kwam tussenbeide en zei: ‘Advocaten zijn de remmen aan de wagen van de gerechtigheid.’ Daarop zei de rechter: ‘Wat is een wagen zonder remmen?’ En zo is het maar net: een proces zonder verdediging is niet juist. Maar het neemt niet weg dat veel mensen woedend worden op advocaten, tenzij ze zelf moeten worden verdedigd.»

HUMO In ‘Subotnik’ komt een gevaarlijke man vrij dankzij een slimme advocate. Goed voor de samenleving is dat niet.

Von Schirach «Dat is helemaal niet erg. Er worden niet zo gek veel misdaden gepleegd. Erg is: recht spreken op grond van wat ons op dat moment het beste uitkomt. Dat leidt tot catastrofes. We hebben het over mijn grootvader gehad. De toenmalige minister van Justitie Hans Frank, ‘de Slachter van Polen’, zei: ‘Recht is datgene wat het volk ten goede komt.’ Dat is het tegendeel van recht. Als je recht uitsluitend gebruikt om te bekomen wat je bevalt, is het onrecht.»

'Wat je als schrijver gelukkig maakt, is niet het succes, maar de vaststelling dat je mensen beroert met wat je schrijft'

HUMO U bent pas op uw 45ste beginnen te schrijven. U hebt ongelofelijk veel succes gehad. Maar in Die Zeit zegt u: ‘Als ik vandaag 20 zou zijn, zou ik scenario’s voor Netflix schrijven.’ Bent u niet tevreden met uw miljoenenpubliek?

Von Schirach «Succes (maakt wegwerpgebaar).»

HUMO U maakt een grapje.

Von Schirach «Nee, ik meen het, ik ben 54: het is te laat. Met twintig zou het anders zijn (lacht). Wat je als schrijver gelukkig maakt, is niet het succes, maar de vaststelling dat je mensen beroert met wat je schrijft. ‘U hebt miljoenen boeken verkocht,’ zegt u. Eerlijk gezegd, ik kan me de kopers niet voorstellen. Ik kan ook niet geloven dat het waar is (lacht). Maar het is tof als een oud vrouwtje in Taiwan zegt: ‘Uw boeken laten me de waarheid zien.’ Dat is een zin waar ik een jaar kan van leven, fantastisch om dat te horen aan het andere eind van de wereld.

»Maar een scenarioschrijver bij Netflix of waar dan ook in Hollywood heeft de toekomst. Kijk naar ‘The Sopranos’, ‘House of Cards’, ‘Downton Abbey’. Dat zijn haast 19de-eeuwse romans: waanzinnig slimme plots, diepe karakters, en die series bereiken oneindig veel meer mensen dan mijn boeken.»

Ferdinand von Schirach, ‘Straf’, De Arbeiderspers

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234