Ex-winnaars adviseren Tom Boonen over Parijs-Roubaix en het zwarte gat: 'Hij mag één ding niet vergeten: zijn portefeuille'

Vijftien jaar geleden, aan het begin van zijn glansrijke carrière, gaf Johan Museeuw de jonge Tom Boonen al eens vaderlijke raad, en dat deed hij afgelopen winter nog eens over: in de urinoirs van ’t Kuipke in Gent onderhield hij de afscheid nemende kampioen over de laatste koers en het leven daarna.

'Hij is sowieso de grootste renner van België na Eddy Merckx'

HUMO Welke raad geven jullie hem, voor zijn laatste Parijs-Roubaix?

Eddy Planckaert «Winnen zal niet gemakkelijk zijn. Iedereen weet dat hij er het laatste doel van zijn carrière van gemaakt heeft. Alle ogen zijn op hem gericht en dat maakt het dubbel zo moeilijk. Hij zal een goede dag moeten hebben én zijn ploeg moet 100 procent voor hem rijden. Die goeie dag zal wel lukken, maar ik weet niet of zijn ploegmaats hun eigen kansen zullen opgeven. Als Terpstra, Stybar of één van die andere kopmannen de kans zien om te winnen, zullen ze niet aarzelen. Tom is de dag daarna renner af, maar zij rijden de volgende weken en jaren ook nog rond, en moeten ook hun geld zien te verdienen. Boonen is een joviale kerel en ze zien hem allemaal graag, maar iedereen droomt ervan om Parijs-Roubaix te winnen. Patrick Lefevere zal zijn troepen wel streng toespreken, maar tijdens de koers doet een renner toch zijn eigen gedacht. Daarom geef ik hem de raad om zoveel mogelijk betrouwbare mannen in de ploeg op te nemen, die zo lang mogelijk bij hem blijven.»

Sean Kelly «Planckaert heeft te lang in een Nederlands team gereden, en een trauma opgelopen (lacht). Daar moet je inderdaad uitkijken voor je ploegmaats, maar in een Belgische ploeg krijg je die problemen niet. Meestal zit je er met superknechten die alles voor hun kopman doen. Als Boonen echt goed is, zal iedereen van de ploeg willen dat hij wint. Al moet je altijd oppassen met een Nederlander in je team, natuurlijk.»

HUMO Bedoel je Niki Terpstra?

Kelly «Goed geraden (lacht).»

Planckaert «Als Boonen wint, zal hij wel een grote premie voorzien, net als de sponsor, en zo komt het misschien ook in orde. Pas op, hij maakt kans: in de Ronde van Vlaanderen kan hij niet meer de forcing voeren, maar Parijs-Roubaix kent hij als geen ander. Het is alsof hij thuis op zijn parking rijdt.»

Bernard Hinault «Goede raad voor Boonen? Waarom zou hij die nodig hebben? Serieus blijven, hè. Een echte kampioen zoals hij kan zich op de beslissende momenten onderscheiden, en zijn leeftijd kan geen probleem zijn: ik heb nog nooit een jonge renner Parijs-Roubaix weten winnen.»

Kelly «Toen ik 36 jaar was, kende ik wel al eens een slechte dag. Dat was vreemd: de hele week voelde ik me geweldig, maar de dag van de koers niet. Maar net zo goed gebeurde het omgekeerde, en deed ik mijn tegenstanders nog pijn. Het geeft trouwens een heerlijk gevoel als je je concurrenten op de kasseien ziet lijden (lacht).»

Planckaert «Ik heb in de geschiedenis van het wielrennen nooit iemand gezien die zo over kasseien kan rijden als Tom Boonen – een wervelwind en een bulldozer tegelijk. Als je hem op de kasseien ziet afstormen, doe je in je broek van de schrik. De kracht die hij ontwikkelt, is onvoorstelbaar, en tegelijk is hij heel elegant. Hij zit gegoten op zijn fiets. Bovendien is dit zijn laatste koers: die mens gaat zijn lichaam verlaten, hij gaat uit zichzelf treden en gestuurd worden vanuit de kosmos (lacht).»

Kelly «Parijs-Roubaix is een linke koers, hij mag vooral geen tegenslag kennen: een valpartij net vóór hem, of mechanische problemen op het verkeerde moment, en zijn race kan over zijn.»

Eric Vanderaerden «En toch speelt pech veel minder dan in onze tijd. Langs elke strook staan er mensen van de ploeg met wielen. Ik ben vip-chauffeur bij Lotto-Soudal, en zelfs wij worden ingeschakeld. Boonen moet op zijn ervaring meegaan met de besten, hij weet dat hij vooraan moet zitten. Zijn ploegmaats kunnen openen, en nadien zeggen: ‘Wij wachten op Boonen.’ Misschien tot ergernis van Sagan, zoals in Gent-Wevelgem, maar het is niet verboden.»

Kelly «Als specialist verlang je vooral naar slecht weer, dan vallen er al een hoop renners af en ga je met een kleine groep de finale in. Bij goed weer blijf je met te veel renners zitten en spelen de andere ploegen het tactisch. Dan krijg je een complexe situatie die je niet altijd in de hand hebt. Maar elke beweging die hij maakt, zal gevolgd worden, nog meer dan anders.»

Planckaert «Als hij de piste oprijdt met Sagan of Van Avermaet, ziet het er niet rooskleurig uit. Terwijl hij eigenlijk een betere sprinter is. Hij moet van hen af zien te raken.»

Kelly «De beste sprinter wint niet in Roubaix, wel diegene die nog de meeste kracht en energie over heeft.»

Johan Museeuw «Ik heb Tom gesproken tijdens de Zesdaagse van Gent. Het was winter, we konden er een pintje bij drinken. Toen had ik het gevoel dat hij écht klaar was met wielrennen. Je ziet het ook aan hem, hij blijft onder alles bijzonder rustig. Hij zei dat hij enkel nog zou focussen op de Ronde en Roubaix. Iedereen hoopt dat hij wint en de druk is bijzonder groot geworden, maar zelf beseft hij dat het heel moeilijk zal worden. Hij heeft er vrede mee dat een vijfde overwinning er niet komt. En hij heeft gelijk: zijn carrière zal er niet minder groot door worden. Tactisch valt er vooraf niet veel te zeggen, je moet afwachten wat er zich in de koers voordoet. Als alles in zijn plooi valt, kan hij de finale rijden.»

Peter Van Petegem «Ik hoop dat hij ervan kan genieten, en de wedstrijd eindigen zonder miserie en valpartijen. We zijn één jaar ploegmaats geweest en ik was aangenaam verrast door hoe hij met dit soort koersen omging. Je kunt hem niet van zijn stuk brengen, van stress is er geen spoor. Het resultaat is voor mij zondag van ondergeschikt belang.»

Vanderaerden «Ik deel de mening van Peter, zonder kleerscheuren uitrijden is al goed genoeg.»

Kelly «Hij moet verlost geraken van het gevoel dat hij zijn laatste koers rijdt. Ik zou hem zeggen: ‘Rijd vandaag alsof het de zoveelste Parijs-Roubaix uit je carrière is, en niet met de gedachte dat alles eindigt aan de finish.’»

'Als hij Parijs-Roubaix voor de vijfde keer wint, wordt iedereen zot'


Mentale druk

HUMO Hoe voelt het om je laatste wedstrijd te rijden?

Vanderaerden «Voor mij was dat Parijs-Brussel. Mijn afscheid was gepland, maar ik maakte geen kans op de overwinning. Na de koers heb ik mijn spullen gepakt en dacht ik vooral: ‘Laat me met rust, ik ga naar huis, naar mijn vrouw en kinderen.’ Ik denk dat Tom er ook zo over denkt. Al zal hij nog een hoop sponsorverplichtingen aan zijn been hebben.»

Museeuw «Tom zei me deze winter dat hij enorm snakt naar rust.»

Vanderaerden «De mentale druk werd mij te veel. Op mijn 21ste stonden er al zeventien journalisten rond mij, en niemand die me daar tijdens mijn carrière bij begeleidde. Elke keer als ik niet won, moest ik uitleggen hoe dat kwam. Die tol begon te wegen, zeker op het einde.»

Kelly «Ik dacht: ‘Thank God it’s over.’ Ik was opgelucht: ik had een succesvolle, maar lange carrière gehad. Er was de mentale druk, maar vooral die jarenlange opofferingen: trainen, op je gezondheid letten, geen alcohol tijdens het seizoen enzovoort. Wielrennen is een zware en moeilijke sport: je bent blij dat je er op een dag mee kunt stoppen.»

Hinault «Ik herinner me vooral de dag nadien: ik had een zware kater, en heb dágen nodig gehad om te recuperen (lacht). Ik had mijn afscheid lang van tevoren aangekondigd, en we hebben het zwaar gevierd. Dat móét ook, vind ik. Het is belangrijk dat Boonen zelf beslist heeft om te stoppen, en dat hij niet door een blessure of mindere prestaties aan de kant moet. In het leven is het belangrijk de touwtjes zelf in handen te houden.»

Van Petegem «De kermiskoers van Desselgem was mijn laatste koers. Dat klinkt minder glorieus dan Parijs-Roubaix, maar ik reed ze vooral als afscheid voor de supporters en niet, zoals Tom nu, om te winnen. Hij kan eigenlijk nog enkele jaren mee. Als je vorig jaar nog tweede werd in Parijs-Roubaix, kun je je zelfs afvragen waarom je ermee stopt. Ik was 38 jaar, en fysiek was het op. Afscheid nemen was gemakkelijk: de laatste jaren van mijn carrière was Boonen er als tegenstander bij gekomen, en ik voelde mij op den duur een oude vent op een velo. Bij Tom zijn vooral die zware valpartijen beginnen te wegen, denk ik.»

Planckaert «Hij is al zo lang bezig, en altijd was er die stress en de extreme belangstelling. Boonen is nog niet versleten: geef hem de mentaliteit van iemand van 22 jaar en hij wint nog massasprinten. Maar hij heeft al honderdduizend koersen gewonnen, en op een bepaald moment geraak je verzadigd. Hij heeft ook alles wat hij wil, en zijn bankrekening krijgt hij niet in een kast gestopt omdat die zo groot is.

»Maar als je stopt, word je de dag erna altijd wakker met een kater – figuurlijk, bedoel ik. Het zal een vreemd gevoel zijn: opstaan en weten dat je niet meer moet trainen of je verzorgen.»

Museeuw «Het zal zeker geen leuk moment zijn. Stoppen met iets dat je graag doet, is nooit fijn. Bij Tom is het nog niet doorgedrongen: hij zit in de turbulentie rond zijn laatste koers. Dat hij halverwege het seizoen stopt, zie ik als een voordeel: zo heeft hij nog de tijd om het goed te beseffen. De beslissing te stoppen, is mee genomen door Lefevere. De ploeg is aan het verjongen, en die jonge renners willen het overnemen.

»Voor mij was het vooral een opluchting dat ik van de risico’s van het vak verlost was. Maar niks in het leven geeft evenveel voldoening als een overwinning, of een concurrent lossen tijdens de finale van een grote koers.»

Planckaert «Vooral de pijn en het afzien zal hij missen. Renners pijnigen hun lijf tot in het oneindige, en dat gevoel werkt enorm verslavend. Je kunt het met niks evenaren: hij mag nog driehonderd keer de trap oplopen, dat zal niet hetzelfde geven. De eerste tien jaar na mijn carrière bleef ik naar die pijn op zoek gaan.»

Kelly «Ik ben blijven fietsen, heb het geleidelijk afgebouwd. Dat is de beste manier, voor je geest en je lichaam. Ik moest het ook doen, omdat ik met zoveel energie bleef zitten. En daar werd ik agressief van. Als ik niet op mijn fiets was gesprongen, had ik het huis afgebroken, de ramen en de deuren moesten er nu al bijna aan geloven (lacht). Het duurt minimum twee jaar voor die overtollige energie uit je lichaam is.»

Van Petegem «Het dagelijkse trainen met een groep vrienden heb ik altijd het leukste onderdeel van mijn carrière gevonden, en dat heb ik nadien ook het meest gemist. Als ik nu nog eens een tochtje maak, doet het trouwens veel meer pijn dan vroeger. Boonen zal volgens mij met de fiets enkel nog naar de bakker gaan. Op zondagmorgen, om pistolets voor zijn vrouw te halen.»

'Ik heb in de geschiedenis van het wielrennen nooit iemand gezien die zo over kasseien kan rijden als Tom Boonen – een wervelwind en een bulldozer tegelijk'


Uit de cocon

HUMO Na jarenlang als een zigeuner de wereld te hebben afgereisd, zit je als ex-renner plots thuis. Wordt dat wennen voor Boonen?

Kelly «Correctie, een wielrenner leeft als een monnik: geen drank, geen seks en veel slapen. Terwijl een zigeuner al die dingen doet wanneer hij wil (lacht). Je moet je aanpassen aan het echte leven, want dat is de wielerwereld – voor alle duidelijkheid – niet. En het duurt even voor je een normale mens wordt.»

Museeuw «Je hebt achttien jaar in een cocon geleefd: je traint en koerst, en alles wordt voor jou gedaan. Het einge wat je zelf doet, is op die fiets kruipen en trappen. En zo ga je van koers naar koers, jaar na jaar. Als je stopt, moet je zelf alles beginnen te doen. Je bent eigenlijk niks gewoon, en je moet een nieuwe structuur zien op te bouwen. Ik zie het bij iedereen: niemand kan de eerste twee jaar aanvaarden dat zijn carrière echt voorbij is. Ook bij Sven Nys merk ik aan kleine dingen dat hij het nog geen plaats heeft kunnen geven. En dat moet je zo snel mogelijk doen. Sommige kampioenen – ik noem hun namen liever niet – hebben zelfs nooit afscheid kunnen nemen van hun carrière. We komen al eens met een aantal ex-kampioenen bij mekaar, en dan spreken we over de problemen die we hebben ondervonden.»

HUMO Eddy Merckx vertelde ooit dat hij de eerste dag na zijn afscheid naast zijn vrouw Claudine in de zetel zat, en ze niet wisten wat te zeggen tegen elkaar.

Planckaert «Merckx heeft 99 procent voor zijn vak geleefd, mensen als Sven Nys zelfs 100 procent. En dan is het normaal dat ze zich de vraag stellen: ‘Wat nu?’ Tom Boonen heeft ook van het leven geproefd. Koersen was voor hem belangrijk, maar niet alles. Hij is een familieman, verzot op zijn kinderen, en hij zal met die tweeling ook wel weten wat gedaan. Hij heeft ook vijf sportwagens in zijn garage, en dat had Eddy niet. Sven Nys rijdt met een gewone Audi. Boonen is iemand die durft te leven, is daar zelfs heel gretig in. En daarom is het voor hem veel gemakkelijker om te stoppen. Ik spreek hier uit eigen ervaring: op het gebied van niet voor je sport leven, was ik de strafste uit de wielergeschiedenis (lacht).»

Kelly «Ik herken wel wat Merckx overkwam. Je bent plots de hele tijd thuis, en dat zet een relatie onder druk.»

HUMO Scheidingen zijn legio bij gepensioneerde wielrenners. Een trieste vaststelling.

Planckaert «Ja, dat valt op. Van mijn generatie is er niemand die nog bij zijn eerste vrouw is, behalve Eric Vanderaerden en ik. Al is mijn vrouw vooral bij mij gebleven (lacht).»

Museeuw «Het ene heeft zeker met het andere te maken. Je hebt plots veel vrije tijd, en je denkt ook veel meer na over je situatie. Zeker de eerste jaren sta je op en heb je niet meteen iets te doen. Elke dag thuis zitten en wachten op die nieuwe uitdaging kan dodelijk zijn voor een huwelijk.»

Van Petegem «Terwijl je je vroeger moest verzorgen, kun je nu op stap gaan. Je krijgt privé een heel ander leven, en dat zorgt voor wrijvingen. Je moet zorgen dat je goed overeen blijft komen. Bij mij is dat goed gelukt, of laten we zeggen: mijn vrouw ziet mij nog altijd graag (lacht).»

HUMO Bestaat het zwarte gat?

Hinault «Renners die in een zwart gat vallen, hebben enkel gekoerst om in de gunst van het publiek te komen. Als de bewondering wegvalt, kunnen ze niet meer leven. Dat is verkeerd: je moet voor jezelf leven, niet voor de anderen. Ook een carrière bouw je uit voor jezelf. Als je stopt, ben je vooral blij dat je eindelijk meer bij je familie kunt zijn. Om die mensen draait het in het leven.

»Stoppen was voor mij geen opluchting, en het kostte me ook geen enkele moeite. De dag dat ik het deed, heb ik meteen de pagina omgeslagen en ben ik een ander leven begonnen. Ik wist al lang wat ik ging doen: daar moet je je op voorbereiden, anders wacht je inderdaad een leegte. Ik droomde van een boerderij, en tijdens mijn carrière praatte ik al honderduit met de boeren in Bretagne om de stiel te leren.»

HUMO Je was amper 32 jaar toen je het als renner voor bekeken hield, terwijl je dat jaar nog tweede eindigde in de Tour de France, en hem zelfs bijna had gewonnen.

Hinault «Ik had gezien hoe Jacques Anquetil en Eddy Merckx, mijn grote idolen, op het einde van hun carrière op de sukkel geraakten en niet meer mee konden. Daarvan wilde ik bespaard blijven. Het is goed dat Boonen dat ook doet. Wat voor zin heeft het om nog twee jaar langer door te gaan? Hij heeft alles al bereikt.»

Vanderaerden «Ik kwam thuis bij vrouw en kinderen. Ik wist meteen wat te doen, en dat zal bij Tom niet anders zijn. Ik had geen tijd voor een zwart gat.»

Planckaert «Nee, daar moet hij niet bang voor zijn. Boonen is na Eddy Merckx de grootste renner van België, hij zal de aanbiedingen van zich af moeten slaan. Hij ziet er goed uit, hij heeft een slimme en goeie babbel en vooral: het slaat aan wat hij zegt, iedereen luistert naar hem en zijn sappige Kempische dialect. Volgens mij wordt hij de nieuwe ambassadeur voor de wielersport.»

Van Petegem «Het zwarte gat is iets wat je jezelf wijsmaakt. Je moet je wel zien bezig te houden. Het is niet evident om een job te vinden die nog echt leuk is, of toch dezelfde voldoening geeft als wielrennen. Het klopt wat Hinault zegt: je moet voorbereid zijn op wat gaat komen. Ik probeer iets op te bouwen in de verzekeringen en dat loopt goed, maar het is natuurlijk niet hetzelfde als de Ronde van Vlaanderen winnen.»

Museeuw «Ik heb een moeilijk einde van mijn carrière gehad. Ik moest enerzijds aanvaarden dat ik geen renner meer was, anderzijds ging ik door een diep dal door mijn dopingbiecht. Ik was de eerste die bekende, en kreeg alles over me heen. Maar toen de buitenwereld besefte dat ik lang niet de enige was, heb ik geleidelijk aan opnieuw de erkenning gekregen die ik verdiende. Ik wil niet goedpraten wat ik gedaan heb, het blijft een smet. Maar ik heb het een plaats gegeven. De dag dat ik er open over kon spreken, was ik enorm opgelucht. Met je carrière is het net hetzelfde: de dag dat je die kunt loslaten, ben je goed bezig.»

'Een flierefluiter is Tom nooit geweest, en zijn ego heeft hem nooit parten gespeeld'

HUMO Zal Boonen moeite hebben met loslaten?

Museeuw «Niemand ontsnapt eraan, ook Tom niet. Het blijft moeilijk om anderen in jouw plaats te zien koersen.»

Van Petegem «Als je stopt, ben je geen wielrenner meer. Dat klinkt misschien banaal, maar het houdt veel meer in dan je denkt. Je bent niet meer de figuur om wie het draait, en daar moet je mee leren leven.»

Museeuw «Mensen die in de wielersport blijven, hebben het iets gemakkelijker. Die blijven in die cocon. Maar ik zie Boonen niet meteen sportdirecteur of teammanager worden. Na je carrière wil je eerst alle dingen doen die je voordien niet mocht. Autoracen, bijvoorbeeld. Financieel is hij binnen, hij moet enkel attent zijn en vooral zorgen dat hij niets verkeerd doet. Vooral daar schuilt het grote gevaar.»

HUMO Zwemmen er zoveel haaien rond?

Museeuw «Je hebt veel mensen die van je succes willen profiteren, maar zodra ze zonder je verder kunnen, zetten ze je zomaar bij het grootvuil. En ondertussen blijven ze je naam gebruiken.»

HUMO Je hebt het over het fietsenmerk dat je ooit begon.

Museeuw «Ja. Ik had van Eddy Merckx de raad gekregen om het niet te doen, maar het was al te laat. Er is een rechtszaak bezig, en ik heb er vertrouwen in dat ik mijn geld terugkrijg. Maar dat proces kost me vooral negatieve energie, en dat is jammer. Ik wil alleen zeggen: als renner ken je heel veel van je sport, maar van het zakenleven weet je niks. Weinig ex-kampioenen zijn succesvolle ondernemers.»

Planckaert «Als wielrenner heb je het volledig voor het zeggen: jouw woord is wet. In de zakenwereld houden ze daar geen rekening meer mee.»

Museeuw «Ik heb Tom over mijn debacle in de fietsenbranche verteld, terwijl we stonden te plassen in de urinoirs van ’t Kuipke, en ik had het gevoel dat hij goed luisterde. De merknaam Boonen heeft een groot potentieel: ik heb gezegd dat hij zijn imago moest verkopen, en zeker nergens medeaandeelhouder worden van een bedrijf. Hij moet heel langzaam starten en zich goed laten omringen, want er zijn al veel renners na hun carrière in de problemen gekomen. De huidige generatie moet lessen trekken uit wat er bij ons verkeerd liep. Het kan niet de bedoeling zijn dat je je fortuin verliest aan onbetrouwbare sujetten.»

Van Petegem «Er lopen veel pipo’s rond op de koers, mooipraters die het slecht met je voorhebben. Ik heb soms de naam kortaf te zijn, maar het is zó dat je ze van je af moet schudden. Ik maak me geen zorgen om Tom: hij is wijs en ervaren, en heeft de juiste mensen om hem heen. Maar er blijft een grote nood aan begeleiding van wielrenners, vooral voor na hun carrière. Ze moeten hulp krijgen bij het voorbereiden van hun latere leven. Wielrenners, en sportlui in het algemeen, worden tegenwoordig overbeschermd: probeer als journalist maar eens Tom Boonen te interviewen, daar is geen doorkomen meer aan. Maar zodra hun carrière voorbij is, valt die bescherming weg en zijn ze vogelvrij.»

Museeuw «Ik ben blij dat Peter het ook aankaart. Ik heb vijf jaar geleden al gezegd tegen de Wielerbond dat ze een ex-renner moesten aanstellen om de jongens op te vangen die stoppen met koersen, om welke reden dan ook. Ik heb me toen ook kandidaat gesteld, maar er is niks van gekomen.

»De wielerbond zou veel meer beroep moeten doen op de ex-kampioenen. Omdat er naar ons wordt geluisterd. Voor het WK in Lugano zei Eddy Merckx me om mijn zadel 2 millimeter hoger te zetten. Als iemand anders dat had gezegd, had ik het nooit gedaan. Maar ik werd wel wereldkampioen.»

Van Petegem «Ik heb alle vertrouwen in de reconversie van Tom. Ik heb de periode meegemaakt dat werkelijk iedereen gek was van hem, er stond elke dag een massa mensen rond de bus. Maar dat bracht hem niet aan het wankelen, hij is altijd op een professionele manier zijn vak blijven uitoefenen. Een flierefluiter is hij nooit geweest, en zijn ego heeft hem nooit parten gespeeld. Daar heb ik veel bewondering voor.»

Planckaert «Het klinkt als een cliché, maar dat hij een eenvoudige mens is gebleven, siert hem misschien nog het meest.

»Ik wil Tom toch nog één raad geven als hij Parijs-Roubaix wil winnen: hij moet zorgen dat hij zijn portefeuille meeneemt. Als je voorop bent met iemand als Mathew Hayman en je geeft hem een beetje geld, ben je zeker dat hij meewerkt. Dat is geen omkoperij: je vraagt geen topper als Sagan of Vanmarcke om de koers te verkopen. Je verzekert je gewoon van extra hulp. Als hij dit leest, zal hij denken: ‘Planckaert, gij zijt zot!’ Maar om hulp vragen is niet hetzelfde als omkopen.»

HUMO Het kost hem hooguit één van zijn sportwagens.

Planckaert «Voila, en hij schrijft geschiedenis door vijf keer Parijs-Roubaix te winnen en iedereen wordt zot. Dan spreken ze niet meer van de Romeinen, maar van Tom Boonen.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234