Extreem gamen: ex-verslaafde Michiel Smit (ruim 20.000 uur speeltijd) benoemt de problemen

De Nederlander Michiel Smit (28) heeft tussen zijn 5de en zijn 19de ruim 20.000 uur games gespeeld en raakte het contact met de werkelijkheid kwijt. Over die ellendige jaren van verslaving heeft hij een schrijnend boek geschreven: ‘Gameboy’.

'Ik was een sociale schim. Ik stortte bijna dagelijks in. Ik heb de rand van het ravijn gezien'

Michiel Smit «Ik heb mijn eerste spelcomputer, een Game Boy, gekregen toen ik 5 jaar was. Het was een spelletje, zoals ik ook voetbalde, skateboardde of op mijn gitaar tokkelde. Ik speelde ‘Mario’ met mijn vriendjes. En ik was er best goed in: ik won regelmatig.

»Op mijn 12de liep het mis. Op de middelbare school werd ik gepest. Mijn aandacht verslapte en mijn leraren wilden me laten overzitten. Mijn ouders hadden niet door wat er aan de hand was. Ik voelde me totaal verloren, en ik keerde naar binnen: ik sloot me op in mijn computerkamertje.»

HUMO ‘Games waren mijn infuus van eigenwaarde,’ schrijf je.

Smit «De strijd in games zoals ‘World of Warcraft’ sloot aan bij mijn persoonlijke gevoeligheid: de virtuele wereld maakte mijn strijd zichtbaar. In games kon ik die zelfs winnen. Ik merkte dat mijn handen bovenmenselijk snel gingen bewegen: ik werd een upgrade van mezelf.

»Ik was zo nauwkeurig, zo snel. In een fractie van een seconde besliste ik over leven of dood. Gamen is binair: leven of dood, winnen of verliezen. Het was erg helder, niet zo ambigu als het leven buiten mijn computerkamertje. Ik versloeg anderen, ik kwam hogerop, ik werd gevraagd voor clans: ik werd nummer één. Maar hoe beter ik in gamen werd, hoe meer ik van mezelf eiste dat ik ook de beste was in andere dingen. En dat viel lelijk tegen. Het gevolg was dat ik me nog meer uit de wereld terugtrok. Ik werd een sociale schim.»

HUMO Nog een citaat: ‘Ik genoot niet van mezelf in de echte wereld, ik genoot van mezelf in-game. Mijn bizar hoge handelingssnelheid, mijn accuratesse, drie headshots met drie kogels: het bracht me in een overwinningsroes zoals niets anders dat deed.’

Smit «Ik voelde me alleen goed als ik gamede. Dat was niet oké, dat wist ik. Ik probeerde te stoppen, maar na een tijd nam de verslaving het weer over: ik móést gewoon. Mijn ouders hadden geen idee van wat er met me aan de hand was. Ik deed alsof ik in mijn kamer voor school werkte. Kinderen kunnen heel manipulatief zijn. Dat was tekenend voor mijn verslaving: ik was vals en onecht. Ik maakte mezelf uiteindelijk ziek met die oneerlijkheid. Als ik verliefd werd op een meisje, botste ik op mijn zelfhaat. Een maand lang verkeerde ik in een roes, maar uiteindelijk liep het slecht af: ik zat vast.

»Na de middelbare school ben ik naar Peru getrokken om vrijwilligerswerk te doen. Een radicaal andere wereld: ik nam verantwoordelijkheid op voor andere mensen. Dat heeft me goed gedaan, ik kwam los van mijn verslaving.

»Toen ik terug thuis was, ben ik erg diep teruggevallen. Het besef dat mijn tienerjaren bijna achter de rug waren, boezemde me grote angst in. Als later zou blijken dat ik mijn hele jeugd had vergooid aan gamen, maakte ik er liever meteen een eind aan. Ik ben een jaar als een kip zonder kop van hot naar her geraasd: van studentenvereniging naar sportclub, van feestjes naar schranspartijen, van vrienden naar meisjes – opgefokt als ik was om de lokroep van games niet te horen. Ik besefte dat ik ontspoord was, dus op mijn 19de ben ik ermee opgehouden. Dat betekende niet dat ik er vanaf was. Het zwaarste moest nog komen.»

HUMO In die periode van ontwenning ben je dicht bij zelfdoding geweest.

Smit «Drie jaar lang heb ik ertegen gevochten. Mijn geest was vergroeid met games, hij spoorde niet meer met de echte wereld. Dat moest ik herstellen. Tegelijk moest ik mijn diploma halen, vechten tegen de eenzaamheid én tegen de immer aanwezige verleiding om toch nog één keertje te gamen. De druk was zo hoog dat ik bijna dagelijks instortte. Ik heb de rand van het ravijn gezien.»

HUMO Je beschrijft hoe hard de lokroep van games nog was: ‘Die hele teringbende is nog springlevend! Je was dit bijna vergeten, deze gamehonger. Je dikste mentale spierbundels, hoe kon je die vergeten? Ik heb al een jaar iets niet zo gewild. (...) Als ik zulke sterke signalen van mijn lichaam niet mag volgen, dan ben ik toch verloren?’

Smit «De gamewereld barst van de epiek. Het is geen ‘Monopoly’, waar je weleens een hotel of een straat koopt. Nee, je bént een avatar, je goochelt met de meest geavanceerde wapens, je beheerst magie. Het is ‘James Bond’ op steroïden. Of liever: een combinatie van ‘James Bond’, ‘Harry Potter’ en ‘Lord of the Rings’.

»Mijn brein was, mismeesterd als het was, afgestemd op epiek. Uren luisteren naar mompelende professoren die geen zin hadden om les te geven, kwam niet tegemoet aan wat mijn geest nodig had. Ons onderwijs stimuleert je brein niet. Je moet er zélf veel voor doen. Maar dat leer je af door te gamen, de computer doet alles voor jou – jij reageert alleen. En dus bots je op je eigen onvermogen, en dat maakt je depressief.»

HUMO Hoe heb je jezelf overwonnen?

Smit «Ik ben verschrikkelijk boos geworden op mijn ouders: ‘Ik was een kind, jullie hadden me moeten sturen!’ Arme mensen, ze hadden zo hun best gedaan (lacht). Maar door hun begrip en hun openheid heb ik mezelf ook geopend. Ik kon vertellen dat ik me vreselijk voelde en regelmatig instortte.

»De colleges neurobiologie aan de universiteit waren ook helend: daar herkende ik mijn eigen verslaving. Ik zag dat er een logica schuilging achter de gekte die ik onderging. Die werd zelfs bestudeerd in labs over de hele wereld: ik was de rat in het experiment.»

HUMO Je hebt ook de zelfhulpgroep voor verslaafden Narcotics Anonymous bezocht.

Smit «Mijn bachelorscriptie ging over de neurobiologie van de verslaving, en ik wilde daar wat praktijk in smokkelen. Op de eerste meeting zei ik: ‘Hoi, ik ben Michiel, ik ben een bezoeker.’ Op de tweede meeting zong ik een toontje lager: ‘Ik ben Michiel, en ik ben ook verslaafd.’ (lacht) In die groep zaten alle mogelijke verslaafden: heroïnehoertjes, crackheads, jointrokers, gokverslaafden. En echt waar: de gelijkenissen waren groter dan de verschillen. De verhalen van een heroïnehoertje grepen me het meest aan. Ik zat met mijn vuist in mijn mond naar haar te luisteren. Het was zo herkenbaar: wat ze voelde, waarom ze het deed, wat de onderliggende dynamiek was. Ze zag eruit als een skelet, maar ze straalde: ze was al een tijdje clean.»

HUMO Ben jij intussen helemaal clean?

Smit «Godzijdank wel.»

HUMO Hoor je de lokroep van games niet meer?

Smit «Die is vrijwel verdwenen. Sinds mijn 25ste heb ik gamen op een veilige afstand gekregen. Bij hoge uitzondering doe ik het nog eens met vrienden, maar wel heel bewust. Met een uurtje yoga van tevoren, bij wijze van spreken.»

HUMO Het IOC overweegt gamen als Olympische discipline in te voeren.

Smit «Hopelijk doen ze dat níét. Gamen is te beperkt in zintuiglijk opzicht. Maar laten we wel wezen: over tien jaar zullen we allemaal grotendeels in virtual reality leven. Dat is één van de redenen waarom ik dit boek heb geschreven: we kunnen ons maar beter zo snel mogelijk rekenschap geven van de donkere kant van al die virtuele spelletjes. De game-industrie, die intussen veel groter is dan de filmindustrie, moet stoppen met spelers zo afhankelijk mogelijk te maken. Ik pleit voor een juiste balans tussen werkelijkheid en fantasie.»

HUMO Heb jij kinderen, Michiel?

Smit «Nee, ik heb nog nooit een relatie gehad. Maar ik wil later wel heel graag kinderen.»

HUMO Zouden die kinderen dan mogen gamen?

Smit «Jazeker, maar ik zou ze bewust maken van de valkuilen. Niet dat ik er als de Gestapo bovenop zou zitten, maar ik weet wat het is. Games zijn niet noodzakelijk onschuldig.»

Michiel Smit, ‘Gameboy’, Atlas Contact

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234