null Beeld

faces on tv - Night Funeral

Korte samenvatting van wat voorafging: de boy wonder tegen wil en dank van de nieuwe Vlaamse elektropop maakt plaat vol ludduvuddu. Bon Iver, ten tijde van ‘For Emma’, maar dan met beats. Prottende synths, een falsetto als tweede stem boven de gewone zanglijn. Meer sfeer dan in de botsauto’s op de kermis met uw eerste lief. Met ritmes die kenners weleens uitheems plegen te noemen, veroorzaakt door rare instrumenten als geitenkloten en de balafon, het garen waarmee de ritmische tapijten onder de songs worden geweven. Een enkeling neemt het woord eclectisch in de mond en gaat daarna onder hoongelach zijn tanden poetsen.

Jasper Maekelberg is de man die ervoor zorgde dat de lokale popscene voor het eerst sinds de new beat weer een eigen sound kreeg. Ingrediënten: zie vijf zinnen terug. Afnemers: te veel om op te noemen. Teksten worden gestameld en gemompeld, mannen hullen zich in rare designerrokken en zien er uit als Andrea Pirlo in zijn beste dagen bij AC Milan. Veel rook op de scène en tegenlicht: u kent dat wel.

Het leven van een popheld die over Europese podia dwaalt en nooit thuis is als de piepers gekookt zijn, geeft dikwijls aanleiding tot relatiebreuken en hartenpijn. En gelukkig ook tot mooie muziek, en dat is bij het debuut van Faces On TV niet anders. In het Radio 1-programma ‘Culture Club’ legde hij zelf uit hoe hij het titelnummer van de plaat in elkaar draaide: ongeveer te vergelijken met hoe bladerdeeg wordt gemaakt. Laagje per laagje, startend van een simpele ritmische basis die wordt verrijkt, aangevuld en gesuikerd of gepekeld tot het nummer af is.

undefined

null Beeld

En wat voor een nummer is ‘Night Funeral’ niet: het beste van de plaat. Aangezien het gaat over een verslag van het einde van een relatie, valt er weinig te lachen: het is het audiodagboek van een introverte verhalenverteller, in gepeins verzonken. Steeds zetten de ritmische patronen de toon. Bij ‘Suspicious’, de opener, denke men bijvoorbeeld aan iets van Talking Heads ten tijde van ‘Remain in Light’, om in de sfeer te komen: marimba’s aangevuld met een panfluit – denk ik. ‘Dancing After All’ beschikt over een zeer geschikt refrein, met stemmig wiegende en oohoo’ende dames op de achtergrond.

All I want to do is you’, qua openingszin bij een volgende verovering lijkt deze zin uit ‘Same Thing’ zeer bruikbaar. Er hoort een lied met slaapogen bij, waarbij het de volgende morgen, ook met twee, goed ontwaken is. De trouwe panfluit is weer op post op ‘The Image of Boy Wonder’, een schommelende parel met zo’n plakkend refrein waarop Maekelberg het patent heeft. ‘Tell Me’ begint minimalistisch en eindigt ook zo: een slaapliedje om van wakker te liggen. En zo slaapwandelt deze mooie plaat naar haar einde, tot je bij het voorlaatste nummer, ‘Terminal Case’, waar men het hoopvolle mantra ‘We’re all terminal case’ helemaal uitpuurt tot je klaar bent om je polsen over te snijden bij de volgende volle maan. Gelukkig eindigt de plaat met ‘Love/Dead’: de titel belooft niets goeds, maar er zit een bijna huppelend riffje in, waardoor het leven weer zin krijgt. Of niet.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234